Als loslaten geen afscheid blijkt…

Met mijn handen in mijn zakken loop ik een rondje door de paddock. De meeste paarden staan nog op de wei. Het is ergens halverwege oktober, het weer is zacht voor de tijd van het jaar. Ik ben vandaag niet hier om te helpen of om een paardje te verzorgen. Na veel wikken en wegen heb ik besloten om de sleutels van stal in te leveren. Nu mijn vriendin met haar paard verhuisd is heb ik niet echt meer een reden om hier nog te zijn. 

Toen ik van huis wegreed voelde het als de juiste beslissing. Ik was er zo zeker van. Mijn paardenleven is al even gestopt en ik heb met hulp van mijn lieve stalgenoten langzaam mogen afbouwen. Maar nu ik hier loop raakt het mij toch. Dit stukje grond, getransformeerd tot een waar paardenparadijs, ingebouwd tussen de dijk en de polder, is een aantal jaar mijn tweede huis geweest. Uren heb ik er doorgebracht. Soms was ik hier zelfs twee per dag. Hoewel dat laatste dan vaak was om Poownie van extra voer of medicatie te voorzien, maar dat terzijde.

Met toch wel een brok in mijn keel hang ik plechtig mijn sleutel in het kastje. Het is mooi geweest. Ik ga mijn tijd vast weer opvullen met andere hobby’s en bezigheden. Ik app de stalbaas alvast om te bedanken en aan te geven waar de sleutel hangt. Nog voor ik thuis ben heb ik al een berichtje terug…

En zo sta ik nu, inmiddels december, opnieuw op stal. Aan mijn sleutelbos hangt weer een stalsleutel, oud en vertrouwd, en naast me staat haar paard. Het baasje is een paar dagen weg en in die tijd mag ik voor haar zorgen. Ook dit paardje is, net als Poownie, niet meer helemaal fit. Er mankeert van alles, en toch staat ze er nog, eigenwijs en wonderbaarlijk aanwezig. Een paar dagen van huis zijn en je dier achterlaten kan onrust geven. Juist dan is het fijn om te weten dat iemand de dagelijkse zorg overneemt. Iemand die begrijpt hoe groot die zorg kan zijn.

Op dag drie word ik begroet door een luide hinnik. En dat terwijl ze in het verleden niet veel van mij en/of Poownie moest hebben. We werden in haar omgeving geduld. Ik denk dat we te druk voor haar waren, of misschien wel te min. Poownie was immers een ruin en ik hoorde bij hem. Maar daar heeft ze nu totaal geen boodschap aan. Ik hoef niet eens moeite te doen om haar te halen. Braaf loopt ze mee, ondergaat het hele ABC-zorgplan om daarna een stuk te gaan wandelen. Lekker de polder in. 

Met haar oren naar voren en af en toe een drafpas laat ze mij vol trots, een ander woord heb ik er niet voor, de omgeving zien. Alsof ik een toerist ben die hier nog nooit geweest is. Af en toe gaat zelfs de motor even aan en draaft ze voor mij uit. Ze heeft er zin in. En jeetje, zelfs ik heb dit gemist. We wandelen in het donker en worden belicht door de maan en de sterren en onze eigen kerstboomverlichting inclusief zoeklicht op haar en mijn hoofd, zodat ze ons zelfs vanaf Mars kunnen zien gaan.

Het is droog maar wel wintersfris. Veel later dan anders kom ik thuis. Ja, de komende dagen gaan wij ons nog prima vermaken. 

4 gedachtes over “Als loslaten geen afscheid blijkt…

Laat gerust een berichtje achter...

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.