Het was het wachten waard…

Afgelopen maand stond een bezoek aan een vogelhut in België gepland. maar ja, Corona… Hopelijk kunnen we de schade later in het jaar inhalen. Voor nu een blog van twee jaar terug om in de stemming te blijven: 

Het is pikdonker en de wereld is nog in diepe rust als mijn wekker afgaat. Gedesoriënteerd tik ik hem uit. Ben ik hem soms vergeten uit te zetten? Maar dan herinner ik mij weer waarom ik, notabene op een zaterdag, om 05.15 uur wakker wilde worden. Over een uur staat vriendin Yvonne voor de deur. We gaan op vogeljacht!! Ik weet niet helemaal zeker wanneer het jachtseizoen in Nederland van start gaat. En eigenlijk wil ik dat niet weten ook. Want, ook al zou het nuttig zijn om flora en fauna in stand te houden,  ik kan niet zo goed tegen dit soort menselijk vermaak. Daarom doen wij het op een vriendelijke manier. We schieten ze enkel digitaal.

Inmiddels heb ik hier al wat ervaring mee. Ik hoef niet meer, zoals de eerste keer, mijn hele hebben en houwen mee te slepen. Geen overload aan onnodige spullen. Hoewel ik nog steeds drie tassen meesleep (waarvan één voedsel-survival-kit, ik weet immers nooit wat voor grote trek ik in eens kan krijgen) ziet het er tenminste niet meer uit als een complete volksverhuizing. Mijn tassen had ik de avond ervoor al ingepakt en om 06.15 uur sta ik er helemaal klaar voor. 

Een kleine drie kwartier laten zitten we gecamoufleerd en jacht-klaar in onze hut. Het daglicht heeft eerst nog wat moeite om terrein te winnen. Maar wanneer het eenmaal door de barricade van de nacht heen weet te breken, gaat het snel. Een goudgele gloed kleurt de bomen en rietstengels voor ons. Je zou het moeten zien, alleen dit is al een plaatje. De ochtend wordt ingeluid met het gekwetter van vogels en het kwaken van eenden. Alle overige geluiden lijken wel van heel ver weg te komen nu we “opgesloten” zitten. Eigenlijk is het heel fijn wakker worden. Ik mis alleen nog een bak koffie. Maar bang om iets te missen, durf ik niks te pakken. 

Het duurt even voor het eerste vogeltje zich laat zien. Een geel kwikstaartje. Heel parmantig wipt het van de ene stronk naar de ander tot het in de poel met water staat. We proberen verschillende instellingen op ons toestel uit tot we tevreden zijn met het beeld. De kwikstaart had ik nog niet eerder gezien en is daarom een leuke aanvulling op mijn reeds gefotografeerde vogellijst. Verder zien we de merel, wat eendjes en een paar duiven. Het roodborstje is eveneens van de partij. De koolmees-familie is aanwezig en wat huismusjes, groenlingen en vinken sluiten de rij. Op de valreep is ook de bonte specht een minuut of vijf aan het werk in de boom en op een afstandje kijkt een reiger ons wantrouwend aan. Daarna wordt het stil. 

En het blijft even stil. Gelukkig hebben wij altijd voldoende te bespreken en komen dan ook zeker onze tijd wel door. We maken ook van dit rustmoment gebruik om wat te eten en te drinken. Net wanneer wij alles op hebben en ons beginnen af te vragen waar de rest van het gevederde gespuis blijft, het mag dan wel weekend zijn toch had ik wat meer beweging verwacht, komt het ijsvogeltje aanzetten. En dat, beste lezers, maakt meer dan goed!!

Ijvogel op tak

Geïnteresseerd in meer vogelfoto’s? Volg mij dan op instagram

Het zit er weer op…

Zou het niet handig zijn wanneer de “transporter” uit Star Trek eens in het echt uitgevonden wordt? “Beam me up Scotty”. Geen files, geen ergernis en geen 9 tot 10 uur durende autorit naar je vakantiebestemming. Maar goed, we hebben het weer overleefd, zowel heen als terug. Dit jaar hebben zoon en ik van plek geruild. Hij voorin en ik achterin. Ondanks de rit zat ik er prima in mijn eigen knusse hoekje. Beetje lezen en slapen afgewisseld door mee blèren met de muziek en neurotisch naar buiten staren.

Rond de klok van 07.00 uur kwamen we aan op onze vaste wintersport stek. Dit keer eens niet als eerste. Toen onze vakantie groep eenmaal compleet was, werd het tijd voor ontbijt en koffie. Veel koffie, want de kamer liet nog even op zich wachten. De wachttijd werd gebruikt voor het doen van wat boodschappen, relaxen in de zon en veel bijpraten met elkaar. 

Neef en zoon deelden samen één kamer in plaats van een slaapplek bij de ouders. De kamer werd in notime omgetoverd tot een soort van mancave, met hier en daar een kleine aanpassing om de kamer zo optimaal mogelijk te kunnen gebruiken. Ze konden in ieder geval lekker doen en laten waar ze zin in hadden. Ik kan je zeggen dat het ook voor ons erg relaxed was.

De eerste dag doen we niet veel. Eerst eens bijkomen van de reis. Daarna volgt al snel het boodschappen doen, ski’s en boards wegbrengen naar de lockers bij de piste. De actieveling gaat zwemmen en de ander pakt een sauna’tje. Maar dan breekt automatisch dag twee aan. Die dag vind ik altijd bijzonder! Het heeft keer op keer iets magisch, wanneer de gondel je voor de eerste keer die week naar de bergtop brengt. Soms trek je door flarden van wolken heen. Je ziet de sneeuw op de boomtakken links en rechts van je liggen. Als je naar beneden kijkt zie je de pistes onder je terwijl de zon de bergtoppen aan de overkant belicht. 

Dan is er ook de eerste afdaling van de week. De spanning of ik nog wel weet hoe het moet, veranderd al snel in het vrije kinderlijke gevoel dat ik krijg als ik naar beneden board. De koude wind die ik langs mijn gezicht voel en mijn ogen doet tranen deert mij niet. Ik kom met een grote glimlach aan bij de rest van de groep, want toegegeven, ik ga nog steeds niet als een roadrunner van de berg. 

De hele vakantie heb ik mij zo kinderlijk blij en mega ontspannen gevoeld. Deze vakantie heeft echt alle voorgaande overtroffen. En wat was ik blij met mijn zelf gewaxte board! Op dag drie heb ik hem nog een keer onder handen genomen en kwam de rest van de vakantie prima van de berg. 

De wintersport voelt, nog meer dan de zomervakantie, aan alsof ik in een bubbel leef en van de “buitenwereld” afgesloten ben. De berg, het idyllische dorp, waar altijd iets te doen is, het (veel te) lekkere eten en het goede gezelschap. Alsof de rest van de wereld er niet is en alleen alles in die ene bubbel er toe doet. 

Inmiddels zijn we alweer bijna drie weken terug en nog steeds teer ik op de energie van deze geweldige week. We hebben flink geboft. Des te meer omdat de skigebieden in verband met corona nu zo’n beetje allemaal gesloten zijn…

 

 

***

Wax on, Wax off…

“Ik heb je snowboard opgehaald. Die hebben ze in de winkel voor je gewaxt.” Zegt vriend terwijl hij ondertussen mijn geliefde plank uit de auto plukt. Zonder bindingen weegt het stukje hout niet zo veel. Ik pak hem aan en werp een blik op de onderkant. “Is dit gewaxt?” Vraag ik hem? Het belag heeft nog hele witte uitgebeten plekken. Ineens herinner ik mij de irritatie van de wintersport van vorig jaar. Waarbij ik op dag twee letterlijk stilstond op de piste terwijl iedereen mij als een “Razende Roeland” voorbij kwam. Toen zag mijn board er precies zo uit als nu. Alsof ik er al een week snowboarden op heb zitten. 

Mijn kennis over het goed onderhouden van een snowboard is nihil. Dit laat ik normaal gesproken doen. Maar na mijn tweede ergernis bij deze shop was ik er klaar mee. Ik besloot mij er in te verdiepen. Is mijn board op en versleten of kan ik het zelf misschien beter dan in de winkel? Zo moeilijk kan zelf waxen toch helemaal niet zijn bedacht ik mij? Om er zeker van te zijn las ik diverse sites en zocht ik youtube af over het hoe en waarom. 

Het waxen van je board is voor meerdere redenen goed. Zo blijft het belag gevoed en raakt minder snel uitgedroogd. Wax zorgt ook voor een goede afvoer van het water en voor meer boardplezier en snelheid. Tevens doe je langer met een goed onderhouden board. In winkels worden ski’s en boards vaak machinaal gewaxt. Met de juiste materialen is het volgens de pro prima zelf te doen. 

Mijn arme plank blijkt dus gewoon finaal uitgedroogd!! Dat hadden ze in de winkel best wel even mogen zeggen! lekkere service maar niet heus. Vanaf nu besluit ik wat beter voor mijn board te zorgen. Ik bestel een strijkbout, wax, schraper en een slijpset. Op mijn vrije dag wordt alles geleverd en kan ik aan de slag. 

Als eerste haal ik wat bramen weg en vijl ik de staalkant. Dat is geen overbodige luxe merk ik. Daarna is het belag aan de beurt. Normaal moet je de onderkant schoonmaken. Maar die van mij is al gepoetst in de winkel. Zodra het speciale waxijzer (vooral niet de normale strijkbout gebruiken) op temperatuur is houd ik de wax er tegenaan. Ik druppel een heel spoor over de onderkant van mijn board. Het lijkt op gestold kaarsvet. Als ik er met het ijzer overheen ga wordt alles weer vloeibaar en smeert het lekker uit. Ik ga net zolang door tot er een mooie egale laag op ligt. Met mijn hand voel ik aan de andere kant van het board. Zodra dat op temperatuur is stop ik. 

Met een speciale schraper haal ik alvast de waxlaag van de staalkanten af, de rest moet nu intrekken en uitharden. Als ik later op de dag een blik op mijn board werp weet ik niet wat ik zie. Wat een verschil en dat na 1 keer. Het overtollige wax moet er afgeschraapt worden. Dit doe ik met een speciale schraper en is het minst leuke aan deze hele klus. Alles zit onder het schraapsel dat ook nog eens lekker overal aan blijft plakken en de vloer spekglad maakt. 

Voor we met vakantie gaan zal ik hem nog een keer onder handen nemen. Het is best een leuke bezigheid en hopelijk word ik er op de piste voor beloond. 

 

Snowboard ongewaxt en gewaxt

Carnivore goes vegan…

“Kom maar door met die datums” kregen we over de app. Op de datums die doorkwamen kwam een nee, nee en heel verrassend nog een nee. Iedere keer was er wel weer een agenda van één van de dames die roet in ons etentje gooide. Het leek bijna een onbegonnen missie om iets in te plannen. Het duurde ook even maar uiteindelijk lukte het eind december om een datum te prikken voor begin februari.

Vorig jaar zijn we een aantal keer met de dames van stal uit eten geweest. Het is leuk om elkaar ook in een ander omgeving te zien. Met normale kleding en zonder hooi in het haar. Of zoals met de afgelopen stormen, verwaaid haar. Je hebt eens wat andere gespreksonderwerpen dan enkel paard. Daarnaast is het ook gewoon super gezellig. En wij zijn wel te porren voor wat gezelligheid tijdens het eten.

“Ik stel voor om jullie eens mee te nemen naar een veganistisch restaurant!! Werd er door een van de dames geopperd. Overigens al ergens in september vorig jaar. Maar toen bleek de toko waar we ons oog op hadden laten vallen compleet vol geboekt. Aangezien een datum afspreken niet bepaald vlot gaat besloten we de boel niet om te gooien maar gewoon een ander restaurant te kiezen. Wat in het vat zit verzuurt immers niet…

Dat vat werd dus begin februari geopend. De gelegenheid: Rozey in Rotterdam. Een restaurant met een all you can eat concept en waarbij enkel vegetarische en veganistische gerechten geserveerd worden. Als carnivoor, (met name steak en BBQ liefhebber) een leuke uitdaging. De menukaart zag er alvast goed uit. Voldoende om uit te kiezen en de smaakpapillen te kunnen testen. Verder is er geen tijdslimiet dus je kunt tot praktisch sluitingstijd blijven zitten. Iets wat wij (uiteraard) ook deden.

Het was even zoeken naar een parkeerplek en uiteindelijk besloten we de auto maar achter te laten in een van de parkeergarages. Waar we later op de avond een klein kapitaal mochten neerleggen om hem weer mee te mogen nemen. De slagboom eruit rijden was misschien goedkoper. Op de een of andere manier had ik een compleet andere voorstelling van het restaurant. Bij de naam Rozey denk ik aan warm en knus. Maar toen we het overvolle restaurant binnenstapte bleek dat niet echt het geval.

Het restaurant heeft een frisse, hippe maar iet wat industriële uitstraling. Echter zouden ze wel wat aan de verlichting mogen doen. We werden de hele avond verblind door de spotjes boven ons hoofd. Dat mocht de pret niet drukken. Nadat de eerste drankjes op tafel stonden gingen we los op diverse voorgerechten. Gevolgd door zo’n beetje alle hoofdgerechten. Wetende dat er ook nog plek moest zijn voor alle toetjes… Een klein nadeel was dat ze begin van de avond al door de “Kentucky-fried-bloemkool” en het Jackfruit heen waren. Tot groot ongenoegen van een van de dames. Gelukkig was er volop keus en moest ik na mijn 2e toetje passen voor de aller laatste ronde. Ik zat bomvol.

Ik had het niet verwacht maar was aangenaam verrast. De gerechten waren smaakvol en veelzijdig. Ik heb heerlijk gegeten en het (echte)vlees geen minuut gemist. De draadjesvlees bitterballen en saté waren overigens bijna niet van echt te onderscheiden! Om over de zalige cheesecake nog maar niet te spreken. Ons stal-uitje was wederom prima geslaagd. Nu eens verzinnen waar we de volgende keer heen gaan..

 

diverse vegetarische gerechten van Rozey

 

***

Lekker buiten…

Sinds het nieuwe seizoen is begonnen ben ik zo’n beetje iedere zaterdag aan de zijlijn te vinden. Dus deze zaterdag had ik mij een voetbalvrije dag beloofd. Althans, dat was de bedoeling. Bij het ontwaken bleek het ook nog eens prachtig weer te zijn. Beetje fris. Maar windstil, zonnetje met een blauwe lucht. Zo’n zalig wintersportgevoel borrelt bij mij naar boven. Eigenlijk wil ik direct een rondje door het park gaan maken. Maar weet dat er eerst nog het een en ander in huis gedaan moet worden. 

En dan, wanneer het ontbijt en de koffie er in zit begin ik toch te twijfelen. Ik ben al een tijd niet meer bij de voetbal in ’s Gravendeel geweest. En het is ook niet eens zeker of Zoon moet spelen gezien zijn blessure. Wandeling door het park of naar de voetbal?? Ik sta drie bedenkelijke minuten te wikken en te wegen en gooi ter plekke mijn indeling voor deze dag om. In volle vaart raap ik mijn fotospullen bij elkaar. Als ik op tijd wil zijn voor de aftrap moet ik mij nog haasten ook. De wandeling met Draak moet even wachten. Niet dat hij het erg vind. 

Als we aankomen bij de voetbal zit de warming-up er net op. Toch nog redelijk op tijd kan ik een plek zoeken en mijn spullen opzetten. Met het zonnetje in mijn rug zit ik hier heerlijk. Hoewel de wedstrijd wat traag op gang komt. De acties vinden ook net buiten mijn bereik plaats. Wanneer het eerste doelpunt van de tegenstander is gevallen maakt dat iets bij de boys los. De acties volgen elkaar nu sneller op. Er wordt wat meer geduwd en tegengas gegeven en voor we het weten valt doelpunt twee voor de tegenstander. Het lijkt er op dat ze deze pot gaan verliezen.  Uiteindelijk weet ’s-Gravendeel de boel om te buigen en winnen de wedstrijd met 3-2. Nog steeds staan ze bovenaan in deze competitie. 

Voor we het dorp verlaten stappen we nog snel even Vriendlief’s favoriete winkel binnen. Waar ik voor een appel en een ei een nieuwe skibroek scoor. Veel later dan gepland zijn we weer thuis. De wandeling met Draak zit er voor vandaag niet meer in. Want Poownie staat ook nog te wachten. En die wil ik voor de verandering graag bij daglicht bezoeken. 

Poownie herkend sinds enige tijd het geluid van mijn auto en staat al te hinniken bij het hek als ik het erf op kom lopen. Uiteraard heeft ie net voor ik aankwam nog even heerlijk door het zand gerold. Zijn vacht zou wit moeten zijn maar op dit moment is beige meer zijn kleur. Hij barst van de energie dus gaan we eerst de rijbak in om wat stoom af te blazen. Voor hem is het ook zalig weer. Wanneer hij al bokkend en rennend rondjes aan het rennen is ben ik maar wát blij dat ik er niet op zit. Voor een bejaarde knol heeft ie nog voldoende power.

Samen met een stalgenoot en haar paard sluiten we de dag al wandelend af. Tijdens het gouden uur zet de zon alles in een tijdelijke gloed. De polder ziet er hierdoor prachtig uit. Het is al schemerig als ik weg ga. Al met al toch lekker heel de dag buiten kunnen doorbrengen. Nu aan de bak met alle foto’s die nog liggen te wachten. 

 

 

 

***

Dit doe ik niet nog een keer…

Gewoon omdat ie zo leuk was, een blog van vorig jaar: 

“Dat wil ik ook doen!!” Roept zoonlief als we over het strand lopen. Ik kijk waar hij naar wijst en zie een zestal jetski’s tussen wat “bananen” en waterfietsen in de zee dobberen. In Nederland moet je hier minimaal 18 voor zijn en een vaarbewijs hebben. In het buitenland zijn de regels iets soepeler. Maar met zijn 14 jaar is hij hoogstwaarschijnlijk nog steeds te jong. Ik wil zijn pret niet direct bederven dus zeg dat hij later in de week zelf maar moet informeren naar de mogelijkheden. Dat later in de week werd diezelfde dag nog. Want als zoonlief iets in zijn hoofd heeft… Aangekomen bij de informatiestand krijgt hij te horen dat hij minimaal 16 jaar moet zijn. Beteuterd loopt hij achter ons aan naar het hotel. 

“Waarom moet ik nu overal te jong voor zijn? Ik ben hier gewoon 16 hoor!” Probeert hij nog, al frunnikend aan zijn All-Inclusieve armband waarvan de kleur duidelijk aangeeft dat hij 16- is. Ik snap hem wel. Hij heeft de leeftijd zich niet meer bezig te willen houden met de zaken van een 12 jarige. Maar is nog te jong voor alles wat hem met 14/15 jaar wel boeit. Na een paar dagen kan ik zijn “leed” niet meer verdragen. Ik vraag hem of hij dan misschien samen met mij op een jetski wil. Want dan mag hij, gek genoeg, wel sturen. Dat was zo’n beetje het beste nieuws dat ik hem kon brengen, naast: de ijsjes zijn hier heel de week onbeperkt en gratis!

“Zo, ik ben best zenuwachtig!” Zegt zoon terwijl wij op het strand staan te wachten tot we opgehaald worden. Ik kijk hem vol ongeloof aan. “Ja van buiten doe ik wel stoer. Maar eigenlijk vind ik het heel spannend!” Ik moet lachen om zijn uitspraak. Dat ik zelf ook zenuwachtig ben omdat ik hem de kans geef te spelen met mijn leven, vertel ik hem maar niet. De “Banaan” vaart voor en met nog een aantal gasten worden we één voor één afgezet op een jetski.

Er volgt een korte uitleg over ons vervoermiddel en het gebied waar we mogen varen voor we van start mogen. Zoon is dus echt zo zenuwachtig dat hij dit stukje alweer kwijt is. “Euh, hoe start ik dit ding?” Nog voor ik hem vertel waarmee hij gas moet geven zijn we weg. De eerste tien meter nog voorzichtig maar daarna gaat het gas los. We stuiteren over en door de golven. Mijn houding is alles behalve comfortabel. Even ben ik bang dat ik hem doormidden knijp met mijn armen om zijn middel en dat hij een gehoorbeschadiging oploopt door mijn aanhoudende gegil. Maar het deert hem niet. Volgens mij heeft ie niet eens meer in de gaten dat ik ook nog achterop zit.

Na twee rondjes stuiteren op het water roep ik hem terug. (Aaaaaah, laat die tien minuten al voorbij zijn. PLEASE!!) “Een beetje minder mag wel hoor!!” Het duurt even maar dan vind ik ook een redelijk normale houding zonder zoonlief fijn te knijpen. Het enige dat ik nu nog angstvallig vasthoud is mijn hartje. Dat fladdert in mijn borstkas bij iedere golf die we nemen. Wanneer de tijd voorbij is ontglipt mij een gelukkige (ik heb het overleefd) gil. Terwijl zoonlief er van baalt dat we terug moeten. Maar in de zijspiegel zie ik één grote bigsmile op zijn gezicht. Missie geslaagd, maar je snapt, dit doe ik niet nog een keer!

 

 

***

Winterpret…

Ook dit jaar togen we met een groep van tien man naar Oostenrijk voor onze jaarlijkse wintersportweek. Voor mij inmiddels alweer de negende keer. Iets wat ik tien jaar geleden dus nooit gedacht had te gaan doen of zo lang vol te houden. Oom Ben overigens ook niet. Maar ik ben erg blij dat mijn tante ons toen heeft overgehaald om toch eens mee te gaan. We genieten er namelijk nog steeds met volle teugen van. 

Omdat iedere familie op eigen gelegenheid naar de vakantiebestemming toe reed hielden we de locatie-voorziening in de app aan en konden we precies zien wie zich waar bevond. Zo haalden we elkaar een paar keer in. Dronken we koffie met de een en zwaaiden we onderweg naar de ander. De pret zat er al in. Behalve bij Zoonlief die de privilege had om lekker de hele weg te kunnen knorren. Hoewel ik mij had voorgenomen dit ook te doen is het er wederom niet van gekomen. 

De reis verliep soepel en zonder files. Toch heb ik altijd een hekel aan deze ruim 900 km durende reis. Ik was dan ook erg blij toen we aankwamen op onze vaste stek en iedereen van de familie weer in levende lijve terug zag. Na een stevig ontbijt, volgden het tassen-uitpak-ritueel en het bijslapen van onze “nachtdienst”. De rest van de middag werd gevuld met het wegbrengen van de skispullen naar de verwarmde lockers bij de piste, boodschappen doen, taart eten en gezellig bij kletsen. Iedereen was bekaf en après skiën zat er dan ook echt niet in. 

Overigens werd er verder in de week ook niet echt ge-apres-skied, iedereen was aan het einde van de dag total loss. Maar we hebben wel: 

  • 7 heerlijke dagen gehad. Waarbij de sneeuw lag waar ie moest liggen. Een strakblauwe lucht en een stralende zon. Iets te warme temperaturen voor de wintersport dat dan weer wel;
  • Zalige afdalingen gemaakt. In alle jaren dat ik board heb ik nog nooit zo lekker ontspannen op mijn board gestaan. Dit resulteerde in minder wachten voor de rest en meer afdalingen voor mijzelf;
  • Een nieuw stuk piste ontdekt die voorheen alleen voor liefhebbers van sleepliften weggelegd was. Nu er een gondel en stoeltjeslift is geplaatst kon ik hem ook eindelijk doen;
  • Een uitstapje gemaakt naar een ander skigebied;
  • Een bospad van meer dan 2.5 km geboard. Tussen de bomen door en, naar zeggen, langs watervallen die ik niet gezien heb. Ik was te druk bezig met survivallen om het einde zonder vallen en kramp in mijn kuiten te halen 😂;
  • Bijna iedere dag een bezoek aan de sauna gebracht. Nooit een liefhebber geweest maar nu toch eens de tijd ervoor genomen. Mijn lichaam was er blij mee;
  • Veel lol gehad, bij gekletst, puberpraat en gelachen;
  • het oude snelheidsrecord verbroken (de boys dan…)
  • Nieuwe restaurantjes uitgeprobeerd en erg lekker gegeten voor maar de helft van de prijs hihi;
  • Zelf en zonder hulp eindelijk de stoeltjeslift bedwongen. Dat is nl altijd een dingetje voor mij;
  • Een veel te korte week gehad om alles te doen wat we wilden doen. 

De vakantie zit er op. De ski’s en boards liggen weer opgeborgen op zolder. Voor nu is het over met de pret en zullen we een jaartje moeten wachten. Wat rest is een vuile, uitpuilende wasmand waar ik maar snel aan ga beginnen …

 

Wintersportcollage met snowboarders en skiers

 

***

Cookie dough …

Als kind verveelde ik mij niet vaak. Maar als ik mij dan verveelde was het ook goed raak. Niets was leuk om te doen. Knutselen en tekenen niet. Film kijken niet. Spelen met vriendinnetjes niet. Een beetje doelloos in huis hangen was dan het enige wat ik nog leek te kunnen. Met mijn ziel onder mijn arm draalde ik van kamer naar kamer en van kast naar kast. In de hoop iets te vinden om de tijd mee door te komen. Vaak vlogen mijn zusje en ik elkaar dan ook nog eens in de haren. Die doelloze energie in huis leek niet alleen mij lam te leggen. 

Mijn moeder kwam op een van die zondagen met een briljant idee. Regenachtige winterse zondagen werden vanaf dat moment gebombardeerd tot bakdagen. Daar waren mijn zusje en ik wel voor te porren. Mijn moeder vond koken altijd heel erg leuk en had tassen vol met kookboeken. Sommige waren compleet beplakt met heel oude allerhande artikelen uit diverse tijdschriften. Of zelf geschreven recepten die ze weer van een van de oma’s had overgenomen. Hollands, Surinaams of Indische. Het maakte voor haar niets uit zolang ze maar kon koken.  Speciaal voor ons kocht ze een kinderkookboek met makkelijk uit te voeren recepten. Internet was er toen nog niet… Om de beurt mochten mijn zusje en ik daar een gerechtje uit kiezen en dat maakten we dan met zijn allen klaar. Na het eten gaven we een cijfer om zo te bepalen of dit in de toekomst de moeite waard was nog eens te proberen. 

Ik heb hier echt heel warme herinneringen aan overgehouden. Vriendjes en vriendinnetjes deden ook geregeld mee. Al is het bijna 30 jaar geleden. Ik zie ons nog zitten rondom de tafel in de woonkamer. Een grote ravage, overal lag bloem en allemaal ons eigen bonk deeg om daar de koekjes van te maken. Want onze voorkeur ging meestal uit naar koek, taart of cake. Naast de eenvoudige zandkoekjes, die we na afloop ook nog mochten versieren met glazuur en snoepjes, was mijn andere favoriet de appeltaart en de pindarotsjes. 

We vonden dit zo leuk dat we zelfs een seizoen lang op een kookclub hebben gezeten. Mijn moeder was een van de begeleiders. En met een groepje van 8 meiden kookten we dan een voor-, hoofd- en nagerecht dat we nadien zelf mochten opeten. Het bakken was echt een succes gebleken. Mijn moeder vond het leuk om haar kennis aan ons over te dragen. Hoe ouder we werden hoe meer we zelf mochten uitvoeren en hoe ingewikkelder de gerechtjes werden.  

Het is weer eens één van die saaie zondagmiddagen. De regen komt met bakken uit de hemel waardoor “buitenspelen” letterlijk in het water valt. Op dit soort dagen weet ik soms geen raad met mijzelf. Ik sta in de keuken met mijn ziel onder mijn arm. Opeens krijg ik een ingeving. Alsof iemand mij tussen mijn ribben port en mij daarmee 30 jaar terug in de tijd slingert. Ik duik de keukenkastjes in. Binnen 5 minuten staan alle ingrediënten voor mijn neus. “Wat ga jij nu doen?” Vraagt vriendlief als hij mij ziet rommelen met de keukenweegschaal. “Oh gewoon, zandkoekjes maken!” Zeg ik met een glimlach…. 

 

 

*🍰*

Een kleine ronde…

Het zou vandaag warmer worden dan gisteren. Als ik naar buiten kijk is dat er niet aan af te zien. Als ik eenmaal buiten ben voelt het al helemaal niet zo. Ik check de thermometer in de tuin. +2 graden boven 0. Met oostenwind een gevoelstemperatuur van -5. De fiets blijft voor wat ie is. Ik jump in de auto en ben zo dik ingepakt dat het lijkt alsof ik naar Siberië afreis. Ik ga echter maar 6 km verder om te stoppen bij Poownie. Het is net 10 uur geweest, toch had ik deze zondag wat meer auto’s in de straat verwacht. Een moeder en haar dochter is mij voor. Ze trotseren de kou voor een wandeling met hun paard. Daarna blijf ik alleen achter. 

Als ik Poownie roep staat hij binnen 2 tellen voor mijn neus. Hij weet precies wat we gaan doen. Terwijl hij een uur lang mag grasmaaieren in het buitengebied, sta ik te klappertanden en ontwikkel afstervende ledenmaten. Hij moet dit stuk gras wel delen met blaffend geweld en loslopende honden maar dat deert hem niet zolang hij mag grazen. Als hij eenmaal met zijn grootste hobby bezig is valt het mij op dat het eigenlijk wel mee valt met de kou. Er is nagenoeg geen wind en mijn handen voelen zelfs warm aan. In ieder geval een hele verbetering vergeleken met gisteren. Waarbij de oostenwind dwars door al mijn lagen thermokleding heen ging. 

De appjes van stalgenoten druppelen binnen. Ik volg ze met een schuin oog, bang om mijn warme handen over te leveren aan de kou. Ze willen een buitenrit maken en gaan voor een grote ronde. Dat is voor ons nu net te ver en te veel. Maar dan komen de reacties van andere stalgenoten die een kleiner rondje willen lopen. Kijk, dat sluit meer aan. Na drie kwartier breek ik in op Poownies graasplezier en lopen we terug naar stal. Waar net geen auto stond staat het nu vol. Bijna iedereen is aanwezig. Wat gezellig. Sinds we de wei hebben ingeruild voor ons winterverblijf heb ik het niet meer zo druk gezien.   

Her en der wordt er een borstel over de paarden gehaald. Zelf wissel ik mijn snowboots in voor wandelschoenen. De dames van de lange ronde vertrekken iets eerder dan ons maar al snel gaan ook wij, vier vrouw sterk, op pad. Twee te paard en twee wandelend. Poownie heeft de eerste vijf minuten de leiding. Met zijn oren rechtop laat hij zien welke route we zullen gaan lopen. Maar dan vertraagt hij zijn tempo. Zijn wandelmaatje mag tussendoor grazen. Het duurt niet lang voor hij in de gaten heeft hoe dit werkt. Naar voren rennen zover als het touw dit toelaat. Naar beneden duiken om te grazen wat je grazen kunt en wachten tot je gepasseerd wordt. Dan herhaal je de stappen.

Zijn maatje heeft een veel langer touw. In zijn ogen super oneerlijk. Maar zolang hij af en toe een hap gras mee kan pakken zal je hem niet horen. Er zijn hier voldoende wandelpaden die kriskras door het gebied lopen. Zo kun je de route steeds afwisselen en uiteindelijk zo groot maken als je zelf wilt. Na een kleine 4 km zijn we terug. Zijn we de frisse ochtend toch sportiever dan verwacht doorgekomen. 

wandelpaden met uitzicht op de polder

Het was het wachten waard… 

Het is pikdonker en de wereld is nog in diepe rust als mijn wekker afgaat. Gedesoriënteerd tik ik hem uit. Ben ik hem soms vergeten uit te zetten? Maar dan herinner ik mij weer waarom ik, notabene op een zaterdag, om 05.15 uur wakker wilde worden. Over een uur staat vriendin Yvonne voor de deur. We gaan op vogeljacht!! Ik weet niet helemaal zeker wanneer het jachtseizoen in Nederland van start gaat. En eigenlijk wil ik dat niet weten ook. Want, ook al zou het nuttig zijn om flora en fauna in stand te houden,  ik kan niet zo goed tegen dit soort menselijk vermaak. Daarom doen wij het op een vriendelijke manier. We schieten ze enkel digitaal.

Inmiddels heb ik hier al wat ervaring mee. Ik hoef niet meer, zoals de eerste keer, mijn hele hebben en houwen mee te slepen. Ik weet wat mij te wachten staat en ik weet ook wat ik totaal niet zal gaan gebruiken. Geen overload aan onnodige spullen dus. Hoewel ik nog steeds drie tassen meesleep (waarvan één voedsel-survival-kit, ik weet immers nooit wat voor grote trek ik in eens kan krijgen) ziet het er tenminste niet meer uit als een complete volksverhuizing. Mijn tassen had ik de avond ervoor al ingepakt en om 06.15 uur sta ik er helemaal klaar voor. 

Een kleine drie kwartier laten zitten we gecamoufleerd en jacht-klaar in onze hut. Het daglicht heeft eerst nog wat moeite om terrein te winnen. Maar wanneer het eenmaal door de barricade van de nacht heen weet te breken, gaat het snel. Een goudgele gloed kleurt de bomen en rietstengels voor ons. Je zou het moeten zien, maar alleen dit is al een plaatje. De ochtend wordt ingeluid met het gekwetter van vogels en het kwaken van wat eenden. Alle overige geluiden lijken wel van heel ver weg te komen nu we zo opgesloten zitten. Eigenlijk is het heel fijn wakker worden. Ik mis alleen nog een bak koffie. Maar bang om iets te missen, durf ik niks te pakken. 

Het duurt even voor het eerste vogeltje zich laat zien. Een geel kwikstaartje. Heel parmantig wipt het van de ene stronk naar de ander tot het in de poel met water staat. We proberen verschillende instellingen op ons toestel uit tot we tevreden zijn met het beeld. De kwikstaart had ik nog niet eerder gezien en is daarom een leuke aanvulling op mijn reeds gefotografeerde vogellijst. De merel, zowel het mannetje als het vrouwtje komen voorbij. Wat eendjes en een paar duiven. Het roodborstje is eveneens van de partij. De koolmees-familie is aanwezig en wat huismusjes, groenlingen en vinkjes sluiten de rij. Op de valreep is ook de bonte specht een minuut of vijf aan het werk in de boom voor ons en op een afstandje kijkt een reiger ons wantrouwend aan. (ik weet heus wel dat jullie daar zitten!!) Daarna wordt het stil. 

En het blijft even stil. Gelukkig hebben wij altijd voldoende te bespreken en komen dan ook zeker onze tijd wel door. We maken ook van dit rustmoment gebruik om wat te eten en te drinken. Net wanneer wij alles op hebben en ons beginnen af te vragen waar de rest van het gevederde gespuis blijft, het mag dan wel weekend zijn toch had ik wat meer beweging verwacht, komt het ijsvogeltje aanzetten. En dat, beste lezers, maakt meer dan goed!!

Ijvogel op tak

Geïnteresseerd in meer vogelfoto’s? Volg mij dan op instagram

 

***