Buitengewoon fantastisch…

Dit is echt mijn meest onvoorbereide wintersport ever! Normaal volg ik een lesje. Bezoek ik een indoor skiberg of ben ik druk met het uitwerken van een eigen sportprogramma. Alles om maar zo optimaal mogelijk van die ene week in de bergen te kunnen genieten. Dit jaar ging ik er van uit dat onze wintersport, net als vorig jaar, vanwege corona niet door zou gaan. Maar toen kregen we groenlicht en was het al een soort van te laat om nog echt iets te kunnen doen. Ik waxte mijn board, wat tot dan toe mijn enige echte voorbereiding was en hoopte er maar het beste van.

Het duurt even voor ik in de vakantiestemming kom. Sommige mensen zouden het vakantiestress noemen. Toen Draak ons vanaf zijn vakantie-adres volmondig “dag” en “doei” toeriep en ik Poownie voor een laatste keer een aai over zijn hoofd had gegeven, kon ik echt mijn koffers in de auto schuiven. De voor mijn gevoel eeuwig durende rit naar Oostenrijk start rond 21.30 uur. De rest van de familie is al zeker een uur aan het rijden en wacht ons op zodra we bij het hotel aankomen.

Als we de grens bij Kufstein oversteken worden we begroet door sneeuw. Sneeuw langs de kant van de weg en sneeuwval uit de lucht. Kijk, dat begint alvast goed. De hele week is er Kaiserwetter voorspelt. Witte pistes, blauwe lucht en de juiste temperatuur. Wanneer we ’s middags naar de piste lopen om boards en ski’s weg te brengen naar de lockers genieten we hier alvast van. Wat een zaligheid om hier na twee jaar weer te zijn. 

De eerste echte skidag breekt aan. Toch wat onwennig besluit ik er, samen met mijn nichtje en oom, op het middenstation uit te gaan. De rest gaat door naar boven en zien we na de eerste afdaling weer terug ergens op de berg. We starten op een relatief rustige piste. Zowel wat mensen betreft maar ook qua afdaling. Dit is er een uit mijn favorieten. Soms is het handig om bekend te zijn met je omgeving. 

Mijn zorgen over mijn techniek en houding zijn zo onterecht geweest. Een jaar niet op wintersport heeft mij goed gedaan. Met gemak kom ik naar beneden. De rest van de vakantie kan ik alleen maar genieten van zo’n beetje iedere afdaling die ik maak. Door het zalige weer is het geen straf om in de stoeltjeslift te zitten. Waar overigens de meest gekke gesprekken gehouden worden (Gerritje meets Coentunnel voor “insiders” 🤣). En omdat het allemaal zo fijn gaat besluiten we de afdaling gewoon nog een keer of drie te doen. 

Nog nooit ben ik zo snel beneden geweest en heb ik hele stukken piste achter elkaar geboard zonder kramp in kuiten en voeten. Dit is de eerste vakantie dat ik langer in de lift zit dan dat ik over een afdaling doe.

Met het prachtige weer lunchen we iedere middag op het terras aan de piste en sluiten we de dag af met een schnaps op ons balkon in de zon. Heel vervelend allemaal!

De week is omgevlogen en inmiddels zijn we weer thuis met een berg vuile was. Maar ook met een dosis nieuwe energie, een stapel toffe foto’s en een lading fijne herinneringen. Op naar volgend jaar.

 

Saunatje pakken…

Heel de week heb ik gewerkt. Dan weer thuis dan weer op kantoor. Iedere dag was ik pas laat klaar. Het was soms zelfs zo druk dat ik gewoon langer heb moeten werken. Iets dat sinds de pandemie niet meer echt is voorgekomen. Het was ook een rare week met gekke gesprekken. Zowel met collega’s als met klanten. Doe daar een paar eetlepels vermoeidheid bij, een grammetje of wat gespannen schouders en wat kruimels geïrriteerdheid en het feest is compleet. Met dit grauwe weer verdween het daglicht ook nog eens als sneeuw voor de zon. Pas na het avondeten kon ik wat verontreinigde lucht gaan snuiven op stal. 

Hoewel ik dit weekend geen uren bij het paard heb doorgebracht heb ik toch wel een flinke tijd met hem staan grazen in de polder. Met daarbij de nodige kou en regen op mijn knar. Als ik zondagmiddag thuiskom heb ik nog maar zin in één ding. De verwarming op standje comfortabel, in mijn zachte teddyfleece huispak onder mijn dekentje op de bank. Met thee binnen handbereik en mijn boek op schoot. 

Maar voor ik daar aan begin loop ik door naar boven. De geur van de houten cabine is onweerstaanbaar. Mijn neus vangt ook al een vleug van de eucalyptusolie op. Het enige dat ontbreekt is de warmte die mij in mijn gezicht “slaat”. Dat ik zoveel plezier aan mijn omgetoverde zolderkamer naar home made spa zou hebben, had ik niet verwacht. Oké, toegegeven, met 30 graden ben ik hier niet te vinden. Op dagen zoals nu, met guur en nat weer, zit ik hier graag.

De sauna is nog niet eens op temperatuur maar ik besluit er vast in plaats te nemen. Ik maak het mij gemakkelijk. De warmte die er al hangt omsluit mij als een heerlijke zachte deken. De eerste 5 minuten doe ik niks anders dan alleen maar zitten. Even een moment nemen om te aarden. Genieten van de steeds warmer wordende lucht. Misschien ben ik in een vorig leven wel een hagedis of leguaan geweest. Het baden in de hitte bevalt mij namelijk wel. 

Wanneer de sauna goed op temperatuur is duur het niet lang voor ik mijn huid plakkeriger voel worden. Al snel melden de eerste zweetdruppeltjes zich bij de startlijn en voel ik ze een voor een naar beneden glijden. Iedere druppel geef ik een gevoel of ervaring mee van afgelopen week. Alles wat niet goed ging, wat mij stoorde aan mijzelf en een ander. Ik besluit “schoon” het weekend af te sluiten. En met iedere zweetdruppel die ik geboren voel worden, wordt mijn geest lichter en lichter. 

Ik wil zo lang mogelijk in de kalme intimiteit van mijn cocontoestand blijven zitten. Maar dat zou niet bepaald goed voor mij zijn. Met een half gesloten oog werp ik een blik op de klok en zie dat ik al een half uur in zweterige meditatieve toestand verkeer. Tijd om af te sluiten, bij te komen, een liter water te drinken en heerlijk te douchen. 

Na nog eens een half uur zit ik dan toch eindelijk op de bank. Gehuld in mijn zachte teddyfleece huispak onder mijn dekentje met thee en koekjes binnen handbereik en mijn boek op schoot. Mijn huid voelt zacht en rozig. Mijn hoofd is redelijk leeg. Zo hectisch als de week was zo rustig eindig ik het weekend. Klaar voor een nieuwe week. 

Verfrissende middag…

Het is weer eens zo’n weekend waarbij de weergoden ons eindeloos aan het testen zijn. Kijken wie er breekt, buigt of zich zeiknat laat regenen. Ik moet toch echt naar Poownie. Omdat hij al heel de week het terrein niet af is geweest heb ik hem een graassessie in de polder beloofd. Als ik wegrij van huis begint het direct een tandje harder te regenen. En dit is nog niet opgehouden als ik mijn auto op mijn eindbestemming geparkeerd heb.

Normaal staat hij mij bij het hek al op te wachten. Maar nu staat ie voor de verandering lekker te dutten onder de nieuwe overkapping. Met het invallen van de winter heb ik besloten om hem lekker onder dek te zetten in de hoop hem op zijn oude dag een handje te helpen met warm en droog blijven. En wanneer het 24/7 aan het regenen is ben ik blij dat ik mijn irritatie over paardendekens opzij geschoven heb. 

Ik hijs eerst mijzelf in mijn regenpak en kaplaarzen voor ik kenbaar maak dat ik er ben. Als ik mijn hoofd buiten de keet steek staat mijn in dek gewikkelde opa al bij het hek. Ik wordt vrolijk begroet, ondanks zijn verregende hoofd. Poownie heeft rollen in de blubber tot een ware kunst verheven. Dus hoofd, hals en manen zijn zwart en zitten onder het zand. Hij heeft allang door wat wij gaan doen maar het maakt hem niet uit hoe hij er bij loopt. Nadat ik mijn capuchon heb vastgebonden grijp ik nog snel een stel handschoenen uit de kast. 

De polder heeft een desolate uitstraling. Het is grauw en nat. Met dit pisweer is er letterlijk geen hond te bekennen. Des te fijner voor ons. Gelukkig staat er niet veel wind en wordt de kou tot een minimum beperkt. Hoewel het in mijn Siberische kledij misschien ook niet helemaal eerlijk is om over kou te spreken…

Terwijl de regen eindeloos traag uit de hemel valt staat Poownie naast mij met heel veel smaak zijn grasjes uit te zoeken. Het gras groeit nagenoeg niet in deze tijd van het jaar, dus hij moet er nu wat meer moeite voor doen. Niets geeft zoveel voldoening om die ene lekkere overgebleven groene grasspriet tussen al dat dorre gras te vinden. Dat ie mij daar in mee moet slepen door plassen en modderige vlaktes maakt hem niets uit. 

Opeens hoor ik achter mij een zacht gegrom. Als ik mij omdraai staat er, aan de overkant van de sloot dus een meter of 8 bij ons vandaan, een teckel. De vraagtekens boven zijn hoofd zijn zo fel als neonverlichting. Ik snap hem wel. Een blubberige verschijning met vier witte benen in een even blubberig dek gehuld en een in regenkleding gemummificeerde gestalte ernaast is ook niet iets wat je dagelijks tegenkomt op je rondje wandelen in de polder. 

Het beest komt pas in beweging als ik naar hem zwaai en Poownie zijn hoofd op tilt. Dat is denk ik te veel van het goede. Hij spurt terug naar zijn baas, die over de dijk is doorgelopen. De rust keert terug en we zijn weer alleen met de regen als ons gezelschap.

Na een uur vind ik het welletjes. We slenteren terug naar stal waar ik Poownie nog trakteer op een emmer met slobber voor ik zelf ook, niet moe maar wel voldaan, huiswaarts keer. 

Curly Girl, plastic vrij…

Ergens in de herfst van 2020 besloot ik mij te verdiepen in de Curly Girl methode. Ik las alles wat los en vast zat en boekte een workshop bij een krullenkapper die mij precies kon vertellen hoe ik de staat en conditie van mijn haar kon “lezen”. In een halve dag leerde ik hoe ik zelf mijn haar nog mooier kon laten krullen en welke producten ik daar voor nodig had. Vanaf dat moment kon ik los. Ik kocht verschillende producten om te testen en kreeg hier en daar wat aangeboden om mee te experimenteren. Uren was ik bezig met het testen en uitproberen.

Inmiddels heb ik een redelijke routine ontdekt waarbij ik geen 1.5 uur meer voor de spiegel sta. Ook ben ik er achter dat je met wat goedkopere producten prima CG bezig kunt zijn. Een shampoo hoeft echt geen 20 euro te kosten. Wel doe ik vele malen langer met al mijn producten nu ik niet meer iedere dag, maar nog maar max 2 keer per week mijn haar was. Ook hoef ik niet meer zoveel product te gebruiken als ik deed toen ik nog niet CG bezig was. Ik doe bijna een jaar met mijn krullencreme, leave in, en gel. Mijn haar is in een jaar tijd zeker een kwart meer gaan krullen. 

Tijdens een flinke schoonmaakactie waarbij iedere plank en lade leeggehaald werd kwam ik er achter dat ik wel heel veel potjes, tubes en flessen heb staan. Allemaal van pastic. Dat moest toch eigenlijk wel anders kunnen?! Het spul dat ik niet meer gebruikte gaf ik weg. De zeep en shampoo wilde ik gaan vervangen voor CG shampoobars. Toen de kruitvat met een eigen merk shampoobar kwam en deze ook nog eens CG bleek te zijn bedacht ik mij geen moment.

Daar stond ik dan, met mijn nieuwe aanwinst onder de douche. De zeep wilde niet echt schuimen in mijn handen maar als snel kwam ik er achter dat ik een kop vol sop had wanneer ik het blokje een paar keer over mijn haar wreef. Het schuimde goed en rook heerlijk. Jammer genoeg bleek hun conditioner-bar niet CG, dus mijn zoektocht zette ik online voort. 

De zeepmarkt heeft niet stil gezeten. Iets dat een paar jaar terug nog in de kinderschoenen stond is nu uitgegroeid tot algemeen goed. Gelukkig maar. Want er zijn heel veel webwinkels die zich hierin gespecialiseerd hebben. Bij Beesha, een Nederlandse webwinkel gespecialiseerd in zeep, bleef ik hangen. Een overzichtelijke site en hadden toen ter tijd een mooie actie. Niet te veel poespas en precies wat ik zocht. De geurige bars kwamen bijna door m’n beeldscherm heen. Naast Vegan en dierproefvrij ook nog eens CG-proof! Nou, wat wilde ik nog meer.

Het stukkie zeep is niet meer wat het geweest is. Zeg maar dag tegen die strakgetrokken bakkes en dat touw haar. Want dit is even heel andere “koek”. Niet alleen geurde mijn complete badkamer overheerlijk. Ook mijn huid en haar deden na een douche mee. De bodybar die ik voor het gemak ook gekocht heb, doet wat het beloofd. Mijn huid voelde aan alsof ik het zojuist voorzien had van een bodylotion. Heerlijk zacht.

Er zijn alvast drie plastic flessen uit mijn badkamer geweerd en in plaats daarvan ligt er nu een bamboeplankje met heerlijk geurende shampoo- en bodybars te pronken. Ik ben fan!  

Zeepplankje voor soapbars van Beesha

Back on track…

Terwijl de “echte” fotografen hier en daar nog een wedstrijd en training konden meepakken in de corona tijd vorig jaar, lag het werk voor mij als “hobby” fotograaf compleet stil. Af en toe ben ik er wel op uitgetrokken met mijn camera maar dat is toch anders. En ook nu merkte ik dus dat rust roest….

Het duurden toch wel even voor ik mijn draai langs het voetbalveld gevonden had. Ik schoot matige foto’s. Waar de actie scherp op de plaat moest zat ik er geregeld naast. Dus scherp op de verkeerde plaatsen in de foto. Of gewoon helemaal blur. Spelers maar half op de foto. Of gewoon niet… Wel de actie maar niet de bal. Of wel de bal maar geen speler. Om gek van te worden. Het leek wel of ik de snelheid niet meer bij kon benen. Alsof mijn vingers, die normaal de knoppen blindelings weten te vinden nu niet wisten wat ze moesten doen. 

Daarom was ik erg blij met de oefenwedstrijden die aan het begin van het seizoen in de planning stonden. Op deze manier had ik wat respijt en kon ik, net als de boys, ook een beetje in shape komen voor een nieuw voetbaljaar. Helaas moest ik daarbij wel een aantal spelers teleurstellen. Want ik schoot minder(e) platen dan anders. 

Ik besloot mijn plek naast het veld even om te ruilen naar achter het veld. Het voordeel van deze kant is dat je de spelers op je af ziet komen. Het maakt het voorspellen van de actie wat makkelijker en het volgen van de speler en bal ook. Hiermee nam ik voor mijzelf een aantal hindernissen weg. Een nadeel van deze zijde is de korte afstand tot het doel en de keeper. De capriolen die door de keeper uitgevoerd worden kunnen hierdoor niet altijd goed worden vast gelegd. 

First things first. Terug naar de basis. Wennen aan de snelheid en de actie’s op het veld. Dan weer werken aan toffe plaatjes van de keepers. Het duurde voor mij een wedstrijd of drie toen ik het weer een beetje in de vingers voelde terugkomen. Bij de vierde en vijfde wedstrijd zat ik zelfs weer helemaal in mijn eigen bubbel. En nu kijk ik de hele week reikhalzend uit naar zaterdag.

Na een paar weken durfde ik het weer aan om de achterlijn los te laten en voorzichtig wat naar voren te schuiven. Met een lens van 300 mm is mijn bereik hier en daar wat beperkt. Maar vanaf de zijlijn lukt het aardig om de acties op het middenveld redelijk vast te leggen. En de spelers weten het ook. Nog voor ik thuis ben heb ik de eerste berichtjes alweer ontvangen: “wanneer staan de foto’s online?” 

Het verbaasde mij dat ik dit zo vreselijk gemist had. Iemand die nooit iets van voetbal moest hebben, zegt nu dat ze het voetballen gemist heeft. Hoewel, het spelletje zelf niet echt. Meer de acties op het veld. De spelers. Hun enthousiasme en gedrevenheid wanneer ze zich vol overgave storten op de bal, het doel of hun tegenspeler. Die energie en chemie samen maken mijn foto’s. 

Met dank aan FC Dordrecht Jeugdopleiding…

Regenval in de polder…

Poownie herkent het geluid van mijn auto al een tijd. Op stal staat hij dan al bij het hek van de paddock op mij te wachten. Maar nu herkent hij ook de vorm of de kleur. Het zal mij niets verbazen dat ie het merk op zou kunnen noemen als ie kon praten. Ik sta mij, achter de auto dus uit zijn zichtsveld, in mijn regenpak te wurmen als hij van achter uit de wei aan komt wandelen. Zijn graasmaten laat hij achter. Ondanks het shit weer kan ik een glimlach niet onderdrukken. 

Geloof mij, lieve lezer, het is wel eens anders geweest. Poownie heeft mij in zijn jongere jaren heel wat kilometers achter zich aan laten lopen. Op het moment dat ik hem bijna te pakken had, zette hij een drafje in naar de andere uithoek van de wei. Als ik dan weer in de buurt kwam rende hij met zijn neus en staart in lucht terug naar het hek van diezelfde wei. “Pak mij dan, als je kan, je kunt mij toch niet pakken!” Dit herhaalde zich een stuk of 10 keer. Als ik toen een stappenteller had was ik met 1 bezoek aan Poownie al aan mijn doelen voor die hele week gekomen.

Maar we worden allemaal wat ouder, wijzer zou ik niet willen zeggen maar wel rustiger. Alhoewel, misschien ook dat niet eens. Laat ik het er maar op houden dat Poownie snapt dat als hij rondjes blijft rennen ik na twee rondjes gewoon weer wegga. Dan heeft hij geen snoepje, boterham, appel of wat voor lekkers dan ook. En dat is onacceptabel. Kijk, ik zou best willen geloven dat hij voor mij naar het hek komt lopen, maar zoals we allemaal weten: liefde gaat door de maag. 

Terwijl de regen eindeloos traag uit de hemel komt vallen sta ik met mijn laarsjes in de zompige berm. De berm die uitzicht geeft op onze eigen wei. De berm met super malse grassprieten, en de kruidigste onkruidjes die er maar te vinden zijn. Dit weet ik allemaal dankzij mijn planten-app. (Heel handig!!) Nu onze wei wat schraler aan het worden is neem ik hem zo nu en dan eens mee uit grazen. En je kunt hem niet blijer maken. In zijn ogen is dit vele malen leuker dan wandelen.

Er groeit hier werkelijk van alles. Rode-, witte-, smalle rol- en akkerhoning klaver. Die laatste is bijvoorbeeld weer goed voor de doorbloeding, werkt bloedzuiverend en is ondersteunend bij de werking van de lymfe. Er groeit ook luzerne, met zijn prachtige paarse bloemetjes. Ook heel gezond met veel eiwitten en vitamines. Er groeit zelfs kamille. Volgens de app is dit de stinkende variant. Ik ruik niks vies aan dit plantje. Poownie kiest met smaak zijn maaltijd bij elkaar. 

Ik ben blij dat ik mij in een regenpak gehesen heb. Het is namelijk nog niet gestopt met regen. Sterker nog, het is harder gaan regenen. Met mijn capuchon op klinkt de vallende regen een stuk gezelliger. Er is verder niemand te bekennen. De verlatenheid en rust die er hangt is een weldaad voor mijn geest. 

Poownie’s brunch duurt ongeveer een uur. Dan is hij er wel klaar mee. Via de andere groenstrook wandelen we, nog steeds in de regen, terug naar de wei. Voldaan en met een volle buik loopt hij zuchtend bij mij vandaan terug naar zijn maten achter in het land.

Early bird…

Eigenlijk stond hij voor in mijn vakantie gepland. Net als een hoop andere nog-te-doen-bezigheden. Misschien dat het er daarom niet helemaal van gekomen is. Dat, en uiteraard mijn lekkere bed. Want hoewel ik al enige tijd mijn wekker ook op vrije dagen vroeg zet, is het wel verleidelijk om deze iets later te zetten dan op een werkdag. Maar omdat ik mij herinnerde dat ik een paar jaar terug zo genoten heb van mijn ochtend hardloopsessies, offerde ik mijn enige vrije dag van die week hiervoor op. 

Nou ja, opofferen? Ik deed het graag. Toen mijn wekker om 04.45 uur (in de ochtend!!) afging sprong ik figuurlijk gezien want letterlijk ging het iets langzamer, mijn bed uit. Mijn spullen had ik de dag ervoor al klaar gezet. Ik hoefde alleen mijn ontbijt nog maar te smeren. Griste nog snel een fles water uit de koelkast en ik kon op pad.

De klok tikt 05.30 uur aan als ik bij het water aan kom. Geen mens, geen hond, niemand. Ik hoor alleen de vogels. Niet veel later is het toch echt even gedaan met de rust. Ik ben mijn SUP aan het oppompen en dat gaat niet geheel geruisloos. Er staan gelukkig geen huizen in de directe omgeving. Uit voorzorg sta ik toch achter mijn auto zodat het geluid tot een minimum beperkt wordt. We willen geen overlast op dit tijdstip.

Het is 05.45 als ik met SUP en al het water in glij. Ik paddel naar het midden en houd dan stil. Het is alsof alles nog in diepe rust verkeerd. Op de vogels na, die kwetteren en fluiten nu om het hardst. Maar verder is het echt helemaal stil. Er staat geen stroming en er staat geen wind. De zon is al even wakker en slaat mij vanaf de horizon gade. Ze begeleid mij op mijn eenzame tocht over het water. 

Toen ik nog wekelijks aan hardlopen deed kon ik ook zo genieten van de vroege ochtenden. Er is geen enkel moment binnen de 24 uur die zo vredig en kalm aanvoelt als het ontwaken van de dag. Ik voel een innerlijke rust en daarmee een blijdschap over mij heen komen. Konden de dagen allemaal maar zo zijn. Wat een zalig gevoel is dit.

Er hangt hier en daar nog een flard mist over het water. Voor het mooie ben ik eigenlijk nog een half uur te laat. Dan had er meer nevel gehangen en had het wisselen van de nacht in de dag extra magisch geweest. Maar het beeld dat ik nu voor ogen heb is ook niet verkeerd. Ik besluit om te keren en nog een stuk met de opkomende zon in de rug de andere kant op te paddelen. 

Het laatste stuk is een lus en als ik hem helemaal uit zou varen heb ik er twee km extra opzitten. Halverwege besluit ik flink aan te zetten tot ik terug ben op mijn startpunt. Met SUPPEN gebruik je al je spieren dus heb ik direct een aardige work-out achter de rug. Als ik mijn SUP uit het water haal ben ik ruim een uur verder en staat er 5.5 kilometer ochtendgymnastiek op de teller. 

Een heerlijke start van mijn dag. 

Steenuilen schieten…

Het duurde drie jaar voor het lukte. De eerste keer was het seizoen net voorbij en dus te laat. Het tweede jaar was het seizoen nog niet begonnen maar was ik wel te laat met reserveren en was de hut vol geboekt. De derde poging werd dankzij corona door mijn neus geboord. Maar eind mei van dit jaar lukte het dan toch. Ik stond oog in oog met een steenuil. 

De steenuil is het kleinste uiltje in Nederland en is niet veel groter dan een merel. Vergeet de kerkuil of de grote oehoe. Dit uiltje is de schattigste rover onder de vogels die er is.. Hij ziet er groter en forser uit dankzij zijn volle verenkleed. Die grote opvallende felgele ogen doen het hem. Die wilde ik heel graag eens vastleggen op de gevoelige plaat. Dus was de keus om een vogelhut die zich richt op de steenuil te huren snel gemaakt. Het duurde alleen wat langer voor we terecht konden. 

Maar toen was het eindelijk zover. Einde van de middag toog ik samen met Oom B. ook fervent fotograaf, naar België. Om 1800 uur werden we verwacht. Samen met nog een aantal fotografen hadden we ons verzameld op de afgesproken parkeerplaats. Van daar uit moesten we nog wel een stukje lopen naar de “hut”. Dat stukje bleek toch nog een kleine 1.5 km stappen te zijn. Gelukkig mochten we onze fotogear met de auto van de hut-eigenaar mee geven. Nu maar hopen dat hij er niet vandoor zou gaan… 

Gelukkig stond hij op de plaats van de hut al op ons te wachten. In totaal waren we met vijf man/vrouw. Oom en ik hadden het geluk in de vaste hut te mogen. De andere fotografen kregen ieder hun eigen fototent, die al opgesteld stonden. We kregen de tijd om ons te installeren. De eigenaar legde nog wat uit over de setting, wat we wel en vooral niet moesten doen en liet ons toen tot 21.00 uur aan ons lot over. 

De vraag was of er een uiltje genegen was om langs te komen. Ik had amper de instellingen van mijn camera gecontroleerd of het vrouwtje kwam al aangevlogen. Ze wist heus wel dat wij daar in het hutje zaten. Je kunt de natuur niet sturen maar soms werkt omkopen wel. Er lag hier en daar wat eten en daar liet ze zich graag voor fotograferen. Zeker wanneer er net kuikens uit het ei gekropen zijn. Door de aanhoudende kou en regen is het broedseizoen iets verlaat. Daar had ik met het reserveren geen rekening mee gehouden. Geen vliegende jonkies dus. In dat opzicht hadden wij ff vette pech. 

De setting was niets meer dan een stukje grond op een boerenbouwland. Achter ons zat een duiventil en stonden wat bomen. Daar bevond zich tevens het nest.. Op de setting zelf waren een paar palen in de grond geslagen, hier en daar een zit mogelijkheid en wat attributen. Simpel maar doeltreffend. Met de juiste instellingen en een goede lens creëer je een mooie zachte achtergrond. Hierdoor is er geen bouwland of simpel bosje meer te zien. 

De hele avond heb ik verrukt achter mijn fototoestel doorgebracht. Mij niet eens de kans gunnend iets te eten of te drinken. De tijd vloog voorbij maar wij hebben, ook zonder kuikens, van iedere minuut genoten. 

Een weekend zoals geen ander…

Het is even geleden dat ik tijdens het weekend ook daadwerkelijk het gevoel had ook echt weekend te hebben. Een beetje alsof je een paar dagen van huis bent. Ja, daar leek het nog het meest op. Daarom is dit weekend er een voor in de boeken. Misschien komt het ook wel omdat de week er aan vooraf wat moeizaam en verdrietig verlopen is. 

Ik kreeg namelijk het trieste nieuws dat mijn lieve collega, na een strijd van twee jaar is overleden aan de gevolgen van kanker. Hoewel we het wisten kwam het nieuws geheel onverwachts aangezien we haar kort geleden nog gesproken hadden. Ze heeft toen helemaal niet door laten schemeren dat het minder goed met haar ging. Dat hakte er toch wel even in. 

Wanneer er op het werk slecht nieuws komt heb je elkaar om er over te praten. Maar nu we allemaal thuis werken is dat toch lastig. Uiteindelijk hebben we een digitale herdenking gehouden. Met foto’s en herinneringen. Ondanks dat het niet zo was als we zouden willen voelden het goed. Ze zou dit jaar met pensioen gegaan zijn om nog meer van haar gezin te kunnen genieten… Soms is het leven zo oneerlijk.

Door dit soort gebeurtenissen wordt je weer met twee benen op de grond gezet. En misschien besloot ik daarom wel extra te genieten van zo’n beetje alles om mij heen. Vrienden kwamen vrijdagavond op visite. Om de week af te sluiten en het weekend goed te beginnen namen ze een Indische Rijsttafel mee. We hebben tijdens het eten heel wat bijgekletst en wat afgelachen. Daar was ik echt even aan toe. Natuurlijk was er veel te veel eten. Maar oh wat was het lekker. Het was even terug in de tijd alsof ik aanschoof bij opa en oma aan tafel. 

Het was een korte nacht naar zaterdag. Die hierdoor sneller aanbrak dan gedacht. Maar ondanks dat toch redelijk uitgerust. Met de zon op onze knar besloten vriendlief en ik project twee, waarover later op mijn blog meer, verder af te maken. Dat was nog niet zo makkelijk. Maar met wat zaag, meet en timmerwerk kwamen we toch een heel eind. Uiteindelijk kon ik niks meer doen dus toog ik af naar stal terwijl vriendlief nog een lik verf over onze net-in-elkaar-gezette-plantenbak streek.

De middag bracht ik samen met een stalgenoot en onze paarden door op het gras. Hoewel het drukker met recreanten was dan anders in het gebied hadden wij er gelukkig geen last van. Terwijl de paarden zich te goed deden aan het gras genoten wij van de zon.

De zondagochtend begon sportief. Samen met mijn nichtje had ik een paddle date. De eerste tocht van dit jaar. Geen wind, maar wel zon. Wat was het heerlijk en wat had ik dit een hele winter gemist. We besloten om niet te snel van start te gaan dus na een uur SUPPEN hielden we het voor gezien. Oh ik heb nu al zin in meer.  

Bij thuiskomst was vriendlief alweer in de tuin bezig. Ik besloot hem te helpen met hier en daar een steen te “verleggen” en wat plantjes over te potten. Deze zonnige dag werd afgesloten met een winnende Max Verstappen, een kleine BBQ en een hete douche om de spieren te laten ontspannen. Klaar voor een nieuwe week. 

Project 1, het vervolg…

Eind vorig jaar maakten we een begin met het opschonen van de kasten en bergruimtes, tot het compleet leeghalen van de zolderkamer. Zelfs het behang moest er aan geloven. De kamer leek prompt een stuk ruimer dan ie was. En met de mooie wit gestucte muren zag het er al veelbelovend uit. Maar er moest nog wel eea gebeuren. De eerste weken van het nieuwe jaar waren alle winkels ook nog eens dicht.

Langsrijden bij de vloerenwinkel was er niet bij. Alles moest dus online gebeuren. En hoewel ik redelijk goed online kan shoppen is online een vloer uitzoeken best raar. 

Wat vloer betreft konden we het niet eens worden. Van uitbundig hoogpolig tapijt tot houten vlonders aan toe. Het stond allemaal leuk of was even afgrijselijk. Uiteindelijk vond Vriendlief een vloer die werd goedgekeurd. En nu de vloer eenmaal ligt ziet het er sjiek uit.

Maar wat moesten we nu toch met die smetteloos witte muren? Een kant van de kamer was niet zo’n probleem. De sauna zou al een groot gedeelte wegnemen. Maar de muur er recht tegenover is de muur die je als eerste ziet wanneer je de trap op loopt en waar je tegenaan kijkt vanuit de sauna. Een aantal mogelijkheden passeerden ook nu weer de revue. Mooie planken met accessoires. Fotobehang, iets met steenstrips of hout of beide? De mogelijkheden waren eindeloos.

Uiteindelijk kozen we voor een muurschildering. Dat zou pas origineel zijn en ook nog eens helemaal naar onze eigen wens ingevuld kunnen worden. Toen we een foto vonden met het uitzicht op berg en zee vanaf “ons” balkon waren we om. Net alsof we op vakantie zijn in een zonnig oord. Via via kwam ik in contact met Annemarie Zoutewelle. Ze tovert complete muren om tot waren kunstwerken. Binnen of buiten, groot of klein het maakt haar niet uit. We maakten een afspraak om te kijken of, wat wij in gedachten hadden, kon worden uitgewerkt.

Een week of twee later begon ze met schilderen. Ze begon met een opzet van maar een paar lijnen waarmee ik de muur al zag veranderen. Aan het einde van de dag lag de kamer bezaaid met kwasten, penselen, doeken, potjes en heel veel verschillende kleuren verf. Iedere keer als ik kwam kijken stond er iets nieuws bij. De muur kwam beetje voor beetje meer tot leven.

Na dag twee was ik al lyrisch over het resultaat. Maar Annemarie vertelde dat ze nog helemaal niet klaar was. Er moesten nog diverse details een toegevoegd worden. Meer bladeren links van het balkon en er verschenen zelfs baaien en dorpjes aan de voet van de berg. Het doel was diepte in het schilderij zodat de kleine kamer ruimtelijker oogt. Je zou het gevoel moeten krijgen dat je vanuit de sauna het balkon op kan stappen. Alsof de kleine kamer helemaal niet zou bestaan. 

Aan het einde van dag drie werd de laatste penseelstreek gezet. Op de foto’s hieronder is niet eens goed te zien hoe fantastisch het eindresultaat is geworden. Soms, met invallend licht, lijkt het zelfs wel 3D. En met het bezorgen van de sauna, diezelfde dag, kwam er een einde aan dit project. De kamer moet nog wat aankleding krijgen maar we zijn er nu al heel erg blij mee.