Dit was september…

De weken vliegen voorbij maar zoveel heb ik niet gedaan. Of toch wel? Ik kijk mijn fotostream eens door om te zien wat mij bezig heeft gehouden. Net als het weer was mijn planning toch best uiteenlopend. Mijn kledingkeuze trouwens ook. Zo droeg ik nog een korte broek en bikini en zo liep ik alweer in (regen)laarzen met coltrui.

Ons nieuwe werkrooster is vanaf september ingegaan. Er werd besloten om op vaste dagen vanuit huis te gaan werken om zo met een minimale bezetting de werkvloer te bestieren. In de hoop iedereen zo veilig mogelijk aan het werk te houden. Helaas zat ik maar bij één voetbalwedstrijd langs de lijn om foto’s te maken. De rest van de zaterdagen werd opgeslokt door andere bezigheden.

Wel hebben we nog ontelbaar keer geBBQt en zijn we tweemaal buiten de deur gaan eten. De eerste keer werden we getrakteerd door vrienden en kregen een Indische rijsttafel voorgeschoteld. Het was alweer even geleden dat ik de smaken van “vroeger” mocht proeven. Een throwback naar oma’s keuken en dat vond ik helemaal niet erg. We namen zus mee op een ander etentje. We hadden elkaar al een tijd niet gezien en tot overmaat van ramp ging ons zussenweekend ook niet door. Die staat voor volgend jaar in de planning. (Heb het lef eens Corona!!)

In totaal paddelde ik in september 23 km in een tijdsbestek van 6 uur. Ik ging een keer alleen op pad. Vriendlief bleef op Merlin achter en kon ongestoord zonnen, terwijl ik de Biesbosch onveilig maakte. Nog nooit heb ik het daar zo rustig meegemaakt. Ik ging een aantal keer met mijn nichtje weg. Zo zagen we een mooie zonsondergang. En bezochten de vele eilandjes op de Achterplas in Hillegersberg. Ik eindigde mijn SUP-avontuur deze maand met Vriendlief en een bezoek aan Hardinxveld Giessendam. Meer daarover in een ander log.

Ik spitte mijn eigen vogelfoto’s door en het begon het weer te kriebelen. Het geplande bezoek aan de steenuilenhut eerder dit jaar ging niet door, want Corona. Het was dus alweer even geleden. Ik zocht een aantal hutten af maar helaas was alles op korte termijn volgeboekt. Viste ik achter het net omdat bepaalde hutten maar geboekt konden worden tot september of waren vanwege Corona helemaal uit de running gehaald. Voor volgend jaar heb ik een aantal bijzondere bezoeken op mijn wensenlijst gezet. In de hoop dat Corona dit keer geen roet in de planning gooit.

Eigenlijk dacht ik dat ik mijn target van vier boeken uitlezen in een maand niet zou halen. Het duurde nl even voor ik het juiste boek te pakken had. Voor het eerst heb ik een aantal boeken, nadat ik er in begonnen was, terzijde geschoven. Ze waren veel te langdradig, van de hak op de tak of te simpel geschreven. Inmiddels heb ik zo’n grote 2-read lijst dat ik alleen nog maar boeken wil lezen die mij boeien. Simone vd Vlugt las deze maand het fijnste weg. De grootste verrassing was Colleen Hoover. Met scepsis begon ik er aan, want roman, maar bleek een leuk en vlot geschreven verhaal.

Via allerlei bezigheden zijn we echt aangekomen in oktober. De herfst staat centraal. De paarden gaan weer van het land. Lezen in de tuin wordt nu met een plaid op de bank. Ik ben er eigenlijk nog niet helemaal klaar voor en hoop stiekem op nog een aantal droge en zonnige dagen.

Wat was jullie mooiste moment uit september?

Dat was juli… 

Stonden we in april en mei zo’n beetje stil, kwamen we in juni langzaam weer op gang maar scheurde we in versnelling zes door de maand juli. Nu is de maand gewoon alweer voorbij. Op de zaak konden we eindelijk weer een beetje normaal aan de slag. De regels werden dusdanig versoepeld dat het toe liet om weer te werken. Klanten kwamen ook langzaam weer tot “leven” en opdrachten stroomden net voor de bouwvak nog binnen. Terwijl de eerste collega’s met vakantie gingen greep uit zelf ook ieder moment aan om lekker bezig te zijn. Uiteraard niet alleen met werken. Niet zo gek dus, dat ik het gevoel heb dat de maand is omgevlogen.

Aan het begin van de maand zag ik de planning van de jeugdvoetbal. De teams hadden er in hun nieuwe samenstelling net een week trainen opzitten en mochten al direct aan de bak tijdens een paar oefenwedstrijden. Bij twee ervan kon ik mijn hart ophalen. Wat heerlijk om weer langs de lijn te zitten en actieplaten te schieten. Ik kan dan ook niet wachten tot het wedstrijdseizoen echt gaat beginnen. 

 FC Dordrecht jeugd tijdens wedstrijd

We hebben ook een paar zalige zomerse dagen mogen meepikken waardoor er heel wat tijd op het water gespendeerd kon worden. Eindelijk konden we onze vrienden mee nemen voor een vaartrip met Merlin. De afspraak stond al sinds vorig jaar maar door omstandigheden werd deze steeds verschoven. We gingen er lekker op uit en onze dag was naast een tocht door de Biesbosch, gevuld met bijpraten, eten en zonnen. Deze fijne dag sloten we af met een “diner” aan boord.

Al Stand Up Paddelend heb ik heel wat meters op het water gemaakt. Vriendlief kan sinds deze maand ook mee het water op. Hij heeft geen SUP-board maar zijn eigen kleine RIB. Daarover later meer. Samen hebben we het Waaltje al een aantal keer onveilig kunnen maken en hebben we (wederom) de molens van Kinderdijk bezocht. En dat was echt een prachtige avond. Geen wind, stroming of toerist. De zon stond hoog aan de hemel en we hadden de molens voor onszelf. 

suppen langs de molens van Kinderdijk

In de maand juli las ik vier boeken. Ik begon aan de driedelige serie van Ad van de Lisdonk. Een Nederlandse schrijver die een redelijk spannende thrillerserie heeft neergezet met zijn “Amazone” boeken. Toegegeven, sommige teksten zijn wat plat geschreven. Het heeft ook een hoog “24” gehalte maar desalniettemin leest het lekker weg. Ik eindigde de maand met Onmacht van Yvonne Doorduyn. Eveneens een Nederlandse schrijfster. Beetje sceptisch begon ik aan het verhaal maar het heeft mij aangenaam verrast. Binnen twee dagen was het boek uit.  

Ik eindig dit blog waar ik in juli mee begon. Ik adopteerde een papegaai. Een soort Foster Parrot Plan. Draak kreeg er, op afstand, een vriendje bij. “My Own Little Zoo” een kennis uit de papegaaienwereld, zorgt voor heel veel papegaaien. De meesten hebben speciale zorg nodig omdat ze (al dan niet door hun vorige eigenaren) op diverse fronten verwaarloosd zijn. Laura geeft ze een forever home met een papegaaienleven zoals hoort. Goede huisvesting, socialisatie, het juiste eten en speelgoed. Maar ook de nodige doktersbezoeken en “ziekenhuisopnames”. Dat kost geld. Heel veel geld. Deze familie doet, met zoveel liefde en toewijding, wat ik zelf niet kan. Daarom steun ik ze graag!! Wil je ook helpen? Kijk dan eens op hun facebook of instagram hoe je een bijdrage kunt leveren ❤️

De vogels van My Own Little Zoo

© My Own Little Zoo

 

Dit was mijn juli, hoe was die van jullie?

In de tuin…

De wekker ging vanmorgen echt veel te vroeg nadat ik gisteravond veel te laat mijn bed in kroop. Maar ik had zelf ingestemd met het tijdstip voor een SUP-date met een aantal andere sportievelingen. Dus ik moet niet klagen. En inmiddels ben ik weer thuis na een hele toffe dag. Mijn sup- en zwemspullen zijn opgeruimd en alles ligt weer op zijn eigen plek. Nadat ik mijzelf van de nodige nieuwe brandstof heb voorzien komt de vermoeidheid om de hoek zetten. 

De zon staat hoog aan de hemel. De lucht is helder blauw en de ligstoel in de tuin staat er iets te uitnodigend bij. Ach waarom ook niet denk ik bij mijzelf… Ik pak nog wat te drinken en plof daarna op de stoel in de tuin. De zon verwarmd direct mijn vermoeide spieren en ik kan mijn ogen echt niet langer open houden.

Flarden van gesprekken van verschillende buren vullen mijn hoofd. Ik hoor de schaterlach van de meiden een paar huizen verderop die met water in de weer zijn. In de brandpoort wordt een of ander spel gespeeld met kids op rolschaatsen en met skateboards. Ondertussen vult mijn neus zich met de lucht van een BBQ die elders al wordt aangestoken. En ik? Ik laat mij langzaam op al die verschillende geluiden wegdrijven. Ze nemen mij mee, hoger en hoger. Ik voel mijzelf steeds lichter worden. Tot ik half in slaap val. De woorden van links en gesprekken van rechts vloeien in elkaar over. Het lijkt wel of ik boven de tuinen zweef en alles vanuit een ander perspectief zie en hoor.

Vaag ben ik mij er van bewust dat de kat van de buren langs mijn arm strijkt en zich naast de stoel vlijt in de hoop op een kriebel. Hoewel ik mij vederlicht voel lijken mijn armen wel van lood, ik krijg ze niet opgetild om het dier een aai te geven. Hij miauwt nog wat maar laat het er daarna, volgens mij, bij zitten. 

De zon brand veel te fel om zo te blijven liggen. Maar ze voelt zo zalig dat ik toch, tegen beter weten in, nog een minuut blijf liggen. De volgende minuut ook en de minuut die er op volgt ook. Ze rijgen zich aaneen tot een vol half uur. Ergens hoor ik een gil en val plots, voor mijn gevoel, een paar meter naar benden. Ik ben in ieder geval wel in een keer wakker. In de brandpoort wordt inmiddels een watergevecht gehouden. Gillende kinderen rennen heen en weer en om de zoveel tijd zie ik een waterstraal over de schutting komen. 

Ik had al een redelijke kleur van deze ochtend en om niet te verbranden moet ik nu toch echt uit de zon. Ik zucht eens diep. Aai de kat, die nog steeds op zijn plek ligt en sta dan met grote moeite op. 

Zo’n beetje alle spieren in mijn lichaam laten zich “horen”. Ze zijn de laatste paar weken flink aan het werk gezet. Maar ik voel ze nog het meest van mijn ochtend op het water. Het is lang geleden dat ik mij op deze manier zo moe maar oh zo voldaan heb gevoeld. 

 

Suppen langs de molens van Kinderdijk

 

Verkeerde keus…

“Weet je zeker dat je met de fiets gaat?” Vraagt vriendlief. Ik werp snel een blik naar buiten. Het ziet er niet zonnig uit maar er hangt ook niet echt een regenlucht boven de polder. “Ja joh,” zeg ik, “Het kan net.” Er is pas vanavond regen voorspeld, dan ben ik al lang weer terug. De laatste keer dat ik mijn auto pakte omdat het mogelijk zou kunnen gaan regenen bleef het de hele dag droog. Dus dit keer gok ik het er op. 

Eenmaal op de fiets, onderweg naar Poownie, begint de lucht toch wel erg snel te veranderen. Dat zie ik niet, want dat is achter mij. Als ik voor mij kijk zie ik een vrij rustige lucht met hier en daar een wolk, voortgedreven door de wind die langzaam komt opzetten. Dat dan weer wel…

Het is broeierig warm en mijn gehaaste fietstochtje heeft er nog een schepje bovenop gedaan. Bezweet kom ik aan bij de wei. Waar Poownie overigens al op mij staat te wachten, alsof hij mij tien minuten eerder verwacht had. Hij hinnikt nog iedere keer als hij mij ziet. Ik vind het zo schattig dat ik er dan ook maar vanuit ga dat hij blij is om mij te zien. We gaan voor een korte wandeling en wat graaswerk buiten de wei. Het gras bij de “buren” is nu eenmaal veel groener en dus lekkerder. 

We zijn nog geen twee minuten van “huis” of dikke druppels sieren het asfalt voor ons. Ik zie ze eerder dan ik ze voel. Dan opeens gaan de sluizen open. Het regent nu toch wel echt en heel hard ook. Samen rennen we naar een afdakje om er te schuilen. Na ongeveer vijf minuten wordt het minder en gaat de zon alweer schijnen. We wandelen terug naar waar we gebleven waren. Heel even is het heerlijk. De lucht ruikt zo zomers en er staat een klein briesje. 

Maar dan volgt een flinke donderklap, recht boven mijn hoofd. Ik hoop stiekem, tegen beter weten in, dat het er maar eentje zal zijn. Een verdwaalde of zo, die niet helemaal weet wat ie met zichzelf aan moet. Hoe kan dat nou? De lucht voor mij is bijna stralend blauw. De lucht achter mij had ik tot dan nog niet gezien. Donker en dreigend. Een tel later begint het te flitsen. Achter elkaar. We rennen terug naar de wei. Compleet beledigd laat ik Poownie achter. 

Er is voor mij geen andere schuilplek dan een tunneltje iets verder op. Ik spring op mijn fiets en scheur die kant op. Daar tref ik een ouder stel. Ook die staan te schuilen. We raken aan de praat. Na tien minuten is het iets minder geworden. Het stel moet de andere kant op en fietst zo de zon tegemoet. Zelf blijf ik nog even staan, want er is nog geen verbetering te zien in de richting waar ik heen moet. 

Na nog eens tien minuten nemen regen en onweer eindelijk af dus ik waag de gok. Ik ben nog geen 200 meter op weg of het begint opnieuw. Onweer en veel, heel veel regen. Het flitst nu onafgebroken en ik heb er weinig zin in om als een stukje toast te eindigen. Nog nooit heb ik zo hard gefietst. Zeiknat en compleet buiten adem kom ik thuis. 

Ja, ik had misschien toch beter de auto kunnen nemen… 

Het went, maar toch…

Eind maart: Het zat er natuurlijk aan te komen, toch heb ik de stille hoop dat alles gewoon door gaat zoals normaal. Dat het mee valt en overwaait. Aangezien de hele wereld plat ligt is dit een gedachte die uiteraard nergens over gaat. Maar toch. Toch hoop ik als een malle dat het allemaal wel mee zal vallen, het zo’n vaart niet zou lopen. Ergens in de wereld is een hick-up maar dat geldt niet voor ons. Ik wil gewoon mijn normale dagelijks leven behouden. En vooral geen gekke fratsen hier.

Dat was zoals gezegd ijdele hoop. Corona begint zich steeds meer aan ons op te dringen. Een tsunami die er in één klap is en waartegen je niets kunt uithalen. De hele wereld is in rep en roer. Opeens is iedereen viroloog, bioloog of een geleerde. Iedereen heeft een mening en moet dit vooral bekendmaken. En dan de paniekzaaiers! Die staan op iedere (virtuele) hoek van de straat. Maar bij ons is vooralsnog niets aan de hand. Behalve dan dat de grote baas, net als een overgroot deel van Nederland, voorzorgsmaatregelen aan het treffen is.  

Nu een hoop locaties verplicht gesloten zijn kunnen onze examens daar ook niet doorgaan. Er moet aardig wat geannuleerd en afgezegd worden. Beetje voor beetje komt ons werk stil te liggen. Het is ook niet langer nodig om met een volledige bezetting op kantoor aanwezig te zijn. We stemmen bepaalde procedures op elkaar af. Er komen andere werkroosters. ICT wordt opgetrommeld en voor we het weten hebben we allemaal een laptop en telefoon van de zaak.

Binnen een paar dagen is alles geregeld en werken we met het complete team vanuit huis. Voor zover dat nodig is. Want het werk is zover opgedroogd dat er niet voor iedereen iets te doen is. Kantoor is maar een paar dagen per week voor een paar uur bemand door hooguit twee collega’s.

Dat, lieve mensen, is toch best wel even wennen. Opeens ben ik mijn complete regelmaat en ritme kwijt. Begin april sta ik met Poownie te grazen onder werktijd, ondertussen mij af te vragen wat de andere collega’s nu aan het doen zijn. Zelf heb ik die week “vrij” en ben alleen nodig als de andere collega ergens niet uitkomt. Het voelt gek om “vrij” te zijn en onder werktijd met hele andere dingen bezig te zijn dan met de mailbox, rinkelende telefoons, klanten en collega’s.

Inmiddels zijn we ruim 1.5 maand verder en heb ik redelijk mijn weg hierin kunnen vinden. Maar dat ging echt niet zomaar. Ik kwam er achter dat ik het beste gedij bij een zo normaal mogelijk werkritme. Normale tijd naar bed en ook gewoon vroeg weer op. Ik ruimde mijn oude werkkamer op en heb het zo ingericht dat ik daar in alle rust ’s morgens mijn dag kan beginnen. Hoewel mijn hersens geregeld doen alsof het semi-vakantietijd is begin ik redelijk te wennen aan mijn kleine beeldscherm en de videocalls via teams of zoom.

Toch hoop ik met heel mijn hart dat dit “tijdelijke abnormaal” snel over is en we terug kunnen naar ons “oude normaal”. Het normaal waarbij we omkomen van het werk. Elkaar “pesten” rond de koffietafel en kunnen klagen dat het zo druk is. Want ik mis mijn chaotische bureau, het geregel, de drukte en het werk. Maar bovenal mis ik het samenwerken met mijn collega’s!!

 

Nieuw verworven lef…

Mijn werkkamer heb ik met de tuin verruild. Even geen telefoon en beeldscherm maar een half uur pauze. Ik moet wat schuiven met de stoel om uit de wind maar in de zon te kunnen zitten. Als ik dan ook nog eens onderuitgezakt blijf zitten is het prima te doen. 

De zon brand op mijn gezicht. Hierdoor is de wind die ik voel als een zachte fluistering op mijn huid. Terwijl het even verderop de bladeren van de bomen flink doet ruisen. Met mijn ogen dicht is het net of ik op het strand lig terwijl de zee aan- en afrolt. De krijsende meeuwen boven mijn hoofd maken het plaatje compleet. 

Ik beeld mij in dat ik op een tropisch eiland lig met een azuur blauwe zee en een parelwit strand. Nee wacht, ik maak het plaatje mooier. Dat kan he, het is immers mijn eigen fantasie. Het ruisen van de bomen zijn de palmbladeren boven mijn hoofd die voor schaduw moeten zorgen. Ik lig in mijn hangmat tussen de bomen. Met één voet aan de grond duw ik mij af terwijl mijn tenen met het warme zand spelen. Zachtjes wieg ik heen en weer. Op de achtergrond hoor ik subtropische vogels fluiten en klinkt er vrolijke muziek. 

Ik val al bijna in slaap als ik naast de vogels en de muziek ook vaag een belletje hoor rinkelen. Het klinkt heel bekend maar past niet echt in mijn verzonnen decor. Het belletje klinkt steeds luider. Als ik mijn ogen open verdwijnen mijn palmbomen, hangmat, witte strand en subtropische vogels. Ik ben weer terug in mijn eigen achtertuin. Van achter het hek klinkt wederom het belletje. Het hangt om de nek van een kat die nu onder de poort doorkruipt. 

Alsof het de normaalste zaak van de wereld is, loopt hij de tuin in. Dit is wel eens anders geweest. Maar blijkbaar is hij nu wat zekerder van zijn zaak. De eerste paar keren dat onze blikken elkaar kruisten was hij met drie grote sprongen de tuin door om over het hek van de buren te verdwijnen. Misschien begint hij er aan te wennen dat wij hier nu ook eenmaal wonen. 

Hij is zo zeker van zijn zaak dat hij rakelings langs mij heen loopt op weg naar de achterdeur. Ik volg hem met mijn blik. Ik ben heel benieuwd wat ie gaat doen. Hij snuft wat aan de deur en voelt zich dan toch bekeken. Iet wat verontwaardigt kijkt hij mij aan maar loopt daarna zonder pardon naar binnen. 

Waarschijnlijk is hij niet bekend met een convectorput, of had hem zo snel na de deur nog niet verwacht. Met twee voorpoten verdwijnt ie in een van de gaten. Ik wil al op staan om te helpen maar hij hersteld zich. Eenmaal binnen krijg ik nog eenmaal een blik van hem. Dan loopt hij door. Verder dan onze tafel komt hij niet. Draak heeft hem namelijk in het vizier. 

Die vervolgens luidt begint te fluiten en te miauwen. Een miauwende vogel. Daar had hij niet op gerekend. Met twee sprongen is hij buiten, stuift langs mij heen en sprint onder het hek door. Tot zover zijn nieuw verworven lef. Het rinkelende belletje verdwijnt in de verte. De rust keert terug. Ik sluit opnieuw mijn ogen en laat mij de komende 20 minuten terugvoeren naar mijn eiland. Dat kan nog snel, voor het werk mij weer roept…

Systeemupdate voor dummies …

Ergens in oktober vorig jaar:
Al een paar weken meld mijn Macbook netjes dat hij een update nodig heeft. Net voor ik op de knop wil rammen om hem te laten updaten kijk ik nog even op internet. Daar zie ik, bij “toeval”, een melding staan dat deze update voor sommige programma’s niet zo fijn zou zijn. Deze zouden namelijk niet meer werken als de computer, in plaats van 32, op 64 bits zou draaien. Op zich een logische gedachte. Mijn fotobewerkingsprogramma is er één van. Even wachten met de update was het advies. Iets wat ik als digidummy dan ook maar opvolg.

Inmiddels zijn we een aantal maanden verder en mijn Macbook begint steeds harder te gillen. Naast de melding krijg ik geregeld waarschuwingen en uitroeptekens te zien. Maar ik durf niet. Ik speur het hele internet af of deze update wel echt noodzakelijk is. Van Lightroom krijg ik de melding dat mijn aangekochte versie helaas niet wordt ondersteund. De enige optie is een abonnement van Adobe. Daarmee zou ik altijd up-to-date blijven en zou mijn software altijd werken. Nog veel meer moois, waar ik nooit mee werk, werd mij beloofd. Ik laat mij daar niet toe verleiden. Vet betalen voor iets wat ik soms een paar weken niet gebruik.

Maar ja, ik kan mijn arme Macbook, mijn steun en toeverlaat, niet eindeloos aan het lijntje houden. Ik besloot er eens goed voor te gaan zitten en opzoek te gaan naar een ander fotobewerkingsprogramma. Er zijn daarin echt een hoop aanbieders. Zowel gratis, als tegen betaling. Dat ik er voor moet betalen is niet erg. Zolang het maar een fijn, werkend programma is zonder al te veel poespas. Eerder dan verwacht loop ik tegen iets aan. Mijn back-up is bij deze alvast geregeld.

De winterstop van de voetbal breekt aan en fotograferen zit er niet meer in. Een ideaal moment om de knoop door te hakken. Met enige aarzeling druk ik op de “update” knop. Van Mojave naar Catalina. (na een zoektocht weet ik eindelijk hoe ze aan deze namen komen…) De Macbook ratelt en rekent. Het aftellen is begonnen. Tussendoor komt nog de melding of ik het echt wel heel zeker weet, want bye bye Adobe Lightroom!! Eerst gillen dat je een update wil, ben ik eindelijk zover en dan vragen of ik het echt zeker weet? GGRRRRRR. Dus ik ram op de knop “JA”.

Ik duim de hele tijd op een goede afloop en dat alles het nog zou doen. Dat ik geen mappen en bestanden kwijt ben. Want echt, na het zoeken op internet kwam ik de gekste en engste “worst-kaas-scenario’s” tegen. De belangrijkste documenten had ik echter al veilig gesteld op een andere schijf. Dat dan weer wel …

Dan is het zover. Na wat geklik zit ik overal weer in. Het logo van Lightroom staat te shinen op mijn bureaublad. Die zal het, na de waarschuwing van mijn Macbook en Lightroom wel niet meer doen, denk ik als ik het icoontje aanklik. Het programma opent zonder problemen en werkt zoals zou moeten. Ik snapte er al niet veel van, maar nu nog minder. Waarom al die ophef?! Maar oké, mij zal je er verder niet over horen, ik ben al lang blij dat ik met mijn vertrouwde programma kan blijven werken …

Nu hopen dat Corona ons snel gaat verlaten, zodat we weer mooie actieplaten tijdens de voetbalwedstrijden kunnen gaan schieten.

In de tussentijd: ff relaxen

Tja ook bij ons op de zaak werd er vanaf begin maart zoveel mogelijk thuis gewerkt. Toen scholen verplicht gesloten werden, groepen van bepaalde grootte niet meer mochten en daarmee het aanbod van werk minder werd, besloten we zelfs om bepaalde taken niet meer uit te voeren. Omdat er simpelweg geen aanbod voor was. In een rooster werd vastgesteld wie er op bepaalde dagen dienst had, om toch de klant te woord te staan en de post weg te werken voorzover dit er was, en de mailboxen bij te werken. De rest was oproepbaar of vrij. 

Dit rooster draait nu nog steeds en dat is best vreemd. Want hoewel het idee om met pensioen te gaan mij al vanaf mijn 30e aanspreekt ben ik er achter dat ik daar eigenlijk nog helemaal niet aan toe ben. Ik wil bezig zijn. Zaken oppakken en oplossingen bedenken. Ik wil de gestructureerde chaos op mijn bureau terug. Waarbij collega’s denken dat er een bom ontploft is maar ik zelf nog prima weet hoe ik het georganiseerd heb. Ik wil rinkelende telefoons en mailboxen die vol blijven stromen. Ik wil klanten die a la minuut iets geregeld willen hebben. Ik wil… Ik wil… 

Wat ik wil is op dit moment ondergeschikt aan het algemeen belang. Yeah, I know, I know. Om dit tijdelijke pensioenmoment toch enigszins door te komen heb ik mijn werkrooster aangehouden. Oké, de wekker gaat iets later dan op echte werkdagen. Maar verder probeer ik zoveel mogelijk een ritme aan te houden. Want ik gedij nu eenmaal beter bij regelmaat en ritme. Dus op tijd naar bed en er op tijd weer uit. Normaal blijven eten, veel water drinken. In beweging blijven en daarom op vaste tijden sporten. Verder probeer ik mijn dag zoveel mogelijk in te vullen met, voor mijn gevoel, nuttige bezigheden. 

Inmiddels zijn daar ook een aantal nutteloze bezigheden bijgekomen. Want nu is daar wel de tijd om dit soort dingen te doen. Maar, daar zal ik in een ander blog misschien nog verder over uitweiden. Nu in ieder geval  door met wat nuttige tijdsbesteding, shoppen.

Nu ze de winkel gesloten hebben wip ik gewoon even digitaal bij ze langs en flikker mijn mand vol met mijn favoriete spullen. Flesje van dit, smeersel van dat. Geurkaars hier en stokjes daar. Nog een shampoo en wat spray… De digitale kassiere kijkt mij al verrukt aan. Maar ik bedenk mij. Ik ben iets te enthousiast, dus klik mijn met zorg uitgezochte artikelen weer uit mijn mandje. Ik wik en weeg. De shampoo heb ik eigenlijk niet nodig maar is wel heel erg verdient!!!!

De volgende dag wordt mijn pakket al geleverd!! Halleluja, postbezorger I love you!! 

Nu ga ik mijzelf eerst eens lekker in het zweet werken in de “sportschool”, voor ik mij in mijn eigen spabubbel mag terugtrekken. Naast dat ik nu van mijn overload aan energie af kom, geeft dit ook nog eens de meeste voldoening.

Wanneer de douche op temperatuur is spring ik er onder. Douchegel, badolie en shampoo, ik gebruik het allemaal. De ellendige Corona-crisis glijdt als een deken van mij af. De geurende stoom blijft als een dichte mist in de badkamer hangen. De kou omsluit mijn lichaam zodra ik de deur op een kier zet. Het is heerlijk verfrissend en ik voel mij, voor even, weer als herboren…

 

The Summer Tag…

In mijn tijdlijn kwam ik “The Summer Tag” tegen van blogger Sater9’s World.  Een blog dat ik nog niet zo heel lang volg en ook nog eens bij toeval tegen kwam. Iets met op de verkeerde plek in mijn reader kijken en opeens allemaal leuke nieuwe blogs ontdekken. Van het een kwam het ander. Voor ik het wist had ik weer een compleet gevulde readerlijst met nieuwe bloggers. Maar goed, ik dwaal af. Ik las daar dus The Summer Tag. En met al dat smerige weer dat ik de laatste tijd over mij uitgestort heb gekregen hunker ik naar wat zonlicht. Naar warme en zwoele avonden. Met blote voeten in het gras en lome middagen op de boot. Om alvast in de stemming te komen besloot ik de tag ook in te vullen.

WAT IS JE FAVORIETE IJSJESSMAAK?
Met stip op 1: citroen. Overigens ben ik niet echt een ijs liefhebber. Maar als ik het eet dan citroen. Het heeft een frisse smaak en dat doet mij dan weer aan de zomer denken.

WELKE KLEDINGSTUKKEN ZIJN ’S ZOMERS ONMISBAAR?
Simpele en luchtige kleding. Een korte broek en een shirt volstaat. Niet te veel poespas. Oh en liefst de hele dag op blote voeten.

WAT IS JE FAVORIETE ZOMERSE DRANKJE?
Ik kan natuurlijk een of andere (vakantie)cocktail noemen. Shaken not stirred! Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik eigenlijk helemaal geen alcohol liefhebber ben. Dus houd ik het op de icetea Green. Fris en dorstlessend. En niet het gevoel hebben dat er een steen op mijn maag ligt. Hoewel simpel kraanwater hier ook in liters gedronken wordt.

WAT IS JE LIEVELINGSACTIVITEIT ’S ZOMERS?
Zolang het maar buiten is… Ik heb er daarom ook meerdere. Van een heerlijke rit te paard, naar skaten door de polder. Wandelen door het bos (doen we veel te weinig), naar het strand of varen. Maar waar je mij helemaal blij mee kunt maken is een wakeboardsessie achter de boot. Dat kost energie maar geeft tegelijkertijd ook heel veel energie. Omdat dit eigenlijk alleen maar in de zomer kan, kijk ik daar de hele winter reikhalzend naar uit.

Wakeboarden vanachter de boot

HOE ZIET JOUW TYPISCHE ZOMERSE MAKE-UPLOOK ERUIT?
Zeer naturel haha.

WAT IS JE FAVORIETE ZOMERSE LIEDJE?
Tellen de vogels die bij het ontwaken van de dag fluiten ook? Alles wat een beetje melodieus klinkt is prima. Spaanstalige liedjes geven mij wel echt een zomervakantie gevoel.

WELK ZOMERS GERECHT EET JE HET LIEFST?
Vooralsnog is dat pizza van onze eigen BBQ. Met ultieme rooksmaak! Dat dan weer wel. Iets wat bij de pizzeria niet te verkrijgen is. Maar een heerlijke maaltijdsalade met frietjes gaat er met warm weer ook prima in.

WAT IS VOOR JOU DE ULTIEME ZOMER DIY?
Euh….

WELKE GEUR DRAAG JE ’S ZOMERS?
Luchtige, bloemachtige en vooral niet al te zware luchtjes hebben mijn voorkeur. Overigens het hele jaar door.

WELKE PLANNEN HEB JE VOOR DE ZOMER?
In de planning staat in ieder geval een toffe vakantie met een aantal familieleden. Daar kijk ik echt heel erg naar uit. Daarnaast veel weg met de boot. Lekker wakeboarden. Fotograferen. En gezellige ritten te paard met de dames van stal.

 

Tussen de golven

Zo, wie neemt het stokje over?

Een verjaardagscadeau…

Vroeger, toen we (zus en ik) nog klein waren, vierden we onze verjaardag vaak heel uitbundig. Van wat ik mij kan herinneren werden vooral de kinderfeesten door moeders goed georganiseerd. We deden leuke en originele dingen. Toen bowlen, gourmetten en zwemfeestjes bijvoorbeeld nog bijzonder waren. Tot aan groep acht van de lagere school deed moeders haar best. Daarna was het aan ons zelf om iets voor vrienden te verzinnen of te organiseren. Naarmate we ouder werden gaven we enkel nog een verjaardagsfeest voor familie en naaste vrienden. Eenmaal op ons zelf werd er niet veel meer aan onze verjaardag gedaan. Of in ieder geval niet groots gevierd. 

Tot zus met de mededeling kwam het dit jaar wel te willen vieren. 35 worden is één van die mijlpalen. En om de banden met familieleden aan te halen een prima gelegenheid om wat mensen uit te nodigen. Wanneer de datum van het feest bekend is heb ik nog even de tijd om te bedenken wat ik haar zal geven. Ik wil haar iets origineels cadeau doen. Van moeders kregen we bij iedere 5 jaar dat we ouder waren geworden een sierraad. Maar of ik haar daar nu zo’n groot plezier mee zou doen betwijfelde ik. Ik laat nog wat ideeën de revue passeren als er een ander lumineus idee mijn hersenpan binnen schiet. 

Ooit, in een vorig leven, vierden wij met onze vader een vakantie in Limburg. Een week lang zaten we op een landgoed, met een heus kasteel compleet met toegangspoort en slotgracht. In mijn verbeelding allemaal heel groots en oneindig. Beide hebben we daar flarden van herinneringen aan. Hoe leuk zou het zijn om daar nog eens naar terug te gaan. Herinneringen ophalen en met zijn tweetjes een weekend de hort op te zijn. Dus besluit ik haar daar nog eens mee naar toe te nemen. 

Oké, het cadeau is geregeld. Nu moet ik nog iets verzinnen om het op een originele manier te overhandigen. Een cadeaubon is makkelijk maar toch minder leuk. Na een nachtje slapen begint mijn idee steeds meer vorm te krijgen. De uitvoering ervan is overigens een heel ander verhaal. Ik ben niet meer zo crea bea als vroeger. En moet flink met een stofdoek over mijn knutsel-skills om ze onder het stof vandaan te halen. Voor ik het weet loopt mijn idee uit op een ware knutselvierdaagse. 

Wanneer ik in Zoon zijn “oude” playmobile verzameling duik om te zien of ik de boel wat kan aankleden vind ik een ridder te paard. Hij krijgt de hoofdrol in dit verhaal. Samen met een foto van het kasteel. Wanneer ik toch bezig ben zoek ik direct ook wat omgevingsfoto’s om de boel leuk aan te kleden. Mijn decor begint steeds meer gestalte te krijgen. Ik ben zo los gegaan dat een simpele uitvoering van een plankje met ridder en daar achter een foto van het kasteel eigenlijk niet meer passend is.

Op de bewuste dag sta ik met de in elkaar geknutselde doos voor haar neus. Inmiddels voorzien van een echte toegangspoort. Met daarachter het verhaal van “vroeger” gegoten in een nieuw jasje. Het cadeau word gelukkig met veel plezier en de nodige hilariteit ontvangen. De voorpret die ik gehad heb aan het knutselwerk is hopelijk een voorbode aan de gezelligheid die we met elkaar zullen beleven. Nu alleen nog een datum prikken… 

 

Kasteel met ridder

 

 

-🏰-