Een nieuwe start…

Terwijl de meeste spullen nu wel overgezet zijn moeten ze nog wel een plekje krijgen. Een aantal collega’s staan in het voorraadhok, een andere naam heb ik er niet voor, dozen te verplaatsen en kasten in te richten. Zelf sta ik nu in ons nieuwe kantoor, dat tot voor kort een leslokaal is geweest. Er staan zes gloednieuwe zit/sta bureaus in. En nu onze vrachtwagen met spullen is uitgeladen is het ook voorzien van diverse kasten, beeldschermen, toetsenborden en alle andere relevante kantoorartikelen. Zelf sta ik met een doos vol planten in mijn handen. De vensterbanken zijn groot genoeg om ze allemaal een eigen plekje te geven. 

Het geheel krijgt steeds meer karakter. Sterker nog, aan het einde van de dag voelt het zo knus dat we vergeten dat het een werkplek is. Met enige trots, en pijn in onze rug van wat we bereikt hebben, verlaten we de locatie en is het tijd om weekend te vieren. 

De nieuwe week breekt aan en hoewel dit officieel mijn thuiswerkdag is, kan ik het niet laten om toch naar kantoor te gaan. In de vakantieperiode is er nu voldoende plek. Het is wat onwennig om de snelweg op te rijden, in plaats van linksaf te slaan naar mijn, tot voor kort, oude werkplek. Ik ben veel te vroeg, want geen idee hoe druk het op de weg zou zijn. Maar het viel mee. Gelukkig zit een van de dames al achter de receptie dus hoef ik niet te wachten. Ze starten nog vroeger dan ik doorgaans. Straks krijg ik een sleutel van het pand en uitleg over het alarm. Want wat voorheen niet hoefde, het pand hermetisch afsluiten, gaat nu een van onze dagelijkse taken worden. 

Het is de eerste week even schakelen. Wat vinden we waar precies? Hoe werkt de airco? Kunnen we zomaar gebruikmaken van alle faciliteiten? Zijn die koekjes bij de koffieautomaat ook voor ons? Ik ben net een scanner in overdrive: alles moet ik gezien, gevoeld, onderzocht en geprobeerd hebben voor ik tot rust kom. Ik wil op elke stoel gezeten hebben, mijn pauzes houd ik afwisselend in de kantine, buiten of weer terug op mijn werkplek. En het ergste? Ik probeer álle koekjes uit. Tja… de eerste week hakt er wel in en ik slaap beter dan ooit. 

Jammer genoeg is de buitentuin niet echt bijgehouden. Aangezien wij toch nog in een flow van ruimen en bezig zijn verkeren, besluiten we op de laatste werkdag van de eerste week onze pauze goed te benutten. Er wordt aardig wat onkruid gewied en hier en daar een struik gehalveerd. In 30 minuten tijd krijgt het Mordor-plantsoen zowaar een schonere en frisse uitstraling. Volgende week gaan we verder met de puntjes op de I en het schoonboenen van het meubilair. We hebben al een aantal sokkels gezien, nu alleen nog op zoek naar de bijbehorende parasols.

Er worden normaal gesproken cursussen en trainingen gegeven op deze locatie. Maar vanwege de zomer is het erg rustig. Op wat summerschool- en bijspijkertrainingen na is er niet veel volk op de been. Toch is het leuk om nu al meer reuring om ons heen te hebben dan op de oude locatie. Ik laat de deur van ons kantoor dan ook geregeld open, gewoon omdat het zo gezellig klinkt, al die geluiden op de gang en in de kantine. 

Als stilte opeens werkt…

Het enige dat hoorbaar is, is het getik van vingers op toetsenborden, het omslaan van papier of het keelgeschraap van iemand die moet hoesten. Verder is het stil. Zelfs de telefoon zwijgt in alle talen. De sfeer op de werkvloer is goed. Niet alleen goed, maar zelfs uitzonderlijk prettig. Terwijl we met zes man geconcentreerd aan het werk zijn, hangt er een serene stilte in de ruimte. En dat terwijl het alles behalve rustig is. We zitten namelijk midden in het afronden van een aantal projecten en er staat een groot project op het punt om te beginnen. Deadlines moeten gehaald worden en het normale werk gaat ook gewoon door. Wat het zo rustig maakt zijn de mensen om mij heen. Geen drukke gesprekken, geen afleidingen, alleen focus.  

Toch is het niet een afstandelijke of strikte sfeer. We nemen af en toe echt wel een korte pauze. We lachen samen om iets grappigs dat net gebeurde. Dan maakt iemand weer een scherpe opmerking of we delen een luchtige anekdote. Even ontspannen en opladen, om daarna weer zonder moeite terug te keren naar onze taken. Het voelt heel natuurlijk, alsof we een ritme hebben gevonden waarin werk en ontspanning elkaar moeiteloos afwisselen. Dat is in het verleden echt wel eens anders geweest. Waarbij de stress of chaos van één persoon over heel de afdeling kon gaan. Soms was dat dan moeilijk om dat tot een halt te roepen.

Maar zo’n dag als vandaag geeft voldoening. Dit is precies hoe werken moet voelen. In deze flow lijkt alles eenvoudiger te gaan. De taken worden afgerond zonder een gevoel van druk. Niet omdat het werk minder is, maar omdat de samenwerking en sfeer het proces soepeler maken. Iedereen is hier met de juiste energie aan het werk, zonder ruis, zonder chaos. En ik vind het bijzonder dat dit nooit echt eerder zo gelukt is. 

Het is een een manier van werken die ons laat zien hoe efficiënt en aangenaam werken in een flow kan zijn. Hoewel de baas daar ongetwijfeld anders over denkt, is dit besef misschien wel het meest waardevolle van alles. 

Denk nu niet dat we iedere dag in deze meditatieve staat van zen verkeren. Dat is godsonmogelijk. Laten we eerlijk zijn, we zijn allemaal maar mens. Soms grijpen we massaal naar de koffie, want wakker blijven valt buiten de flow. Of ontstaat er plots lichte paniek omdat iemand denkt een belangrijk bestand te hebben verwijderd (spoiler: het stond gewoon nog in de prullenbak). Anderen typen dan weer zó hard dat je je afvraagt of het toetsenbord iets misdaan heeft. Oh en wanneer er taart op de afdeling is, dan is het uiteraard ook gedaan met de flow. Jeetje, straks gaan we nog denken dat werk altijd zo soepel hoort te gaan!

Van hoop naar hoopjes stress…

Hier lezen jullie deel één, “Bruce (not) Almighty.”

Twee weken later mag ik Bruce eindelijk ophalen. De opluchting is groot. Volgens de monteur was het de gasklep. Geen idee wat zo’n ding precies doet, maar blijkbaar is het essentieel genoeg om je hele auto lam te leggen als het niet werkt. Gelukkig is ‘ie vervangen en nadat ook de cardioloog, eh, ik bedoel de chef-monteur, een blik op Bruce heeft geworpen, mag hij weer naar huis. Uit de garage ontslagen, min of meer met ontslagpapieren in de hand en een vriendelijke “hou hem maar even in de gaten,” keren we huiswaarts.

Dat doe ik natuurlijk. Braaf. Liefdevol. Met zachte woorden en een extra rondje premium benzine. Maar na drie dagen gaat het weer mis. Echt he. Drie. Hele. Dagen. Alle alarmbellen en sfeerverlichtingen sieren opnieuw mijn dashboard. Alsof iemand een lichtshow heeft geprogrammeerd in plaats van een nieuwe gasklep. Alle meldingen komen eveneens in willekeurige volgorde voorbij. De rem schiet er vanzelf op, en harder dan 40 km per uur lukt niet meer. Inmiddels weet ik dat de auto dit doet ter voorkoming van erger. Het systeem beschermd zichzelf als het ware en voorkomt zo een nog grotere schade en daarmee hopelijk ook de schade in mijn portemonnee. Maar mijn erger-nis groeit met de seconden. 

Dus hup, rechtsomkeert en weer terug naar de garage. Daar kreeg ik het zelfde riedeltje te horen. Het zou zomaar eens wat langer kunnen duren want monteurs te kort, de vakantie periode staat voor de deur enzovoort. Maar ja, verder rijden is ook geen optie. Inmiddels zijn we een kleine drie weken verder en sta ik mij echt af te vragen of ze mijn auto niet doorverkocht hebben naar het buitenland. Voorzichtig waag ik er een belletje aan. Ik wil de druk vooral niet opvoeren, maar een systeem uitlezen zodat we weten wat de diagnose dit keer is, zou toch wel kunnen? 

Het goede nieuws is dat Bruce er gelukkig nog steeds staat. De diagnose dit keer? Spanningsproblemen. Serieus? Spanningsproblemen. Ik wil bijna vragen of hij ook last heeft van prestatiedruk, of zich soms niet goed genoeg voelt. Burn-out symptomen? Zeg het maar. De wachttijden bij de GGZ zijn eindeloos, dus de keus om hem bij de garage te laten staan lijkt een snellere oplossing. Nou ja, snel?! Ik wil de beste man niet van zijn werk houden, dank hem vriendelijk en duim dat ze nu toch wel snel vinden wat er er werkelijk loos is  

Inmiddels zijn we vier weken verder. Vier. Hele. Weken. Ik begon al bijna te wennen aan mijn autoloze bestaan. Maar zostraks kwam het verlossende belletje. Er is groen licht gegeven en ik mag hem komen halen. 

De monteur kijkt me aan met een blik van: “We hebben echt ons best gedaan, maar dit was wel een projectje.” Na veel onderzoeken, doormetingen en mysterieuze blikken onder de motorkap blijkt dat hij last had van spanningswisselingen in z’n elektronische systeem. Geen wonder dat ‘ie af en toe gewoon uitviel. Waar zijn de auto’s gebleven die gewoon gemaakt kunnen worden wanneer er iets stuk is? Hier was een half IT-team voor nodig om Bruce uit te meten en door de lichten. 

Inmiddels rijd ‘ie weer als een zonnetje en duim ik voor spanningsloze ritjes. Voor de garage, voor Bruce maar nog het meest voor mezelf.

Bruce (not) Almighty…

Het gebeurt op het moment dat ik van invoegstrook wissel. Er gaat een schril gepiep af en een complete kermisshow aan lampjes sieren mijn dashboard. Het vermogen van “Bruce” neemt af en ik kan niet anders dan naar de vluchtstrook sturen in de hoop dat ik dat ga redden. Ik moet er niet aan denken om midden op de A16 stil te komen staan. “Kom op, je kunt het!!!” moedig ik hem aan. Echt he, pech hebben komt nooit gelegen. Maar vandaag is wel heel ongelukkig gekozen, ik bedoel, als dit zou gebeuren wanneer ik naar mijn werk toe moet dan kan ik nog wel op de fiets. Maar naar Zoetermeer is toch best een eind.

In mijn display verschijnt eerst 1 foutmelding met de mededeling dat ik de handleiding moet controleren. Gevolgd door melding 2,3,4 en 5. Inmiddels brandt het motorlampje ook. Direct daarna komt de melding: “laat dat boekje maar zitten, raadpleeg liever een monteur”. Die heb ik niet naast mij zitten. Ik schuifel, met gevaar voor eigen leven, m’n auto uit en klim over de vangrail. Op dat moment zie ik rechts van mij dat de rijbaan al wordt afgekruist. Gaat er automatisch een sensor af als je over de vangrail stapt of zo? Dan zie ik links van mij een grote gele ANWB-auto aankomen, compleet met zwaailicht! Dat is wel erg snel. Ik heb mijn telefoon nog niet eens gepakt om ze te bellen. 

Hij stopt netjes voor mijn auto en schuift de oprijplaat al uit. Ik denk dat hij mij verwart voor iemand anders en ik probeer hem dat duidelijk te maken. De beste man wil hier niks van weten. “Mijn auto in” roept ie vanaf de andere kant. “Je weet toch wel dat je hier niet mag staan?!” Ik kijk hem even verbouwereerd aan. “Oh echt!? roep ik wat sarcastisch terug. Ik heb deze plek ook niet gekozen. Dat heeft mijn auto gedaan! Maar ik houd mijn mond. De man heeft helemaal gelijk. Ik moet daar weg. Ik kruip de vrachtwagen in en ondertussen rijdt hij Bruce op de “ambulance”. Terwijl mij altijd is gezegd niet bij een wildvreemde in de auto te stappen, voelt het met al die vrachtwagens die langs razen nu toch wel veilig. 

“Zo”, zegt de ANWB-mijnheer, als hij ook is ingestapt, “je hebt geluk dat ik je zag staan, want ik ben eigenlijk onderweg naar een andere melding.” Lucky me. Gelukkig ben ik lid van de ANWB. Dus zonder problemen crossen we naar de eerste de beste autodealer om Bruce aan hun zorgen over te laten. Dankzij zijn snelle optreden heb ik niet langer dan vijf minuten met pech langs de weg gestaan. Hulde voor deze werknemer!! 

Bij de dealer wordt ik niet echt met open armen ontvangen. Bruce z’n motor sputtert en pruttelt nog meer wanneer ie van de rijplaat wordt gereden. Aan de balie probeer ik mijn spontaanste blik met een vleugje vriendelijk-smeken, in de hoop dat ze mij niet alsnog wegsturen. Nadat mijn gegevens genoteerd zijn krijg ik te horen dat de wachttijd wel zes weken kan zijn. Zooo, zegt dat iets over het merk of zo?! Ik kan mij nog net inhouden voor het er acht worden. 

Ik hoop dat ze snel een diagnose voor ‘Bruce’ (en mij) hebben en dat het meevalt. Duimen jullie mee?

Boven Rotterdam en onder de zon…

Sinds vorig jaar ondernemen we met een aantal familieleden geregeld iets leuks. Zo hadden we eerder al een Indische high tea, bezochten we het theater of gingen we naar de dierentuin. Het was alweer even geleden dat we iets ondernomen hadden. De laatste twee keer was dit met de verjaardag van zowel mijn zus als tante, beiden in januari. Bij de één een gezellige lunch en bij de ander een avond dansen. Het was zus die met een nieuw idee kwam. 

“Dit is leuk, dineren op hoogte. Wie heeft er zin?” appt ze ergens in maart. We kunnen kiezen uit een lunch, high tea of een gourmetavond.” Ik heb geen flauw idee wat of waar dit is. Want het eerste dat zus erbij zet is dat het wel in Rotterdam is maar niet in de Euromast. Blijkbaar is er in Rotterdam een heus attractiepark. De opening zou al in 2014 zijn maar dat wordt steeds uitgesteld. Het staat er nogal verlaten bij. Het UFO restaurant dat erbij hoort doet het daarentegen wel goed. Het is een restaurant dat 42 meter de lucht in gaat en daarna 360 graden draait. Bij daglicht heb je een prachtig zicht over Rotterdam. 

Iedereen ziet het wel zitten en al snel gaat er een datumprikker rond. Uiteindelijk wordt het een zondag in april. We hebben gekozen voor de lunch. De gourmet leek ons iets te zwaar op de maag en een High tea hebben we nu al een aantal keer gedaan. 

Het restaurant is bij aankomst niet direct zichtbaar. Als we om de parkeerplaats heen lopen en binnen stappen in wat lijkt op een cafe, worden we via de andere kant naar een platvorm gebracht. Het lijkt nog het meest op een kermisattractie of de pagode uit de Efteling. Het bordje “Aliens only” met een pijl wijst ons verder de weg. We stappen het restaurant binnen dat inderdaad helemaal rondloopt. We worden naar een tafel gebracht die al helemaal voor ons gedekt is. 

We krijgen uitleg van de bediening die ook direct de grillpan aansteekt. We mogen straks zelf onze  eieren, spek, rosti en pannenkoekjes bakken. Ondertussen genieten we van de versgeperste jus d’orange en koffie. De lunch is all in. We mogen bestellen wat we willen en wanneer iets op is wordt het direct aangevuld. Een deel van de broodjes is al belegd met wat luxer beleg. De overige broodjes mogen we zelf besmeren.

Stipt 13.00 uur gaan we de lucht in en na 5 minuten zijn we boven. De zon schijnt en het uitzicht is werkelijk prachtig. De bediening houd onze glazen goed in de gaten en we komen geen moment zonder drinken te zitten. Ook als het beleg op is wordt dit direct bijgevuld. In 1.5 uur doen we ons te goed aan al het lekkers dat op tafel staat. Tijdens het eten genieten we van het uitzicht. Bij ieder raam dat we passeren staat netjes vermeld waar we naar kijken en wat er te zien is. We praten over van alles en nog wat en lachen heel wat af. 

Rond 14.30 uur staan we weer veilig aan de grond. Terwijl de bediening begint met opruimen mogen wij nog even genieten van onze laatste bak thee. Volledig voldaan en senang keren we huiswaarts. Dat heeft zus prima geregeld. Een aanrader als je eens een leuk en origineel uitje wilt.

Goede voornemens…

Zo, nu de festiviteiten van de decembermaand achter de rug zijn kan het “gewone” leven weer beginnen. Hoewel, wat is gewoon tegenwoordig nog!? In ieder geval ga ik weer over op de orde van de dag. Wat gelijk staat aan een beetje regelmaat, orde en het normale huishoudelijke werk. Maar voor ik dat doe blik ik nog wel even terug naar onze oudejaarsavond en de overgang naar het nieuwe jaar. We waren uitgenodigd bij mijn nichtje en neef thuis, waar we een avond met familieleden en vrienden hebben doorgebracht. Er stond een tafel met heel veel lekkers en (ook gezonde) hapjes. Er was geheel in style van mijn nichtje, een pubquiz georganiseerd en verder was het vooral een gezellig samenzijn waarbij we met elkaar de laatste uren van het jaar hebben doorgebracht. Daarna was er champagne, zelfgemaakte oliebollen, vuurwerk en de start van een gloed nieuw jaar. 

Niet al te laat doken we ons bed in. De eerste (werk)momenten van het jaar hebben zich weer aangeboden en zoals ik al aangaf vind ik het erg fijn om over te stappen naar orde en regelmaat. Daarnaast keek ik alweer een paar dagen uit om mij bezig te houden met goede gewoontes, bewegen, bloggen en terug naar de dagelijkse realiteit van het poetsen en schoonmaken van het huis. Hoewel dat laatste niet zozeer op mijn yippie-ayee lijst staat maar toch wel gedaan moet worden. Het begon met het opruimen van de kerstspullen en daarna toch echt wat van de huishoudelijke taken. De vuile was draait zich immers niet vanzelf… 

En dus sta ik nu boven verschillende kledingstukken van zoonlief, die ik wonderbaarlijk al een paar dagen niet in persoon gezien heb. De stapel vuile was heeft ie wel mooi laten groeien… In deze berg, die voornamelijk uit zwart en wit bestaat, kom ik zijn werk- en sportshirts tegen. Hij is al zeker twee weken vrij. De vraag wanner ie die dan aan heeft gehad blijft nog even onbeantwoord. Ik hamer er op dat alles uit jas-en broekzakken gehaald moet worden. Dat blijft toch een lastig dingetje. Uit ervaring weet ik dat het beter is om alle zakken dan zelf nogmaals te controleren. Ik ben zuinig op mijn hardwerkende machine. Heb hem, zeker met zoonlief in huis, immers vaak genoeg nodig. 

Het is direct bij de eerste hoodie al raak. Ik haal een pasje uit een van zijn zakken. Geen idee waarvan. Uit een broekzak haal ik losgeld en een muntje van een bar. Uit zijn werkbroek haal ik diverse schroefjes, een boordje, een magneetje en een fineliner. Wat doet dat in vredesnaam allemaal in je broekzak? Deze zouden, als het aan hem zou liggen, allemaal meegewassen worden. 

Ik verzamel sinds enige tijd alles wat ik uit zijn kledingstukken haal. De verzameling “gevonden voorwerpen” wordt alsmaar groter. Ook de spaarpot die ik voor de grap op zijn kamer heb gezet vult zich wekelijks met kleingeld. Wat op zich dan wel weer handig is, maar niet helemaal bedoeld. De regel: ligt het niet in de wasmand, dan wordt het niet gewassen, gaan we dit jaar maar uitbreiden. Ik weet niet of zoonlief al goede voornemens had. Bij deze heb ik er één voor hem verzonnen.

Dat ging mooi even anders…

Oh ik keek er een paar weken geleden stiekem al een beetje naar uit. 1.5 week vrij en alle dagen helemaal voor mijzelf. Zoonlief is de week voor kerst met vriendin op vakantie bij zijn opa en oma op Gran Canaria. En de kerst? Die zou ik dit jaar overslaan. Nou, dat ging toch mooi even anders dan gepland. Aangezien vriendin een vakantie met haar ouders had overgeslagen om met zoonlief de feestdagen te vieren. Maar zoonlief had totaal geen zin in kerstgedachtes en wilde het liefst niks doen. Wat ik dus weer niet vond kunnen als je vriendinnetje haar vakantie opgeeft om bij jou te zijn. En toen bedacht ik mij dat er nog een aantal mensen alleen waren met deze dagen.

Dus zo kwam het dat we eerst niks deden en uiteindelijk toch met zes man om de tafel zaten. Zowel zoonlief’s oma als dochter’s oma schoven namelijk ook aan. Over de maaltijd zelf hoefden we niet heel lang na te denken. Een paar weken eerder hadden we ons laten inspireren tijdens een etentje waar we heerlijke tapa’s voorgeschoteld kregen. En wie is er nu niet dol op tapa’s? Op deze wijze is er voor ieder wat wils. 

De weken voor kerst stonden voor ons in het teken van het uitproberen van diverse gerechtjes. “Tiktok” gaf zoveel leuke voorzetjes voor zowel vis, vlees als groente dat we besloten om er eerst eens een aantal te testen. De hapjes die door de test heen kwamen besloten we allemaal op de kaart te zetten. Maar dat betekende wel wat voorwerk op de dag zelf. 

Rond 11 uur togen we de keuken in waarbij we een verdeling hadden gemaakt in bepaalde hapjes. Vriendlief zou de BBQ en kaasgerechten voor zijn rekening nemen terwijl ik mij met de groentes en het fruit bezig zou houden. Een aantal gerechten konden we pas vlak voor opdienen in elkaar zetten maar al met al was het grote voorbereidende werk zo goed als klaar voor de gasten arriveerden. 

De avond zelf was een succes. De kids, de oma’s maar ook wijzelf hebben heerlijk gegeten. Er stond voor ieder wat wils op tafel. We hebben smakelijk gelachen en met elkaar oprecht een fijne avond gehad. Tweede kerstdag besloten we het met alle leftsovers dunnetjes over te doen. Want zoals altijd hadden we veel te veel ingekocht. Ondanks dat we kerst niet echt wilde vieren hebben we uiteindelijk twee gezellige dagen gehad.

Het heeft tevens de toon gezet voor 2025. We gaan nog even verder spitten op “tiktok” maar een vervolg gaan dit soort avondjes zeker krijgen. Een Oostenrijks, Spaans of Indisch tintje… Ik denk dat er voldoende familieleden zijn die willen komen proeven.  

En met deze laatste alinea sluit ik mijn blogjaar 2024 af. Ik wil jullie bedanken voor alle keren dat jullie langskwamen, meelazen en hier en daar een reactie achterlieten. Super leuk en vooral ook erg motiverend om er gewoon nog een jaar aan vast te plakken. Mijn 14e op WordPress alweer. 

Ik wens jullie allemaal een knallend uiteinde van 2024 en een sprankelend begin van 2025. Dat het een mooi, gezond, ondernemend, leerzaam, fotografisch en sportief jaar mag worden.   

Wat zou je doen als …

“… je de keus krijgt je huis te verbouwen of totaal iets anders te kopen?”

Dat is een vraag waar ik uren over kan fantaseren. Nou oké, dat is misschien wat overdreven. Maar ik kan er wel een hele tijd zoet mee zijn. Aan ons huis mankeert niks. Toch zijn er zoveel, vooral kleine, dingen die we tussen de bedrijven door (hebben) laten aanpassen. De kamers zou ik hier en daar ook wel van een metamorfose willen voorzien. Anders inrichten met nieuwe meubels en kleuren. Sommige grotere projecten zijn al opgepakt en toch laten we ook het een en ander aan ons voorbij gaan. “Voor een volgende keer” of “voor ooit!” 

Maar wat als geld nu ook geen rol speelt? Dan zou ik niet hoeven twijfelen. Ik zou ons huis aan zoonlief verkopen zodat hij, zoals ie dat zelf zegt, eindelijk iets voor zichzelf heeft. Zelf zouden we dan iets nieuws kopen. Nee, niet kopen, ik zou het zelf creëren. Het lijkt mij heerlijk om een vrijstaand huisje te hebben, aan de rand van het bos. Geen directe mensen om je heen. Niet te dicht bij de grote stad, snelwegen of het spoor. Rust en ruimte. Ik wil de natuur horen “adem halen”. Meegaan in die flow in plaats van de drukte en hectiek. Een plek waar je jezelf terug kunt trekken, op adem kunt komen, bij kunt tanken. Uiteraard wel van alle gemakken voorzien.

Ons eigen stukje paradijs op aarde. Het huis hoeft echt niet mega groot te zijn. Het moet comfortabel zijn en we moeten ons er thuis voelen. Naast de “gewone ruimtes” zoals keuken, badkamer, woon- en slaapkamer, zou ik er ook een spa maken. Waarschijnlijk een aparte ruimte in de tuin met een Finse sauna, een dompelbad of buitendouche. Daarop aansluitend een aparte ruimte voor de “sportschool” met een schuifwand of deuren die helemaal open kunnen zodat je buiten binnen haalt. Ooh hoe mooi, ik zie het al helemaal voor me. 

En omdat ik nu wat verder weg van kantoor woon zou ik waarschijnlijk vaker thuis werken. Dat is echt niet erg want mijn kantoor is geen hoekje in de “sportschool”, zoals nu. Maar een mooie eigen ruimte, waarbij het fijne gefilterde licht door de bomen naar binnen kan stromen. En ook hier kunnen de deuren weer helemaal open. Zodat bij mooi weer ik het gevoel zou hebben in de tuin te werken. Bij de tijd dat dit huis af is ben ik misschien wel voor mijzelf begonnen voor het één of ander. Hoe mooi is het dan, dat je mensen kunt ontvangen met een bos als “werkruimte”? 

De rest van de tuin is, net als het huis een weerspiegeling van rust en ruimte. Een heerlijke plek om te zitten, vrienden en familie uit te nodigen of heerlijk te chillen in de hangmat in de zon. Er is een kleine buitenkeuken waar we de groentes vanuit onze moestuin kunnen verwerken voor op de BBQ. En een plek voor een eigen fotohutje met een mooie setting voor het fotograferen van vogels, eekhoorns en vossen.

Ik vind het heerlijk om zo af en toe te fantaseren over hoe het zou kunnen zijn… Maar voor nu weer even terug naar real-life, met onze kleine projecten thuis. Het dak van de aanbouw wordt binnenkort vervangen en dan kan ik eindelijk mijn eigen sedum dakje gaan aanleggen. 

De blaadjes zijn altijd groener…

“Euh, wat sta jij te doen?” Vraagt zoonlief terwijl hij de kamer binnen komt. De vraag bevreemd mij. Het mag inmiddels algemeen bekend zijn dat ik mij bezig houd met zaken die door andere doorgaans als raar of vreemd worden beschouwd. Maar van hem had ik deze vraag niet verwacht. Onverstoord ga ik door met waar ik mee bezig ben. “Wat denk je dat ik aan het doen ben?” “Euh, de plant aaien?” Is zijn vertraagde reactie. Ik draai mij om en laat zien wat ik in mijn handen heb. “Ooh!” is zijn antwoord. Daarmee is nog steeds zijn vraag niet beantwoord. Want zoonlief heeft geen idee wat een stofdoek is. “Nou, veel plezier dan verder…” zegt hij er achteraan. Hij grist zijn jas van de kapstok en gaat naar de sportschool. 

Lang geleden zag ik een programma waarbij twee dames de meest smerigste woningen onder handen namen. Als laatste kregen de planten een poetsbeurt. De blaadjes van de planten werden stuk voor stuk onder handen genomen met een snoetenpoetser. Zo’n doekje voor peuters om neus en toet mee af te doen. Stevig en niet giftig. Ik heb dat onthouden en ééns in de zoveel tijd doe ik dat nu dus ook. 

Het geeft super veel voldoening om het laagje stof, het meeste geproduceerd door Groene Draak, van ieder blaadje te vegen. Ieder blad wordt weer diep groen en ziet er een stuk gezonder uit. Daarnaast denk ik even terug aan mijn biologie les. Daar heb ik geleerd dat planten hun energie uit zonlicht halen. Met die energie zetten ze CO2 om in zuurstof en glucose. Dit laatste is weer nodig om de plant te laten groeien als ik het goed heb. Ook wel fotosynthese genoemd. Wanneer de blaadjes stoffig zijn kunnen ze minder goed zonlicht opnemen en daardoor uiteindelijk minder goed groeien. Dat is wat ik er van gemaakt heb. 

Hoewel het van binnen borrelt en bruist, want ik heb zoveel dingen die ik graag nog op of aan wil pakken, kies ik er voor om nu even pas op de plaats te maken. Het is al maanden aan een stuk door heel druk op mijn werk en ook thuis dender ik geregeld door. Maar voor nu is het huis al aan kant. Mijn blog is bij. En ik heb mij gisteren al uitgeleefd in de sportschool.

Dus nu even heel bewust helemaal niks. Zelfs de voetbalfotografie (sorry boys) houd ik on hold want dat is geregeld ook vaak een dag “werken”. Ik gun mijn hoofd wat rust. Geen gedachten die alle kanten op stuiteren en een lichaam dat er half achteraan dendert. Hoewel… Dat laatste zou, in het kader van iets minder Boor, misschien nog niet eens zo’n gek idee zijn. Maar tja, gisteren dus al goed bezig geweest met sporten, wat betekend de volgende dag iets rustiger aan. Op deze leeftijd (haha) loop je zomaar een blessure op. En aangezien we nu juist zo lekker bezig zijn…

Ik bekijk mijn plant nauwkeurig. De ene helft is fris en sprankelend groen. Heerlijk. De snoetenpoetser is vies en rafelig. Ik pak een nieuwe en slaak een diepe zucht. Dit werk is bijna meditatief te noemen. Even “pas op de plaats maken” is zo gek nog niet…

Q1…

Een terugblik op het eerste kwartaal levert mij een mengeling aan emoties. Ik heb de afgelopen maanden een aantal flinke dieptepunten bereikt. Daartegenover staan de hoogte punten. Want die waren er ook. Ze verzachten de tranen en brengen hoop en energie. Zo namen Poownie en ik op de tweede dag van dit jaar na 28 jaar afscheid van elkaar. Heftig. Intens. Om daarna met liefde terug te kijken op zijn leven en onze tijd samen. Wat een mooi dier was het. Af en toe verschijnt hij in mijn dromen. Ik geloof graag dat hij mij laat zien dat het goed met hem gaat. 

Het etentje dat gepland stond met stalgenoten later die maand heb ik afgezegd. Ik kon het niet aan de dames onder ogen te komen. Het zou geheid over Poownie gaan. Ik trok het niet. Daarom genoot ik des te meer van de etentjes met familieleden. Te beginnen met de High-tea die we gaven op de verjaardag van mijn zusje. Een uitgebreide lunch met mijn schoonmoeder. De verjaardag van mijn tante en de week daarop een etentje van mijn oom om eveneens zijn verjaardag te vieren. Toasten op het leven omdat dit niet zomaar is gegeven. Een cliché en oh zo waar!! Want ook namen we begin van dit jaar afscheid van weer een familielid. 

De wintersportvakantie bracht lucht. Er echt even helemaal uit zijn zorgde er voor dat ik los kwam van de emoties en het gevoel aan huis gekluisterd te zijn. Wat hebben we weer gelachen en een lol gehad. Ondanks de slechte sneeuwcondities heb ik zelfs heerlijk geboard. En bij terugkomst in Nederland kreeg ik de vraag of het mij leuk zou lijken om een van de pony’s op stal te gaan verzorgen. Daar hoefde ik geen twee keer over na te denken. Uiteraard ga ik daar binnenkort uitgebreid over vertellen. Want deze dame verdiend het om officieel aan jullie voorgesteld te worden. 

Tussendoor fotografeerde ik een aantal voetbalwedstrijden in mijn eigen dorp. Nog niet eerder zat ik bij deze club langs de lijn. De spelers vonden de foto’s tof genoeg om mij nog een keer te vragen. Hoe leuk is het, als je andere mensen blij kunt maken met je eigen hobby?? Helaas voor de boys waren mijn weekenden gevuld met familiebezoekjes waardoor ik niet alle wedstrijden kon. 

Ik had een toffe dag op mijn werk. Waarbij we met een aantal collega’s waren uitgenodigd bij van der Valk om te brainstormen en overleg te voeren voor het jaarplan 24/25. Omdat we met een diversiteit aan mensen bij elkaar zaten bracht dit allemaal andere invalshoeken. Daar zijn weer mooie ideeën uit naar voren gekomen waar we in het nieuwe jaar mee verder kunnen. Het was een leuke en leerzame dag en ik hoop volgend jaar weer van de partij te zijn.  

In de laatste weken van maart werd dan eindelijk de schade aangericht door de lekkage uit de badkamer verholpen en de hal werd voorzien van een lik verf. Het ziet er weer keurig fris en schoon uit. In diezelfde week had ik met familie een Indische High tea en stond voor het eerst dit jaar onze BBQ aan. 

Het eerste kwartaal zit er bijna op. Nu genieten van de paasdagen en daarna luiden we het tweede kwartaal in met, hoe kan het ook anders, een etentje. 

Fijne paasdagen allemaal …