9 jaar geleden…

Deze week is het 9 jaar geleden dat mijn moeder overleed. Hoewel ik er niet meer met zoveel pijn en verdriet aan terugdenk, ben ik er wel altijd in deze periode net iets meer mee bezig dan anders. Sommige momenten uit die periode staan in mijn geheugen gebrand en ik kan ieder stukje oproepen. In het begin kwamen deze momenten, die bestaan uit gevoelens, geuren, kleuren, geluiden of een bepaalde vorm van energie, te pas en te onpas naar bovendrijven. Ze konden letterlijk een stempel drukken op het huidige moment. Wat soms heel vervelend was. Een fijn moment kon hierdoor ineens overschaduwd worden door een bepaalde geur die ik rook of een geluid dat ik hoorde. 

In de loop van de tijd gebeurde dit gelukkig steeds minder. Het is waar als mensen zeggen dat de scherpe randjes er vanaf gaan. Het verdriet en het gemis heeft zijn eigen plek gekregen. Iets waar ik vooral de eerste twee jaar heel erg mee heb geworsteld. Want wat is nu dat “plekje” waar ik mijn verdriet kon achterlaten?? Niemand die het mij kon vertellen. Na de eerste paar jaar sluimerde het gevoel nog op de achtergrond en inmiddels is het netjes opgeborgen in een van de lades van mijn geheugen. 

Bepaalde gevoelens en emoties kan ik daar zo uit oproepen. Dat is wat ik bedoel met in mijn geheugen gebrand staan. Het daadwerkelijk doorleven, het emotioneel doorstaan, dat is er niet meer. Het is alsof ik van buiten mijzelf meekijk naar hoe het ooit was. Hoe het ooit voelde. Misschien gebeurd dit altijd wel wanneer je iets heftigs mee maakt dat zo’n grote indruk op je heeft gemaakt maar je het dus uiteindelijk wel een plek hebt kunnen geven. 

Inmiddels is het dus alweer negen jaar geleden dat we elkaar voor het laatst gezien en gesproken hebben. In die tussentijd is er zo vreselijk veel gebeurd. Ik vraag mij wel eens af of ze van boven mee kijkt. Of ze dan hoofdschuddend denkt: “My god! Heb ik je zo opgevoed??” Want er zijn wel wat momenten waarbij ik mij dat kan voorstellen… Zou ze ook trots zijn op de dingen die ik tot nu toe bereikt hebt?! Dat ze op haar wolk zit en pa (die daar inmiddels ook al 9 jaar zit) met haar elleboog tussen zijn ribben stoot en dan zegt: “He, kijk nu eens wat ze geflikt heeft. Heeft ze goed voor elkaar zo!!” 

Dromen over mijn beide ouders doe ik nog steeds. In tegenstelling tot andere dromen zijn deze heel levendig. Kleuren, geuren en gevoelen zijn zo echt dat de energie zelfs bij het ontwaken nog aanwezig is. Het lijkt hierdoor vaak of ik niet gedroomd heb maar gewoon even in een andere wereld geweest ben om vervolgens in mijn eigen bed wakker te worden. 

In het begin vond ik dat heel moeilijk. Het voelde alsof ik weer afscheid had genomen. Inmiddels ben ik er redelijk aan gewend geraakt. In mijn dromen zijn mijn ouders nog steeds mijn ouders. Mijn vader is altijd de rustige en mijn moeder is over het algemeen wat meer aanwezig. Gevoelsmatig is er wel iets veranderd, alsof er meer afstand is ontstaan. Misschien is dat juist wel goed. Toch vind ik het fijn om zo af en toe “contact” met ze te hebben. Want missen doe ik ze nog steeds…

 

-❤️-

Vroege vogels, hoe het begon…

Tot een paar jaar terug was iedere tuinvogel een soort mus voor mij. Ze leken allemaal op elkaar. Lekker makkelijk. Het roodborstje, de duif en merel herkende ik wel vanaf een afstand. Maar het verschil tussen een pimpel- en koolmees? De grote en kleine bonte specht? Wait, what? Heb je die ook in het zwart en groen?!? Om nog maar niet te spreken over de verschillende soorten vinken en lijsters.

Ik leerde heel wat bij toen mijn hobby voor vogelfotografie opeens tot leven kwam. Vogels hebben altijd een grote aantrekkingskracht gehad. Vooral die in het wild. Vogels zijn fragiel met hun holle botjes, maar oersterk tegelijk. Dat ze kunnen vliegen, blijft een bijzonder iets. Dat maakt het ook direct een stuk lastiger om vogels van heel dichtbij te benaderen. Een vogel op de foto zetten is niet moeilijk. Maar een beeldvullend portret is toch een ander verhaal. Toen het fotograferen vanuit een schuilhut op mijn pad kwam, bedacht ik mij geen moment.

Nooit eerder had ik gebruik gemaakt van een hut om dieren op de foto te zetten. Ik vergaarde kennis en bekeek welke vogels er bij de diverse hutten foerageren en wat ik dus kon verwachten. Hoewel de vrouwelijke fotografen in opmars zijn, zijn het vooral de heren die dit soort hutten bouwen. Waarvoor dank! Ik reserveerde zo’n hut voor een hele dag. In alle vroegte, met de laatste resten van de nacht nog in de lucht, toog ik naar de hut. Nog voor het krieken van de dag zat ik er helemaal klaar voor. Mijn camera voor mij uitgestald en mijn ontbijt naast mij.

Het gekwetter en gefluit van de vogels was vanuit de hut goed te horen. Dat betekende alvast veel goeds. Of ze voor mij zouden willen poseren, was een tweede. Voorzichtig maakte ik het luik open. Het decor voor mij werd beschenen door het allereerste licht van die dag. Zachte tinten roze, oranje en blauw. Even wist ik niet waar ik moest kijken. Vogeltjes vlogen af en aan. Op iedere tak zat wel een andere soort.

Te drukke bewegingen van mij zouden de hele boel doen opvliegen, en dan was het maar de vraag of ze nog terug zouden komen. Met ingehouden enthousiasme begon ik mijn camera af te stellen en schoot mijn allereerste vogelplaten. Het was zó druk dat ik lange tijd niet eens meer aan mijn ontbijt dacht. Toen de vogels hun maaltijd en baddermomenten achter de rug hadden (zij wel!), werd het wat rustiger.

Mijn enthousiasme bij het terug zien van de foto’s werd nog groter. Dankzij de poster die in de hut hing kwam ik er al snel achter welke vele soorten (kleine) vogels er zijn. En wauw, wat een kleurenpracht!! Dat is bij ons in de polder, vanaf een afstandje niet te zien.

IJsvogel met vis in bek.De eerste paar uur vlogen letterlijk voorbij. Ik keek mijn ogen uit en schoot de ene na de andere plaat. Als klap op de vuurpijl werd ik beloond door het bezoek van een ijsvogel. Die ik tot dan toe nog nooit eerder in het echt had gezien.

Even afgesloten van de wereld, helemaal midden in de natuur, zittend in mijn eigen bubbel; het was een weldaad. Het leverde mij niet alleen hele mooie platen op, maar gaf me ook een berg energie, waar ik weken op heb kunnen teren. Ik leerde vanaf dat moment de vele verschillen tussen de vogels herkennen. Dit was voor mij weliswaar de eerste keer, maar zéker niet de laatste…

Diverse bos en tuinvogels

Dit blog verscheen eerder op: Hoe vrouwen denken.

Sympathy for the devil…

Vanaf je geboorte wandelt hij onzichtbaar met je mee. Hij slaat toe wanneer het hem uitkomt. Hier en daar. Bij jou, bij mij. De dood kent geen genade. De dood kent geen verschil. Vroeg of laat. Jij en ik, we komen er niet onderuit. Ongeacht je achtergrond, geloof of afkomst. De dood maakt voor niemand een uitzondering.

De dood heeft mij altijd gefascineerd maar toch moest ik er niets van hebben. Het stond ver van mij af. Ik kende het alleen van horen zeggen. Nooit had ik er van dichtbij mee te maken. Een bezoek aan een begraafplaats, om een roos op het graf van mijn overgroot oma te leggen, gaf mij maagkramp en alleen al praten over de dood bezorgde mij rillingen. Nee, de dood was iets raars en vooral iets wat op afstand moest blijven. 

Met het overlijden van mijn beide ouders veranderde dit. Ik werd in één jaar tijd keihard geconfronteerd met de dood, verlies, verdriet, acceptatie en door gaan zonder… Vanaf dat moment realiseerde ik mij heel goed dat de dood er nu eenmaal is en er altijd zal zijn. De drang om iets te kunnen betekenen voor mensen die ook iemand verloren hadden werd hierna steeds groter. Ik weet hoe het is om door zo’n emotionele achtbaan te gaan. Juist hierdoor besloot ik mij toe te leggen op het maken van afscheidsreportages.

Logo uitvaartfotografie Hamar.

De eerste paar reportages voelden onwennig. Met een overleden persoon in één ruimte zijn was wel een dingetje. Maar ik stapte een onzichtbare drempel over en al snel was ik op mijn plaats waar verdriet en gemis vochten om de boventoon. Ik maakte sfeer- en overzichtsfoto’s zodat er voor de familie een blijvende herinnering ontstond aan deze droevige dag. Ik kreeg de kans om iets te kunnen toevoegen aan een uitvaart, plechtigheid, herdenking of condoleance. Hierdoor leerde ik de dood te accepteren. Het verdriet en grote gemis dat ik zelf nog steeds bij mij droeg, boog ik om in iets creatiefs. De uitvaartfotografie bleek uiteindelijk een onderdeel van mijn eigen rouwproces.

Ik kwam met veel verschillende en uiteenlopende families in aanraking. Geen enkele dienst was het zelfde. Sommige families en diensten waren zo bijzonder dat ze een blijvende indruk op mij hebben achter gelaten. Ook het werk van de uitvaartbegeleiders kreeg ik vanaf een heel andere kant te zien. Al het geregel achter de schermen maar vooral ook heel liefdevol en geduldig naar de families en alles met passie. Stuk voor stuk mooie mensen met ieder een eigen reden om zich in dit vakgebied te begeven. 

Hoewel de uitvaartfotografie voor nu een gesloten boek is, koester ik wel alle ontmoetingen en herinneringen. Ze brachten mij zo veel meer dan alleen maar een bijdrage aan… Ik heb onzichtbare drempels genomen. Mijn eigen angst in de ogen moeten kijken en uiteindelijk overwonnen. Ik deelde in het verdriet van een ander, maar gaf ook wat van mijzelf. Ik was aanwezig op momenten waarop de mens zich van een heel kwetsbare kant laat zien. Ik mocht zien, ervaren en vooral voelen en kon hierdoor een stukje zijn van het groter geheel.

 

 

***

Een verjaardagscadeau…

Vroeger, toen we (zus en ik) nog klein waren, vierden we onze verjaardag vaak heel uitbundig. Van wat ik mij kan herinneren werden vooral de kinderfeesten door moeders goed georganiseerd. We deden leuke en originele dingen. Toen bowlen, gourmetten en zwemfeestjes bijvoorbeeld nog bijzonder waren. Tot aan groep acht van de lagere school deed moeders haar best. Daarna was het aan ons zelf om iets voor vrienden te verzinnen of te organiseren. Naarmate we ouder werden gaven we enkel nog een verjaardagsfeest voor familie en naaste vrienden. Eenmaal op ons zelf werd er niet veel meer aan onze verjaardag gedaan. Of in ieder geval niet groots gevierd. 

Tot zus met de mededeling kwam het dit jaar wel te willen vieren. 35 worden is één van die mijlpalen. En om de banden met familieleden aan te halen een prima gelegenheid om wat mensen uit te nodigen. Wanneer de datum van het feest bekend is heb ik nog even de tijd om te bedenken wat ik haar zal geven. Ik wil haar iets origineels cadeau doen. Van moeders kregen we bij iedere 5 jaar dat we ouder waren geworden een sierraad. Maar of ik haar daar nu zo’n groot plezier mee zou doen betwijfelde ik. Ik laat nog wat ideeën de revue passeren als er een ander lumineus idee mijn hersenpan binnen schiet. 

Ooit, in een vorig leven, vierden wij met onze vader een vakantie in Limburg. Een week lang zaten we op een landgoed, met een heus kasteel compleet met toegangspoort en slotgracht. In mijn verbeelding allemaal heel groots en oneindig. Beide hebben we daar flarden van herinneringen aan. Hoe leuk zou het zijn om daar nog eens naar terug te gaan. Herinneringen ophalen en met zijn tweetjes een weekend de hort op te zijn. Dus besluit ik haar daar nog eens mee naar toe te nemen. 

Oké, het cadeau is geregeld. Nu moet ik nog iets verzinnen om het op een originele manier te overhandigen. Een cadeaubon is makkelijk maar toch minder leuk. Na een nachtje slapen begint mijn idee steeds meer vorm te krijgen. De uitvoering ervan is overigens een heel ander verhaal. Ik ben niet meer zo crea bea als vroeger. En moet flink met een stofdoek over mijn knutsel-skills om ze onder het stof vandaan te halen. Voor ik het weet loopt mijn idee uit op een ware knutselvierdaagse. 

Wanneer ik in Zoon zijn “oude” playmobile verzameling duik om te zien of ik de boel wat kan aankleden vind ik een ridder te paard. Hij krijgt de hoofdrol in dit verhaal. Samen met een foto van het kasteel. Wanneer ik toch bezig ben zoek ik direct ook wat omgevingsfoto’s om de boel leuk aan te kleden. Mijn decor begint steeds meer gestalte te krijgen. Ik ben zo los gegaan dat een simpele uitvoering van een plankje met ridder en daar achter een foto van het kasteel eigenlijk niet meer passend is.

Op de bewuste dag sta ik met de in elkaar geknutselde doos voor haar neus. Inmiddels voorzien van een echte toegangspoort. Met daarachter het verhaal van “vroeger” gegoten in een nieuw jasje. Het cadeau word gelukkig met veel plezier en de nodige hilariteit ontvangen. De voorpret die ik gehad heb aan het knutselwerk is hopelijk een voorbode aan de gezelligheid die we met elkaar zullen beleven. Nu alleen nog een datum prikken… 

 

Kasteel met ridder

 

 

-🏰-

 

Kerstver(p)lichting of toch niet…

December…. De maand van de feestdagen. Eten. Gezelligheid. Liefde. Saamhorigheid. Cadeautjes. Die f*cking boom. Had ik eten al gezegd? Ergens kwam er een omslagpunt. Ik begon met steeds meer tegenzin naar deze maand toe te leven. Dat omslagpunt kwam waarschijnlijk toen ik oud en wijs genoeg was om te beseffen dat wat ooit was, nooit meer zal zijn. Wat heel veel mensen met de maand januari hebben, heb ik met de maand december. Van mij mag hij geschrapt worden. Als kind niet. Nee, als kind was december DE maand van het jaar. Het mocht van mij wel iedere maand december zijn.

Dat kwam omdat moeders, ondanks haar karige inkomen, er altijd een feest van maakte. Dat begon met Sinterklaas. Jute zak met cadeaus. Zwarte piet die langs kwam. Zelfs toen we er niet meer in geloofde zat er altijd wel iets in onze schoen. Maar kerst was voor mij speciaal. Het hele jaar spaarden mijn moeder de zegelboekjes van de Albert Heijn zodat ze aan het einde van het jaar flink kon uitpakken. Ieder jaar een echte kerstboom. De ramen versierd met sneeuw, stickers en linten. Zelf gemaakte kerststukjes. Overal lampjes en kaarsen. Het had iets magisch.

Met eten werd ook niet moeilijk gedaan. Voor haar eigen familie. Voor haar ex-schoonfamilie. Voor alle vrijgezellen in beide families. Het maakte haar niet uit. Ze stond soms dagen in de keuken om een complete rijsttafel en ander lekkers klaar te maken. Maat houden was voor haar lastig. Dus werden de kleinigheidjes onder de boom vaak flinke cadeaus. Toen zus en ik ouder werden deden we hier graag aan mee. We kochten voor iedereen die kwam een cadeautje en legde dit, wanneer niemand keek, ook onder de boom. 

Ondanks mijn tegenzin in de feestdagen probeer ik er ieder jaar toch iets van te maken. Ik moet niet vasthouden aan wat ooit was, maar toegeven aan wat nu is. Ik ben immers niet alleen. Ik heb een familie. En zij vinden december wel een toffe maand, ondanks dat er gewerkt moet worden met kerst. Dus toen ik uitgeziekt was besloot ik naar zolder af te reizen om de kerstspullen op te snorren. Samen stonden we de boom te versieren terwijl de kerstmuziek uit de radio schalde. Na een uurtje stond de boom in al zijn glorie te shinen in de hoek van de kamer. 

Wanneer de boom staat en het huis versierd is, is het toch eigenlijk ook best wel leuk. Het brengt sfeer en gezelligheid. En hoewel we ons ieder jaar voornemen om geen cadeaus te kopen gebeurt het toch. Gewoon een kleinigheidje. Die ik dan stiekem mee naar binnen smokkel. Ik leg hem pas onder de boom wanneer er niemand thuis is. Ik vind het leuk om de verbaasde gezichten te zien wanneer er iets nieuws bij is gelegd. Wat zou daar nu inzitten?? Vriendlief doet overigens precies het zelfde.

Ik zou heel graag weer eens een kerst vieren zoals vroeger. Niet voor de cadeautjes. Maar voor de saamhorigheid. De eenheid als familie. Met eten. Veel eten. Dat dan weer wel. En herinneringen ophalen aan toen! En op een bepaalde manier ga ik dat ook doen. Geen kerstfeest maar een ander groot feest. Mijn tante is namelijk jarig en wordt 65 jaar. In plaats van kerst, vieren we haar verjaardag. Groots en met familie. Vanuit hier wens ik jullie allemaal mooie en warme kerstdagen toe 💞

 

eekhoorn op boomstam.

 

 

*🎄*

In liefdevolle herinnering…

Als kind denk je vaak niet heel ver vooruit. Je bent al helemaal niet bezig met de dood en wat daar bij komt kijken. Hoevaak heb je niet gedacht dat je het eeuwige leven hebt? Je bent er immers nog steeds na alle gekke fratsen die je hebt uitgehaald. En ook je ouders gaan niet dood. Als (klein) kind kijk je tegen ze op. Ze zijn je helden. Tot je wat ouder wordt. Dan zijn ze irritant en schaam je je kapot bij alles wat ze doen. Maar dan komt er een periode dat je snapt dat je ouders ook maar mensen zijn. Ze zijn niets anders dan pubers met meer (levens)ervaring. 

Bovenstaande gaat uiteraard niet voor iedereen op. Wij werden al jong geconfronteerd met alles waar je, ook als volwassene, helemaal niet mee geconfronteerd wil worden. Mijn ma had al heel wat ellende overwonnen. Ze bewees sterker te zijn dan wie dan ook. Maar helaas, sterker dan de dood was ze niet. Op 17 november 2011 overleed ze op 50 jarige leeftijd. 

Inmiddels is dit alweer 8 jaar geleden. Heel cliché, de jaren hebben de scherpe randjes er af gesleten. Pijn en verdriet vechten al lang niet meer om de beste plek in mijn hoofd. Er is berusting, mooie herinneringen en liefde voor terug gekomen. En gemis? Ja dat ook. Dat zeker!! Hoe langer ik haar niet gezien heb hoe sterker dat gevoel wordt. Maar ook dat heeft zo zijn momenten. En het mag er zijn. Ik laat het er zijn. Juist heel bewust.

Toch zijn er momenten dat het mij droevig stemt dat we niks meer opnieuw kunnen doen. Dat ze nooit meer trots op mij kan zijn. We nooit meer iets kunnen bespreken, zaken kunnen bijleggen. Dat ik haar nooit meer iets kan vragen. Soms zit het mij dwars dat het mij nooit gelukt is haar over te halen iets van het leven te maken. Ik moet mij daar bij neerleggen. Want, wat kan ik anders? Het leven is geleefd. Dat van haar en van ons samen. Met alles waarvan we op dat moment dachten dat we er goed aan deden.

Het is echt niet zo dat ik enkel op een droevige manier aan haar terug denk. Er is veel ruimte voor herinneringen. Die uit mijn kindertijd koester ik. Des te meer omdat we toen heel close waren. Zo was er bijvoorbeeld geen kijkwijzer, dus voor mijn 12e had ik zo’n beetje alle griezelfilms met haar gekeken die er waren. Gezellig samen op de bank onder een deken met verse popcorn. We stonden samen in de keuken om de Surinaamse of Indische keuken te proberen. Gaven elkaar “spa” behandelingen. Compleet met gezicht-scrub en voetmassage. Zij mij altijd iets meer dan ik haar. Onze verjaardagen werden groots gevierd evenals Sinterklaas, kerst en zelfs pasen. Ze stond er vaak alleen voor maar zorgden wel dat iedereen aan kon schuiven en een fijne avond had. 

Toen ze net overleden was voelde het alsof er een lichaamsdeel van mij geamputeerd was. Ik voelde mij leeg en hol. Weken heb ik met dat schrijnende gevoel rondgelopen. Inmiddels is dat hersteld. Op een heel andere manier dan vroeger zijn we nog steeds met elkaar verbonden. Dat merk ik aan veel dingen. Ik denk dat dit de onzichtbare band is tussen een moeder en een dochter. 

 

 

 

-💞-

Ver weg en toch heel dichtbij… 

Wanneer ik vanuit mijn werk weg rij, staat er half op de weg een witte bus. Het is niet dat ik er speciaal voor moet stoppen maar echt omheen kan ik nu ook weer niet. De blauwe letters aan de zijkant zijn niet te missen. CHRIS, staat er schreeuwend op. Geen idee waar deze bus van is of waar ze reclame voor maken. Maar mijn gedachte gaan direct naar mijn eigen Chris. Chris die er inmiddels bijna drie maanden niet meer is. Nog steeds heel raar en soms is het ook gewoon niet te bevatten. Hoe kan het dat een, in mijn ogen, sterke man er nu gewoon niet meer is?! 

Met Chris in gedachte hervat ik mijn route. Ik denk de laatste tijd zo ie zo al heel veel aan hem. Ik voel een steek van verdriet. Tijdens een van onze laatste telefoongesprekken zei hij nog gekscherend: “tja, je moet toch ergens aan dood gaan?!” Niet wetende dat hij er een paar weken na dat gesprek niet meer zou zijn. Nu vervloek ik hem om die uitspraak. Het heeft lang geduurd voor ik rust vond na het overlijden van mijn ouders. Ik heb maanden over ze gedroomd. Met Chris heb ik dat ook een beetje, gelukkig wel in mindere mate en vaak op een fijnere manier.

Ik rijd de bocht door en tegelijk maak ik oogcontact met een meneer die links op de stoep achter een kinderwagen loopt. Ik sta vol op de rem en het is maar goed dat er niemand achter mij rijd. Mijn hersens weten heus wel dat wat mijn ogen registreren niet echt is. Het kan niet. Maar toch. Zijn houding! zijn uitdrukking! zijn kapsel en zelfs zijn jas! Alles is een evenbeeld van Chris. Heel even denk ik dan ook dat het hem is. Ik verbijt mijn verdriet maar glimlach vriendelijk om mijn stomme gedrag een beetje goed te maken en wederom vervolg ik mijn route. Die beste man zal wel gedacht hebben… 

Afgezien van een geschiedenis en onze huisdieren hadden Chris en ik ook een gezamenlijke interesse in het bovennatuurlijke. Of misschien moet ik zeggen: hebben een gezamenlijke interesse. In onze ogen is er meer tussen hemel en aarde. Hij kon er altijd erg enthousiast over praten. Ik was blij een toehoorder in hem gevonden te hebben zonder dat ik scheef aangekeken werd. We hadden het geregeld over telepathie, energie of onzichtbare lijntjes. Maar ook over het uittreden van de ziel al dan niet bij leven of over simpelere zaken als de kracht van een bepaalde edelsteen. De onderwerpen waren divers en soms wat controversieel en daarom ook niet met iedereen in mijn omgeving bespreekbaar. 

Wanneer ik voor wat afleiding de radio aanzet, jankt een gitaarsolo mijn oorschelp in en baant zich vervolgens regelrecht een weg naar mijn hart. Tja, hoe kan het ook anders. Ook dit doet mij aan Chris denken. Het was notabene dit soort muziek waar hij Groene Draak gek mee kreeg. Dan drinkt het plots tot mij door. Als een heldere gedachte. Ik laat de tranen, die zich al een paar minuten aan het opdringen zijn, stromen. Ik mis hem!! Maar weet tegelijk ook dat dit zijn manier is om te zeggen: “Ik ben nooit echt ver weg…”

 

 

 

-💞-

George Maduro….

Eerst een stukje geschiedenis: Het 15 juli 1916, als George John Lionel Maduro in Willemstad, Curaçao geboren wordt. Hij is amper 10 jaar oud als hij door zijn ouders naar Den Haag wordt gestuurd om daar zijn lagere school en studie af te maken. Wanneer hij in leiden aan een studie rechten is begonnen moet hij, net als alle andere mannen, het leger in. Als Nederland in 1940 wordt aangevallen door de Duitsers is Maduro in Den Haag gelegerd als reserveofficier der Nederlandse Cavalerie. De Duitsers bezette Villa Leeuwenberg (ook bekend als Huize Dorrepaal) in Leidschendam en onder zijn leiding worden de Duitsers krijgsgevangen gemaakt. 

Maduro wordt uiteindelijk gepakt. Na zijn vrijlating duikt hij onder maar word verraden en opnieuw opgepakt. Hij doet een poging te ontsnappen maar dit mislukt. Hij wordt overgebracht naar concentratiekamp Dachau. Kort voor de bevrijding van Nederland overlijdt Maduro op 28 jarige leeftijd. Zijn heldhaftige optreden bleef niet onopgemerkt. Op 9 mei 1946 kreeg hij (na zijn overlijden) de Ridder 4e klasse der Militaire Willems-Orde toegekend voor zijn getoonde moed en heldhaftige optreden. 

George Maduro

De ouders van George, die enig kind was, wilden een herinnering voor hun overleden zoon. Ze schonken het startkapitaal voor de bouw van Madurodam. In 1952 werd het themapark geopend. Het park laat de geschiedenis van Nederland zien en is tevens een levende herinnering aan oorlogsheld George Maduro. 

Was jij op de hoogte van bovenstaande? Ik in ieder geval niet en kwam er achter na ons bezoek aan Madurodam afgelopen week. Ik dacht altijd dat Maduro iets betekende als “klein” of “op schaal” of “miniatuur”. 

Als kind ben ik ooit in Madurodam geweest. Ik vond er geen hol aan. Kleine huisjes, kleine molens, kleine vliegtuigen en ik mocht nergens aan zitten, alleen maar kijken. Terwijl ik zo graag alle luikjes voor de ramen van die huisjes dicht wilde doen, of de ophaalbrug bij een van die kastelen wilde bedienen. Nee, het kon mij niet bekoren. Ik ben er nooit meer naar toe gegaan. Tot van de week. 

Nu mocht ik jammer genoeg nog steeds nergens aanzitten. Maar alle miniaturen hadden voor mij nu wel een betekenis. Ik snapte de verhalen er achter en keek met compleet andere ogen naar de kleinste officiële stad van Nederland. Gelijk al bij binnenkomst wordt het verhaal van Maduro verteld. Daarna start de (korte) reis door het park. Her en der vind je “doe dingen”, kun je verhalen aanhoren over de geschiedenis van Nederland (dat erg leuk gedaan is!) en kun je opzoek naar het engeltje met de mobiele telefoon op de Sint Jan.

Nog wat leuke wist je datjes: 

  • De miniaturen in het park zijn op schaal 1:25 nagebouwd;
  • De opbrengsten van het park komen ten goede aan het Madurodam kinderfonds;
  • Zelfs de Nachtwacht is te bewonderen;
  • Er hangt een inbreker aan het Rijksmuseum (ook die hebben we gevonden);
  • Voor een paar cent kun je bij de klompenfabriek een paar miniklompjes laten maken.

Het is een leuk park om naar toe te gaan, zeker als je wat ouder bent. Niet dat je, jezelf er een hele dag kunt vermaken. Maar in combinatie met een bezoek aan Scheveningen, wat wij gedaan hebben, een prima dagbesteding. 

 

Madurodam

 

 

*Bron: Website van Madurodam

Dan laat je los, dan laat je gaan…

De rustige ochtend verbleekte bij het verontrustende telefoontje dat ik net na 12 uur mocht ontvangen. Nooit eerder hadden we elkaar aan de telefoon gehad. Maar bij het verschijnen van haar naam in mijn scherm wist ik dat het mis was. “Pa wil je graag nog één keer zien.” Vertelde ze. In allerijl haastte ik mij naar het ziekenhuis, waar onze “topoppasser”, die uiteraard veel meer voor mij betekend dan enkel oppasser, sinds een paar dagen verbleef. 

Het ging niet goed met hem. Zijn situatie, die al niet al te best was, was in korte tijd achteruit gegaan. Beter worden was uitzichtloos. Niet wetende hoe ik hem aan zou treffen liep ik met bonkend hart het ziekenhuis in. Daar werd ik met open armen ontvangen door broer en zus, die ik misschien één keer eerder in mijn leven ontmoet heb. Ondanks de moeilijke situatie waren ze hartelijk en open naar mij. We deelden het zelfde verdriet. 

Ik trof Chris aan in een comfortabele stoel naast zijn bed. Broodmager en moe. Maar met een glimlach op zijn gezicht. “Wat fijn dat je bent gekomen!” Zei hij. Mijn ogen vulde zich spontaan met tranen. Broer en zus lieten ons alleen zodat we op onze eigen manier afscheid konden nemen van elkaar. De reden van mijn bezoek. Hij kon niet meer. Hij wilde niet meer. Stoppen met medicatie was het enige lichtpuntje dat hij nu nog had. En hij keek er naar uit. 

Terwijl het leven zich aan ons opdrong probeerde ik de pijnlijke situatie onder ogen te zien. Want, hoe doe je dat, afscheid nemen bij leven? Er was niets meer wat ik nog kon doen, behalve zijn handen vast houden en hij de mijne. Er zijn. Zijn in dit moment en naar elkaar kijken, beseffen dat dit het aller laatste moment is dat je elkaar echt kunt zien, echt kunt horen en echt kunt voelen. 

Na twee uur was het tijd om mijn plek weer over te dragen aan zijn familie. De medicatie zou stoppen en vanaf dat moment was het wachten. Wachten tot zijn nieuwe reis zou beginnen… 

 

❤️

Wat als je lichaam niet meer wil?
Wanneer er te veel aan wordt getrokken…

Wat als je lichaam steeds maar brozer wordt?
En ademhalen te zwaar…

Wat als je grens al zoveel maal verschoven is?
De geest nog wil maar de rek “van kunnen” er uit is…

Wat als leven overleven wordt?
En je lichaam zegt: ik kan niet meer…

Wat als leven vechten wordt?
Maar ook dat uiteindelijk niet meer helpt…

Wordt het dan tijd om los te laten?
Los van dit leven dat nu zo beklemt en zo benauwd…

Moedig besluit jij: het is tijd!
Tijd om los te laten en te gaan…

Los van hier en nu.
Los van alles wat ooit was…

Je kijkt nog een keer achterom.
Dapper neem jij afscheid van ons allemaal.

Zonder nog te hoeven vechten,
Laat jij los en wij laten je gaan…

❤️

16-04-1948 – 14-08-2019

 

 

***

Herinnering…

Terwijl ik boven op de loopband mijn benen uit mn lijf aan het lopen ben staat zoonlief te klooien met een bal. Hij stuitert op zijn voet, weer op zijn knie en dan weer op zijn voet. Het hele tafereel herhaald zich een aantal keer. Op het moment dat hij even uit balans is glipt de bal van zijn voet, op de grond en zo de trap af naar beneden. Na een aantal flinke stuiters komt de bal met een klap tegen de voordeur tot stilstand. Op dat moment schiet er bij mij een herinnering van heel, heel lang geleden te binnen. Ik vergeet bijna mijn ene voet voor de andere te zetten en een fractie van een seconde lijkt het er op dat ik mijn evenwicht verlies en van de loopband af stuiter. Ik herpak mij gelukkig sneller dan die bal en doe of de ongemakkelijke beweging bij mn dagelijkse work-out hoort.

Door die herinnering wordt ik ver terug in de tijd geworpen. Samen met mijn vader en moeder ben ik in het Noordpark. Mijn zusje, niet ouder dan een paar maanden, is er ook bij en ligt in de kinderwagen. Dat betekend dat ik niet ouder dan vier jaar kan zijn. Terwijl moeders zich vanaf een bankje bezig is mijn zusje, spelen mijn vader en ik met een bal. Naar mijn idee is hij rood met witte stippen. Maar helemaal zeker weten doe ik dat niet. Iets zegt mij dat dit gewoon zo in het plaatje past. We hadden in die tijd geen auto dus zullen we lopend naar het park gegaan zijn. Iets wat wij vroeger heel vaak deden. Misschien brachten we ervoor of erna wel een bezoek aan opa en oma die toentertijd beneden aan de dijk woonden. 

Voor de mensen die hier niet bekend zijn: Het Noordpark is een klein park gelegen tussen Hendrik Ido Ambacht en Zwijndrecht en kijkt uit over de Maas. Sinds enkele jaren staat het ook bekend als het beeldenpark. Zoals ik al zei kwamen we hier best vaak, om te wandelen, bootjes te kijken vanaf een van de vele bankjes aan de oever, pootje baden op het “strandje” of te slingeren aan het touw dat iemand 100 jaar terug aan de grote oude boom heeft gehangen. Maar terug naar mijn herinnering…

We schoppen de bal over en weer en op het moment dat we er klaar mee zijn schop ik de bal nog een paar keer tegen een hele dikke boom. Mijn vader, (wist hij veel, maar hierna wel beter), vertelt mij dat dit niet zo handig is. Nu heb ik het hele huis van Mijnheer de eekhoorn gesloopt. Zijn meubeltjes liggen op de grond en alles ligt door elkaar. Ik heb helemaal geen eekhoorn gezien, maar die knoest halverwege de boom wel. En die ziet er verdacht veel uit als de voordeur van een eekhoornhuis. Het dringt tot mij door wat voor schade ik heb aangericht met mijn bal. Vanaf dat moment ben ik ontroostbaar en zit mijn vader met een jankend kind opgescheept. De enige oplossing is een briefje ophangen met daarop mijn welgemeende excuses. Het briefje wordt aan een tak geprikt en nu maar hopen dat de schade mee valt.

Bij bezoekjes aan het park heb ik die boom gemeden. Want een boze eenhoorn wilde ik liever niet zien. Grappig hoe het stuiteren van een bal deze herinnering opriep. Ik vraag mij af of die boom er nog staat…

 

 

***