Whats SUP III, Kinderdijk …

Op facebook vond ik een groep met heel veel gelijkgestemden die enthousiast, zo niet enthousiaster, spraken over hun sup-hobby dan ik ooit zou kunnen. Ik las verhalen van diverse mensen die, net als ik, het leuk vinden om te recreëren op het water en tegelijk iets aan hun conditie willen doen. Maar er zijn ook wedstrijdsuppers, clean-up suppers, yoga suppers, suppers met de hond, toersuppers. De lijst is eindeloos. Dagelijks stromen er verhalen en vragen binnen. De geplaatste foto’s zijn erg leuk om te zien, net als de locaties en afgelegde routes die gedeeld worden. 

Via facebook werd ik lid van de afspraken-app voor sup-tochten door heel Nederland. Hoe leuk is dat?! Het duurde dan ook niet lang of de eerste afspraak was een feit. Suppen langs de molens van Kinderdijk. Aangezien Kinderdijk vanaf 2 juni weer open zou gaan voor publiek (Althans, dat was de bedoeling…) besloten we voor die datum nog snel even te gaan. 

Het is zondagochtend en nog geen 09.00 uur als ik de nagenoeg lege parkeerplaats bij Kinderdijk op rij. Voor nu is er in ieder geval plek zat. Ik maak eerst maar eens een verkenningsronde om te zien waar we straks te water kunnen. Er staat redelijk wat wind en ik ben blij dat ik een jasje aan heb. In totaal hebben er zes personen op de uitnodiging gereageerd. Afgezien van wat facebook contact zijn het allemaal onbekenden voor mij. Uiteindeljk blijven we met vier man over. Een persoon bleek zich gisteren al afgemeld te hebben en de ander ging het niet meer redden, want verslapen. Dat mocht de pret niet drukken. Na een korte kennismaking kan het oppompen van de sups beginnen.

Mijn warming-up heb ik er alvast opzitten en mijn jas kan uit. Direct naast onze auto’s is een soort kano aanlegsteiger, dus we kunnen gelukkig makkelijk te water. De heren nemen het voortouw en paddelden direct weg. Terwijl de twee dames eerst nog wat plaatjes willen schieten. Want zeg nu zelf, een mooie blauwe hemel met de molens als decor terwijl je er op enkele meters afstand langs paddelt is niet iets wat je dagelijks mee maakt.

De heren vragen zich af waar we blijven dus zetten we er de vaart in. Ik kom voorop te liggen en vanaf daar paddel ik met een van de heren verder. We raken in gesprek over lessen en techniek. Ik krijg wat handige tips die ik direct kan toepassen. We zetten even flink aan voor een sprint, maar hij is veel te snel voor mij. Na een honderd tal meters moet ik hem laten winnen. Als we de bocht door zijn komen we een aantal andere suppers tegen. Helaas hebben we flinke wind tegen. Zoveel zelfs dat we besluiten om halverwege te keren. Dat maakt de terugweg een stuk aangenamer. Er wordt nog een keer van paddels gewisseld om te testen of carbon echt lichter is en verder kletsen we heel wat af. 

Als we eenmaal bij het beginpunt zijn aangekomen (waar het inmiddels rete druk is!!) hebben we iets meer dan 6 km afgelegd in een kleine 1.5 uur tijd. Ik heb een geweldige tocht achter de rug, nieuwe mensen leren kennen en wat handige tips meegekregen. We wonen redelijk bij elkaar in de buurt, dus we zullen vast nog eens vaker met elkaar op sup-date gaan. 

 

Suppen langs de molens van Kinderdijk

What SUP II…

Inmiddels heb ik een aantal keer geSUPt. Het wiebelige gevoel is al minder en ik weet hoe ik mijn bochten moet maken. Tijd voor mijn aller eerste echte tour dus! Ik plan dit in op Hemelvaartsdag want vrij en, lucky me, het blijkt ook nog eens zalig weer om op het water te zijn. Helaas is driekwart van de Nederlandse bevolking ook vrij en die besluiten massaal het zelfde te doen. Om de drukte een beetje voor te zijn vertrek ik wat vroeger op de dag. Het Waaltje is mijn bestemming. Bij aankomst is er nog precies 1 parkeerplek vrij. De rest wordt in beslag genomen door auto’s en busjes van een grote groep zwemmers. Het zijn er zoveel dat ik bijna aan een wedstrijd denk. 

Het grote grasveld aan het water is nagenoeg leeg (later op de dag is het zo vol dat de politie de boel ontruimt en afsluit). Ruimte zat om mijn spullen uit te stallen en de boel op te pompen. Ik trek geen wetsuit aan, het is immers bloedheet en ik ga mijn best doen niet te vallen. Vriendlief is toch wel nieuwsgierig naar mijn nieuwe bezigheden op het water en besluit polshoogte te komen nemen. Samen lopen we naar het water waar hij nog wat foto’s maakt voor ik afscheid van hem neem. Ik peddel om wat zwemmers heen, zwaai nog een keer achterom en ga voorzichtig staan op het board. 

Het juiste gevoel krijgen lukt steeds sneller. Een tweetal boten halen mij in en laten de golfslag voor mij achter. Ik blijf staan! So far, so good! Bij de brug, waar ik onderdoor moet zie ik vriendlief weer staan. Er volgt nog een kodak fotomoment maar dan moet ik echt bukken. De tunnel die volgt geeft een soort Vliegende-Hollander-Efteling-effect. Wanneer ik er onder door ben waan ik mij in een compleet andere wereld. Niet van de sprookjes overigens, wel van de watersporters. Ik zie bootjes, kano’s, zwemmers en suppers!

Als ik deze route helemaal tot het einde zou paddelen heb ik 7 km enkele reis achter de rug. Dat is voor nu te veel want ik moet ook nog terug. Dus ik paddel tot aan de molen, die verder stond dan gedacht, en terug wat neer komt op 7 km retour. Onderweg kom ik nog meer suppers tegen. Maak ik een praatje met een visser en er wordt mij door twee bouwvakkers een lunchplek aangeboden bij een bouwkavel. Inmiddels is de molen ook in zicht. Helaas is het op dit stuk heel druk met pleziervaart dus ik besluit te keren en het tempo op te schroeven. Na enige tijd beginnen mijn spieren te verzuren dus las ik een korte pauze in. 

Terwijl ik bijkom laat ik mij meevoeren door de stroming. Het water is hier echt super helder. Ik zie de waterplanten en hier en daar een vis. Ook vergaap ik mij aan de grote huizen die langs het water staan. Als de bocht in zicht komt ga ik weer staan en paddel terug naar de tunnel. Dan is het nog een kleine 500 meter voor ik bij mijn opstappunt terug ben. Ik ben bijna twee uur onderweg geweest. Dat voel ik ook wel aan mijn lichaam.

Terwijl de jeugd zich een stukje verder vermaakt op en in het water blijf ik nog even liggen op mijn board. Even bij komen van deze complete workout waar ik overigens intens van heb genoten.

Moai subboard

What SUP…

Hij stond al even op mijn verlanglijst. Het is er echter niet eerder van gekomen dan begin mei. Eerst werd het winter met smerig vies weer. Vervolgens kwam corona de hoek om janken. Weg vrijheid!! Gelukkig werden de teugels na een paar weken iets gevierd en dat vierde ik door mijn eigen (inflatable) SUP aan te schaffen. Eindelijk!!

Eerst werd ik uitgelachen door Vriendlief. Staand paddelen? Daar is toch geen hol aan! Dat is direct het grote verschil tussen ons. Ik vind het heerlijk om neurotisch actief bezig te zijn. Terwijl hij het liefst een versnelling terug neemt. Toegegeven, dat kan ook fijn zijn. Maar niet te lang. Anders blijf ik in die lethargische modus hangen. Wij gaan ook wel eens samen kanoën en dan hoor ik geregeld: “doe eens rustig!” Of “paddel niet zo snel!” Terwijl ik denk: Schneller, Schneller!!

Ik wilde dus al enige tijd mijn waterhobby uitbreiden met iets actiefs. En nu ligt het hele gevaarte midden in mijn woonkamer. In de doos leek hij niet zo groot. Maar eenmaal “opgeblazen” is de plank 3.20 meter lang. Oh boy, als dat maar goed gaat komen. Het duurt ook nog eens drie dagen voor ik hem kan uittesten op het water. Gelukkig is het precies die dag super zonnig en goed weer. 

We varen uit met Merlin en gaan op zoek naar een testspot. Het is dan wel 26 graden, er staat wel een redelijke wind en het water is ook niet al te rustig. Omdat het weekend en lekker weer is, is het ook drukker op het water dan anders. Grote boten, sloepjes, motorboten en zelfs zeilbootjes passeren ons en wij hen. Als het hier lukt, houd ik mijzelf vol, lukt het overal. Een slim mens boekt eerst een les. Maar ja, corona… 

We vinden een mooie plek en gaan voor anker. Een paar meter verder is een baai met laag water, zandbodem en geen andere boten. De stroom en golfslag is hier ook een heel stuk minder. Uit voorzorg trek ik toch mijn wetsuit en zwemvest maar aan. Er is een reeële kans dat ik te water ga en dat is op dit moment nog niet warmer dan een graad of 17. 

Het oppompen van de SUP duurt een minuut of 8. Hiermee heb ik direct mijn warming-up te pakken. Heel voorzichtig schuif ik van de boot op mijn SUP. Dat voelt op zijn zachtst gezegd wat onwennig. Ik blijf de eerste paar minuten op mijn knieën zitten om het gevoel en evenwicht te vinden. Ik paddel tegen de stroming in richting de baai en pak direct mijn eerste golfjes mee. *Wiebelig*

Dan moet ik gaan staan, wat zowaar direct lukt. Even voelt het alsof ik voor het eerst met mijn snowboard boven aan de rode piste sta en mij afvraag hoe ik in vredesnaam heelhuids beneden moet komen. Ik krijg toch de slag te pakken. Hoe harder ik paddel hoe makkelijker het gaat en hoe stabieler ik sta.

Meer dan een uur ben ik bezig om mijn board te leren kennen. Daarbij heb ik een complete workout achter de rug. Dat merk ik pas als ik kei moe en enigszins trillend terug op de boot klim. Maar ik ben als een kind zo blij!! De spierpijn die ik de volgende dag voel neem ik voor lief. Dat went vanzelf. Ik kan niet wachten om mijn eerste tourtjes te gaan maken… 

Moai supboard in het water.

MOAI SUP 10’6

 

 

In de tussentijd: Binnen de lijntjes…

Met het opruimen van mijn werkplek, enige tijd geleden, had ik ze al bijna weggegooid. Ik deed er toch niet zo heel veel mee. Twee kleurboeken, een setje potloden en een map met stiften. Maar de krent in mij vond dat toch wel wat zonde dus gingen ze in een doos met de gedachte: misschien leuk voor ooit. 

Ik was mijn kleurboeken alweer helemaal vergeten tot ik op Pinterest, die ik in tijden van Corona weer heropend heb want verveling, een aantal waanzinnig mooie platen voorbij zag komen. De combinatie van kleuren en patronen die in elkaar overliepen deed mij gehypnotiseerd naar mn scherm staren. Ik bedacht mij geen moment. De tijd van ooit is nu gekomen. 

Het was even zoeken en uiteindelijk vond ik de doos achter het schot op zolder. Een mooie manier om deze lethargische periode door te komen. Iedere dag een momentje van zen en bewustwording in combinatie met al die mooie kleuren…. 

Het kleurboek is nagenoeg leeg. Hier en daar had ik ooit al een begin gemaakt maar was er blijkbaar vrij snel weer mee gestopt. Ik vind een simpele plaat en trek een aantal stiften uit de verpakking. Enthousiast begin ik wat strepen te trekken. Nadat de eerste kleuren op papier staan vraag ik mij af what the fack ik aan het doen ben. Ik bedoel, het lukt mij niet eens om normaal binnen de lijntjes te kleuren. De neuroot in mij besluit toch wel eerst ff al die blaadjes groen te kalken. 

Het boek wordt tig keer gedraaid want normaal van links naar echts werken kan ik (blijkbaar) niet. Dus ik schilder van boven naar beneden en van rechts naar links om dan van linksonder naar rechtsboven verder te gaan. Het ziet er een beetje ongestructureerd uit. En dat is het ook. Maar ach, wie ziet dat nu, in deze quarantaine periode? Ik draai het boek weer een kwartslag om de laatste blaadjes in te kleuren. Mijn vingers en handen zijn in ieder geval schoon. Toch nog iets geleerd van mijn knutselmiddagen op de lagere school. 

Na een paar minuten ben ik de blaadjes en bloemen met stiften eigenlijk alweer zat. Ik zoek iets nieuws uit en pak de potloden er bij. Fout gedacht. Na de eerste drie krassen merk ik het al. Dit zijn van die goedkope crisis dingen. Ik snap nu ook wel waarom ik eerdere kleurplaten maar voor een kwart heb afgemaakt. Ik rot die potloden weer in hun etui en graai naar de stiften. Nieuwe bladzijde, nieuwe kleurtjes… Niet bepaald een rustgevend werkje dit!

Vroeger had ik nooit last van kramp in mijn vingers. Ik kliederde schrift na schrift vol en schreef brieven naar penvriendinnen waar geen einde aan kwam. Nu heb ik na vijf minuten al zo’n kramp in mijn handen dat ik besluit eerst maar eens een pauze in te lassen. Tijd voor koffie.

Inmiddels zijn we twee weken verder. Mijn stiften zijn voor de helft opgebruikt en het kleurboek is wat meer gevuld. Met neurotisch ingekleurde platen, dat dan weer wel. Ook heb ik mijn aquarelpotloden teruggevonden. Die ga ik van de week uitproberen. Zennn word ik er niet van en rustgevend is het ook niet bepaald. Maar een prima tijdverdrijf is het wel. Zeker nu we nog een weekje of wat “Coronona tijd” te gaan hebben…

 

Kleurboek voor volwassene

 

ps: niet alle kleurplaten hierboven zijn door mijzelf ingekleurd hoor 🙂

In de tussentijd: Uurtje grasmaaieren…

Daar sta ik dan weer te grasmaaieren met Poownie. Want dankzij Corona zeeën van tijd. En toegegeven, Poownie vind het ook gewoon heerlijk om dagelijks met zijn favoriete hobby bezig te zijn. Hij vind het dan ook totaal geen probleem dat ik vaker en langer om hem heen hang dan gebruikelijk is. Sinds hij een flinke koliekaanval heeft gehad, vorig jaar zomer, en een paar dagen in het “ziekenhuis” heeft moeten verblijven, is grazen een vast onderdeel van onze dagbesteding geworden. Gras is gewoon beter voor hem. Lucky him!

Ik kijk graag toe hoe hij heel secuur de lekkerste grasjes tussen de andere honderdduizenden sprieten uitzoekt. Hij heeft er een speciale neus voor. Als ik hem een mals ogende graspol laat zien, kiest hij steevast voor de droge spriet ernaast. Om mij niet voor mijn hoofd te stoten, iets met een paard en in de bek kijken, knaagt ie daarna nog wat aan het gras dat ik sta aan te wijzen. Voor mij is het een simpel grasveld, voor hem het walhalla.

Op drukke en chaotische dagen zijn dit echt de uurtjes waar ik naar uitkijk. Waarin ik niks hoef te doen dan enkel toe te kijken hoe Poownie staat te grazen. Ik laat mijn telefoon meestal even links liggen, of zet hem uit om niet in de verleiding te komen, en kijk wat meer om mij heen. Weet je hoeveel verschillende soorten vogels er in dit gebied vliegen? Zo kwam ik een zwerm staartmeesjes tegen. Een vogelsoort die ik nooit eerder in het echt heb gezien maar wel heel graag nog eens op de foto wil zetten. Niks geen fotohut, ze zitten gewoon bij stal! Het staartmeesje is zo’n leuk, grappig en schattig vogeltje dat ie ontworpen zou kunnen zijn door Dhr. Walt Disney himself.

Omdat ik tijdens dit uurtje meer om mij heen kijk dan anders, zag ik ook dat een reiger het opnam tegen twee roofvogels. Heb je dat ooit gezien? Deze soorten hebben volgens mij niks met elkaar van doen. Maar kwamen iets te dicht in elkaars “vaarwater”. Volgens mij wisten de roofvogels ook niet helemaal wat ze hier mee aanmoesten. Ze vlogen elkaar een tijdje achterna over de waterplas om uiteindelijk ieder hun eigen kant weer op te gaan. Of de actie nu bedoeld of onbedoeld was, het was in ieder geval een gaaf gezicht.

Poownie staat altijd met zoveel smaak te grazen dat ik soms spontaan zin krijg om mee te doen. Zeker wanneer het gras begin van het seizoen zo diep groen en mals is. Nu is de keus helaas nog iets minder. Hoewel het land langzaam begint te ontwaken en er echt wel stukken mals en sappig gras staan, moet hij het grotendeels doen met de leftovers van vorig jaar. Op sommige plekken is het gras zo kaalgevroten dat er alleen nog wat “stoppeltjes” staan.

Naast dit “meditatie moment” want dat is het inmiddels geworden, kom ik veel meer in contact met de mensen die hier ook in het gebied recreëren. Vaak genoeg maak ik een praatje met hondeneigenaren. Nu uiteraard op gepaste afstand. Of wandelaars en fietsers die een praatje aanknopen, wederom op gepaste afstand. Sommige mensen vinden het blijkbaar een gek gezicht dat ik naast Poownie sta in plaats van erop zit. Poownie is tijdens deze momenten onverstoorbaar. Leuk hoor al die gezelligheid, moet hij denken, maar laat mij maar lekker grazen.

 

-🐴-

 

 

Het zit er weer op…

Zou het niet handig zijn wanneer de “transporter” uit Star Trek eens in het echt uitgevonden wordt? “Beam me up Scotty”. Geen files, geen ergernis en geen 9 tot 10 uur durende autorit naar je vakantiebestemming. Maar goed, we hebben het weer overleefd, zowel heen als terug. Dit jaar hebben zoon en ik van plek geruild. Hij voorin en ik achterin. Ondanks de rit zat ik er prima in mijn eigen knusse hoekje. Beetje lezen en slapen afgewisseld door mee blèren met de muziek en neurotisch naar buiten staren.

Rond de klok van 07.00 uur kwamen we aan op onze vaste wintersport stek. Dit keer eens niet als eerste. Toen onze vakantie groep eenmaal compleet was, werd het tijd voor ontbijt en koffie. Veel koffie, want de kamer liet nog even op zich wachten. De wachttijd werd gebruikt voor het doen van wat boodschappen, relaxen in de zon en veel bijpraten met elkaar. 

Neef en zoon deelden samen één kamer in plaats van een slaapplek bij de ouders. De kamer werd in notime omgetoverd tot een soort van mancave, met hier en daar een kleine aanpassing om de kamer zo optimaal mogelijk te kunnen gebruiken. Ze konden in ieder geval lekker doen en laten waar ze zin in hadden. Ik kan je zeggen dat het ook voor ons erg relaxed was.

De eerste dag doen we niet veel. Eerst eens bijkomen van de reis. Daarna volgt al snel het boodschappen doen, ski’s en boards wegbrengen naar de lockers bij de piste. De actieveling gaat zwemmen en de ander pakt een sauna’tje. Maar dan breekt automatisch dag twee aan. Die dag vind ik altijd bijzonder! Het heeft keer op keer iets magisch, wanneer de gondel je voor de eerste keer die week naar de bergtop brengt. Soms trek je door flarden van wolken heen. Je ziet de sneeuw op de boomtakken links en rechts van je liggen. Als je naar beneden kijkt zie je de pistes onder je terwijl de zon de bergtoppen aan de overkant belicht. 

Dan is er ook de eerste afdaling van de week. De spanning of ik nog wel weet hoe het moet, veranderd al snel in het vrije kinderlijke gevoel dat ik krijg als ik naar beneden board. De koude wind die ik langs mijn gezicht voel en mijn ogen doet tranen deert mij niet. Ik kom met een grote glimlach aan bij de rest van de groep, want toegegeven, ik ga nog steeds niet als een roadrunner van de berg. 

De hele vakantie heb ik mij zo kinderlijk blij en mega ontspannen gevoeld. Deze vakantie heeft echt alle voorgaande overtroffen. En wat was ik blij met mijn zelf gewaxte board! Op dag drie heb ik hem nog een keer onder handen genomen en kwam de rest van de vakantie prima van de berg. 

De wintersport voelt, nog meer dan de zomervakantie, aan alsof ik in een bubbel leef en van de “buitenwereld” afgesloten ben. De berg, het idyllische dorp, waar altijd iets te doen is, het (veel te) lekkere eten en het goede gezelschap. Alsof de rest van de wereld er niet is en alleen alles in die ene bubbel er toe doet. 

Inmiddels zijn we alweer bijna drie weken terug en nog steeds teer ik op de energie van deze geweldige week. We hebben flink geboft. Des te meer omdat de skigebieden in verband met corona nu zo’n beetje allemaal gesloten zijn…

 

 

***

The Summer Tag…

In mijn tijdlijn kwam ik “The Summer Tag” tegen van blogger Sater9’s World.  Een blog dat ik nog niet zo heel lang volg en ook nog eens bij toeval tegen kwam. Iets met op de verkeerde plek in mijn reader kijken en opeens allemaal leuke nieuwe blogs ontdekken. Van het een kwam het ander. Voor ik het wist had ik weer een compleet gevulde readerlijst met nieuwe bloggers. Maar goed, ik dwaal af. Ik las daar dus The Summer Tag. En met al dat smerige weer dat ik de laatste tijd over mij uitgestort heb gekregen hunker ik naar wat zonlicht. Naar warme en zwoele avonden. Met blote voeten in het gras en lome middagen op de boot. Om alvast in de stemming te komen besloot ik de tag ook in te vullen.

WAT IS JE FAVORIETE IJSJESSMAAK?
Met stip op 1: citroen. Overigens ben ik niet echt een ijs liefhebber. Maar als ik het eet dan citroen. Het heeft een frisse smaak en dat doet mij dan weer aan de zomer denken.

WELKE KLEDINGSTUKKEN ZIJN ’S ZOMERS ONMISBAAR?
Simpele en luchtige kleding. Een korte broek en een shirt volstaat. Niet te veel poespas. Oh en liefst de hele dag op blote voeten.

WAT IS JE FAVORIETE ZOMERSE DRANKJE?
Ik kan natuurlijk een of andere (vakantie)cocktail noemen. Shaken not stirred! Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik eigenlijk helemaal geen alcohol liefhebber ben. Dus houd ik het op de icetea Green. Fris en dorstlessend. En niet het gevoel hebben dat er een steen op mijn maag ligt. Hoewel simpel kraanwater hier ook in liters gedronken wordt.

WAT IS JE LIEVELINGSACTIVITEIT ’S ZOMERS?
Zolang het maar buiten is… Ik heb er daarom ook meerdere. Van een heerlijke rit te paard, naar skaten door de polder. Wandelen door het bos (doen we veel te weinig), naar het strand of varen. Maar waar je mij helemaal blij mee kunt maken is een wakeboardsessie achter de boot. Dat kost energie maar geeft tegelijkertijd ook heel veel energie. Omdat dit eigenlijk alleen maar in de zomer kan, kijk ik daar de hele winter reikhalzend naar uit.

Wakeboarden vanachter de boot

HOE ZIET JOUW TYPISCHE ZOMERSE MAKE-UPLOOK ERUIT?
Zeer naturel haha.

WAT IS JE FAVORIETE ZOMERSE LIEDJE?
Tellen de vogels die bij het ontwaken van de dag fluiten ook? Alles wat een beetje melodieus klinkt is prima. Spaanstalige liedjes geven mij wel echt een zomervakantie gevoel.

WELK ZOMERS GERECHT EET JE HET LIEFST?
Vooralsnog is dat pizza van onze eigen BBQ. Met ultieme rooksmaak! Dat dan weer wel. Iets wat bij de pizzeria niet te verkrijgen is. Maar een heerlijke maaltijdsalade met frietjes gaat er met warm weer ook prima in.

WAT IS VOOR JOU DE ULTIEME ZOMER DIY?
Euh….

WELKE GEUR DRAAG JE ’S ZOMERS?
Luchtige, bloemachtige en vooral niet al te zware luchtjes hebben mijn voorkeur. Overigens het hele jaar door.

WELKE PLANNEN HEB JE VOOR DE ZOMER?
In de planning staat in ieder geval een toffe vakantie met een aantal familieleden. Daar kijk ik echt heel erg naar uit. Daarnaast veel weg met de boot. Lekker wakeboarden. Fotograferen. En gezellige ritten te paard met de dames van stal.

 

Tussen de golven

Zo, wie neemt het stokje over?

van ruilen komt huilen…

Van ruilen komt huilen nietwaar? Nou bijna wel toen vanmorgen mijn wekker in alle vroegte afging. Na een veel te korte nacht zat ik daar eigenlijk helemaal niet op te wachten. Maar ja, ik had zelf mijn zondagse voerdienst geruild met een stalgenoot zodat ik daar tijdens de aanstaande vakantie niet mee in de knoei zou komen. Dus slik ik de opkomende “tranen” weg en besluit nog heel even te blijven liggen. Dat even wordt een paar minuten langer maar dan moet ik er toch echt uit.

Eerst begroet ik Draak die ook nog slaapdronken op zijn stok zit. Zich afvragend waar al die drukte op de zondagochtend goed voor is. Ik geef hem vast zijn ontbijt en drink zelf nog een bak koffie. Nog geen knaag in mijn maag, maar ik weet dat mijn honger uit het niets kan komen opzetten. Dus ik neem mijn ontbijt gewoon mee naar stal, en vertrek ik toch met enige haast van huis.

Als ik aankom word ik begroet door een stel uitgehongerde paarden. Alsof ze dagen niks te eten hebben gehad. Ja, je leest het goed DAGEN!! Ik begroet het paardenvolk dan ook maar even snel en controleer intussen de hooi ruiven. Stuk voor stuk zijn ze tot op de bodem leeg gevroten. Drie paarden kijken mij aan met een blik van: “Ik zei het toch!?” Ze hebben het zo slecht bij ons…

De hooibaal die ik moet hebben ligt uiterst rechts en helemaal bovenop in het hooihok. Ik klauter met gevaar voor eigen leven naar boven om aan mijn oh zo dankbare taak te beginnen. Het stof en de losse hooistengels dwarrelen om mij heen als ik alle hooinetten vul. Op de achtergrond is het beieren van de kerkklokken te horen. Verder is het heerlijk stil. Wanneer het zoveelste net gevuld is klauter ik het hok weer uit, met het stof in mijn neus en mijn kapsel voorzien van hooi. Rechts staan paarden te hinniken en links komt een hele groep bejaarde wandelaars voorbij die mij ietwat meewarig aankijken. “Arm schepsel” lees ik boven hun hoofd. Ik zwaai vriendelijk om een gesprek te voorkomen en sleep daarna de flink gevulde netten naar hun eindbestemming.

Ik maak het mijzelf weer veel te moeilijk door er te veel tegelijk mee te willen slepen. Om mij heen zwermen de paarden in de hoop alvast een hap te kunnen nemen voor ik het in de ruiven heb kunnen verdelen. De brutalen hebben de halve wereld en dat is in het dierenrijk niet anders. Er zijn er twee die niet alleen een hap willen maar eigenlijk gewoon het hele net willen toe-eigenen. Ik moet alle zeilen bijzetten om deze brutalen “honden” op hun plek te zetten, de boel niet los te laten en ook niet over mijn of hun benen te struikelen.

Het duurt even maar dan is iedereen van een plek aan één van de ruiven voorzien. Mijn werk zit er al voor de helft op. Maar eerst is het tijd om zelf ook even te ontbijten. Met mijn brood en bak koffie zit in heerlijk in het zonnetje. Om mij heen is op dit moment niets anders te horen dan het geluid van knagende paarden en het gefluit van vogeltjes. Ach, vroeg op stal zijn is niet altijd zo erg …

 

etende paarden aan hooi ruif

 

*🐴*

Lekker buiten…

Sinds het nieuwe seizoen is begonnen ben ik zo’n beetje iedere zaterdag aan de zijlijn te vinden. Dus deze zaterdag had ik mij een voetbalvrije dag beloofd. Althans, dat was de bedoeling. Bij het ontwaken bleek het ook nog eens prachtig weer te zijn. Beetje fris. Maar windstil, zonnetje met een blauwe lucht. Zo’n zalig wintersportgevoel borrelt bij mij naar boven. Eigenlijk wil ik direct een rondje door het park gaan maken. Maar weet dat er eerst nog het een en ander in huis gedaan moet worden. 

En dan, wanneer het ontbijt en de koffie er in zit begin ik toch te twijfelen. Ik ben al een tijd niet meer bij de voetbal in ’s Gravendeel geweest. En het is ook niet eens zeker of Zoon moet spelen gezien zijn blessure. Wandeling door het park of naar de voetbal?? Ik sta drie bedenkelijke minuten te wikken en te wegen en gooi ter plekke mijn indeling voor deze dag om. In volle vaart raap ik mijn fotospullen bij elkaar. Als ik op tijd wil zijn voor de aftrap moet ik mij nog haasten ook. De wandeling met Draak moet even wachten. Niet dat hij het erg vind. 

Als we aankomen bij de voetbal zit de warming-up er net op. Toch nog redelijk op tijd kan ik een plek zoeken en mijn spullen opzetten. Met het zonnetje in mijn rug zit ik hier heerlijk. Hoewel de wedstrijd wat traag op gang komt. De acties vinden ook net buiten mijn bereik plaats. Wanneer het eerste doelpunt van de tegenstander is gevallen maakt dat iets bij de boys los. De acties volgen elkaar nu sneller op. Er wordt wat meer geduwd en tegengas gegeven en voor we het weten valt doelpunt twee voor de tegenstander. Het lijkt er op dat ze deze pot gaan verliezen.  Uiteindelijk weet ’s-Gravendeel de boel om te buigen en winnen de wedstrijd met 3-2. Nog steeds staan ze bovenaan in deze competitie. 

Voor we het dorp verlaten stappen we nog snel even Vriendlief’s favoriete winkel binnen. Waar ik voor een appel en een ei een nieuwe skibroek scoor. Veel later dan gepland zijn we weer thuis. De wandeling met Draak zit er voor vandaag niet meer in. Want Poownie staat ook nog te wachten. En die wil ik voor de verandering graag bij daglicht bezoeken. 

Poownie herkend sinds enige tijd het geluid van mijn auto en staat al te hinniken bij het hek als ik het erf op kom lopen. Uiteraard heeft ie net voor ik aankwam nog even heerlijk door het zand gerold. Zijn vacht zou wit moeten zijn maar op dit moment is beige meer zijn kleur. Hij barst van de energie dus gaan we eerst de rijbak in om wat stoom af te blazen. Voor hem is het ook zalig weer. Wanneer hij al bokkend en rennend rondjes aan het rennen is ben ik maar wát blij dat ik er niet op zit. Voor een bejaarde knol heeft ie nog voldoende power.

Samen met een stalgenoot en haar paard sluiten we de dag al wandelend af. Tijdens het gouden uur zet de zon alles in een tijdelijke gloed. De polder ziet er hierdoor prachtig uit. Het is al schemerig als ik weg ga. Al met al toch lekker heel de dag buiten kunnen doorbrengen. Nu aan de bak met alle foto’s die nog liggen te wachten. 

 

 

 

***

A Pirate’s Life for Me…

Er zijn momenten dat ik mij afvraag waar ik nu weer in beland ben. Zo dacht ik vorige zomer een gezellig autoritje te maken. Mee blèren met de radio op standje tien en zwaaien naar andere voorbijgangers. Maar na dat ritje belande ik opeens in een ander vervoersmiddel. Ze noemen het een boot. Nog nooit van zoiets gehoord laat staan dat ik wist wat het was. Nou, nu weet ik het hoor. Het is niks anders dan een grote schommel met zitplek voor meerdere mensen. En sinds ik mee ga dus ook voor vogels. 

Mijn hobby is zonnebloempitten eten, walnoten open breken en de boel slopen. Schommelen kan ik thuis ook. Dus zoals een echte Amazone betaamd maakte ik er een flinke scene van. Vond alles eng en zorgde dat ik overal mijn nagels inzette. Het liefst in haar arm. Ik verloor haar geen moment uit het oog. Ze vertelde mij dat het toch veel gezelliger is als ik mee ga!? Anders zit ik alleen thuis. Op dat moment kon het mij niks schelen. Dan maar alleen thuis. Nog altijd beter dan die zeebenen. Ik zag letterlijk groen en geel na zo’n middag.

Maar… Ik kwam daar toch wat knarsensnavelend op terug. Ik ben nu eenmaal een gezelligheidsdier en vind het leuk om de aandacht te krijgen. Wanneer de mensen niet thuis zijn, is er dus ook geen aandacht. Ze beloofde mij een eigen plek. Niet meer los op de arm. Dus de keren erna besloot ik mij minder paniekerig op te stellen. Mijn eigen plek is een reiskooi met zitstok, speeltjes en voerbak. Ik sta prominent op de tafel en heb zo zicht op alles. Toegegeven, dat is soms wat overweldigend. Maar met tralies om mij heen hoef ik niet bang te zijn dat ik zomaar wordt opgevroten door een stel luidruchtige agressieve zeemeeuwen of per ongelijk in het water val. Zwemmen is nu eenmaal niet mijn ding.

Vroeger, in de tijd van zeerovers en piraten, was een papegaai op een boot heel normaal. Nu heb ik veel bekijks. Daar zal je mij niet over horen klagen hoor. De menselijke beleefdheidsvormen heb ik tot een ware kunst verheven. Zodra we andere boten passeren en dat doen we geregeld, roep ik netjes “hallo” en daarna gil ik nog even: “dag hoor! Tot strakjes!” Als ze geluk hebben zwaai ik ze na. Je moet hun reacties eens zien. Ze vinden het fantastisch.

Ik ben zelfs een aantal keer mee geweest wanneer ze ging wakeboarden. Hoe moest ik nu weten wat ze ging doen?! Nu dus wel. Opeens lag ze in het water. Ik gillen: “straks word je opgevroten door meeuwen, of erger, haaien!” Maar ze had de grootste lol. En opeens stond ze achter de boot op een plank naar mijn te gillen en te zwaaien. Dus ik maar terug gillen en zwaaien, geen idee waarom. Maar ik mis wel vaker het hoe en waarom bij menselijke communicatie. Gekke hobby’s heeft ze hoor!

Dat snelle varen is niet echt mijn ding. Maar dat dobberen in gezelschap van de mens is toch best gezellig. En wanneer we voor anker gaan is dat vaak in een beschutte baai, waar ik de andere vogels kan horen fluiten. Op een veilige manier kan genieten van het buiten zijn en dan alle aandacht die ik krijg als ik op het voordek zit. Yo Ho a Pirate’s life for me ….

 

Papegaai mee op de boot.

 

Voor de liefhebbers: Groene Draak heeft zijn eigen Insta account.

 

 

***