Corona’s voordeel….

De afgelopen twee jaar heb ik het sporten weer lekker opgepakt. Hoewel het hardlopen er niet echt meer inzit in verband met een terugkerende knieblessure kan ik mij toch prima vermaken in mijn eigen “sportschool” thuis. Met de wintersport aan het begin van ieder jaar ligt de nadruk vooral op het aansterken van spieren die ik met het snowboarden gebruik. Ervaring heeft mij geleerd dat ik zoveel meer van mijn week in de sneeuw geniet met een gedegen voorbereiding. Bij terugkomst ligt het fanatiek sporten even stil tot ik besluit dat het warm genoeg is om te wakeboarden. Ik begon dan eigenlijk veel te laat, waardoor de eerste paar keer in het water gepaard ging met gigantische spierpijn na een sessie.

Dit jaar ging het er echter iets anders aan toe. We waren net terug van de wintersport of corona kreeg de overhand. Mijn doorgaans gevulde dagen misten vanaf dat moment iedere vorm van regelmaat en ritme. Ik had er moeite mee om mijn dagen productief en nuttig te vullen. Na enige tijd begon ik mijzelf in de weg te zitten. Ik voelde mij rusteloos, nutteloos en sliep ook nog eens bar slecht. Na twee weken was ik er al helemaal klaar mee. En alle klote klusjes in huis waren inmiddels ook wel gedaan. Dit moest anders…

Op het moment dat ik door had dat het zo niet langer ging, want niemand kon nog voorspellen hoelang corona ons land in “gijzeling” zou nemen, gooide ik het roer compleet om. Ik heb dan misschien geen volle dag te vullen met werk, ik deed gewoon alsof. Ik bouwde weer regelmaat en ritme in. Ging op tijd naar bed en stond er vroeg weer naast. Ging wat slimmer om met mijn eetgedrag en voegde wat meer glazen water per dag toe. Door iedere dag iets te doen wat in mijn ogen nuttig was hoopte ik meer voldoening uit mijn dag te halen. En ik besloot meer te gaan sporten. 

Vooral dat laatste was een prima beslissing. Ik intensiveerde mijn work-out. Op Pinterest vond ik inspiratie voor andere, nieuwere en uitdagendere buikspieroefeningen op mijn yogamat. Ik vond oefeningen om ook mijn onder- en bovenrug te verstevigen en vond zelfs evenwichtsoefeningen voor op mijn balanceboard. Daarnaast vond ik ook nog wat handige oefeningen met een heel simpel elastiek. Vervolgens doe ik nog de nodige cardio oefeningen op de apparaten die ik hier thuis heb staan. 

Een maand of twee terug heeft vriendlief ook een bokszak op zolder opgehangen. Met wat oefeningen van mijn “oude vriend” Billy Blanks kan ik ook daar helemaal op los. Stond ik vroeger in het luchtledige te trappen en te slaan, heb ik nu wat meer weerstand. Ik combineer en wissel heel wat af en werk mij letterlijk in het zweet. 

Sinds begin mei heb ik ook een Stand Up Paddleboard aangeschaft en SUP ik iedere week een paar kilometer. Soms hier achter in het park, soms op het grote water. Net hoe het uitkomt en wat voor weer het is. 

Dit alles heeft er voor gezorgd dat ik inmiddels, onbedoeld, een paar kilo ben kwijtgeraakt. Mijn spieren zijn flink aangesterkt en ik kan mijn “ei” tenminste kwijt. Dat laatste is niet alleen voor mij maar ook voor de mensen om mij heen wel erg fijn! Nooit eerder was ik summerproof nog voor de zomer begon. Heeft Corona toch nog aan iets positiefs bijgedragen… 

 

 

*Dit blog verscheen eerder ook op “Hoe vrouwen denken.”   

What SUP II…

Inmiddels heb ik een aantal keer geSUPt. Het wiebelige gevoel is al minder en ik weet hoe ik mijn bochten moet maken. Tijd voor mijn aller eerste echte tour dus! Ik plan dit in op Hemelvaartsdag want vrij en, lucky me, het blijkt ook nog eens zalig weer om op het water te zijn. Helaas is driekwart van de Nederlandse bevolking ook vrij en die besluiten massaal het zelfde te doen. Om de drukte een beetje voor te zijn vertrek ik wat vroeger op de dag. Het Waaltje is mijn bestemming. Bij aankomst is er nog precies 1 parkeerplek vrij. De rest wordt in beslag genomen door auto’s en busjes van een grote groep zwemmers. Het zijn er zoveel dat ik bijna aan een wedstrijd denk. 

Het grote grasveld aan het water is nagenoeg leeg (later op de dag is het zo vol dat de politie de boel ontruimt en afsluit). Ruimte zat om mijn spullen uit te stallen en de boel op te pompen. Ik trek geen wetsuit aan, het is immers bloedheet en ik ga mijn best doen niet te vallen. Vriendlief is toch wel nieuwsgierig naar mijn nieuwe bezigheden op het water en besluit polshoogte te komen nemen. Samen lopen we naar het water waar hij nog wat foto’s maakt voor ik afscheid van hem neem. Ik peddel om wat zwemmers heen, zwaai nog een keer achterom en ga voorzichtig staan op het board. 

Het juiste gevoel krijgen lukt steeds sneller. Een tweetal boten halen mij in en laten de golfslag voor mij achter. Ik blijf staan! So far, so good! Bij de brug, waar ik onderdoor moet zie ik vriendlief weer staan. Er volgt nog een kodak fotomoment maar dan moet ik echt bukken. De tunnel die volgt geeft een soort Vliegende-Hollander-Efteling-effect. Wanneer ik er onder door ben waan ik mij in een compleet andere wereld. Niet van de sprookjes overigens, wel van de watersporters. Ik zie bootjes, kano’s, zwemmers en suppers!

Als ik deze route helemaal tot het einde zou paddelen heb ik 7 km enkele reis achter de rug. Dat is voor nu te veel want ik moet ook nog terug. Dus ik paddel tot aan de molen, die verder stond dan gedacht, en terug wat neer komt op 7 km retour. Onderweg kom ik nog meer suppers tegen. Maak ik een praatje met een visser en er wordt mij door twee bouwvakkers een lunchplek aangeboden bij een bouwkavel. Inmiddels is de molen ook in zicht. Helaas is het op dit stuk heel druk met pleziervaart dus ik besluit te keren en het tempo op te schroeven. Na enige tijd beginnen mijn spieren te verzuren dus las ik een korte pauze in. 

Terwijl ik bijkom laat ik mij meevoeren door de stroming. Het water is hier echt super helder. Ik zie de waterplanten en hier en daar een vis. Ook vergaap ik mij aan de grote huizen die langs het water staan. Als de bocht in zicht komt ga ik weer staan en paddel terug naar de tunnel. Dan is het nog een kleine 500 meter voor ik bij mijn opstappunt terug ben. Ik ben bijna twee uur onderweg geweest. Dat voel ik ook wel aan mijn lichaam.

Terwijl de jeugd zich een stukje verder vermaakt op en in het water blijf ik nog even liggen op mijn board. Even bij komen van deze complete workout waar ik overigens intens van heb genoten.

Moai subboard

What SUP…

Hij stond al even op mijn verlanglijst. Het is er echter niet eerder van gekomen dan begin mei. Eerst werd het winter met smerig vies weer. Vervolgens kwam corona de hoek om janken. Weg vrijheid!! Gelukkig werden de teugels na een paar weken iets gevierd en dat vierde ik door mijn eigen (inflatable) SUP aan te schaffen. Eindelijk!!

Eerst werd ik uitgelachen door Vriendlief. Staand paddelen? Daar is toch geen hol aan! Dat is direct het grote verschil tussen ons. Ik vind het heerlijk om neurotisch actief bezig te zijn. Terwijl hij het liefst een versnelling terug neemt. Toegegeven, dat kan ook fijn zijn. Maar niet te lang. Anders blijf ik in die lethargische modus hangen. Wij gaan ook wel eens samen kanoën en dan hoor ik geregeld: “doe eens rustig!” Of “paddel niet zo snel!” Terwijl ik denk: Schneller, Schneller!!

Ik wilde dus al enige tijd mijn waterhobby uitbreiden met iets actiefs. En nu ligt het hele gevaarte midden in mijn woonkamer. In de doos leek hij niet zo groot. Maar eenmaal “opgeblazen” is de plank 3.20 meter lang. Oh boy, als dat maar goed gaat komen. Het duurt ook nog eens drie dagen voor ik hem kan uittesten op het water. Gelukkig is het precies die dag super zonnig en goed weer. 

We varen uit met Merlin en gaan op zoek naar een testspot. Het is dan wel 26 graden, er staat wel een redelijke wind en het water is ook niet al te rustig. Omdat het weekend en lekker weer is, is het ook drukker op het water dan anders. Grote boten, sloepjes, motorboten en zelfs zeilbootjes passeren ons en wij hen. Als het hier lukt, houd ik mijzelf vol, lukt het overal. Een slim mens boekt eerst een les. Maar ja, corona… 

We vinden een mooie plek en gaan voor anker. Een paar meter verder is een baai met laag water, zandbodem en geen andere boten. De stroom en golfslag is hier ook een heel stuk minder. Uit voorzorg trek ik toch mijn wetsuit en zwemvest maar aan. Er is een reeële kans dat ik te water ga en dat is op dit moment nog niet warmer dan een graad of 17. 

Het oppompen van de SUP duurt een minuut of 8. Hiermee heb ik direct mijn warming-up te pakken. Heel voorzichtig schuif ik van de boot op mijn SUP. Dat voelt op zijn zachtst gezegd wat onwennig. Ik blijf de eerste paar minuten op mijn knieën zitten om het gevoel en evenwicht te vinden. Ik paddel tegen de stroming in richting de baai en pak direct mijn eerste golfjes mee. *Wiebelig*

Dan moet ik gaan staan, wat zowaar direct lukt. Even voelt het alsof ik voor het eerst met mijn snowboard boven aan de rode piste sta en mij afvraag hoe ik in vredesnaam heelhuids beneden moet komen. Ik krijg toch de slag te pakken. Hoe harder ik paddel hoe makkelijker het gaat en hoe stabieler ik sta.

Meer dan een uur ben ik bezig om mijn board te leren kennen. Daarbij heb ik een complete workout achter de rug. Dat merk ik pas als ik kei moe en enigszins trillend terug op de boot klim. Maar ik ben als een kind zo blij!! De spierpijn die ik de volgende dag voel neem ik voor lief. Dat went vanzelf. Ik kan niet wachten om mijn eerste tourtjes te gaan maken… 

Moai supboard in het water.

MOAI SUP 10’6

 

 

In de tussentijd… Yin Yoga.

Een tijd terug vertelde mijn stalgenoot dat ze een opleiding tot Yin yoga docente aan het volgen was. Bij yoga denk ik altijd aan vreemde houdingen en uberlenige lichamen. Matjes op de grond en mensen in kleermakerszit die volkomen zen zitten te wezen. Ik heb nooit aan yoga gedaan en heb dan ook geen idee wat het allemaal met je (lichaam) doet. Mijn beeld van yoga is dan ook niet uit eigen ervaring opgebouwd maar meer een interpretatie van wat mijn geest er in de loop van de tijd van heeft gemaakt… 

Door het enthousiasme van mijn stalgenoot werd ik toch wel nieuwsgierig en nu mijn interesse gewekt is wilde ik er, zoals bij alles, meer van weten. Er zijn heel veel verschillende yogavormen. Ik ga je niet vermoeien met wat yoga is, dat zoek je zelf maar op. Yin Yoga is er dus een van. De houdingen worden bij deze vorm langere tijd aangehouden. Gemiddeld een minuut of drie. Meestal gebeurd dit zittend of liggend. Yin yoga is er op gericht om gewrichten, pezen en bindweefsel te versoepelen, te ontspannen en te versterken. Je bent minder bezig met aan- en ontspannen van spieren. Die moet je zoveel mogelijk loslaten. 

Mijn stalgenoot zou in het voorjaar een aantal proeflessen gaan geven en het leek mij leuk om daar aan mee te doen. Een laagdrempelige manier om kennis te maken met (deze manier van) yoga. Maar corona gooide jammer genoeg roet in het eten. De proeflessen gingen niet door. Uiteindelijk besloot ze de lessen thuis op te nemen en digitaal te delen. Kon ik toch meedoen. 

Nou, daar lig ik dan, op mijn mat in de woonkamer. Ze geeft uitleg gevolgd door de eerste houding die we moeten aannemen. Ik doe braaf mee. Op het moment dat mijn gedachte afdwaalt hoor ik vanaf de laptop om vooral de aandacht terug te brengen naar mijn ademhaling. Doe ik braaf. Bij een volgende oefening, iets met rechterarm onder lichaam door steken en vooral blijven ontspannen terwijl alles op spanning staat, vraag ik mij af of er misschien nog wat snelheid in komt. En hoe grappig, ik krijg bijna direct weer antwoord dat het niet gaat om de snelheid, maar dat het juist gaat om de rust en dat de zwaartekracht zijn werk moet doen. 

Wanneer je oncomfortabel op de grond ligt is drie minuten toch wel vet lang. Op het moment dat ik denk het niet meer vol te houden hoor ik dat pijn niet mag, maar ongemak niet erg is. Wait what?! Alsof ze naast mij in de kamer staat.Voor ik het weet zijn we met het afsluitende stuk begonnen en zijn we dus alweer meer dan een uur verder. Wauw, de tijd is echt omgevlogen. 

Het effect voel ik direct na de les. Mijn nek, rug en heupen voelen een stuk losser. Mijn schouders tintelen helemaal en het bloed voel ik letterlijk stromen. Een uur na de les voelt mijn rug alsof ik een massage heb gehad. Terwijl ik enkel als een vlinder, banaan, kind en een Sfinx op de grond gelegen heb. We zijn nu een paar weken verder en ik vind het een mooie tegenhanger van mijn intensieve sportmomenten, waarbij ik juist mijn spieren steeds aanspan en aanspreek om verder en meer te geven. Inmiddels kan ik dus ook uit eigen ervaring putten. Mijn lichaam is er erg blij mee!!

Geen ontkomen aan…

Het is halverwege de week als ik het voel opkomen. Het kan ook niet anders met een zieke man thuis en een zieke collega tegenover mij. Ik geef er niet aan toe. Ik kan niet en ik wil het niet. Het is mij zo eerder gelukt om er niet door getroffen te worden. Dus gewapend met paracetamol, keelsnoepjes en andere allerhande middeltjes vertrek ik naar het werk. Daar bestaat mijn werkdag uit veel warme thee en de hoop op zo min mogelijk telefonische geneuzel en gepraat met collega’s. Dat laatste is overigens niet zo heel moeilijk. We zijn op dit moment hartstikke onderbezet door een aantal langdurig zieke en een vakantieganger die deze week voor een maand vertrokken is naar de zon. Ik mocht helaas niet met haar mee. 

Ik kom de dag redelijk door. De tweede dag is echter een ander verhaal. Met een kop vol snot, een strot als schuurpapier en het gevoel dat het buiten -15 is terwijl het zweet op mijn voorhoofd staat verschijn ik op het werk. Ik ben zoals zo vaak de eerste zodat ik in alle rust kan opstarten. Ondanks de kou gooi ik toch de ramen open. Frisse lucht is het enige waar ik aan kan denken. Wanneer de collega’s binnen druppelen moet het raam dicht, want te koud! Dus het raam gaat dicht en ik stik een langzame dood achter mijn bureau. Die dag drink ik liters thee en spray mezelf gek met neusspray die totaal niet werkt. Aan het einde van de dag ben ik zo gesloopt dat ik trillend naar huis vertrek. Eerst langs de apotheek voor de nodige KNO-medicatie. 

Na het eten sleep ik mijzelf voort naar knollenland. Het is mijn voerbeurt en er staan 8 uitgehongerde paarden naar mij te kijken alsof ze weken niks te vreten hebben gehad. Terwijl niet eens alle hooiruiven leeg zijn. Ik ben buitenadem als alles gevuld is. Om daarna met knikkende knieën stront te scheppen. Zo klinkt het hebben van een paard een heel stuk minder romantisch he?! Hoewel er lucht in overvloed is lijkt het wel of ik niet voldoende zuurstof binnen krijg. Het arme paard is in de veronderstelling dat we ook nog een grasje gaan pikken maar ik heb er letterlijk de kracht niet meer voor. 

Ik voel mij koortsig als ik onder de douche sta. Oh en zielig, dat ook!! Met een aspro en nieuwe neusspray duik ik m’n bed in. Maar van slapen lijkt het niet te komen. Ook nu voelt het alsof ik zuurstof te kort kom. Ik gooi de balkondeur open en trek een extra deken over mij heen. De koude lucht die over mijn gezicht strijkt wiegt mij, een paar uur later, dan eindelijk in slaap.

Veel te vroeg gaat de wekker en daarmee ben ik plots weer in het land der grieperige mensen. Al klappertandend druk ik op snooze. Na drie keer snoozen moet ik er toch echt uit. Maar het lukt niet. Ogen, neus en oren zitten dicht. Ik heb nagenoeg geen stem en ik tril over heel mijn lichaam. Met tegenzin bel ik mijn baas, die dit echt niet tof vind maar hiervan niets laat blijken. Hij neemt de honneurs voorlopig waar. Zelf duik ik mijn bed weer in. Nu eerst maar eens even flink uitzieken… 

 

 

 

*🤧🤒*

Morgen weer hoor…

Hoewel we ons op het open water bevinden waar snelvaren en watersport is toegestaan is het hier nog niet eerder zo druk met actieve watersporters geweest. De hele dag is het een komen en gaan met speedboten, jetski’s en ribs. Met daarachter een funtube in de vorm van een bank, donut of ander opblaasbaar object. En daarop uiteraard een aantal gillende kids. Ik lig lekker op mijn luchtbed achter de boot. Te dobberen op de golven die de andere boten voor mij produceren. Het is een van de warmste dagen van het jaar. Hier en daar hoor ik voorzichtig dat we mogelijk het warmterecord zullen gaan verbreken. Iets wat later op de dag ook wordt bevestigd. Maar voor mij is het nog steeds prima toeven. De golven geven een ontspannen gevoel waardoor ik waarschijnlijk vanavond in mijn bed nog aan het nadeinen zal zijn.

Het water ligt er super rustig bij. Ondanks de vele boten die voorbij komen. Er is nagenoeg geen golf te zien, terwijl er best wat stroming staat. Het lijkt wel een fluwelen deken die, zover het oog reikt, is uitgespreid over het water. Een super zachte boterachtige emulsie waar je, je zo in zou willen laten vallen. Na wat zonnestralen te hebben opgepikt bind ik mijn wakeboard onder mijn voeten om ook eens door die spiegel te glijden. Het lijkt nog het meest op snowboarden door de verse poedersneeuw. Of schaatsen op ijs waar nog niet eerder iemand is geweest. Het kost mij veel minder spierkracht waardoor het soms lijkt alsof ik zweef naast de boot. Het geeft een waanzinnig kick gevoel.

Dit water leent zich perfect voor wakeboarden of waterskiën. Voor ik het weet ga ik snoeihard. Misschien iets te hard voor mijn doen. Ik stuur in en probeer een sprong over de hekgolf. Yes, ik kom los en zeker een meter dit keer. Ergens, tussen de sprong en de landing gaat mijn bovenlichaam een andere kant op. Ik probeer nog iets te herstellen. Maar dat is ijdele hoop. Ik word loeihard op de even daarvoor genoemde fluwelen deken gesmeten. Zo boterzacht is het water niet hoor!! Ik laat mij niet kennen. Schut het water uit mijn oren en neus en ga voor een nieuwe poging.

Het is geweldig om mij zo te kunnen uitleven. Om steeds iets beter te worden. De vaste lezers weten dat ik al even bezig ben om mijn leercurve op te schroeven. En juist omdat het niet zo snel gaat is iedere stap naar beter een reuze sprong voor mij. Het is zo gaaf om iedere keer iets meer te kunnen en te durven.

Na een wakeboardsessie voelen mijn armen plots een paar cm langer door de kracht die keer op keer op de lijn komt. Mijn benen staan steeds op spanning omdat ik mijzelf in evenwicht moet houden, en mijn board moet sturen over en door de golven. Je zou het niet zeggen maar 15 minuten wakeboarden staat gelijk aan een uur actief in de sportschool. Ik heb een complete work-out achter de rug terwijl het buiten een graad of 37 is. Ik klim trillend terug in de boot. De spanning in mijn lichaam neemt direct af en even voel ik mij een plumpudding. Maar het was het meer dan waard. Morgen weer hoor!!

 

wakeboarden op de maas

 

 

***

De ochtendstond…

Au, dat doet toch wel even zeer als de wekker afgaat. Het is nog maar net 06.00 uur in de ochtend en ik had zelfs nog 1,5 uur langer kunnen blijven liggen. Maar de ochtendstond heeft goud in de mond. Of zo iets… Het is maar goed dat ik een ochtendmens ben en daardoor sneller opstart dan de heren hier thuis. Draak is wel een ochtendbird, maar zelfs deze tijden zijn niet aan hem besteed. 

Ik rek mij nog eens flink uit. Vervolgens voel ik heel bewust hoe lekker warm mijn bedje aanvoelt voor ik resoluut de dekens van mij afgooi. Met een paar passen sta ik in de badkamer om mij om te kleden. Nog eens een paar passen sta ik in mijn eigen “gym”. Boy wat doe ik mijzelf aan!? Terwijl ik de apparaten aanzet en mijn sportschoenen aan trek ontwaakt de rest van het gezin. Zoonlief komt half slaapdronken de trap af en blijft met grote vraagtekens boven zijn hoofd bij de deur staan. “Ben je gek of zo?” is de enige reactie die ik krijg. “Ja, jij ook moguh he!” roep ik terug. 

Ik start vandaag met een sessie van 10 minuten wandelen op de loopband. Hoewel de lente zich hier en daar echt al even laat zien is het ’s morgens nog rete koud. Mijn spieren en botten lijken hier ook wat moeite mee te hebben. Of het is gewoon het belachelijk vroege tijdstip. Dus begin ik lekker rustig aan. 

Mijn nieuwe wekelijkse routine sluit perfect aan bij mijn gestelde doelen van eind vorig jaar. Meer actieve minuten, meer stappen en verbrande calorieën per dag!! Ik ben ook al goed op weg. Alleen de twee weken dat ik ziek was kon ik het niet opbrengen om te sporten. Tot nu toe heb ik mijn wekelijkse doel netjes behaald en zit er al 50€ in de pot.

Wanneer ik ’s avonds sport staat de radio vaak lekker hard aan. Maar ’s morgens werk ik mijn oefeningen in stilte af. Eigenlijk is dat ook wel fijn. Het gezoem van de machines werkt als een mantra. Of als een soort meditatie. Mijn tien minuten wandelen zitten er op en schuif door naar de roeimachine. Ook dit programma bestaat uit tien minuten. Na een blessure ben ik wat voorzichtiger geworden met het roeien. Dus bouw ik het langzaam op.  Na het roeien volgt wederom de loopband maar nu een heel stuk sneller en met een hellingsgraad.

Oh de beentjes voel ik nu wel!! Ik besluit eerst wat buikspieroefeningen te doen voor ik op de crosstrainer stap. Dat is toch wel de cardio-oefening bij uitstek. Na een paar minuten voel ik de eerste zweetdruppels al op mijn voorhoofd verschijnen. Niet lang daarna wordt mijn gezicht als glijbaan gebruikt. De heren zijn bijna klaar in de badkamer, dus wandel ik nog wat uit op de band. Ik eindig met flink wat rek- en strekoefeningen en een groot glas water. 

Het is kwart voor 9 als ik kantoor binnenloop. Terwijl een aantal collega’s nog wakker moet worden heb ik er al aardig wat actieve minuten opzitten en kan direct aan de slag. Vanavond heb ik zelfs tijd over, want mijn uur sporten heb ik al lekker achter de rug. Tja, de ochtendstond heeft inderdaad goud in de mond….

 

 

***

Een goed begin…

Het was weer één van die ochtenden dat ik besloot lopend naar mijn werk te gaan. Na twee dagen ziek op bed gelegen te hebben liep ik namelijk drastisch achter met mijn stappen-doel. Eerder die week had ik mij opgegeven voor een nieuwe workweek hustle challenge bij de fitbitgroep. Ik bungelde ergens onderaan terwijl de rest van de groep totaal geen medelijden met mij had. Hun stappenteller stond niet stil en met het uur zag ik de afstand tussen hen en mij groter worden. Een enkeltje lopend naar mijn werk zou mij zeker iets meer dan 3000 stapjes opleveren. Een retourtje brengt mij al heel wat dichter bij de 10.000 stappen en met mijn bezoek aan Poownie later op de dag zou ik zelfs mijn doel van 12.000 voor die dag voorbij stevenen. 

Eerder dan anders vertrok ik van huis. Zoals altijd wanneer ik ga wandelen was ik weer eens veel te warm gekleed. Nog geen vijf minuten verder en mijn jas kan al open. Na nog eens tien minuten vervloek ik mijzelf omdat ik de verkeerde schoenen aan heb. Wat stom dat ik daar niet aan gedacht heb. Mijn gympies zitten lekker. Maar zijn niet geschikt om een half uur op de wandelen. Ik vertraag mijn tempo in de hoop dat ik de schade nog kan beperken tot een rode plek in plaats van een ontvelde hiel. 

De hele zomer ga ik al op de fiets naar de zaak. Het was dus even geleden dat ik deze afstand wandelend heb afgelegd. Ook al is het maar 2.5 kilometer, toch geniet ik er van. Een bijkomend voordeel is dat het mij ook nog eens een goed gevoel geeft om zo mijn dag te beginnen. Terwijl iedereen vermoeid aan zijn eerste bak koffie zit en zijn PC opstart ben ik, bruisend van energie, opzoek naar pleisters. Ook al is de schade aan mijn hiel beperkt gebleven, ik wil die plek toch een beetje ontzien. Ik moet immers ook nog terug naar huis.

Ik kijk op mijn fitbit en BAM, de eerste 4500 stappen zijn al binnen en het is nog niet eens 08.30 uur. Die heb ik vast in de pocket. Een goed begin is het halve werk. Daarom zet ik mijn gezonde mood voor die dag nog even voort. De koek die op tafel ligt laat ik daar lekker liggen. Evenals het gebak dat getrakteerd wordt door een collega die besloten heeft van werkgever te veranderen. Het lukt mij zelfs om uit de buurt te blijven van de snoeppot die, dit keer, gevuld is met wel erg lekkere snoepjes. Oh wat ben ik trots dat ik al deze verleidingen kan weerstaan. Mijn enige guilty pleasure op deze dag is mijn cappuccino met suiker. Waar ik dan stiekem een bak extra van neem. 

Om 17.00 uur begin ik aan mijn wandeling terug naar huis. Op mijn hiel prijkt nog steeds een grote pleister. Halverwege mijn wandeling voel ik mijn horloge trillen. Bingo, de 10.000 stappen zijn alvast gehaald. In de app zie ik dat ik mijn laatste plek verruild heb voor ergens halverwege de groep. Wanneer ik de avond afsluit met een wandeling met Poownie kan ik tevreden terugkijken op deze dag. Niet alleen genoten van het mooie herfstweer maar ook nog eens een prima tweede plek op de ranglijst en een nieuwe badge in mijn digitale trofeeënkast. 

 

 

 

***

Komt dat even mooi uit…

“Zo, dat zijn nog de originele die er onder zitten!” “Ja ja” zeg ik tegen de fietsenmaker terwijl we alle twee over mijn fiets gebogen staan. “Zeker 16 jaar oud!” Zeg ik er nog achteraan. “Dan heb je hem niet zo heel veel gebruikt?!” Is zijn weerwoord. Netjes in de schuur gestaan en alleen gebruikt met mooi weer. Dat zeg ik overigens niet. Ik antwoord met een lachje. De binnenband komt op verschillende plaatsen door de buitenband en veroorzaakt ook nog het gevoel alsof er een slag in mijn wiel zit. Dat ze nog niet uit elkaar geklapt zijn is een wonder. De rem loopt aan, snelbinders zijn stuk en zo zijn er nog een aantal zaken die gefixt moeten worden. Mijn fiets bleef in de werkplaats achter en ik ging lopend naar huis.

Net nu ik de smaak weer te pakken had, twee keer op een dag naar Poownie (gewoon omdat het kan!) en het mooie weer spelen natuurlijk ook mee, is ie stuk. Sinds ik dit blog schreef, heb ik veel vaker de fiets gepakt dan anders. En ja, dit keer zelfs in de regen! Maar…. Nu dus even niet. Van de vier fietsen die in onze schuur staan zijn er ook nog eens drie werkeloos. Twee van vriendlief en een van zoonlief. Ik ben voorstander van herintreden op de werkvloer dus besloot ze alle drie aan een inspectie te onderwerpen. Twee van de drie voldeden in ieder geval aan mijn eis.

Die van vriendlief was, zelfs met het zadel en stuur op de laagste stand, veel te groot voor mij. Haha ik kon niet eens bij de trappers. De fiets van zoonlief zag er, op wat spinnenwebben na, zo goed als nieuw uit. Hij heeft er maar een paar keer op gefietst, maar een mountainbike was niet geschikt als vervoermiddel naar school. Zadel en stuur bleken nog een stukje opgekrikt te kunnen worden. Hoewel hij nog iets aan de kleine kant was bleek ik er prima op te passen. Kwam dat toch even mooi uit…

Ik besloot er direct een rondje mee door de polder te crossen. Dat viel zwaar tegen. Hoe heeft hij het al die tijd uitgehouden op dat zadel. Alsof ik met mijn achterwerk op een spijkerbed was gaan zitten. Stug trapte ik door in de hoop dat de zadelpijn die ik nu aan het ondergaan was van tijdelijke aard zou zijn. De dagen die volgden ging het steeds iets beter. Ik kreeg zowaar de smaak te pakken. Bijna iedere avond trok ik eropuit. Al dan niet gecombineerd met een bezoek aan de Poownie. Mijn bovenbeenspieren wisten niet wat hen overkwam. Om niet na twee rondjes al geblesseerd te raken (inmiddels heb ik daar ervaring mee nl) bouwde ik mijn afstanden en snelheid langzaam op.

Zoonlief had niet eens in de gaten dat ik al meer dan een week op zijn “oude” fiets aan het touren was. Daarmee wist ik dat hij hem niet zou missen. Inmiddels was mijn eigen fiets ook weer terug en kon ik mijn rondjes afwisselen. Daar werden mijn bovenbenen blij van. Binnenkort wordt het tijd om de ruiterpaden (bij gebrek aan heuvels en zanderige weggetjes) in de polder al fietsend te gaan verkennen. Eens kijken of ik klaar ben voor wat offroad werk.

 

 

 

***

Zo moe…

Ik weet niet hoe het met jullie gesteld is? Het is voor mij heel goed te merken dat het einde van het jaar nadert. Ik ben lichamelijk versleten en geestelijk doodmoe. De accu is op. Het is steeds lastiger om mij ergens toe te zetten. Om mij op te laden weer iets te gaan doen of te ondernemen. Wanneer de wekker in alle vroegte afgaat ben ik geneigd te doen of ik hem niet hoor. Het is bijna een straf om mijn bed uit te komen. Mijn lijf voelt stram en stijf. Mijn ogen prikken al voordat ik ze open gewrikt heb. Om over mijn lijkwitte gezicht nog maar niet te spreken. Of is dit het proces van ouder worden?

Eenmaal op mijn werk gaat het best wel weer. Ik onderdruk een gaap of acht en drink meer koffie dan goed voor mij is. Ik kan een gelukzalig gevoel niet onderdrukken wanneer ik aan het einde van de werkdag denk. Het is lang geleden dat ik zo verlangend uit keek naar een avond niks doen. Bankhangen, boek lezen en tv kijken in de veilige, warme en vertrouwde cocon van mijn eigen huis. Het bleef echter niet bij één avondje. Inmiddels zijn we een paar weken verder. Hoewel ik mij soms nutteloos voel bij dit niksen, voelt het toch prima. Voor lichaam en geest zou het een stuk beter zijn wanneer ik de frisse lucht op zou zoeken. Rondje fietsen, wandelen. Lekker paardrijden. Maar geen van dit alles kan mij nu bekoren. 

Alleen de bank met zijn vreselijk grote aantrekkingskracht. Ik heb mij er met volle overgave aan toegegeven. Avond na avond. Week na week. Niet dat ik daar zielig zit te wezen. Vriendlief zit aan de andere kant van de bank en Groene Draak op mijn arm. Op schoot een boek en mijn rechterarm heb ik vrij voor een beker thee, een zak chips of een koppiekrauw voor Draak. Met gemiddeld één boek per week heb ik nu 52 boeken gelezen dit jaar en dus mijn reading challenge op Hebban ruim overschreden. Ik had namelijk ingezet op 40. Zoonlief heeft geprobeerd mij een abonnement op Netflix aan te praten. Als je dan toch op de bank zit… Hoe verleidelijk ook, daar heb ik voor gepast.

Hoewel ik nu in een gigantische fotoflow zit en iedere zaterdag langs de lijn te vinden ben, is het goed dat er een verplichte voetbalpauze aan komt. Naast het maken van de foto’s komt daar ook al het bewerken en verspreiden voor social media bij. Hoeveel voldoening het ook geeft, ik ben eigenlijk gewoon iedere zaterdag aan het werk. Nu de laatste wedstrijd van het jaar dit weekend geweest is, heb ik dus ook een paar weken verplicht weer echt weekend.

Een nadeel van dit niksen is dat ik nog minder zin en puf heb om überhaupt in beweging te komen. Het besef van tijd is ook een beetje weg. Oh, en dan hebben we mijn conditie nog. Die gaat ook met sprongen achteruit. Toch denk ik dat het af en toe goed is om toe te geven aan dit gevoel. De hele boel, zowel lichaam als geest, resetten. Daarom blijf ik mij nog even lekker nutteloos voelen, met mijn kerstvakantie als hoogtepunt. Een volle week uitslapen, bijtanken en bankhangen. Om in het nieuwe jaar weer fris en fruitig aan de “start” te verschijnen.

 

***