Change of plans… 

Terwijl ik voor de kast sta en mij afvraag wat ik vandaag aan zal gaan trekken hoor ik de wind door de bomen jagen. Ik trek de jaloezieën even snel uit elkaar. Net was er nog een zonnetje en oke, er stond wat wind maar niet zo veel als nu. Even heb ik spijt dat ik mijn geplande middag vol met huishoudelijke klusjes heb ingeruild voor een middag Stand Up Paddelen (SUPpen) met mijn nichtje. Dat wordt afzien ben ik bang. 

Deze middag reizen we af naar de Bergse Plassen in Hillegersberg. Zelf ben ik er nog nooit geweest. Maar op Google Maps ziet het er alvast leuk uit. Het water bestaat uit twee delen. De voor- en de achterplas. Er zitten een aantal watersportvereniging, havens en wat restaurants rond en aan de plas. En het leukste zijn nog wel de eilandjes met vakantiehuisjes op het achterste deel. 

Als we aankomen vinden we zowaar een plekje direct aan het water. Waar we onze boards kunnen oppompen en direct te water kunnen. Het weer is 180 graden gedraaid. Het is zo mogelijk nog iets harder gaan waaien en er vallen zelfs wat druppels. Gelukkig zijn we beide gekleed op wat frisser weer. We laten ons niet kennen en springen op ons board, nadat we eerst onze bidon met drinken vergeten en als we deze eenmaal hebben, weer in het water laten vallen haha. Op aanwijzen van mijn nichtje paddel ik de plas over. Op weg naar rustig vaarwater. Want de achterplas ligt namelijk wat meer beschut. 

We zijn nog geen 500 meter verder of het zweet breekt ons al uit. Ze had niet gelogen. Hoewel er toch nog flink wat stukken water open liggen is het er aangenaam vertoeven. De donkere wolken moeten zelfs plek maken voor de zon die echt zijn best doet om aanwezig te zijn. We doen een rondje om de fontein maar zorgen er wel voor niet al te dicht bij te komen. Met 30 graden een prima verkoeling. Maar nu iets te fris. Daarna gaan we door naar de eerste eilandjes. Omdat we steeds vanuit de wind de luwte weer in paddelen valt het dus reuze mee met de tegenwind.

Ik laat mij verbazen door alle leuke en bijzondere bouwwerken die aan het water staan. Van kneuterig knus naar bouwval met hier en daar een hippie lodge. Sommige mensen hebben er echt een fantastische plek van gemaakt. Compleet met buitensauna, zwembad en tuinkeuken. De enige manier om er te komen is per boot. Aan iedere tuin is dan ook een steiger te vinden met een grote diversiteit aan water-vervoersmiddelen.

Ondanks het weer had ik op een dag als vandaag wat meer volk op het water verwacht. Gelukkig voor ons, want zo hebben we geen last van de golfslag van voorbij varende boten. Alleen op de voorplas is het een drukte van jewelste met zeilbootjes van de zeeverkenners. We doen erg ons best om een gevarieerde route op de kaart achter te laten. Maar wanneer ik bij terugkomst de kaart bekijk zie ik dat we gewoon een heel gedeelte vergeten zijn mee te nemen. Maar ach met 1.5 uur onderweg en 5.5 km op de teller zijn we niet slecht bezig geweest. En toegegeven, dit was uiteindelijk een beter tijdverdrijf dan het huishouden… 

Suppen op de Bergse Plassen

Dat was juli… 

Stonden we in april en mei zo’n beetje stil, kwamen we in juni langzaam weer op gang maar scheurde we in versnelling zes door de maand juli. Nu is de maand gewoon alweer voorbij. Op de zaak konden we eindelijk weer een beetje normaal aan de slag. De regels werden dusdanig versoepeld dat het toe liet om weer te werken. Klanten kwamen ook langzaam weer tot “leven” en opdrachten stroomden net voor de bouwvak nog binnen. Terwijl de eerste collega’s met vakantie gingen greep uit zelf ook ieder moment aan om lekker bezig te zijn. Uiteraard niet alleen met werken. Niet zo gek dus, dat ik het gevoel heb dat de maand is omgevlogen.

Aan het begin van de maand zag ik de planning van de jeugdvoetbal. De teams hadden er in hun nieuwe samenstelling net een week trainen opzitten en mochten al direct aan de bak tijdens een paar oefenwedstrijden. Bij twee ervan kon ik mijn hart ophalen. Wat heerlijk om weer langs de lijn te zitten en actieplaten te schieten. Ik kan dan ook niet wachten tot het wedstrijdseizoen echt gaat beginnen. 

 FC Dordrecht jeugd tijdens wedstrijd

We hebben ook een paar zalige zomerse dagen mogen meepikken waardoor er heel wat tijd op het water gespendeerd kon worden. Eindelijk konden we onze vrienden mee nemen voor een vaartrip met Merlin. De afspraak stond al sinds vorig jaar maar door omstandigheden werd deze steeds verschoven. We gingen er lekker op uit en onze dag was naast een tocht door de Biesbosch, gevuld met bijpraten, eten en zonnen. Deze fijne dag sloten we af met een “diner” aan boord.

Al Stand Up Paddelend heb ik heel wat meters op het water gemaakt. Vriendlief kan sinds deze maand ook mee het water op. Hij heeft geen SUP-board maar zijn eigen kleine RIB. Daarover later meer. Samen hebben we het Waaltje al een aantal keer onveilig kunnen maken en hebben we (wederom) de molens van Kinderdijk bezocht. En dat was echt een prachtige avond. Geen wind, stroming of toerist. De zon stond hoog aan de hemel en we hadden de molens voor onszelf. 

suppen langs de molens van Kinderdijk

In de maand juli las ik vier boeken. Ik begon aan de driedelige serie van Ad van de Lisdonk. Een Nederlandse schrijver die een redelijk spannende thrillerserie heeft neergezet met zijn “Amazone” boeken. Toegegeven, sommige teksten zijn wat plat geschreven. Het heeft ook een hoog “24” gehalte maar desalniettemin leest het lekker weg. Ik eindigde de maand met Onmacht van Yvonne Doorduyn. Eveneens een Nederlandse schrijfster. Beetje sceptisch begon ik aan het verhaal maar het heeft mij aangenaam verrast. Binnen twee dagen was het boek uit.  

Ik eindig dit blog waar ik in juli mee begon. Ik adopteerde een papegaai. Een soort Foster Parrot Plan. Draak kreeg er, op afstand, een vriendje bij. “My Own Little Zoo” een kennis uit de papegaaienwereld, zorgt voor heel veel papegaaien. De meesten hebben speciale zorg nodig omdat ze (al dan niet door hun vorige eigenaren) op diverse fronten verwaarloosd zijn. Laura geeft ze een forever home met een papegaaienleven zoals hoort. Goede huisvesting, socialisatie, het juiste eten en speelgoed. Maar ook de nodige doktersbezoeken en “ziekenhuisopnames”. Dat kost geld. Heel veel geld. Deze familie doet, met zoveel liefde en toewijding, wat ik zelf niet kan. Daarom steun ik ze graag!! Wil je ook helpen? Kijk dan eens op hun facebook of instagram hoe je een bijdrage kunt leveren ❤️

De vogels van My Own Little Zoo

© My Own Little Zoo

 

Dit was mijn juli, hoe was die van jullie?

Whats SUP III, Kinderdijk …

Op facebook vond ik een groep met heel veel gelijkgestemden die enthousiast, zo niet enthousiaster, spraken over hun sup-hobby dan ik ooit zou kunnen. Ik las verhalen van diverse mensen die, net als ik, het leuk vinden om te recreëren op het water en tegelijk iets aan hun conditie willen doen. Maar er zijn ook wedstrijdsuppers, clean-up suppers, yoga suppers, suppers met de hond, toersuppers. De lijst is eindeloos. Dagelijks stromen er verhalen en vragen binnen. De geplaatste foto’s zijn erg leuk om te zien, net als de locaties en afgelegde routes die gedeeld worden. 

Via facebook werd ik lid van de afspraken-app voor sup-tochten door heel Nederland. Hoe leuk is dat?! Het duurde dan ook niet lang of de eerste afspraak was een feit. Suppen langs de molens van Kinderdijk. Aangezien Kinderdijk vanaf 2 juni weer open zou gaan voor publiek (Althans, dat was de bedoeling…) besloten we voor die datum nog snel even te gaan. 

Het is zondagochtend en nog geen 09.00 uur als ik de nagenoeg lege parkeerplaats bij Kinderdijk op rij. Voor nu is er in ieder geval plek zat. Ik maak eerst maar eens een verkenningsronde om te zien waar we straks te water kunnen. Er staat redelijk wat wind en ik ben blij dat ik een jasje aan heb. In totaal hebben er zes personen op de uitnodiging gereageerd. Afgezien van wat facebook contact zijn het allemaal onbekenden voor mij. Uiteindeljk blijven we met vier man over. Een persoon bleek zich gisteren al afgemeld te hebben en de ander ging het niet meer redden, want verslapen. Dat mocht de pret niet drukken. Na een korte kennismaking kan het oppompen van de sups beginnen.

Mijn warming-up heb ik er alvast opzitten en mijn jas kan uit. Direct naast onze auto’s is een soort kano aanlegsteiger, dus we kunnen gelukkig makkelijk te water. De heren nemen het voortouw en paddelden direct weg. Terwijl de twee dames eerst nog wat plaatjes willen schieten. Want zeg nu zelf, een mooie blauwe hemel met de molens als decor terwijl je er op enkele meters afstand langs paddelt is niet iets wat je dagelijks mee maakt.

De heren vragen zich af waar we blijven dus zetten we er de vaart in. Ik kom voorop te liggen en vanaf daar paddel ik met een van de heren verder. We raken in gesprek over lessen en techniek. Ik krijg wat handige tips die ik direct kan toepassen. We zetten even flink aan voor een sprint, maar hij is veel te snel voor mij. Na een honderd tal meters moet ik hem laten winnen. Als we de bocht door zijn komen we een aantal andere suppers tegen. Helaas hebben we flinke wind tegen. Zoveel zelfs dat we besluiten om halverwege te keren. Dat maakt de terugweg een stuk aangenamer. Er wordt nog een keer van paddels gewisseld om te testen of carbon echt lichter is en verder kletsen we heel wat af. 

Als we eenmaal bij het beginpunt zijn aangekomen (waar het inmiddels rete druk is!!) hebben we iets meer dan 6 km afgelegd in een kleine 1.5 uur tijd. Ik heb een geweldige tocht achter de rug, nieuwe mensen leren kennen en wat handige tips meegekregen. We wonen redelijk bij elkaar in de buurt, dus we zullen vast nog eens vaker met elkaar op sup-date gaan. 

 

Suppen langs de molens van Kinderdijk

What SUP II…

Inmiddels heb ik een aantal keer geSUPt. Het wiebelige gevoel is al minder en ik weet hoe ik mijn bochten moet maken. Tijd voor mijn aller eerste echte tour dus! Ik plan dit in op Hemelvaartsdag want vrij en, lucky me, het blijkt ook nog eens zalig weer om op het water te zijn. Helaas is driekwart van de Nederlandse bevolking ook vrij en die besluiten massaal het zelfde te doen. Om de drukte een beetje voor te zijn vertrek ik wat vroeger op de dag. Het Waaltje is mijn bestemming. Bij aankomst is er nog precies 1 parkeerplek vrij. De rest wordt in beslag genomen door auto’s en busjes van een grote groep zwemmers. Het zijn er zoveel dat ik bijna aan een wedstrijd denk. 

Het grote grasveld aan het water is nagenoeg leeg (later op de dag is het zo vol dat de politie de boel ontruimt en afsluit). Ruimte zat om mijn spullen uit te stallen en de boel op te pompen. Ik trek geen wetsuit aan, het is immers bloedheet en ik ga mijn best doen niet te vallen. Vriendlief is toch wel nieuwsgierig naar mijn nieuwe bezigheden op het water en besluit polshoogte te komen nemen. Samen lopen we naar het water waar hij nog wat foto’s maakt voor ik afscheid van hem neem. Ik peddel om wat zwemmers heen, zwaai nog een keer achterom en ga voorzichtig staan op het board. 

Het juiste gevoel krijgen lukt steeds sneller. Een tweetal boten halen mij in en laten de golfslag voor mij achter. Ik blijf staan! So far, so good! Bij de brug, waar ik onderdoor moet zie ik vriendlief weer staan. Er volgt nog een kodak fotomoment maar dan moet ik echt bukken. De tunnel die volgt geeft een soort Vliegende-Hollander-Efteling-effect. Wanneer ik er onder door ben waan ik mij in een compleet andere wereld. Niet van de sprookjes overigens, wel van de watersporters. Ik zie bootjes, kano’s, zwemmers en suppers!

Als ik deze route helemaal tot het einde zou paddelen heb ik 7 km enkele reis achter de rug. Dat is voor nu te veel want ik moet ook nog terug. Dus ik paddel tot aan de molen, die verder stond dan gedacht, en terug wat neer komt op 7 km retour. Onderweg kom ik nog meer suppers tegen. Maak ik een praatje met een visser en er wordt mij door twee bouwvakkers een lunchplek aangeboden bij een bouwkavel. Inmiddels is de molen ook in zicht. Helaas is het op dit stuk heel druk met pleziervaart dus ik besluit te keren en het tempo op te schroeven. Na enige tijd beginnen mijn spieren te verzuren dus las ik een korte pauze in. 

Terwijl ik bijkom laat ik mij meevoeren door de stroming. Het water is hier echt super helder. Ik zie de waterplanten en hier en daar een vis. Ook vergaap ik mij aan de grote huizen die langs het water staan. Als de bocht in zicht komt ga ik weer staan en paddel terug naar de tunnel. Dan is het nog een kleine 500 meter voor ik bij mijn opstappunt terug ben. Ik ben bijna twee uur onderweg geweest. Dat voel ik ook wel aan mijn lichaam.

Terwijl de jeugd zich een stukje verder vermaakt op en in het water blijf ik nog even liggen op mijn board. Even bij komen van deze complete workout waar ik overigens intens van heb genoten.

Moai subboard

A Pirate’s Life for Me…

Er zijn momenten dat ik mij afvraag waar ik nu weer in beland ben. Zo dacht ik vorige zomer een gezellig autoritje te maken. Mee blèren met de radio op standje tien en zwaaien naar andere voorbijgangers. Maar na dat ritje belande ik opeens in een ander vervoersmiddel. Ze noemen het een boot. Nog nooit van zoiets gehoord laat staan dat ik wist wat het was. Nou, nu weet ik het hoor. Het is niks anders dan een grote schommel met zitplek voor meerdere mensen. En sinds ik mee ga dus ook voor vogels. 

Mijn hobby is zonnebloempitten eten, walnoten open breken en de boel slopen. Schommelen kan ik thuis ook. Dus zoals een echte Amazone betaamd maakte ik er een flinke scene van. Vond alles eng en zorgde dat ik overal mijn nagels inzette. Het liefst in haar arm. Ik verloor haar geen moment uit het oog. Ze vertelde mij dat het toch veel gezelliger is als ik mee ga!? Anders zit ik alleen thuis. Op dat moment kon het mij niks schelen. Dan maar alleen thuis. Nog altijd beter dan die zeebenen. Ik zag letterlijk groen en geel na zo’n middag.

Maar… Ik kwam daar toch wat knarsensnavelend op terug. Ik ben nu eenmaal een gezelligheidsdier en vind het leuk om de aandacht te krijgen. Wanneer de mensen niet thuis zijn, is er dus ook geen aandacht. Ze beloofde mij een eigen plek. Niet meer los op de arm. Dus de keren erna besloot ik mij minder paniekerig op te stellen. Mijn eigen plek is een reiskooi met zitstok, speeltjes en voerbak. Ik sta prominent op de tafel en heb zo zicht op alles. Toegegeven, dat is soms wat overweldigend. Maar met tralies om mij heen hoef ik niet bang te zijn dat ik zomaar wordt opgevroten door een stel luidruchtige agressieve zeemeeuwen of per ongelijk in het water val. Zwemmen is nu eenmaal niet mijn ding.

Vroeger, in de tijd van zeerovers en piraten, was een papegaai op een boot heel normaal. Nu heb ik veel bekijks. Daar zal je mij niet over horen klagen hoor. De menselijke beleefdheidsvormen heb ik tot een ware kunst verheven. Zodra we andere boten passeren en dat doen we geregeld, roep ik netjes “hallo” en daarna gil ik nog even: “dag hoor! Tot strakjes!” Als ze geluk hebben zwaai ik ze na. Je moet hun reacties eens zien. Ze vinden het fantastisch.

Ik ben zelfs een aantal keer mee geweest wanneer ze ging wakeboarden. Hoe moest ik nu weten wat ze ging doen?! Nu dus wel. Opeens lag ze in het water. Ik gillen: “straks word je opgevroten door meeuwen, of erger, haaien!” Maar ze had de grootste lol. En opeens stond ze achter de boot op een plank naar mijn te gillen en te zwaaien. Dus ik maar terug gillen en zwaaien, geen idee waarom. Maar ik mis wel vaker het hoe en waarom bij menselijke communicatie. Gekke hobby’s heeft ze hoor!

Dat snelle varen is niet echt mijn ding. Maar dat dobberen in gezelschap van de mens is toch best gezellig. En wanneer we voor anker gaan is dat vaak in een beschutte baai, waar ik de andere vogels kan horen fluiten. Op een veilige manier kan genieten van het buiten zijn en dan alle aandacht die ik krijg als ik op het voordek zit. Yo Ho a Pirate’s life for me ….

 

Papegaai mee op de boot.

 

Voor de liefhebbers: Groene Draak heeft zijn eigen Insta account.

 

 

***

De laatste vaart…

Normaal varen we enkel met prettig weer. En daarmee bedoel ik een zonnetje, windkracht 0 en vooral geen regen. Maar nu de herfst al enige tijd huishoud en nog niet van plan is om te wijken voor de laatste zonnestralen van het jaar, besloten we onze “goedweer-vaar-mentaliteit” even overboord te gooien. Bikkels dat wij zijn, gaan we op onze vrije woensdag toch naar Merlin. In de hoop op wat rustig en vooral droog weer. 

De hele weg er naar toe komt het met bakken uit de hemel. De ruiterwissers maken overuren. Let op mijn woorden zegt Vriendlief. Zodra we aankomen schijnt de zon. En wel ja. Eenmaal op de parkeerplaats, waar de bokken en tonnen al klaar staan voor de boten die de wintermaanden op de kant doorbrengen, is het droog en schijnt de zon. Alsof het zo is afgesproken is er zelfs blauwe lucht zichtbaar. Een klein strookje maar het is er. 

Er is zoveel water gevallen dat het zelfs buiten zijn oevers treed. En de trap naar de steiger? Die staat bijna horizontaal. Zoals altijd doen we eerst een bak koffie. Daarna maken we de boot klaar voor vertrek en varen uit terwijl het zonnetje ons toelacht. Maar we zijn nog geen twee minuten weg of het begint alweer voorzichtig te regenen. Er is geen pleziervaart te bekennen. Wat begrijpelijk is, want echt plezierig is het niet met dit weer. Dat het nu zo rustig is heeft wel zijn voordelen. Eindelijk kunnen we ook eens aanleggen bij een steiger waar het normaal wemelt van de boten.

Dat doen we dan ook. Wanneer Merlin eenmaal vast ligt gaan we eerst eens op verkenningstocht. Er is een wandelpad dat geen idee waar naar toe leidt. De mogelijkheid om echt te ontdekken wat daar nog meer te zien is hebben we niet want daar is de regen weer. We lopen snel terug naar de boot waar we droog en uit de wind zitten. Ik verbeeld mij hoe de regendruppels al vallend pirouettes maakt terwijl het uiteindelijk uit elkaar spat op ons dak. Het maakt zo’n gezellig en knus geluid terwijl wij in de “voortent” van onze drijvende “caravan” zitten en van het uitzicht genieten. 

Er zijn wel geteld twee boten voorbij gekomen in al die tijd dat wij hier liggen. Niet druk op het water dus. Inmiddels is het lunchtijd, gevolgd door koffietijd. Wanneer de zon zich even laat zien is het super warm. We ritsen de “voorruit” los en kunnen zo toch lekke in de zon zitten. Terwijl vriend het er even van neemt pak ik mijn boek en wat lekkers. Zo brengen we de komende paar uur door. Geen hinder van de regen en toch lekker in de zon wanneer deze zich laat zien. 

Als de klok 16.00 uur aangeeft is het welletjes geweest. De wind is ook flink aangewakkerd. Hierdoor is het nog knap lastig om Merlin weer in zijn box te krijgen. Hij is licht en vrij hoog waardoor we een speelbal zijn voor de wind. Maar met een paar keer steken lukt het. Wanneer alle touwen weer zijn vastgemaakt begint het te hozen. We zijn dus net op tijd binnen. Zoals het er nu naar uitziet zou dit wel eens de laatste vaart van het jaar geweest kunnen zijn… 

 

Boot bij aanlegsteiger.

 

 

***

Dit doe ik niet nog een keer…

Gewoon omdat ie zo leuk was, een blog van vorig jaar: 

“Dat wil ik ook doen!!” Roept zoonlief als we over het strand lopen. Ik kijk waar hij naar wijst en zie een zestal jetski’s tussen wat “bananen” en waterfietsen in de zee dobberen. In Nederland moet je hier minimaal 18 voor zijn en een vaarbewijs hebben. In het buitenland zijn de regels iets soepeler. Maar met zijn 14 jaar is hij hoogstwaarschijnlijk nog steeds te jong. Ik wil zijn pret niet direct bederven dus zeg dat hij later in de week zelf maar moet informeren naar de mogelijkheden. Dat later in de week werd diezelfde dag nog. Want als zoonlief iets in zijn hoofd heeft… Aangekomen bij de informatiestand krijgt hij te horen dat hij minimaal 16 jaar moet zijn. Beteuterd loopt hij achter ons aan naar het hotel. 

“Waarom moet ik nu overal te jong voor zijn? Ik ben hier gewoon 16 hoor!” Probeert hij nog, al frunnikend aan zijn All-Inclusieve armband waarvan de kleur duidelijk aangeeft dat hij 16- is. Ik snap hem wel. Hij heeft de leeftijd zich niet meer bezig te willen houden met de zaken van een 12 jarige. Maar is nog te jong voor alles wat hem met 14/15 jaar wel boeit. Na een paar dagen kan ik zijn “leed” niet meer verdragen. Ik vraag hem of hij dan misschien samen met mij op een jetski wil. Want dan mag hij, gek genoeg, wel sturen. Dat was zo’n beetje het beste nieuws dat ik hem kon brengen, naast: de ijsjes zijn hier heel de week onbeperkt en gratis!

“Zo, ik ben best zenuwachtig!” Zegt zoon terwijl wij op het strand staan te wachten tot we opgehaald worden. Ik kijk hem vol ongeloof aan. “Ja van buiten doe ik wel stoer. Maar eigenlijk vind ik het heel spannend!” Ik moet lachen om zijn uitspraak. Dat ik zelf ook zenuwachtig ben omdat ik hem de kans geef te spelen met mijn leven, vertel ik hem maar niet. De “Banaan” vaart voor en met nog een aantal gasten worden we één voor één afgezet op een jetski.

Er volgt een korte uitleg over ons vervoermiddel en het gebied waar we mogen varen voor we van start mogen. Zoon is dus echt zo zenuwachtig dat hij dit stukje alweer kwijt is. “Euh, hoe start ik dit ding?” Nog voor ik hem vertel waarmee hij gas moet geven zijn we weg. De eerste tien meter nog voorzichtig maar daarna gaat het gas los. We stuiteren over en door de golven. Mijn houding is alles behalve comfortabel. Even ben ik bang dat ik hem doormidden knijp met mijn armen om zijn middel en dat hij een gehoorbeschadiging oploopt door mijn aanhoudende gegil. Maar het deert hem niet. Volgens mij heeft ie niet eens meer in de gaten dat ik ook nog achterop zit.

Na twee rondjes stuiteren op het water roep ik hem terug. (Aaaaaah, laat die tien minuten al voorbij zijn. PLEASE!!) “Een beetje minder mag wel hoor!!” Het duurt even maar dan vind ik ook een redelijk normale houding zonder zoonlief fijn te knijpen. Het enige dat ik nu nog angstvallig vasthoud is mijn hartje. Dat fladdert in mijn borstkas bij iedere golf die we nemen. Wanneer de tijd voorbij is ontglipt mij een gelukkige (ik heb het overleefd) gil. Terwijl zoonlief er van baalt dat we terug moeten. Maar in de zijspiegel zie ik één grote bigsmile op zijn gezicht. Missie geslaagd, maar je snapt, dit doe ik niet nog een keer!

 

 

***

Voor de wind …

Even terug naar 2016:

Nederland, waterland. Kilometers lange kust. Prachtige grachten. Met parken omzoomde rivieren. Mooie meren en grote, “woeste” wateren. Voor de liefhebbers is het heerlijk toeven op het water. Mijn vriend is opgegroeid met boten en heeft als kind met zijn vader zelfs een eigen zeilboot gebouwd. Een echte. Niet zo één van Playmobil.

Nu wil mijn vriend, “net als vroeger”, weer een boot. Ik was aanvankelijk niet helemaal overtuigd. Wat weten wij, of in ieder geval ik, nu van boten? Maar aangezien ik een voorliefde heb voor alles wat beweegt en altijd en immer nieuwsgierig ben, wilde ik het wel een kans geven. Omdat je niet overal en met elke boot zomaar mag varen, moest er nog wel iets meer gedaan worden. Dat betekende samen studeren om eerst ons vaarbewijs te gaan halen. Daarmee zou ik in ieder geval een klein beetje het idee hebben nog ergens iets van af te weten…

Vriend bladerde het boek één keer door om het daarna achteloos aan de kant te gooien. Zelf leerde ik mij het apelazarus, maakte aantekeningen, keek filmpjes en kocht een berg proefexamens in. Ik ging er helemaal voor. Varen is leuk en kennis is macht, toch? Was ik vroeger maar zo fanatiek aan de studie gegaan. Echt het zou toch om te gieren zijn wanneer ik straks met mijn eigen boot door het water zou mogen scheuren?!

Het leren begon goed. De stof was tot op een zeker punt eigenlijk heel logisch. Tot ik bij het onderdeel bruggen, sluizen en waterdieptes was aangekomen. Cijfers zijn nu eenmaal niet helemaal mijn ding. Er staat bijvoorbeeld: “H=30, KP=NAP-5, WW NAP+1 en je boot is 22DM boven water. Hoeveel DM speling blablabla…” Dan begint het me te duizelen. De oplossing was om de berekening dan maar te tekenen (hulde aan youtube!). Toen ik eenmaal doorhad hoe ’t werkte, snapte ik alle “wiskundige” abracadabra al beter. Daarna leerde ik dat de rechteroever best aan je linkerhand kan liggen. Dat een roeiboot voorrang heeft op een motorboot. Rechts gaat niet altijd voor links en al helemaal niet wanneer je… Nou ja, in ieder geval zat ik er lekker in.

Ik voelde mij een ware waternerd. Iedere dag, echt íédere dag was ik er mee bezig. Ik kreeg lol in het vergaren van kennis en het werd tijd om het echte examen aan te vragen. Dat was wel een dingetje. Eng. Alsof ik er nog niet klaar voor was, terwijl ik voor bijna ieder proefexamen slaagde. Er waren toch nog steeds een aantal onderdelen die ik niet goed uit elkaar kon houden. Op het moment dat mijn ego even niet keek, gaf ik mijzelf op.

Niemand wist van dit examen. Zelfs vriend niet. Stel je voor dat ik zou zakken… Onder werktijd piepte ik er tussenuit om het examen te maken. Ik was op van de zenuwen. Wat nu als er heel andere vragen gesteld zouden worden? Zoals altijd bleek het mee te vallen. Nadat de examinator mijn werk had nagekeken, kwam ze mij feliciteren. Met maar drie fouten was ik ruimschoots geslaagd én ook nog eens de nerd van de klas. Ik kreeg mijn vaarbewijs direct mee. Bij thuiskomst schoof ik het papiertje met een grote grijns onder de neus van mijn vriend. “Kijk! Nou kan tenminste één van ons twee legaal het water op!”

Nu die boot nog.

 

 

Dit blog verscheen vorige week ook op: “Hoe vrouwen denken!?”

 

***

De eerste dag…

De kofferbak gaat nog maar net dicht als ik de laatste tas in de auto gepropt heb. Er gaat wel heel veel mee. Maar het is dan ook onze eerste dag op het water sinds Merlin deze week weer op zijn vertrouwde plek in de haven ligt. Alles moet bevoorraad worden. Om nog maar niet te spreken over de kleding die meegaat. Het kan alle kanten op wat weer betreft. En hoewel onze drijvende caravan een dak heeft, hebben we het niet graag koud.

Bij aankomst volgt eerst maar eens een flinke schoonmaak. De eenden hebben nogal huisgehouden op de steiger die hierdoor te smerig is om op te lopen. Zodra wij binnen zitten komt er een aalscholver aanvliegen. Hij neemt plaats naast de nep-kraai, die aan het einde van de steiger op wacht staat om gespuis, zoals dit soort vogels, weg te houden. Met zijn houterige verschijning is hij duidelijk niet indrukwekkend genoeg. Misschien moeten we er één neerzetten met een bewegingssensor. De aalscholver heeft net een bad genomen en spreidt zijn vleugels om te drogen in de zon. Het ziet er prachtig uit van zo dichtbij. Onze buren, zowel links als rechts zijn er overigens ook nog niet, of zijn al uit varen. 

Er liggen nog wel meer boten op de kant maar niet zo veel meer als vorig jaar rond deze datum. Na het poetsen volgt zoals gebruikelijk een bak koffie met een koek. Dan kunnen de trossen los. Na vijf maanden niet gevaren te hebben moet ons lichaam weer even wennen aan het deinen op de golven. Het is niet heel erg druk op het water en dat verbaasd mij. Met de paasdagen zou je zeggen dat veel (water)mensen er op uit trekken met de boot. We varen naar de overkant en gooien het anker uit. Lekker even dobberen in de zon. 

Ik ga achter op het dek zitten, uit de wind maar wel volop zon. Wanneer vriendlief mij een bak koffie komt brengen is het eerste wat-is-het-hier-heerlijk-gevoel compleet. Rechts van ons springen drie kids in het water. Het water is echt niet warmer dan 16 graden. Ik voel met mijn grote teen hoe koud dit precies is. Hoewel ik mij voorgenomen had dit jaar meer bikkel te zijn sla ik echt nog even over. Ze houden het aardig lang uit. De zon speelt verstoppertje en na even aanwezig te zijn is ie weer voor een tijdje weg. Als het afkoelt besluiten we terug naar de haven te varen. 

Bij terugkomst worden we begroet door moedereend met negen heel kleine kuikentjes links. De Aalscholver op de volgende steiger. Ruziënde futen (die maken een herrie!) rechts en waterkipjes met kleintjes voor ons. Echt heel schattig al dat kleine volk rond de boot. Ik mag ze van vriendlief niet voeren. Want als ze eenmaal weten waar eten te halen valt krijg je ze, zelfs met 100 nep-kraaien niet meer van je boot. Het blijft dus bij foto’s maken. In de haven is het windstil waardoor we nog zeker een uur of twee blijven luieren voor we besluiten weer naar huis te gaan. Ja, dit was een prima eerste dag op het water. Kom maar door met die zomerse temperaturen!!

 

 

***

De laatste vaart…

We zijn niet de enige die besloten hebben om nog een rondje te gaan varen. Her en der horen we gepraat en gelach. Er klinkt wat gespetter met water maar verder is het stil. In de haven zelf is het redelijk rustig. De eerste boten staan zelfs al op de kant. Het zonnetje is in kracht afgenomen, maar ze doet nog flink haar best om de herfst op afstand te houden. Het water is als een spiegel zo glad. Ideaal voor een heerlijke wakeboardsesh. Maar de thermometer geeft aan dat het water niet warmer is dan 17 graden. Iets te koud voor mij. Vandaag is onze laatste vaart van het jaar en Draak mag gezellig mee.

Onze Belgische buren zijn dit weekend een nachtje overgebleven op de boot. Waarschijnlijk net wakker want ze zien er nogal slaperig uit als we ze ontbijtend op hun boot aantreffen. Aan boord zet ik Draak over van zijn reistas naar zijn bench. Daarin heeft hij meer bewegingsruimte, kan hij zich vasthouden als hij plots “zeepoten” krijgt en kan hij ook nog lekker klimmen en klauteren. We besluiten niet direct weg te gaan maar eerst nog even te genieten van de rust die overal op deze plek lijkt te hangen. Met een bak koffie in de ene hand en een koek in de andere laat ik mijn gezicht verwarmen door de zon. Ik word plots overvallen door een loom en tevreden zondagsgevoel en dat terwijl het zaterdag is.

Draak heeft zijn oog laten vallen op mijn koek en laat merken dat hij ook bij het reisgezelschap hoort. Vanaf dat moment is het gedaan met de rust. Al snel hierna gaan de trossen los en varen we uit. Draak heeft het hoogste woord. Iedere boot die wij zwaaiend passeren wordt door hem begroet met een “HALLO!”. De zeeverkenners zijn ook met een aantal groepen op het water. Er wordt gelachen en gezongen. Als het warmer zou zijn weet ik zeker dat er ook gezwommen zou worden. We varen op ons gemak naar één van de aanlegsteigers midden in het water, die bij goed weer altijd bezet zijn. Al twee keer op rij hebben we geluk. Vorige week was de laatste vrij en vandaag de eerste.

Als de motor zwijgt daalt er weer een diepe rust neer. Het enige dat we horen is het ruisen van de bomen, gekwetter van de vogels en uiteraard onze Draak. We besluiten eerst meer eens lekker in het zonnetje plaats te nemen. Gewoon even helemaal niks. Draak past prima met bench en al achter op het zwemplateau. Vanaf hier kunnen we alles op het water gade slaan. We lunchen rond 13.00 uur. Vriendlief besluit het één en ander nog even te gaan boenen voor de winterstop. Ik schuif Draak, met een stuk fruit in zijn bakkes, in de schaduw en duik zelf met een boek op de bank. De laatste dag maar het voelt als het begin van een vakantie.

Op de terugweg zitten we op het voordek en Draak vind het prachtig. Uiteraard komen we veel later dan gepland, bruiner en uitgewaaid, aan in de haven. Als een tornado gaan we door en over de boot zodat hij redelijk winter-klaar is en slepen zes tassen met spullen terug naar de auto. Ik kan niet anders zeggen, dit was een heerlijke afsluiting van een prachtig vaarseizoen.

 

Papegaai mee op de boot.

 

⚓️⚓️⚓️