300 jaar terug in de tijd…

Een paar jaar geleden droomde ik over mijn overleden moeder. We waren samen druk bezig met het doorbladeren van boeken en documenten toen ze ineens een blad omhooghield. “Cochem.” Meer stond er niet op. Ik had nog nooit bewust van dat plaatsje gehoord. Nieuwsgierig als ik ben dook ik er de dagen daarna in. Al snel ontdekte ik dat het een dorpje aan de Moezel was, bekend om de wijnbouw. Niet bepaald iets waar ik warm voor loop, in tegenstelling tot mijn moeder, die fervent wijnliefhebber was. Toch bleef één beeld hangen: een kasteel op een heuvel boven het dorp. En dus vertrokken we, ruim acht jaar na die droom, eindelijk richting Cochem.

Tijdens het plannen van de route en het zoeken naar overnachtingen kwam ik nog een plaatsje tegen dat mijn aandacht trok: Monschau. Ook daar had ik nog nooit van gehoord. Volgens internet was het echter een van de mooiste dorpjes van de Eifel, vol smalle straatjes en oude vakwerkhuizen. Dat klonk als iets wat wel eens in de smaak kon vallen. 

Monschau blijkt een geschiedenis te hebben die teruggaat tot de twaalfde eeuw. Rond 1195 werd boven het Rurdal een burcht gebouwd, waar later de stad omheen ontstond. In de eeuwen daarna groeide het uit tot een belangrijke handelsplaats. Vooral in de zeventiende en achttiende eeuw verdienden de bewoners goed aan de lakenindustrie. De rijkdom van toen zie je nog steeds terug in de imposante huizen, zoals het beroemde Rote Haus, dat tegenwoordig een museum is.

Zoals zoveel oude plaatsen kende ook Monschau roerige tijden. Het werd verwoest, herbouwd, bestuurd door verschillende machthebbers en zag uiteindelijk de bloeiende textielindustrie verdwijnen. Gelukkig bleef het historische centrum tijdens de Tweede Wereldoorlog grotendeels gespaard, waardoor je er vandaag de dag nog steeds door dezelfde straatjes kunt dwalen als eeuwen geleden.

En dwalen doen we. Vanaf het moment dat we het dorp binnenlopen voelt het alsof we een paar eeuwen terug in de tijd zijn gestapt. Smalle straatjes, scheefgezakte vakwerkhuizen en overal gezellige hoekjes die rechtstreeks uit een sprookjesboek lijken te komen. Tijdens de wandeling vanaf het fort naar het centrum krijg ik zelfs een beetje het gevoel door het Sprookjesbos van de Efteling te lopen. Het is wachten op Pardoes, die vanuit een steegje tevoorschijn komt springen. 

Na een rondje door het dorp, wat gesnuffel in de toeristische winkeltjes en een onverwachte klim naar een uitkijkpunt dankzij mijn inmiddels bekende “hé, waar zou dat paadje heen gaan?” mentaliteit, vinden we dat we een beloning hebben verdiend. We bezoeken een gezellig uitziend terras en trakteren ons op koffie met een apfelstrudel waar werkelijk alles op en aan zit. 

De tijd lijkt daar stil te staan en het is pas drie uur verder als we besluiten om door te rijden. Voor ons, zelfverklaarde cultuurbarbaren, is dit ook precies lang genoeg. We zoeken het adres op van ons eerst volgende hotel, een paar kilometer buiten Monschau, om ons voor te bereiden op het volgende avontuur van de reis.

Castrum Caofstein…

We rijden er ieder jaar minstens één keer doorheen. Maar daar blijft het dan ook bij. Er valt op dat vroege tijdstip nog niet veel te zien en na een reis van ongeveer negen uur zijn we blij om op onze plek aan te komen. Voor mij was Kufstein niet meer dan een stip op de kaart, een plaats waar we de grens overgaan naar Oostenrijk. Maar meer ook niet. Tot nu!! 

Kufstein is een fascinerende stad in Tirol, Oostenrijk en vlak bij de Duitse grens. Ik dacht altijd dat dit een soort minidorpje was maar het blijkt met 19.223 inwoners gewoon een compacte stad te zijn. Voorzien van een rijke geschiedenis en dat is precies waar ik dol op ben. Dus toen we na een dagje acclimatiseren uitgerust waren besloten we terug te rijden en het stadje met zijn burcht te gaan verkennen. 

In het hart van de stad, hoog op een rots boven de rivier de Inn, torent de burcht uit als een stille getuige van eeuwen strijd, macht en verhalen. Ooit, in 1205, stond hier het ‘Castrum Caofstein’, in handen van zowel bisschoppen als hertogen. De muren zagen hoe politieke intriges en huwelijken hun stempel drukten op het lot van het kasteel. In 1342 werd de burcht zelfs een huwelijksgeschenk aan Margarethe “Maultasch”, de eigenzinnige hertogin van Tirol. Haar bezit was echter van korte duur, want in 1504 verscheen keizer Maximiliaan I voor de poorten, gewapend met reusachtige kanonnen, waarvan er nog steeds een hoop te bezichtigen zijn. 

De muren hielden niet stand en de burcht werd versterkt tot een onneembaar bolwerk. Met muren die tot wel zeven meter dik waren. Door de eeuwen heen wisselde Kufstein regelmatig van eigenaar. Beierse troepen, Oostenrijkse soldaten en zelfs Napoleons invloed maakten dat de vlag op de torens meer dan eens werd vervangen. Pas in 1814 werd het fort definitief Oostenrijks grondgebied. Binnen de muren speelde zich niet alleen militaire geschiedenis af. In de negentiende eeuw veranderde de burcht in een beruchte gevangenis voor politieke gevangenen, waaronder Hongaarse vrijheidsstrijders en dichters. Hun verhalen blijven als een fluistering hangen in de koude stenen gangen. 

Tegenwoordig herbergt de burcht een ander soort erfgoed. In 1931 werd in de Bürgerturm het Heldenorgel geïnstalleerd, het grootste openluchtorgel ter wereld, met bijna vijfduizend pijpen. Elke middag klinken de tonen over de stad, soms gedragen door de wind tot ver voorbij de stadsmuren. De oude rotsgangen, de diepe bron en de robuuste muren vertellen hun eigen verhaal aan wie de tijd neemt om te luisteren.

Nadat we waren uitgeluisterd, wandelden we door het prachtige Römerhofgasse. Alsof je in een sprookje bent gestapt. Een steegje met gevelschilderingen, kleurrijke erkers en de historische herberg Auracher Löchl, welke al meer dan 600 jaar oud is. Ik, gek op oudheid, vond dit wel een bezoekje waard. Sterker nog, het leek mij een fantastische plek om te lunchen. Al hoopte ik wel dat het eten niet zo oud zou zijn. Helaas bleek de herberg (het oude gedeelde) niet open en werden we doorgestuurd naar de overkant van de straat, een pand met uitzicht op de Inn. Daar besloten we enkel een bak koffie te drinken.

Nadat we elders een heerlijke lunch naar binnen hadden gewerkt, maakten we nog een ronde door de stad om daarna moe en voldaan onze eerste vakantiedag af te sluiten.