Er is altijd wel één pipo die denkt grappig te zijn. Dit keer was het iemand die doodleuk opmerkt dat onze vlucht misschien wel geannuleerd wordt. “Want ja… benzine hè.” Ik wens hem drie weken lang jeuk en te korte armpjes toe en houd ondertussen met één oog de website in de gaten. Je weet maar nooit. Maar onze vlucht naar Gran Canaria gaat gewoon door. Uiteraard.
Op het vliegveld is het een georganiseerde chaos, maar de vlucht zelf verloopt verrassend soepel. We landen zelfs eerder dan gepland. Ik wissel lezen en slapen af, een gouden combinatie, en besluit dat een transfer regelen vast slimmer is dan een taxi of meteen een auto huren. Spoiler: dat is het niet. De rit duurt ongeveer drie levens, maar begin van de middag spuugt de bus ons eindelijk uit bij het hotel.
De ooms en tantes, die al een paar dagen eerder zijn aangekomen, staan ons op te wachten alsof we VIP’s zijn. Ze weten zelfs al waar onze kamer is. Sterker nog: die is al voor ons gereserveerd. Drie kamers naast elkaar. Gezelligheid gegarandeerd.
We kleden ons snel om en ploffen neer bij het zwembad. De rest van de dag doen we weinig meer dan eten, zonnen en het hotel verkennen. De komende anderhalve week is dit onze thuishaven. De eerste dagen bestaan uit een strak schema van: liggen, lezen, slapen, eten, drinken en lachen. Het soort ritme waar je lichaam spontaan van ontspant.
Op dag drie huren we een auto voor de rest van de periode. De benzine is hier ook duurder geworden, maar met €1,31 per liter nog steeds prima te doen. Navigatie hebben we niet nodig, we kennen het eiland inmiddels half uit ons hoofd. Al verrast mijn tante ons alsnog met excursies naar plekken waar ik nog nooit van gehoord heb.
We bezoeken Mirador del Balcon, een uitzichtpunt waar je de beroemde “drakenstaart” ziet. (daarover in een ander blog meer) We lunchen voor een appel en een ei in Agaete. We zoeken naar grotwoningen in the middle of nowhere, waar zelfs je telefoon geen bereik heeft. Er worden flessen rum gevuld in de distilleerderij van Arucas, maar daar zijn wij niet bij, want shoppen. Iets met prioriteiten.
Via vijf omwegen (want wel navigatie maar niet luisteren) rijden we naar Pico de Bandama, naast de gigantische krater Caldera de Bandama. Het uitzicht over het eiland is fantastisch en daar lunchen we opnieuw heerlijk. We bezoeken stadjes, shoppen tot we een ons wegen (niet handig, want alles moet mee terug), en wandelen door Puerto de Mogán voor koffie aan het water en uitzicht op de boten.
De rest van de tijd vullen we met luieren, lezen, eten en momenten waarop we letterlijk huilen van het lachen. Bij het zwembad, op het strand, aan tafel, het maakt niet uit waar, wij kunnen overal een feestje van maken. En dat wordt ook letterlijk gedaan wanneer de verjaardag van vriendlief dunnetjes overgedaan wordt met een versierde tafel, een verjaardagsliedje en taart.
En dan ineens… is het voorbij. De tijd vliegt, zoals altijd wanneer je het leuk hebt. We pakken onze koffers en schuiven en meten al onze aankopen erin alsof we meedoen aan een spelletje Tetris, en nemen afscheid van onze tijdelijke thuishaven.
Met een hoofd vol zon, een maag vol tapas en een hart vol herinneringen vliegen we terug naar huis.

Jij kan er weer even tegen!
Klinkt heerlijk!!
Heerlijk weer. Heerlijk weer maar dat is meestal wel daar. Prachtige scherpe beelden.