Verwerken kost tijd…

Door de drukte en de chaos van het afgelopen half jaar ben ik flink aan mijzelf voorbij gegaan. Ik liet steken vallen, zag soms door de bomen het bos niet meer en waar ik normaal in tijden van drukte wist wat ik doen moest, wist ik nu eigenlijk geen raad met mijzelf.

Ik zit in het midden van de kamer en om mij heen staan doosjes, tasjes, foto’s en ander prullaria. Iemand die nu de kamer binnen komt zou denken dat ik bezig ben met het verzamelen van spullen voor de rommelmarkt. Maar dit alles is niet voor de rommelmarkt. Het zijn spullen van mijn ouders die met zorg zijn uitgezocht en met liefde zijn neer gezet. Ik houd ze vast, ruik er aan en zet ze weer terug op de grond. Bij alles wat ik aanraak zit een herinnering, soms een vlaag van herkenning soms een heel verhaal dat zoveel emoties bij mij los maakt dat ik wil zwelgen in zelfmedelijden. Ik wil mij verdrinken in het verdriet dat ik te lang voor mij heb gehouden. Ik wil toegeven aan het gemis. Dus laat ik mij gaan. Niet voor twee minuten, nee, dit keer jank ik tot er geen traan meer vloeit.

Door de afgelopen periode andere prioriteiten te stellen is mijn rugzakje met onverwerkt verdriet opgeschoven. Het moet ooit eens geledigd worden. Dat gebeurt dan ook beetje voor beetje en meestal als ik mijn zwakste moment bereikt heb. De periode waarin de druk om te presteren hoog ligt. Of zoals nu, rond de datum van mijn moeders overlijden. Je kunt blijkbaar niet alles en mijn lichaam en geest zitten duidelijk niet op één lijn.

Ik vind het heel vermoeiend om mij bezig te houden met rouwverwerking. Spijtig genoeg is er geen protocol om te volgen. Dat zou het in ieder geval al een stuk makkelijk maken. Volg het stappen plan en binnen no-time bent u weer de oude. Maar nee, nu moet ik mij overgeven en lijdzaam toezien hoe het voortschrijden der tijd mijn verdriet, ervaringen en emoties een plaatsje geeft. Maar wat is precies “een plaatsje geven?” Het is een vage uitdrukking waar ik niets mee kan.

Ik verwerk mijn verdriet blijkbaar in puzzelstukjes. Iedere keer als ik denk dat de puzzel af is liggen er weer 1000 stukjes voor mijn neus. Geen begin en geen eind. Alleen de mededeling: “SUCCES!” Pas als ik halverwege de puzzel ben realiseer ik mij dat ik “weer” bezig ben met puzzelen. Na drie of vier van dit soort puzzels denk je: “Nu is ie toch wel af?” “Nu ben ik er toch wel?” Maar nee, dan blijkt dat je alleen nog maar de weg hebt gepuzzeld. De weg naar de plaats. Het plaatsje waar je verdriet een plekje zou moeten krijgen…

Niemand kan mij vertellen wanneer ik het plaatsje bereikt hebt. Niemand kan mij vertellen of het dan überhaupt al af is. De enige persoon die dit weet ben ik zelf. Iets met gevoel en lichaam & geest die weer op één lijn zitten. Tenminste dat denk ik. Voorlopig puzzel ik nog even door en mag ik hopen dat mijn plaatsje voor mijn verdriet, een verdomd mooi plaatsje gaat worden!!

Bovenstaand is een blog dat ik vorig jaar november geschreven heb. Ik heb het nooit online gezet. Te veel verdriet, te persoonlijk, als ik er niet over praat dan is het er niet? Ik weet eigenlijk niet waarom. Maar er zijn zoveel mensen om mij heen die de afgelopen periode iemand hebben moeten verliezen dat ik toch besloten heb het alsnog online te zetten. Om te laten weten: Je leven staat nu stil en het zal even duren voor het met dezelfde vaart verder gaat als voorheen. Als je denkt dat je er eindelijk bent, zul je misschien toch weer een paar stapjes terug moeten doen…Misschien wel meer dan één keer?! Maar er komt een tijd dat je weer in rustig vaarwater beland. Je leven zal waarschijnlijk nooit meer het zelfde zijn. Maar je kunt weer genieten. Geef jezelf de tijd en de ruimte…

Nog eenmaal…

Een laatste groet

Terwijl het een komen en gaan is van mensen sta ik zo stil mogelijk en probeer één te worden met het meubilair in mijn omgeving. Ik wacht op een teken van de uitvaartverzorgster, die nog druk in gesprek is met de familie voor wie ik gekomen ben. Foto’s maken tijdens het allerlaatste afscheid is mijn taak voor die middag. Ik wacht geduldig tot ze er klaar voor zijn.

Verdriet, angst, boosheid maar ook dankbaarheid en liefde. De lucht vibreert van de emoties in de kleine ruimte, om zich daarna te laten versmelten tot een grote onzichtbare bal. Een bal die zonder vaart te minderen op mij af komt denderen. Een bijzondere familie, dat had ik tijdens de kennismaking al in de gaten, en dat het wat met mij zou doen was te verwachten. Onbewust zet ik een stap naar achteren, alsof ik hiermee de emoties op afstand kan houden.

Twee mensen komen de kamer naast mij uitgelopen, gevolgd door de uitvaartbegeleidster. Ze knikt mij toe. Een teken dat ik naar binnen mag. Ik stap een onzichtbare drempel over en laat het geroezemoes aan geluiden achter mij. De serene rust die nu heerst doet mij huiveren. In het midden van de kamer staat de kist met daaromheen een zee van bloemen en kaarsen. Aan het hoofdeinde zit een oudere vrouw op een stoel. Ze kijkt mij met waterige ogen aan en perst een glimlach op haar gezicht. “Het leven is soms wrang” zegt ze en haar blik verplaatst zich van mij naar haar dochter in de kist. “Wat heb je nu aan een lang leven als je iedereen van wie je houdt achter je moet laten? Eerst mijn man, toen mijn zoon en nu mijn dochter. Allemaal getroffen door kanker.” Ik kijk de oudere vrouw aan en weet niet zo goed wat ik moet zeggen behalve dat ik het heel erg voor haar vind. Het verdriet om het verlies van iemand van wie je houdt is mij maar al te bekend. Maar een kind verliezen … Nee, daar kan ik niet over mee praten. Ik kan mij alleen maar een voorstelling maken van de emoties die nu door haar heen razen.

Ze schuift een stoel op en klopt met haar andere hand op de plek die vrij komt. “Wil je even bij mij blijven?” Vraagt ze. Getroffen door haar blik en de simpele vraag stap ik op de lege stoel af. Ze pakt resoluut mijn hand en even blijven we heel stil zitten. Een moeder zonder dochter, een dochter zonder moeder. “Straks sluiten we de kist. Maar ik wil haar nog één keer vasthouden. Nog één keer aanraken en ik wil haar nog één keer een kus geven. Wil jij dat voor mij vastleggen?” Vraagt ze zonder haar blik van haar dochter los te maken. Ik zeg dat ik dit heel graag voor haar wil doen.

Ik loop naar de andere kant van de kist om haar de ruimte en tijd te geven. In de kamer achter mij hoor ik verschillende mensen zachtjes praten. Het doet de vrouw niks. Ze is op dit moment alleen op de wereld. Zo ferm als ze mijn hand zojuist had gepakt zo teder raakt ze nu haar dochter aan. Ze streelt haar gezicht, haar haar en raakt vervolgens haar handen aan. Ik ben getuige van een bijzonder emotioneel moment en probeer zo waardig mogelijk mijn werk te doen. De vrouw buigt voorover en kust haar dochter voor een aller laatste maal op het voorhoofd. Er vormt zich een brok in mijn keel en even ben ik blij dat ik aan het werk ben. Ik concentreer mij volledig op de fotografie.

Alsof het afgesproken is komt de uitvaartbegeleidster de kamer in. Het is tijd om de kist te sluiten. De oudere vrouw kijkt mij aan. Met haar blik bedankt ze mij voor dit moment. Ik buig lichtjes mijn hoofd uit respect voor haar en haar dochter.

Niet lang hierna wordt de vrouw omringt door haar familie. Ik plaats mijzelf weer op de achtergrond om van daaruit mijn werk te doen. Samen met haar familie sluit ze de kist. De bloemen worden overgebracht naar de aula en de dragers staan klaar om de kist mee te nemen. De uitvaartdienst gaat beginnen. Een bijzondere en mooie dienst die mij nog lang bij zal blijven…