Mag het ietsjes minder?

Nou nou… Ik wist dat ik een ietsie pietsie was aangekomen. Dat ik niet meer maatje 36/38 had was mij ook al wel bekend. Maar dat ik nu niet meer in mijn favoriete pantalon kon komen zonder te springen en aan mijn broek te rukken en te trekken om vervolgens, als ik dan eindelijk het knoopje dicht kon krijgen, als een opgebonden rollade door het huis te lopen was de druppel. In nog geen jaar tijd heb ik blijkbaar meer gegeten en gesnoept en minder bewogen dan al die jaren daarvoor. Een jammerlijke constatering.

Na meer dan zes weken niet te hebben kunnen sporten in verband met mijn blessure , was ik het zat en wilde weer lekker bezig zijn. Om nu iedere dag te gaan skaten met dit smerige weer ging mij iets te ver. Daar komt bij dat mijn bovenbeen daar ook niet al te blij van zou worden en het herstel waarschijnlijk nog langer zou duren. Ik besloot daarom het zwembad met een bezoek te vereren.

Zwemmen doe ik over het algemeen alleen als ik met vakantie ben en dan moet er wel een glijbaan aanwezig is. Ik ben en blijf wat dat betreft een 8 jarig kind en deze periode zal en wil ik niet ontgroeien. Maar nu was het recreatiebad helaas gesloten en moest ik mij wenden tot het wedstrijdbad.

Op het moment van mijn binnenkomst was deze nagenoeg leeg. De waterpolotraining was bijna afgelopen en een handje vol wachtende ouders vulde de hal. Een bad voor mij alleen zag ik wel zitten. Lekker op mijn gemak baantjes trekken zonder andere mensen in de weg te zwemmen. Ik kom de kleedruimte uit gelopen en sta nog te pielenmuizen met dat vreselijk jeukende smerige half afgekloven plastic bandje waar mijn kluissleuteltje aan vast zit als mijn oog valt op het wedstrijdbad. Ik heb geen idee waar en wanneer die volksverhuizing tot stand is gekomen maar het ziet er werkelijk zwart van de mensen. Dus… Ik moet even op mijn eerdere gedachten terug komen, dat wordt toch niet alleen baantjes trekken.

Ik wacht tot de meute in het water ver genoeg van mij af gezwommen is en duik dan met een sierlijke (daar ga ik dan maar even vanuit) boog het water in. Ik laat mij uitdrijven onder water en als ik adem te kort kom zwem ik weer naar boven. Ik moet uitkijken waar ik naar boven kom om niet tegen mijn mede zwemmers aan te botsen. Het eerste wat mij op valt is dat het water helemaal niet zo koud is als in mijn herinneringen. Dat is in ieder geval een plus puntje voor deze avond.

Terwijl ik tussen de mensen door laveer raak ik bij baantje drie al bijna buiten adem. Ik ga veel te snel. Ik wil iedereen inhalen die voor mij zwemt en ga ze eerst links en daarna rechts voorbij. Na 10 minuten vraag ik aan een wat oudere vrouw die er uitziet alsof ze hier dagelijks komt of het altijd zo druk is op een doordeweekse avond. Ze antwoord: “Normaal niet, maar als je nog een kwartiertje wacht wordt het al wat rustiger!” Als ik zo door ga ben ik over een kwartier dood en moet ik gereanimeerd worden door één van de vooral-niet-knap-uitziende-badmeesters. Na een paar minuten aan de kant gehangen te hebben om weer op adem te komen besluit ik mijn tempo iets te verlagen. We moeten immers niet te hard van stapel lopen. Hoe was het gezegde ook alweer: Hardlopers zijn doodlopers? En ik denk dat er in dit geval geen uitzondering voor zwemmers gemaakt wordt. Ik kijk vol bewondering naar de mensen die al borstcrawlend en vlinderslagend door het water glijden. Alsof het ze geen moeite kost. Ik houd het braaf bij de schoolslag. Het enige nadeel vind ik dat die mensen denken het bad voor zich alleen te hebben. Als nieuwkomer in het bad eis ik bij deze mijn plek op. Ik heb nota bene ook entre moeten betalen om binnen te komen. Dus ook ik zwem stug door met mijn neus in de lucht (anders verdrink ik). Al snel lijkt mijn verwaande houding te werken en wordt er plaats voor mij gemaakt. Aha, zo werkt het dus in de zwembadscene…

Als ik op de klok kijk ben ik aangenaam verrast. Het half uur is al voorbij en ik ben niet eens zo moe. Ik voel mijn spieren en vooral die in mijn nek toch wel en dat is een goed teken. Ik heb weer wat gedaan… Hopelijk wordt dat geen spierpijn. Als ik uit het bad stap voel ik mij zo vreselijk zwaar dat ik bang ben om te vallen. Ik doe heel nonchalant of ik mijn spieren losmaak en loop vervolgens in een waggelpas naar de kleedruimte.

Na een heerlijke warme douche rijd ik moe maar zeer voldaan terug naar huis. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Ik vond het heerlijk en neem mij stellig voor minimaal één keer in de week een half uur te gaan zwemmen als vervanging van het hardlopen. 

 

 

We’re back in business…

Wat begon met een analoge camera van mijn moeder, eindigde na verschillende fotocursussen in een eigen fotostudio aan huis. Het weekend stond vaak in het teken van de fotoshoots en vier jaar lang heb ik geregeld ouders met hun kroost, huisdier of kamerplant mogen verwelkomen. Maar ik zou ik niet zijn als het weer eens tijd werd voor wat anders.

Aan het begin van het jaar ging ik geregeld mee om voetbalfoto’s te maken bij de wedstrijd van de kleine. Dat zag er best aardig uit maar voor mijn gevoel kon het stukken beter. Ik moest erg wennen aan de snelheid en de beweging in tegenstelling tot de statische beelden die ik in de studio voor mijn lens had. Hoewel keuzes maken niet echt mijn ding is was in dit geval de keus wel snel gemaakt. Aan het begin van de zomer heb ik de fotostudio stil gelegd. Geen shoots op zaterdag of zondag, geen beeld bewerking en geen harige beesten meer in mijn huis. Zo had ik de tijd om mij verder te kunnen verdiepen in sportfotografie. Ik heb gewikt en gewogen en de voor en nadelen met mijzelf besproken. Want tja, de sporten die ik voor ogen heb zijn toch echt allemaal buiten… En ik ben nou eenmaal een mooi-weer-mens. Wat het voor mij er in de winter niet makkelijker op maakt. Maar uiteindelijk heb ik de knoop doorgehakt.

Van indoor gaan wij naar outdoor…

Aan het einde van de zomervakantie was ik er voor mijn gevoel aardig klaar voor. De nodige spulletjes waren inmiddels aangeschaft (Zie:  Uitbreiding   & Stoel VS nat achterwerk  ) Zelfs mijn camera en objectief zijn voorzien van een echte regenjas, want de winter in Nederland gaat nou eenmaal gepaard met hier en daar (en vooral plaatselijk) een bui! Ik wilde mijn nieuwe uitdaging aangaan en kon niet wachten tot het nieuwe sportseizoen zou beginnen.

Ook mijn website moest van portretfotografie omgezet worden naar sportfotografie. Met dank aan een goede vriend was dit binnen een avondje gepiept. De foto’s die ik maak worden na de gespeelde wedstrijd op mijn website geplaatst en mensen kunnen ze vervolgens bij bestellen. Ik weet dat ik er nog lang niet ben maar een begin is reeds gemaakt. Hopelijk doen zich veel kansen voor waardoor ik nog meer kan groeien. Wie weet wat de toekomst nog in petto heeft.

 

 -.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-

 www.fotohamar.nl

 -.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-

 

 

 

Onze kanjers aan zet…

Nog geen half jaar geleden liep ik te schelden en te tieren als op zaterdag de wekker om 06.30 uur afging. Welke idioot maakt de schema’s voor de voetbalwedstrijden? Wie verzint er zo iets? In mijn ogen is 11.00 uur ook een prima tijd om een wedstrijd te beginnen.

Maar inmiddels ben ik er aardig aan gewend geraakt. Sterker nog, sinds enkele weken ben ik zelfs als eerste wakker en sta nog voor de wekker is gegaan naast mijn bed (oké, niet iedere zaterdag maar vanmorgen toevallig wel 🙂 )

Het is 08.00 uur, mijn hutkoffer is ingedeeld mijn jas is gepakt, yup ik ben er klaar voor. Gelukkig heb ik ook nog oog voor Ukkepuk want die moet het vandaag natuurlijk allemaal gaan doen. Ook hij is omgekleed en heeft (eindelijk) zijn schoenen aan. Vriendlief heeft de auto al gestart. Op naar het voetbalveld.

Inmiddels ben ik aardig ingeburgerd bij de voetbal. Ik herken de vaders, moeders en zelfs opa’s en oma’s die ook geregeld mee komen. De vaders, moeders, opa’s en oma’s daarentegen zien mij niet meer aan als iemand van de pers. Op sommige momenten wordt ik zelfs gedoogd in de kleedruimte. Hoewel ik daar het liefst zo min mogelijk kom. Ik doe alles om de stank van zweetvoeten te kunnen ontlopen.

Toen eenmaal bekend was op welk veld onze kanjers moesten spelen heb ik mijn spulletjes uitgestald. Ook de zon was aanwezig wat ik persoonlijk altijd erg fijn vind als ik foto’s moet maken van rond rennende mensen en de daarbij behorende rond vliegende objecten. De kleuren van de shirtjes komen ook met zonlicht nog net iets mooier uit de verf.

Voor ik goed en wel kon zitten was het eerste doelpunt al gescoord. De jongens vlogen over het veld en waren feller dan anders. Ik weet niet of dit door het mooie weer kwam. Maar ik zag dat ze er zin in hadden. Dankzij hun schoot ook ik er aardig op los. Die verbeten bekkies, de poging om te scoren, zoveel mogelijk bal bezit houden en de truckjes tussen door zijn altijd prachtige momenten om vast te leggen. Dit E-1 team is sinds het begin van het nieuwe seizoen samen gesteld uit de spelers van het oude F1 en het oude E1 team, maar het werkt als een geoliede machine. Ondanks het lengte verschil met de tegenstanders laten ze zich niet uit het veld slaan. De jongens spelen zo fanatiek dat ik mij afvraag waarom ik aan de kant sta en niet mee doe. (wat mij er direct aan herinner dat ik zo ook aan mijn hamstringblessure gekomen ben.) Ik vergeet zo af en toe dat ik hier ben om te fotograferen en juich (volgens de scheids net iets te) hard als er weer een doelpunt wordt gescoord.

Het was een prachtige wedstrijd en we kunnen trots zijn op onze kanjers. Met 4-7 (voor de niet kenners zoals ik tot voor kort: we speelden uit en hebben gewonnen) keren we nog voor de lunch weer huiswaarts waar ik snel de foto’s op de pc zet om te kijken of ook ik er wat van gebakken heb….

 

 

 

Blessureleed…

Nog nooit eerder had ik te maken met een blessure afgezien van wat spierpijn hier en daar. Ik kon mij dan ook niet voorstellen hoe het zou zijn om iets niet te kunnen…  Inmiddels voel ik mij al vier weken lang erg zielig en loop ik geregeld met mijn ziel onder mijn arm. Ik kan op dit moment namelijk niet hardlopen. Ook het paardrijden of snowboarden zijn taboe. *jank*

Ik was zo goed bezig met trainen en zelfs mijn zeven kilometer loopje (de laatste keer dat ik gelopen heb) ging zo goed.  Maar nu is het al vier weken over met de pret. Het is erg frustrerend om af te moeten wachten tot mijn spier besloten heeft beter te worden. Mijn hamstring om precies te zijn. Het is niet zo dat ik verga van de pijn. Wat, als je van internet uitgaat, wel zou moeten. Er schijnen drie verschillende gradaties te zijn. Waarvan drie het meest verschrikkelijkste is en één het minst erge. Ik heb waarschijnlijk graad 0.3. Maar als ik dat zou hebben zou ik volgens internet binnen drie dagen van de pijn af moeten zijn. Bij mij is het pas na drie dagen begonnen.

 De bewuste vrijdagavond; Ukkepuk en ik hadden besloten om ons uit te leven op het voetbalveld. Hij zou mij ook wat truckjes leren zodat ik wat beter uit de verf zou komen als ik ooit besloot om eens een potje mee te ballen. We zijn een half uur bezig geweest en dat verliep best aardig. Ik kreeg zelfs nog een compliment van hem dat ik het voor een meisje niet eens zo slecht deed. Mijn ego groeide en daar ging het waarschijnlijk ook mis.

Drie dagen daarna, op het werk, stond ik op om iets van de printer te pakken en zakte vervolgens door mijn rechter been. Na wat rek en strek werk voelde het alweer beter. Maar de spierpijn bleef. Ik besloot rust te houden en ging er vanuit dat het wel over zou gaan. In de tussentijd maakte ik dankbaar gebruik van de infrarood lamp, massage tafel en ons bad. Heerlijk om dat allemaal bij de hand te hebben. Maar nee, de spierpijn ging ook hier niet mee weg. Het sluimert ergens op de achtergrond. Zolang ik mij beweeg is het niet aanwezig, maar na een tijdje stil zitten gilt ie om aandacht. Erg vervelend.

Omdat ik er achter ben dat mijn been een stuk prettiger aanvoelt als ik in beweging blijf heb ik besloten om weer wat actiever te bewegen. In plaats van rustig af te wachten tot de pijn vanzelf over waait. Overigens is wachten nou ook niet één van mijn sterkste punten. Ik moest thuis wel beloven dat ik niet direct de 10 kilometer zou gaan lopen, maar eerst maar eens zou beginnen met een wandeling door het park. Daar ga ik mij deze week dus mee bezig houden. Ik voel mij sowieso een stuk beter als ik mij kan bewegen en dat zal ook wel bij dragen aan een sneller herstel.

Ik geef mijn lichaam nog even de tijd om zich te herstellen. Hopelijk is het niet nodig om opzoek te gaan naar het telefoonnummer van de huisarts. Ik kom daar niet zo vaak en dat wilde ik graag zo houden.

Zijn er misschien lezers die ervaring hebben met een hamstringblessure?

 

Wordt vervolgd…..

 

 

Stoel VS nat achterwerk…

Toen mijn nieuwe hutkoffer voor mijn fotospullen eindelijk gearriveerd was (zie voor meer info mijn vorige blog:  http://wp.me/p1KBNK-29 ) togen we de eerste de beste voetbalwedstrijd van ukkepuk met koffer en al naar het voetbalveld. Fantastisch, alle spullen die ik nodig dacht te hebben kon ik mee nemen zonder gesleep van meerdere tassen. Sommige supporters dachten dat ik van de verzorging was met een koffer vol versnaperingen. Sommige spelers dachten dat ik van de pers was toen ze mij in de weer zagen met lens en statief. Geen van bovenstaande was juist. Ik ben gewoon een fanatieke moeder die haar kind en clubgenoten komt aanmoedigen en daarbij ook nog mooie plaatjes hoopt te kunnen schieten.

Over het algemeen doe ik dat laatste het liefst zittend. Zo dicht mogelijk bij de grond zodat mijn lijdend voorwerpjes los komen van de achtergrond. Dat brengt ons bij het volgende probleem… Het gras op het voetbalveld was nat. Niet een beetje nat, maar gewoon zeiknat. Daar zat ik dan, te koppig om te gaan staan, een nat achterwerk te kweken. Niet dat daar lange tijd voor nodig was. Want alles  was binnen drie minuten doorweekt. (maar mooie foto’s zijn het wel geworden al zeg ik het zelf, zie inzet onderaan..)

Mijn vriend noemt mij eigenwijs en daar zou hij best wel eens gelijk in kunnen hebben. Maar na twee uur met een nat achterwerk rond gelopen te hebben was ik om. Ik moest een stoel hebben, want dit was geen doen. Het moest natuurlijk wel een stoel zijn waarbij ik laag bij de grond zou zitten en die mij niet in een houding zet waarbij mijn vrije bewegingen belemmerd zouden worden.

We kwamen uit bij de walkstool. De Walkstool neemt niet meer ruimte in beslag dan een thermosfles en kan een gewicht tot 250kg aan. Volgens de fotozaak zou dit mijn ideale reisgenoot zijn. Nou, wat wil ik nog meer? Hij past in ieder geval aan de zijkant van mijn hutkoffer. Dus slepen met het stoeltje is uit den boze. Hopelijk kan ik hem snel uit gaan proberen langs de zijlijn van het voetbalveld en behoord een nat achterwerk tot de verleden tijd.

 

Keep on running…

Sinds een jaar of drie ben ik er achter dat hardlopen helemaal niet zo vervelend is maar juist erg leuk. In tegenstelling tot wat ik altijd dacht werkt het verslavend, is het ontspannend en tegelijkertijd een lekkere actieve bezigheid. Hoewel ik deze gedachten niet altijd terug kan vinden op de momenten dat ik het zwaar heb. Ik ben begon met het opbouwen van conditie, twee minuten rennen, één minuut lopen, twee minuten rennen, één minuut lopen enz. en dat vijf kilometer lang. Uiteindelijk is het schema uitgewerkt naar vijf km rennen zonder tussenkomst van de bekende minuutjes lopen.  Lees verder →