Lekker ding…

Het ene moment schoppen ze bijna het licht uit elkaars ogen, het andere moment kunnen ze niet zonder elkaar. Bijzonder hoe dat er aan toe gaat in zo’n kudde. En toch is het altijd redelijk in balans. Hoewel, bij merries weet je het maar nooit. Eerder op de dag ontving ik al een bericht met de mededeling: “ze is hengstig hoor!” Kijk, en daar heb ik dus niet zo super veel ervaring mee. Ik heb 28 jaar een ruin gehad die redelijk stabiel in zijn velletje zat. Merries zijn van een ander  slag met ups & downs en pieken & dalen.

Ik aanschouw het geheel wat ik voor mij zie. Er loopt een knappe verschijnen door de wei. Gespierd en zeker van zijn zaak. Zijn blonde manen wapperen op de wind. Dit beeld is nog niet zo lang geleden heel anders geweest. Knap was ie toen ook al, maar niet zo zelfverzekerd. Hij heeft zich in nog geen jaar tijd opgewerkt van “onzekere” pony tot leider van de kudde. Zijn kudde, met zijn merries!! Nu loopt hij door zijn wei met om zich heen zijn harem met daartussen “mijn” Tinkerbel… 

Ik fluit ten teken dat ik er ben. Meestal komt ze al hinnikend op mij af. Nu heft ze alleen haar hoofd. Haar oor heeft mijn fluitje opgevangen. Natuurlijk ben ik bij lange na niet zo interessant als de hunk die naast haar staat. Ze duikt met haar neus terug in het gras en doet geen moeite mijn kant op te komen. Het ziet er naar uit dat ik haar moet gaan halen. 

Voor ik haar meeneem besluit ik eerst een paar minuten midden in de groep te staan. De dynamiek voelen die onderling speelt. Ook wanneer ik in de groep sta heeft ze totaal geen interesse. Wanneer de leider naar mijn toe komt en zich van een paar aaien en krabbels heeft voorzien wordt ik pas interessant. Maar nu laat ik haar links liggen. Ik wandel eerst naar de andere paarden die verderop staan te grazen. Als laatste kom ik terug bij haar. Even ben ik bang dat ze weigert maar dan laat ze haar hoofd zakken en kan ik het halster om doen. 

We wandelen naar een afgezet stuk in de wei. Om de paar passen stopt ze om achterom te kijken. Wanneer niemand haar volgt wandelt ze gedwee met mij mee. In de paddock gaan we aan het werk. Niet één keer duikt ze naar de grond om te grazen. Hoewel ze een paar keer probeert zelf te beslissen hoe een overgang er uit zou moeten zien is ze verder super braaf. De weiperiode heeft heer goed gedaan. Stap, draf, galop, alles zonder moeite. 

Bij iedere overgang naar halt, draait ze haar hoofd opzoek naar dat lekkere ding. Als ze hem ziet, zucht ze diep. Totaal verliefd… Na 25 minuten houden we het voor gezien. Ik open het hek en had een stofwolk en hoefgetrappel verwacht. Ze werpt heimelijke blikken naar de wei maar drentelt om mij heen alsof we nog niet klaar zijn. Dus start ik een massage aan hoofd, hals en schoft en binnen no time slaapt ze. Als ik klaar ben gaapt ze een paar keer flink, schut alle spieren los en rekt zich uit. Nu zijn we echt klaar. Op haar gemak wandelt ze terug naar de kudde en haar nieuwe vriendje… 

© Myrthe

Funtube, wakeboard en gezelligheid…

“We gaan toch zeker wel het water op deze zondag?” Piept zoon voorzichtig tussen onze conversatie door. “Met 30 graden is het niet uit te houden!” Hoewel wij het over iets compleets anders hebben dan de bezigheden van het weekend denk hij blijkbaar dat we die dagen al gevuld hebben met alle daagse klusjes. Want daar ging het eigenlijke gesprek namelijk over. Zodra hij een bevestigende knik van ons krijgt is hij gerustgesteld. “Gelukkig, want ik wil ook nog wat uitproberen met mijn wakeboard.” Roept hij nog voor hij naar boven vertrekt.

Als de zondag zich aandient is de groep aangevuld met nog twee mensen. Schoondochter en neef zijn ook van de partij. Oh god oh god, zoon en neef bij elkaar staat garant voor “het-kan-nooit-normaal!” Dus ik ben erg blij dat ik niet de enige dame aan boord ben. We hebben net voor de lunch afgesproken in de haven. Snel ritsen we alle “ramen” open, zetten koffie voor onderweg, worden er drankjes uitgedeeld en tovert neef een complete zak met echte Schiedamse “krozanten” uit zijn tas. Die mogen op deze tocht gewoon niet ontbreken. 

We scheuren vol gas naar een strandje in de buurt en gaan daar voor anker om eerst een eenvoudige lunch naar binnen te schuiven. We zijn niet de enige en al snel dobberen er een paar vakantiegangers op luchtbedden rondom de boot. Dit nodigt uit om ook het water in te gaan. Schoondochter besluit dit dan ook te gaan doen. Het water is eerst heel koud maar al snel erg lekker. De heren worden wat ongeduldig dus de tafel wordt opgeruimd terwijl het touw en wakeboard tevoorschijn gehaald worden. 

Het is leuk om links en rechts van ons ook andere watersporters te zien. Wakeboarden, waterskiën, kneeboarden, funtube, het komt allemaal voorbij. Zoon besluit eerst het water in te gaan. Hij heeft er helemaal zin in en heeft op youtube vast wat tricks zitten bestuderen want al snel zien we hem wisselen van been, wat niet helemaal soepel verloopt, en daarna worden de eerste sprongen weer ingezet. Neef duikt daarna het water in. Voor hem is dit de eerste keer. Maar als volleerd snowboarder gaat het hem na twee valse starts goed af. Na een paar minuten achter de boot oogt hij zelfs al wat relaxter. 

Nu de heren geweest zijn mogen de dames ook nog effe boarden. Het gaat er iets rustiger aan toe maar we halen er beide net zo veel plezier uit. Vriendlief besluit de funtubes op te blazen. Dan kunnen we ook zittend nog even uitwaaien achter de boot. Dit tot grote hilariteit van een andere boot (en ons zelf…), die expres voor ons wat hoge golven maakt. Zoonlief is de pineut en vliegt, zoals verwacht, maar door hem niet gehoopt met een niet elegante plons het water in. Zoon en ik besluiten als laatste samen te gaan boarden. Iets wat we nog nooit eerder hebben gedaan. Het lukt en is super tof!!

Totaal gesloopt, (ja ook de jonkies) gaan we op een rustige plek nog een uurtje voor anker zodat de spullen kunnen drogen en wij de tijd hebben om bij te tanken. Met een drankje en wat hapjes maken we het ons gemakkelijk. We eindigen de avond met een ordinair patatje, spierpijn en pijn in de kaken van het lachen. Wat een heerlijke ongedwongen en gezellige dag hebben we achter de rug. Zo mogen er meer zondagen zijn …  

What SUP 4, na een jaar…

“Heb je zin en tijd om mee het water op te gaan?” App ik naar mijn vriendin. Ik heb al meer dan een jaar niet gesupt vanwege een elleboog blessure. Overigens niet opgelopen met sporten maar tijdens het “poep scheppen” op de wei… Vriendin heeft ook al enige tijd een SUP maar had hem tot op heden nog niet uitgeprobeerd. Het werd dus tijd voor een rendez-vous op het water. “Ja ik kan!!!” Appt ze terug. 

Nu hopen we beide op een rustige avond. Zowel wat weer, als recreanten op het water betreft. Want zo’n eerste keer na lange tijd kan wat onwennig zijn. Voor haar is het wel fijn om de SUP te kunnen testen zonder alle rondvarende bootjes. Jammer genoeg zie ik de wind geleidelijk aan toe nemen. Maar zoals het er nu uitziet blijft het onder de 20 km per uur. Voor het mooie is dat eigenlijk net te hard. We weigeren alle twee om af te zeggen. Uit voorzorg mik ik wel een extra setje kleding in de auto. Het zonnetje laat zich in ieder geval wel zien en dat maakt al een hoop goed. 

Eerder dan afgesproken draai ik de parkeerplaats op. En ik ben niet de eerste. Er is daar een feest aan de gang compleet met patatkraam en hossende pubers. Maar gelukkig is er voldoende plek voor ons. Samen pakken we de tassen uit. Die van mij nogal stoffig, die van haar gloedje nieuw. Van vriendlief heb ik bij de aanschaf van mijn SUP een elektrische pomp cadeau gekregen. Dat leek mij eerst nogal overdreven. Maar het ding heeft zijn nut meer dan eens bewezen. De SUP met de hand oppompen is te doen. Maar, vooral de laatste beetjes lucht, zijn loei-zwaar. Nog steeds blij mee dus. 

Iets eerder dan gepland droppen we de SUPS in het water. Heel even moet ik mijn evenwicht vinden. Na een minuut voelt het alweer vertrouwd. We komen er te laat achter dat de peddel van vriendin nog niet strak genoeg aangedraaid is. Iets wat achteraf een simpele handeling blijkt te zijn. Maar voor dit moment wat lastig om de SUP te gebruiken zoals het zou moeten. Halverwege de route ruilen we van peddel zodat ze alsnog even een vaartje kan maken. 

Als we beide onze draai een beetje gevonden hebben besluiten we als eerst tegen de wind in te peddelen. Een groep “wildzwemmers” maakt ook gebruik van dit stuk en is het zelfde van plan. Gelukkig hebben ze allemaal een knaloranje boei om waardoor we ze niet over het hoofd zien. Het restaurant dat we passeren heeft een aardig gevuld buitenterras. We willen niet voor al te veel hilariteit zorgen en peddelen daarom stug door tot we redelijk uit het zicht zijn.

We gaan heel even voor “anker” in de luwte van de haven om de spieren rust te gunnen en wat bij te kletsen. Vervolgens peddelen we nog een stuk achter de zwemmers aan voor we omkeren. We zijn alweer bijna terug als het dan toch bijna verkeerd dreigt te gaan. Vriendin verliest haar evenwicht en in slowmotion zie ik haar al te water gaan. Gelukkig hersteld ze zich net op tijd en blijft op het board. 

Beide hebben we de testronde overleeft. Haar board is goedgekeurd en mijn blessure heeft zich (nog) niet opnieuw gemeld. Nu snel de agenda’s weer naast elkaar voor ronde twee.

Hijs het zeil #2…

Dit weekend hebben we de perfecte weercondities voor een aantal zeiluurtjes. Na mijn enthousiaste vaardag met collega’s beloofde vriendlief om mij de beginselen van het zeilen te “leren”. Ik bel de verhuurder van een paar dorpen verder of ie nog een bootje heeft liggen. Gewoon een simpel bootje, zonder al te veel poespas. Zo een die niet stuk te krijgen is… Vriendlief kan dan wel zeilen, ik moet nog leren en doe daarbij dingen die misschien niet helemaal verantwoord zijn. Geen zorgen zegt de beste man. Hij heeft nog wat liggen en we zijn meer dan welkom.

Bij aankomst worden we enthousiast begroet. Hij oogt vriendelijk en daar ben ik blij om. Want tja, geen idee hoe zijn bootje er na een paar uur met Boor aan boord uitziet natuurlijk. Hij verteld hoe we het beste de zeilen kunnen hijsen. Wat we wel en vooral niet moeten doen. Op wat termen na snap ik niet zo veel van zijn uitleg, hij zou net zo goed Grieks kunnen praten. Maar vriendlief knikt bevestigend. De motor wordt gestart en we krijgen de opdracht om naar de overkant te varen en tegen de wind in de zeilen te hijsen. 

Het is aan mij de taak om de boot tegen de wind in te houden tot vriend het zeil gehesen heeft. Daarna krijg ik uitleg. De giek, gaffel, schoten en vallen, het grootzeil, de fok en het roer. De giek kun je op je gaffel krijgen en daarmee kun je vallen!! Zeer belangrijk: Doet zeer! Blijf daarbij uit de buurt! Is dan ook mijn eerste gedachte. Maar zo zit het toch niet helemaal. Wanneer we een stukje het water opgaan trekt de wind aan en kan het feest beginnen. 

Vriendlief laat mij naast zien ook voelen wat er met de boot gebeurd. Ik krijg nu een beeld bij de termen die eerder voorbij kwamen. Het begint te leven en daardoor blijft het beter hangen. Al snel mag ik het roer en de schoot, das dus het touwtje waar mee je het zeil bediend, overnemen. Ik was nu zelf de baas over hoe hard of zacht we gingen. Het is heel leuk om daar mee te spelen en zelf te ervaren wat er allemaal gebeurd.

Na twee uur gieken, gijpen en vaart maken doe ik iets doms. Ik houd geen rekening meer met de wind maar zet wel mijn bocht in. Daar wordt ik direct voor afgestraft. De giek klapt van stuur- naar bakboord en de hele boot helt over. Even ben ik bang dat we overboord slaan en ik hoogst persoonlijk de boot tot zinken breng. Dat laatste schijnt niet zo makkelijk te gaan maar ik ben daar niet zeker van. Onder veel gegil want “PANIEK”, laat ik roer en schoot los. De spanning schiet van de lijnen en het zijl en we dobberen weer op het water. Naast wat water in de boot, een nat pak voor vriendlief en de schrik bij mij, is er niks aan de hand. Ik weet nu uit ervaring dat je geen “klapgijp” wilt meemaken. 

We varen nog wat heen en weer, hebben een eenvoudige lunch aan boord en na nog een uurtje varen gaan terug naar de haven. Ondanks mijn domme fout was het wel een hele toffe dag. Eentje die naar nog meer smaakt. Nu eens kijken waar ik een goede leerschool kan vinden, want die heb ik wel nodig…