Ik ren de afgelopen weken het vuur uit mijn werksloffen, maar mijn stappendoel? Geen schijn van kans. En dan ga ik op vakantie, waar luieren praktisch een fulltime baan is en haal ik datzelfde stappendoel met twee vingers in mijn neus. Waarschijnlijk door de vele rondjes langs het buffet, maar dat detail parkeren we voor dit blog even.
Bij thuiskomst voel ik dat ik die lekkere beweegflow wil vasthouden. Dus ik besluit de volgende dag meteen te gaan wandelen. Alleen kies ik het tijdstip een tikkeltje ongelukkig. Midden op de dag, 30 graden, zon die brandt alsof ik nog steeds op Gran Canaria ben. Ik kom druipend thuis en besluit dat dit anders moet.
De ochtend erna ga ik direct bij het ontwaken op pad. Het kwik klimt opnieuw richting de 30 graden, maar in de vroege ochtend is het nog heerlijk. Zo heerlijk zelfs, dat ik de rest van de week mijn wekker zet, ondanks dat ik nog vrij ben. En iedere dag gaat die wekker een stukje vroeger. Alles om een wandeling te maken. Vriendlief verklaard mij voor gek.
Was ik soms vergeten hoe heerlijk rustig ons park is op dit uur?! De wereld ontwaakt langzaam. De lucht is fris, de stilte bijna tastbaar. Ik hoor de vogels fluiten en alleen dat geluid zorgt al dat mijn dag goed begint. Geen muziek nodig, de natuur doet haar werk.
Mijn werkende leven staat op het punt om weer te beginnen, dus ik besluit mijn wekker nóg iets eerder te zetten. Hij gaat nu om 5:00 af. Terwijl het hele huis nog in diepe rust is, zelfs de vogel want geen early bird, waag ik mij buiten. Met 45 minuten wandelen heb ik al de helft van mijn stappendoel binnen en voel ik me een stuk actiever op het moment dat ik op mijn werk aankom.
Wanneer ik naar bed ga, kijk ik stiekem al uit naar het moment dat ik weer mag lopen. In alle vroegte, met niemand anders dan het ontwaken van de dag en de vogels in de bomen, oh en de slakken op de grond, dat dan wel weer. “De Club van 5AM” stond al even op mijn lijstje en vanaf nu ben ik een waardig lid.
Soms valt me op hoe de zon het park schildert. Iedere ochtend kleurt het licht de bladeren in minstens tien tinten groen. Van fris limoen tot bijna donkergoud. Het lijkt alsof de zon door de takken en bladeren heen een soort natuurlijke filter over de wereld legt. Het park is eigenlijk helemaal niet groot, maar door de kronkelpaadjes voelt het alsof ik door een klein bos loop. Alsof ik telkens een nieuw stukje ontdek dat gisteren nog niet bestond. Het licht speelt verstoppertje tussen de bladeren, werpt strepen op het pad en maakt van een simpele ochtendwandeling een soort mini‑expeditie. Ik merk dat ik langzamer ga lopen, gewoon om niets te missen.
En dan die geuren… De wereld ruikt compleet anders na een nacht regen. Ieder stukje park heeft zijn eigen lucht. Soms loop ik langs een pluk onkruid en word ik verrast door een weelderige zomerse geur. Alsof iemand een fles parfum heeft leeggespoten. Ik blijf even staan, snuif diep in, en laat de ochtend zich helemaal in mij nestelen.
Ik wandel. Ik adem. Ik ben wakker nog vóór de rest van de wereld dat is.
En dat voelt als een cadeautje, elke dag opnieuw.
