Boven Rotterdam en onder de zon…

Sinds vorig jaar ondernemen we met een aantal familieleden geregeld iets leuks. Zo hadden we eerder al een Indische high tea, bezochten we het theater of gingen we naar de dierentuin. Het was alweer even geleden dat we iets ondernomen hadden. De laatste twee keer was dit met de verjaardag van zowel mijn zus als tante, beiden in januari. Bij de één een gezellige lunch en bij de ander een avond dansen. Het was zus die met een nieuw idee kwam. 

“Dit is leuk, dineren op hoogte. Wie heeft er zin?” appt ze ergens in maart. We kunnen kiezen uit een lunch, high tea of een gourmetavond.” Ik heb geen flauw idee wat of waar dit is. Want het eerste dat zus erbij zet is dat het wel in Rotterdam is maar niet in de Euromast. Blijkbaar is er in Rotterdam een heus attractiepark. De opening zou al in 2014 zijn maar dat wordt steeds uitgesteld. Het staat er nogal verlaten bij. Het UFO restaurant dat erbij hoort doet het daarentegen wel goed. Het is een restaurant dat 42 meter de lucht in gaat en daarna 360 graden draait. Bij daglicht heb je een prachtig zicht over Rotterdam. 

Iedereen ziet het wel zitten en al snel gaat er een datumprikker rond. Uiteindelijk wordt het een zondag in april. We hebben gekozen voor de lunch. De gourmet leek ons iets te zwaar op de maag en een High tea hebben we nu al een aantal keer gedaan. 

Het restaurant is bij aankomst niet direct zichtbaar. Als we om de parkeerplaats heen lopen en binnen stappen in wat lijkt op een cafe, worden we via de andere kant naar een platvorm gebracht. Het lijkt nog het meest op een kermisattractie of de pagode uit de Efteling. Het bordje “Aliens only” met een pijl wijst ons verder de weg. We stappen het restaurant binnen dat inderdaad helemaal rondloopt. We worden naar een tafel gebracht die al helemaal voor ons gedekt is. 

We krijgen uitleg van de bediening die ook direct de grillpan aansteekt. We mogen straks zelf onze  eieren, spek, rosti en pannenkoekjes bakken. Ondertussen genieten we van de versgeperste jus d’orange en koffie. De lunch is all in. We mogen bestellen wat we willen en wanneer iets op is wordt het direct aangevuld. Een deel van de broodjes is al belegd met wat luxer beleg. De overige broodjes mogen we zelf besmeren.

Stipt 13.00 uur gaan we de lucht in en na 5 minuten zijn we boven. De zon schijnt en het uitzicht is werkelijk prachtig. De bediening houd onze glazen goed in de gaten en we komen geen moment zonder drinken te zitten. Ook als het beleg op is wordt dit direct bijgevuld. In 1.5 uur doen we ons te goed aan al het lekkers dat op tafel staat. Tijdens het eten genieten we van het uitzicht. Bij ieder raam dat we passeren staat netjes vermeld waar we naar kijken en wat er te zien is. We praten over van alles en nog wat en lachen heel wat af. 

Rond 14.30 uur staan we weer veilig aan de grond. Terwijl de bediening begint met opruimen mogen wij nog even genieten van onze laatste bak thee. Volledig voldaan en senang keren we huiswaarts. Dat heeft zus prima geregeld. Een aanrader als je eens een leuk en origineel uitje wilt.

In verbinding…

“Stop.” roept de docent. De hele groep stopt met lopen en bewegen en draait zich naar de dichtstbijzijnde persoon. Voor mij staat een onbekende vrouw. Voor haar neus staat eveneens een onbekende vrouw. Ik gok dat we ongeveer even oud zijn. De bedoeling is dat we elkaar een minuut of twee in de ogen kijken. Niet praten, niet bewegen, handen op de rug en enkel naar elkaar kijken. Dit geeft mij op zijn zachtst gezegd een ongemakkelijk gevoel. Ik wil niet onbeleefd blijven staren. Maar ja, dat is nu juist net de bedoeling. Oké, dat is niet helemaal waar. Het gaat niet alleen om het kijken, het gaat om elkaar ook daadwerkelijk zien! Ik realiseer mij dat de vrouw tegenover mij hoogstwaarschijnlijk hetzelfde ervaart. Met die gedachte in mijn achterhoofd laat ik met iedere ademhaling het ongemakkelijke gevoel van mij afglijden. 

Wat begint als een vreemde situatie, verandert al snel. Ik voel een sensatie opkomen, alsof ik in een achtbaan zit die net naar beneden dendert. Het gevoel begint in mijn buik en verspreidt zich in mijn lichaam. Het is een soort van blijdschap- alsof ik een verloren vriendin heb teruggevonden. En de vraag rijst waar ik haar dan van zou moeten kennen? Terwijl ik probeer te stoppen met denken en mij weer focus op het voelen, merk ik dat ik glimlach. Ze glimlacht terug. Zonder een woord te zeggen, voel ik een intense verbondenheid.

Het enige dat ik nu nog kan denken is dat ik haar helemaal geweldig vind. Wat een mooi mens met zo’n groot hart. Ik wil meer van haar weten!! Een seconde of wat later voel ik een traan over mijn wang rollen. “Wat is dit nu weer? Sta ik nu gewoon te huilen? Is dit van mijzelf of komt het door haar? Een heel scala aan emoties komt vervolgens voorbij en ik voel ze stuk voor stuk, blijdschap, geluk, verdriet, compassie, liefde en dat in nog geen twee minuten tijd. Het is alsof ik naar mijzelf kijk maar dan door haar ogen. Nee wacht, ik kijk door mijn eigen ogen naar haar. “Oké, deze twee minuten doen rare dingen met mij.”

We zijn nog niet klaar want er volgen nog twee rondes. Het ongemakkelijke gevoel wordt steeds minder. Bij de laatste persoon sta ik er nog niet zo zen bij als ik zou willen. Toch voelt het alsof ik bij haar thuis kom terwijl ook deze dame een onbekend persoon voor mij is. Al snel krijg ik een beeld van een leven- een verhaal van keuzes, verlies, pijn en uiteindelijk schoonheid na een diepe daling. Ik zie je en ik voel je! gaat er door mij heen. Ik ben zo met haar verbonden dat we eindigen met een spontane knuffel, gevolgd door een schaterlach. Want we zijn beide een beetje overdonderd door wat we zojuist hebben ervaren. 

Met respect voor mijn opleiding en studiegenoten zal ik zo nu en dan wat schrijven over mijn zojuist gestarte opleiding tot Holistisch Energetisch Therapeut. 

Een ochtendgloren vol ontdekkingen …

In huis ben ik de meest vroege vogel. Ik win het zelfs van Draak. Maar vandaag spant de kroon als om 04.00 uur mijn wekker gaat. Mijn spullen liggen gelukkig al klaar. Een thermoshirt en broek, daarover mijn skibroek, wollen sokken, buff en niet te vergeten mijn handschoenen. In plaats van mijn snowboard, pak ik nu mijn camera mee. Om iets voor vijven ’s morgens rijd mijn nichtje de auto voor. Samen crossen we langs het huis van oom om hem op te pikken en we kunnen door.

Op de planning staat een drie uur durende rondvaart door de Brabantse Biesbosch. Op een heus vlot gaan we genieten van de zonsopkomst, de prachtige omgeving en ondertussen hopen we op een ontmoeting met de otter, bever, een zwik vogels, misschien wat flarden mist en een paar mooie plaatjes. Om stipt 06:00 uur vertrekt de gids en het is nog een stukje toeren door de polder. Er gloort al wat licht aan de horizon, wat overigens niet voldoende is om het donkere kronkelpad voor ons te verlichten. 

Bij aankomst staan er al wat mensen te wachten. De gids blijkt achter ons te rijden. Het is een jonge gozer die heel toevallig uit hetzelfde dorp komt als wij. In totaal zijn we met 13 man. Na een kort voorstelrondje volgen we onze gids naar het water. Daar ligt een vlot voorzien van tafels met zitjes en een schipper. Hij verteld ons dat we net te laat zijn voor de bever, die kwam even ervoor nog langs gezwommen. Jammer genoeg zien we niks meer dobberen in het water.

We zijn nog niet weg of we worden al gewezen op twee zeearend “jongen” die hoog in de boom zitten. Ik zie alleen maar dode takken, veel te ver weg voor mijn ogen. Na dat moment kom ik er achter dat het meebrengen van een verrekijker geen overbodige luxe was geweest. Ik ben wel erg blij met mijn kledingkeuze. Het gaat een stralende dag worden, maar nu komt de temperatuur niet boven de 4 graden. We zijn op het water en we zitten stil. Als je dan niet goed gekleed bent, dan zouden het wel eens drie hele lange uren kunnen worden. 

Iedereen is geduldig en het vlot wordt meermaals stilgelegd zodat we de kans krijgen om het vogeltje te spotten en/of te foto­graferen. We moeten nog even halsbrekende toeren uithalen om onder een bruggetje door te kunnen. Als we allemaal gaan liggen dan lukt het net. We varen langs een beverburcht maar de familie zelf is jammergenoeg (weer) niet thuis. Wel krijgen we uitleg over recente knaagsporen en de samenstelling van de burcht. 

De gids kent zo’n beetje alle vogelgeluiden uit zijn hoofd en kan hiermee al op voorhand aangeven waar de wintertaling, tjiftjaf, blauwborst, baardmannetje, kiekendief, cetti’s zanger en al het andere gevleugeld gespuis zich bevind. Hoewel ik het gros niet op de foto heb kunnen zetten, te veel riet of te ver weg kan ik er nu wel een paar van mijn “nog-niet-in-het-echt-gezien-lijst” afvinken.

Op het water is het een kakofonie aan vogelgeluiden. Maar verder is het helemaal stil. Zalig dit! Hoewel het een koude start van de dag was, had ik dit niet willen missen. Ik zou zeker nog eens gaan en dan neem ik in ieder geval mijn verrekijker mee. 

Op het kruispunt van seizoenen…

Binnen 5 minuten weet ik 1 ding heel zeker, ik ben veel te warm gekleed voor wat ik aan het doen ben. Het zag er namelijk heel fris uit toen ik besloot een rondje te gaan wandelen. Blauwe lucht en windstil, maar wel tegen het vriespunt aan. Misschien draagt het tempo dat ik handhaaf er ook wel een beetje aan bij, want ik heb er flink de pas in gezet. Ik heb besloten een wat grotere ronde te lopen en het eerste stuk is nogal saai. Dus onder het genot van mijn luisterboek stamp ik letterlijk de eerste 2 km weg.

Zodra ik het park binnenloop zet ik mijn luisterboek op stil en laat ik mij meenemen door het geritsel en gefladder in de bomen. Verschillende vogels vechten hier om de beste plek in de boom. Het zijn de groene draken die de show stelen. Overigens niet alleen de show, maar ook vocaal winnen ze het van zo’n beetje iedereen in het park. Er land er één vlak bij mij op een tak. Hij kijkt mij net zo aan als ik hem. Ik houd stil en hij blijft zitten. Het lukt om een foto te maken. We kijken elkaar na als ik mijn weg vervolg. 

Het is nog geen april maar de bloesems staan al in bloei. Ook begint het groen weer terug te komen in de bomen. De lente heeft zich in al zijn pracht aangediend. Toch geeft de ochtendkou mij een wintersport gevoel. De geur die in de lucht hangt, de warmte van de zon op mijn gezicht terwijl mijn wangen koud aanvoelen. Maar dat is nu dan ook echt het enige dat koud aanvoelt. Bij het eerst de beste bankje dat ik tegen kom stop ik. Ik trek mijn vestje, dat ik uit voorzorg extra had aangetrokken, weer uit. Wanneer ik mijn weg vervolg besluit ik ook mijn tempo iets terug te schroeven. Even lekker genieten in plaats van in looppas over de weg. 

Het is druk buiten. Iedereen is tijdens dit zalige weer onder zijn steen vandaan gekropen. Ik kan er ook zo van genieten dat het eerder licht is, en kan niet wachten om er straks weer met mijn SUP op uit te trekken. Uiteraard kan dit het hele jaar door. Maar ik ben een echte mooi-weer-supper. Laatst zag ik weer een foto van mijn early bird rondje, 05.45 uur, waarbij de wereld nog in diepe rust verkeerde. Het water zo strak als een spiegel en de vogels die tijdens mijn peddel aan hun ochtendconcert begonnen zijn. Weet je hoe lekker het is om dan op het water te zijn?! 

Inmiddels ben ik het park uitgelopen en besluit nog een rondje om de plas te doen. Ik wil nog niet naar binnen. Achter mij hoor ik een hoop “hoefgetrappel”. Als ik mij omdraai gaat de gigantisch grote hond vol in de ankers. Waarschijnlijk is ie zojuist in een modderpoel gedoken want hij ziet er niet uit. Het dier loopt een stukje met mij op. Bovenaan het bruggetje staat iemand te wachten met een riem in de hand. Overduidelijk het baasje. Terwijl ik nog wat foto’s van de omgeving maak struint het dier verder.

Dit zijn de dagen waarop je helemaal vergeet dat het ook wel eens anders kan zijn, guur, ruig, nat en koud. 

© Foto Hamar

De eindstreep is in zicht…

Deadlines zijn er om gehaald te worden. Alsof dat op zich al niet voldoende is, doen wij dat met de nodige hobbels. Een audit van drie dagen, het inwerken van een nieuwe collega, en het uitvallen van het complete systeem. Dit soort zaken maken het gewone werk al bijzonder ingewikkeld en helemaal wanneer de eindstreep van je project in zicht is maar er nog wat zaken afgestreept moeten worden. De baas daagt ons uit: “You can do this!” is wat ze roept om het daarna aan ons over te laten hoe we hier invulling aan geven.

Het project omvat meerdere onderdelen. Het is te groot en niet logisch om alles wat we willen aanpakken tegelijk van start te laten gaan. Na grondig research is besloten om de twee meest ingrijpende zaken uit te lichten en daarmee als eerst van start te gaan. Wanneer deze twee draaien is het eenvoudiger om ook andere zaken toe te voegen. Vorig jaar zijn we gestart met een pilotgroep die heel positief heeft uitgepakt. Er moest hier en daar nog wel wat geschaafd worden. IT moest aan de bak en er moest toestemming komen voor de aanschaf van nieuw apparatuur voor alle freelancers.

En nu is het moment aangebroken dat we echt de spreekwoordelijke puntjes op de I gaan zetten. De laatste week voor we live gaan staat op het punt om aan te breken. Ik herschrijf de handleiding die ik eerder voor de pilotgroep in elkaar heb gezet. Mijn collega biedt aan er een instructievideo van te maken, compleet met voice-over. Hoe tof is dat!! Voor mensen die niet zo digitaal zijn aangelegd is het erg fijn om te zien en horen wat de nieuwe werkwijze gaat worden. We krijgen dan al snel complimenten uit diverse hoeken. Een schot in de roos dus. 

Zelf ga ik er voor zitten om diverse teksten samen te stellen voor de mailing die eruit moet. Een aantal klanten moet weten van de nieuwe werkwijze. De knop gaat in één keer om en dat heeft consequenties als je met ons platform werkt. De freelancers hebben we vanaf het begin al meegenomen in dit project. Tijdens de freelancer-dag, vorig jaar, hebben ze zelf mogen experimenteren met een bèta versie. Maar de klanten zijn alleen nog maar door middel van een nieuwsbrief en telefoongesprek op de hoogte gesteld. We organiseren meerdere digitale meetings en vragenuurtjes. Mijn andere collega stelt hiervoor een presentatie samen.

IT zorgt op zijn beurt voor de nodige aanpassingen zodat we de laatste week alles nog een keer grondig kunnen testen. Alle collega’s moeten hiermee aan de bak, want het roer gaat compleet om. Ook de documentatie die we mailen moet aangepast worden. Dat heeft nogal wat voeten in aarde en zoals altijd met deadlines, komt dit stukje in het laatste uur van de werkweek af. Voor aanstaand weekend staat nog één echt testmoment gepland voor we maandag live gaan. Mijn collega bied aan dit voor haar rekening te nemen. 

Op zondagochtend, net iets over tienen ontvangen we het bericht dat alles goed gegaan is. We hebben nu een officiële go om maandag te starten. Duimen jullie mee? 

Een dubbele reis…

De start van de wintersportvakantie valt in dezelfde week als de uitvaart van mijn schoonvader. De afleiding komt als een geschenk uit de hemel. Tegelijk voelt het raar om plezier te maken terwijl we even daarvoor nog in zo’n verdrietige achtbaan verkeerden. We slepen het dubbele gevoel als extra bagage met ons mee naar Oostenrijk, terwijl de auto, samen met zoonlief en zijn vriendin, al afgeladen vol is. We besluiten er met elkaar het beste van te maken. Want hoe mooi is het als je je mag omringen met lieve familieleden die stuk voor stuk ook nog eens begrijpen hoe het voelt.

Na een redelijke reis arriveren we op onze nieuwe vakantiestek. Nou ja, het dorp is nog wel hetzelfde alleen onze accommodatie is anders. Het hotel waar we jarenlang vertoefd hebben, besloot om hun concept aan te passen naar een B&B. Iets wat niet aan ons besteed is. We hoopten een goede vervanger te vinden in een hotel direct aan de piste. Het restaurant was ons overigens niet onbekend. Meermaals hebben we hier tijdens voorgaande vakanties met de complete groep geluncht. Voor de tantes die niet skiën is deze locatie vanuit het dorp namelijk ook prima aan te lopen.

We worden niet teleurgesteld. Het hotel overstijgt mijn verwachtingen. Hoewel de kamer iets kleiner blijkt dan wij gewend zijn, komen we er al snel achter dat het restaurant, de bediening, sauna’s en de algehele entourage meer dan goed zijn. Ja, wij komen de week wel door hoor. Na het ontbijt duurt het echter nog even voor we de kamersleutel krijgen. De kids bedenken zich geen moment en toveren de snowboardgear uit de auto. Nog voor de lunch zijn er al een aantal afdalingen gemaakt. De “oudjes”, nog te moe van de reis, zitten de tijd uit op het terras in de zon. Ook niet verkeerd. 

De volgende dag ervaren we hoe zalig het is om na 10 passen al op de piste te staan. Ik klik mijn voeten in mijn nieuwe snowboardbindingen en maak mijn eerste meters naar de gondel. Daar aangekomen blijkt er niemand te staan. “Waar is de rij?” is een van de uitspraken die we vaker uiten deze week. Het is zelfs zo rustig dat we hele pistes voor ons alleen hebben. Sterker nog, de langste rij is tijdens het toiletbezoek na een lunch ergens op de berg. Bizar hoe rustig het is. 

De weergoden zijn ons goedgezind. We boffen: Mooie blauwe luchten en witte pistes. We boarden soms dwars door de wolken. Voor het fijne is het net iets te warm, maar het mag de pret niet drukken. Het duurt een paar dagen voor het mij lukt om al staande en glijdend mijn voet in mijn binding te klikken. Toch ben ik heel blij met mijn nieuwe aanwinst. Ik heb geen een keer kramp of slapende voeten. Mijn schoenen zitten als pantoffels en het boarden gaat erg fijn. Neef leert mij een nieuwe techniek waardoor het mij lukt om een tandje op te schroeven. De heren lachen mij nog net niet uit als ik, uiteraard, als laatste bij de lift aankom. Maar de lach op mijn gezicht neemt niemand mij af. 

We hebben weer genoten van een week vol sneeuwpret, lekker eten en goed gezelschap. Maar ook van de fijne en soms diepgaande gesprekken. De spullen liggen inmiddels weer opgeruimd op zolder. Klaar voor volgend jaar. 

overzicht van onze wintersportweek
🥰

Toch maar wel…

Al twee jaar roep ik dat ik een andere skibril wil, want het vizier op mijn skihelm is niet voldoende. Niet om te gebruiken bij kou en wind, maar ook niet als filter bij mist, sneeuwval of zonnig weer. Eigenlijk is het een nutteloos ding. Twee jaar terug is het begonnen. Plots had ik last van de zon en een vorm van sneeuwblindheid. Iets waar ik tot dan toe nog niet eerder mee geconfronteerd werd, begon nu een last te worden. Met het prachtige weer moest ik de halve dag met mijn ogen dicht van de berg af zien te komen want, tja het vizier op mijn helm deed niet veel. 

Dat jaar erop, vorig jaar dus, nam ik uit voorzorg mijn eigen zonnebril mee. Dat was geen overbodige luxe. De zon scheen namelijk onophoudelijk en ook nu kon ik mijn ogen niet openhouden. Dankzij mijn zonnebril heb ik er geen minuut last van gehad. Het enige nadeel is dat de bril en helm niet heel fijn op elkaar zijn afgestemd, met als gevolg dat mijn zonnebril scheef op mijn hoofd stond en een complete afdruk in mijn gezicht achterliet. Dat moet een volgende keer anders. Ik wil een skihelm waar deze zonnebril fijn op aansluit, of een skibril die netjes op mijn helm past. 

Eenmaal in de winkel besluit ik een compleet nieuwe set aan te schaffen, aangezien mijn oude helm ook al een aantal jaar meegaat. Veiligheid gaat immers boven alles. De nieuwe skibril past zich aan alle weersomstandigheden aan. En mocht dit nog niet voldoende zijn, dan past mijn eigen zonnebril, die speciaal voor op het water of in de sneeuw is, prima onder de helm en op mijn neus. Helemaal blij met mijn nieuwe aankopen loop ik naar de kassa, alwaar ik een medewerker tegen het lijf loop die zich bezighoud met speciale snowboardbindingen. Je klikt als het ware je schoen op de binding in plaats van je voet in te snoeren, en je bent ready to go. Hij heeft mijn volledige aandacht.

De beste man steekt van wal met zijn spreekbeurt. “Niet steeds meer hoeven zitten om je bindingen vast te gespen. Vanuit de lift direct door kunnen. Niet iedereen die op jou hoeft te wachten. En het mooiste, het directe contact met je board en de sneeuw… Ik werd steeds enthousiaster. Maar ja, ik heb bindingen en schoenen, en ik had net al een bril en helm gekocht…. Dus ik bedank de verkoper voor alle info en loop naar de uitgang. 

Vriendlief spreekt, nog voor we de winkel uit zijn, de magische woorden: ik betaal!! Nee grapje. Hij haalde aan dat mijn oude schoenen al een soort van stuk zijn. En ook mijn bindingen, meer dan 10 jaar oud, aan vervanging toe zijn. Dat die “plastic dingen” nog niet kapot gesprongen zijn is een godswonder. Oké, vriendlief heeft een goed punt en omdat ik zo heel stevig in mijn (kapotte snowboard)schoenen sta *not* draai ik op mijn schrede om en ga opzoek naar de spreekbeurtmeneer… 

Hij lacht als hij mij weer ziet aankomen. “Je bedenken is het beste dat je kon doen vandaag” is zijn eerste reactie. Hij beantwoordt al mijn vragen en daarna helpt hij mij vakkundig aan nieuwe schoenen en bindingen. Ik ben echt super goed geholpen en kan niet wachten om mijn nieuwe set uit te gaan proberen in de sneeuw. 

Obstacle run …

Uit de oude doos, maar hij blijft grappig.

In mijn ene hand heb ik een zak hooi van rond de 12 kg en in mijn andere een verrekte splinter. Die er ingeboord werd toen ik de laatste pluk hooi in de zak propte. De hooibaal, die om logistieke reden heel onlogisch is geplaatst, is alleen via een kleine hindernisbaan te bereiken. Om er bij te kunnen heb ik mij tussen twee andere balen in laten zakken. Hoe ik weer naar boven moet komen vraag ik mij nu dus af. Met wiebelige benen probeer ik mijn evenwicht te hervinden. 

Deze hooibalen zijn normaal zo stevig als een huis. Maar wanneer de touwtjes allemaal doorgesneden zijn en het ook nog eens die baal is waar ik overheen moet om aan het begin te komen dan kan dat best een uitdaging zijn. Na wat klim- en klauterwerk, een vloek links en een uitglijder rechts, lukt het mij om één zak, gevuld en al, mee het hok uit te slepen. Met het zweet op mijn voorhoofd duik ik het hok weer in. Er moeten nog twee zakken gevuld. Vanuit de paddock klinkt er gehinnik. Volgens sommige duurt het te lang….

Ken je die puinruim zakken, van die bigbags? Dat zijn onze hooizakken. Oké ze zijn iets kleiner, maar nog steeds flink aan de maat. Ik sleep zo’n zak achter mij aan en ga vol goede moed de hindernisbaan weer over. Onder het zeil door, op het krukje via de kleine baal, over een grote baal naar de achterkant van het hok. Ik laat mij vakkundig tussen de balen naar beneden glijden en vul opnieuw een zak. Ik zet mijn hand boven op de baal. Wanneer ik afzet zak ik met diezelfde hand tot aan mijn oksel tussen de inmiddels losliggende plakken hooi van diezelfde baal. Mijn goed gevulde hooizak, die ik al bovenop de baal had gekregen, raakt uit balans en dondert over mij heen het “ravijn” in. De hele zakken-vul-exercitie begin van vooraf aan. Uiteindelijk kom ik al hijgend, proestend en badend in het zweet uit het vervloekte hooihok. Aan iedere hand sleep ik een gevulde zak mee. En die verrekte splinter! 

Ik gooi een zak in de kruiwagen en sjok door de paddock naar achteren. Halverwege wordt mijn pad geblokkeerd door een skippybal van de paarden. Wat the f*ck? Het lijkt hier wel een obstacle run. Achter mij hoor ik hoefgetrappel en als ik mij omdraai staan er 5 pony’s vragend te kijken waarom het wederom zo lang moet duren… Hoewel ik niet met een stopwatch heb staan klokken heb ik er wel beduidend langer over gedaan. Ik slalom mijn kruiwagen om de bal, de mesthopen er achter en de kuil die een van de knollen uitgerekend hier heeft staan graven. Nog voor ik de kans krijg de zak te legen in de daarvoor bestemde ruif wordt er al aangevallen alsof ze dagen niks gevroten hebben. De hongerlappen. 

Echt kei-verrot, neusgaten vol met stof en compleet bezweet neem ik afscheid van mijn veelvraten en keer huiswaarts. Als er nog mensen moeten trainen voor één of andere hardloop, obstacle run of mudmasters gedoe?? Kom dan alsjeblieft mijn voerdienst overnemen. Wedden dat je in no-time een topconditie hebt?! De stoflongen en broekzakken gevuld met hooi en stro krijg je dan van mij, geheel gratis!!

Sticky bloemkool…

De voorgerechtjes worden op tafel neergezet. De meeste ken ik. Alleen het laatste gerecht ziet er wat raar uit. Het lijken wel kipkluifjes. De persoon naast mij ziet mij bedenkelijk kijken en zegt dat het sticky cauliflower is. “Sticky cauliflower?” Herhaal ik wat schaapachtig. Tja, plakkerige bloemkool klinkt niet echt aantrekkelijk om in je bakkes te stoppen. Maar bij sticky cauliflower krijg ik wel zin om dit te proberen. Zeker omdat het er helemaal niet uitziet als bloemkool. Hoewel het sticky genoemd wordt, is het niet heel erg plakkerig. Wat ik dan wel weer verwacht had. Voorzichtig neem ik een hapje. Het gerechtje is op voor ik er erg in heb. Jammer genoeg is er voor iedereen maar 1 stukje.

Oké, dit had ik dus bepaald niet verwacht. De kleur, structuur, geur en vooral smaak. Totaal niet bloemkool-achtig. Ik vind het zo lekker dat ik besluit het thuis ook te proberen. “Sticky bloemkool? En wat moet ik mij daarbij voorstellen?” Zegt vriendlief. Daar kwam ie eerder in januari achter. Want ik kon niet wachten om het te gaan proberen. Het internet staat vol met dit soort gerechten. Ik zocht een gerecht uit waarvan ik dacht dat die het dichtst in de buurt zou komen van wat ikzelf geproefd had en kwam uit bij Mandy.

De laatste jaren ben ik wat meer gaan experimenteren in de keuken. Ik ben er achter gekomen dat ik het uitproberen van nieuwe gerechtjes best leuk vind. Zeker wanneer het ook nog smaakvol blijkt te zijn en de bereiding niet al te ingewikkeld is. Waar ik alleen niet zo’n fan van ben is het aanschaffen van kruiden die wij doorgaans niet gebruiken en dan na eenmalig een snufje toegevoegd te hebben in de kast staan te wachten tot ze weggegooid mogen worden. Ik bekijk de lijst met boodschappen dan ook nauwkeurig en zie dat ik bepaalde ingrediënten kan vervangen. De kans dat de smaak hierdoor iets kan veranderen, neem ik voor nu voor lief. 

Zodra ik al mijn kruiden in huis heb ga ik aan de slag. Vakkundig snijd ik de bloemkool in ongeveer evengrote roosjes. Vervolgens maak ik een beslag zoals aangegeven in het recept. De roosjes haal ik door het beslag en wanneer de oven op temperatuur is schuif ik de hele plaat met bloemkool erin. Ondertussen maak ik de saus waarbij ik al roerend de ingrediënten in het pannetje mik. Het pruttelt al lekker en vanuit de woonkamer krijg ik complimenten dat het zalig ruikt. Nu de smaak nog…

Na een kwartier haal ik de roosjes uit de oven en besmeer ze met de saus om ze daarna nog even verder te laten garen. Volgens het recept zou ik de overgebleven saus net voor opdienen over de bloemkool moeten gieten. Maar ik heb geen saus meer over. Zelf improviseer ik iets met de overgebleven ingrediënten wat ook prima gaat. 

Ik versier de boel met een lente-uitje en sesamzaadjes en serveer het met rijst en kip. Vol verwachting nemen vriendlief en ik plaats aan tafel. Bij de eerste hap ben ik aangenaam verrast. Het smaakt totaal niet naar bloemkool. Toegegeven, het heeft niet de smaak zoals in het restaurant maar een goede eerste poging is het zeker!! Het leuke is dat je sticky bloemkool ook als snack kunt serveren. Ik ga hem daarom zeker nog eens proberen.  

Deze prachtige foto is niet van mij, maar van Mandy en is afkomstig van haar Insta.