Rijsttafel…

Een tijdje terug was ik te gast bij mijn nichtje. We zouden daar gaan BBQ-en. Maar omdat het weer omsloeg en er voor heel de dag 100% regen zou vallen vroeg ze ons of we er bezwaar tegen hadden dat het diner werd aangepast naar een “home-made Indische rijsttafel”. Daar hadden wij zeker geen bezwaar tegen. 

Eenmaal binnen rook het er al helemaal bekend. Voor een deel naar “vroeger”, wanneer we als kind bij oma over de vloer kwamen. Voor een deel naar eigen recept. Vol bewondering keek ik naar wat ze allemaal op het aanrecht had staan. Er stonden al diverse potjes en pannetjes te pruttelen. Een deel was reeds bereid en een deel werd klaar gemaakt terwijl we gezellig aan het kletsen waren. Ik kreeg spontaan grote trek bij alle geuren. Als dit mijn thuis was geweest zou ik herhaaldelijk met mijn jatten in de pan gezeten hebben om alvast voor te proeven. Ik hield mij in. 

Alle gerechten kwamen uit een prehistorisch kookboek dat de tand des tijds had doorstaan. Iedere stap in het hele proces werd keurig gevolgd en dat leverde uiteindelijk een zeer smaakvolle maaltijd op. Zo smaakvol dat ik mij gerust 30 tot 35 jaar terug in de tijd waande. Aan tafel bij opa en oma tussen al mijn ooms en tantes. 

Ik realiseerde mij dat ik de kookboeken van mijn moeder niet meer tot mijn beschikking heb. Als ik ze al zou hebben, liggen ze ver achterin op zolder weggestopt. Aan internet had ik ook niks. Daar wordt een gerecht al Indisch genoemd als er een sjalot en een scheut ketjap in gaat. Overigens diverse keren geprobeerd maar ik miste steevast de Indische bite die ik bij de gerechten van oma en mijn moeder wel altijd proefde. En nu dus ook, aan tafel bij mijn nichtje.

Ze schoot te hulp door een aantal bladzijdes uit het boek voor mij te kopiëren. Online vond ik nog twee sites waar volgens authentieke wijze recepten werden klaargemaakt. Ik maakte een combinatie van de diverse gerechten en besloot er mijn eigen draai aan te geven. Maar eerst moest ik langs de toko om de missende ingrediënten te kopen. 

Juist de ontbrekende kruiden zijn de smaakmakers die ik bij mijn eigen gerechten dus altijd miste. Denk hierbij aan sereh, daoen salam en kemiri noten. Daar wordt in de “simpele online keuken” met geen woord over gerept. Oké toegegeven, de kokosmelk of blokje santen en kruitnagel door de rijst had ik zelf nog wel kunnen bedenken. 

En in plaats van het bakje boemboe van Conimex besloot ik nu ook die maar helemaal zelf te maken. Dus stond ik de avond van te voren de boel al fijn te stampen in mijn pas aangeschafte vijzel. Nou dat is niet helemaal waar. Ik masseerde de sjalotten, nootjes, trassi en andere kruiden met liefde tot een egaal mengsel voor de marinade van het vlees. Want naast de juiste kruiden is het de liefde die de finish in touch geeft.

De volgende dag stond ik ’s middags al weer vroeg in de keuken. Met iedere minuut die verstreek kwamen er meer geuren vrij. Een goede voorbode voor de smaak van straks. Mijn zwoegen werd beloond. Ik had het voor elkaar gekregen om een minirijsttafel op te dienen. Hier en daar moet nog wat geschaafd worden om de smaken te verfijnen. Maar mijn (o)ma zou trots op mij zijn!

Pauze…

Even niet met stukken tekst bezig zijn of mijzelf de verplichting opleggen iets te plaatsen en vooruit te werken, besloot ik een blogpauze in te lassen. Het klinkt wel zwaar he? “Verplichting” “vooruitwerken”. Af en toe is het goed om even afstand te nemen van wat je doet. Ook van de dingen die je leuk vind. Meestal krijg je daar juist nieuwe inspiratie door en wordt je weer lekker creatief. 

Dus, met dat in mijn achterhoofd sloot ik mijn blog begin juli af. En vandaag, op 1 augustus start ik hem weer op met een terugblik op de afgelopen maanden. 

Door de vele regenval in mei heb ik soms het gevoel dat ik de lente heb overgeslagen. De wei was nog niet begaanbaar want alles was een grote modderpoel. Weg met de boot ging ook niet want regen. Wel aten we een aantal keer aan boord. Gewoon om het vakantiegevoel te vieren en er toch even uit te zijn. Poownie werd 27 en ik bezocht samen met Oom B. een steenuilenhut in België om foto’s te maken. Dit was een fantastische ervaring. Overigens waren dat de enige foto’s die ik tot dan geschoten heb. Het hele jaar is mijn camera zijn tas niet uit geweest. 

We starten juni met een week vrij. Gewoon even niks doen, uitslapen en onthaasten. De weergoden zijn ons goed gezind. Na een maand van regen en vies weer worden we zowaar getrakteerd op warme dagen en volop zon. Niet zo gek dat we veel tijd doorbrengen op het water. Ik maak zelfs een early bird rondje met de sup.

Ik spreek af met oom R. die ik al ruim 35 jaar niet echt meer gezien of gesproken heb. Zo gaat dat soms in het leven. Ieder gaat zijns weegs. Maar nu hadden we een paar uur samen en onder het genot van wat te drinken en te knagen hebben we heel wat bijgekletst. Het blijkt dat we redelijk wat overeenkomsten hebben. We staan op sommige punten het zelfde in het leven. Terugkijkend was het een fijne avond.

De tijd tikt gestaag door en daarmee start plots de maand juli. De paarden staan vanaf nu eindelijk dag en nacht op de wei. Dat betekend iets meer rust en vrijheid. Onze nieuwe wei is echt mega groot en het is een heerlijk gezicht als je de kudde zo ziet grazen. Ze waren er echt aan toe. Ik ook trouwens. 

Gelukkig komt de voetbal ook weer op gang. De eerste oefenwedstrijden in aanloop naar een nieuw seizoen zijn reeds geweest. Ik had het nooit verwacht te zeggen, maar ik heb dit zo vreselijk gemist!! Ik was daarom ook maar wat blij dat ik weer langs de lijn mocht zitten met mijn camera. 

De eerste twee wedstrijden heb ik inmiddels op de foto gezet. Dat was, na bijna een jaar niet gefotografeerd te hebben, toch wel even schakelen. De snelheid, het licht, de instellingen. Ik ben niet geheel ontevreden over het resultaat. Maar laten we het er maar op houden dat ik ook wat “oefenwedstrijden” kan gebruiken.

Schrijver Robert Galbraith heeft een aantal leuke verhalen neer gepend. Dus hield ik een leesmarathon en las alle vijf de delen in een maand weg. Maar daarover later meer. 

Al met al een rustige periode om op terug te kijken. Ik ben heel benieuwd of dit zich de rest van het jaar zo voortzet. De tijd zal het leren… 

Early bird…

Eigenlijk stond hij voor in mijn vakantie gepland. Net als een hoop andere nog-te-doen-bezigheden. Misschien dat het er daarom niet helemaal van gekomen is. Dat, en uiteraard mijn lekkere bed. Want hoewel ik al enige tijd mijn wekker ook op vrije dagen vroeg zet, is het wel verleidelijk om deze iets later te zetten dan op een werkdag. Maar omdat ik mij herinnerde dat ik een paar jaar terug zo genoten heb van mijn ochtend hardloopsessies, offerde ik mijn enige vrije dag van die week hiervoor op. 

Nou ja, opofferen? Ik deed het graag. Toen mijn wekker om 04.45 uur (in de ochtend!!) afging sprong ik figuurlijk gezien want letterlijk ging het iets langzamer, mijn bed uit. Mijn spullen had ik de dag ervoor al klaar gezet. Ik hoefde alleen mijn ontbijt nog maar te smeren. Griste nog snel een fles water uit de koelkast en ik kon op pad.

De klok tikt 05.30 uur aan als ik bij het water aan kom. Geen mens, geen hond, niemand. Ik hoor alleen de vogels. Niet veel later is het toch echt even gedaan met de rust. Ik ben mijn SUP aan het oppompen en dat gaat niet geheel geruisloos. Er staan gelukkig geen huizen in de directe omgeving. Uit voorzorg sta ik toch achter mijn auto zodat het geluid tot een minimum beperkt wordt. We willen geen overlast op dit tijdstip.

Het is 05.45 als ik met SUP en al het water in glij. Ik paddel naar het midden en houd dan stil. Het is alsof alles nog in diepe rust verkeerd. Op de vogels na, die kwetteren en fluiten nu om het hardst. Maar verder is het echt helemaal stil. Er staat geen stroming en er staat geen wind. De zon is al even wakker en slaat mij vanaf de horizon gade. Ze begeleid mij op mijn eenzame tocht over het water. 

Toen ik nog wekelijks aan hardlopen deed kon ik ook zo genieten van de vroege ochtenden. Er is geen enkel moment binnen de 24 uur die zo vredig en kalm aanvoelt als het ontwaken van de dag. Ik voel een innerlijke rust en daarmee een blijdschap over mij heen komen. Konden de dagen allemaal maar zo zijn. Wat een zalig gevoel is dit.

Er hangt hier en daar nog een flard mist over het water. Voor het mooie ben ik eigenlijk nog een half uur te laat. Dan had er meer nevel gehangen en had het wisselen van de nacht in de dag extra magisch geweest. Maar het beeld dat ik nu voor ogen heb is ook niet verkeerd. Ik besluit om te keren en nog een stuk met de opkomende zon in de rug de andere kant op te paddelen. 

Het laatste stuk is een lus en als ik hem helemaal uit zou varen heb ik er twee km extra opzitten. Halverwege besluit ik flink aan te zetten tot ik terug ben op mijn startpunt. Met SUPPEN gebruik je al je spieren dus heb ik direct een aardige work-out achter de rug. Als ik mijn SUP uit het water haal ben ik ruim een uur verder en staat er 5.5 kilometer ochtendgymnastiek op de teller. 

Een heerlijke start van mijn dag. 

Steenuilen schieten…

Het duurde drie jaar voor het lukte. De eerste keer was het seizoen net voorbij en dus te laat. Het tweede jaar was het seizoen nog niet begonnen maar was ik wel te laat met reserveren en was de hut vol geboekt. De derde poging werd dankzij corona door mijn neus geboord. Maar eind mei van dit jaar lukte het dan toch. Ik stond oog in oog met een steenuil. 

De steenuil is het kleinste uiltje in Nederland en is niet veel groter dan een merel. Vergeet de kerkuil of de grote oehoe. Dit uiltje is de schattigste rover onder de vogels die er is.. Hij ziet er groter en forser uit dankzij zijn volle verenkleed. Die grote opvallende felgele ogen doen het hem. Die wilde ik heel graag eens vastleggen op de gevoelige plaat. Dus was de keus om een vogelhut die zich richt op de steenuil te huren snel gemaakt. Het duurde alleen wat langer voor we terecht konden. 

Maar toen was het eindelijk zover. Einde van de middag toog ik samen met Oom B. ook fervent fotograaf, naar België. Om 1800 uur werden we verwacht. Samen met nog een aantal fotografen hadden we ons verzameld op de afgesproken parkeerplaats. Van daar uit moesten we nog wel een stukje lopen naar de “hut”. Dat stukje bleek toch nog een kleine 1.5 km stappen te zijn. Gelukkig mochten we onze fotogear met de auto van de hut-eigenaar mee geven. Nu maar hopen dat hij er niet vandoor zou gaan… 

Gelukkig stond hij op de plaats van de hut al op ons te wachten. In totaal waren we met vijf man/vrouw. Oom en ik hadden het geluk in de vaste hut te mogen. De andere fotografen kregen ieder hun eigen fototent, die al opgesteld stonden. We kregen de tijd om ons te installeren. De eigenaar legde nog wat uit over de setting, wat we wel en vooral niet moesten doen en liet ons toen tot 21.00 uur aan ons lot over. 

De vraag was of er een uiltje genegen was om langs te komen. Ik had amper de instellingen van mijn camera gecontroleerd of het vrouwtje kwam al aangevlogen. Ze wist heus wel dat wij daar in het hutje zaten. Je kunt de natuur niet sturen maar soms werkt omkopen wel. Er lag hier en daar wat eten en daar liet ze zich graag voor fotograferen. Zeker wanneer er net kuikens uit het ei gekropen zijn. Door de aanhoudende kou en regen is het broedseizoen iets verlaat. Daar had ik met het reserveren geen rekening mee gehouden. Geen vliegende jonkies dus. In dat opzicht hadden wij ff vette pech. 

De setting was niets meer dan een stukje grond op een boerenbouwland. Achter ons zat een duiventil en stonden wat bomen. Daar bevond zich tevens het nest.. Op de setting zelf waren een paar palen in de grond geslagen, hier en daar een zit mogelijkheid en wat attributen. Simpel maar doeltreffend. Met de juiste instellingen en een goede lens creëer je een mooie zachte achtergrond. Hierdoor is er geen bouwland of simpel bosje meer te zien. 

De hele avond heb ik verrukt achter mijn fototoestel doorgebracht. Mij niet eens de kans gunnend iets te eten of te drinken. De tijd vloog voorbij maar wij hebben, ook zonder kuikens, van iedere minuut genoten. 

Dinner with a view…

Begin mei: 

“Wat wil je eten vanavond?” Vraag ik vriendlief. “Dat mag jij verzinnen, want ik heb de afgelopen twee dagen al iets bedacht.” Krijg ik als antwoord. “Nou precies!” roep ik weer. “Drie maal is scheepsrecht, toch?” Het is eigenlijk al te laat om nog even op mijn gemak op internet te struinen en iets origineels te bedenken. Uiteten is ook nog geen optie. Of toch wel??

“Ik heb een idee!!” Roep ik. “Zullen we naar de haven rijden en daar iets gaan eten?” Ik krijg eerst en verontwaardigde blik mijn kant opgeworpen. “Alles is nog dicht!?” Dat is waar. Maar je kunt er wel afhalen. “We halen gewoon wat bij een van de tentjes op de hoek.” Is mijn antwoord. Het waait en de regen komt zo nu en dan met bakken uit de hemel. Niet echt lekker vaar-weer. Maar we gaan dan ook helemaal niet weg met de boot. We gebruiken hem als uitvalsbasis voor een avondje weg. Vanavond is hij ons drijvende restaurant. We gaan sinds tijden weer eens uit eten! 

Als we de brug over en van provincie gewisseld zijn komt daar plots de zon te voorschijn. Stiekem hoop ik op een omslag in het weer. Begrijp mij niet verkeerd. Ik ben een echt mooi weer mens. Maar het geeft net wat extra sfeer als je warm binnen in de “tent” zit en de druppels gestaag op het dak roffelen. 

Wanneer we de hoek om rijden zien we de haven baden in het zonlicht. De lucht achter mij is donkerder en onheilspellender dan ooit. Dat heeft ook wel weer iets bijzonders. Hoewel de wind is gaan liggen kan het nog alle kanten op. Het is begin mei maar een hoop boten liggen nog op de kant. Het is dan ook helemaal niet druk. Wel met campers. Sinds de haven een speciale camperplek heeft gemaakt staan er altijd wel campers en caravans. Het geeft mij een extra vakantie gevoel. 

Voor zover we kunnen zien is de keus niet heel erg groot. De restaurants om de haven heen zijn dicht maar de laan met diverse snackbars is wel open. Pizza, Chinees, shoarma of de patatboer? We besluiten voor het laatste te gaan. Als de keus eenmaal is gemaakt gaat vriendlief het ophalen terwijl ik de tafel voorzie van de nodige eetgerij. 

Vanaf de boot zie ik hem alweer aankomen. Waar we in het verleden ook uit eten zijn gegaan, het  is nog nooit zo snel opgediend. Misschien komt het door de andere omgeving of door de sfeer. De patat smaakt hier in ieder geval echt heel erg lekker. Het is een combinatie tussen Bramladage en zelfgemaakte frites. Knapperig van buiten, zacht van binnen. En de ordinaire kaassouflee smaakt hemels, om over de saus nog maar niet te spreken. 

Inmiddels verbergt de zon zich achter een flinke donkere wolk. Het duurt dan ook niet lang voor het begint te regenen. Omdat we de “tent” helemaal kunnen sluiten zitten we heerlijk uit de wind. Normaal helemaal niet zulk tof weer maar voor nu precies perfect. Voeg daar een vleugje van een licht schommelende boot bij terwijl de dansende regendruppels op het dak de sfeer compleet maakt. Genietent eet ik mijn laatste frietjes en begin daarna aan mijn (nog steeds niet gesmolten) milkshake. Prima avondje uit dacht ik zo!

Dit was mei…

Ik zucht eens diep en knipper twee keer met mijn ogen en hop, de maand mei is ook alweer voorbij. Hoe ouder ik wordt hoe sneller alles lijkt te gaan. Behalve de lichamelijke ongemakken, want die gaan gewoon nooit meer over volgens mij. Als kind nooit ergens last van gehad. Wanneer ik nu de trap iets te snel afhuppel heb ik verdorie drie dagen last van mijn enkel, heup en rug. Maar goed, dat is het cadeau van het ouder mogen worden. Want ouder worden gebeurd vanzelf maar is niet iedereen gegund. Maar goed, genoeg gefilosofeer. Terug naar mijn mei…

Begin van de maand mocht my little Poownie gewoon alweer 27 kaarsjes op zijn verjaardagstaart uitblazen. Vanwege Corona konden we het helaas niet groots vieren. Dat snappen jullie wel. Maar de dag was er niet minder fijn door. De tijd die we nu samen hebben voelt soms als bonus sinds hij zijn grote operatie gehad heeft. En juist dankzij die ingreep heeft hij deze leeftijd mogen halen. We gaan ons best doen om in ieder geval de 30 aan te tikken. 

Onze tuin kreeg zijn laatste finishing touch en daarmee kwam project 2 ten einde. We zijn heel erg blij met het eindresultaat. Maar omdat het weer zich van zijn herfstigste kant liet zien hebben we deze maand nog niet heel veel in de tuin kunnen zitten. 

Ruim 1.5 maand later dan de start van het vaarseizoen ging onze boot dan eindelijk te water. Maar een eerste vaart zat er nog niet in. Veel regen en wind. Dus de eerste twee keer dat we er waren hebben we alleen maar gepoetst en schoongemaakt. En was de boot een uitvalsbasis om eens uit eten te gaan. Pas het laatste weekend van mei konden we een tochtje maken. 

Het stond al een hele tijd op mijn lijst en na drie jaar wachten kon ik hem eindelijk afvinken. Ik schoot een paar steenuilen “uit de lucht.” Digitaal uiteraard. Het is zo bijzonder om eindelijk iets te doen waar je zo lang op hebt gewacht. Een blog met foto’s zal spoedig volgen. Maar man wat was het leuk!!  

Ik had de stille hoop in mei nog een aantal keer lekker het water op te kunnen met mijn sup. De fanatiekeling ging wel gewoon. Ik moest er met het vieze weer niet aan denken. Toen kwam daar opeens de zon en een spontane actie van mijn nichtje. Het laatste weekend van de maand konden we toch. Niet geheel windstil maar wel met een heerlijke zon. In totaal hebben we ongeveer zes kilometer afgelegd. Tussendoor zijn we gestopt bij een terras aan het water voor een hapje en een drankje om daarna weer terug te suppen naar ons opstappunt. Ik was helemaal gesloopt aan het einde van de dag. Maar helemaal zen door de flinke inspanning.

Nog wat geluksmomentjes: 

  • Ik at mijn eerste aardbeien van het seizoen; 
  • De keren dat ik buiten was en niet zeiknat geregend ben;
  • Ik las in totaal vier boeken uit;
  • De wintersportvakantie voor volgend jaar is alweer geboekt;

Met het einde van de moesson deze maand startte ook direct onze vakantie. Zomaar even een weekje vrij. Wat heerlijk dat dan ook de temperatuur een paar graden opgeschroefd wordt en de zon zich laat zien. Daar zijn we nu allemaal wel aan toe. Fijne week mensen!!

Als Mozes niet naar de berg komt…

Toen ik poownie kocht was ie amper veulen af. Helemaal zwart met vier witte benen en een mooie bles. Hij was zo lief en schattig maar wel een echte pony, met bijhorende pony streken. Zoals ineens aan de andere kant van een hek staan, door er per ongelijk onderdoor te rollen of het hele hek uit zijn voegen te duwen door er onder door te kruipen. Maar ook uit zijn deken “glijden” ala Houdini. Nog steeds weet ik niet hoe hij dat voor elkaar kreeg. Geregeld vond ik Poownie en dek los van elkaar terug in de wei. Beide nog helemaal heel en alle gespen dicht. 

Hij vond het ook leuk om het op een rennen te zetten. Niet omdat hij schrok van de bakkabouters. Want geloof hem maar, die zaten er ECHT, maar gewoon omdat het kon. In de wei sprintte hij meestal bij mij vandaan, ook omdat het kon. Maar als ie eens aan kwam galopperen stopte hij op tijd. Als hij schrok sprong hij om mij heen, of van mij af. Hij deed (en doet) letterlijk geen stap verkeerd. 

In al die tijd dat ik Poownie ken, en dat is inmiddels 25 jaar, heeft ie mij nog nooit expres van zich afgeworpen, gebeten of geschopt. Dat hij in een galop struikelde en mij in zijn val meenam naar de grond of dat hij pardoes een paar keer achter elkaar op mijn tenen heeft gestaan vergeten we! Poownie heeft een hart van goud. 

Ons weide seizoen laat door omstandigheden, helaas, nog even op zich wachten. Dus ik besloot dat het tijd werd om een stapje harder te lopen voor Poownie. Iets extra’s op zijn oude dag, omdat ie het verdient. Voor alle hiervoorgenoemde feiten EN omdat hij nu eenmaal Poownie is!!

Naast al het lekkers, speciaal eten en per dag een dozijn aan knuffels, poetsbeurten en liefde sta ik nu dus ook het gras voor hem te maaien. Want tja, als Mozes niet naar de berg komt… 

Overigens kwam ik niet zelf met dit briljante idee. Hij kwam van de stalbaas. Ze had een elektrische heggenschaar aangeschaft. Speciaal voor het knippen van onkruid en gras. Af en toe krijgen de paarden wat extra’s zoals brandnetel, kleefkruit, rietstengels en ander groen.

De eerste paar keer schaamde ik mij kapot. Welke koekwous staat midden in de polder nu gras en onkruid te maaien?! Maar inmiddels heb ik er schijt aan en maai mij iedere dag een slag in de rondte. Als een ware gras expert loop ik de graszoden en waterkant af. Opzoek naar die allerbeste mals ogende pol. En geloof mij, je gaat echt heel anders naar het gras kijken. Het is niet meer het simpel stukje groen verende grond. Op mijn smaakpapillen na ervaar ik zo’n beetje het zelfde wat Poownie moet voelen, zien en ruiken als hij gras eet. Bijzonder, dat dan wel weer. 

Inmiddels weet hij wat ik ga doen als ik met schaar en “voerzak” van stal vertrek en staat mij al hinnikend op te wachten. Vervolgens meng ik al mijn kostbaar verworven groene stengels in een zak met hooi. Poownie, staat als enige van de kudde ’s nachts apart en mag dan zonder hooinet op de ruif (want geen voortanden meer) eten. Heel de nacht heeft hij de tijd om die zak met hooi en gras door te spitten (= bezigheidstherapie). Zijn avondmaaltijd is in jaren niet zo smakelijk geweest. 

Anekdotes van thuiswerken #2…

Het voelt als lang geleden dat ik al rennend en springend over diverse technische hindernissen mijn werk probeerde af te krijgen. Niet omdat ik op een sintelbaan hordelopend rondjes aan het rennen ben met mijn laptop in de hand, maar omdat het zo godsgruwelijk druk was. We een aantal collega’s moesten missen in verband met ziekte en er een of andere update van een of ander systeem in de planning stond. Nu ik thuis achter mijn bureau zit verlang ik bijna naar dit soort momenten. De chaos op de werkvloer. De rinkelende telefoons en de printers die maar papier blijven uitspugen. 

Maar de reden is niet corona. Het is, bedenk ik mij nu opeens vakantietijd. Heel veel scholen en instellingen zijn nu een week of twee dicht. Dat betekent voor ons altijd een iets rustigere periode. Maar met alle digitalisering van het afgelopen jaar zijn we dan opeens een heel stuk sneller door ons werk heen. Dus besluit ik eens een kijkje beneden te nemen. 

Vriendlief heeft niks aan de vakantieperiode. Bij hem is het druk. Terwijl hij van het ene overleg naar het andere hopt zet ik koffie. Nestel mij voor een korte pauze op de bank en begin een gesprek met Draak. 

Als er iemand is die helemaal blij is met het thuiswerken dan is het Draak. Hij is overigens altijd aan het werk. Het slopen van dozen, takken, kranten is zijn doorsnee werk. Nu wij thuis ook aan het werk zijn is het voor hem dubbel zo gezellig. Hij heeft zowaar wat collega’s om zich heen. Ik gooi wat van zijn speeltjes in het rond zodat hij daarna weer wat te “werken” heeft. 

Draak wil ook aandacht en doet op zijn papegaai’s mee aan het gesprek. We brabbelen heel wat af. Dan begint hij met zingen en ik doe mee. Maat houden is voor hem toch wel een dingetje, dus fluit ik er er maar bij. Dat pikt hij op en doet lekker vals met mij mee. We oefenen nog even het ABC en daarna springen en krijsen we wat in het rond. Je snapt, lieve lezer, dat het hek nu van de dam is. Draak heeft al zijn vocabulaire kunsten letterlijk uit de kast getrokken.

Ik hoor een zacht geïrriteerd schrapend keelgeluid achter mij. Ik ging zo op in het entertainen van (en het geëntertaind worden door) mijn vogel dat ik niet meer in de gaten had dat vriendlief er ook nog is en aan het werk is. “Of het misschien wat zachter kan, want hij moet nog een telefoontje plegen…” Oeps….

Vervolgens sluip ik naar boven. Hopende Vriendlief en Draak in alle rust achter te laten. Maar dat is uiteraard ijdele hoop. Heel even is het stil. Maar zodra vriendlief zijn gesprek begint vat Draak dit op als het startsein voor ronde twee. Ik hoor Draak zijn complete zangrepertoire nog eens ten gehore brengen. Hij gaat helemaal los, dwars door het telefoongesprek van vriendlief heen. En dat is mijn schuld. Nogmaals oeps…

Ik kom niet meer bij van het lachen. Hoewel het heel irritant kan zijn als je er tussenzit is het hilarisch om het van een afstand aan te horen. Tranen biggelen na een kwartier gieren over mijn wangen. 

Straks moet ik mijn excuus maar even aanbieden. Ook thuiswerken is niet helemaal meer wat het geweest is… 

Project twee…

Vorig jaar besloten we net als drie kwart van Nederland, de tuin op te knappen. Nog voor Corona ons leven beheerste waren we al door onze tuinset gezakt en daarmee was de eerste stap gezet. De set, die inmiddels al meer dan 10 jaar stond was drastisch aan vervanging toe. We waren het er over eens dat we weer zo’n zelfde set wilden maar die was gek genoeg nergens meer te verkrijgen. Daarmee was project één geboren. Maar omdat een aantal zaken langer op zich liet wachten door corona werd project één vanzelf project twee. 

Het begon dus met een zoektocht naar een fijne loungeset. Zo eentje waar je ook daadwerkelijk comfortabel een paar uur in kunt vertoeven. Toen we deze eenmaal gevonden hadden konden we de vuurtafel, die eigenlijk bij een andere tuinset hoorde niet laten staan. Met een rib minder maar met een vriend zo happy togen we terug naar huis. Hij blij met zijn vuur en ik kan marshmallows roosteren zonder de BBQ aan te steken. Ik zeg: win-win!!

Als het alleen hierbij zou blijven dan was het project geslaagd. Het komt door de bamboe schuttingen die we perse wilden hebben. Deze zou namelijk mooi staan achter de palmboom die we inmiddels ook al hadden aangeschaft. Maar juist dit onderdeel gooide roet in het eten. Normaal zouden ze bij elk gerespecteerd tuincentrum leverbaar zijn en nu lieten ze een kleine acht maanden op zich wachten. We hadden een tussenoplossing bedacht en daarmee kwam project tuin op een lager pitje te staan. 

Eigenlijk was ik de bamboe schutting alweer helemaal vergeten toen we plots een belletje van de leverancier kregen. “Deze week kunnen we ze dan eindelijk leveren…”

Het formaat zoals wij het wilden was natuurlijk niet leverbaar dus de heren gingen aan de klus. Hier en daar moesten ze wat zagen en inkorten. De omlijsting kreeg nog een lik vernis. Het geheel zag er nu al super leuk uit. De verdere aankleding volgden in de weken er op. Om het af te maken wilde ik er een plantenbak voor hebben. Vind er maar eens een die aan mijn eis voldoet, dat lukte niet. Daarop besloten we hem zelf in elkaar te knutselen. 

Dat had ook weer wat voeten in aarden, of liever gezegd wat splinters in de hand. Samen stonden we bamboestengels af te meten, door te zagen en te schroeven. Je snapt natuurlijk wel dat als wij iets willen we direct maar voor origineel gaan. Uiteindelijk heeft vriendlief een dag op zijn knieën gezeten. Niet om mij ten huwelijk te vragen maar om alle stukjes bamboe op onze eigen in elkaar gezette plantenbak te schroeven. 

In april waren we bijna wekelijks bij het plaatselijke tuincentrum te vinden. Maar einde van de maand was dan toch echt de laatste rit waarbij de grasjes, stenen en andere plantjes werden ingeslagen om de boel echt af te kunnen maken. 

Inmiddels zijn we een aantal weken verder en er zijn gelukkig al wat mooie dagen geweest waarbij we heerlijk van onze “nieuwe” tuin hebben kunnen genieten. Om de boel helemaal af te maken heeft vriendlief project drie bedacht. Nieuwe lampen voor binnen en buiten. Nu worden de planten en onze eigen “kunstwerken” verlicht in alle mogelijke kleuren die denkbaar zijn. 

De paden op de lanen in…

Een klein gelukje voor mij dat de boot nog niet te water is. Daarom ligt de verrekijker ook nog thuis en voor het grijpen. Toen de koude ochtendlucht begon op te trekken en de eerste zonnestralen zich langzaam lieten zien toog ik er op uit. De paden op de lanen in. Of nou ja, zoiets…  

Zodra ik de auto uitstap snuif ik de zilte zeelucht op die met vlagen mijn kant op komt. Geen idee hoe dat mogelijk is want ik bevind mij midden in de polder. Maar met de zeemeeuwen krassend boven mijn hoofd lijkt het net of ik mij op de parkeerplaats van een strand bevind. Er zijn meerdere paden die het gebied in gaan maar ik start bij het schelpenpad dat gevoelsmatig richting de niet bestaande duinen voert. 

Het gebied ken ik enkel van naam en locatie. Maar ik ben er nog nooit doorheen gelopen. Het is heel rustig op dit moment. Een hardloper en een wandelaar. Verder hoor ik alleen maar het gakken van de ganzen, de eenden en het gefluit van de vogels in de bomen.  

Aan boord heb ik altijd wat moeite met de verrekijker. De deining op het water in combinatie met het turen maakt mij binnen no-time zeeziek. Hier op het land is dat anders. Ik stel hem scherp op mijn eerste object, een rover in de boom. Gelukkig blijft hij zitten zodat ik wat kan klungelen en draaien om de boel scherp te krijgen. Het lukt daarna zelfs nog om met mijn telefoon een foto te maken door de verrekijker. (Hoezo slepen met je camera? Zo kan het ook hihi)

Daarna laat ik mij verrassen door de leuke slingerpaden en bruggetjes in dit mooie gebied. Het voert mij langs Hollandse wateren met eenden en hun kroost. Ik kom langs de “vogel”muur. Waar naar zeggen ijsvogels zitten. Die zie ik niet maar wordt uitbundig begroet door heel veel zwaluwen. Ik loop tot aan het bord waar staat dat ik niet verder mag en laat mij er tegenaan zakken. Vanuit hier heb ik door mijn verrekijker echt een prachtig zicht. Het lijkt wel 3D. Een tijd geniet ik van de vogels die af en aan en zelfs over mij heen vliegen. 

Ik ben op zoek naar het baardmannetje en de blauwborst die hier hun territorium hebben. Ik heb alleen geen idee waar. Wanneer ik een bocht om ben, vind ik tussen de bosjes het begin van een sprokkel-pad. Het is niet breder dan een halve meter en de boompjes zijn ook niet al te hoog. Waar voert dit pad naar toe? Iedere keer als ik denk dat de slinger ophoud gaat hij via een bocht of onder de bomen verder. Ik voel mij net Alice in Wonderland. Wanneer twee grote hazen links en rechts voorbij schieten is het beeld compleet. Aan het einde van het pad kom ik er achter dat dit de kabouterroute is. Leuk gevonden!

Via het schelpenpad kom ik weer bij het water en loop via de andere kant terug naar mijn auto. Op het einde waag ik mij van het gebaande pad en kom zo bij een stel loslopende koeien met kalfjes. Schattig!! Ik heb pas 3.5 km gelopen en nog niet alles gezien. Het gebied is dus groter dan ik dacht. Zeker de moeite waard om nog eens terug te komen. Want het baardmannetje en de blauwborst heb ik vandaag niet kunnen spotten.