Vaarwel…

Als ik op de kade loop weet ik precies bij welke boot ik moet zijn. Het kan niet anders of dit is voorbestemd. Hij had het overigens niet anders gewild. Dit was zijn laatste wens. Maar tijdens het bespreken van deze “trip” kon ik niet weten dat de boot waarmee we de zee op zouden gaan precies zo’n boot zou zijn waar mijn vader helemaal blij van zou worden. De SS Estrella. Een nostalgisch oud schip uit vervlogen tijden. Geen lux jacht. Maar een gammele verroeste vissersboot met hier en daar een gat in de vloer. Ja, helemaal mijn vaders ding.

Dit was de dag waarop we met familie het as van mijn vader zouden uitstrooien. Mijn vader was over een aantal dingen heel duidelijk. Half stok, as uitstrooienEen daarvan was wat er met zijn lichaam moest gebeuren nadat hij was overleden. Hij wilde gecremeerd worden en daarna uitgestrooid worden op zee. “ Zoals ik vanuit Indonesië naar Nederland gekomen ben, zo wil ik ook weer gaan, met de boot over zee.” En dus voeren we uit, vanaf Scheveningen, richting volle zee. Voordat we opstapten wees mijn zusje naar de vlag. Hij hing halfstok. Een teken dat er een overleden persoon aan boord is. Het was bijna windstil en toch wapperde de vlag vrolijk heen en weer. Alsof hij niet kon wachten om losgelaten te worden.

Op het dek stond een picknicktafel waar we met de hele familie mochten plaatsnemen. In het midden van de tafel stond mijn vaders urn. Omringt door scheepstouw en de bloemen die mijn zusje meegenomen had. Het land achter ons werd al snel kleiner en kleiner terwijl de zee zich voor ons uitstrekte. Boven ons een strak blauwe hemel. Om ons heen cirkelden meeuwen die ons gezelschap hielden tijdens de vaart. Dit was de perfecte dag voor dit bijzondere afscheid.

De boot minderde vaart. We hadden het punt bereikt waarop we mijn vader mochten laten gaan. De familie stond achter ons. Het voelde als een steun in de rug. Zeker omdat dit moment, het loslaten zelf, toch wel een beetje vreemd aanvoelde. Mijn emoties vlogen alle kanten op. Ik wist niet of ik moest huilen of moest lachen. Mijn vader had zeker voor lachen gekozen. “Het is een mooie dag, en ik mag gaan!” Samen met mijn zus hield ik de urn vast. We keken elkaar aan en op het moment dat we er beiden klaar voor waren strooiden we de urn leeg. Samen keken we hem na. Een traan van verdriet en gemis rolde over mijn wang. “Vaarwel pap. Tot ooit!”

De boot kwam langzaam weer in beweging en voer een cirkel om de plek waar wij hem hadden uitgestrooid. Als allerlaatste groet werd de scheepshoorn geluid. Ik kreeg kippenvel over mijn hele lichaam. Het geluid werd weggedragen over zee, mijn vader achterna. Daarna werd de vlag, die nog steeds vrolijk heen en weer wapperde, weer in de top gehesen. Even waren we allemaal stil. Verzonken in onze eigen gedachtes. Niet veel later kwam de kapitein naar beneden. In zijn handen een fles schipperbitter en voor iedereen een glas! Terwijl hij inschonk beantwoorden hij mijn vragende blik. “Wanneer een overledene dit schip verlaat toasten wij op het leven. Zijn leven!”

De boot, de zee, alle familieleden en uiteindelijk de toast met het schipperbitter. Zo bijzonder emotioneel maar heel erg mooi. Wanneer ik nu terug denk aan deze dag verschijnt er een glimlach op mijn gezicht. Deze dag was precies zoals mijn vader had gewild.

 

Vergeef mij, dat ik je achterlaat… (Deel 2 van 2)

Deel één lees je hier: Vergeef mij, dat ik je achterlaat.

Veel eerder dan verwacht werd ik gebeld door de uitvaartbegeleidster. De vrouw had de dag ervoor in bijzijn van haar man en ouders haar laatste adem uitgeblazen. Ik ben er stil van. Kortgeleden had ik nog met haar om de tafel gezeten. Ze vertelde mij over de ziekte en haar naderende einde. Ze vertelde vol liefde over haar driejarige dochtertje. Het deed mij pijn te weten dat ze haar trots niet kan zien opgroeien. Dat ze er niet voor haar kan zijn wanneer ze haar moeder nodig heeft. Voor haar dochtertje wilde ze een rouwalbum. Zodat ze later, wanner ze het zou begrijpen, terug kan kijken op de uitvaart van haar moeder. Afgezien van mijn persoonlijke ervaring had ik nog nooit een persoon bij leven gekend waar ik nu een uitvaartreportage voor mocht maken. Dit overlijden raakte mij meer dan anders.

Ik sta voor dezelfde deur als een paar weken geleden. In tegenstelling tot de vorige keer is er nu een strakblauwe lucht met zon. Het contrast had niet groter kunnen zijn. De uitvaartbegeleidster laat mij binnen. In de woonkamer tref ik de familie. Haar man. En de vrouw zelf. Ze ligt in een witte kist. Zo sereen. Het is alsof ze ieder moment wakker kan worden. Maar haar mooie helderblauwe ogen heeft ze voorgoed gesloten. Achter mij hoor ik voetstapjes. Als ik mij omdraai kijk ik in twee helder blauwe ogen. Die heeft de jonge dame van haar moeder geërfd. Er vormt zich een brok in mijn keel. Het meisje begint te lachen en neemt hiermee direct de spanning weg. Ik lach terug. Kleine kinderen zijn ontwapenend. Zelfs op een uitvaart. Misschien juist op een uitvaart.

Voor haar zal ik vandaag foto’s maken. Naar de laatste wens van haar moeder. Ik pak mijn spullen om aan de slag te gaan. Ik maak foto’s vanuit verschillende hoeken. Niet alleen van de vrouw in de kist. Maar ook van de kamer, de berg met kaarten, de familie en het meisje. Een moment, voor altijd gevangen. De uitvaartbegeleidster komt binnen en het is tijd om de kist te sluiten. Een heel intiem en verdrietig moment. Er rollen heel wat tranen. Ook bij het kleine meisje die haar vader, opa en oma nog nooit zo intens verdrietig heeft gezien. Ze begrijpt wel dat haar moeder nu voorgoed gaat slapen. Dapper vind ik haar, wanneer ze samen met haar vader de knoppen van het deksel op de kist dicht draait.

Er volgt een wandeling naar de begraafplaats waar de vrouw zelf haar laatste rustplaats heeft uitgezocht. Dicht bij huis. Maar toch zo ver weg… De familie flankeert de kist. Op haar verzoek is iedereen fleurig gekleed. Het ziet er op het eerste gezicht dan ook niet uit als een uitvaart. Zodra de herdenkingsdienst erop zit lopen we over de begraafplaats. Aangekomen bij het graf zie ik twee trossen ballonnen hangen. Zodra de kist de grond inzakt mag het meisje deze ballonnen voor haar moeder loslaten. Ze zullen haar de weg wijzen naar de hemel. Over de kist, die inmiddels niet meer zichtbaar is, tref ik de blik van het meisje. Ze kijkt mij recht aan. Over haar wang rolt een traan. Daarna lacht ze mij weer vrolijk toe.

Eenmaal in de auto, wanneer ik alleen ben, laat ik mijn emoties de vrije loop. Soms is het leven oneerlijk. Zo oneerlijk!! Ik huil, net zolang tot er geen traan meer vloeit.

Verwerken kost tijd… #2

Na het overlijden van mijn vader voelde ik mij heel onrustig. Mijn lichaam en geest zaten niet op één lijn. Wat moest ik toch met dat verdriet? Terwijl mijn eigen gezin en familie er voor mij waren, voelde ik mij verlaten en alleen. Het voelde alsof er een stuk uit mijn lichaam was gehaald zonder dat ik wist waar. Onder woorden brengen hoe ik mij voelde? Dat lukte al helemaal niet. Hij zou dat jaar 60 geworden zijn. Dat is toch geen leeftijd om dood te gaan? Ik was boos, gefrustreerd en heel verdrietig. Afgezien van het overlijden van één van mijn huisdieren had ik nog nooit een rouwproces van zo dichtbij en zo intens meegemaakt.

Van lieverlee kwam het punt van accepteren. Beseffen dat het echt zo is. Dat de rest van het leven doorgaat. Ook dat van mij. Maar dan zonder vader. Het moest een plekje krijgen, werd mij verteld. Dat plekje kon mij gestolen worden. Het is zo’n ruim begrip. Wat moest ik daar nu mee? Alsof je het kunt parkeren in je achtertuin?! Die periode voelde mijn lichaam aan alsof het constant onder stroom stond. Alsof ik een tikkende tijdbom had ingeslikt die ieder moment kon afgaan. Ik wilde rennen tot ik er zelf dood bij neerviel, maar had er simpelweg de kracht niet voor.

Op een druilerige wintermiddag reed ik langs de begraafplaats. Zonder er bij na te denken parkeerde ik mijn auto en liep het terrein op. Niet dat mijn vader daar lag. Hij was naar eigen wens gecremeerd. Mijn overgroot oma ligt daar wel. Nu ik er aan terug denk weet ik niet eens wat ik daar dacht te vinden. Misschien hoopte ik op wat rust. Een klik in mijn lichaam en geest waarna ik alles, of in ieder geval iets, kon loslaten. Ik wist alleen niet precies waar ze lag en heb meer dan een uur gezocht. Ik zag vele graven en las verschillende opschriften maar heb haar niet gevonden. Ik voelde mij nog leger en ellendiger dan daarvoor. Huilend liep ik terug naar mijn auto. Wat dacht ik nu te bereiken?

Er zijn geen boekjes met handleidingen die aangeven welke stappen je moet volgen bij verdriet. Daar komt ook nog eens bij dat iedereen zijn verdriet op een eigen manier verwerkt. Er tegen vechten had geen zin. Ik liet het maar over mij heen komen en besloot per dag te kijken hoe het ging. Toen ik er aan had toegegeven kon ik het ellendige gevoel beter handelen. Er ging wel wat tijd overheen. Of het verdriet ook al een plekje had gekregen kon ik nog niet zeggen. Maar, ik wist er mee om te gaan.

Op een zonovergoten middag, een paar maanden later, reed ik langs de begraafplaats. Ik parkeerde mijn auto en liep het terrein op. In mijn hand één witte roos. Vastbesloten om het graf van mijn oma te vinden. Ik kwam langs verschillende graven en las de teksten. Liep voorbij de grote eik. Bukte bij een graf om een gevallen vaas overeind te zetten. Halverwege het pad draaide ik mij om. Daar lag ze. Gevonden zonder te zoeken. Mijn overgroot oma. Het gemis van mijn vader was groter dan anders, maar de pijn was niet langer schrijnend. Hoewel het nog steeds op mijn schouders drukte en ik zijn verlies met mij mee sleepte, was het dragelijk. Vanaf dat moment wist ik, ik kom er wel…

live life to the fullest

Als uitvaartfotograaf kom ik veel verdriet tegen. Soms dat van mijzelf. Zoals bij het recent overlijden van een familielid. Maar veelal van families die een dierbaar persoon zijn verloren. Een opa of oma. Een vader of moeder. Een kind. Ik keek vanaf de zijlijn toe terwijl ik mijn werk deed. Hierdoor, en door het overlijden van mijn ouders, heb ik geleerd de dood te accepteren. Het is een onderdeel van het leven. Het heeft even geduurd voor ik tot dit besef ben gekomen. De dood is iets dat ik graag op afstand hield. Toen ik er mee geconfronteerd werd kon ik niet anders dan het te accepteren. Niet dat ik de dood omarm. Integendeel. Maar ik realiseer mij heel goed dat de dood er nu eenmaal is en er altijd zal zijn.

Inmiddels heb ik niet alleen aanvaard dat de dood bij het leven hoort. Ik kijk ook heel anders tegen het leven aan. Want leven doe je nu, hier en op dit moment. Je kunt misschien blijven hangen in het verleden. Maar je kunt niet leven in het verleden. Je kunt verlangen naar de toekomst. Maar je kunt niet leven in de toekomst. Ik heb geleerd dat de dood niet wacht. Hoe hard je ook smeekt. Hoe hard je ook bidt. De dood kent geen verschil. Hij is er voor iedereen ongeacht afkomst, inkomen of geloof. Hij is er voor jou en voor mij.

Tijdens mijn werk kom ik heel dicht bij families die zich op een heel kwetsbare manier opstellen. Het is heel intiem om tijdens dit grote verdriet aanwezig te zijn. Soms hoor ik gesprekken aan waarin gezegd wordt: “Had ik maar…”, “Hij wilde nog…”, “Kon ik nog maar…”, “Ze zou zo graag nog…”, “Nu is het te laat!” Woorden van spijt. Woorden waar niemand meer iets aan heeft. De overledene al helemaal niet.

De dood klopt veelal aan op niet geplande momenten. Wanneer je het niet ziet aankomen. Plots en onverwachts. Voor een ander is hij de verlossing van een (lange)lijdensweg. Vroeg of laat, we komen er niet onderuit. De dood maakt voor niemand een uitzondering. Zonder dood, geen leven… Het is een onderdeel van jou! Het is een onderdeel van mij! En zeg nu zelf. Zou jij volledig leven wanneer je weet dat je nooit dood zult gaan? Zou jij werkelijk alles geven, of er uithalen wat er inzit, wanneer je weet dat jouw tijd nooit komt? Zou jij genieten van ieder moment wanneer je weet dat er nooit een einde aan zal komen?

Dit leven is mij gegeven en het is aan mijzelf om er iets van te maken. Ik wil niet dat het leven als zandkorrels door mijn vingers glijdt. Ik wil geen spijt hebben van dingen die ik nooit heb gedaan maar wel had willen doen op het moment dat het mijn tijd is. Want de tijd tikt wel door. Voor jou, voor mij. Start daarom met leven. In het hier en nu. Omarm het. Wacht niet tot het te laat is. Spendeer tijd met mensen die er toe doen. Die je aan het lachen maken, die er voor je zijn. Haal alles uit het moment en zelfs meer. Geniet van de kleine en simpele dingen in je leven. Droom niet alleen je droom, maak hem waar. Grijp je kans en ga er voor.

Dit blog verscheen eerder op: familieberichten.nl

Jij had het kunnen zijn…

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk. Gebeurt het… Ik vang een glimp van je op. Ik zie je fietsen. Gekleed in je gele jas en afgetrapte gympies. Door weer en wind maar altijd zonder handschoenen. Gebogen over het stuur alsof je windje tegen hebt trappend op de pedalen op weg naar je bestemming.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik hoor je stem. Ik hoor je lachen, uitbundig en zonder schaamte. Ik hoor je mijn naam fluisteren wanneer je mij wakker maakt. Ik hoor je hoesten en proesten als jij ‘s morgens wakker wordt. Ik hoor je schelden als je boos bent. Ik hoor hoe jij de telefoon op neemt met een simpel: “Ja hallo..” of “Hey hoi met mij.”
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik zie je handschrift. Op een blaadje neergekrabbeld. Onleesbaar en doorelkaar. Ik zie hanenpoten en inktvlekken over het papier. De tekst is doorgehaald, opnieuw geschreven en wederom doorgehaald. Maar eindigt altijd met een kusje.
Het had van jou kunnen zijn. Maar dat is het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik ruik je geur. Zomaar in een vlaag onder mijn neus. Wanneer ik ergens binnen stap. Tijdens het koken wanneer ik iets maak wat jij ook wel eens maakte. Wanneer er iemand langs mij loopt met het zelfde luchtje dat jij droeg.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik merk dat ik een kind van jou ben mam. Wanneer ik op dezelfde lompe manier op de bank zit met mijn arm over mijn hoofd. Wanneer ik voor de spiegel naar mijn eigen spiegelbeeld kijk en gekke bekken trek. Wanneer ik de dieren in huis roep dat het eten klaar staat.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. En dat doet het, heus echt waar. Het verdriet is niet meer zo intens. De leegte niet meer zo’n groot gat. Nu denk ik aan je, heel bewust. Jij bent nooit heel ver weg. Ik zie je… Ik hoor je… Ik ruik je … Ik voel je…
Jij bent overal om mij heen. Ik hoef maar aan je te denken en jij bent het die daar staat.

Mama, moeder, liefde, missen

24 januari 1961 – 17 november 2011

Vergeef mij, dat ik je achterlaat…

De regen komt met bakken uit de hemel. Het is donker en somber buiten. Zodra ik mijn auto voor de deur van het afgesproken adres geparkeerd heb, blijf ik nog even zitten. Het is een trieste dag en ik moet iets gaan doen waar ik als een berg tegenop zie. Ik haal een paar keer diep adem en stap uit. Ik hoef gelukkig niet lang te wachten voor de deur open gaat. De eerste voorstelronde vind plaats in de gang. Als ik achter de man des huizes aanloop word ik in de woonkamer begroet door een schaterlachende peuter. Aan tafel zit haar moeder met de kleine meid op schoot. Zodra onze blikken elkaar treffen kijk ik in een paar prachtig helderblauwe ogen. Ze zet het meisje op de grond en geeft mij een trillende hand.

Haar man vertrekt naar de keuken om koffie voor ons te zetten terwijl wij alle tweeliefde, moeder en dochter, achterlaten, plaats nemen aan de grote tafel. De woonkamer ligt bezaait met speelgoed, duploblokken en knuffelbeesten. Deze jonge dame komt wat dat betreft niets te kort. Toch trekt mijn maag samen. Ik krijg een brok in mijn keel en voel een pijnlijke steek. Het leven is soms zo oneerlijk. Zonder dat iemand hier iets aan kan doen, gaat het belangrijkste in haar prille leventje haar binnenkort ontnomen worden. Haar moeder.

Alsof ze mijn gedachte kan lezen begint ze te vertellen. Over de diagnose die gesteld is net na de geboorte van haar dochtertje. De slopende ziekte, het verloop hiervan en wat nu nog rest. Ondertussen staat de dampende koffie op tafel inclusief wat lekkers. Maar ik krijg geen hap door mijn keel. Haar ogen beginnen te stralen zodra ze over haar dochtertje begint te praten. Ze is haar lust en, zolang het nog duurt, haar leven. De reden waarom ik gekomen ben is niet alleen een kennismaking met de familie. Maar ook om te kijken of ik iets voor hen kan betekenen op de uitvaart van deze vrouw.

Haar man pakt een dik boek uit de kast en legt het voor mij neer. Het is hun trouwalbum met prachtige sfeervolle foto’s. De foto’s die gemaakt moeten worden op de uitvaart moeten dezelfde stijl en sfeer hebben als hun trouwfoto’s. Ik heb de vraag nog niet gesteld of de man geeft al antwoord. De trouwfotograaf heeft nooit eerder een uitvaart gefotografeerd en had hun een rouwfotograaf aangeraden. De vrouw begint weer te vertellen. “Als ik er straks niet meer ben, wil ik dat mijn dochter een naslag werk heeft. Een trouwboek en een rouwboek. Voor later, zodat ze kan zien hoe het was.” Ze zucht. “Haar vierde verjaardag zal ik naar alle waarschijnlijkheid niet meer mee gaan maken.” Haar man pakt boven tafel haar hand en knijpt er zachtjes in. Even zijn we allemaal stil.

Ik ben ontroerd door haar verhaal. Ze kijkt letterlijk de dood in ogen en toch kan ze zo krachtig vertellen. Want dat heeft ze gelukkig nog, haar kracht en haar wil om te genieten van de tijd die rest. Het moet een verschrikkelijke gedachte zijn om te weten dat ze er straks niet meer is terwijl haar kindje haar zo hard nodig heeft. Bij het afscheid kijk ik haar nog eenmaal aan. Haar helder blauwe ogen zal ik bij onze volgende ontmoeting niet meer zien…

Dit blog verscheen eerder op: Familieberichten.

The Circle of Life…

Al geruime tijd staar ik naar een blanco pagina. Ik weet niet waar ik moet beginnen. Flarden van tekst schieten mij te binnen. Maar zodra ik mijn handen over het toetsenbord laat gaan ben ik ze alweer kwijt. Nog niet het kleinste atoom van een idee word gevormd. Irritant!! Een viertal blogjes staan onafgemaakt op mijn bureaublad en een lijstje met onderwerpen vind ik terug in mijn notitieboekjes. Wat ik ook doe… De inspiratie blijft weg. En dat vind ik erg jammer. Want ik wil nog over zoveel onderwerpen bloggen. Er zijn momenten dat ik er alleen tijd voor hoef te maken. Een vel papier voor mijn neus en schrijven maar. De ene na de andere zin komt dan vanzelf. Voor ik het weet heb ik een blog af. Heerlijk wanneer ik in zo’n flow zit.

De flow van het lezen heb ik daarentegen dubbel en dwars te pakken. Mijn boekenplank is op dit moment aardig gevuld en ik kan niet wachten om al die verhalen te gaan ontdekken. Even ontsnappen aan de werkelijkheid. Mijn eigen verdriet en emoties loslaten en mij verdiepen in een compleet andere wereld die niet van mij is. Het niet zelf ondergaan maar toekijken vanaf de zijlijn.

Dat zal er ook wel mee te maken hebben dat het schrijven niet echt wil vlotten. Emotioneel zaten we wederom in een achtbaan. Een kort ritje dit keer. Maar wel een ritje die diepe wonden nog even voorzichtig openrijt. Je er haarfijn aan herinnert dat het leven niet eeuwig is. Niet voor jou. Niet voor mij. Ook deze nieuwe wond heeft tijd nodig om te helen. Om dicht te groeien. En wanneer deze nieuwe pijn straks alleen nog op de achtergrond aanwezig is, is er ruimte om herinneringen levend te houden. Het zal nog even duren voor het zover is. Uit ervaring weet ik inmiddels dat deze tijd ooit komt.

Voor nu noem ik het maar even The Circle of Life

Tot ooit…

Vanaf je geboorte wandelt hij onzichtbaar met je mee. Hij slaat toe wanneer het hem uitkomt. Hier en daar. Bij jou, bij mij. Hij kent geen genade. Smeekbedes worden niet gehoord. Bij de een kondigt hij zichzelf aan. Voor de ander is hij er totaal onverwachts. Vroeg of laat. Jij en ik, we komen er niet onderuit. De dood maakt voor niemand een uitzondering.

Afgelopen week kwam hij weer, geheel onverwachts, bij mijn familie binnen vallen. Dit keer voor mijn oom. Zijn werkplek leek hem de juiste plaats om toe te slaan.
BAM. Uit het niets…
Hij liep binnen zonder te kloppen en nam hem mee zonder een groet.
Geen afscheid en vaarwel.
Geen knuffel en een zoen.

Lieve Ray
Met slechts 47 levensjaren is jouw reis veel te vroeg begonnen
Wij gaan je vreselijk missen
Tot ooit…

Afscheid, de weg, hemel, dood

Dat mag gevierd worden…

Ik heb nog geen twee passen in de tuin gezet of de voordeur gaat al open. Een gezellige bedrijvigheid komt mij tegemoet zodra ik het huis binnen stap. Ik hoor gelach, geroezemoes en een hoop kinderstemmetjes binnen in huis. Hier had ik mij niet op voorbereid. Het lijkt eerder op een verjaardag dan op een condoleance. Ik maak kennis met de familie en word daarna naar de kamer gebracht waar de kinderstemmetjes vandaan komen. Daar moet ik mij een weg banen door een vijftal met helium gevulde ballonnen die de deur barricaderen. De uitvaartbegeleidster had mij al verteld dat dit een bijzondere familie was en ik mag dit nu aan den lijve ondervinden.

Onder het raam staat een witte kist. In de kist ligt Oma die geflankeerd wordt door een vijftal kleinkinderen met stiften in hun handen. De leeftijd varieert van 4 tot een jaar of 14. Vandaag mogen ze de kist van Oma voorzien van hun eigen boodschap. Een van de koters ziet mij en mijn camera en weet zichzelf even geen houding te geven. Zijn sproeterige gezicht straalt blijheid uit maar zijn ogen vullen zich al snel met tranen. Om het ijs te breken begin ik een gesprek met hem en ik vraag welke mooie boodschap hij mee wil geven aan Oma.

Dat werkt. Hij droogt zijn tranen en trekt mij mee naar de kist. Ik zak door mijn knieën en ben nu net zo groot als hij. Hij toont mij zijn tekening: een zon, een bloem en een vogel. Want waar Oma naar toe gaat schijnt altijd de zon, bloeien er altijd bloemen en leven de dieren vrij. Ook de andere kinderen willen laten zien wat ze voor moois voor Oma hebben gemaakt. Teksten, tekeningen, gedichtjes of een simpel zinnetje als: Ik mis u nu al. Als de kinderen eenmaal over hun verlegenheid heen zijn vertellen ze honderduit.

Vol belangstelling luister ik naar hun verhalen. Langzaam wordt mij duidelijk dat de vrouw in de kist niet zomaar een Oma is. Voor deze kinderen was ze een super Oma die voor ze klaar stond en waar altijd iedereen mocht blijven eten en slapen. Waar griezel- en verkleedpartijtjes gehouden werden. Ze hielp zelfs mee met boomhutten bouwen. De teksten en tekeningen op de kist raken mij. Hoe eenvoudig ook. Dit is hun manier van afscheid nemen. Van de familie heb ik toestemming om alles op de foto te zetten, toch vraag ik dit ook aan de kinderen. Ze hebben er geen moeite mee en wijzen mij trots hun geschreven teksten nogmaals aan.

Als alles op de foto staat loop ik naar de keuken waar ik ontvangen word door Opa. Hij vertelt hoe de uitvaart, die morgen plaats zal vinden, er uit gaat zien en wat hij verder nog op de foto wil hebben. Ik ben nog steeds onder de indruk van de gezellige sfeer in huis. Hij moet lachen en zegt: “Oma gaan we zeker missen! Maar de dood hoort bij het leven en dat mag gevierd worden!” Als ik even later het huis verlaat voel ik mij niet gelaten of verdrietig maar moet ik ook lachen. Als uitvaartfotograaf maak ik best heel bijzondere en verdrietige dingen mee. Deze familie heeft gelijk. Ondanks het verdriet en gemis hoort de dood wel bij het leven, en ook dat mag gevierd worden…

Dit blog verscheen eerder op: familieberichten.nl 

Dankbaar…

In de zomer van 2014 werd ik gebeld door een mevrouw. Ze vertelde dat haar ex-man de dag ervoor was overleden. Het regelen van zijn uitvaart zou voor haar rekening komen. Er waren namelijk geen kinderen of andere familieleden die hierin nog iets konden betekenen. Ook de vriendenclub, die ooit zo groot was, was geslonken tot nog maar drie man. Via de uitvaartbegeleider was ze bij mij terecht gekomen. Ze vroeg mij of het mogelijk was om een aantal foto’s te maken. Niet van de hele dienst, alleen van de opbaring. Hem zelf, de kist, zijn kleding en misschien nog een bloemstuk als dat er al was. De kist zou namelijk gesloten worden door de uitvaartbegeleider zonder bijzijn van de mensen die hij achterliet.

Als ik de parkeerplaats oprijd staan de twee medewerksters van het rouwcentrum mij al op te wachten. Het is 19.30 uur in de avond en er is verder helemaal niemand. Ze zijn speciaal voor mij geopend. Ik word naar een ruimte gebracht die iets groter is dan mijn eigen woonkamer. Een van de dames sluit achter mij de deur. In het midden van de ruimte tref ik mijn afspraak, gekleed in een prachtig pak, één rode roos in zijn hand en liggend in een zwart gekleurde kist.

Ik loop naar de strak afgewerkte kist en laat mijn handen rusten op het voeteneinde. Deze man zou ieder moment zijn ogen kunnen openen. Alsof hij slaapt. De energie in de ruimte voelt bruisend aan. Het is zo anders dat het mij niet lukt om direct mijn camera te pakken. Dus neem ik plaats op één van de bankjes recht tegenover de kist. Ik laat zomaar een aantal minuten aan mij voorbijtrekken terwijl ik deze onbekende man gezelschap houd. Dan wordt het tijd om aan het werk te gaan. In de minuten die volgen zet ik hem zo waardig mogelijk op de foto.

Bijna een jaar na de uitvaart word ik gebeld door de ex-vrouw. Ze vertelde dat het een mooi dienst was geweest. Ondanks dat ze al 15 jaar uit elkaar waren kon ze zijn overlijden niet naast zich neer leggen. Er bleef maar iets aan haar knagen. Na een paar maanden besloot ze de foto’s er bij te pakken die ik twee dagen voor de uitvaart op haar verzoek had gemaakt. Dat was de reden waarom ze belde. Ze had niet verwacht dat het terugzien van haar ex-man, met zijn ogen dicht, liggend in een kist, met de kleding aan die ze zelf had uitgezocht, haar de rust zou geven die ze zocht. Het besef drong nu echt tot haar door. Hij is er niet meer. Vanaf dat moment was het alsof de puzzelstukjes op zijn plaats vielen. De foto’s hadden een klein stukje bijgedragen aan haar rouwverwerking. Het stukje dat zo aan haar bleef knagen. Nu kon ze het voorzichtig een plekje gaan geven.

Na het beëindigen van ons telefoongesprek galmden haar stem nog een tijdje door mijn hoofd. Wat fijn dat ik met mijn werk deze vrouw heb kunnen helpen. Al was het maar een beetje.

uitvaartfotografie Hamar

Dit blog verscheen eerder op Familieberichten.nl