Clooney vs Clowny…

“Wat vind je van deze?” “Die is te groot!”
“Oh. Dan is deze zeker te klein?” “Nee, die zou goed zijn als er ook andere bonen in kunnen. Hier kunnen alleen van die cups in. Je weet wel, van die stomme George Clooney reclame!” “Wat is er nu weer mis met Clooney?” Zeg ik schouderophalend terwijl ik vriendlief volg door de winkel met rekken koffieautomaten.

“Ik zoek zo’n model, maar dan met die kleur en dan met deze uitstraling.” Vriendlief wijst van de ene naar de andere machine. “Hij mag heus wel wat uitstraling hebben.”
“Ja, dat heeft Clooney ook.” Zeg ik terwijl ik de machines bekijk die vriendlief zojuist heeft aangewezen.

Op de laatste machine blijft mijn oog even rusten. Die ziet er mooi uit. Net zo één als die we nu thuis hebben staan maar door het blauw verlichte display ziet het er net wat strakker uit. “Zie je dit?” Terwijl ik dat zeg druk ik, zo neurotisch als ik ben, op het icoontje dat twee kopjes koffie aangeeft. Ik wil mijn zin afmaken maar deins achteruit als ik het mij oh zo bekende geluid van koffiebonen-die-terplekke-gemalen-worden hoor.

“Oh shit, deze doet het echt!?” Roep ik een beetje panisch, van links naar rechts kijkend of ik ergens een verkoper zie staan die mij uit de brand kan komen helpen. Intussen worden er door mij een aantal potjes leeg gegooid zodat ik iets heb om de koffie in te laten lopen. “Nee geen shit, roept de verkoper achter mij, koffie!!”
Vriendlief kan alleen maar lachen. “Blijf met je tengels dan ook eens van al die knopjes af, dat krijg je er nu van!” Ik werp hem een boze blik toe maar kan het niet helpen en moet zelf ook lachen om mijn domme actie. De verkoper ruilt, nog voor de koffie uit de automaat loopt, de twee potjes om voor echte koffiekopjes en zegt: “Zo mevrouw, de melk en suiker vindt u daar, de koffie drinkt u zelf maar op!”

Is het vlees al gaar?

Ken je dat gevoel dat je niet meer op je voeten kunt staan maar toch gewoon door gaat? Het idee dat de spataderen ter plekke op je benen verschijnen en je denkt dat je knieën het ieder moment kunnen begeven? Dat had ik dus nadat alle familieleden weer naar huis vertrokken waren en ik rond de klok van 03.00 uur eindelijk in mijn bedje lag. Ik wist van ellende niet hoe ik moest gaan liggen. G E S L O O P T was ik de dag na de familie BBQ die zaterdag 18 augustus bij ons in de achtertuin gehouden werd. Maar het feit dat bijna de hele familie die dag bij elkaar was, de sfeer zo ongedwongen gezellig was en we de laatste drie uur alleen maar gedanst en gezongen hebben maakt dat ik de pijn in mijn voeten en benen compleet vergeet.

De week ervoor stond in het teken van voorbereidingen. Zo moest de tuin aan kant, het huis schoon gemaakt worden en de koelkast en vriezer leeg gegeten worden. Want anders zou er geen plek zijn voor al het vlees en drank voor die avond. Uit voorzorg, er was 30 graden voorspeld en geen druppel regen maar je weet het nooit hier, hadden we de vrijdag ervoor met twee ooms een tent opgezet. Mijn nichtje had een super mooie, maar vooral lekkere taart gebakken waarbij ik in eerste instantie dacht dat hij voor een trouwerij bedoeld was. En mijn tante had zich uitgesloofd op de salade. Bij de overige familieleden werden tuinstoelen en statafels geregeld. De muziekinstallatie kwam bij mijn andere oom vandaan en voor de rest hadden we alleen nog maar een goed humeur en een lege maag nodig.

Rond de klok van 16.00 uur gingen de deuren open en al snel zat de tuin vol. De kids vonden hun plekje binnen waar ze ongestoord konden gamen terwijl de rest van de familie de stoelendans deed om met zoveel mogelijk mensen bij te kunnen kletsen. Vriendlief en ik zorgden ervoor dat iedereen van thee, koffie, taart en limonade voorzien waren maar daarna was het toch echt zelfbediening. Met 38 graden besloten we al het drank in de koelkast te houden en de sangria van extra ijsblokjes te voorzien. Mijn oom had zich als kok opgeworpen (of wij hebben hem stilzwijgend deze rol toebedeeld, dat laat ik even in het midden) en zorgde voor het grillen van het  vlees. De salades, brood en verschillende soorten sausjes stonden in verband met de hitte binnen.

Toen iedereen genoeg gegeten had werden er op de laatste gloeiende kooltjes van de BBQ nog wat marshmallows geroosterd, en niet alleen voor de kinderen!! Nadat de “jeugd” zich op ging maken voor een bezoek aan de disco verderop in het durp gingen bij ons (hoewel ik mijzelf ook echt nog wel tot de jeugd reken) ook de stoeltjes aan de kant en de muziek wat harder. Dansen, zwingen, hossen en springen we hebben het allemaal gedaan. Door de tent en de vrolijke lichtjes en kaarsjes waan je je helemaal niet in je eigen achtertuin en pas de dag erna kregen we van de buren (heel veel huizen verder) te horen dat het wel een erg gezellig feestje moest zijn geweest…

Zo’n dag of in mijn geval een avond, hakt er niet alleen lichamelijk in. Ik had emotioneel af en toe ook een dip. Mijn vaders gezicht doemde op verschillende plaatsen op. Ik zag hem als ik naar mijn ooms keek. Ik zag hem bij de BBQ staan. Zich bemoeien met het vlees dat volgens hem al gaar was maar volgens een ander nog niet. Ik zag hem als we aan het dansen waren. Lachend om onze domme moves en gekke bewegingen en nog harder lachen om zich zelf. Dit soort dagen doet mij ook beseffen hoe jammer ik het vind dat hij er niet meer is. Want ook hij zou het erg naar zijn zin hebben gehad. Hoewel ik mij op sommige momenten waarschijnlijk kapot geërgerd zou hebben aan zijn gedrag is het onder andere dat gedrag dat ik nu mis.

De dag erna begon de grote schoonmaak. Vloeren soppen, tent afbreken en stoeltjes sorteren. Wat was nou van wie?? Van meerdere familieleden kreeg ik te horen dat ze het heel erg naar hun zin hebben gehad. Een mooi compliment aan vriendlief en mij, maar vooral naar de familie want dit feestje was er zonder hun niet geweest. Nu eens kijken wie dit stokje over gaat nemen voor volgend jaar…

 

Wat heb ik dit gemist…

Vorig weekend stond in het teken van: “rust”! Geen verplichtingen. Geen bezoekjes. Geen fotoreportages of andere werk gerelateerde bezigheden. Gewoon even twee dagen voor mijzelf. Al vanaf halverwege de werkweek stond dit in mijn planning en daarom had ik er zo naar uit gekeken. Temeer omdat de weergoden ons eindelijk wat gunstiger gestemd zouden zijn.

’s Morgens bij het openen van de gordijnen voelde ik mijn zonnige gemoedstoestand als sneeuw voor de zon verdwijnen. Hoe kon dat nou? Er was niet eens zon, maar donkere wolken die zich ieder moment over ons uit konden storten. Hoewel mijn gemoedstoestand gekoppeld is aan de barometer besloot ik het positief te bekijken. Het was (nog) droog en het was (nog) niet koud.

Ukkepuk en ik togen samen naar stal om te kijken hoe het paard er bij stond. De regen had mijn mooie elegante witte schimmel omgetoverd naar een bruin paard met dito vlekken en zijn manen en staart waren in twee dagen tijd tot rastavlechtjes samen geklit. Ik miste alleen de muziek van Bob Marley op de achtergrond maar ik zou zweren dat hij “EY Man” zei toen ie op zijn dooie akkertje naar ons toe kwam slenteren. Na wat poetswerk en een rondje gewandeld te hebben togen we huiswaarts.

Na de lunch verlieten de heren het pand en bleef ik alleen achter. De hoop op luieren in de tuin met een boek in mijn ene hand en een drankje in de andere terwijl de zon mijn bakkes heerlijk verwarmde had ik al bijna opgegeven, toen plots het wolkendek plaats maakte voor een hemels blauwe lucht. Ik bedacht mij geen moment. Trok mijn zomerse outfit aan, smeerde mij in met “factor veel” en plofte in de tuinstoel. Luieren, opwarmen en even helemaal niets. Soms heb ik dat gewoon nodig. Er moet al zoveel, de druk is al zo hoog, de tijd gaat al zo snel.

Ik sloot mijn ogen en liet mij opgaan in de geluiden om mij heen. Na een paar minuten realiseerde ik mij dat er bijna geen geluiden waren. Een gedeelte van de straat was duidelijk met vakantie. Normaal is het hier een drukte van jewelste. Spelende kinderen. Knutselende vaders of babbelende moeders. Maar nu heerste er rust en stilte. Het ruisen van de bomen en de meeuwen die ik boven mij naar elkaar hoorde roepen gaven mij het gevoel dat ik op het strand lag in plaats van in mijn achtertuin. De zon warmde mijn lichaam op. Ik wilde de warmte tot in het binnenste van mijn wezen kunnen voelen zodat ik een voorraadje op kon bouwen waar ik in tijden van nood uit kan putten. Dus ik bleef liggen waar ik lag.

Vaag hoor ik rechts van mij een helikopter. Ik vraag mij altijd af wie er in zitten en wat ze daar doen. Ik zou ook wel eens mee willen met zo’n ding. Hoe zou dat zijn om recht naar boven te vliegen en proberen je maaginhoud daar te laten waar het hoort? Ik probeer het geluid te blijven volgen tot het niet meer waarneembaar is. Een motor doorklieft te stilte die mijn oren alweer gevuld had. Ik probeer aan de hand van het nieuwe geluid te raden waar hij ongeveer moet rijden. Op het moment dat ik het denk te weten hoor ik naast mij twee kinderen gillen en huilen. Toch niet iedereen was met vakantie. Hun vader hoor ik wat mompelen en al snel neemt het gegil af tot wat gesnik om te verstommen naar gebrabbel dat niet meer te volgen is. De andere buren beginnen met een stofzuigronde van de woonkamer. En ik? Ik lig nog steeds te genieten van de zon op mijn huid.

Iets kriebelt er aan mijn voet. Als ik opkijk zie ik Noa staan. Ze nestelt zich op het bed en rolt zich bij mijn voeten op tot een bal haar om vervolgens al knorrend in slaap te vallen. Ik voel mij vederlicht. Alsof verdriet en heftige emoties op dit moment niet bestaan. Alsof alleen het hier en nu telt. Ik voel mij heel even het meisje van zes dat tegen haar moeder aan in slaap valt. En dat is wat ik ook doe.

Ik weet niet hoelang ik heb geslapen. De zon moet de hemel inmiddels weer delen met wat stapelwolken en als ik links van mij kijk, ook met wat donderwolken. Ik sluit mijn ogen nog heel even om de laatste zonnestraaltjes van vandaag op te pikken. Wat heb ik dit gemist en oh, wat zijn de kleine dingen in het leven toch heerlijk…

 

 

Familie BBQ…

Al sinds ik mij kan herinneren kwamen wij als familie iedere zondag bij mijn opa en oma bij elkaar. Zij waren de spil van het grote gezin. Want mijn vader had acht broers en zussen waarvan, toen ik geboren werd, zo’n beetje iedereen voorzien was van aanhang al dan niet met kinderen.

Hoewel het al meer dan 16 jaar geleden is dat ik daar een voet in huis heb gezet kan ik mij de bekende “huislucht” evenals de kook en bakluchtjes goed voor de geest halen. Als wij thuis met trassie koken, of uitjes aan het fruiten zijn moet ik altijd aan mijn oma denken.

Mijn oma was gewend te koken voor een groot gezin. Hoe vroeg of laat je daar binnen kwam, er was altijd wel iets te eten en anders werd er wat voor je klaar gemaakt. Iedereen kon aanschuiven. Als ik aan deze periode terug denk zie ik mijn tantes in de keuken staan. Druk bezig met koken, de afwas of wat er dan nog meer in die keuken besproken en gedaan werd. Terwijl mijn ooms zich druk maakten rond de salontafel tijdens een potje klaverjassen gevolgd door het kijken van de F1 of andersom. En wij, de kinderen, speelden spelletjes op de gang waar we vooral niemand in de weg zaten. Grote feesten zoals kerst en oud & nieuw werden traditiegetrouw daar gevierd.

De tijd stond niet stil. Wij groeiden op en opa en oma werden ouder. Toen mijn opa op, voor mijn gevoel, veel te jonge leeftijd kwam te overlijden bleef mijn oma in een groot huis achter. Met tegenzin besloot ze te gaan verhuizen naar een kleinere woning.

De bezoekjes aan oma bleven bestaan. Ook de feestdagen vierden we nog steeds met elkaar. Alleen niet meer in het grote huis maar bij één van de andere familieleden. Hoe gezellig het ook was, de sfeer van “toen” was vervlogen. De periode terug halen is niet mogelijk, daarom koester ik de herinneringen des te meer.

Oma heeft nog enkele jaren mogen genieten van het leven. Uiteindelijk begon ook haar laatste reis, op weg naar opa.

Om er voor te zorgen dat we elkaar als (grote) familie niet uit het oog zouden verliezen en ter nagedachtenis aan opa en oma werd er een familiedag in het leven geroepen. Eén keer per jaar besloten we iets leuks met elkaar te ondernemen. Een pretpark gevolgd door een etentje. De familiedag werd steevast georganiseerd op of rond de verjaardag van mijn oma.

Maar ook nu stond de tijd niet stil. Neefjes en nichtjes werden volwassen en ieder ging zijn eigen weg. De familiedag werd ingekort naar alleen een etentje  waarbij sommige jaren (in ieder geval door mij) werden overgeslagen in verband met andere bezigheden en verplichtingen.

Het afgelopen jaar was voor ons het jaar waarin afscheid nemen centraal stond. Omdat niemand het zag zitten om zijn of haar verjaardag in deze periode te vieren, ook al werden we oa 30 en 50 jaar oud, besloot ik een grote familie BBQ in het leven te roepen, georganiseerd door de beste feestcommissie die er is, mijn familie! Midden in de zomer bij mijn oom en tante thuis. Een locatie die het toe liet om iedereen te huisvesten voor een avond en waar ook nog eens op veilige afstand twee BBQ’s konden staan. Deze avond moest centraal staan voor de verjaardagen die door verdriet niet gevierd konden worden. Deze avond moest onze familie bij elkaar brengen om ons er aan te herinneren dat wat ooit was nooit meer zal komen, maar dat we wel in staat zijn om met ons allen de herinneringen uit het verleden uit te breiden met de gebeurtenissen uit het heden.

Het was een zeer geslaagde avond en zo gezellig en ongedwongen dat ik diezelfde avond geroepen heb het volgend jaar bij ons thuis te willen houden. En zo zal geschiedde. Zaterdag 18 augustus word onze tuin omgetoverd tot een familie café waar we met ons allen hopelijk weer een super gezellige avond zullen hebben. De voorbereidingen zijn al gestart. Familieleden hebben zich spontaan aangeboden om taart te bakken en spullen mee te brengen en/of op te bouwen. Het geeft mij een goed gevoel dat er meer familieleden zijn die zin hebben in dit nieuwe familiefeest. Nu nog hopen op redelijk weer…

 

 

Roti wat?

Ik ben nou niet bepaald een keukenprinses. En daarmee druk ik mij nog heel zacht uit. Ik heb een bloedhekel aan koken. Ondanks dat vriendlief en ik elkaar afwisselen in de keuken blijft het een saaie, vervelende en tijdrovende klus die ik liever uit handen geef. Maar goed, een mens moet nou eenmaal eten. Als ik ooit een loterij zou winnen zou ik het geld gebruiken om een kok te kopen. Hij mag iedere dag het lekkerste van het lekkerste voor mij klaar maken. Een kok die het leuk vind om uren achtereen in de keuken te staan, terwijl ik het met bloed, zweet en tranen bereidde avondmaal binnen 20 minuten naar binnen prop. Toen ik mijn vriend leerde kennen noemde hij mij wel eens een nep of albino pinda. Je bent (half) Indisch maar je verbrand in de zon en koken? Daar doe je niet aan… Dat eerste heb ik te danken aan een über Nederlandse moeder, rossig haar en blauwe ogen. Waar ik dat tweede aan te danken heb? Te veel keuzes in het leven denk ik…

Voor koekjes, muffins en taart wil ik wat koken betreft wel eens een uitzondering maken. Een heel kleine uitzondering en dan eigenlijk ook alleen als ik het af kan met kant en klare pakken a la Dr. Oetker. Dat is net zoiets als iedereen kan schilderen van Ravensburger! Simpel, makkelijk en snel.

Mijn tante werd afgelopen week 50 jaar. Dat moest gevierd worden. Om de dag voor mijn tante een nog specialer tintje te geven dan het al had besloten we om verschillende Indische hapjes te (laten) maken. Mijn nichtje vroeg mij om Roti Kukus te maken. Rottie wat?? Hoor ik sommige lezers al denken. Roti kukus. De betekenis van kukus is stomen. Het is dus een gestoomde Indische cake. En werkelijk om je vingers bij op te eten. Het ziet er niet uit als het de stomer in gaat. Eigenlijk ook niet als het de stomer weer uit komt. Maar de smaak maakt alles goed. Het is helaas niet een recept ala Dr. Oetker, maar echt heel moeilijk is het nu ook weer niet.

Daar stond ik dan in de keuken met alle potjes, pannetjes, keukenmixer en al wat nodig was om tot onderstaand eind resultaat te komen. Voor de zoete kauwers onder ons: er gaat 500 gram suiker in. Dus ben je op dieet dan zou ik mij verre van dit heerlijke gerecht houden!

Wat gaat er nou precies in en wat heb je nodig:

  • 4 eiwitten
  • 8 eidooiers
  • 500 gram witte suiker
  • mespuntje zout
  • 1 dl spa rood/ 7-up of ander bruisend bron water
  • 500 gram zelfrijzend bakmeel
  • zakje vanillesuiker
  • 2/3 eetlepels Droste cacao poeder
  • 1 stoompan
  • 1 schone (oude) theedoek

Er zijn heel veel verschillende recepten voor dit gerecht en het is bij heel veel, zo niet alle Indo families bekend. Ik heb het recept van mijn moeder, die het weer van haar (schoon)moeder heeft, aangehouden.

Hoe maak je dit klaar:

Splits de eieren. Mix de eidooiers samen met de witte suiker, vanillesuiker en het zout tot een egaal mengel. Voeg beetje voor beetje het zelfrijzend bakmeel toe. Het is nog beter om dit te zeven zodat er geen klontjes ontstaan. Voeg het spa water toe als het beslag te dik wordt. Het moet er luchtig uit zien. Hoe luchtiger het beslag, hoe lekkerder het eindresultaat. Klop de eiwitten stijf en schep dit door het beslag. LUCHTIG… Dus niet mixen!! Verdeel het beslag nu over twee schalen. Voorzie één van de schalen van de cacaopoeder.

Nu komt het:

Deze cake gaat niet in de oven maar in een stoompan. Voorzie de stoompan (de pan met de gaatjes, voor de niet keukenprinsessen onder ons) van de natte (uitgewrongen) theedoek. Spatel het beslag om en om in de stoompan. (laagje wit, laagje bruin enz.) Zorg dat de pan niet meer dan de helft vol zit met beslag. Het hele zwikkie gaat namelijk nog rijzen. Plaats een deksel op de pan, de uiteinden van de theedoek kunnen onder het handvat van het deksel geplaatst worden (anders vliegt de boel in de hens, ik spreek uit ervaring!!) Breng het water in de onderste pan aan de kook en laat alles ongeveer een uur op matig vuur staan. Controleer wel regelmatig het water in de onderste pan. (zorg er voor dat de bovenste pan niet onder water staat)

Als het goed is zul je gaan voelen dat de pan steeds zwaarder wordt. Let op: kijk pas in de pan als het uur voorbij is. Anders bestaat de kans dat hij in zakt. Steek een satéprikker in de cake om te kijken of hij gaar is. Blijft er beslag aan plakken dan moet je cake nog even blijven stomen.

Als je het goed gedaan hebt zal de cake zich aan de bovenkant openen in de vorm van een bloem, ster of hoe ver je fantasie dan ook reikt … 

Eetsmakelijk!!

 

 

 

 

 

 

 

 

Lekker he?!

De zomer lijkt nu toch echt op zijn einde. Hoewel we het afgelopen weekend toch nog heerlijk verwend zijn met zonovergoten dagen en hoge temperaturen komt de regen nu met bakken uit de hemel. Tja, niets is zo veranderlijk als het weer. Dus waarschijnlijk is de zon over een paar dagen weer present. Maar als ik nu naar buiten kijk word ik een beetje bedroefd door het gure weer. Het is koud, nat en grijs. Het ziet er ook niet naar uit dat het vandaag nog droog gaat worden.

Een voordeel van dit smerige weer is dat de vloerverwarming aan gaat. Hij staat bij ons op een tijdschakelaar. Als ik ‘s morgens mijn bed uit kom is de vloer heerlijk warm en als ik ‘s middags uit mijn werk kom eveneens. Een ander bijkomend voordeel is de convectorput. Als klein kind vond ik het heerlijk om daar boven op te zitten. (en als dat niet kon zat ik met mijn rug tegen de verwarming waardoor mijn huid zo droog aanvoelde dat het leek als of ik er tegen aan zou blijven plakken.) Terwijl ik mijn schoenen uittrap heb ik spontaan zin om met een kop thee en koekjes boven op de convectorput te gaan zitten. Om zo langzaamaan op te warmen en toe te kijken hoe de wind met de dorre blaadjes speelt en de regen lange strepen op het raam maakt.

De waterkoker staat aan en de koektrommel ligt ook al klaar. Terloops open ik de kooi van mijn kleine groene draak die mij eerder al had begroet met een volmondig: “HALLO!!!” Ik wandel met mijn kop dampende, naar meloen geurende thee en de koektrommel naar het raam en neem plaats. Ik zit nog geen twee minuten en ik vraag mij ernstig af waarom ik dit als kind toch zo heerlijk vond? Het houten rooster van de convectorput zit helemaal niet comfortabel. Nog even en we kunnen, bij wijze van spreken, hiërogliefen lezen aangezien mijn achterwerk langzaam één worden met het rooster. Maar ik wil het rustgevende en warme moment niet opgeven door één storende factor dus blijf ik koppig zitten.

Achter mij hoor ik het zachte getik van nagels op de tegelvloer. Het geluid komt langzaam mijn kant op. Het is CoCo die met zijn waggelende pas onderweg is van zijn kooi naar mij. Tenminste, dat denk ik want ik zie hem nog niet. Maar dan opeens steekt zijn groene kop voorbij de bank, als of hij ook niet zeker wist waar ik mij bevond. Na een halve minuut heeft hij genoeg moed verzameld om zich naast mij te scharen. Meestal vind hij de aanblik van de grote-boze-luchtledige-buitenwereld nogal eng en blijft hij er liever ver vandaan. Maar het feit dat ik daar voor het raam zit is blijkbaar genoeg om zijn angsten overboord te gooien. Zo nieuwsgierig als hij is….  Ik doop mijn koekje in de thee en even ben ik weer tien jaar oud. Als ik uit school kwam zat mijn moeder met dit smerige weer al klaar met thee en koekjes. Om samen de dag te evalueren. Die tijd is helaas voorbij. Nu moet ik er zelf voor zorgen.

Ik open mijn ogen en zie CoCo vragend kijken. Ik ga er vanuit dat zijn vraag niet direct voor mij bedoeld is, maar eerder voor de koektrommel. Ik breek een stuk van mijn koekje af en geef het aan hem. Hij houdt het met één poot vast en bekijkt het eerst van alle kanten alvorens een hap te nemen. Vervolgens hoor ik hem knagen aan het biscuitje, dus het is goed gekeurd. Ik neem zelf ook nog maar een hap. Eigenlijk is dit helemaal niet verkeerd. Even een moment voor ons alleen met rust en stilte een warm achterwerk creëren, terwijl het buiten zo tekeer gaat. Terwijl CoCo zijn laatste stukje koek naar binnen propt zegt hij opeens uit het niets: “Lekker he!?” Als of hij het moment ook aanvoelde. Ik raak er door ontroerd en ben bijna geneigd om hem vast te pakken en eens flink met hem te knuffelen. Nog net op tijd bedenk ik mij dat dit geen kroelvogel is hoe lief en schattig hij er nu ook uitziet. Het feit dat hij zijn angst overboord heeft gegooid om samen met mij van dit momentje te kunnen genieten moet, voor nu, genoeg zijn. En dat is het ook. Ik schuif hem stiekem nog een kruimel toe en doop zelf ook nog een koekje in de thee. “Lekker he?!” zeg ik vervolgens tegen CoCo en beantwoord hiermee direct zijn retorische vraag.