Zo, schooooon….

Die van ons doet alles net even iets anders dan de doorsnee groene draak. In plaats van vuur spuwen is hij bezig met herrie maken, spullen slopen en complete dozen versnipperen. En op zo’n manier dat er niks anders meer over is dan confetti. Slopen behoort tot één van zijn dagelijkse bezigheden. Hij heeft slopen zelfs verheven tot een ware kunst. Geef hem een dichte doos en hij is uren zoet. Via een vakkundig geknaagd gat werkt hij zich naar binnen om de rest onder snavel te nemen. En dat alles volgens oud ambachtelijke werkwijze! Heb niet het lef om die doos eerder weg te halen. Dat mag pas wanneer alle zijkanten “opgevroten” zijn. Woest wordt hij wanneer je alvast de snippers bij elkaar veegt terwijl zijn werk nog niet voltooit is. Voor mijn eigen veiligheid doe ik dit pas wanneer hij slaapt. Hij vind het fantastisch om als een hond door zijn eigen confetti te stampen en te graven. Met als gevolg dat ik de hele woonkamer door mag met mijn veger en blik. Hij heeft gewoon graag eer van zijn werk. Laten we het daar maar op houden.

Zo’n “werkdag” moet je niet onderschatten. Niet alleen de doos is gesloopt, maar hij zelf ook. Moe maar voldaan zit hij ’s avonds op zijn stok te knarsensnavelen. Maar eerst volgt er steevast een poetsbeurt. Ieder veertje wordt met minutieuze precisie vastgepakt, schoongemaakt en weer teruggelegd. Als je weet hoeveel veertjes hij heeft, dan is ook dat een ware kunst. Geregeld dompelt hij zich onder in zijn waterbak. Meestal wanneer ik net alles heb schoongemaakt. Daar past hij natuurlijk helemaal niet in. Het ziet er wel altijd erg grappig uit. Of ik nu sta te lachen of niet, hij vindt het heerlijk. Terwijl ik hem ook altijd onder de douche zet. En hier wijkt hij een beetje af van de gemiddelde groene draak…

Waar menig vogel spastisch met zijn vleugels aan het fladderen is of door het dolle gaat wanneer er een spetter water zijn kant op komt, kruipt Draak liever in zijn schulp. Ik negeer zijn ik-wil-niet-gepiep. Hij gaat gewoon in bad. Amazone’s zijn namelijk hele grote toneelspelers. Wanneer je dit niet weet trap je er met open ogen in! Soms vergeet hij zijn toneelstukje op te voeren (ikwilnietikwilnietikwilniet) en gaat hij helemaal op in het badderen. Dan slaat hij zijn vleugels uit en loopt onder de waterstralen door. Ter afleiding heb ik hem wel leren zingen. Ik vraag mij wel eens af of de buren hier ook zo blij mee zijn… Hij is in ieder geval even bezig. Meestal is in bad gaan niet echt zijn ding. Nog voor ik de douche heb aangezet roept hij geregeld: Zoooo, schooooon. Of te wel: klaar, we kunnen weer naar beneden. Daar trappen wij niet (meer) in. Wat hij dan wel weer erg leuk vind is het uitschudden van zijn nat geworden verenpak. Natuurlijk wel op zo’n manier dat ik daarna ook onder de douche kan.

Foto Hamar maakt foto van doucende papegaai, die spetters maakt

Op cursus…

“Kijk nu toch?! Is dat geen leuk vriendje voor Draak?” Roep ik enthousiast terwijl ik mijn telefoon met daarop een foto van facebook onder vriendlief zijn neus duw. Vriendlief weigert naar de foto te kijken en trekt alleen zijn wenkbrauwen op. “Nee!! Er komt geen tweede in huis! Wat als deze ook op jou gaat lijken? Zit ik met drie Deborah’s in huis!” Ik kijk met een pruillip naar de foto en zie een tweede groene draak met een lieve kop die een nieuw huisje zoekt. Later dat weekend doe ik nog een poging. Ik laat nogmaals de foto zien. Vriendlief begrijpt dat ik mijn zoektocht niet zomaar opgeef. Wanneer we samen de voor- en nadelen bespreken en er nog een nachtje of wat over geslapen hebben besluit hij ook in te stemmen.

Diezelfde avond stuurde ik een berichtje naar Stichting Vrolijke Papegaai. De stichting houdt zich oa bezig met het heropvoeden en herplaatsen van papegaaien die om wat voor reden dan ook zijn afgestaan aan de stichting. Binnen een paar uur kreeg ik al een antwoord. Om in aanmerking te komen voor deze vogel moest er eerst een cursus bij hen gevolgd worden. Niet alleen om kennis met elkaar en de vogel te maken. Maar ook voor het overbrengen van kennis en de visie van de stichting. Om vragen te beantwoorden en om er zeker van te zijn dat je weet waar je voor kiest wanneer je een papegaai in huis neemt. Draak mocht ook mee naar de cursus. En voor beide heren zou het eveneens een leerzame dag kunnen zijn. Hoewel vriendlief er in eerste instantie nogal sceptisch tegenover stond besloot hij ook mee te gaan.

Begin mei was het zover. papegaai, cursus, groene draak, kennismakingDraak heeft in zijn leven nog niet veel andere vogels, op de huismus na, van zo dichtbij gezien. En nu zou hij een hele dag tussen soortgenootjes zitten. Zou hij aan het einde van de dag nog wel met mij mee naar huis willen? Rond een uurtje of 10 kwamen we aan en werden begroet door papegaaien in groot en klein formaat. Ze zaten verspreid over vier verschillende speelbomen. Draak mocht direct op de grootste boom en keek zijn ogen uit. Na kennis gemaakt te hebben begon de cursus. De vogels werden ondertussen verzorgd en voorzien van eten, drinken, fruit, een douche en een heel hoop bamboe om te knagen en slopen.

groene draak, amazone, papegaai, cursusTerwijl wij in de ruimte ernaast les kregen in het houden van een papegaai, kroop Draak uit zijn schulp. Hij miauwde er op los en liet iedereen weten dat ie moest “werken”. Riep ondertussen nog even naar ons en begon daarna met het opvoeren van zijn favo muziekstuk. De cursus was opgedeeld in theorie en praktijk. We kregen les in het benaderen van een gaai.  Er werd verteld over de opvoeding, gedrag en gedragsproblemen. Maar ook huisvesting, verrijking/foerageren en het leren en trainen kwam aan bod. De praktijkopdrachten waren ook erg leuk. Vriend- en zoonlief werden van hun angst afgeholpen en binnen vijf minuten liepen ze alle twee met een groene draak op de arm over het terrein. De vogels samen konden het ook redelijk vinden en zochten elkaar op de boom steeds op. Ik mocht met Draak aan de gang tijdens de “handdoek” sessie om zijn vleugels en nageltjes te controleren (en daarbij dus niet gebeten te worden). Tussendoor kregen we ook nog een lekkere lunch aangeboden.

Voor iedereen was dit een leerzame en leuke dag met een gezellige groep mensen en vogels. Moe en voldaan gingen we rond 18.00 uur naar huis. Draak had ook veel indrukken opgedaan, wilde gelukkig nog met mij mee terug en sliep al voor hij op zijn stok zat. Nu we de kennismaking achter de rug hadden kon de bedenktijd voor ons en voor de stichting beginnen…

Wordt vervolgt…

#instaparrot…

Hij gaat al een aardige tijd rond op internet. De Instagramtag. Sinds enige tijd heb ik ook instagram. Leek mij leuk om mijn bezigheden met de wereld te delen. Aangezien ik meer volgers (en likers per foto) heb dan “vrouwtje” heeft ze deze tag aan mij overgedragen. Overigens, voor de vaste lezers, jullie kennen mij waarschijnlijk onder de naam: “kleine groene draak.” Volgens haar past deze naam prima bij mij. Ik snap het alleen niet. Ik spuug toch geen vuur? Ik ben juist het (ama)zonnestraaltje in huis 🙂

Wat is je allerlaatst geplaatste foto op Instagram?
Een throwbackfriday. Ik verlang naar een douche buiten in de tuin en daarna opdrogen in de zon. Wanneer het zomer is staat de deur bijna altijd open en ik hoor dan de vogels en de kinderen buiten. Die doe ik uiteraard graag na.
https://www.instagram.com/p/BAkSst2vj1I/?taken-by=cooc.n.friends

Wat is de allereerste foto die je plaatste op Instagram?
Ben niet heel erg blij met deze foto. Ik was nog niet zo thuis in het maken van selfies, Ik sta er dus een beetje verschrikt op. De foto leverde mij toch 43 likes op. Niet verkeerd, al zeg ik het zelf.
https://www.instagram.com/p/_BilJOPjzx/?taken-by=cooc.n.friends

Wat is je allerleukste foto op Instagram waar je zelf op staat?
Is dit een strikvraag? Mijn hele account staat vol met foto’s van mijzelf. Onderstaande foto vind ik wel  grappig.
https://www.instagram.com/p/_o0Y85Pj5M/

Van welke Instagramfoto krijg jij ter plekke heimwee?
Ik mocht een middag mee naar het werk. Dat vond ik echt geweldig. Eindelijk eens echt werken. Telefoons opnemen, dossiers doornemen, koffie drinken. Ja, daar zou ik heel graag nog eens naar terug willen.
https://www.instagram.com/p/_q-wv2vj2p/?taken-by=cooc.n.friends

Wat is het állerlekkerste gerecht dat je op Instagram hebt gezet?
Druifjes en banaan zijn mijn all time favorite snack. Maar mais vind ik ook erg lekker.
https://www.instagram.com/p/BAU1uN2Pj57/?taken-by=cooc.n.friends

Welke foto kreeg de meeste likes?
Of ik even wilde komen voor een foto terwijl ik druk bezig was met de verbouwing. Zoals jullie zien reageerde ik een beetje geïrriteerd. Maar… Wel de meeste likes tot nu toe!
https://www.instagram.com/p/BARu90dPj18/?taken-by=cooc.n.friends

Wat is de allerleukste foto die je maakte van een (huis)dier?
Euh, volgens jullie normen ben ik het huisdier. Laat ik dan een foto kiezen waar ik samen met een ander huisdier opsta. Kleine Krijger en ik. Kijk die blik!!
https://www.instagram.com/p/_Wfc13vj5K/?taken-by=cooc.n.friends

Welke fotobewerkingsapps (of Instagramfilter) gebruikte jij het meest?
Net wat uitkomt. Ik gebruik geen vast filter.

Wat is jouw meest gebruikte hashtag op Instagram (top 3)?
Dat zijn er meerdere. Ik moet toch een beetje bekendheid zien te verwerven tussen al die andere leuke gevederde vrienden over de hele wereld. Je vindt mij in ieder geval terug onder: papegaai, prettybird,  parrots_life & greenbird.

Dit is alweer het einde van de tag.
Voel je vrij om mij te volgen op Instagram. Zelf volg ik over het algemeen alleen gevederde vrienden 🙂

Uit de oude doos: Het zijn net kinderen…

“Van de week zat ik te grasduinen op mijn eigen blog en kwam verhaaltjes tegen die ik alweer helemaal vergeten was. Om sommige verhaaltjes heb ik zelfs moeten lachen. Tijdens het lezen herinnerde ik mij weer hoe het één en ander er aan toe ging en hoe ik vervolgens onderstaand blogje geschreven heb. Dit weekend een blog uit de oude doos.”

Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw….

Met een zucht gooi ik mijn boek neer op de bank. Oké, nu ben ik het zat. De kat miauwt, de vogel reageert hierop door hem na te doen. De kat gaat nog zieliger miauwen en de vogel doet hem nog dramatischer na. Dit gaat al heel de middag zo door. Ik kijk naar de kat, die op zijn beurt weer geërgerd naar de vogel kijkt. En de vogel? Die houdt nu wijselijk zijn snavel.

Jij, je kooi in. Wijs ik naar de groene Draak. En jij, naar buiten. Wijs ik naar kleine Krijger. “Jaaa, pasterop hoor!” roept Draak nog even snel voor ie in de kooi achter één van zijn speeltjes verdwijnt. Altijd het laatste woord willen hebben, van wie zou hij dat nu hebben geleerd?

Soms zijn het net twee kleine kinderen. De vogel is jaloers op de kat. De kat is jaloers op de vogel. Tot op heden heeft hij het lef nog niet gehad om de vogel een keer van repliek te dienen. De vogel daarentegen heeft er totaal geen moeite mee om de kat te benaderen en zijn snavel te testen op zijn tijgervelletje. Ik kan ze daarom nooit alleen laten. De kat is zijn leven niet zeker.

Nu Draak weer in zijn kooi zit en Krijger buiten aan het spelen is, kan ik mij weer concentreren op mijn boek. We gaan richting het einde en dat betekent ook de ontknoping van het één en ander. Ik zit nog niet koud twee minuten in mijn luie stoel of het gedonder begint weer. Krijger is gespot door een buur-kat en ze rennen nu als een malle door de tuin, over de schutting, door de brandpoort en weer terug. Natuurlijk is het feest pas compleet als Draak zich er mee gaat bemoeien en roept “JAAAAAA en JOEHOEEEEEE” gevolgd door wat oerwoudkreten in het kwadraat. Waar is de harmonie op deze zonnige dagen gebleven?

FOEI galmt het door de tuin waardoor de katten alle twee wegstuiven. Voor Draak is de lol er af en hij scharrelt wat over de bodem van zijn kooi. Totdat er buiten een kindje met zijn fietsje valt en het op een krijsen zet. Een mooie gelegenheid voor hem om te laten horen wat hij van de buurkinderen geleerd heeft. Het kindje is door zijn vader alweer gesust maar ik zit de komende tien minuten met een jankende papegaai opgescheept.

Ik stop twee onzichtbare proppen in mijn oren. Pak mijn boek en lees het hoofdstuk uit. Draak is inmiddels op dreef. Hij brengt nu, ongevraagd, zijn complete repertoire ten gehore. Van de eerste twee letters van het alfabet (AB-AB-AB-AB) “werken”, “Pino weer schooooooon” tot aan “slaaplekker” “Doei, tot strakjes” aan toe. Ik laat hem gaan, schenk er geen aandacht aan. Na een paar minuten brabbelt hij nog wat in zijn eigen taaltje en daarna is het weer stil. Het heeft moeite gekost maar negeren werkt.

Krijger sluipt het huis in en laat door een voorzichtige miauw weten dat ie er weer is. Dit wordt opgemerkt door Draak en jawel, daar gaan we weer…

… Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw…

Langer negeren kan ik niet. Ik ren naar de kast met snoepjes en voer. Voorzie Draak van een handje vol nootjes en zaden en geef Krijger een extra zakje van zijn favoriete voer. Niet geheel pedagogisch verantwoord maar het werkt wel. Want met een volle bek of snavel miauwen of praten kunnen ze namelijk niet. Heerlijk die rust!

De verhuizing…

Een paar jaar terug had de “nieuwe” gefuseerde gemeenten aan de boer duidelijk gemaakt dat zijn hobby niet in het beleidsplan paste. Dat zijn hobby tevens zijn inkomen was en dat dit al meer dan 20 jaar geaccepteerd werd door de “oude” gemeente daar hadden ze geen boodschap aan. Dus moesten twee van onze paardenvriendjes opzoek naar een ander onderkomen. Want precies die twee paardenstallen zouden een doorn in het oog zijn in ons buitengebied. Aldus de gemeente.

Poownie bleef samen met zijn buurvrouw over. Ooit maakte hij deel uit van een kudde die bestond uit een paard of 16. Dat werd in verband met een verhuizing voor zijn gezondheid (van een binnenstal naar loopstal met paddock) teruggebracht naar vier. Hier kon hij, als kuddedier, prima mee leven. Maar een kudde van twee, zijn er twee te weinig…

Ik zag poownie steeds ongelukkig worden. Het weiland was met twee paarden kaal. De paddock was met twee paarden kaal. En tussen hem en zijn buurvrouw was niet bepaald een klik dus stonden ze ook vaak nog eens ieder op hun eigen stukje. Hij verveelde zich te pletter. Hier moest ik echt iets mee. Dus ging ik op zoek naar een nieuw onderkomen. Dat bleek nog niet zo makkelijk. In mijn directe omgeving zijn heel veel paardenstallen. Maar bijna geen enkele stal bied de mogelijkheid die wij nu hebben. Ik wilde niet terug naar een te kleine stal, in een loods en zonder paddock waar hij 22 uur per dag zou worden “opgehokt”. Na 21 jaar heeft Poownie zijn vrijheid verdient.

Ik trok de stoute schoenen aan en mailde één van mijn oude stalgenootjes. Eerder was ze met haar paard verhuisd naar een stal net over de grens in Brabant. Daar staan de paarden in diverse koppeltjes bij elkaar. Zomers in het weiland, ‘s winters in de paddock en er is altijd wel een vriendje om mee te spelen. Diezelfde week reed ik met haar mee naar stal om te kijken of het wat voor hem zou zijn. Ik was direct verkocht. Ook Poownie zou het hier fantastisch vinden. Dus was de beslissing om te verhuizen snel gemaakt. Er was helaas geen plek meer vrij dus werden we op een wachtlijst gezet.

Een aantal maanden gingen voorbij. Toen kwam dan eindelijk het verlossende telefoontje. Poownie kon binnen een week al over! Er moest van alles geregeld gaan worden. Ik moest de boer en zijn vrouw het “slechte nieuws” gaan vertellen. Dat viel, na zeven jaar dagelijks over de vloer te zijn gekomen, niet mee. Toen begon het puinruimen op stal. Het sorteren van spullen wat mee moest of weg kon. En natuurlijk het regelen van vervoer.

Deze zaterdag, in alle vroegte, was het zover. De trailer reed voor en Poownie mocht mee. Op naar zijn nieuwe stal. Het weerzien met zijn vriendinnetje, die hij twee jaar niet had gezien, was op zich al een feestje. Na elkaar uitgebreid besnuffeld en begroet te hebben mochten ze samen het weiland in. Poownie was zo rustig en mak. Ik weet zeker dat, wanneer de eerste indrukken en geuren een plekje hebben gekregen, en hij de rest van de kudde heeft leren kennen, hij het er meer dan goed zal hebben…

paarden, verhuizen, weiland

Afscheid, verhuizing, het weerzien, de rondleiding van zijn vriendinnetje, en daarna samen grazen…

Kreupel … (deel 2)

Lees hier deel één…

Na de boodschap van de veearts ging ik een slapelozenacht tegemoet. De volgende dag was al niet veel beter. Ik was aanwezig op mijn werk maar er kwam niet veel nuttigs uit mijn handen. De collega’s waren gelukkig erg meelevend. Her en der mocht ik een schouder lenen om op uit te huilen. Einde van de dag ging ik met lood in mijn schoenen naar Poownie. Die stond heerlijk te grazen. Bij het zien van dat plaatje werd de brok in mijn keel alleen maar groter. Ik viste hem uit het land en begon aan zijn dagelijkse poetsbeurt. Ik moest uitgaan van het ergste maar dat wilde nog niet zeggen dat het direct afgelopen was. Dus, stoppen met kniezen en malen. Eerst het tweede onderzoek, dan de rest.

De veearts kwam en onderzocht hem zoals de dag ervoor. Dit keer maakte hij van zowel zijn linker- als rechterbeen foto’s. Vanuit alle hoeken werden zijn benen op de gevoelige plaat vastgelegd. Zo had hij vergelijkingsmateriaal. Poownie vond alles prima zolang hij zijn beloofde appel na afloop maar kreeg. Ik reed mee naar de kliniek om zelf de foto’s te kunnen bekijken. Overleggen aan de hand van beeldmateriaal en deze met eigen ogen zien, is een stuk fijner dan een diagnose aan te horen via de telefoon.

De arts liet mij diverse foto’s zien en vroeg mij of ik het ook zag. Het enige dat ik als leek zag, waren de zwart-wit foto’s van een been. Dat net zo goed een arm van een mens had kunnen zijn. De beste man had geduld met mij. Hij legde uit waar ik naar keek. Waar ik op moest letten en wat er verkeerd was aan de eerste serie foto’s. Hij legde mij tevens uit hoe hij tot een conclusie van een mogelijke tumor was gekomen. Ter verduidelijking werden nu de foto’s van zijn andere been er bij gehaald. Daar zagen we echter een soortgelijk beeld. Dat was in het voordeel van Poownie. Nu hij zijn been van meerdere hoeken op de foto had gezet kon de diagnose iet wat bijgesteld worden. Tevens liet hij mij aan de hand van botten en andere foto’s van paardenbenen zien hoe het been beschadigd was en hoe het nu wel zou moeten zitten. Hij moest zijn eerdere diagnose voorlopig (gelukkig) herzien, maar kon hem nog niet helemaal van de baan schuiven.

De voorlopige diagnose is nu een grote ontsteking/ irritatie in zijn voorbeen. Te vergelijken met een tennisarm bij mensen. We kregen medicatie mee en verplicht zes weken rust voorgeschreven. Na deze zes weken gaan we opnieuw foto’s maken van zijn been en kijken of er verschillen zijn waar te nemen. Mits hij niet slechter gaat lopen dan nu. Ik was zo blij met dit (voorlopige) nieuws, dat ik nog zeker een week nodig had om bij te komen.

Inmiddels hebben wij ruim anderhalve week rust achter de rug en ben ik twee keer per dag op stal om hem te voorzien van zijn medicijnen. Poownie heeft zich tot nu toe, afgezien van dit weekend waarop hij het nodig vond om het weiland rond te crossen, keurig gedragen. Rust doet hem goed. Als het daadwerkelijk een ontsteking is, dan hebben we een lange herstelperiode voor de boeg, waarin het twee stapjes vooruit zal zijn en één achteruit. Zelf moet ik geduld hebben (en dat is moeilijk!!) Poownie overstelp ik met aandacht, liefde en appeltjes, want liefde gaat bij hem voor een groot deel door de maag…

 ***
Wordt vervolgd…
***

Bedankt voor al jullie lieve en opbeurende berichtjes, hier, op FB, en per mail!!

Kreupel … (deel I)

Al een tijdje liep poownie te tobben. Dan weer wat last van zijn linkerbeen, dan weer van rechts. Hij liep af en toe zoals ik mij voel wanneer ik mijn bed uitkom (wanneer de wekker iets te vroeg gaat) en ik de dag ervoor iets te hard heb gesport. Een beetje stram dus… Na een stuk gestapt te hebben werden zijn bewegingen steeds wat soepeler. Maar het was hem toch niet helemaal. De hoefsmid kwam en ik vroeg hem eens goed naar zijn hoeven te kijken.

Hij onderzocht hem grondig en kwam al snel tot de conclusie dat de zool van zijn hoef gekneusd was. Waarschijnlijk door het lopen over het grind dat kortgeleden op de weg gestrooid was. In zijn andere hoef was een scheur ontstaan. Dat zou eveneens kunnen verklaren waarom hij op “eieren” liep. Gelukkig  kon hij nog het één en ander aan zijn hoeven sleutelen om het pijnlijke minder pijnlijk te maken. Poownie zou nog een weekje gevoelige hoeven hebben maar daarna zou het beter moeten gaan.

Hij kreeg een week rust en het leek beter te gaan. Maar de dagen na zijn verplichte vakantie werd het niet veel beter dan wat het was. Ik besloot korte stukjes te gaan wandelen om de doorbloeding te stimuleren. In de hoop het euvel wat sneller verholpen te hebben. Na een paar dagen liep hij niet meer zo stram. Hij was echter compleet kreupel. Hinkend kwam hij vanuit het weiland naar mij toe. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was om op (bijna) drie benen te lopen. De veearts kwam. Hij zag het aan, sloeg wat met een speciale hamer op zijn hoef. En kneep met een tang op de plekken waar je mogelijk een hoefzweer zou verwachten. Poownie gaf geen kik. Met zijn hoef was niks mis. Toen hij zijn been in een positie boog die normaal geen reactie zou moeten geven gebeurde dat bij Poownie wel.

Aha, waarschijnlijk een verrekking in zijn onderbeen. We kregen medicatie mee en wederom een weekje rust. Gelukkig ging het al snel wat beter. Poownie stond weer op alle vier zijn benen. In stap was zelfs niks meer te zien. Alleen in draf liep hij nog niet zoals het zou moeten. We plakten er nog een weekje rust achteraan en hielden het qua inspanning bij wat grazen buiten het weiland. (Het gras bij de buren is volgens hem nu eenmaal groener).

De ene dag was er niks aan de hand. De volgende dag liep hij weer te hinken.  De pijn in zijn been leek maar niet over te gaan. Een nader onderzoek van de veearts volgde. Er werden röntgenfoto’s gemaakt. Om de juiste locatie te vinden werd zijn been, beetje voor beetje verdoofd. Na iedere verdoving moesten we een stukje draven. Wanneer hij uiteindelijk niet kreupel meer zou lopen hadden we de juiste plek gevonden.

‘s Avonds werd ik door de veearts gebeld om het eerste onderzoek te bespreken. Hij legde mij uit wat hij zag. “Donkere plekken op de foto…”  “Botoplossing…” “Mogelijk een tumor…” “Afgeschreven…” Het duizelde mij, ik kon niet helder meer denken. De arts ratelde nog wat door maar mijn gedachten waren al mijlen ver. Het zal toch niet… Wat bedoelde hij met afgeschreven? Al 18 jaar mijn maatje… Hoe kan dat nu?? Zou er na zoveel jaar vriendschap zo abrupt een einde aan komen? Niet weer afscheid nemen…

De arts gaf op mijn verzoek een samenvatting van het geheel, zodat ik echt begreep waar hij het over had. Hij wilde nog een reeks foto’s maken zodat er een betere conclusie getrokken kon worden. Mocht het nodig zijn zou er nog een scan volgen, evenals een bloedonderzoek en een biopt. Ik vroeg hem naar een mogelijk behandelplan als het echt een tumor mocht zijn. Zijn antwoord klonk hol: “Die is er niet.” Want een tumor op die plek, in zijn bot, is niet te genezen. We spraken af voor de volgende dag.

Ik moest mij voorbereiden op het ergste…

***
Wordt vervolgd

***

Appeltje-eitje…

Draai, DRAAI, D R A A I … Met mijn hand maak ik een gebaar dat bij dit commando hoort. Draak(*) kijkt van mij naar vriendlief. Vriendlief kijkt van draak naar mij. Ik kijk ze alle twee aan. “Wat doe je?” Vraagt vriendlief met één wenkbrauw opgetrokken. “Ik leg hem uit hoe hij het makkelijkst op internet komt! “ Vervolgens schiet ik in de lach bij het zien van zowel het gezicht van vriendlief als de uitdrukking op de kop van Draak.

Als de kleine groene Draak de kleur rood, blauw en groen uit elkaar kan houden, muntjes in de spaarpot kan stoppen en gekleurde ringetjes over de bijbehorende kleur staafjes kan rijgen dan moet een rondje draaien voor hem toch appeltje-eitje zijn? Zou je denken… In gedachten zie ik hem al een rondje draaien op zijn stok.

Dus geef ik nogmaals het commando draai. Met mijn ene hand draai en wijs ik spastisch rondjes. Met mijn andere hand strijk ik langs zijn staart. Draak draait een rondje om zijn eigen as en ik ben door het dolle heen. Ik beloon hem uitbundig, roep wel drie keer dat het een zeer knappe vogel is en houd hem daarna een stukje walnoot voor zijn snavel. Draak beseft direct dat er snoep te halen valt als ie maar doet wat ik vraag. Na drie keer herhalen heeft hij het door. Het woordje draai valt, ik wijs en draak draait een rondje. Jubel jubel, blij blij.

Uk komt op alle herrie af en ziet mij voor Draak heen en weer springen. “Draak draait een rondje!!” Roep ik hem toe. “Serieus?? Dat is cool!” Roept hij uit. Nu staan we samen voor zijn snavel. Draak vind het prima zolang hij er maar iets voor krijgt. Uk vraagt of we hem ook iets anders kunnen leren. Hierop ontstond de High five met zowel zijn linker- als rechter poot. En zwaaien met de vleugels. Binnen twee dagen zaten alle drie de trucjes erin en was Draak aardig wat nootjes rijker.

Hij vind het leuk om nieuwe dingen te doen. Zolang er maar een beloning tegenover staat. Zelf noemt hij het “werken”. En als ik hem niet aan het werk zet, dan zoekt hij zelf wel iets om mee te werken (lees slopen). We hebben er dus alle twee baat bij om lekker bezig te zijn. Anders kost het mij naast walnoten ook een nieuwe deur, bankstel, tafelpoot en schoenen…  Op dit moment ben ik een beetje inspiratieloos. Misschien weten jullie nog iets dat niet te moeilijk is maar wel leuk is om aan te leren? De trucjes met een skateboard en rolschaatsen laten we nog even voor wat ze zijn. Daar zet ie namelijk graag zijn snavel in om te “werken”…

Draak vind het niet alleen leuk. Hij leert ook erg snel. Zo snel dat hij mij van de week vroeg om een rondje te draaien: “DRAAI!!! DRAAI!!!” Daar stond helaas geen beloning tegenover, behalve een hoop gelach vanaf de bank…

(*) Draak is de blognaam voor onze geelvoorhoofd amazone papegaai.

Een paard, een schaap en (g)een pijnlijk achterwerk…

“Wat sta jij nu weer te doen?” Vraagt vriendlief. “Ik sta mijn broek te ontharen­.” Zeg ik, terwijl ik half achterstevoren mijn bovenbenen en achterwerk sta af te borstelen. Ik heb een buitenrit met poownie gemaakt zonder zadel. Nu zit alles onder de haren en ik heb pijn in mijn achterwerk van de lange zit.Vriendlief kijkt mij met gefronste wenkbrauwen aan. “Je hebt een zadel in de kast liggen en dan ga je zonder zadel rijden?” Ik kijk hem besluiteloos aan en vraag mij even af of, en wat, ik moet antwoorden. Paarden zijn nu eenmaal niet zijn ding. En als ik dan ook nog eens zonder zadel op die knol de polder in ga… “Ja.” Besluit ik te zeggen. “Soms heb ik geen zin om hem helemaal op te tuigen voor een relaxte rit door de polder.” Voor hem is het ook wel eens fijn om zonder een zadel op zijn rug een ritje te maken. Het is allemaal wat losser en ongedwongener. Schouderophalend liep hij langs mij heen terwijl ik verder ging met het ontdoen van poownies vacht dat als lijm aan mijn broek geplakt zat.

De ritjes die we zo wel eens maken werden steeds meer. Zonder zadel de polder in. Geen dressuur maar op het gemak een uurtje hobbelen. Steevast had ik daarna last van mijn achterwerk en stond ik een half uur lang mijn rijbroek te ontharen. Dit moest anders…

Ik bezocht verschillende websites en paardenforums om uit te pluizen of er iets anders bestond dan een zadel, Maar dat wel dienst kon doen als zadel. Ik kwam uit bij een boomloos zadel of een barebackpad. Een extra zadel was niet nodig. Ik heb immers een mooi zadel in de kast liggen. Boomloos viel dus af. En wat was nu weer een barebackpad? Wat snuffelen op internet leerde mij dat het een pad is dat op de rug van het paard bevestigd wordt waar geen zadel meer op hoeft. Je kunt er heerlijke buitenritjes mee maken zonder pijn in je achterwerk. Omdat het pad dikker is dan een simpel zadeldekje, zorgt het ook nog eens voor een goede demping op de paardenrug. Dat moest um gaan worden!! Mijn zoektocht was, voor zover, ten einde. Evenals het ontharen van mijn broeken en de zitting van mijn auto.

Nu ik wist wat ik ongeveer wilde hebben hoefde ik alleen nog maar te kiezen tussen de verschillende soorten modellen. Dat bleek onmogelijk. Er kwam van alles op mijn beeldscherm voorbij. Van simpel dekje tot “pannenkoekzadel”. Het zag er niet uit, om over de prijs (voor zo iets eenvoudigs of lelijks -_- ) nog maar te zwijgen. Via een link in één van de paardenforums kwam ik op een Duitse website terecht van Christ. Fantastisch wat ze allemaal hebben. Bij het zien van deze prachtige schapenvachtjes was ik direct verkocht. Wat moet dat heerlijk zitten!! Wat ziet dat er sjiek uit!! Ook hierin waren er meerdere modellen. Die er uiteraard allemaal even mooi, zacht en aaibaar uitzagen. Na drie avonden speuren, bellen en mailen was ik er uit. Mijn keus was gevallen op een klassiek model zadel, en dit keer eens niet in het wit, maar in het bruin. Een week later ontving ik mijn eigen lamswollen barebackpad en kon onze testronde beginnen.

Inmiddels hobbelen poownie en ik al even door de polder met ons nieuwe dek. We hebben er zelfs al een sprongetje mee gemaakt. Er is niks aan gelogen, het zadel zit heerlijk!!  Met dit schaapje onder mijn kont kunnen wij wel een buitenritje of wat aan.

Met Draak op stap…

“He kijk nu eens? Die vrouw heeft een vogel op haar rug!!” Ik hoor het gebabbel achter mij lachend aan. Toen hij in de gaten had dat ze het over hem hadden liet hij direct wat van zich horen. Een gebrabbel van “hallo en euh euh” steeg op uit de tas waarna er een aantal “Ohhh’s en Aaaah’s” van de fietsers achter mij volgden. Ze haalden ons in, we groeten elkaar en wij bleven weer alleen achter. Mijn tempo lag dit keer wel heel lag. Maar dat was niet voor niets. Ik had namelijk mijn kleine groene draak voor het eerst mee op de fiets. En omdat ik hem niet direct aan de grote boze buitenwereld wilde blootstellen hebben we een speciale reistas voor hem gekocht zodat hij langzaam kan wennen aan het buiten zijn.

Toen ik online tegen de backpackers rugzak voor papegaaien opliep was ik direct geïnteresseerd. Het was echter de prijs, en de garantie dat de draak hem niet binnen twee dagen aan flarden zou “scheuren”, die mij tegenhielden van de koop. Draak moest vaker mee naar buiten en zo nu en dan eens mee kunnen op visite. Maar na een paar maanden tobben kwam ik er achter dat ik na een wandeling een arm met gaatjes overhield (niet alleen zijn snavel is scherp…) of met een overbelaste arm rondliep van het dragen van zijn “opstap ring”. Omdat ik mijzelf nu niet bepaald zag rondsjouwen met een kinderwagen, mijn kleine groene draak is dan wel mijn allesje, een kinderwagen heet niet voor niets een kinderwagen, besloot ik de gok te wagen… We kochten de Pak-O-Bird.

Draak kennende zou dit wel eens een tien-jaren-plan kunnen gaan worden. Want een rugtas, ook al is het rondom voorzien van gaas om naar buiten te kijken, een mooie stok en voerbakjes gevuld met de lekkerste papegaaiensnoepjes, is nu eenmaal niet iets waar je zomaar in gaat zitten. Met open mond hebben vriendlief en ik toe staan kijken hoe hij, na een kwartier rondjes om de tas te hebben gelopen en sommige onderdelen met zijn snavel te hebben uitgetest, zonder pardon in de tas stapte. Zelfs het dichtmaken van de voorkant leek hem niet van zijn stuk te brengen. (in tegenstelling tot de bench waar hij wel eens in moet als we een bezoek aan de dierenarts moeten brengen…) Onze eerste testronde kon beginnen. Een rondje wandelen door het park.

Dat bleken wij beiden lastig te vinden. Een wiebelende tas is natuurlijk iets anders dan een kooi op wieltjes. Na een kwartiertje gelopen te hebben besloot ik weer naar huis te gaan. De kleine groene draak was onder de indruk. Hij was de hele wandeling stil en zijn verenpak was bij het uitstappenPapegaai, rugzak, Pak-O-bird een beetje verfomfaaid. Ik was bang dat hij er na deze ervaring niet zo makkelijk meer in zou gaan. Maar niets was minder waar. Toen ik de volgende dag met de tas aan kwam lopen was hij zelf al van zijn kooi geklauterd en binnen een minuut was hij in de tas geklommen. Het ritueel van de dag ervoor herhaalde zich. Dit keer had hij al snel zijn evenwicht gevonden. De ronde door het park werd een stukje groter en her en der bleven we staan om naar de andere vogels te luisteren of te genieten van het samen buiten zijn. Hij kreeg zowaar wat (brutale) babbels. Een pauze op het voetbalveld bij Uk, onder het genot van een stukje fruit en wat nootjes, vond hij prachtig.

Nu het wandelen na twee weken zo goed ging en Draak zijn “draai” had gevonden, was het de beurt aan de fiets. We reden op ons gemak door de polder en hij maakte Pak-O-bird, rugzak, papegaaiuiteindelijk kennis met Poownie, die op zijn beurt niet zo goed begreep waarom de tas kon praten. Draak had praatjes voor tien, riep “Hallo, doei, dag en werken” achter elkaar en floot alsof hij nooit anders deed. Hij heeft het naar zijn zin zonder zich verloren te voelen in de buitenlucht. Dit had ik veel eerder moeten doen! Zeg nu zelf, de wereld is toch veel te mooi om die alleen maar vanuit je woonkamer te (kunnen) bekijken?! Ik ben benieuwd wat hij van het bos of het strand gaat vinden…