Goedbedoeld advies… (gastblog)

Ik ken Deborah al zo’n 15 jaar bruto, waarvan zo’n kleine drie jaar als netto mag worden gekwalificeerd. Kennen is in dit geval ook nog eens een beladen term. Deborah en ik hadden destijds het voorrecht om samen aan de inmiddels platgegooide vestiging van het Da Vinci college aan de Oranjelaan in Dordrecht te mogen studeren. Wat wij daar precies hebben gestudeerd, dat kan ik jullie niet meer navertellen. Wat ik nog wel weet is dat ik mezelf had ingeschreven voor een MBO-opleiding Automatisering, en dat ik uiteindelijk met een diploma voor Administratief Juridisch Medewerker Openbaar Bestuur naar huis ging. Nee, er was indertijd geen sprake van “InHollandse” praktijken of een geklapte ICT-luchtbel. In de klas met deze twee studierichtingen zaten – voor Alblasserwaardse begrippen – leuke Turkse meiden. Jammer dat zij nog voor het verlaten van de school uitgehuwelijkt werden.

Hoe vaak is ons vroeger niet op het hart gedrukt dat je goed je best moest doen op school? Dat zou ons verzekeren van een stabiel inkomen en een leuke baan. Op Sinterklaas na beschouw ik dat laatste als de grootste leugen die onze maatschappij beïnvloedt. En Sinterklaas is dan tenminste een leugen waar vrijwel altijd plezier aan te beleven is. Mocht op een bepaald moment de samenzang onder de schoorsteen onder het genot van een CD  van “De Damrakkertjes”  beginnen te vervelen, dan kun je altijd nog de TV aan zetten en van een jaarlijks oplaaiende Sinterklaas-discriminatie-mensenrechten-discussie genieten in de grote Peter R. de Vries-show. Ehm.. ik bedoel eigenlijk De Wereld Draait Door.

Terug naar het advies om goed je best te doen op school.  Het advies heb ik ter harte genomen en ik moet zeggen dat ik er veel aan heb gehad, maar veel ook niet. Mijn schoolresultaten waren momentopnamen die ik nodig had om verder te gaan, maar de door onze overheid, ouders en docenten gepropageerde garantie op een onbezorgde, ongeschonden, onbevlekte en dynamische carriérre bleek voor mij een wassen neus te zijn. Los daarvan is het ook nog maar de vraag wat ik er qua kennis aan heb gehad.  Ik had bijvoorbeeld een zeven voor het vak Sociale Zekerheid. Wist ik veel dat zo’n tien jaar later ons sociale zekerheidsstelsel in afbraak zou zijn? Veel van de wetten die ik toen uit mijn hoofd moest leren, zijn nu afgeschaft of opnieuw gelabeld. En wie ziet er anno 2013 nog de toegevoegde waarde van een Duitse naamval? Als Merkel op televisie komt, zet ik hem in elk geval uit.

Het vak wat in die tijd bij mij niet aansloeg, was lichamelijke opvoeding. Regelmatig (lees: op structurele basis) schitterde ik door afwezigheid en haalde Deborah over om in de kantine samen huiswerk  voor te bereiden c.q. in te halen. Dat samenzijn kwam de kwaliteit noch de kwantiteit van gemaakt huiswerk ten goede. Inmiddels maakt lichamelijke opvoeding een onlosmakelijk onderdeel uit van mijn levensstijl. Zal het dan toch aan de v(r)ouwfiets van onze mannelijke gymdocent hebben gelegen? Tot ik les van hem kreeg, zag ik basketbal als een stoere sport…

Negatief over mijn schoolverleden? Nee hoor. Mijn kijk op ons onderwijsstelsel  –  en mijn pogingen om dat gedrocht te doorlopen – en de ‘ratrace’ waarin wij allemaal zouden zitten,  is drastisch veranderd door het lezen van de eerste hoofdstukken van het boek Rich Dad, Poor Dad van Robert Kiyosak.  Mocht in het kader van mijn rol als gastblogger sluikreclame in bepaalde mate zijn toegestaan, dan heb ik zojuist succesvol een product gepromoot.  Dit boek is bestemd voor iedereen die vastzit in een bepaald onderdeel van je denken, leven en/of geldzaken. De gemiddelde Nederlander dus. Lees dit dan eens. Het is echt de moeite waard! En niet onbelangrijk in deze crisistijd: het is gratis te downloaden!

Tot de volgende blog!
Erwin van Wijk

Stilte na de storm…

Druk, drukker en drukst. Zo is de afgelopen periode bij ons op de zaak het best te omschrijven. Er is meer werk bijgekomen, maar de deadlines zijn het zelfde gebleven. Om de georganiseerde chaos in goede banen te (blijven)leiden is er een blik oproepkrachten open getrokken. Zijn de teams nog meer op elkaar aangewezen om er voor te zorgen dat alles bleef lopen zoals het zou moeten lopen. En werd er een beroep gedaan op onze eigen creatieve geest om zaken nog efficiënter af te handelen. Uiteindelijk bleef de geoliede machine lopen zoals het moest. Baas blij, klanten blij en wij genoeg overuren op onze kaart om daar, waar nodig, van het zonnetje te kunnen genieten.

Je raakt gewend aan een bepaalde werkdruk als je een tijd lang op één en het zelfde tempo door racet. Ook aan je werkzaamheden die langzaamaan, ook-al-wil-je-het-niet-maar-het-gebeurt-toch, steeds meer worden. Soms mopper je eens wat, maar veelal doe je gewoon wat er van je verwacht wordt. Nu we per team een aantal vaste helpers hebben is het werk beter te verdelen waardoor we toch de kwaliteit kunnen leveren zoals iedereen dat van ons gewend is.

Zoals ik al zei raak je gewend aan de werkdruk en deadlines. Als dan opeens, zo uit het niets, de zomervakantie voor de deur staat is het een vreemde gewaarwording als je van de chaos en hectiek in eens stil staat. Het is net zoiets als de wildwaterbaan in de Efteling overleefd hebben waarbij je probeert niet nat te worden en dus halsbrekende toeren uithaalt waardoor je bijna dat rubberbootje uit lazert en daarna in de gondoletta belanden (je weet wel, die saaie witte bootjes die in een gezapig tempo door het water worden voortgetrokken) S T I L  &  S A A I.

De eerste week was het dan ook even wennen. Ik had iedere dag het gevoel iets over het hoofd te zien. Ik maakte lijstjes om te voorkomen dat ik daadwerkelijk iets zou missen. Alsof mijn dagindeling niet meer klopte. Ook de extra helpers werden een stuk minder ingezet en konden genieten van hun vrije dagen, zodat we elkaar niet om 12.00 uur wezenloos aanzaten te gapen.

Gelukkig vieren niet alle bedrijven vakantie deze zomer dus draaien we op een rustig tempo door. Naast de normale werkzaamheden hebben we nog wat zomerklusjes op onze 2-do lijst staan. Helemaal stilstaan doen we niet. Het fijne van deze periode is dat we nu bij kunnen komen van de afgelopen paar maanden. Even een tandje terug schakelen en rustig opstarten. Aan het einde van de middag zijn de meeste bureaus ook daadwerkelijk leeg in plaats van de stapels papierwerk dat in de drukke periode blijft liggen. Maar als ik heel eerlijk ben hoeft zo’n rustige periode niet al te lang te duren. Ik word er zo verveeld van en heb vervolgens moeite om het beetje werk dat er ligt in de juiste volgorde weg te krijgen.

Voor nu moet ik maar niet al te veel klagen en het er even van nemen.
Ik vraag mij af hoe de baas tegen siësta’s aan kijkt…

 

Mijn eigen werkplek…

De afgelopen paar weken is het (weer) lekker druk geweest. Op de zaak kwam er geen eind aan de werkdag. Vroeg beginnen, laat klaar en voor mijn doen veel overuren. De beloning? Hogere cijfers, meer omzet en uitgeblust personeel. Ook thuis was het aardig druk. De sportfotografie ging zelfs in barre, koude en natte tijden gewoon door en dat betekende de weekenden niet onderuitgezakt voor de buis bijkomen van een drukke werkweek. Tot vorig weekend zat ik dik ingepakt langs het sportveld om actiefoto’s te maken. Om vervolgens in de middag op te warmen achter mijn computer. Het werkt verslavend om mijn eigen fotowerk te verbeteren. Om nog preciezer te zijn in afdrukken en om nog mooiere actiefoto’s te maken. Het is leuk om te zien hoe veel ik in korte tijd geleerd heb.

Maar al het werken heeft ook zijn nadelen. Zo was mijn inspiratie en motivatie om te bloggen terug gelopen naar net boven het vriespunt. De zinnen en woorden wilden maar niet komen en als ik al iets origineels bedacht had liep ik na één alinea compleet vast. Ook was mijn irritatiegrens sneller bereikt dan anders. Terwijl ik in de woonkamer mijn foto’s aan het bewerken was, of zat te ploeteren op een verhaal, weergalmde het getetter van Uk terwijl hij zijn spelletjes op de Playstation aan het spelen was in mijn oor. Vergelijkbaar met een mug in je slaapkamer tijdens een zwoele zomernacht waardoor je maar niet kunt slapen. IRRITANT!! We konden alle twee niet veel van elkaar hebben en dat uitte zich in gekibbel en chagrijnige gezichten. Niet leuk voor mij, maar zeker niet voor hem. Hij kan er immers niets aan doen dat ik meer dan gemiddeld werk in één week.

Het werd tijd voor mijn eigen werkplek in huis. Een ruimte waar ik mijn fotospullen normaal zou kunnen opbergen. Waar mijn administratie gedaan kan worden zonder dat ik van drie verschillende plekken mijn paperassen moet pakken. Een plek waar ik in tijden van drukte en stress toch rustig kan werken.

Aangezien de fotostudio niet meer in gebruik is besloot ik daar mijn werkplek te maken. Het kleine bureau dat er stond voldeed niet meer aan mijn eis. Dus moest ik op jacht naar iets wat geheel aan mijn smaak zou voldoen. De Ikea deden wij als eerste aan. Niet mijn meest favoriete winkel, maar ik ging er vanuit daar voor een compleet kantoor te kunnen slagen. Na een uur ronddwalen was ik helemaal klaar met de Ikea en stapte gedesillusioneerd de auto in. Te klein, te groot maar vooral te zakelijk. Mijn nieuwe werkplek moet er professioneel uitzien maar zeker niet zakelijk.

Er zat helaas niets van mijn gading bij. Dit was eveneens het geval bij alle andere kantoormeubelzaken die ik bezocht. Ik besloot te stoppen met zoeken in de stille hoop er tegen aan te lopen op een moment dat ik er niet naar zou zoeken. Dit gebeurde vorige week. Al bladerend door de website van de Wehkamp stond daar opeens mijn bureau, met stoel en bijbehorende kast. Ik was opslag verliefd op een stijl, klassiek landelijk, waar ik een paar jaar geleden niets van moest hebben. Na alle maten opgenomen te hebben besloot ik hem te bestellen. Afgelopen vrijdag zijn de pakketten geleverd.

Aangezien de voetbal afgelast was konden we mooi aan de knutsel. Het was een compleet bouwpakket met allemaal losse onderdelen, een zak vol schroefjes, plugjes, moertjes en wat lijm. We zijn er een zaterdagochtend en een gedeelte van de middag zoet mee geweest. Maar de stoel en het bureau staan inmiddels. De kast laat nog even op zich wachten. Deze moet helaas omgeruild worden omdat hij niet ongeschonden aangekomen is.

De vensterbank is door vriendlief van de week al in de verf gezet. De radiator wil ik zelf nog gaan doen. Ik ben er nog niet over uit of ik alles wit verf of dat ik er een ombouw omheen zet. Er moet nog een mooie witte plank boven mijn bureau komen en zowel links als rechts van de muur een aantal (sport) foto’s van eigen hand. Ik ben er erg blij mee en in gedachten is de kamer al helemaal af.

Zodra alles af en naar wens is, zal ik jullie virtueel rondleiden op mijn nieuwe werkplek.

Een werkplek vol herinneringen…

07.40 uur, ik kom aan op mijn werk en wens mijn collega bij de receptie een goedemorgen toe. Zelfs de postbode was op dit vroege tijstip al geweest en ik loop met alle “fanmail” van onze klanten door naar de lift. “Er zit ook een aangetekende brief voor jou bij!” Roept de receptioniste van achter haar pc.

Terwijl ik onhandig de grote stapel post in evenwicht probeer te houden druk ik met één van de vingers die ik vrij kan maken op het knopje van de lift. De stapel begint te schuiven en zoals verwacht maar niet gehoopt glijd de stapel post van mijn arm op de grond. Als de lift boven is heb ik bijna alle poststukken weer bij elkaar geraapt. Voor de liftdeuren zich weer kunnen sluiten graai ik de laatste enveloppe van de grond en stap snel naar buiten, de gang op.

Direct maakt mijn hart een noodstop om vervolgens met 200 slagen per minuut op hol te slaan. Terwijl mijn hart bezig is met een marathon probeer ik logisch te blijven denken.

Ik staar naar de aangetekende brief die aan mij geadresseerd is. Niets bijzonders in een bedrijf waar dagelijks zakken met post worden afgeleverd. Het is ook niet zozeer de enveloppe die mijn aandacht getrokken heeft, maar het handschrift. Dat is namelijk identiek aan die van mijn vader. Dat zou nog niet eens zo bijzonder zijn, was het niet dat mijn vader 1.5 jaar geleden overleden is. Ik vraag mij af of ze sinds kort ook aan postzending in de hemel doen, via een engel van een postbode is het poststuk van mijn vader bij mij terecht gekomen…

Terwijl ik naar mijn bureau toe loop, met nog steeds de stapel post in mijn handen, gaan mijn gedachten uit naar mijn vader. Hij heeft jaren lang voor Rolled Alloys gewerkt. Een firma gericht op de staalindustrie. Het pand is echter meer dan 12 jaar geleden met de grond gelijk gemaakt. Mijn vader moest opzoek naar ander werk of mee verhuizen naar elders in het land. Hij koos voor optie één om zo dicht in de buurt van ons te kunnen blijven. Op de plaats waar hij altijd met veel plezier gewerkt heeft is een kantorencomplex uit de grond gestampt. Voor de mensen die wel in toeval geloven…. 4.5 jaar geleden ben ik in dat kantorencomplex komen te werken. Om het nog specialer te maken. Mijn kantoor is op precies dezelfde locatie gelegen als de ruimte waar mijn vader de orders aannam en verwerkte. Als ik naar buiten kijk zie ik de snelweg, het roestige dak van de garage tegenover ons en de opslagruimte van mijn vader die voor ons nu dienst doet als parkeerplaats. Ik heb het zelfde uitzicht dat mijn vader jaren lang gehad heeft als hij uit het raam naar buiten keek, of de werkplaats uitliep om naar buiten te gaan.

Soms, als ik door de krochten van ons pand loop opzoek naar een doos briefpapier of enveloppen, ruik ik een vlaag van de lucht die altijd om mijn vader heen hing als hij gewerkt had. De bekende staal en stof lucht. Als ik dan mijn ogen dicht doe zie ik mijn vader zo levendig voor me in zijn blauwe overal en zijn oranje “Happy Music”* T-shirt daar onder. En die lompe veiligheidsschoenen met stalenneuzen er in. Ik zie hem lopen door de loods met opdrachten in zijn handen terwijl hij naar mij lacht en zegt: “He meisje, ik ben bijna klaar hoor!”

Mijn collega haalt mij uit mijn overpeinzingen door te vragen of alles wel goed met mij gaat. Ik moet even terug op aarden komen, maar knik vervolgens dat alles oké is. Ik glimlach om de herinneringen aan mijn vader en kijk nog eens goed naar de enveloppe en het logo. Het zou echt mijn vaders handschrift kunnen zijn. Maar voor zover ik weet nemen ze in de hemel geen examens “Gasmeten in zeecontainers” af…

***

*Happy Music was het bedrijfje van mijn familie. Mijn vader en zijn broers waren daar DJ van en speelden op plaatselijke feestjes en partijen.

Even niets…

Doordat ik heftig in mijn koffiekopje aan het roeren ben ontstaat er een draaikolk. Het zuigt mijn gedachten mee naar beneneden. Ik schrik op omdat mijn vriend, iet wat geïrriteerd, aan mij vraagt of ik alsjeblieft wil ophouden met dat neurotische gedrag. Ik glimlach als een boer met kiespijn en besluit mijn kopje leeg te drinken zodat ik niet meer in de verleiding kom om, onbewust, te spelen met het lepeltje. Ik ben een beetje besluiteloos en naast dat ook een beetje inspiratieloos.

Ik heb verschillende onderwerpen liggen waar ik graag wat over wil vertellen. Of waar ik mij in kan verdiepen om daar vervolgens over te bloggen. Maar de woorden blijven achter mijn lippen liggen als een grote samen gekauwde brij. En mijn vingers zweven eerst een tijd boven het toetsenbord om vervolgens de half gemaakte zinnen met de delete knop weer van het digitale papier te laten verdwijnen. Een normaal of goedlopend verhaal komt er niet uit.

De afgelopen paar weken ben ik aan één stuk door gegaan. Met werken wel te verstaan. Naast mijn normale administratieve baan bij een examenbureau stond de rest van mijn vrije tijd in het teken van de (sport)fotografie en het bewerken van de geschoten platen. De laatste weekenden van het sportseizoen staan meestal in het teken van de toernooien. Her en der ben ik aanwezig geweest om hier foto’s van te maken. Ook één van de E- teams van Feyenoord wilde hun laatste wedstrijd van het voetbalseizoen vast gelegd hebben. Nu zitten alle voetbaltoernooien en wedstrijden er op. Alleen 16 en 23 juni heb ik nog twee grote hockeytoernooien bij de Hockeyvereniging in Gorinchem op het programma staan.

Naast de voetbal heb ik ook nog wat andere foto’s mogen maken, waaronder een foto voor bij een krantenartikel, dat overigens nog geplaatst moet gaan worden.  De uitvaartbegeleidster en één van de Notarissen bij ons op het dorp gaan een informatieochtend houden met betrekking tot uitvaart & erfrecht.

Waarschijnlijk zijn mijn grijze cellen gewoon een beetje toe aan rust. Daarom ga ik mij deze zondag verder niet meer druk maken over wat ik allemaal nog moet. Ik laat de boel de boel en ga lekker grasduinen op het web, op zoek naar leuke blogjes. Wie weet doet een middagje niksen mij wel goed en doe ik nog wel wat inspiratie op voor volgende week

Fijne zondag…

CoCo’s Spaarpot…

Na zeven jaar van vriendschap, dat bestond uit het kweken van vertrouwen en zorgen dat ik niet gebeten werd door hem, werd het tijd om CoCo wat anders aan te leren. De voorgeschiedenis is te lezen in een eerder geplaatst blog: Kleine groene draak.

Het allerkleinste atoom van een idee werd gevormd in het Palmito’s Park op Gran Canaria. Het Palmitos Park is een subtropisch paradijs met meer dan 100 palmbomen en 15.000 planten. (Aldus de folder, niet dat ik ze geteld heb) Er leven meer dan 150 diersoorten waaronder heel veel vogels, apen reptielen en sinds kort ook dolfijnen. Halverwege het park zijn verschillende vogelshows te bewonderen. Waaronder een show met papegaaien. Met een bigsmile van oor tot oor heb ik als een blij kind de show uitgezeten. De papegaaien deden verschillende kunstjes, waaronder geld in een spaarpot stoppen, zichzelf voorstellen, schilderen, fietsen, steppen, rekenen en tellen en zelfs rolschaatsen. Dit zou ik ook wel willen met mijn kleine groene draak. Hoewel rolschaatsen misschien iets te ver gezocht was. Ik was zo enthousiast dat ik niet kon wachten tot we thuis waren.

Gelukkig waren we een jaar er voor al begonnen met het leren opstappen op een ring of stok zodat hij vervoerd kon worden naar elders in het huis. Hij was dus bekend met een beloning met de stem (goedzo, braaf). Naast stem hulp wordt er nog meer van de “trainer”, ik in dit geval, verwacht. Consequentheid en snoepjes!! Liefde gaat nou eenmaal door de maag.

Zelfs vriendlief zag dit wel zitten en hoopte hierdoor ook een betere band met hem te kunnen krijgen. We waren nog geen dag thuis of daar zaten we dan, samen op de grond. CoCo moest op commando zijn pootje geven aan mijn vriend. Hij zou op zijn beurt weer een zonnebloempitje geven aan CoCo. De eerste keer ging super goed. Ik zei nog: “Daar doet ie een moord voor!” Ik zat aardig in de buurt met die opmerking. De tweede keer ging mis. Bij het woord: “Geef” hapte hij zo hard in mijn vriend zijn vinger dat deze tot bloedens aan toe open lag. Weg vertrouwen en weg motivatie. Het heeft enige maanden geduurd voor mijn vriend weer in de buurt durfde te komen van zijn snavel.

Ik wist dat de fout niet bij CoCo lag, maar dat wij zelf iets over het hoofd hadden gezien. Ik besloot het oude speeltafeltje van Ikea, waar de kleine boef inmiddels uitgegroeid was, aan CoCo te geven. Een apart hoekje in huis dat voor CoCo groot genoeg was maar waar hij niet afgeleid zou kunnen worden. Dit zou consequent zijn “werkplaats” gaan worden.

CoCo moest eerst leren luisteren en zijn eigenwijze buien bewaren voor in zijn kooi in plaats van daar buiten. Mijn bedoeling was om iedere dag tien minuten hiervoor uit te trekken. Ik had niet verwacht dat mijn groene draak zich ook maar iets van mij aan zou trekken als ik hem op het tafeltje zou zetten. Maar niets was minder waar. Ik had zijn onverdeelde aandacht.

Het was tijd voor stap twee. Ik introduceerde een spaarpot met losgeld. Het doel hiervan zou zijn dat CoCo zou leren het geld in de spaarpot te stoppen.

Volgens mijn vriend: “een tien jarenplan”. CoCo reageerde namelijk ietwat apathisch op het hele concept en bleef als aan de tafel genageld staan kijken hoe ik zelf het geld opraapte, het in de spaarpot stopte, vervolgens mijzelf met zonnebloempit of ander nootje en schouderklopje beloonde. Het tafereel moet er ook wel enigszins lachwekkend uit hebben gezien.

Al snel was hij over zijn angst heen en had hij in de gaten dat hij iets lekkers kon verdienen door iets te doen. Toen hij het principe:“muntje aanraken betekend iets lekkers” door had zijn we een stapje verder gegaan. We stopten het geld samen in de spaarpot. Ook hier ontving hij iets lekkers voor. Het duurde een week voor hij zelf het geld uit mijn hand pakte en dit in de spaarpot stopte. Hoe enthousiaster ik reageerde hoe sneller hij het door leek te hebben.

Via internet kwam ik er achter dat er educatief speelgoed voor papegaaien bestond. CoCo leerde zo snel dat ik geen moment geaarzeld heb. Ik kocht de vierkante spaarpot met verschillende gekleurde fiches. CoCo moet altijd eerst de “vogel uit de boom” kijken voor hij zich inlaat met nieuw “speelgoed”. Maar ook nu leek de beloning hem over de streep te trekken.

We zijn inmiddels zo ver dat ik de gekleurde muntjes op de tafel kan laten liggen en hem vraag de muntjes in de spaarpot te stoppen. Een beloning volgt nu pas als alle fiches van dezelfde kleur in de spaarpot verdwenen zijn.  

Mijn doel is CoCo de kleuren van de fiches te leren herkennen en deze op commando in de spaarpot te laten stoppen. Gelukkig worden papegaaien heel oud want hier gaat denk ik nog wel wat tijd in zitten….

 

 

Hopelijk heb ik binnekort foto’s van CoCo @ work…

 

 

 

Morgen komt nooit, het is altijd vandaag…

“Dingen voor mij uitschuiven is iets waar ik heel goed in ben. Waarom iets vandaag doen als het ook morgen kan? Waarom zou je iets doen wat saai of vervelend is, terwijl je die tijd ook kunt besteden aan dingen die in mijn ogen op dat moment vele malen nuttiger en/of leuker zijn dan het karwei wat geduldig op mij wacht? Het probleem is dat ik dit iets te vaak denk en dus ook iets te vaak doe waardoor ik alles of in ieder geval vaak, dingen op het laatste nippertje moet doen. Dit resulteert in gehaast gedrag, wat op sommige momenten overslaat in stress. Met als gevolg aan het einde van die dag een uitgebluste ik. Te moe voor wat dan ook. Daar moest ik toch eens verandering in gaan aan brengen.

Ook dit stelde ik maar uit tot het moment dat ik gek werd van mijn eigen ongeorganiseerde puinhoop. Ik besloot daarom een dag lang alles aan te pakken wat op mijn pad zou komen en niets uit te stellen tot morgen, als die dag ooit aanbreekt, of tot wanneer dan ook…”

“Het irritante geluid van een wekker haalt mij uit mijn droom. Ik draai mij nog lekker een keertje om nadat ik de wekker heb uitgeslagen. Ik wil nog minstens een kwartier blijven liggen. Maar realiseer mij direct dat ik niets meer uit zou stellen. Dus met een zwierige zwaai spring ik uit bed om mij vervolgens aan de deurpost vast te grijpen. Haastige spoed is zelden goed, dat blijkt wel weer. Zodra mijn hoofd klaar is met tollen besef ik dat mijn kleding nog niet klaar ligt. Gelukkig was alles al wel gestreken. Terwijl ik al tandenpoetsend naar mijn slaperige hoofd in de spiegel kijk verzin ik wat ik aan zal gaan trekken. Na mijn hele ochtendritueel gehad te hebben stuif ik door naar het werk.

Ook op het werk staat het thema: “Morgen komt nooit het is altijd vandaag” centraal. Ik wens iedereen een goede morgen en start in een vliegende vaart alles op. Snel, maar gedecideerd haal ik ook nog even koffie voor de collega’s. Terwijl ik verschillende gegevens in het systeem verwerk wordt er aan mij gevraagd of ik, als ik tijd heb, een aantal dossiers op kan zoeken. Ik schuif niets voor mij uit. Dus direct zoek ik de juiste mappen er bij en maak mijn collega blij. Nog voor dat ik zit gaat de telefoon. Een verzoek om gegevens door te sturen via de fax/mail. Ook hier maak ik direct tijd voor vrij. Ik ben nog niet terug op  mijn plek en wederom gaat de telefoon. Waar de uislagen blijven van het examen van afgelopen vrijdag? We zijn snel, maar zo snel nou ook weer niet. We schuiven niets voor ons uit hoor ik een stemmetje in mijn hoofd roepen. Dus ik doe wat nodig is, en binnen een uur beschikt de klant over de nodige gegevens. Hij blij, ik blij.

Mijn aller eerste klusje heeft inmiddels twee uur op mij moeten wachten maar nu heb ik dan toch tijd om het af te maken. Vergeet het maar, want na weer twee telefoontjes ben ik alweer met drie andere taken bezig. Na de lunch blijkt alles weg gewerkt te zijn wat vandaag op mijn pad kwam. Behalve mijn eigen werk. Even overweeg ik om het op te geven. Om de dingen door te schuiven naar een later tijdstip, een tijdstip waarin het wat rustiger is. Maar ik houd vol. Verwoed begin ik aan mijn eigen werk en ploeter stapels papier werk door, print van alles uit, sorteer en archiveer, maak afspraken voor de daarop volgende dagen, en verwerk tussen door ook nog wat aanvragen van klanten. Sta collega’s te woord en werk een aantal bezwaarschriften weg. Want die kwamen bij toeval ook nog op mijn pad. Ik heb zelfs even de tijd (genomen weliswaar) om met een collega te ginnegappen boven de snoeppot. Ook zo iets, altijd als je minder wilt gaan snoepen liggen er opeens de lekkerste snoepjes in die pot, alsof mensen door hebben wat je van plan bent en je willen testen op je zelf beheersing… Die was er op dat moment overigens niet..

15.50 uur. Mijn werkdag zit er bijna op. En mijn bureau is na genoeg leeg. Wat een heerlijk voldaan gevoel! Met een grijns verlaat ik het kantoor en besluit de rest van de dag dit gevoel vast te houden. Dus ook thuis ga ik direct aan de slag. Het heerlijke zonnige weer haalt mij bijna over om languit in de tuin te gaan liggen. Maar ik besluit anders. Pannen en potten worden te voorschijn gehaald. Het eten staat vast klaar en kan, zodra vriendlief thuis is, op gezet worden. De vogel wordt van een dosis aandacht voorzien en andere huishoudelijke klusjes passeren de revue..

Ik ben er achter dat het sneller werkt om sommige klusjes direct weg te werken in plaats van ze uit te stellen. Een doel dat zeker geïmplementeerd kan worden in mijn dagelijkse bezigheden. De kunst is om hier een juiste balans in te vinden. Na het avond eten plof ik moe maar zeer voldaan op de bank. Puf om te pcen of de gamen heb ik niet. Dus ik pak mijn e-reader en verdiep mij in mijn nieuwste boek. Het zou natuurlijk zonde zijn om zo’n spannend verhaal te laten liggen voor morgen.” 😉