Niks zo irritant…

Meestal ben ik iets voordat mijn wekker gaat al wakker. Noem het de biologische klok, intuïtie, ritme of een gewoonte. Ik vind het fijn dat ik al in de ontwaak stand kom nog voor ik daadwerkelijk echt wakker moet worden. Nog fijner vind ik het wanneer ik wakker word en op de klok zie dat ik nog minstens 6 uur mag slapen. Gelukkig komt dat niet zo heel vaak voor en slaap ik redelijk door. Maar goed, voordat de wekker gaat ben ik dus meestal al een beetje wakker. 

Wanneer mijn geest langzaam ontwaakt terwijl mijn lichaam nog zo ontspannen en in diepe rust verkeerd, dat vind ik de fijnste momenten van wakker worden. Eigenlijk is het dat moment voor ik ook echt daadwerkelijk realiseer dat ik wakker bent. Op deze momenten kan ik mijn dromen van die nacht nog heel levendig voor de geest halen. Wanneer ik bruut gewekt word door een wekker dan vervliegen mijn dromen een heel stuk sneller. Wat dan achterblijft zijn flarden van beelden en vage gevoelens of emoties.

Vroeger had ik een digitale wekker. Met van die zwevende rode cijfers en een heel irritant alarm. Zonder volume knop. De herrie die je oorschelp in denderde kon ik ook niet echt reguleren. Ik las eens dat het niet goed voor je gestel is als je de dag “geschrokken” begint. De kans dat je heel de dag in een soort “vluchtmodes” verkeerd is groot. Wat weer van invloed kan zijn op je humeur of alles wat met je staat van zijn te maken heeft. 

Of het waar is weet ik niet maar ik kon mij er wel helemaal in vinden. Plotseling harde geluiden worden sowieso al niet door mijn gestel gewaardeerd. Dat was het moment waarop ik afstand heb gedaan van de misthoorn die op mijn nachtkastje stond. Ik ben mijn telefoon daarvoor in de plaats gaan gebruiken. Een tingel tangel geluidje dat je langzaam naar het rijk der levende terug voert. Dat beviel mij wel. 

Maar ook dat begon te irriteren. Sinds enkele jaren zit mijn wekker nu om mijn pols. Als ik wakker moet worden trilt hij zachtjes. Behalve als je er per ongelijk met je hoofd op ligt. Dan trillen mijn oogballen uit hun kassen. Is overigens net zo ongemakkelijk als de misthoorn op mijn nachtkastje. Maar dat ter zijde. Zelfs als ik nog ik diepe slaap verkeer brengt het getril om mijn pols mij langzaam en rustig terug uit dromenland. Het is heel fijn en aangenaam wakker worden. 

Dan hebben we de wekker van vriendlief… Die gebruikt inmiddels ook al jaren zijn telefoon als wekker. En het heeft heel lang geduurd voor hij door had hoe het geluid van zijn wekker op standje “rustig, zen-zen, zo word ik ook wel wakker” gezet kon worden. Met als gevolg, wanneer hij eerder zijn bed uit moest dan ik, ik ondersteboven aan het plafon hing zodra zijn wekker ging. Wat een takken herrie als je nog heerlijk in dromenland vertoefd. 

Voor ons beide gemoedstoestand heb ik hem laten zien hoe de geluidsknop werkt. En dat er ook gekozen kan worden voor een leuk melodietjes in plaats van een misthoorn. Gelukkig ben ik een ochtendmens en daarmee ook eigenlijk altijd eerder mijn bed uit dan hij. 

Gefeliciteerd…

In Café ’t Hemeltje is het waarschijnlijk afgeladen en stampers vol. Er zijn immer al voldoende mensen van ons heen gegaan om een stamkroeg te vullen. Ze zeggen dat je in de hemel niet ouder wordt. Toch geloof ik graag dat ze daar de slingers en ballonnen ophangen. En dat er een grote taart voor je is gebakken. Speciaal en helemaal ter ere van jou. Ik weet ook zeker dat Oma de hele dag in de keuken heeft gestaan om allemaal lekkere Indische hapjes te maken. Want een feest zonder eten is volgens onze familie nu eenmaal geen feest.

En weet je pa, ik zie jou al achter de draaitafels staan waar jij, heel toepasselijk, “Stayin’ Alive” uit de boxen laat schallen. Uiteraard in jou veel te grote witte engelen gewaad maar wel met feestmuts op. Want zo ben je dan ook wel weer. Als er dan een reden is voor feest en het is ook nog eens jouw feest, ga dan maar lekker los.

Ik ga er gewoon vanuit dat er in de hemel ook feest gevierd wordt. Dat het daar heel gezellig is. Dat iedereen daar los gaat op zijn en haar favoriete muziek. Dat iedereen “dronken” wordt van al het goddelijke drank dat vanuit de hemelse champagnetoren naar beneden druppelt. Dat iedereen zich misselijk eet aan alle heerlijke hapjes. En dat ze, heel misschien, zullen toasten op ons, zoals wij hier toasten op jou.

Gefeliciteerd pa 💞

Spoorzoekertje…

Voor ons, als paardenhouder, is er niks zo leuk als het loslaten van je paard in het weiland aan het begin van het seizoen. Ondanks dat ze 24/7 in een Paddock Paradise staan en dus de ruimte hebben om te doen en laten wat ze willen, heeft die grasmat iets magisch. Voor mensen die niet bekend zijn met paarden?! Vergelijk het maar met een indoorspeeltuin voor kinderen. Ballenbakken, glijbanen, trampolines, luchtkussens en daarna ijs en patat toe. Er is ruimte voor de dolle 5 minuten, of 10 of zelfs 20. Waartoe ook de gekke bokkensprongen behoren. Uiteraard is er nog het rollen in een modderplas als deze er toevallig is. Om daarna vanuit stilstand in volle ren-galop door de wei te stuiven. Heen en weer, steeds maar weer. Als de meeste energie eruit is, is het tijd om te eten, want gras!!

Zo gaat het in ieder geval bij ons. En sinds een jaar of twee mogen we ons de gelukkige eigenaren noemen van een eigen stuk weiland. Vlak bij stal! Een eigen weiland betekend ook dat we deze naar eigen believen kunnen inrichten. Zo passeerden er verschillende ideeën de revue. Het opdelen in diverse stukken. Zodat de kudde van blok naar blok verhuisd kan worden. Of strookbegrazing. Wat inhoud dat de kudde er dagelijks een meter of wat aan gras bij krijgt. Aan alle keuzes hangen voor- en nadelen. 

Uiteindelijk werd besloten om alleen de afrastering rondom de wei te realiseren. Zodat de paarden niet in een jolige bui het taluud af zouden denderen en daarmee pardoes in de omliggende sloot zouden belanden. Een groot voordeel van alles open houden is dat er geen geknoei met draad en hekwerk nodig is. De paarden hebben daadwerkelijk de ruimte en er kan naar hartelust gecrost worden. Prachtig zo’n grote wei. Het enige nadeel voor ons is dat we de hele wei door moeten sjouwen om stront te scheppen. 

Het eerste jaar hebben we het grote vlak figuurlijk gezien opgedeeld en gaven we aan elkaar door welk deel reeds was schoon geschept. Zo voorkwamen we dat er onnodig tijd ging zitten in shit werk. Op de een of andere manier werd dat steeds minder gedaan. Men vond het blijkbaar niet erg om te wandelen en poep te scheppen tegelijk. Ik deed mee met de flow en wat maakte het ook eigenlijk uit hoe lang ik bezig was. Ik was lekker buiten, bevond mij tussen de paarden en was zowel lichamelijk als geestelijk bezig. Inspanning en ontspanning tegelijk. 

Dit seizoen besloot ik eens wat gegevens bij te houden. Ik kwam er achter dat ik al scheppend tussen de 1.5 en 2 km afleg. Wanneer ik dit op mijn gemak uitvoer, ik ongeveer 45 minuten tot een uur bezig ben. Ik verbrand meer calorieën aan het begin van het seizoen omdat het gras dan een heel eind hoger is en ik meer moeite moet doen om er doorheen te komen. Het is hilarisch om te zien hoe neurotisch ik de wei afloop op zoek naar paardenshit. Zie de foto hieronder. Toch kan dit efficiënter. 

Een aantal stalgenoten was het met mij eens. Dit moet inderdaad anders. De wei kreeg weer figuurlijke vakken. Spoorzoekertje wordt vanaf nu beperkt tot een aantal vakken en in de app geven we aan elkaar door welke er reeds schoon zijn. Hoewel, schoon? Poepruimen gaat hier aan de lopende band door. Dat dan wel weer… 

Muggen…

Aan mijn gehoor mankeerde niks. Ik hoorde ze namelijk wel maar besloot mij er niet aan te storen. Wanneer het beest alsnog besloot om rond mijn hoofd te zoemen, opzoek naar een maaltijd, joeg ik hem met een wapperende hand weg. Dat heeft heel lang gewerkt. Mochten ze mij in een onbewaakt moment toch gestoken hebben dan had ik het veelal niet in de gaten. Mijn lichaam reageerden er nooit op. En als het dat wel deed dan was het binnen een paar uur vaak al over. In tegenstelling tot sommige mensen om mij heen die jeuk en rode bulten overhielden na een steek van een mug. Ik prijsde mijzelf gelukkig!

Bij een daas had ik echter niet dat geluk. Eenmaal gestoken kwam (en komt er nog steeds) een soort van kettingreactie op gang die ik meestal niet zelf kon (en kan) stoppen. Als ik toevallig de kracht had er vanaf te kunnen blijven verdween de bult net zo snel als bij een muggenbeet. Maar meestal en eigenlijk altijd, werd de jeuk alleen maar erger. De bult veranderde in een keiharde schijf die niet alleen jeukte maar vervolgens ook nog eens pijn ging doen. Het zwol op en voelde rood en ontstoken aan. Als ik het minst geluk had zat ik dagen in een cirkel van krabben tegen de jeuk gevolgd door ijscompres tegen de pijn en zalf smeren tegen beide. irritant!!

De daas ben ik nu redelijk de baas. Inmiddels ben ik zo wijs om niet meer, hoe warm het ook is, in korte broek en topje naar het weiland af te reizen. Altijd gehuld in lange mouwen en dito broek EN een flacon met de zwaarste deed die er te verkrijgen is. Wat een wonder spul. Je muft een uur in de wind, dat dan wel weer. Maar geen daas die nog bij mij in de buurt durft te kopen. Poownie weten ze te vinden terwijl ze met een grote boog om mij heen vliegen terwijl ik op nog geen 50 centimeter afstand sta.

Het is de mug die ik nu niet onder controle krijg. Aller eerst is het mij al een godswonder hoe die beesten binnen komen. Overal horren voor de ramen en deuren. Uit veiligheid patrouilleer ik ook altijd met vliegenmepper in de aanslag over de bovenverdieping. Indringers worden zonder pardon omgelegd. Tot zover mijn liefde voor dieren! Zo makkelijk als mijn lichaam vroeger omging met een muggenbeet, zo allergisch reageert het nu. Bijna te vergelijken met een beet van een daas. 

Alsof ik vroeger te veel aan stoffen heb binnen gekregen dat mijn lichaam nu niet meer weet hoe er mee om te gaan. Zodra ik gestoken wordt ook hier een kettingreactie van mega bult, veel jeuk en irritatie tot gevolg. Het gekke is dat dit soms pas na een dag optreed als je al bijna denkt dat de bult verdwenen is. Inmiddels heb ik wel pilletje die vooral tegen de jeuk en ontsteking moeten helpen. Dat doen ze vaak ook wel, maar soms lijkt het of ook deze niet sterk genoeg zijn. 

Ik duim echt dat de tijgermug mij nooit te grazen neemt… Want ik weet niet zo goed of mijn lichaam daar wel tegen bestand is. 

Zoetigheid…

Mijn hand graait door het zakje maar vind niks. Verbaasd kijk ik van mijn reader in mijn ene hand naar mijn andere hand in het zakje. Ik pak het zakje nu met beide handen vast om het aan een grondigere inspectie te onderwerpen. Heb ik zojuist echt dat hele zakje in één keer leeg gevroten? Mijn smaakpapillen zijn nog steeds bezig met een vreugdedans. Maar de rest van mijn lichaam voel ik al in opstand komen. Waarom? Is de enige vraag die het stelt. Toegegeven, mijn smaakpapillen hebben wel “smaak”. Zo’n gezouten en geroosterde maïskorrel is echt zalig. Alleen had ik het bij een handje moeten houden, niet het hele zakje. Ik zal de komende avond aardig wat water moeten drinken om de rest van mijn lichaam gunstig te stellen. Misschien morgen ook nog wel… 

Ik kwam er achter dat ik al bijna twee jaar bezig ben met intermittent fasting. Hoewel het er de laatste paar weken een klein beetje bij ingeschoten is. Niet dat ik mij iedere avond vol vreet met aller handen zakken chips, koek of zoetigheid. Dit zakje geroosterde maïskorrels was een verdwaalde actie. Een mens is nu eenmaal zwak. Toch ben ik wel heel trots op de weg die ik afgelegd heb. Het was een ware ontdekkingsreis. Ik heb dingen geleerd over mijn lichaam en geest. Daarnaast ben ik er achter gekomen wat voor mij niet werkt. 

Zoals het cold turkey afstappen van iets en radicaal mijn gezonde keuzes aanpassen. Dat lukt even om daarna, of misschien zelfs al heel snel, terug te vallen in oude gewoontes. De afgelopen twee jaar ben ik heel bewust bezig geweest met wat ik wel en niet eet of doe. De keus om minder vlees te eten bijvoorbeeld. Of de keus om van wit naar bruin pittenbrood over te stappen. Tevreden zijn met een stukje chocola in plaats van de hele reep. Door IF heb ik ook geen gesnaai meer in de avonduren. Mijn trek in zoetigheid is hierdoor gaandeweg afgenomen. De Haribo kersen kunnen mij niet echt meer bekoren en in het kader van minder vlees kan ik de kikkers ook makkelijk laten liggen.

Minderen met suiker stond ook op mijn kan-altijd-beter-lijst. Thee zonder suiker was de eerste stap. Dat gaat nu erg goed. Maar de koffie wilde niet echt lukken. Daarom nam ik daar de tijd voor. Want ik heb geleerd van mijn eerdere pogingen. Van 2 scheppen ging ik naar 1.5, naar 1 naar een half. Dat laatste halfje is een ding. Dus stapte ik over van suiker op zoetjes. Net zo slecht natuurlijk. Maar voor mij een stap die te behappen is. En zoet dat 1 zoetje is! Dus nu halveer ik deze en ik hoop daar zeer binnenkort ook mee te kunnen stoppen. Met de koffiemelk deed ik overigens het zelfde en dat gebruik ik nu inmiddels niet meer.

Weet je wat het gekke is. Opeens taal ik niet meer zo naar koffie. Dus wie weet kan ik die over een tijde ook van mijn lijst schrappen. Overigens doe ik wel een moord voor een lekkere cappuccino. Inmiddels ook zonder suiker dat dan wel weer. Maar deze blijft nog lekker op mijn guilty pleasure lijst staan. Met kleine stapjes naar een steeds gezonder leven. 

Rondje Maas…

Ik sta te dubben of ik er op ga of er naast blijf lopen. Ik werp een blik naar Poownie en zie zijn tong al letterlijk uit zijn mond hangen. Tja, het is met 28 graden ook best wel aan de warme kant. We gaan wel een stukje wandelen. Normaal neemt zijn verzorgster hem mee voor een leuke rit door de polder. Maar verzorgsters hebben ook wel eens vakantie. Dus de komende 3 weken heb ik wat extra Poownie-tijd ingelast zodat hij toch het gevoel heeft niks te kort te komen. 

Vanwege het warme weer besluit ik voor een rondje langs het water door het recreatiegebied. Lekker verkoeling onder de bomen en een briesje meepakken langs het water. Heerlijk. We zijn nog geen 100 meter het gebied in gewandeld of een lading kinderen komt ons tegemoet… Gelukkig aan de hand van een ouder/verzorger. Nee, geen paardje aaien vandaag maar links af richting speeltuin. Dag kindjes en veel plezier! 

Op dat moment realiseer ik mij nog iets. Er rijden in de zomer van die kleine treintjes. Super leuk om als kind (en stiekem ook als je wat ouder bent) in mee te rijden. Het stationnetje is midden in de speeltuin en je tuft een klein traject langs het water, over bruggetjes en zelfs door een echte tunnel. Maar of Poownie hier zo blij van wordt? Deze zomer rijden er maar liefst 2 van dit soort treintjes, afgeladen met gillend gespuis, want tunnel en precies er naast een paard!

Poownie staat even gek te kijken wanneer de ieniemienie spoorbomen links van hem dicht gaan en het belletje afgaat. Vervolgens “dendert” er een afgeladen treintje langs. Hij knort wat maar dat is dan ook alles. Hij heeft meer oog voor de mals ogende graspollen waar hij al de hele tijd verlekkerd naar aan het kijken is. Ik merk ook dat de wilskracht om niet met zijn neus naar de grond te gaan uit zijn tenen moet komen. Ik laat hem als afleiding dan maar wat grazen. De spoorbomen gaan weer open en snel lopen we naar de overkant om niet tussen twee heen en weer rijdende treintjes te zitten. 

De treinen en kinderen laten we achter ons als we het “bos” weer inlopen. Heel even zijn we alleen op de wereld. Zo stil en zalig. Maar lang duurt dit niet. We worden ingehaald door twee groepen wielrenners. Als we nog op onze benen staan te tollen van de snelheid waarmee we ingehaald worden komt daar ook de bejaardensoos om de hoek. “Goedemiddag! Goedemiddag!” Dit gaat weliswaar wat gezapiger maar het duurt ook wel ff voor alle 25 mummies voorbij zijn. Poownie neemt het er van en zoekt ondertussen de lekkerste grasjes. Ik was even vergeten dat het hier zo mega druk kan zijn. 

Als we bijna het bos uit zijn staat er een politiebus voor mijn neus. Stiekem weet ik dat we hier niet mogen komen. Maar ruiters worden hier al 100 jaar getolereerd. Ik glimlach vriendelijk in de hoop dat ze niet uitstappen. Ze laten ons zonder pardon passeren. Direct daarna rijd staatsbosbeheer voorbij. Die zijn erger dan de politie. Maar hij kijkt onze kant niet op en lijkt ons niet eens te zien. Gelukkig.

Zonder kleerscheuren komen we na een uur weer aan op de wei. Poownie neemt vol dankbaarheid zijn partjes appel in ontvangst en loopt voldaan terug naar zijn maten in de wei.

To read or not to read…

Vol verwachting open in de link naar mijn nieuwe acht boeken. Ik scroll langs de titels, lees de inhoud maar ze spreken mij geen van alle aan. Wat een teleurstelling. Ik had net zo’n zin in een nieuw spannend verhaal. De teleurstelling is niet nieuw. De afgelopen maanden verliepen het zelfde. Ik bekijk mijn profiel, opzoek naar de voorwaarden om mijn abonnement op Bookchoice op te zeggen. Tot mijn verbazing zie ik dat ik al vanaf 2015 lid ben. Ik heb het lang volgehouden! Toen heette het overigens nog Elly’s Choice. Voor een paar euro per maand krijg je acht E-boeken. Jammer genoeg mag je ze niet zelf kiezen. Maar er zaten altijd wel één of twee leuke boeken tussen. En op deze manier kwam ik ook met schrijvers en boeken in aanraking die ik anders nooit op mijn to-read lijst zou hebben gezet.

Een voordeel van Bookchoice’s is dat je de boeken ook echt mag houden. Door ze binnen twee maanden te downloaden en op te slaan op je eigen pc. Dit in tegenstelling tot veel andere boekenproviders, waar je alleen tijdens je abonnement gebruik mag maken van de aangeboden boeken. Na al die jaren heb ik dus een aardige verzameling samengesteld. Via de App zijn de boeken zelfs tot een jaar terug te lezen en sinds enige tijd, te luisteren.

Sinds die tijd lees ik dus niet alleen maar boeken. Ik word ook graag voorgelezen. Ik had niet verwacht dat ik dit zo leuk zou vinden. Vooral tijdens werkzaamheden waarbij 0 hersenactiviteit nodig is. Zoals bijvoorbeeld tijdens de wei en stalklussen. Wanneer ik wat huishoudelijke taken aan het wegwerken ben of als ik op de fiets zit. Maar dan moeten de boeken natuurlijk wel een beetje te hachelen zijn. Dit is nu net het punt waar ik al een paar maanden tegenaan loop.

Bookchoice maakt voor zijn leden namelijk de keus. Uiteraard worden de boeken met zorg samengesteld. Zo zit er altijd wel een thriller, (historische) roman, detective en chicklit tussen. Meestal zijn het ook nog eens de nieuwste van de nieuwste verhalen. Geen oude meuk dus. Maar toch vallen de boeken die gekozen worden mij steeds vaker tegen. Wanneer ik zelf acht boeken zou mogen samenstellen dan zou ik niet eens overwogen hebben mijn account op te zeggen. Want prima service en een fijne app. 

Met één klik van mijn muis beëindigde ik na acht jaar mijn abonnement. Maar wat nu? Mijn leeshonger is niet te stillen dus ik moet opzoek naar iets nieuws. Ik wil net als bij Bookchoice de mogelijkheid hebben boeken te lezen en te luisteren. Mijn zoektocht levert een aantal leveranciers die hier aan voldoen. Allemaal met een proefperiode en redelijk betaalbaar. Ik eindig mijn zoektocht met de start van een proefperiode van Storytel. En ik ben direct verkocht!

Wat een heerlijke app. Zo’n beetje alle boeken die ik zou willen lezen zijn zowel als voorlees- en als E-book beschikbaar. Maar ook biografieën en boeken voor persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast het mooie, ik kan wisselen tussen lezen en luisteren. Wat een fantastische optie!! Er worden statistieken bij gehouden en er worden diverse lijsten getoond met tips, oa gebaseerd op je eigen samengestelde boekenplank. Het enige nadeel is dat de boeken niet te transporteren zijn naar mijn eigen reader. Maar ach, ik kan niet alles hebben he?! Voor nu kan ik weer helemaal los!

Calm after the storm…

Er is heel wat water gevallen en er heerste even flink wat chaos buiten. Een dreigende donder en felle bliksemschichten maakten het af. Maar de echo van het noodweer sterft in de verte. De dakgoot pruttelt nog wat na. Wanneer ook daar al het water uit verdwenen is heerst er een oorverdovende stilte. Geen regen, geen wind maar ook geen gefluit van de vogels. Zelfs het geluid van de snelweg, die altijd wel ergens op de achtergrond aanwezig is, blijft uit. Alsof iedereen zijn adem inhoud, bang om geluid te maken en daarmee de toorn van Thor over zich af te roepen. Met mijn lichaam binnenshuis, want koud, maar mijn hoofd buitenshuis, want lekker fris, sta ik te genieten van dit zeldzame stille moment halverwege de avond. 

De storm heeft alles weggevaagd. Nee, schoongeveegd! Want dat past beter bij nu en bij hoe ik mij voel. De aura van drukte en bijbehorende emoties van een chaotische dag zijn weg. De stilte die heerst omhult mij met een zachtheid van teddy fleece. Het liefst zou ik nog even blijven staan. Gewoon opgaan in de rust van het niets. Maar ik moet toch echt naar bed. Ik maak gebruik van dit fijne moment. Laat de deur open staan om de frisse nachtlucht de kamer te vullen. Zelf duik ik onder de dekens.

Een tijdje terug kochten we ons nieuwe bed. Dat was nogal een zoektocht. Maar uiteindelijk zijn we goed geslaagd. Nog steeds ben ik heel blij met dit bed en vooral met het matras. Zodra ik lig is het net of ik direct naar dromenland gevoerd wordt. Niet iedere nacht natuurlijk. Maar vaker wel dan niet. De stilte van buiten met de heerlijke koele nachtlucht die mijn gezicht streelt doet daar nog een schepje bovenop. 

Mijn ademhaling wordt rustiger evenals mijn hartslag. Mijn hele lichaam ontspant en ik voel mij langzaam overgaan naar een andere staat van zijn. Zelfs mijn hersens registreren op dit moment niks. Ja, op de achtergrond draait het op volle toeren maar het is zo vriendelijk om dit moment niet te verstoren met allerlei dagelijks beslommeringen. Het gunt mij dit moment van totale ontspanning en zorgeloos in slaapvallen.  

Het stomme is dat het aanvoelt alsof ik klaarwakker ben. Ik registreer namelijk alles en ik gok zelfs dat het moment van wakker zijn naar het daadwerkelijk in slaapvallen maar enkele seconden duurt. Toch voelt het alsof ik uren in deze meditatieve staat verkeer. Wanneer ik midden in de nacht even wakker wordt merk ik dat de deur dicht is en vriendlief inmiddels ook slaapt. Daar heb ik helemaal niks van meegekregen. Totaal van de wereld. 

Nog steeds lig ik zalig te liggen, half in de bewuste wereld en half in dromenland. Op mijn overheerlijke matras en dat alles met 0 hersenactiviteit. Er heel lang bij “stil staan” lukt niet want voor ik het weet slaap ik alweer. De volgende ochtend word ik zelfs al voor mijn wekker afgaat wakker. Ik voel mij uitgerust en ben klaar voor een nieuwe dag chaos en herrie op de werkvloer.

Tranquilo…

Langzaam kom ik weer bij mijn positieven. Wat mij als eerste opvalt is de kramp in mijn nek. Daarna mijn slapende arm. Niet alleen mijn arm slaapt. Ik ben zelf ook gewoon in slaap gevallen. In één van de bedjes langs de rand van het zwembad. Maar dan wel in een hele rare houding. Voor ik in slaap ben gevallen had ik nog wel de tijd van geest om mijn zonnebril veilig te stellen. Mijn boek ligt half onder mij en heeft een fantastische afdruk in mijn buik achter gelaten. Ik draai mij op mijn rug en geniet van de verkoelende bries die over zee wordt aangevoerd. Het lukt mij nog niet om mij volledig onder het land der levenden te begeven. Ik lig zo lekker dat ik nog even mijn ogen sluit.

Met gesloten ogen hoor ik mijn twee tantes ergens bij de bar. “Wat was het nummer nu?? Joehoe niet zo snel!! Ik verstond je niet. Wat? 81?? He wat jammer die staat niet op mijn kaartje.” Het entertainment team, dat bestaat uit studenten uit Holland die stage lopen, is bezig een aantal vakantiegangers aan t-shirts en wijn te helpen. Maar daarvoor moeten er eerst wat activiteiten ondernomen worden. Vandaag staat bingo op het programma. Mijn tantes worden al na drie dagen gekscherend the Dutchies genoemd. Een bijnaam die ze de rest van de vakantie en waarschijnlijk ver erna zullen moeten aanhoren.  

Met één oog scan ik de omgeving. Vriendlief zit aan de bar een overheerlijke cappuccino met een berg slagroom weg te werken. Oom is het water in gedoken voor wat afkoeling en de ander ligt ook op één oor.  Deze vakantie wordt gekenmerkt door lange dagen van luiheid. Onbekommerd lummelen bij het zwembad of op het strand. Zelfs tijdens het eten doen we het rustig aan. We nemen letterlijk de tijd voor alles en doen alles op ons gemak. Daar is het natuurlijk niet voor niets vakantie voor. 

Omdat iedereen om mij heen zich in deze relaxte modus bevind lukt het mij ook om er aan toe te geven. En dat is nieuw. Meestal heb ik te veel energie om zo lang niks te kunnen doen. Ik wil dingen zien en ondernemen. Maar nu heb ik er gewoonweg de puf niet voor. Ik word ouder of ik ben er gewoon echt aan toe, aan het even niks doen en niks hoeven. Ik vind het heerlijk om mij aan de warmte van de zon te laven. Zodra ik opwarm voel ik mij helemaal senang. Iedere vezel in mijn lijf kan zich ontspannen en ik probeer dit gevoel zo lang mogelijk vast te houden. 

Het klimaat is nu overigens ook niet heel uitnodigend om actief iets te ondernemen. Hoewel… We zijn naar de markt geweest. Zijn meerdere keren wezen shoppen. We hebben ons rot gesmeerd met zonnebrand en aftersun. Hebben gezwommen. Veel rond gelopen in het restaurant om al het lekkers te proeven. En daarna nog een keer bij het ijs en toetjes buffet. Wandelingen naar het strand gemaakt en weer terug uiteraard. Gejankt van het lachen. Naar de bar gelopen voor overheerlijke Pina Colada’s en Ronmiels. Heel veel gelezen, gelachen en gepraat. We hebben dus best wel iets gedaan. 

Dit was een heerlijke zonovergoten vakantie in goed gezelschap met lekker eten en drinken! Ik heb mij fantastisch vermaakt, ben bijgetankt en weer helemaal opgeladen voor de komende maanden.

💞

Heerlijk toeristisch…

Er is een markt in het dorpje verderop. En het leuke is dat we er met de boot naar toe kunnen. Dat het halve eiland dit ook bedacht heeft was even niet in mij opgekomen, want het is extreem druk in de haven. Dat een bezoek aan het marktje überhaupt bij mij is opgekomen is al bijzonder want winkelen is nu eenmaal niet mijn favoriete bezigheid. Laat staan tijdens mijn vakantie. Maar met zijn allen is het een leuke onderneming en in de haven zijn genoeg eet- en drink gelegenheden om de dag af te sluiten. 

Het is lekker om, al is het maar even, op het water te vertoeven want het zonnetje begint in rap tempo aan warmte toe te nemen. Het zeebriesje is extra aangenaam. De boottrip zal niet langer dan een kwartiertje geduurd hebben. De voorgaande rondvaartboot heeft net een lading toeristen uitgebraakt en wij zijn de volgende. Al snel verspreid de mensenmassa zich over de omringende straatjes, de markt of het strand. Zo ook wij. 

We bevinden ons in Puerto de Mogan, of te wel: haven van Mogan. Het is een voormalig vissersdorp van het eiland. Omdat het is doortrokken met kanalen en voorzien van bruggetjes wordt het ook wel het klein Venetië van Gran Canaria genoemd. Het water in de haven is zo helder dat je tot op de bodem kunt kijken. Ook de kleurenpracht van diverse vissen is hier goed te zien. De smalle straatjes met wit gepleisterde huisjes en de prachtige in bloei staande bloemen en planten maken het beeld helemaal af. Als je door het weer niet in zomerse sferen komt dan gebeurt het wel met een wandeling door deze straten.

In dit deel van het dorp vind je ook geen massa’s aan betonnen hotels. De bouw heeft hier namelijk wat strengere eisen en heeft als regel dat een gebouw niet meer dan twee verdiepingen mag tellen. Dit stukje doet bijna romantisch aan. Ik zeg bijna, want je moet wel de overige vakantiegangers ff wegdenken. 

Met het zweet op mijn rug kuier ik achter de tantes aan die het voorzien hebben op de aller eerste marktkraam die zichtbaar is. Daar begint het ge-emmer. De verkoper duwt mij een jurkje in handen en gilt special-price-only-for-you. Ja, leuk!! Hoe meer ik weiger hoe meer geld er van de special price afgaat. Afdingen is dus nog steeds een “hot item” hier. Niet ik, maar tante besluit het jurkje uiteindelijk te kopen. 

Als ik denk dat we verder kunnen verdwijnen ze in het volgende kraampje. Dit gaat nog wel even duren ben ik bang. Ik laat de kledingkramen voor wat ze zijn en sluit mij aan bij de heren. We kuieren op gepast tempo, want WARM, over de markt. Hier en daar werp ik blikken in kraampjes. Niet te opvallend want voor je het weet krijg je weer een special-price-item in je handen gedrukt. We mogen wat rum proeven, dat dan wel weer en bekijken de mooie handwerkjes. Lekker toeristisch dus.

De markt eindigt aan het einde van de haven. Daar draaien we om en bezoeken we, via de andere kleine straatjes het plein met de terrasjes voor een kleine versnapering. Rond een uurtje of drie brengt de boot ons terug naar de haven Puerto Rico, onze thuisbasis voor deze week. Waar we mooi nog even kunnen aansluiten voor een bakje cappuccino en een stuk “tarta del dia”.