Boors boekenweek… #4

Ik was uit mijn ritme en had heel andere dingen aan mijn hoofd. Het lukte mij gewoon niet. Lezen vermoeide mij in plaats dat het ontspanning bracht. Hoe spannend het verhaal ook was. Het komt het verhaal niet ten goede wanneer je door concentratieproblemen het boek steeds moet wegleggen of pas na een week weer verder gaat met lezen. De spanningsboog die door de schrijver zo subtiel wordt opgebouwd wordt hierdoor te niet gedaan. En dat is zonde. Maar gelukkig duurde deze periode niet lang. Ik las de afgelopen weken een drietal boeken van drie verschillende schrijvers. Ik deel graag mijn mening met jullie.

Jussi Adler-Olsen, De Grenzeloze;
Dit is het zesde en tot nu toe laatste deel van de Q-serie, waarin het oplossen van oude (Zweedse)politiezaken centraal staat. Het boek bestaat uit twee verhaallijnen die in eerste instantie niks met elkaar te maken hebben en die pas ver over de helft samen komen. Ik vond het te langdradig. Sterker nog, ik vond dit het slechtste deel van de hele serie. Er zit niet genoeg spanning in waardoor ik soms moeite had om door te lezen. Maar ik wilde weten wie de moord begaan had en waarom. Het verhaal kreeg wel steeds een andere wending waardoor ik pas aan het einde van het verhaal wist hoe het zat.

De relatie tussen de hoofdpersonen groeit met ieder boek dat verschijnt. Dat is dan wel weer erg leuk. Ik hoop dat deel zeven wat meer pit bevat en iets meer over de geschiedenis van Assad en Rose vrijgeeft. De personages waar ik toch wel erg nieuwsgierig naar geworden ben. Ondanks dat er aardig wat humor in verwerkt zat voldeed dit boek helaas niet aan mijn verwachting. Ik heb hem dan ook plichtmatig uitgelezen.

Karin Slaughter, Mooie meisjes.
Karin is één van mijn favoriete schrijfsters. Dit was het eerste boek dat ik gelezen heb die niet behoort tot de Grant County reeks met Sara Linton in de hoofdrol. Ik wist niet wat ik er van moest verwachten. De levensverhalen van drie hoofdpersonen worden los van elkaar verteld en pas later in het boek verstrengelen deze zich tot één pijnlijke geschiedenis. Daarom duurde het even voor ik in het verhaal zat. Maar toen ik er eenmaal inzat kon ik het boek niet meer wegleggen. Het is zo spannend geschreven dat ik de spanning in mijn eigen lijf kon voelen. Het bevat aardig wat gruwelijke- en sadistische details die ik eerder bij een schrijfster als Tess Gerritsen zou verwachten. Het einde van het verhaal vind ik typisch Amerikaans met een “happy end” terwijl deze voor mijn gevoel helemaal niet zo “happy” was. Slaughter heeft mij positief verrast met dit boek en ik ben zeker niet teleurgesteld. Het verhaal leest vlot weg en is lekker spannend. Dus dat minpuntje is haar vergeven.

Jodi Picoult, het verdwenen meisje.
Picoult is een kei in het uitdiepen van gevoelige onderwerpen en in ieder boek weet ze een sfeer neer te zetten waarin je letterlijk ondergedompeld wordt. Ze sleurt je mee in een emotionele achtbaan van ethische dilemma’s en wanneer je het eindstation bereikt hebt hoop je nooit zo iets zelf mee te hoeven maken.

Het verdwenen meisje is zo’n verhaal. Het verhaal greep mij aan. Zeker de stukken met betrekking tot de alcoholverslaafde ouder waren voor mij erg confronterend en helaas herkenbaar. Het verhaal wordt door alle personages belicht waardoor er aardig wat diepgang in het geheel zit. Dat heeft tevens een keerzijde want de vaart wordt zo wel uit het verhaal gehaald. Het boek heeft spannende fragmenten. Ondanks dat het confronterend was vond ik het heerlijk om weer eens mee gesleept te worden door Picoult. Hoewel dit geen pareltje was, ze heeft betere/mooiere boeken geschreven, heeft ze mij tot de laatste bladzijde geboeid.

 ** Klik op de cover van het boek voor een samenvatting van het verhaal.

Vergeef mij, dat ik je achterlaat…

De regen komt met bakken uit de hemel. Het is donker en somber buiten. Zodra ik mijn auto voor de deur van het afgesproken adres geparkeerd heb, blijf ik nog even zitten. Het is een trieste dag en ik moet iets gaan doen waar ik als een berg tegenop zie. Ik haal een paar keer diep adem en stap uit. Ik hoef gelukkig niet lang te wachten voor de deur open gaat. De eerste voorstelronde vind plaats in de gang. Als ik achter de man des huizes aanloop word ik in de woonkamer begroet door een schaterlachende peuter. Aan tafel zit haar moeder met de kleine meid op schoot. Zodra onze blikken elkaar treffen kijk ik in een paar prachtig helderblauwe ogen. Ze zet het meisje op de grond en geeft mij een trillende hand.

Haar man vertrekt naar de keuken om koffie voor ons te zetten terwijl wij alle tweeliefde, moeder en dochter, achterlaten, plaats nemen aan de grote tafel. De woonkamer ligt bezaait met speelgoed, duploblokken en knuffelbeesten. Deze jonge dame komt wat dat betreft niets te kort. Toch trekt mijn maag samen. Ik krijg een brok in mijn keel en voel een pijnlijke steek. Het leven is soms zo oneerlijk. Zonder dat iemand hier iets aan kan doen, gaat het belangrijkste in haar prille leventje haar binnenkort ontnomen worden. Haar moeder.

Alsof ze mijn gedachte kan lezen begint ze te vertellen. Over de diagnose die gesteld is net na de geboorte van haar dochtertje. De slopende ziekte, het verloop hiervan en wat nu nog rest. Ondertussen staat de dampende koffie op tafel inclusief wat lekkers. Maar ik krijg geen hap door mijn keel. Haar ogen beginnen te stralen zodra ze over haar dochtertje begint te praten. Ze is haar lust en, zolang het nog duurt, haar leven. De reden waarom ik gekomen ben is niet alleen een kennismaking met de familie. Maar ook om te kijken of ik iets voor hen kan betekenen op de uitvaart van deze vrouw.

Haar man pakt een dik boek uit de kast en legt het voor mij neer. Het is hun trouwalbum met prachtige sfeervolle foto’s. De foto’s die gemaakt moeten worden op de uitvaart moeten dezelfde stijl en sfeer hebben als hun trouwfoto’s. Ik heb de vraag nog niet gesteld of de man geeft al antwoord. De trouwfotograaf heeft nooit eerder een uitvaart gefotografeerd en had hun een rouwfotograaf aangeraden. De vrouw begint weer te vertellen. “Als ik er straks niet meer ben, wil ik dat mijn dochter een naslag werk heeft. Een trouwboek en een rouwboek. Voor later, zodat ze kan zien hoe het was.” Ze zucht. “Haar vierde verjaardag zal ik naar alle waarschijnlijkheid niet meer mee gaan maken.” Haar man pakt boven tafel haar hand en knijpt er zachtjes in. Even zijn we allemaal stil.

Ik ben ontroerd door haar verhaal. Ze kijkt letterlijk de dood in ogen en toch kan ze zo krachtig vertellen. Want dat heeft ze gelukkig nog, haar kracht en haar wil om te genieten van de tijd die rest. Het moet een verschrikkelijke gedachte zijn om te weten dat ze er straks niet meer is terwijl haar kindje haar zo hard nodig heeft. Bij het afscheid kijk ik haar nog eenmaal aan. Haar helder blauwe ogen zal ik bij onze volgende ontmoeting niet meer zien…

Dit blog verscheen eerder op: Familieberichten.

Geschiedenis komt tot leven…

In de week dat mijn vader overleed, begon mijn tante verhalen over vroeger te vertellen. Het ophalen van herinneringen deed iedereen goed. Ik moest bij sommige verhalen heel hard lachen. Andere verhalen brachten mij tot tranen. Ik had ze nog nooit gehoord en heb ademloos naar haar geluisterd. Haar herinneringen waren zo gedetailleerd. Ze wist namen, plaatsen, datums en zelfs tijden op te noemen van gebeurtenissen uit lang vervlogen tijden.

Toen de uitvaart achter de rug was en wij weer in iets rustiger vaarwater beland waren kwamen mijn tante ik nog eens voorzichtig op deze mooie herinneren terug. We liepen namelijk met hetzelfde idee rond, maar wisten niet zo goed hoe we dit in het vat moesten gieten. Tot we er gewoon een middag voor zijn gaan zitten. Mijn tante begon te vertellen vanaf haar familiewapen Hamar aller eerste herinnering. De periode dat ze samen met haar ouders (mijn opa en oma) in Indonesië woonden. De geboorte van haar eerste broertje (mijn vader) en de reis naar Nederland. Ze vertelde ook over het leven in het pension en de geboortes van broers en zussen. Ik zoog alle verhalen op als een spons en werkte dit later uit tot een lopend verhaal. In de tussentijd kreeg ik van mijn oom een foto met daarop ons familiewapen. Die blijken wij namelijk ook te hebben.

Maar toen overleed mijn moeder. Hierdoor had ik niet veel energie meer voor dit project. Ik plaatste de uitwerking van ons idee tijdelijk in de kast. Daar bleef het tot mijn oom, de jongste broer van mijn tante, kort geleden kwam te overlijden. Alle herinneringen en heel veel meer, kwamen naar boven. Niet alleen bij mijn tante maar ook bij haar broers en zussen. Wederom hoorde ik verhalen die ik nog nooit had gehoord. Wat zou dat prachtig zijn om deze verhalen ook op te nemen in het “herinneringen boek” van mijn familie.

Mijn tante en ik besloten er weer voor te gaan zitten. Als oudste van het gezin heeft ze de periode rond de bevalling van al haar broertjes en zusjes meegemaakt. Dat staat inmiddels, naast de reis uit Indonesië naar Nederland, ook op papier. Nu zijn we bezig met het wel en wee van vroeger. Het werk van mijn opa en oma. Het huis en de indeling van de kamers. Want waar laat je negen kinderen? En hoe zat het met huisdieren? School? Vriendjes en vriendinnetjes? Gingen ze naar de kerk? Hoe organiseerde opa en oma dat in hemelsnaam?

Mijn tante toverde een oud fotoboek uit de kast. Voor het eerst zag ik daar mijn overgroot ouders. Samen poserend in misschien wel hun achtertuin. Die foto raakte mij. Ik stam van deze mensen af maar ik heb ze nooit gekend. Ik zag de jonge versie van mijn opa en oma, hun trouwfoto’s en feestjes met (onbekende) familieleden en vrienden. Babyfoto’s van mijn vader en schoolfoto’s van ooms en tantes.

We hebben nog wat avondjes te gaan voor alles goed en wel op papier staat. Ook wil ik nog heel graag wat gesprekken met andere ooms en tantes inplannen. Hoe kijken ze terug op hun jeugd en wat zijn hun vroegste herinneringen? En wat dacht je van het uitpluizen van de fotoalbums? Het is een project waar aardig wat tijd in gaat zitten, maar wat erg leuk is om te doen! De geschiedenis komt weer een beetje tot leven. Niet alleen voor mijn ooms en tantes maar zeker ook voor de tweede en derde generatie. Zelf voel ik een verbondenheid met mensen die ik niet gekend heb en loopt er een onzichtbaar draadje naar een land waar ik nog nooit geweest ben.

Foto Hamar, familie Hamar, opa en oma

Clash of Clans…

“Kijk, ik val aan met mijn draak en ik ben aan het winnen.” “Mooi hoor!” Roep ik quasi nonchalant tijdens het voorbijlopen. “Hier, kijk dan?! Je kijkt niet eens!” Roept zoonlief terwijl hij met gevaar voor eigen Ipad het ding nog iets hoger in de lucht houdt zodat ik er niet omheen kan. Ik zie een tekenfilmachtige setting waar verschillende poppetjes heen en weer rennen en draken luchtballonnen kapot maken, of iets wat daar voor door moet gaan. Op dat moment maakte ik de grootste Ipad-fout van mijn leven door te vragen wat ie nu precies aan het doen was. Ik kreeg niet direct antwoord. Maar op slinkse wijze werd mijn Ipad mij ontfutseld en voor ik het wist blonk het icoontje van Clash of Clans ook op mijn beeldscherm.

Nu, een maand of twee later, volg ik de tovenaars op de voet en stuur mijn barbaren en boogschutters aan. Van zoonlief heb ik nog een aantal varkensruiters gekregen, daarmee moest ik de slag wel kunnen winnen. Het doel: de digitale wereld veroveren met toverspreuken, draken, luchtballonnen en P.E.C.C.A’.S (what’s in a name…) en dat met onze eigen “clan”. Ja ja, want die heeft zoonlief aangemaakt toen hij besloot mij eveneens verslaafd te maken aan één of ander spelletje. Onze clan wordt niet alleen bemand met beginnende puistenkoppen. Ook een aantal ouders dragen hun digitale steentje bij…

Maar voor het zover was moest ik eerst een dorp hebben. Zonder dorp geen clan. Zonder Clan geen Clash. Met de vingervlugheid van zoonlief werd die van mij in no-time opgezet, want ik begreep dat natuurlijk weer niet. Nu kon ik beginnen met het upgraden van alle onderdelen. Stadhuis, muren, verdedigingswerken, legerbasis maar ook de goudmijnen en de elixerpompen. Met deze laatste twee kun je weer troepen trainen en uiteindelijk dus je dorp upgraden.

Zoonlief kon ik natuurlijk niet steeds lastigvallen. Ik bedoel, zelfredzaamheid hebben wij hoog in het vaandel staan. Dus raadpleegde ik het internet en Youtube. Er ging een wereld voor mij open. Nu snap ik al die uren die hij youtubbend heeft doorgebracht. Indelingen van dorpen, aanvalstactieken en technieken en andere tips vond ik daar terug. Ik neusde net zolang tot ik een indeling vond die mij aansprak. Na een uur pielenmuizen en slepen met muurtjes en kanonnen was ik het zat. Ik had vierkante ogen en barstende koppijn. Zoonlief stond mij al even gade te slaan en kwam niet meer bij van het lachen. Hij besloot in te grijpen en binnen vijf minuten was mijn dorp aangepast.

De weekenden die volgden zaten zoonlief en ik gebroederlijk op de bank met onze Ipads naast elkaar. We vergeleken onze clanaanvallen, deelden troepen en verzonnen nieuwe aanvalstactieken. Vriendlief was er een beetje klaar mee en zei dat we er nu wel mee mochten ophouden. Hierop volgden een sneer van Zoonlief. “Ze is heel goed hoor pap!! Ze valt aan, verdedigt en wint. Ik heb haar nodig in mijn “clan”!” Er volgden nog wat verontwaardigde blikken van de één naar de ander. Ik hield wijselijk mijn mond en moest hard op mijn tanden bijten om niet in een gigantische lachbui uit te barsten. “Sorry pap, deze slag heb je verloren. Maar ik speel nog even door. Ik hoorde namelijk zojuist dat ik hier goed in ben.” 😛

Ons water…

Begin van de maand vroeg mijn oom om eens te kijken bij zijn laatste foto’s op facebook. En als ik dan toch een blik had geworpen… Of ik dan ook de moeite wilde nemen om ze te liken. Want hij deed mee aan een fotowedstrijd. Ik bezocht de pagina waar hij ze had geplaatst. Deze was door de gemeente Zwijndrecht gelanceerd in het kader van “Ons water”. Met dit thema wil de overheid Nederlanders bewust maken van het feit dat schoon, veilig en voldoende water niet altijd zo vanzelfsprekend is. Er zal meer geïnvesteerd moeten worden om te kunnen blijven genieten van ons water. Maar ook om ons te beschermen tegen water van buiten af door middel van duinen en dijken. Deze (grote) projecten zijn nooit af.

Het onderwerp van de wedstrijd was dan ook: “Ons water, Zwijndrecht…” Inwoners van Zwijndrecht en Heerjansdam mochten hun waterfoto’s, in de ruimste zin van het woord, plaatsen. De drie foto’s met de meeste likes zouden winnen. Precies een jaar geleden had ik ook een aantal mooie foto’s gemaakt van de zonsopkomst in Heerjansdam. Met daarop  het water de Devel. Waar ik overigens dit blog over schreef: Een nieuwe dag…  Ik besloot ook een gokje te wagen en plaatste mijn foto, nadat ik de foto’s van mijn oom van een like had voorzien.

Vijf dagen nadat ik mijn foto had geplaatst verscheen de uitslag op de facebookpagina. Mijn foto zat bij de eerste drie met de meeste likes. De wethouder zou de zaterdag daarop de winnaars in het zonnetje zetten. Helaas was ik verhinderd. Maar dat was geen punt voor de Gemeente Zwijndrecht. Ze kwam gewoon naar mij. En dus ontving ik een paar dagen later alsnog een pakketje met daarin leuke hebbedingetjes zoals een paraplu, dopper, koffiebeker en een cadeaukaart van de Hema. De volgende dag stonden de drie foto’s ook nog eens met naam en toenaam in de krant.

Sorry oom B. Het was niet mijn bedoeling om er met de prijs vandoor te gaan.
Kan ik het goed maken met een BBQ? (bij ons uiteraard…) 😉

zonsopkomst, ons water, de Devel, Zwijndrecht

The Circle of Life…

Al geruime tijd staar ik naar een blanco pagina. Ik weet niet waar ik moet beginnen. Flarden van tekst schieten mij te binnen. Maar zodra ik mijn handen over het toetsenbord laat gaan ben ik ze alweer kwijt. Nog niet het kleinste atoom van een idee word gevormd. Irritant!! Een viertal blogjes staan onafgemaakt op mijn bureaublad en een lijstje met onderwerpen vind ik terug in mijn notitieboekjes. Wat ik ook doe… De inspiratie blijft weg. En dat vind ik erg jammer. Want ik wil nog over zoveel onderwerpen bloggen. Er zijn momenten dat ik er alleen tijd voor hoef te maken. Een vel papier voor mijn neus en schrijven maar. De ene na de andere zin komt dan vanzelf. Voor ik het weet heb ik een blog af. Heerlijk wanneer ik in zo’n flow zit.

De flow van het lezen heb ik daarentegen dubbel en dwars te pakken. Mijn boekenplank is op dit moment aardig gevuld en ik kan niet wachten om al die verhalen te gaan ontdekken. Even ontsnappen aan de werkelijkheid. Mijn eigen verdriet en emoties loslaten en mij verdiepen in een compleet andere wereld die niet van mij is. Het niet zelf ondergaan maar toekijken vanaf de zijlijn.

Dat zal er ook wel mee te maken hebben dat het schrijven niet echt wil vlotten. Emotioneel zaten we wederom in een achtbaan. Een kort ritje dit keer. Maar wel een ritje die diepe wonden nog even voorzichtig openrijt. Je er haarfijn aan herinnert dat het leven niet eeuwig is. Niet voor jou. Niet voor mij. Ook deze nieuwe wond heeft tijd nodig om te helen. Om dicht te groeien. En wanneer deze nieuwe pijn straks alleen nog op de achtergrond aanwezig is, is er ruimte om herinneringen levend te houden. Het zal nog even duren voor het zover is. Uit ervaring weet ik inmiddels dat deze tijd ooit komt.

Voor nu noem ik het maar even The Circle of Life

Tot ooit…

Vanaf je geboorte wandelt hij onzichtbaar met je mee. Hij slaat toe wanneer het hem uitkomt. Hier en daar. Bij jou, bij mij. Hij kent geen genade. Smeekbedes worden niet gehoord. Bij de een kondigt hij zichzelf aan. Voor de ander is hij er totaal onverwachts. Vroeg of laat. Jij en ik, we komen er niet onderuit. De dood maakt voor niemand een uitzondering.

Afgelopen week kwam hij weer, geheel onverwachts, bij mijn familie binnen vallen. Dit keer voor mijn oom. Zijn werkplek leek hem de juiste plaats om toe te slaan.
BAM. Uit het niets…
Hij liep binnen zonder te kloppen en nam hem mee zonder een groet.
Geen afscheid en vaarwel.
Geen knuffel en een zoen.

Lieve Ray
Met slechts 47 levensjaren is jouw reis veel te vroeg begonnen
Wij gaan je vreselijk missen
Tot ooit…

Afscheid, de weg, hemel, dood

De Liebster Award…

Hij gaat al enige tijd rond op het www. Het is een lijst van in totaal 11 vragen, verzonnen om het gezicht achter een (beginnend) blog beter te leren kennen. Afgelopen week ben ik genomineerd door: Desire, waarvoor dank!! De bedoeling is haar vragen te beantwoorden en daarna zelf 11 nieuwe vragen te verzinnen. Vervolgens een aantal andere bloggers taggen die op hun beurt het stokje overnemen.  Wees gerust, dat laatste stuk sla ik over. Ik ga geen nieuwe vragen verzinnen en ga ook niemand anders taggen 😉

  1. Als je een beroemdheid was, wie zou je dan willen zijn?
    Een beroemdheid zou ik niet willen zijn. Al die aandacht lijkt mij vreselijk. Alles wat je doet wordt nauwlettend in de gaten gehouden. Wel zou ik eens een dag met een van mijn huisdieren willen ruilen. Het lijkt mij heel bijzonder om te kunnen vliegen, te slapen bovenop de verwarming, of door het weiland te crossen.
  1. Welke muziek heb jij meestal aan als je een (b)logje aan het schrijven bent?
    Ik heb geen muziek aan als ik aan het bloggen ben. Meestal kan ik het niet laten om mee te zingen. Dat werkt niet voor mij.
  1. Kreeg je één minuut om te shoppen in de supermarkt, waar zou je het eerst naar toe rennen?
    Tja, ik denk dat ik deze beurt aan vriendlief overdraag. Hij doet meestal de boodschappen. Ik heb waarschijnlijk al een minuut nodig om het juiste gangpad te vinden. Als ik in die minuut tijd het gangpad gevonden zou hebben, dan zou ik mijn karretje volladen met koffie en wasmiddel.
  1. Koffie of thee?
    De laatste tijd ben ik meer van de koffie.
  1. Hoe zou het ideale huwelijksaanzoek eruitzien?
    Niet te formeel. Dus geen gezemel op één knie in een romantische setting. Nee, niks voor mij. Eenmaal gevraagd, dan samen een mooie reis boeken naar een ver exotisch oord om elkaar daar het ja-woord te geven.
  1. Wat is je favoriete dag van de week?
    Eigenlijk heb ik iedere dag wel wat leuks te doen. Ik heb ook geen probleem met de maandagochtend. Als ik dan toch zou moeten kiezen, dan voel ik mij het meest ongedwongen op vrijdagmiddag rond een uurtje of 16.00. Dan heb ik er vijf dagen werken opzitten en hoef ik even een paar uur helemaal “niks” te doen. Uiteraard staat het weekend voor de deur waarbij ik ’s morgens niet gewekt wordt door een wekker.
  1. Als er dit jaar één ding gebeurd is, dat héél speciaal voor je is, wat zou dat dan zijn?
    Een telefoonverbinding met de hemel… Ik zou zo graag weer eens willen praten met mijn vader en mijn moeder. Maar ook met mijn opa’s en mijn oma’s. Ik heb ze nog zoveel te vragen en inmiddels nog meer te vertellen. Hoewel ik weet dat ze over mijn schouder meekijken lijkt het mij heerlijk om al hun stemmen weer eens te horen.
  1. Favoriete film?
    Er zijn meerdere films die ik goed vind en daar zit niet zozeer een favoriete film tussen. Er moet in ieder geval genoeg actie inzitten en flink wat spanning ook.
  1. Huil je snel tijdens films?
    Ik jank al als ze op het weerbericht vertellen dat het gaat regenen 😉
  1. Waar kan je je ongelooflijk aan irriteren?
    Aan televisieprogramma’s van tegenwoordig. Het lijkt wel of het volk alleen nog maar op een domme manier vermaakt kan worden. Een van de redenen waarom ik de tv bijna niet meer aan heb staan. Verder irriteer ik mij mateloos aan mensen die altijd te laat komen en die hun verantwoordelijkheid, op wat voor manier dan ook, niet willen nemen.
  1. Waar ben je bang voor?
    Dat de mensen die mij dierbaar zijn mij zullen ontvallen.

Count Your Blessings #3…

Met een grote papierstapel op schoot en een kop koffie voor mijn neus ben ik bezig de administratie te scheiden van de reclamefolders die in de loop van de week één grote stapel geworden is. Mijn oog valt op de kennismakingsfolders met een klassenfoto van zoonlief. De foto is gemaakt nog voor de zomervakantie goed en wel begonnen was, na de kennismaking met zijn nieuwe klas en mentor. De kinderen staan er wat onwennig bij. De haantjes pik ik er nu al uit. Evenals de modepopjes. Ergens tussen deze mix van brugpiepers staat zoonlief. Ik kijk nog eens goed naar de foto en ben enigszins verbaasd. Ik draai mijn hoofd naar zoonlief die een stukje verder op de bank “hangt”. Ik werp nog een blik op de foto en dan weer naar hem. Zoonlief kijkt mij met een opgetrokken wenkbrauw aan. Ik beantwoord zijn vragende blik eveneens op een zwijgende manier en werp hem een glimlach toe.

Oh mijn god. We zijn nog geen drie maanden verder. Maar wat is hij veranderd!! Op de foto staat een jochie uit groep 8 in zijn voetbaltenuetje met een ietwat verlegen lachje. Naast mij zit die zelfde jongen. Nu is hij een beginnende puber. Die zich druk maakt over zijn kapsel en sinds kort ook zijn kleding. Tot aan zijn sokken aan toe! Groter, brutaler, ietwat gespierder en wijzer. Ik slik de brok in mijn keel weg. Kleine kindjes worden groot. Met mijn vinger raak ik de foto aan. Alsof ik daarmee het verleden terug kan halen. Ik werp hem voorzichtig een blik toe. Hij merkt niet dat ik naar hem kijk, zo verzonken is hij in zijn spelletje op de Ipad. Waar blijft toch de tijd? Hij lijkt in zijn geheel wel een sprong naar volwassenheid te hebben gemaakt. Nu al!! Hij wordt zo snel, al zo groot.

Wat zit je nu naar mij te kijken!? Vraagt zoonlief een beetje kregel. Ik was diep verzonken in mijn melodramatische gemijmer over het verleden en het heden, dat ik mijn gestaar niet door had. Ik ben daarom een beetje van mijn stuk gebracht door zijn resolute vraag. Ik besluit mijn dagdroom te stoppen bij het feit dat iedere leeftijd zijn charmes heeft. Mijn blik rust nog steeds op hem. Maar hij heeft zijn ogen alweer afgewend en is nog steeds druk bezig met zijn spelletje. Ik zeg hem dat ik mij verwonder over zijn groeispurt. Zowel lichamelijk als geestelijk. Dat hij alleen maar knapper wordt en dat hij gewoon een heerlijk jong is. Zoonlief kijkt mij met een ontwapenende blik aan. Met zijn grote ogen en lange wimpers. Die blik had hij als kleuter al en daar zullen wel wat meisjes voor gaan vallen. Dan wordt zijn gezichtsuitdrukking harder. Hij voelt zich in verlegenheid gebracht en zegt dat het zo wel weer genoeg is. Dat je knap bent is leuk om te horen van je vriendinnetje. Maar niet van je moeder.

Ik moet lachen. Complimentjes in ontvangst nemen is niet zijn sterkste kant. Nog zo iets moois aan hem. Zijn bescheidenheid. Gelukkig voelt hij zich nog niet te “groot” voor een knuffel en een zoen. Die ik dan ook iedere keer met liefde in ontvangst neem. Ik voel mij bevoorrecht met zo’n knappe lieve zoon!!

Dat mag gevierd worden…

Ik heb nog geen twee passen in de tuin gezet of de voordeur gaat al open. Een gezellige bedrijvigheid komt mij tegemoet zodra ik het huis binnen stap. Ik hoor gelach, geroezemoes en een hoop kinderstemmetjes binnen in huis. Hier had ik mij niet op voorbereid. Het lijkt eerder op een verjaardag dan op een condoleance. Ik maak kennis met de familie en word daarna naar de kamer gebracht waar de kinderstemmetjes vandaan komen. Daar moet ik mij een weg banen door een vijftal met helium gevulde ballonnen die de deur barricaderen. De uitvaartbegeleidster had mij al verteld dat dit een bijzondere familie was en ik mag dit nu aan den lijve ondervinden.

Onder het raam staat een witte kist. In de kist ligt Oma die geflankeerd wordt door een vijftal kleinkinderen met stiften in hun handen. De leeftijd varieert van 4 tot een jaar of 14. Vandaag mogen ze de kist van Oma voorzien van hun eigen boodschap. Een van de koters ziet mij en mijn camera en weet zichzelf even geen houding te geven. Zijn sproeterige gezicht straalt blijheid uit maar zijn ogen vullen zich al snel met tranen. Om het ijs te breken begin ik een gesprek met hem en ik vraag welke mooie boodschap hij mee wil geven aan Oma.

Dat werkt. Hij droogt zijn tranen en trekt mij mee naar de kist. Ik zak door mijn knieën en ben nu net zo groot als hij. Hij toont mij zijn tekening: een zon, een bloem en een vogel. Want waar Oma naar toe gaat schijnt altijd de zon, bloeien er altijd bloemen en leven de dieren vrij. Ook de andere kinderen willen laten zien wat ze voor moois voor Oma hebben gemaakt. Teksten, tekeningen, gedichtjes of een simpel zinnetje als: Ik mis u nu al. Als de kinderen eenmaal over hun verlegenheid heen zijn vertellen ze honderduit.

Vol belangstelling luister ik naar hun verhalen. Langzaam wordt mij duidelijk dat de vrouw in de kist niet zomaar een Oma is. Voor deze kinderen was ze een super Oma die voor ze klaar stond en waar altijd iedereen mocht blijven eten en slapen. Waar griezel- en verkleedpartijtjes gehouden werden. Ze hielp zelfs mee met boomhutten bouwen. De teksten en tekeningen op de kist raken mij. Hoe eenvoudig ook. Dit is hun manier van afscheid nemen. Van de familie heb ik toestemming om alles op de foto te zetten, toch vraag ik dit ook aan de kinderen. Ze hebben er geen moeite mee en wijzen mij trots hun geschreven teksten nogmaals aan.

Als alles op de foto staat loop ik naar de keuken waar ik ontvangen word door Opa. Hij vertelt hoe de uitvaart, die morgen plaats zal vinden, er uit gaat zien en wat hij verder nog op de foto wil hebben. Ik ben nog steeds onder de indruk van de gezellige sfeer in huis. Hij moet lachen en zegt: “Oma gaan we zeker missen! Maar de dood hoort bij het leven en dat mag gevierd worden!” Als ik even later het huis verlaat voel ik mij niet gelaten of verdrietig maar moet ik ook lachen. Als uitvaartfotograaf maak ik best heel bijzondere en verdrietige dingen mee. Deze familie heeft gelijk. Ondanks het verdriet en gemis hoort de dood wel bij het leven, en ook dat mag gevierd worden…

Dit blog verscheen eerder op: familieberichten.nl