Weet je wat ik zo fijn vond aan de laatste twee dagen van onze vakantie? Dat we die door konden brengen op het water. Met 25 graden en volop zon lag Merlin al op ons te wachten. Oom B. en tante V. hadden ook nog een dag vrij en gingen gezellig met ons mee. Afgeladen met hapjes en drankjes stapten we de eerste dag aan boord voor een tochtje door de Dordtse Biesbosch.
Hoewel het een (doordeweekse) vakantiedag was, was het opvallend rustig op het water. We kwamen wat kano’s en sloepjes tegen en dat was het. Zelfs de aanlegsteigers, die normaal met mooi weer helemaal vol liggen, waren dit keer leeg. Er waren blijkbaar al een hoop mensen met vakantie. Wij hadden in ieder geval het water voor ons alleen. Oom zat aan het roer en vriendlief was zijn tomtom. En de dames? Die vermaakten zich prima in de zon op het voordek.
We kwamen uiteindelijk aan bij ons favoriete stukje. Omringt door water, groen en afgesneden van de drukte van de stad. Het gefluit van de vogels klinkt hier veel luider en duidelijker. En als je geluk hebt hoor je woody woodpecker of een koekkoek. Geen andere boten of kano’s die de rust konden verstoren. De eerste keer dat Oom mee ging verliep de lunch iets minder soepel. Dus konden we het nu goedmaken. Het mag duidelijk zijn, we vermaakten ons prima die dag. En kwamen een stuk bruiner en veel later dan gepland weer in de haven terug.
De volgende dag was het iets minder zonnig. Maar zeker niet minder warm. Onze gasten voor die dag waren Nichtje A. en vriendin M. Nadat we Merlin vaarklaar hadden gemaakt kon de vaart beginnen. Dag twee stond in het teken van actie, dus moesten we het grote water op. In de Biesbosch mag je namelijk niet harder dan 6 kilometer per uur varen. Achter de Biesbosch ligt de Nieuwe Merwede. Hoewel dit gedeelte de “snelweg” voor de beroepsvaart naar grotere steden wordt genoemd, is er voldoende ruimte voor de recreant.
Ook nu gingen we eerst uitgebreid lunchen nadat we de boot in een baai voor anker hadden gelegd. Vervolgens werden de wetsuits, vesten en het wakeboard uit de kast gehaald. De dames hadden nog nooit geboard dus mocht ik voordoen hoe het moest. Maar zo’n goed voorbeeld was ik niet. Ik liet direct de handle los. De tweede start lukte wel. Dat gevoel, op het moment dat je op het water staat en je steeds meer controle over je board krijgt, geeft mij vleugels. Ik hoopte zo, dat ik ze kon laten delen in dit “red bull” gevoel. Maar helaas. Bij alle twee lukte het boarden niet en na verschillende pogingen zijn we er mee opgehouden.
Maar we waren nog niet klaar. De funtube werd opgepompt. En dat was verre van relaxed. Vanachter de boot kwam een hoop gegil, gelach en heel vaak: “OOH NEEEEE!!” Laat ik het zo zeggen, de mensen die stonden te wachten bij het pontje van Werkendam hadden iets om naar te kijken. De dag was voorbij voor we het wisten. Met heel wat pijn in mijn kaken van het lachen (en de opkomende spierpijn van het boarden) gingen we richting huis.
Buiten, op het water en relaxen in bijzijn van goed gezelschap doet ook mijn motortje opladen. Het vaarseizoen zal niet heel lang meer duren maar ik hoop echt dat we nog een hoop van dit soort gelukzalige momenten mogen gaan meemaken…

De eerste paar meter zwaaide ik nog naar de achterblijvers en sjeesde achter de rest aan. Na de tweede bocht ging het pad redelijk stijl naar beneden. Over kiezels, keien, blubber en een wildrooster. Als ik een kunstgebit zou hebben was ik hem hier zo ongeveer wel verloren. Ik had nog geen 200 meter afgelegd en was nu iedereen al kwijt. Het lichtgewicht helmpje dat ik op had gaf nu niet bepaald voldoende vertrouwen om de remmen los te laten. Ik besloot dit toch maar voorzichtig te doen, want in standje slak zou het wel heel lang duren voor ik beneden aan zou komen. Met mijn blik op de baan voor mij, want voor iets anders had ik geen tijd, scheurde ik steeds iets harder naar beneden.


Zoals het wandelen door de Griessbachklamm. Een kloof met een waterval. De weg voerde over bergweggetjes, hangbruggen en uitstekende vlonder-plateaus. En de klim naar de top van de Kitzbüheler horn. Een berg van 1996 meter hoog met een televisietoren op de top. Die wij overigens vanaf ons skigebied wel altijd zien maar waar we nooit bij konden komen. Ook gingen we met twee boten het gevecht aan tijdens het raften op één van de rivieren. Verder ondernamen we veel activiteiten met kleinere groepjes zoals het mountaincarten, bezoek aan de bierbrouwerij en de schnappsstokerij. Het zwembad, de dorpjes en stadjes in de omgeving en het kneippbad. In de avond kwamen we elkaar weer tegen in het restaurant.



Riep hij toen hij achter de boot dobberde. Ik gaf de tips die mij ooit waren gegeven maar die ik op de een of andere manier nooit correct kreeg uitgevoerd. Op zijn teken gaf Vriendlief gas. De lijn vloog de eerste twee keer uit zijn handen. De derde keer lukte het hem te gaan staan, te blijven staan en te boarden. Er kwam gejuich vanuit de boot. Een blij kind er achter en van trots zat ik bijna te janken. Al snel werden er wat bochten geprobeerd en heel voorzichtig een golfje meegepakt. Na de tweede start stond hij al een heel stuk relaxter op zijn board. Tijd om te wisselen.
Ik kon een schaterlach niet onderdrukken toen het mij lukte direct te gaan staan, te blijven staan en te boarden. Er kwam gejuich uit de boot en twee duimen omhoog van zoonlief. Van verbazing en ongeloof stond ik weer bijna te janken. In totaal maakte ik vijf starts waarvan er drie goed gingen. Net als Zoonlief probeerde ik wat te sturen, te hangen, versnellen en wat golfjes mee te pakken. Dit gaf pas een kick! Ik denk dat ik nu serieus kan zeggen: we hebben een nieuwe hobby in wording!!
