Vroeger, toen ik nog klein was en de zomervakantie voor mij uit minimaal zes weken bestond, bracht ik drie weken bij mijn vader door. We zijn nooit echt met vakantie geweest. Dat zat er niet in en op de één of andere manier heb ik dat vroeger ook nooit gemist. Terwijl vriendjes en vriendinnetjes naar campings in Frankrijk en Spanje gingen bleven wij thuis. Wij wisten niet beter. Mijn vader zorgde er wel voor dat wij ons nooit hoefden te vervelen. Bijna iedere dag deed hij leuke dingen met ons. Een aantal tripjes kan ik mij nog redelijk herinneren. Zonder tomtom maar met wegenkaart scheurde hij heel Nederland door. Bos, strand, duinen. Water- speel- en dierentuinen. Het maakte hem niet uit naar welke uithoek hij moest rijden. Natuurlijk bezochten we ook alle pretparken die Nederland op dat moment had en nog steeds heeft. Als wij op pad gingen mocht mijn neef ook vaak mee. Dat was dubbelop pret.
Vorig weekend waren de rollen omgekeerd. Toen mochten mijn zus en ik met Tante, Neef en diens kinderen mee op pad. Een bezoek aan de Efteling tijdens het negenpleinen festijn. We hadden al vroeg afgesproken en het plan was om tot sluitingstijd blijven. Dat beloofde een drukke en vooral lange dag te worden. Mijn nichtje had de week van te voren al aangegeven heel graag als eerste in de Vliegende Hollander te willen. Terwijl mijn neefje als eerste in Droomvlucht wilde. Het was best druk. Maar niet zo druk als ik verwacht had. Een hoop mensen waren die zaterdag op weg naar hun vakantiebestemming elders op de wereldbol.
Mijn nichtje had de Efteling App op haar telefoon gezet. Zo konden wij (lees: nichtje) uitrekenen welke attractie we konden doen zonder extreem lang in de rij te staan. Dat hadden we vroeger niet. Je liep naar de Bob of de Python om er achter te komen dat er een wachtrij was van minimaal een uur. En wanneer je daar eenmaal in stond ging je echt niet uit de rij!! Wanneer de app correct werkte was het een prima leidraad. We hebben het park wel zes keer doorkruist want mijn nichtje wilde graag de achtbanen doen. Terwijl mijn neefje het liever bij de wat rustigere attracties hield. Af en toe splitsten we de groep op zodat ieder zijn ding kon doen zonder lang te hoeven wachten op de rest.
Aan het einde van de dag had ik pijn in mijn kaken van het lachen, last van mijn keel van al het praten (want neefje wilde heel veel weten!) en pijn in mijn voeten van het lopen. Het leukste van de dag vond ik nog wel dat ik mijn neefje en nichtje op een heel andere manier heb leren kennen. Niet verlegen en stil. Maar druk en uitbundig en had ik druk al gezegd? Waar ik op een verjaardag een heel voorzichtig handje krijg, kreeg ik nu een dikke knuffel bij het afscheid. We zijn overigens niet tot sluitingstijd gebleven. Dat hielden onze voetjes echt niet meer. Na de Aquanura (watershow), die om 23.00 uur was afgelopen, gingen we na een zeer lange dag moe maar voldaan richting huis. Het was een geslaagde dag en zeker voor herhaling vatbaar. Sterker nog, er wordt al gepraat over een familievakantie volgend jaar zomer!!


Eenmaal thuis merk ik dat mijn “ah toe, nog een half uurtje” niet zo slim is geweest. De zon heeft iets meer schade aangericht dan ik had ingecalculeerd… Voor nu kan dit de pret niet drukken. Daar denk ik waarschijnlijk morgen iets anders over. Zo’n dagje strand is echt heerlijk. Als kind kon ik er altijd al erg van genieten. Afgezien van het zand dat echt overal gaat zitten. Het ruisen van de golven, de meeuwen de zilte lucht. Heerlijk. En ik hoef er niet eens het water voor in. Als kind natuurlijk wel. Toen kon het mij niet schelen hoe koud het was. Ik was net een labrador. Wanneer ik water zag, moest ik er in. Dat is nu wel anders. Verder dan pootjebaden komt het meestal niet. Zoonlief is net zo. Water betekend erin. Gelukkig verbrand hij niet zo snel.

Een daarvan was wat er met zijn lichaam moest gebeuren nadat hij was overleden. Hij wilde gecremeerd worden en daarna uitgestrooid worden op zee. “ Zoals ik vanuit Indonesië naar Nederland gekomen ben, zo wil ik ook weer gaan, met de boot over zee.” En dus voeren we uit, vanaf Scheveningen, richting volle zee. Voordat we opstapten wees mijn zusje naar de vlag. Hij hing halfstok. Een teken dat er een overleden persoon aan boord is. Het was bijna windstil en toch wapperde de vlag vrolijk heen en weer. Alsof hij niet kon wachten om losgelaten te worden.
kinderen (nou vooruit, een van ons voldoet nog aan dat profiel 😜) naar het achterste deel. Een aaneenschakeling van grote en kleine trampolines. na 3 minuten springen wist ik dat 1 uur ook precies genoeg was!! Buiten adem renden we van de ene hoek naar de andere. Halverwege het park staat de foampit. Een grote bak met foamblokken. Voorzien van een slackline waarbij je je evenwicht kunt testen. En twee startblokken aan de andere kant waar je de meest gekste capriolen kunt uithalen. Landen doe je zacht. De pit uitkomen is een ander verhaal…
over die kaal geplukte geldboom. Ook dit jaar hebben we het weer vreselijk getroffen met het weer en de sneeuwcondities. Je raakt er een beetje aan gewend. Blauwe lucht, witte ondergrond en lege pistes zover als je bekrampte voetjes en slapende tenen aan kunnen (dat laatste lag overigens aan mijn te vast gesnoerde nieuwe snowboardschoenen) De langste wachtrij bij de gondel was hooguit vijf minuten.
uit. Ik heb niet zoveel lef en al helemaal niet zo veel snelheid. Aan de andere kant geniet ik er nu veel meer van dan wanneer ik een jaar of 15 zou zijn. Ik kan soms een pauze van een half uur inlassen alleen maar om te kijken. Te kijken naar de mensen op de piste, naar de betoverende witte omgeving. Te kijken naar het dorpje beneden mij dat er zo nep uitziet dat het wel een poster lijkt. Ik ben daar en geniet van alles om mij heen.
