Beachlife…

Het geluid van schelle kinderstemmetjes dendert mijn linkeroorschelp binnen. Het geluid van een straaljager die door de geluidsbarrière vliegt is er niks bij. Voorzichtig open ik een oog om niet direct verblind te worden door de zon. Even ben ik gedesoriënteerd. Waar ben ik? Naast mij is een gezin met vier kinderen neergestreken. Blijkbaar ben ik even van de wereld geweest want ik heb ze niet aan horen komen. Aan de zandkastelen die uit de grond herrezen zijn, blijkt dat ze er ook al even zijn. Zo lang ben ik toch niet van de wereld geweest? Zoonlief is een stukje verderop met zijn voetbal bezig. Vriendlief is met zichzelf in beraad of hij met hem mee zal doen of nog even blijft liggen?

Ik graai in de tas naar de zonnebrandcrème en smeer mij rijkelijk in. Alleen de geur brengt mij al het ultieme zomergevoel. Heerlijk. Het is hier aan zee prima vertoeven vergeleken met de verzengende en verstikkende hitte die in de achtertuin hing. Met het briesje is het zelfs een beetje fris. Maar wanneer ik mij terug trek op mijn handdoek lig ik net ver genoeg uit de wind om er geen last van te hebben. Verraderlijk is dat ook want ik voel niet dat mijn huid iets te lang wordt blootgesteld aan de zon. Ik draai mij om en kan zo naar de kids naast mij kijken en naar zoonlief en zijn capriolen met de bal. Enjoying the goodlife met een vleugje niveau zonnebrandcrème… Een heerlijk begin van onze vakantie. De dag ervoor verwend met pannenkoeken bij (schoon)moeders en nu relaxen aan het strand. Even geen besef van tijd. strand, summer, beach, golf

De kinderen naast mij hebben hun zandkastelen omgebouwd tot auto en zitten nu alle vier op hun eigen plek met een zakje chips in hun handen. Ik hoor ze bakkeleien over hun plannen voor straks. Wordt dat het koude water in, of toch spelen met de bal? Terwijl het gekibbel naast mij aanhoud kijk ik even bedenkelijk naar mijn lichtroze gekleurde velletje voor zover dat nu al te zien is. Hoewel mijn vader uit Indonesië komt is dat aan mij niet af te zien. Volgens vriendlief ben ik een albino pinda. Ik verbrand nog wanneer ik mij ingesmeerd heb met factor 50 en plaats neem onder een parasol. We blijven toch niet lang meer plakken. Na een paar uur is het welletjes en keren we, moe en zanderig, huiswaarts.

strand, summer, zand, schelp, Scheveningen, 's GravenzandeEenmaal thuis merk ik dat mijn “ah toe, nog een half uurtje” niet zo slim is geweest. De zon heeft iets meer schade aangericht dan ik had ingecalculeerd… Voor nu kan dit de pret niet drukken. Daar denk ik waarschijnlijk morgen iets anders over. Zo’n dagje strand is echt heerlijk. Als kind kon ik er altijd al erg van genieten. Afgezien van het zand dat echt overal gaat zitten. Het ruisen van de golven, de meeuwen de zilte lucht. Heerlijk. En ik hoef er niet eens het water voor in. Als kind natuurlijk wel. Toen kon het mij niet schelen hoe koud het was. Ik was net een labrador. Wanneer ik water zag, moest ik er in. Dat is nu wel anders. Verder dan pootjebaden komt het meestal niet. Zoonlief is net zo. Water betekend erin. Gelukkig verbrand hij niet zo snel.

Nu eerst maar eens alles zandvrij maken. Ook mijn eigen lichaam en daarna flink smeren met after-sun!

Wat ooit was…

De herinneringen aan mijn opa en oma gaan ver terug. Soms verlang ik zelfs naar die periode toen we iedere zondag daar op visite kwamen. Het was vaste prik voor heel de familie. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neefjes en nichtjes. Ik besef nu dat dit niet altijd even makkelijk moet zijn geweest. Hadden de “grote” mensen het toen niet ook druk, druk, druk, zoals nu? En hoe moe zullen mijn neven wel niet geweest zijn na een avondje stappen? Toch was iedereen er altijd. Terwijl de heren bij elkaar zaten om te klaverjassen of sport te kijken, zaten de dames in de keuken om de laatste roddels met elkaar door te nemen. De kinderen speelden in de gang, tuin of waar dan ook waar ze niemand tot last waren.
’s Avonds aten we met zijn allen aan de grote tafel het eten dat oma voor ons had klaar gemaakt.

Spijtig genoeg overleed mijn opa op veel te jonge leeftijd. Oma moest daardoor noodgedwongen verhuizen. De spil van de familie, die geleidelijk verdween. Uiteindelijk viel de familie uit elkaar. Natuurlijk zagen we elkaar op verjaardagen. Wanneer we niet druk, druk, druk waren. Of wanneer we zin hadden. De kleintjes groeiden op en kregen een eigen leven. Familie was belangrijk. Maar vrienden, op sommige momenten, nog veel meer. Het gevoel van “toen” is niet meer terug te halen. Dat behoort tot een herinnering. Een mooie gekleurde herinnering, dat dan weer wel. Het bleek dat de verbondenheid die ooit was, door meer mensen werd gemist. Daar moest dus toch wat aan gedaan worden. De geboortedag van oma werd onze nieuwe familiedag. Inmiddels ondernemen we al jaren op of rond die datum iets leuks met heel (of een groot gedeelte van) de familie.

Gingen we vroeger nog naar pretparken en aansluitend een etentje, zoeken we het nu wat dichter bij huis. Zo ook dit jaar. Gewoon in de achtertuin, bij oom en tante. Een familie BBQ. Met voor ieder wat wils. Het hoeft niet duur en groots. Of ver van huis. Zolang iedereen er maar is. Net als vroeger. Bij opa en oma thuis. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neven en nichten. En daar de kinderen van. Terwijl de heren met zijn allen gebogen stonden over de BBQ zaten de dames bij elkaar met een drankje in de hand om de laatste roddels door te nemen. De kinderen speelden in de tuin, brandpoort of zaten op de bank met hun Ipad op schoot een filmpje te kijken. ’s Avonds aten we met zijn allen, met een bord op schoot, het heerlijke vlees dat oom voor ons op de BBQ had klaar gemaakt.

Later op de avond gaf mijn nichtje ons een doos vol oude fotoalbums. We bladerden ze één voor één door. Wat grappig om een sprong van meer dan 20 jaar terug in de tijd te nemen. Ook alle familieleden die er nu niet meer zijn, en dat zijn er inmiddels te veel, kwamen voorbij. Dat gaf een extra speciaal gevoel aan deze mooie dag. Zo waren ze er toch nog een beetje bij en waren we compleet.

Dat wat ooit was, is helaas niet meer.Het gevoel van vervlogen tijden. Oh ik mis het soms enorm. Hoe graag ik ook wil, het komt niet meer terug. Ik moet het doen met de herinnering en die heb ik nog. Niet alleen op foto. Maar ook veilig in mijn hoofd en in mijn hart. Gelukkig heb ik nog wel de mogelijkheid om nieuwe herinneringen te maken. Samen met mijn familie.

Count your blessings #5

Jeetje, wat was mei een bewogen maand. We hebben weer een hoop gedaan, gezien en meegemaakt. Overigens bijna alleen maar mooie en leuke dingen. Een goed moment om de hoogtepunten de revue te laten passeren.

Voetbal:
Aan het begin van de maand diende zich de laatste competitiewedstrijd aan die zoonlief met FC Dordrecht speelde. We moesten daar wel helemaal voor naar Almere. De heren van Dordrecht verloren deze wedstrijd. Ik had in ieder geval weer mooie plaatjes dus was tevreden. Kort daarna volgden de tweede selectiedag van de KNVB in de Meern. Zoonlief mocht zich weer een hele middag uitleven. Na de wedstrijden volgden een korte evaluatie en dat was het dan. De KNVB is altijd heerlijk duidelijk in wat ze nu precies verwachten en waar ze naar toe werken. NOT… De rest van de maand werd gevuld met verschillende toernooien door het land. De grootste was toch wel het driedaagse internationale in Den Helder. Waar ook Engeland, België en zelfs Egypte aan mee deden. FC Dordrecht bleek de verrassing van het toernooi te zijn. Van de 16 teams zijn ze 4e geworden. Het team is tevens verkozen tot het best voetballende team van het hele toernooi. Leuk toch?! De voetbalkleding is inmiddels ingeleverd en nu hebben we een paar weken “voetbal”-rust.

Roparun:
Het pinksterweekend stond voor mij in het teken van de Roparun. Mijn eerste keer. Wat een happening!! Hoewel we nu drie weken verder zijn droom ik nog geregeld over deze ervaring. Mijn dromen zijn heel uiteenlopend. Mensen en routes die we kwijt zijn. De parkeerplaats die we niet kunnen vinden of vol zijn. Dat ik zelf moet hardlopen terwijl ik geen schoenen bij mij heb. Feestjes onderweg en de finish die we halen. Het grappige is dat in al die dromen mijn neef ook steeds aanwezig is. Terwijl hij heeft deelgenomen met een heel ander team. Het hele Roparun-avontuur heeft nogal wat indruk op mij gemaakt en ik ben nog steeds bezig met het verwerken hiervan. Gisteren is tevens de opbrengst bekend gemaakt. In totaal is er
€ 5.415.692.- opgehaald. Waarbij wij als team 282 ICR, er ongeveer € 6000-, aan hebben bijgedragen. De drie Roparun-dagen heb ik als heel bijzonder ervaren. Wie weet volgend jaar weer!?

Logé:
Voor Groene Draak was ik al even opzoek naar een maatje. Vriendlief moest er niets van weten. Nog zo’n terrorist in huis? Wat als ie ook op jou “lijkt”? Weet je wel hoeveel herrie en stof ze maken? Toch kreeg ik hem zover om naar een foto te kijken die op internet voorbij kwam.
Zijn stem zou doorslaggevend zijn om het wel of niet te doen. Na een week wikken en wegen gaf hij “groen licht” en hebben we eea in gang gezet. Om in aanmerking te komen voor deze vogel moesten we bij Stichting Vrolijke Papegaai in Goes een cursus volgen. Groene draak kon direct mee om kennis te maken met zijn mogelijk nieuwe vriend. Die dag was naast een kennismaking ook gevuld met heel veel informatie en praktijkopdrachten met onze (en opvang) gevleugelde vrienden. Vriend- en zoonlief werden direct van hun angst afgeholpen en lopen nu “vrolijk” met groene draak op de arm door het huis. Na een bedenkperiode van ons, maar ook van de stichting, werd de knoop doorgehakt. Sinds twee weken hebben wij een tweede groene draak te logeren. Deze periode duurt een aantal weken zodat er gekeken kan worden of de klik er voor iedereen is. Het is een komisch duo bij elkaar. Binnenkort volgt er een update over onze (mogelijke) gezinsuitbreiding.papegaai, Amazone, groene draak

 

Vaarwel…

Als ik op de kade loop weet ik precies bij welke boot ik moet zijn. Het kan niet anders of dit is voorbestemd. Hij had het overigens niet anders gewild. Dit was zijn laatste wens. Maar tijdens het bespreken van deze “trip” kon ik niet weten dat de boot waarmee we de zee op zouden gaan precies zo’n boot zou zijn waar mijn vader helemaal blij van zou worden. De SS Estrella. Een nostalgisch oud schip uit vervlogen tijden. Geen lux jacht. Maar een gammele verroeste vissersboot met hier en daar een gat in de vloer. Ja, helemaal mijn vaders ding.

Dit was de dag waarop we met familie het as van mijn vader zouden uitstrooien. Mijn vader was over een aantal dingen heel duidelijk. Half stok, as uitstrooienEen daarvan was wat er met zijn lichaam moest gebeuren nadat hij was overleden. Hij wilde gecremeerd worden en daarna uitgestrooid worden op zee. “ Zoals ik vanuit Indonesië naar Nederland gekomen ben, zo wil ik ook weer gaan, met de boot over zee.” En dus voeren we uit, vanaf Scheveningen, richting volle zee. Voordat we opstapten wees mijn zusje naar de vlag. Hij hing halfstok. Een teken dat er een overleden persoon aan boord is. Het was bijna windstil en toch wapperde de vlag vrolijk heen en weer. Alsof hij niet kon wachten om losgelaten te worden.

Op het dek stond een picknicktafel waar we met de hele familie mochten plaatsnemen. In het midden van de tafel stond mijn vaders urn. Omringt door scheepstouw en de bloemen die mijn zusje meegenomen had. Het land achter ons werd al snel kleiner en kleiner terwijl de zee zich voor ons uitstrekte. Boven ons een strak blauwe hemel. Om ons heen cirkelden meeuwen die ons gezelschap hielden tijdens de vaart. Dit was de perfecte dag voor dit bijzondere afscheid.

De boot minderde vaart. We hadden het punt bereikt waarop we mijn vader mochten laten gaan. De familie stond achter ons. Het voelde als een steun in de rug. Zeker omdat dit moment, het loslaten zelf, toch wel een beetje vreemd aanvoelde. Mijn emoties vlogen alle kanten op. Ik wist niet of ik moest huilen of moest lachen. Mijn vader had zeker voor lachen gekozen. “Het is een mooie dag, en ik mag gaan!” Samen met mijn zus hield ik de urn vast. We keken elkaar aan en op het moment dat we er beiden klaar voor waren strooiden we de urn leeg. Samen keken we hem na. Een traan van verdriet en gemis rolde over mijn wang. “Vaarwel pap. Tot ooit!”

De boot kwam langzaam weer in beweging en voer een cirkel om de plek waar wij hem hadden uitgestrooid. Als allerlaatste groet werd de scheepshoorn geluid. Ik kreeg kippenvel over mijn hele lichaam. Het geluid werd weggedragen over zee, mijn vader achterna. Daarna werd de vlag, die nog steeds vrolijk heen en weer wapperde, weer in de top gehesen. Even waren we allemaal stil. Verzonken in onze eigen gedachtes. Niet veel later kwam de kapitein naar beneden. In zijn handen een fles schipperbitter en voor iedereen een glas! Terwijl hij inschonk beantwoorden hij mijn vragende blik. “Wanneer een overledene dit schip verlaat toasten wij op het leven. Zijn leven!”

De boot, de zee, alle familieleden en uiteindelijk de toast met het schipperbitter. Zo bijzonder emotioneel maar heel erg mooi. Wanneer ik nu terug denk aan deze dag verschijnt er een glimlach op mijn gezicht. Deze dag was precies zoals mijn vader had gewild.

 

Wist je dat…

Wist je dat…

  • Het vandaag precies 35 jaar geleden is dat ik geboren ben;
  • Ik direct moest janken en dat nog een paar jaar vol hield;
  • Mijn moeder soms knettergek van mij werd;
  • Het uiteindelijk toch nog goed gekomen is;
  • Toch?!?!
  • Mijn moeder mij vertelde dat het een heel warme dag was toen ik geboren werd;
  • Ik altijd ziek was op mijn verjaardag toen ik klein was;
  • Ik daar nu gelukkig geen last meer van heb;
  • Ik het wel erg leuk vind om op verjaardagsvisite te gaan;
  • Ik mijn eigen verjaardag nadat ik 18 werd eigenlijk nooit echt meer heb gevierd, omdat ik mij daar totaal niet happy bij voel;
  • Mijn 29e verjaardag de laatste keer is geweest dat ik mijn verjaardag wel heb gevierd;
  • Dit tevens de laatste keer is geweest dat mijn beide ouders op mijn verjaardag zijn geweest;
  • Het mooiste cadeau dat ik gehad heb, mijn gezinnetje is;
  • Zoonlief vanmorgen moeizamer de trap af kwam dan ikke!
  • Je dus nog niet hopeloos oud bent met 35 jaar;
  • De spierpijn wel langer aanwezig blijft naarmate je ouder wordt;
  • Ik dit blogje vanmorgen al had klaar gezet maar gewoon helemaal vergeten ben te plaatsen;
  • Ik hoop dat mijn geheugen mij niet nu al in de steek gaat laten…
  • Het lijstje daarom nog even aan te vullen is met de mededeling dat we net heerlijk uit eten zijn geweest bij ons nieuwe favoriete restaurant, de Argentijn;
  • De twee heren allemaal cadeautjes hadden mee gesmokkeld en ik heerlijk verwend ben;
  • We nu lekker op de bank kruipen en met zijn drietjes een film gaan kijken!!

Jarig, 35 jaar, happy Bday

Everybody Jump…

Onze paasdagen verliepen iets anders dan gepland. Sterker nog ik had niks gepland. Vriendlief moest werken en zoonlief zou deze dagen elders doorbrengen. Ik had gerekend op twee pyjama dagen met lekker veel thee, chocolade eieren en een goed boek. Maar door omstandigheden ging het weekend van zoonlief niet door. We waren dus samen thuis. En aangezien ik zoonlief niet blij maak met thee en een goed boek hadden we thuis niet veel te doen. Dit vroeg om plan B. Ik herinnerde mij een youtube filmpje dat hij een tijdje terug had laten zien. Ik dook het internet op, vond wat ik zocht en reserveerde 2 kaartjes.

“Yes gaan we daar echt heen?!” Was zijn eerste reactie. “Is het maar een uurtje?” Was zijn 2e reactie. Dat vond ik zelf ook erg kort maar het was iets te prijzig om 2 uur te reserveren. Een kwartier voor we naar binnen mochten kwamen we aan bij Jumpsquare in Nieuwegein. Een indoor trampolinepark. Volgens zeggen de grootste van Europa. Na het tonen van onze reservering ontvingen we alle twee een paar zeer charmante sokken met anti slipprofiel aan de onderkant. Terwijl wij in het horecagedeelte stonden te wachten tot we het “luna park” mochten betreden keken we onze ogen uit. Overal rennende gillende en springende mensen. Die ook nog eens de ene na de andere acrobatische sprong lieten zien. Wauw!! Als kind droomde ik van dit soort parken! Nu ben ik er, maar helaas wat te oud om achterwaartse salto’s te maken.

Toen het licht op groen sprong en de nieuwe lichting nog fris en onbezweet naar binnen mocht, renden we als een stel maffeJumpwn, fun, springen, trampoline kinderen (nou vooruit, een van ons voldoet nog aan dat profiel 😜) naar het achterste deel. Een aaneenschakeling van grote en kleine trampolines. na 3 minuten springen wist ik dat 1 uur ook precies genoeg was!! Buiten adem renden we van de ene hoek naar de andere. Halverwege het park staat de foampit. Een grote bak met foamblokken. Voorzien van een slackline waarbij je je evenwicht kunt testen. En twee startblokken aan de andere kant waar je de meest gekste capriolen kunt uithalen. Landen doe je zacht. De pit uitkomen is een ander verhaal…

We sprongen nog wat rond in de sport area waarbij we probeerden de basketbal zo hard mogelijk te dunken. Testen daarna de high performance trampolines in de trick area. Omhooglopen tegen een muur was nog nooit zo makkelijk! Omlaag vallen trouwens ook. Maar ach, who cares, de trampoline veerde zo goed dat je binnen no-time weer overeind stond. Het leukste, naast de foampit, was de big airbag. Twee blokken waar vanaf gedoken en gesprongen kon worden. Toen ik boven stond vroeg ik mij even af: “ben ik nu echt te oud aan het worden?!” NEE!! Dus sprong ik van het blok in de trampoline om vervolgens als een ongeleid projectiel door de lucht te suizen en te landen op de airbag. Aan zoonlief z’n blik te zien zag het er niet zo tof uit 😂. De laatste 10 minuten heb ik overgeslagen en gebruikt om zoonlief te filmen. Ik was gesloopt.

Al met al een leuke tijdsbesteding en voor herhaling vatbaar. De rest van de avond hebben we heerlijk in onze pyjama voor de buis gezeten. Het koste hem wat moeite om toe te geven. Maar ook hij was moe van al dat springen, duiken en salto’s maken. Over de spierpijn die we de volgende dag hadden zullen we het maar niet hebben…

Die ene week…

Een fractie van een seconde vraag ik mij af waar ik in vredesnaam mee bezig ben. Waarom doe ik dit? Zover van huis, boven op een berg met een plank onder mijn voeten. De heren schieten mij links en rechts met een gangetje van 60 km/ph voorbij. En ik heb lef, maar niet zo veel, dus ga in standje slak naar beneden. Zoveel moeite voor een week actief bezig zijn om vervolgens de komende vier weken nodig te hebben om bij te komen!? Met op sommige afdalingen kramp in de voetjes of slapende tenen. Waarom doe ik mijzelf dit aan? Na deze afdeling stop ik echt! Schiet het door mij heen. Zodra ik een seconde verder ben denk ik daar weer heel anders over. Stoppen? Ben je gek of zo?! Dit is het leukste dat er is!! WOEHOE!! Doen wie als eerste beneden is? Ik in ieder geval niet hihi…

Als je mij 10 jaar geleden had gezegd dat ik een 9 uur durende autorit zou overleven om daarna een paar dagen te gaan snowboarden, had ik je keihard uitgelachen. Bergen, kou en autorijden zijn niet echt mijn ding. Tijden veranderen en mijn mening ook. Het hele jaar kijk ik er naar uit. Naar die ene week in de besneeuwde bergen met familie en vrienden. Het liefst zou ik vaker gaan. Maar dat laten mijn vrije dagen niet toe. Om nog maar te zwijgen wintersport, snowboardenover die kaal geplukte geldboom.  Ook dit jaar hebben we het weer vreselijk getroffen met het weer en de sneeuwcondities. Je raakt er een beetje aan gewend. Blauwe lucht, witte ondergrond en lege pistes zover als je bekrampte voetjes en slapende tenen aan kunnen (dat laatste lag overigens aan mijn te vast gesnoerde nieuwe snowboardschoenen) De langste wachtrij bij de gondel was hooguit vijf minuten.

Soms vind ik het jammer dat ik pas op latere leeftijd heb leren snowboarden. Als ik naar zoonlief kijk dan ben ik wel eens jaloers. Hij maakt optimaal gebruik van ieder stukje besneeuwde berg en springt over iedere heuvel. Hij kent (nog) geen angst. Een van ons twee haalt zijn skipas er in ieder geval drie dubbel WIntersport, snowboardenuit. Ik heb niet zoveel lef en al helemaal niet zo veel snelheid. Aan de andere kant geniet ik er nu veel meer van dan wanneer ik een jaar of 15 zou zijn. Ik kan soms een pauze van een half uur inlassen alleen maar om te kijken. Te kijken naar de mensen op de piste, naar de betoverende witte omgeving. Te kijken naar het dorpje beneden mij dat er zo nep uitziet dat het wel een poster lijkt. Ik ben daar en geniet van alles om mij heen.

Ik weet dat ik nog genoeg te leren heb. Ik sta nog lang niet zo ontspannen op mijn board als ik zou willen. Toch verleg ik ieder jaar mijn grenzen, leer ik bij en heb ik plezier in mijn actieve vakantie. Ik ben zelfs over mijn bospadenfobie heen. Ook dit jaar hebben we weer genoten. We hebben een heerlijke gezellige wintersportweek achter de rug. Veel gelachen, lol gehad en lekker gegeten. De dakkoffer is opgeruimd, de vuile was ligt weer schoon in de kast en de ski’s en het board zijn netjes opgeborgen op zolder. Op naar volgend jaar. Naar weer die ene week in de bergen!

Wintersport, snowboarden

Een weekje vakantie…

Moeten we niet alvast iets van zolder afhalen?” Vroeg vriendlief het weekend voor we weggingen. “Nee joh!” Riep ik overtuigd dat ik het allemaal wel zou gaan redden. “Ik ben een dag voor we weggaan al vrij, dan ga ik wel pakken.” Ik word zenuwachtig als ik overal door het hele huis spullen zie liggen die mee moeten op vakantie. Ik pak daarom het liefst alles pas in één dag voor we weg gaan. Als het kan in een uurtje tijd. Zodat het direct de auto in kan. Nu had ik toch wel een beetje spijt. Ik kwam overal tijd te kort en mijn 2-do lijstjes leken eindeloos. Terwijl ik toch al extra vroeg was opgestaan die dag. Uiteindelijk zaten we nog voor het geplande tijdstip bepakt en bezakt in de auto, onderweg naar Oostenrijk voor een week wintersporten met familie.

Waar dan nu de vakantiepret kan beginnen heb ik meestal wat last van heimwee en schuldgevoel. Waarom moet ik nu weg?! Mijn beestjes moet ik een hele week achter laten. In hun eigen vertrouwde omgeving met de vaste oppas. Dat dan weer wel. Maar toch… Het voelt alsof je als moeder je kind voor het eerst naar de crèche brengt. Schuldgevoel, twijfel en een miljoen stel dat’s… Vooral bang zijn dat je er niet goed aan doet. Wat onzin is natuurlijk. Ik kan er niks aan doen. Dit rottige gevoel neemt bezit van mij zodra ik de deur achter mij dichttrek. Met iedere kilometer die we van huis verwijderd zijn voel ik mij ellendiger. Tot we een uur of drie onderweg zijn. Dan ebt het gevoel langzaam weg. De muziek gaat harder en we zingen iedere noot lekker vals mee. Het vakantiegevoel komt langzaam terug.

Ieder jaar neem ik mij plechtig voor om voor te slapen. Zodat ik de negen tot tien uur durende reis fris en fruitig doorsta. Ieder jaar gaat dit idee in rook op. Nog niet één keer is het mij gelukt. Hoewel vriendlief het totaal niet erg vindt dat ik in de auto mijn ogen (en dus ook mijn mond) dicht doe zit ik ieder jaar solidair naast hem uit het raam te staren. Gehypnotiseerd door de donkere leegte voor mij. Als je Nederland uit rijdt is het alsof je een “wormhole” wordt ingezogen. De wegen zijn compleet donker.  Dat maakt het autorijden een stuk vermoeiender. En ik zit niet eens achter het stuur. Zoonlief ligt na een uurtje te knorren en wordt pas echt wakker als we de grens bij Oostenrijk over zijn. Lucky him!

Na een nacht rijden komen we rond zeven uur aan bij het hotel. We zijn de drempel nog niet over of we worden al vriendelijk begroet door het personeel. Dit is inmiddels al de zevende keer dat we inchecken bij dit hotel. Of we al trek hebben in het ontbijt? Daar zeggen we natuurlijk geen nee tegen! Onder het genot van een verse bak koffie en een broodje, dat nog lekkerder smaakt wanneer je heel de nacht wakker bent geweest, wordt de reis besproken. En nu is het wachten tot we de sleutel van de kamer krijgen. Zodat we alles wat we eerder zo zorgvuldig hebben ingepakt kunnen uitpakken. We de skipassen kunnen regelen, boodschappen halen voor de après-ski en de boards en ski’s weg kunnen brengen naar de piste. De vermoeidheid is nog ruimschoots aanwezig maar valt in het niets bij het enthousiasme dat ik voel zodra ik naar buiten kijk en de besneeuwde bergtoppen zie.

wintersport, uitzicht, berg, sneeuw

Verwerken kost tijd… #2

Na het overlijden van mijn vader voelde ik mij heel onrustig. Mijn lichaam en geest zaten niet op één lijn. Wat moest ik toch met dat verdriet? Terwijl mijn eigen gezin en familie er voor mij waren, voelde ik mij verlaten en alleen. Het voelde alsof er een stuk uit mijn lichaam was gehaald zonder dat ik wist waar. Onder woorden brengen hoe ik mij voelde? Dat lukte al helemaal niet. Hij zou dat jaar 60 geworden zijn. Dat is toch geen leeftijd om dood te gaan? Ik was boos, gefrustreerd en heel verdrietig. Afgezien van het overlijden van één van mijn huisdieren had ik nog nooit een rouwproces van zo dichtbij en zo intens meegemaakt.

Van lieverlee kwam het punt van accepteren. Beseffen dat het echt zo is. Dat de rest van het leven doorgaat. Ook dat van mij. Maar dan zonder vader. Het moest een plekje krijgen, werd mij verteld. Dat plekje kon mij gestolen worden. Het is zo’n ruim begrip. Wat moest ik daar nu mee? Alsof je het kunt parkeren in je achtertuin?! Die periode voelde mijn lichaam aan alsof het constant onder stroom stond. Alsof ik een tikkende tijdbom had ingeslikt die ieder moment kon afgaan. Ik wilde rennen tot ik er zelf dood bij neerviel, maar had er simpelweg de kracht niet voor.

Op een druilerige wintermiddag reed ik langs de begraafplaats. Zonder er bij na te denken parkeerde ik mijn auto en liep het terrein op. Niet dat mijn vader daar lag. Hij was naar eigen wens gecremeerd. Mijn overgroot oma ligt daar wel. Nu ik er aan terug denk weet ik niet eens wat ik daar dacht te vinden. Misschien hoopte ik op wat rust. Een klik in mijn lichaam en geest waarna ik alles, of in ieder geval iets, kon loslaten. Ik wist alleen niet precies waar ze lag en heb meer dan een uur gezocht. Ik zag vele graven en las verschillende opschriften maar heb haar niet gevonden. Ik voelde mij nog leger en ellendiger dan daarvoor. Huilend liep ik terug naar mijn auto. Wat dacht ik nu te bereiken?

Er zijn geen boekjes met handleidingen die aangeven welke stappen je moet volgen bij verdriet. Daar komt ook nog eens bij dat iedereen zijn verdriet op een eigen manier verwerkt. Er tegen vechten had geen zin. Ik liet het maar over mij heen komen en besloot per dag te kijken hoe het ging. Toen ik er aan had toegegeven kon ik het ellendige gevoel beter handelen. Er ging wel wat tijd overheen. Of het verdriet ook al een plekje had gekregen kon ik nog niet zeggen. Maar, ik wist er mee om te gaan.

Op een zonovergoten middag, een paar maanden later, reed ik langs de begraafplaats. Ik parkeerde mijn auto en liep het terrein op. In mijn hand één witte roos. Vastbesloten om het graf van mijn oma te vinden. Ik kwam langs verschillende graven en las de teksten. Liep voorbij de grote eik. Bukte bij een graf om een gevallen vaas overeind te zetten. Halverwege het pad draaide ik mij om. Daar lag ze. Gevonden zonder te zoeken. Mijn overgroot oma. Het gemis van mijn vader was groter dan anders, maar de pijn was niet langer schrijnend. Hoewel het nog steeds op mijn schouders drukte en ik zijn verlies met mij mee sleepte, was het dragelijk. Vanaf dat moment wist ik, ik kom er wel…

Krontjong…

“Sorry, waar hield hij van?” Vraag ik mijn tante nogmaals. “Je Opa hield van Krontjong muziek”. Eerst lig ik in een deuk om de term. Haha wat is dat nu voor naam voor muziek?! Daarna gaat er vaag een belletje rinkelen maar het is nog te ver weg om het te herkennen. Het belletje wordt luider zodra mijn oom via internet wat muziek opzoekt. Verdraaid, ik herken het van vroeger. Van heel lang geleden weliswaar, maar toch herken ik het. “Vooral de elektrische gitaar vond je opa geweldig. Het was maar goed dat hij daar het geld niet voor had, anders had hij die zeker gekocht. In plaats daarvan tokkelde hij geregeld op zijn ukelele en speelde hij op zijn mondharmonica.”

Geweldig toch? Weer een stukje geschiedenis waar ik niets van afwist. Dit keer ben ik met mijn andere tante om de tafel gekropen om wat meer familiegeschiedenis op te rakelen. Dat mijn ooms en tantes van muziek houden wist ik wel. Maar dat ook mijn opa een voorliefde had voor muziek wist ik helemaal niet. De ukelele en mondharmonica zijn zelfs nog in de familie. Toen mijn tante voordeed hoe mijn opa er bijstond wanneer hij op zijn ukelele aan het tokkelen was moest ik lachen. Ik zag hem namelijk zo voor mij.

De volgende dag, wanneer ik het huis voor mij alleen heb, besluit ik mij onder te dompelen in de lievelingsmuziek van mijn opa en oma. Ik struin rond op Youtube tot ik geen krontjong muziek meer kan horen. Echt er komt geen einde aan. Van het ene liedje val ik in het volgende en voor ik het weet ben ik een hele middag verder. Internet leerde mij dat de naam Krontjong afkomstig is van de Indonesische naam voor een combinatie van een vijfsnarige gitaar en een tamboerijn of voetbelletjes. De gitaar komt oorspronkelijk uit Portugal. De Portugezen brachten dit mee naar Batavia nog voor het van Nederland was. De muziek van deze mensen was afkomstig uit verschillende delen van Portugal. In de loop van de tijd kreeg dit steeds meer Maleise en uiteindelijk ook Nederlandse woorden en uitdrukkingen.

Ik word een beetje weemoedig van het luisteren naar deze muziek. Ik verlang naar een tijd die ik nooit gekend heb. Naar het land en leven van mijn opa en oma. Ik kan er niks aan doen dat ik niet kan mee praten over “vroeger”. Ik heb heimwee naar een tijd die ik niet ken en nooit heb meegemaakt. Hoe meer ik daar aan denk hoe gekker dit klinkt. Maar toch kan ik het niet anders omschrijven. Natuurlijk speelt ook “het verhaal” mee. Een stuk geschiedenis van mijn familie dat ik samen met hen op papier aan het zetten ben.

Juist daardoor wordt ik steeds weer mee getrokken naar vroeger. Heen en weer geslingerd tussen toen en nu. Naar lang vervlogen tijden. Wat ik heerlijk vind, daar niet van! Ik geniet er van om te horen hoe het vroeger was. Juist omdat ik daar niet over mee kan praten. Ik zuig de informatie op als een spons en vind het geweldig om naar oude foto’s te kijken. Maar het maakt het gemis ook een stukje groter. En daarom is het fijn dat ik nu weet wat Krontjong muziek is. Want bij het horen van deze muziek ben ik er toch een beetje bij. Maak ik deel uit van wat ooit was en nooit meer zal zijn…

Youtube staat vol met krontjong muziek. Ik weet niet helemaal zeker of Manise van Rudi van Dalm ook onder “krontjong” valt. Het geeft mij in ieder geval het gevoel van “vroeger”.