Dankbaar…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt.

In de zomer van 2015 werd ik gebeld door een mevrouw. Ze vertelde dat haar ex-man de dag ervoor was overleden. Het regelen van zijn uitvaart zou voor haar rekening komen. Er waren namelijk geen kinderen of andere familieleden die hierin nog iets konden betekenen. Ook de vriendenclub, die ooit zo groot was, was geslonken tot nog maar drie man. Via de uitvaartbegeleider was ze bij mij terecht gekomen. Ze vroeg mij of het mogelijk was om een aantal foto’s te maken. Niet van de hele dienst, alleen van de opbaring. Hem zelf, de kist, zijn kleding en misschien nog een bloemstuk als dat er al was. De kist zou namelijk gesloten worden door de uitvaartbegeleider zonder bijzijn van de mensen die hij achterliet.

De twee medewerkster van het rouwcentrum staan mij al op te wachten als ik aan kom rijden. Het is 19.30 uur in de avond en er is verder helemaal niemand. Ze zijn speciaal voor mij geopend. Ik word naar een ruimte gebracht die iets groter is dan mijn eigen woonkamer. Een van de dames sluit achter mij de deur. In het midden van de ruimte tref ik mijn afspraak, gekleed in een prachtig pak, één rode roos in zijn hand en liggend in een zwart gekleurde kist.

Ik loop naar de strak afgewerkte kist en laat mijn handen rusten op het voeteneinde. Deze man zou ieder moment zijn ogen kunnen openen. Alsof hij slaapt. De energie in de ruimte voelt zo bruisend, dat het mij niet lukt om direct mijn camera te pakken. Dus neem ik plaats op één van de bankjes recht tegenover de kist. Ik laat zomaar een aantal minuten aan mij voorbijtrekken terwijl ik deze onbekende man gezelschap houd. Dan wordt het tijd om aan het werk te gaan. In de minuten die volgen zet ik hem zo waardig mogelijk op de foto.

Bijna een jaar na de uitvaart word ik gebeld door de ex-vrouw. Ze vertelde dat het een mooi dienst was geweest. Ondanks dat ze al 15 jaar uit elkaar waren kon ze zijn overlijden niet naast zich neer leggen. Er bleef maar iets aan haar knagen. Na een paar maanden besloot ze de foto’s er bij te pakken die ik twee dagen voor de uitvaart op haar verzoek had gemaakt. Dat was de reden waarom ze belde. Ze had niet verwacht dat het terugzien van haar ex-man, met zijn ogen dicht, liggend in een kist, met de kleding aan die ze zelf had uitgezocht, haar de rust zou geven die ze zocht. Het besef drong nu echt tot haar door. Hij is er niet meer. Vanaf dat moment was het alsof de puzzelstukjes op zijn plaats vielen. De foto’s hadden een klein stukje bijgedragen aan haar rouwverwerking. Het stukje dat zo aan haar bleef knagen. Nu kon ze het voorzichtig een plekje gaan geven.

Na het beëindigen van ons telefoongesprek galmden haar stem nog een tijdje door mijn hoofd. Wat fijn dat ik met mijn werk deze vrouw heb kunnen helpen. Al was het maar een beetje.

Roos bij graf op begraafplaats als laatste herinnering

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Nog eenmaal…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt. 

Daar sta ik dan, met mijn rug tegen de verwarming en tussen twee planten in, te wachten op een teken om aan de slag te gaan. De hal loopt langzaam vol met mensen. Het is gigantisch druk. Om mij heen is een kakofonie aan geluiden ontstaan. Geroezemoes van stemmen met tussendoor het zachte gesnik van verdriet of een lach tijdens het ophalen van herinneringen. De lucht vibreert van de emoties. Hier kan en mag het allemaal. Naast mij ligt het condoleanceboek. Ik maak een paar foto’s zodra iemand hier een boodschap in schrijft. Dan gaat de deur van de aangrenzende kamer open. De uitvaartbegeleidster zwaait mij vriendelijk toe ten teken dat ik naar binnen mag.

Ik stap een onzichtbare drempel over en laat alle geluiden achter mij. Het lijkt wel of ik een andere wereld in stap. De kamer straalt warmte en liefde uit. De serene stilte die hier heerst bezorgt mij nu al een brok in mijn keel. Ik kijk in de waterige blauwe ogen van een vrouw van middelbare leeftijd. Ze knikt mij toe. Haar blik verplaatst zich naar de vrouw in de kist. Haar vingers friemelen aan het kettinkje om haar hals. “Het leven is zo wrang.” Zegt ze. “Wat heb je er nu aan als je al je dierbaren verliest? Eerst mijn man, toen mijn zoon en nu mijn dochter. Allemaal getroffen door kanker. Ik ben de oudste maar blijf als enige over terwijl ik als eerste had moeten gaan.”

Zonder een blik van haar dochter af te wenden gaat ze zitten. Met haar andere hand klopt ze op een stoel naast haar. “Wil je even bij mij blijven?” vraagt ze. Getroffen door haar blik en de simpele vraag neem ik plaats. Even blijven we stil zitten. Een moeder zonder dochter, een dochter zonder moeder. Dan herstelt ze zich en begint met praten. “Straks wordt de kist voorgoed gesloten. Maar voordat dit gebeurt zou ik haar graag nog één keer vast willen houden en haar een kus willen geven.” Ze vraagt of ik dit voor haar wil fotograferen. Inmiddels rolt er niet alleen bij deze vrouw een traan over haar wang. Ik zeg haar dat ik dit heel graag wil doen.

Ze staat op en loopt naar het hoofdeinde van de kist. Teder streelt ze het hoofd van haar dochter. Haar handen verplaatsen zich naar het gezicht, haar wang en vervolgens naar haar gevouwen handen op haar buik. Nog meer dan anders ben ik blij dat ik mij kan verschuilen achter mijn camera. Ik ben getuige van een bijzonder emotioneel en intiem moment en probeer zo waardig mogelijk mijn werk te doen. Met haar lippen raakt ze voor een allerlaatste keer het voorhoofd van haar dochter. Ze prevelt wat onverstaanbare woorden wanneer haar gezicht maar een paar centimeters bij dat van haar dochter vandaan is. Ik zie dat haar ogen zich vullen met tranen. Verslagen en gebroken staat ze op.

Even laat ze haar tranen de vrije loop. Dan recht ze haar rug en kijkt mij strak aan. “Jij bent nog zo jong, je moet genieten van het leven. Beloof je dat?!” Antwoord geven lukt niet en hoeft ook niet. Ze draait zich terug naar haar dochter in de kist. Niet veel later komt de uitvaartbegeleidster binnen. Het is tijd om de kist, voorgoed, te sluiten…

Draagstersgilde met kist op schouder

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Uitvaartfotografie Hamar…

Iets wat ik heel graag en nog heel lang, op afstand wilde houden greep in korte tijd om zich heen. De dood liet van zich horen en nam in nog geen jaar tijd mijn beide ouders met zich mee. Met al mijn verdriet moest ik niet alleen een uitvaart regelen maar ook veel beslissen in een korte tijd. Daar kwam vervolgens het ontruimen van twee huizen bij. Het leven van mijn ouders werd gereduceerd tot een paar verhuisdozen en een hoop herinneringen. Gelukkig had ik veel hulp en stond er niet alleen voor.

De dood heb ik altijd heel eng gevonden. Ik moest er niks van weten. Een bezoek aan de begraafplaats bezorgde mij maagkramp. Toch heeft zelfs de dood mij veel geleerd. Eenmaal kennis gemaakt te hebben besloot ik hem te accepteren. Ik omarmde hem zeer zeker niet. Maar hij was er, is er en hoort er bij. De drang om iets te kunnen betekenen voor mensen die ook iemand verloren hadden werd hierna steeds groter. Hoewel iedereen anders om gaat met verdriet en afscheid kan ik er wel over mee praten. Ik weet hoe het is om door zo’n emotionele achtbaan te gaan. En juist hierdoor besloot ik mij toe te leggen op het maken van afscheidsreportages.

Logo uitvaartfotografie Hamar.

Het is alweer vijf jaar geleden dat Uitvaartfotografie Hamar werd geboren. De eerste paar reportages voelden onwennig. Maar al snel was ik op mijn plaats waar verdriet en gemis vochten om de boventoon. Ik maakte sfeer- en overzichtsfoto’s zodat er voor de familie een blijvende herinnering ontstond aan deze droevige dag. Ik kreeg de kans om iets te kunnen toevoegen aan een uitvaart, plechtigheid, herdenking of condoleance.

Ik kwam in aanraking met heel bijzondere families en hun heel uiteenlopende levens. Dat maakte dat ook geen enkele uitvaart het zelfde was. Van liefdevol, droevig naar uitbundig en hartverwarmend. Of juist heel zakelijk en afstandelijk. Het is en blijft heel bijzonder om zo dicht bij iemand anders zijn verdriet te komen. Ze zagen mij vaak niet, terwijl ik aan het werk was. Maar ik hen wel. Op zo’n moment zijn mensen heel kwetsbaar.

Gaande weg leerde ik dat ik geen ondernemer ben. Ik ben niet zakelijk genoeg en wil dat ook helemaal niet zijn. Verder kwam ik er achter dat de uitvaartfotografie verweven was mijn eigen rouwproces. Iets waar ik nooit bij stil heb gestaan toen ik hiermee begon. Mijn eigen verdriet lag te dicht onder de oppervlakte om daar objectief naar te kunnen kijken. Inmiddels ben ik een andere weg in geslagen en wil graag verder. Hoewel de dood er altijd zal zijn, wil ik niet meer zij aan zij met hem meelopen. En om iets echt af te kunnen sluiten heb ik besloten te stoppen met Uitvaartfotografie Hamar.

Er is de afgelopen vijf jaar veel gebeurd. Het was een heel bijzonder en (toch wel) mooie reis waarbij het afscheid nemen centraal stond. Niet alleen voor de families die ik aan een herinning heb geholpen van deze emotionele dag. Zeker ook voor mij! Afstand en afscheid nemen van mijn eigen verdriet en angsten. Onzichtbare deuren gingen open. Ik mocht zien, ervaren en vooral voelen. Ik mocht een klein deeltje zijn van het groter geheel. Alles heeft zijn tijd. Nu is het tijd om deze deur te sluiten…

Logo van uitvaartfotografie Hamar, witte roos met dauwdruppels

Als afsluiting van deze periode zal ik de komende zes dagen de verhalen met jullie delen die op mij de meeste indruk hebben gemaakt. 

2016 in vogelvlucht…

2016 was een rustig jaar. En dan bedoel ik niet de zondagse rust die in huis heerst wanneer iedereen nog op bed ligt. Ik bedoel dat er eindelijk eens geen uitersten waren. Geen emotionele achtbanen. Geen hoge pieken en diepe dalen. En vooral geen afscheid hoeven nemen van dierbaren. Eindelijk ben ik eens in rustig vaarwater terecht gekomen. Ik zou het bijna saai willen noemen, hoewel het allerminst saai was. Zo aan het einde van het jaar vind ik het leuk om terug te kijken en neem ik jullie in een vogelvlucht mee in mijn leven:

De voorjaarsvakantie werd benut voor een week wintersport. Ook dit keer waren we met een groep familieleden naar Oostenrijk gereden. We hadden prachtig weer, goede pistes en hebben heel veel lol gehad. We gaan al een aantal jaar naar hetzelfde gebied en nog steeds begint het niet te vervelen.

Enkele weken na de wintersport ontving zoonlief een brief van de KNVB. Samen met zijn voetbalmaatje was hij uitgenodigd om deel te nemen aan de voorselectie voor jongens U14. Het waren twee spannende en leerzame dagen met verschillende wedstrijden. Voor zoonlief bleef het bij deze wedstrijden. Zijn maatje was echter door naar de volgende ronde en heeft kortgeleden een tweedaagse interne training bij de KNVB mogen volgen. Wie weet waar dit hem nog gaat brengen… Ik heb in ieder geval aardig wat actiefoto’s van hem. Nu zijn handtekening nog haha.

De “Terheijdense Paardendagen” vonden dit keer plaats in april. Onze stal was goed vertegenwoordigd. We hebben zelfs de krant gehaald. De rit bestond uit een uitgestippelde route waarbij we de pijltjes moesten volgen. Dat bleek nog een hele klus. We reden verkeerd en plakten zo nog een km of 4 extra aan de rit. De lunch werd verzorgd door de organisatie en onderweg was er zelfs nog een fruithap voor iedere deelnemer. Misschien gaan we in 2017 weer.

De meeste indruk heb ik dit jaar opgedaan tijdens de ROPARUN. Ik mocht mee om foto’s te maken en het basiskamp te versterken. Ik heb nooit eerder onderdeel uitgemaakt van zo’n groot evenement en heb mijn ogen uitgekeken. Het was een bijzonder, indrukwekkend en emotionele driedaagse. Je bent gesloopt en tegelijk geeft het je vleugels als je ziet wat je als team kunt neerzetten. Ik denk dat het meedoen als loper of fietsen nog meer indruk zal maken.

Dit jaar maakten we kennis met het nieuwe voetbalteam van Zoonlief. De oudere spelers gingen naar U15 en hij bleef, gezien zijn leeftijd, nog een jaartje plakken. We hebben inmiddels aardig wat wedstrijden met elkaar meegemaakt. Feestjes gevierd en zijn er heel veel foto’s gemaakt. Een heel gezellige en sociale groep. Zowel ouders als jeugd! We gaan in 2017 verder waar we gebleven waren en ik hoop dat we nog heel vaak een feestje met elkaar kunnen vieren.

Natuurlijk was er nog veel meer:

2017 gaat, wat mij betreft, een pittiger jaar worden. Meer actie. Veel buiten zijn. Veel fotograferen. Met de boot weg. Nieuwe mensen leren kennen en vriendschappen sluiten. En vooral leuke dingen doen.

Ik wil jullie heel erg bedanken voor alle keren dat jullie dit jaar op mijn blog meelazen. Reacties achterlieten en blogjes deelden op eigen social media. Ik waardeer dit enorm.

Voor nu wens ik jullie allemaal een knallend uiteinde van 2016 en een sprankelend begin van 2017 toe! Tot volgend jaar!

happy new year 2017

Kerstver(p)lichting…

December…. De maand van de feestdagen. Eten. Gezelligheid. Liefde. Saamhorigheid. Cadeautjes. Die f*cking boom. Had ik eten al gezegd? Ergens kwam er een omslagpunt. Ik begon met steeds meer tegenzin naar deze maand toe te leven. Dat omslagpunt kwam waarschijnlijk toen ik oud en wijs genoeg was om te beseffen dat wat ooit was, nooit meer zal zijn. Wat heel veel mensen met de maand januari hebben, heb ik met de maand december. Van mij mag hij geschrapt worden. Als kind niet. Nee, als kind was december DE maand van het jaar. Het mocht van mij wel iedere maand december zijn.

Dat kwam omdat mijn moeder, ondanks haar karige inkomen, er altijd een feest van maakte. Dat begon met Sinterklaas. Jute zak met cadeaus. Zwarte piet die langs kwam. Zelfs toen we er niet meer in geloofde zat er altijd wel iets in onze schoen. Maar kerst was voor mij speciaal. Het hele jaar spaarden mijn moeder de zegelboekjes van de Albert Heijn zodat ze aan het einde van het jaar flink kon uitpakken. Ieder jaar een echte kerstboom. De ramen versierd met sneeuw, stickers en linten. Zelf gemaakte kerststukjes. Overal lampjes en kaarsen. Het had iets magisch.

Met eten werd ook niet moeilijk gedaan. Voor haar eigen familie. Voor haar ex-schoonfamilie. Voor alle vrijgezellen in beide families. Het maakte haar niet uit. Ze stond soms dagen in de keuken om een complete rijsttafel en ander lekkers klaar te maken. Maat houden was voor haar soms lastig. Dus werden de kleinigheidjes onder de boom vaak flinke cadeaus. Omdat mijn ouders gescheiden waren vierden we de kerst het ene jaar bij mijn moeder en het andere jaar bij mijn vader. Ook daar werd flink uitgepakt, zowel met eten als met cadeaus. Met een grote familie was het altijd druk en gezellig.

Ondanks mijn tegenzin in de feestdagen probeer ik er ieder jaar toch iets van te maken. Ik moet niet vasthouden aan wat ooit was, maar toegeven aan wat nu is. Ik ben immers niet alleen. Ik heb een familie. En zij vinden december wel een toffe maand, ondanks dat er gewerkt moet worden met kerst. Toen de heren voor een uitwedstrijd op pad waren besloot ik het huis in kerstsferen te dompelen. Het gevecht met de lampjes had ik gewonnen dus een leuke verrassing bij thuiskomst toen de boom in al zijn glorie stond te schitteren in de hoek van de kamer.

En wanneer de boom dan eenmaal staat is het toch eigenlijk ook best wel weer leuk. Het brengt sfeer en gezelligheid. Het leukste vind ik om er iedere keer een cadeautje onder te leggen. Die ik eerst stiekem mee naar binnen moet zien te smokkelen. Ik leg hem pas onder de boom wanneer er niemand thuis is. Ik vind het leuk om de verbaasde gezichten te zien wanneer er weer iets nieuws bij is gelegd. Wat zou daar nu inzitten?? Vriendlief doet overigens precies het zelfde. En dat maakt mij net zo nieuwsgierig als hem.

Ik zou heel graag weer eens een kerst willen vieren zoals vroeger. Niet voor de cadeautjes. Maar voor de saamhorigheid. De eenheid als familie. Met eten. Veel eten. Dat dan weer wel. En herinneringen ophalen aan vroeger! Wie weet volgend jaar. Want dit jaar vieren we het klein. Met zijn viertjes. En we gaan ons best doen om er een heel gezellige dag van te maken.

Liefde is, loslaten…

Ze lag daar hulpeloos in het ziekenhuisbed waarin ze nog kleiner leek dan ze was. Nu was het alleen nog wachten. Wachten tot haar lichaam ophield met vechten. Ik hield mijn moeder in mijn armen. Ik zong voor haar het liedje dat ze altijd zong als één van ons pijn had. Ik deed haar voorhoofd af met een koud washandje en vertelde haar dat Papa en Opa haar zouden opwachten. Ik zei haar dat het goed was, ze mocht gaan. Wij redden ons wel. De laatste 20 minuten van mijn moeders leven trokken in een snik en een traan aan mij voorbij. Ik putte kracht uit een onzichtbare bron. Op dat moment was ik er voor haar en voor haar alleen.

Het heeft lang geduurd voor ik rust vond na het overlijden van mijn moeder. Ik heb maanden over haar gedroomd. Als ik overdag mijn ogen dicht deed was ze er. Ik zag haar zoals ze was toen ze jong was. Toen ze ziek was. Hoe ze in het ziekenhuisbed lag. Toen ze dood was. Het ergste vond ik nog dat ik alle geluiden van die avond heb opgeslagen. Te pas en te onpas hoorde ik het gepiep en gezoem van de machines waar ze twee weken aan gelegen heeft. Wanneer ik sliep, wanneer ik wakker was. Ik kreeg mijn moeder op geen enkele manier uit mijn hoofd.

Ik heb verschillende methodes geprobeerd om vrede te vinden in het overlijden van mijn moeder. Schrijven, sporten, huilen, praten. Zelfs mediteren. Dat ik leerden tijdens het volgen van een cursus. Tijdens de verschillende meditatietechnieken werd ons aangeleerd om ons hart te openen. Vanuit daar stroomt liefde. Niet denken, maar voelen. Vanuit die basis werden alle andere oefeningen gedaan. Waar een ieder de verschillende vormen van liefde ervoer, werd ik steeds weer terug geslingerd naar 17 november 2011. De uitwerking was soms zo heftig, dat de tranen over mijn wangen rolden. Soms maakten het mijn geest genoeg leeg om er weer even tegen aan te kunnen. Toch knaagden daar steeds de pijn, verdriet en het gemis. Ze vochten om de beste plek in mijn hoofd. Ik wilde het niet zomaar opgeven. Ik deed meerdere keren per week verschillende oefenen. Maar mediteren vanuit mijn hart? Dat leek voor mij een kansloze onderneming.

Enige tijd later, toen ik in mijn eentje tussen de paarden in het weiland liep, het zonnetje hoog aan de hemel stond en ik genoot van de rust om mij heen, werd ik getroffen door een ingeving. Alsof iemand het zachtjes in mijn oor fluisterde en daarmee de watten die het beeld zo vertroebelde deed oplossen. Het was ineens zo helder, zo duidelijk. De bron waar ik toen, tijdens het overlijden van mijn moeder de kracht vandaan haalde, was een onuitputtelijke bron van liefde. Het onbaatzuchtigste dat ik ooit in mijn leven heb gedaan was daar zijn voor mijn moeder. Aan haar zijde staan terwijl ze begon aan een nieuwe reis. Beseffen dat ik haar los moest laten en dat ten volle accepteren zonder mijzelf af te vragen waarom.

Ik moest er bij gaan zitten om deze gedachte tot mij door te laten dringen. Het heeft even geduurd voor ik het begreep. Blijkbaar was de tijd nog niet rijp om dit eerder te beseffen. Ik liet mijn moeders leven hier op aarde los. En loslaten is liefde!

17-11-2011, de datum dat je overleed. En nu vijf jaar geleden. Hoewel de emoties niet meer vechten om de beste plek in mijn hoofd, mis ik je. Steeds iets meer… 

Nog één keer …

Man, man, wat heb ik mij op sommige momenten mijn ogen uit mijn kop geschaamd. Geregeld hoopte ik op een spontane zelfontbranding. Weg van die plek, waar iedereen mij kon zien en mij kon koppelen aan die malloot die daar op de dansvloer zijn ding stond te doen. Die malloot? Dat was jij en toevallig mijn vader. Ik vond het vreselijk wanneer jij je dolle vijf minuten had en ik ook nog eens in de buurt was. Er kon geen feestje voorbij gaan of ik zonderde mij af. De afstand tussen jou en mij maakte ik opzettelijk zo groot mogelijk. Jij deed gewoon je ding. En ik? Als egoïstische rot puber ging daar dwars tegen in. Ik schaamde mij rot voor jouw gedrag.

Nu ik ouder, misschien wat wijzer, en zelf moeder ben van een puber schaam ik mij nog tien keer meer. Want jij deed wat je deed, omdat jij was wie jij was. Compleet jezelf. Met daarbij je dolle vijf minuten die meestal een hele middag of avond voortduurden. Jij was jezelf. Jij was gelukkig op dat moment. Het maakte jou niet uit in wiens gezelschap je was. Wanneer jij muziek hoorde ging je uit je dak. Je genoot zoals je altijd deed. Toen ik ouder werd hield jij je in, voor mij. En dát is pas iets waar ik mij rot voor moet schamen. Ik liet jou niet zijn wie jij feitelijk was. Terwijl jij mij, met al mijn nukken en dwarse buien, liet begaan. Je liet mij zijn, zoals ik op dat moment wilde zijn. Een opstandige puber.

Heel veel zou ik over hebben om nog één keer vijf minuten gek te doen. Zelfs op een druk plein, in een disco of in een gangpad van een restaurant. Gek doen en uit mijn dak gaan samen met jou. Een dolle vijf minuten die een hele avond voortduurt. Schijt hebben aan mijn schaamte. Want geloof mij, dat is iets wat ik inmiddels, nu ik ouder ben, ver achter mij heb gelaten. Gewoon genieten van iets dat niet alleen jou gelukkig maakt, maar mij waarschijnlijk ook. Helaas is dit niet meer mogelijk. Ik moet het doen met de herinneringen. Jij dansend en springend op een dansvloer en ik mokkend aan de kant.

Daarom zet ik hier een liedje voor jou op. Een liedje waarop we samen gek kunnen doen. Wanneer ik dit nu afspeel sluit ik mijn ogen en zie je aan de binnenkant van mijn oogleden heen en weer springen. Half je nek breken wanneer je weer één of andere move uitvoert of niet meer overeind kan komen omdat je te ver door je knieën gezakt bent… We zijn weer voor even samen. Daar op die dansvloer. Ik sta niet langer mokkend en chagrijnig aan de kant. Maar doe al springend en dansend met je mee!

Gefeliciteerd pap, je zou vandaag 65 jaar geworden zijn… 💞

Wat ik vroeger wilde worden…

Ik zat in groep vijf toen er een themaweek gewijd werd aan wat je later wilde worden. Ik wist het precies: advocaat. Heel mijn lagere schoolcarrière heb ik dat volgehouden. Je onderdompelen in het verhaal. Het uitpluizen van dat verhal en het zoeken naar bewijzen. Het leek mij fantastisch om andere mensen te kunnen overtuigen van iemands onschuld. Toen ik wat ouder werd kwam ik er achter dat je niet alleen onschuldige mensen zou moeten helpen. Ook mensen die zeer zeker wel iets op hun kerfstok hebben. Het beroep kreeg voor mij vanaf dat moment een andere lading. Iemand vrij proberen te pleiten terwijl hij/zij schuldig is? Dat leek mij helemaal niks. Sterker nog, de gedachte dat ik op moest komen voor een (kinder)verkrachter, om nu maar iets te noemen,  gaf mij toen al rillingen.

Recht, advocaat, beroep, Wat nu als ik de leider van een onderzoek zou zijn? Niet als strafpleiter maar als strafeiser. Dat idee stond mij meer aan. Dus draaide ik de rollen om. Officier van Justitie leek mij een leuker beroep dan advocaat. Toen ik eenmaal door had dat ik misschien toch niet zo’n kei was in leren, begon ik te twijfelen. Voor dit beroep moest er toch wel degelijk veel geleerd worden. Uit diverse bronnen vernam ik ook dat een studie rechten erg saai kon zijn. Droge en taaie stof. Meer en meer stapte ik af van mijn beeld waarbij ik mijzelf in een zwarte toga in een rechtszaal zag staan. Met links en rechts van mij grote dikke dossiers die allemaal vol stonden met onomstotelijk bewijs!

Ik ging van een brugjaar MAVO/HAVO door naar de MAVO. De drie daarop volgende jaren doorliep ik eigenlijk met gemak. Behalve wiskunde. Dat  was een drama. Ik besloot dit vak, in overleg met mijn docent, te laten vallen. Hiermee verviel tevens de mogelijkheid om door te stromen naar de HAVO. Ik begreep dat mijn “snappertje” niet de inhoud had om zo’n zware studie aan te gaan. Ik moest mijn toekomstbeeld gaan bijstellen naar een iets realistischere job. Economisch Juridisch werd dat jaar op MBO niveau als opleiding geïntroduceerd. Ik greep mijn kans om via die weg toch dichter bij mijn altijd-gewilde-baan te kunnen komen. Je weet nooit hoe het balletje rollen gaat…

Ik kwam niet verder dan het tweede jaar, aangezien ik aangenomen werd bij de politie. Een zijstap in mijn niet geplande “carrière”. Ook hier zag ik weer de uitdaging. Dit keer niet als strafpleiter of eiser maar toch een klein onderdeel van het geheel in een strafonderzoek. Ik heb ongeveer acht jaar bij de politie gewerkt en heb veel geleerd. Over mijzelf, over mijn collega’s, leidinggevenden en over mensen in de algemene zin van het woord. Meer en meer raakte ik daardoor gefascineerd. Waarom doet iemand de dingen die hij doet?? Uiteindelijk wilde ik weg bij de politie. Bepaalde werkzaamheden gingen mij tegenstaan, evenals de mentaliteit van een hoop collega’s. Antropologie of iets in de psychologie had intussen mijn interesse gewekt.  Ik was nog jong en zou aan zo’n opleiding kunnen beginnen. Maar weer dat “snappertje” in combinatie met een zware studie…

Inmiddels ligt mijn politie-carrière ver achter mij. Net als mijn droom om in een rechtszaal te staan. Op dit moment heb ik een super leuke job waar ik mij helemaal in thuis voel en die niks met voorgaande te maken heeft. Maar nog altijd trekken deze twee studies mij aan. Rechten en psychologie.

Wie weet, ooit….

Doe jij nu het werk, dat jij altijd al hebt willen doen?

Een pleinfestijn…

Vroeger, toen ik nog klein was en de zomervakantie voor mij uit minimaal zes weken bestond, bracht ik drie weken bij mijn vader door. We zijn nooit echt met vakantie geweest. Dat zat er niet in en op de één of andere manier heb ik dat vroeger ook nooit gemist. Terwijl vriendjes en vriendinnetjes naar campings in Frankrijk en Spanje gingen bleven wij thuis. Wij wisten niet beter. Mijn vader zorgde er wel voor dat wij ons nooit hoefden te vervelen. Bijna iedere dag deed hij leuke dingen met ons. Een aantal tripjes kan ik mij nog redelijk herinneren. Zonder tomtom maar met wegenkaart scheurde hij heel Nederland door. Bos, strand, duinen. Water- speel- en dierentuinen. Het maakte hem niet uit naar welke uithoek hij moest rijden. Natuurlijk bezochten we ook alle pretparken die Nederland op dat moment had en nog steeds heeft. Als wij op pad gingen mocht mijn neef ook vaak mee. Dat was dubbelop pret.

Vorig weekend waren de rollen omgekeerd. Toen mochten mijn zus en ik met Tante, Neef en diens kinderen mee op pad. Een bezoek aan de Efteling tijdens het negenpleinen festijn. We hadden al vroeg afgesproken en het plan was om tot sluitingstijd blijven. Dat beloofde een drukke en vooral lange dag te worden. Mijn nichtje had de week van te voren al aangegeven heel graag als eerste in de Vliegende Hollander te willen. Terwijl mijn neefje als eerste in Droomvlucht wilde. Het was best druk. Maar niet zo druk als ik verwacht had. Een hoop mensen waren die zaterdag op weg naar hun vakantiebestemming elders op de wereldbol.

Mijn nichtje had de Efteling App op haar telefoon gezet. Zo konden wij (lees: nichtje) uitrekenen welke attractie we konden doen zonder extreem lang in de rij te staan. Dat hadden we vroeger niet. Je liep naar de Bob of de Python om er achter te komen dat er een wachtrij was van minimaal een uur. En wanneer je daar eenmaal in stond ging je echt niet uit de rij!! Wanneer de app correct werkte was het een prima leidraad. We hebben het park wel zes keer doorkruist want mijn nichtje wilde graag de achtbanen doen. Terwijl mijn neefje het liever bij de wat rustigere attracties hield. Af en toe splitsten we de groep op zodat ieder zijn ding kon doen zonder lang te hoeven wachten op de rest.

Aan het einde van de dag had ik pijn in mijn kaken van het lachen, last van mijn keel van al het praten (want neefje wilde heel veel weten!) en pijn in mijn voeten van het lopen. Het leukste van de dag vond ik nog wel dat ik mijn neefje en nichtje op een heel andere manier heb leren kennen. Niet verlegen en stil. Maar druk en uitbundig en had ik druk al gezegd? Waar ik op een verjaardag een heel voorzichtig handje krijg, kreeg ik nu een dikke knuffel bij het afscheid. We zijn overigens niet tot sluitingstijd gebleven. Dat hielden onze voetjes echt niet meer. Na de Aquanura (watershow), die om 23.00 uur was afgelopen, gingen we na een zeer lange dag moe maar voldaan richting huis. Het was een geslaagde dag en zeker voor herhaling vatbaar. Sterker nog, er wordt al gepraat over een familievakantie volgend jaar zomer!!

Efteling, familie, zomer, dagje weg, lol, 2016, pretpark

 

Wat ooit was…

De herinneringen aan mijn opa en oma gaan ver terug. Soms verlang ik zelfs naar die periode toen we iedere zondag daar op visite kwamen. Het was vaste prik voor heel de familie. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neefjes en nichtjes. Ik besef nu dat dit niet altijd even makkelijk moet zijn geweest. Hadden de “grote” mensen het toen niet ook druk, druk, druk, zoals nu? En hoe moe zullen mijn neven wel niet geweest zijn na een avondje stappen? Toch was iedereen er altijd. Terwijl de heren bij elkaar zaten om te klaverjassen of sport te kijken, zaten de dames in de keuken om de laatste roddels met elkaar door te nemen. De kinderen speelden in de gang, tuin of waar dan ook waar ze niemand tot last waren.
’s Avonds aten we met zijn allen aan de grote tafel het eten dat oma voor ons had klaar gemaakt.

Spijtig genoeg overleed mijn opa op veel te jonge leeftijd. Oma moest daardoor noodgedwongen verhuizen. De spil van de familie, die geleidelijk verdween. Uiteindelijk viel de familie uit elkaar. Natuurlijk zagen we elkaar op verjaardagen. Wanneer we niet druk, druk, druk waren. Of wanneer we zin hadden. De kleintjes groeiden op en kregen een eigen leven. Familie was belangrijk. Maar vrienden, op sommige momenten, nog veel meer. Het gevoel van “toen” is niet meer terug te halen. Dat behoort tot een herinnering. Een mooie gekleurde herinnering, dat dan weer wel. Het bleek dat de verbondenheid die ooit was, door meer mensen werd gemist. Daar moest dus toch wat aan gedaan worden. De geboortedag van oma werd onze nieuwe familiedag. Inmiddels ondernemen we al jaren op of rond die datum iets leuks met heel (of een groot gedeelte van) de familie.

Gingen we vroeger nog naar pretparken en aansluitend een etentje, zoeken we het nu wat dichter bij huis. Zo ook dit jaar. Gewoon in de achtertuin, bij oom en tante. Een familie BBQ. Met voor ieder wat wils. Het hoeft niet duur en groots. Of ver van huis. Zolang iedereen er maar is. Net als vroeger. Bij opa en oma thuis. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neven en nichten. En daar de kinderen van. Terwijl de heren met zijn allen gebogen stonden over de BBQ zaten de dames bij elkaar met een drankje in de hand om de laatste roddels door te nemen. De kinderen speelden in de tuin, brandpoort of zaten op de bank met hun Ipad op schoot een filmpje te kijken. ’s Avonds aten we met zijn allen, met een bord op schoot, het heerlijke vlees dat oom voor ons op de BBQ had klaar gemaakt.

Later op de avond gaf mijn nichtje ons een doos vol oude fotoalbums. We bladerden ze één voor één door. Wat grappig om een sprong van meer dan 20 jaar terug in de tijd te nemen. Ook alle familieleden die er nu niet meer zijn, en dat zijn er inmiddels te veel, kwamen voorbij. Dat gaf een extra speciaal gevoel aan deze mooie dag. Zo waren ze er toch nog een beetje bij en waren we compleet.

Dat wat ooit was, is helaas niet meer.Het gevoel van vervlogen tijden. Oh ik mis het soms enorm. Hoe graag ik ook wil, het komt niet meer terug. Ik moet het doen met de herinnering en die heb ik nog. Niet alleen op foto. Maar ook veilig in mijn hoofd en in mijn hart. Gelukkig heb ik nog wel de mogelijkheid om nieuwe herinneringen te maken. Samen met mijn familie.