De eerste dag van het nieuwe jaar is al weer even in volle gang. Nou ja, volle gang… Ik moet voor mijn gevoel nog opgang komen. Na een heel korte nacht stond ik alweer redelijk op tijd naast mijn bed. De huisdieren vinden het prima dat wij er een feestje van maken. Maar de maagjes moeten toch ook gevuld. Dus rond een uurtje of 10 stond ik voerbakken te vullen en dronk gezellig een kop koffie met ze mee. Vriendlief lag nog lekker te knorren.
Oud en nieuw hebben we bij familie doorgebracht. Mijn nichtje had traditiegetrouw olie- en appelbollen gebakken. Mijn tante had een heerlijke salade gemaakt en wij hadden een kippiepan geregeld. (een hapjespan van de poelier gevuld met, hoe kan het ook anders, kippie-snacks. Stekker in het stopcontact en na 15 minuten is het kluiven geblazen.) Tussen al dat snoepen en kluiven door spraken we over onze goede voornemens. Zongen we mee met de liedjes van tv. Werden er herinneringen opgehaald en lagen we gierend van het lachen op de bank. Iets met Philippe Geubels, ijsblokjes en raketijsjes. Ik heb nu nog last van mijn kaak en buikspieren.
Bij de wisseling van het oude naar het nieuwe jaar werd er getoast met champagne en de heren staken hun vuurwerk af. Het was zo mistig dat we niet heel veel van het vuurwerk uit de omgeving hebben kunnen zien. Toen het nieuwe jaar 2 uur oud was besloten we terug naar huis te gaan. Daar troffen we Kleine Krijger in de kast aan. Het was toch iets te veel van het goede. Hij was blij dat we er weer waren en viel na een knuffel in zijn eigen mand in slaap. Groene draak daarentegen deed alsof er niks aan de hand was. Uiteindelijk was het rond 03.00 uur toen ikzelf een onrustige slaap tegemoet ging.
Eind van de ochtend, met mijn brunch achter mijn kiezen, besloot ik mijn eerste wandeling voor dit jaar te gaan maken. Een van mijn goede voornemens was immers meer buiten zijn. Vriendlief was hier niet voor te porren. Veel te koud. Ik was dus op mijzelf aangewezen en de komende 4 tot 5 km zat ik met mijn eigen gedachten opgescheept. Koud was het zeker. Het begon zelfs een beetje te regenen. Maar echt heel veel last had ik er niet van. De wereld was nog in diepe rust ondanks dat de ochtend al bijna voorbij was. Op een hardloper, een fietser en een wandelaar na, was de polder verlaten.
Mijn bovenbenen werden steeds kouder terwijl de rest van mijn lichaam steeds warmer werd. Veel haast had ik niet, maar moest toch wel doorlopen om op tijd weer thuis te zijn. Er stond nog een afspraak gepland. Een goede keuze om, ondanks dit vieze weer, toch even naar buiten te gaan. Ik moest denken aan gisteravond en kon een glimlach niet onderdrukken. Sterker nog, ik moest mijn best doen om niet weer in lachen uit te barsten. Hoewel het niet uit zou maken als dit niet zou lukken, er was verder toch niemand in de polder die mijn lachstuip voor iets anders kon aanzien. Een gezellige avond met familie en een heerlijke ochtendwandeling door de polder. Ik hoop dat ik in 2017 een hoop van dit soort uurtjes zo mag doorbrengen. De eerste paar uur zijn in ieder geval geslaagd.
Vertel eens, hoe was jullie eerste dag van het nieuwe jaar?
De heren nemen om de beurt het sturen op zich terwijl ik de spullen installeer en het dak van onze sloep laat zakken. Hier op het water is het heerlijk vertoeven. We varen de haven uit en binnen een paar minuten zitten we midden in de Brabantse Biesbosch. Met de muggen en dazen valt het gelukkig nog mee. Het valt mij op hoe druk het op het water is. Van roeiboten en kano’s tot complete jachten. Het komt allemaal voorbij. Na enige tijd meren we aan bij een van de vele strandjes. Eten een broodje en de heren nemen een duik. Vriendlief en ik blijven lekker aan boord om te zonnen en te kletsen met onze buren. Wanneer het te warm wordt starten we de motor en zetten we koers naar een ander onbekend stukje natuur.


Eenmaal thuis merk ik dat mijn “ah toe, nog een half uurtje” niet zo slim is geweest. De zon heeft iets meer schade aangericht dan ik had ingecalculeerd… Voor nu kan dit de pret niet drukken. Daar denk ik waarschijnlijk morgen iets anders over. Zo’n dagje strand is echt heerlijk. Als kind kon ik er altijd al erg van genieten. Afgezien van het zand dat echt overal gaat zitten. Het ruisen van de golven, de meeuwen de zilte lucht. Heerlijk. En ik hoef er niet eens het water voor in. Als kind natuurlijk wel. Toen kon het mij niet schelen hoe koud het was. Ik was net een labrador. Wanneer ik water zag, moest ik er in. Dat is nu wel anders. Verder dan pootjebaden komt het meestal niet. Zoonlief is net zo. Water betekend erin. Gelukkig verbrand hij niet zo snel.


over die kaal geplukte geldboom. Ook dit jaar hebben we het weer vreselijk getroffen met het weer en de sneeuwcondities. Je raakt er een beetje aan gewend. Blauwe lucht, witte ondergrond en lege pistes zover als je bekrampte voetjes en slapende tenen aan kunnen (dat laatste lag overigens aan mijn te vast gesnoerde nieuwe snowboardschoenen) De langste wachtrij bij de gondel was hooguit vijf minuten.
uit. Ik heb niet zoveel lef en al helemaal niet zo veel snelheid. Aan de andere kant geniet ik er nu veel meer van dan wanneer ik een jaar of 15 zou zijn. Ik kan soms een pauze van een half uur inlassen alleen maar om te kijken. Te kijken naar de mensen op de piste, naar de betoverende witte omgeving. Te kijken naar het dorpje beneden mij dat er zo nep uitziet dat het wel een poster lijkt. Ik ben daar en geniet van alles om mij heen.