Sympathy for the devil…

Vanaf je geboorte wandelt hij onzichtbaar met je mee. Hij slaat toe wanneer het hem uitkomt. Hier en daar. Bij jou, bij mij. De dood kent geen genade. De dood kent geen verschil. Vroeg of laat. Jij en ik, we komen er niet onderuit. Ongeacht je achtergrond, geloof of afkomst. De dood maakt voor niemand een uitzondering.

De dood heeft mij altijd gefascineerd maar toch moest ik er niets van hebben. Het stond ver van mij af. Ik kende het alleen van horen zeggen. Nooit had ik er van dichtbij mee te maken. Een bezoek aan een begraafplaats, om een roos op het graf van mijn overgroot oma te leggen, gaf mij maagkramp en alleen al praten over de dood bezorgde mij rillingen. Nee, de dood was iets raars en vooral iets wat op afstand moest blijven. 

Met het overlijden van mijn beide ouders veranderde dit. Ik werd in één jaar tijd keihard geconfronteerd met de dood, verlies, verdriet, acceptatie en door gaan zonder… Vanaf dat moment realiseerde ik mij heel goed dat de dood er nu eenmaal is en er altijd zal zijn. De drang om iets te kunnen betekenen voor mensen die ook iemand verloren hadden werd hierna steeds groter. Ik weet hoe het is om door zo’n emotionele achtbaan te gaan. Juist hierdoor besloot ik mij toe te leggen op het maken van afscheidsreportages.

Logo uitvaartfotografie Hamar.

De eerste paar reportages voelden onwennig. Met een overleden persoon in één ruimte zijn was wel een dingetje. Maar ik stapte een onzichtbare drempel over en al snel was ik op mijn plaats waar verdriet en gemis vochten om de boventoon. Ik maakte sfeer- en overzichtsfoto’s zodat er voor de familie een blijvende herinnering ontstond aan deze droevige dag. Ik kreeg de kans om iets te kunnen toevoegen aan een uitvaart, plechtigheid, herdenking of condoleance. Hierdoor leerde ik de dood te accepteren. Het verdriet en grote gemis dat ik zelf nog steeds bij mij droeg, boog ik om in iets creatiefs. De uitvaartfotografie bleek uiteindelijk een onderdeel van mijn eigen rouwproces.

Ik kwam met veel verschillende en uiteenlopende families in aanraking. Geen enkele dienst was het zelfde. Sommige families en diensten waren zo bijzonder dat ze een blijvende indruk op mij hebben achter gelaten. Ook het werk van de uitvaartbegeleiders kreeg ik vanaf een heel andere kant te zien. Al het geregel achter de schermen maar vooral ook heel liefdevol en geduldig naar de families en alles met passie. Stuk voor stuk mooie mensen met ieder een eigen reden om zich in dit vakgebied te begeven. 

Hoewel de uitvaartfotografie voor nu een gesloten boek is, koester ik wel alle ontmoetingen en herinneringen. Ze brachten mij zo veel meer dan alleen maar een bijdrage aan… Ik heb onzichtbare drempels genomen. Mijn eigen angst in de ogen moeten kijken en uiteindelijk overwonnen. Ik deelde in het verdriet van een ander, maar gaf ook wat van mijzelf. Ik was aanwezig op momenten waarop de mens zich van een heel kwetsbare kant laat zien. Ik mocht zien, ervaren en vooral voelen en kon hierdoor een stukje zijn van het groter geheel.

 

 

***

van ruilen komt huilen…

Van ruilen komt huilen nietwaar? Nou bijna wel toen vanmorgen mijn wekker in alle vroegte afging. Na een veel te korte nacht zat ik daar eigenlijk helemaal niet op te wachten. Maar ja, ik had zelf mijn zondagse voerdienst geruild met een stalgenoot zodat ik daar tijdens de aanstaande vakantie niet mee in de knoei zou komen. Dus slik ik de opkomende “tranen” weg en besluit nog heel even te blijven liggen. Dat even wordt een paar minuten langer maar dan moet ik er toch echt uit.

Eerst begroet ik Draak die ook nog slaapdronken op zijn stok zit. Zich afvragend waar al die drukte op de zondagochtend goed voor is. Ik geef hem vast zijn ontbijt en drink zelf nog een bak koffie. Nog geen knaag in mijn maag, maar ik weet dat mijn honger uit het niets kan komen opzetten. Dus ik neem mijn ontbijt gewoon mee naar stal, en vertrek ik toch met enige haast van huis.

Als ik aankom word ik begroet door een stel uitgehongerde paarden. Alsof ze dagen niks te eten hebben gehad. Ja, je leest het goed DAGEN!! Ik begroet het paardenvolk dan ook maar even snel en controleer intussen de hooi ruiven. Stuk voor stuk zijn ze tot op de bodem leeg gevroten. Drie paarden kijken mij aan met een blik van: “Ik zei het toch!?” Ze hebben het zo slecht bij ons…

De hooibaal die ik moet hebben ligt uiterst rechts en helemaal bovenop in het hooihok. Ik klauter met gevaar voor eigen leven naar boven om aan mijn oh zo dankbare taak te beginnen. Het stof en de losse hooistengels dwarrelen om mij heen als ik alle hooinetten vul. Op de achtergrond is het beieren van de kerkklokken te horen. Verder is het heerlijk stil. Wanneer het zoveelste net gevuld is klauter ik het hok weer uit, met het stof in mijn neus en mijn kapsel voorzien van hooi. Rechts staan paarden te hinniken en links komt een hele groep bejaarde wandelaars voorbij die mij ietwat meewarig aankijken. “Arm schepsel” lees ik boven hun hoofd. Ik zwaai vriendelijk om een gesprek te voorkomen en sleep daarna de flink gevulde netten naar hun eindbestemming.

Ik maak het mijzelf weer veel te moeilijk door er te veel tegelijk mee te willen slepen. Om mij heen zwermen de paarden in de hoop alvast een hap te kunnen nemen voor ik het in de ruiven heb kunnen verdelen. De brutalen hebben de halve wereld en dat is in het dierenrijk niet anders. Er zijn er twee die niet alleen een hap willen maar eigenlijk gewoon het hele net willen toe-eigenen. Ik moet alle zeilen bijzetten om deze brutalen “honden” op hun plek te zetten, de boel niet los te laten en ook niet over mijn of hun benen te struikelen.

Het duurt even maar dan is iedereen van een plek aan één van de ruiven voorzien. Mijn werk zit er al voor de helft op. Maar eerst is het tijd om zelf ook even te ontbijten. Met mijn brood en bak koffie zit in heerlijk in het zonnetje. Om mij heen is op dit moment niets anders te horen dan het geluid van knagende paarden en het gefluit van vogeltjes. Ach, vroeg op stal zijn is niet altijd zo erg …

 

etende paarden aan hooi ruif

 

*🐴*

Ik mocht weer…

Het was alweer even geleden dat ik langs de lijn had gezeten om foto’s te maken. 30 november om precies te zijn. Vervolgens had ik andere afspraken en brak de winterstop aan. De eerste wedstrijden van het nieuwe jaar waren bijna allemaal “uit” of door de weeks, dus nam ik het er nog even van. Maar nu sta ik toch echt te springen om weer aan de slag te mogen. Er zijn heel wat wedstrijden om uit te kiezen. Maar ik besluit de eerste van de dag te pakken. De ochtendstond heeft immers goud in de mond… 

Alsof de spelers er zelf ook op zaten te wachten kreeg ik in de aanloop naar het weekend toe al diverse berichtjes. Van een vriendelijke vraag of ik misschien tijd, gelegenheid en zin had om hun wedstrijd op de foto te zetten. Tot een zeer korte maar duidelijke boodschap: He! Waar blijf je! Je bent al lang niet meer geweest! Dit is toch fantastisch?! Dat niet alleen ik maar dus ook de spelers het leuk vinden. Dat geeft mij nog meer voldoening. Door het uitoefenen van hun hobby kan ik mij weer bezighouden met mijn hobby. En uiteindelijk zijn we er allemaal blij mee. 

Het liefst had ik op alle berichtjes ja gezegd. Elk team heeft zijn eigen charme, toppers van spelers en unieke keepers. En vooral de keepers!! Daar begin ik steeds meer bewondering voor te krijgen. Springen en duiken naar de bal en ook nog eens de figuurlijke klappen vangen als je het fout doet en een bal doorlaat. Inmiddels probeer ik iedere wedstrijd een aantal actieplaten van de keepers te maken. Dat is nog niet altijd even makkelijk.

Maar overal ja op zeggen gaat helaas niet. Ik heb maar een paar uur fotografeer-tijd. Dan roepen er andere hobby’s en ook mijn schouder. En die laatste roept denk ik nog wel om het hardst. Een aantal jaar terug kwam ik er op een pijnlijke manier achter wat er gebeurt als ik hem negeer en toch doorga. Wil ik met plezier mijn hobby blijven uitoefenen zal ik mijn grens moeten bewaken. Dat betekende dat ik er een paar teleur moest stellen.

FC Dordrecht O14 had PEC Zwolle O14 op de koffie uitgenodigd en ze moeten voor vandaag de spits afbijten. Ook voor hun is het de eerste competitiewedstrijd sinds de winterstop. Wanneer je een wedstrijd al fotograferend bekijkt, ziet het er altijd anders uit. Ik krijg eigenlijk maar een kwart mee van wat er daadwerkelijk gebeurt. Ik volg de bal, een speler, of de handelingen langs de lijn. Het geheel ontgaat mij. 

Terwijl ik, gehuld in Siberische kleding, mijn plek heb ingenomen golft het spel heen en weer. Beide teams krijgen meerdere kansen. Maar het is FC Dordrecht die er het meeste gebruik van weet te maken. Dat krijg ik dan wel weer mee. PEC Zwolle gaat met lege handen naar huis en FC Dordrecht gaat er met de winst vandoor. Eindstand 3-1.

Op het moment dat het spel afgelopen is bedenk ik mij geen moment. Met bevroren vingers ruim ik mijn fotospullen op en loop met gezwinde spoed richting auto. Daar gaat de verwarming op standje subtropisch om te ontdooien. De eerste wedstrijd van dit jaar is ook wel direct een zeer koude. Op naar volgende week. Minder koud maar (waarschijnlijk) met regen. Ach, ook dat heeft zijn charmes… 

 

 

***

Opgaan in het moment…

Geregeld doe ik het al zonder er echt bewust van te zijn. Zoals bij het fotograferen of een graassessie met Poownie bijvoorbeeld. Steevast voel ik mij happy en voldaan wanneer ik de foto’s bekijk of terug ben op stal. Happy en soms zelfs een beetje zen… 

Hoe kan het dat “simpele” dingen mij zoveel voldoening geven? Dat ik met nog meer plezier uitkijk naar een volgende keer? Mijn hoofd leger en rustiger is? Alsof de boel herschikt of opnieuw geordend is. Kun je mij nog volgen? Sommige sporters ervaren dit ook wel eens na een flinke workout. Je voelt je (emotioneel) lichter en fijner.

Eind vorig jaar besloot ik mijzelf te “analyseren” wanneer ik foto’s aan het maken was. Ik wilde weten hoe het kwam dat juist fotografie mij zo veel meer dan alleen maar mooie platen oplevert. Het antwoord had ik vrij snel boven tafel en was heel simpel: Ik heb zoveel plezier in wat ik doe dat ik op ga in het moment. Eén zijn met dat wat er voor mijn neus gebeurd. Niet nadenken, analyseren, herkauwen en opnieuw doen! Nee, gewoon helemaal opgaan in het hier en nu. Met mijn volle aandacht genieten van wat ik aan het doen ben. Dat is in een vogelhut, afgesloten van de buitenwereld, misschien niet zo moeilijk. Maar het lukt mij ook langs een drukke zijlijn op het voetbalveld. Waar mensen en spelers soms letterlijk om mij heen lopen. 

Wat nou als ik deze ervaring eens door trek in mijn leven? Iedere dag een soort meditatie geluksmoment, misschien zelfs meerdere keren per dag die flow voelen? Uiteraard zonder gebruik van verdovende middelen, laten we daar duidelijk in zijn. Zou dat kunnen? Ik denk het wel. De rustige omgeving is, gezien de drukte langs een voetbalveld, niet perse noodzakelijk. Mijn eigen handelen en denkwijze daarentegen wel. Daarvoor moet ik wel aan de bak. 

Wanneer ik ’s avonds alleen ben besluit ik het direct uit te testen. Normaal is het koken iets wat moet. Even tussen de bedrijven door en niet iets waar ik altijd zin in heb. Nu doe ik het anders. Eerder op de dag had ik met zorg mijn eten uitgekozen en alle ingrediënten liggen nu voor mij uitgestald op het aanrecht. Op het menu staat een pastasalade. Niet het aller moeilijkste om klaar te maken. Toch besluit ik er letterlijk de tijd voor de nemen. De enige tijd die ik in de gaten hoef te houden is de kooktijd voor de pasta.

Het vergt nogal wat doorzettingsvermogen om er mijn volle aandacht bij te houden. Koken is niet echt mijn ding. Ik moet er even inkomen. De ingrediënten met zorg snijden. Het maken en kruiden van de dressing. In gedachte proef ik alvast hoe het eindresultaat zal zijn. Wanneer ik ga eten staan telefoon, tv en radio uit. Een met mijn maaltijd! Ook nu besluit ik er de tijd voor de nemen. Ik constateer twee dingen: ik proef intenser wat ik eet en mijn maaltijd smaakt lekkerder dan ooit. Ik betrap mijzelf er op dat ik hiervan heb genoten. 

Met deze ervaringen in mijn achterhoofd wil ik de komende maanden proberen mijn gehaaste leven veel meer een halt toe te roepen. Meer opgaan in welk moment dan ook. Genieten van dat wat nu is. Ik hoop jullie mee te kunnen nemen in mijn zoektocht naar het creëren van meer zen-momenten in alledaagse dingen. Doen jullie mee?

 

 

Wordt vervolgt… 

***

Een verjaardagscadeau…

Vroeger, toen we (zus en ik) nog klein waren, vierden we onze verjaardag vaak heel uitbundig. Van wat ik mij kan herinneren werden vooral de kinderfeesten door moeders goed georganiseerd. We deden leuke en originele dingen. Toen bowlen, gourmetten en zwemfeestjes bijvoorbeeld nog bijzonder waren. Tot aan groep acht van de lagere school deed moeders haar best. Daarna was het aan ons zelf om iets voor vrienden te verzinnen of te organiseren. Naarmate we ouder werden gaven we enkel nog een verjaardagsfeest voor familie en naaste vrienden. Eenmaal op ons zelf werd er niet veel meer aan onze verjaardag gedaan. Of in ieder geval niet groots gevierd. 

Tot zus met de mededeling kwam het dit jaar wel te willen vieren. 35 worden is één van die mijlpalen. En om de banden met familieleden aan te halen een prima gelegenheid om wat mensen uit te nodigen. Wanneer de datum van het feest bekend is heb ik nog even de tijd om te bedenken wat ik haar zal geven. Ik wil haar iets origineels cadeau doen. Van moeders kregen we bij iedere 5 jaar dat we ouder waren geworden een sierraad. Maar of ik haar daar nu zo’n groot plezier mee zou doen betwijfelde ik. Ik laat nog wat ideeën de revue passeren als er een ander lumineus idee mijn hersenpan binnen schiet. 

Ooit, in een vorig leven, vierden wij met onze vader een vakantie in Limburg. Een week lang zaten we op een landgoed, met een heus kasteel compleet met toegangspoort en slotgracht. In mijn verbeelding allemaal heel groots en oneindig. Beide hebben we daar flarden van herinneringen aan. Hoe leuk zou het zijn om daar nog eens naar terug te gaan. Herinneringen ophalen en met zijn tweetjes een weekend de hort op te zijn. Dus besluit ik haar daar nog eens mee naar toe te nemen. 

Oké, het cadeau is geregeld. Nu moet ik nog iets verzinnen om het op een originele manier te overhandigen. Een cadeaubon is makkelijk maar toch minder leuk. Na een nachtje slapen begint mijn idee steeds meer vorm te krijgen. De uitvoering ervan is overigens een heel ander verhaal. Ik ben niet meer zo crea bea als vroeger. En moet flink met een stofdoek over mijn knutsel-skills om ze onder het stof vandaan te halen. Voor ik het weet loopt mijn idee uit op een ware knutselvierdaagse. 

Wanneer ik in Zoon zijn “oude” playmobile verzameling duik om te zien of ik de boel wat kan aankleden vind ik een ridder te paard. Hij krijgt de hoofdrol in dit verhaal. Samen met een foto van het kasteel. Wanneer ik toch bezig ben zoek ik direct ook wat omgevingsfoto’s om de boel leuk aan te kleden. Mijn decor begint steeds meer gestalte te krijgen. Ik ben zo los gegaan dat een simpele uitvoering van een plankje met ridder en daar achter een foto van het kasteel eigenlijk niet meer passend is.

Op de bewuste dag sta ik met de in elkaar geknutselde doos voor haar neus. Inmiddels voorzien van een echte toegangspoort. Met daarachter het verhaal van “vroeger” gegoten in een nieuw jasje. Het cadeau word gelukkig met veel plezier en de nodige hilariteit ontvangen. De voorpret die ik gehad heb aan het knutselwerk is hopelijk een voorbode aan de gezelligheid die we met elkaar zullen beleven. Nu alleen nog een datum prikken… 

 

Kasteel met ridder

 

 

-🏰-

 

Week 1…

De laatste dag van het jaar breekt aan op het moment dat de wekker afgaat. Wat een herrie zo op de vroege ochtend. Mijn dag begint goed. Not!! Ik word met koppijn achter mijn ogen wakker. Alsof iemand vanachter uit mijn schedel met een hamer mijn oogballen er uit wil slaan. Ja, deze beschrijving dekt de lading wel. En dan moet oudejaarsavond nog beginnen. Ik heb drie kwartier nodig om mijn ochtendroutine af te werken en ben tegen 08.00 uur, als eerste, op het werk. Drie kwart van de Nederlandse bevolking is vandaag vrij. Zo ook al mijn klanten. Wat ik op het werk doe is mij een raadsel. Maar de baas wil nu eenmaal dat er een paar collega’s aanwezig zijn. 

Met het laatste is zo’n beetje alles wel gezegd. Al het werk is afgehandeld en de bureau’s zijn “schoon”. Klaar voor het nieuwe jaar. Halverwege de ochtend komen er oliebollen op tafel. Dus ontbijt ik met een bol en een bak thee. Mik er direct een aspro achteraan. Langzaam word ik weer een beetje mens. Na een gezellige middag kletsen met collega’s is het dan eindelijk tijd om naar huis te gaan. Daar wachten nog de nodige klusjes, zoals een spoedbezoek aan Poownie. Na het eten vertrekken we richting mijn oom en tante in Schiedam om met hen het nieuwe jaar in de luiden. 

Het gaat bij ons in de wijk al aardig los met vuurwerk maar eenmaal in Schiedam lijkt het wel of het nieuwe jaar zojuist is ingegaan. Als ik op de klok kijk zie ik dat het pas 20.00 uur is. We hebben een super gezellige avond met lekkere hapjes. En liggen in een deuk om hond Brutus, die met zijn mega verschijnen maar zachte karakter voor hilarische momenten zorgt. Veel te laat lig ik in bed en kom daardoor ook veel te laat mijn bed weer uit. Moet kunnen voor een keer. De aller eerste dag van het nieuwe jaar besluit ik luierend door te komen. Tussendoor plan ik nog een bezoek aan Poownie. 

Bij thuiskomst zie ik dat de staatsloterij ons niets heeft opgeleverd. Ik had zoveel plannen met dat geld, maar helaas. Dat betekent dat we er weer voor zullen moeten werken. De volgende dag gaat de wekker in alle vroegte voor een nieuwe werkdag. Ook deze twee dagen valt er nog niet veel te beleven en heb ik op een makkelijke manier de eerste knaken van het jaar verdiend. 

Wat ben ik blij als het weekend aanbreekt. Nu heb ik tijd om mijn creatieve skills onder het stof vandaan te halen. Want het presentje voor Zus, die volgende week jarig is, ligt te wachten om in elkaar gezet te worden. Het hele idee speelt al dagen door mijn hoofd maar nu kan ik een start maken met de uitwerking hiervan. Alleen al het plezier dat ik hieraan beleef is hopelijk een voorbode voor de rest van het cadeau. Stiekem kan ik niet wachten om het haar te geven. Een volgend log meer hierover… 

We eindigen de zaterdag bij mijn schoonouders. Waar we traditiegetrouw proosten met een nieuwjaarsborrel. Gevolgd door een lopend buffet en een gezellige avond. Terugkijkend op de eerste vijf dagen kan ik zeggen dat het jaar voor mij alvast goed begonnen is. En die van jullie? 

 

 

***

in 2019 …

  • Vierde ik mijn achtjarig blogjubileum op WordPress. Er verschenen dit jaar 45 logs online en kreeg ik hulp van gastschrijver: Groene Draak. Hij heeft aangegeven, met wat walnootverhoging, ook in 2020 door te gaan met gastbloggen. Zelf (her)schreef ik ook weer wat gastlogs voor “hoe vrouwen denken.”

~~

  • Gingen we een aantal keer met de dames van stal uit eten. Het is leuk om elkaar ook in een andere omgeving te zien (met normale kleding, zonder hooi in het haar) en andere gespreksonderwerpen te hebben dan paard. Dus ik hoop dat 2020 deze nieuwe traditie voortzet. Te beginnen met een nieuwjaarsetentje om hiermee goed te starten.

~~

~~

  • Deed ik weer mee met de readingchallenge van Hebban. Mijn doel: 40 boeken. Het ging er om spannen maar het is gelukt. Een hoop boeken waren minder leuk dan ik verwacht had. Maar gelukkig zaten er onverwachts ook weer wat pareltjes tussen. Zoals “Mevrouw mijn moeder” van Yvonne Keuls. Een ontroerend boek en met een lach en een traan las ik het uit. Een aanrader!!

~~

  • Maakte ik heel wat foto’s. In de lente bezocht ik samen met Yvonne een vogelhut. Ik mocht mijzelf een geluksvogel noemen toen ik diverse eekhoorns als model vast kon leggen. Dit was zo’n toffe dag dat we er nog maanden op geteerd hebben. Maar ook bij de voetbal heb ik veel teams voor de lens gehad en toffe platen geschoten (zie insta). Ik heb nu al zin in 2020. Waarbij een bezoek aan een andere vogelhut reeds gereserveerd is en ook de eerste voetbalwedstrijden al gepland staan.

eekhoorn, badderende koolmees

  • Was ik getuige van de meest smerige operatie ooit. Poownie had een ontstoken kaak en daarbij moesten al zijn voortanden getrokken worden. Ik schreef er een drieluik over dat je hier, hier en hier kunt lezen. We zijn beide hersteld van deze ingreep. Hij lichamelijk, ik geestelijk. Verder heeft ie nog een dag of drie in het “ziekenhuis” gelegen door een koliekaanval. Maar inmiddels gaat het super goed met hem.

~~

  • Moesten we ook loslaten. Twee dagen voor Chris aan zijn nieuwe reis begon namen we heel bewust afscheid. Hij kon niet meer. Hij wilde niet meer. Stoppen met medicatie was het enige lichtpuntje dat hij nog had en hij keek er naar uit. Het verdriet is dit keer niet zo intens, maar het gemis des te meer. Soms word ik overvallen door een leegte en kan ik het (nog) niet bevatten dat hij er niet meer is.

~~

  • Boden we onze excuses aan bij diverse pizza tenten. We maakten dit jaar onze eerste pizza op de BBQ. Na wat finetunen smaakt deze goddelijke creatie zo vreselijk lekker, dat we besloten hebben deze niet meer elders te gaan eten of af te halen.

~~

  • Waren we ook veel op het water te vinden. Voor rustige vaartochten tot gestuiter achter de boot, met wakeboard of funtube. Tijdens de hete dagen waren we maar wat blij voor de afkoeling die daar te vinden was.

Wat het nieuwe jaar ons gaat brengen is nog een verrassing. Hopelijk wordt 2020 een jaar met een hoop mooie en liefdevolle momenten met familie, vrienden en collega’s. Omdat we allemaal weten dat niet alleen een jaar, maar ook het leven, mooi, krachtig, fragiel en ook zo voorbij is.

Fijne en warme jaarwisseling gewenst.
Tot in 2020!!

 

Kerstver(p)lichting of toch niet…

December…. De maand van de feestdagen. Eten. Gezelligheid. Liefde. Saamhorigheid. Cadeautjes. Die f*cking boom. Had ik eten al gezegd? Ergens kwam er een omslagpunt. Ik begon met steeds meer tegenzin naar deze maand toe te leven. Dat omslagpunt kwam waarschijnlijk toen ik oud en wijs genoeg was om te beseffen dat wat ooit was, nooit meer zal zijn. Wat heel veel mensen met de maand januari hebben, heb ik met de maand december. Van mij mag hij geschrapt worden. Als kind niet. Nee, als kind was december DE maand van het jaar. Het mocht van mij wel iedere maand december zijn.

Dat kwam omdat moeders, ondanks haar karige inkomen, er altijd een feest van maakte. Dat begon met Sinterklaas. Jute zak met cadeaus. Zwarte piet die langs kwam. Zelfs toen we er niet meer in geloofde zat er altijd wel iets in onze schoen. Maar kerst was voor mij speciaal. Het hele jaar spaarden mijn moeder de zegelboekjes van de Albert Heijn zodat ze aan het einde van het jaar flink kon uitpakken. Ieder jaar een echte kerstboom. De ramen versierd met sneeuw, stickers en linten. Zelf gemaakte kerststukjes. Overal lampjes en kaarsen. Het had iets magisch.

Met eten werd ook niet moeilijk gedaan. Voor haar eigen familie. Voor haar ex-schoonfamilie. Voor alle vrijgezellen in beide families. Het maakte haar niet uit. Ze stond soms dagen in de keuken om een complete rijsttafel en ander lekkers klaar te maken. Maat houden was voor haar lastig. Dus werden de kleinigheidjes onder de boom vaak flinke cadeaus. Toen zus en ik ouder werden deden we hier graag aan mee. We kochten voor iedereen die kwam een cadeautje en legde dit, wanneer niemand keek, ook onder de boom. 

Ondanks mijn tegenzin in de feestdagen probeer ik er ieder jaar toch iets van te maken. Ik moet niet vasthouden aan wat ooit was, maar toegeven aan wat nu is. Ik ben immers niet alleen. Ik heb een familie. En zij vinden december wel een toffe maand, ondanks dat er gewerkt moet worden met kerst. Dus toen ik uitgeziekt was besloot ik naar zolder af te reizen om de kerstspullen op te snorren. Samen stonden we de boom te versieren terwijl de kerstmuziek uit de radio schalde. Na een uurtje stond de boom in al zijn glorie te shinen in de hoek van de kamer. 

Wanneer de boom staat en het huis versierd is, is het toch eigenlijk ook best wel leuk. Het brengt sfeer en gezelligheid. En hoewel we ons ieder jaar voornemen om geen cadeaus te kopen gebeurt het toch. Gewoon een kleinigheidje. Die ik dan stiekem mee naar binnen smokkel. Ik leg hem pas onder de boom wanneer er niemand thuis is. Ik vind het leuk om de verbaasde gezichten te zien wanneer er iets nieuws bij is gelegd. Wat zou daar nu inzitten?? Vriendlief doet overigens precies het zelfde.

Ik zou heel graag weer eens een kerst vieren zoals vroeger. Niet voor de cadeautjes. Maar voor de saamhorigheid. De eenheid als familie. Met eten. Veel eten. Dat dan weer wel. En herinneringen ophalen aan toen! En op een bepaalde manier ga ik dat ook doen. Geen kerstfeest maar een ander groot feest. Mijn tante is namelijk jarig en wordt 65 jaar. In plaats van kerst, vieren we haar verjaardag. Groots en met familie. Vanuit hier wens ik jullie allemaal mooie en warme kerstdagen toe 💞

 

eekhoorn op boomstam.

 

 

*🎄*

Geen ontkomen aan…

Het is halverwege de week als ik het voel opkomen. Het kan ook niet anders met een zieke man thuis en een zieke collega tegenover mij. Ik geef er niet aan toe. Ik kan niet en ik wil het niet. Het is mij zo eerder gelukt om er niet door getroffen te worden. Dus gewapend met paracetamol, keelsnoepjes en andere allerhande middeltjes vertrek ik naar het werk. Daar bestaat mijn werkdag uit veel warme thee en de hoop op zo min mogelijk telefonische geneuzel en gepraat met collega’s. Dat laatste is overigens niet zo heel moeilijk. We zijn op dit moment hartstikke onderbezet door een aantal langdurig zieke en een vakantieganger die deze week voor een maand vertrokken is naar de zon. Ik mocht helaas niet met haar mee. 

Ik kom de dag redelijk door. De tweede dag is echter een ander verhaal. Met een kop vol snot, een strot als schuurpapier en het gevoel dat het buiten -15 is terwijl het zweet op mijn voorhoofd staat verschijn ik op het werk. Ik ben zoals zo vaak de eerste zodat ik in alle rust kan opstarten. Ondanks de kou gooi ik toch de ramen open. Frisse lucht is het enige waar ik aan kan denken. Wanneer de collega’s binnen druppelen moet het raam dicht, want te koud! Dus het raam gaat dicht en ik stik een langzame dood achter mijn bureau. Die dag drink ik liters thee en spray mezelf gek met neusspray die totaal niet werkt. Aan het einde van de dag ben ik zo gesloopt dat ik trillend naar huis vertrek. Eerst langs de apotheek voor de nodige KNO-medicatie. 

Na het eten sleep ik mijzelf voort naar knollenland. Het is mijn voerbeurt en er staan 8 uitgehongerde paarden naar mij te kijken alsof ze weken niks te vreten hebben gehad. Terwijl niet eens alle hooiruiven leeg zijn. Ik ben buitenadem als alles gevuld is. Om daarna met knikkende knieën stront te scheppen. Zo klinkt het hebben van een paard een heel stuk minder romantisch he?! Hoewel er lucht in overvloed is lijkt het wel of ik niet voldoende zuurstof binnen krijg. Het arme paard is in de veronderstelling dat we ook nog een grasje gaan pikken maar ik heb er letterlijk de kracht niet meer voor. 

Ik voel mij koortsig als ik onder de douche sta. Oh en zielig, dat ook!! Met een aspro en nieuwe neusspray duik ik m’n bed in. Maar van slapen lijkt het niet te komen. Ook nu voelt het alsof ik zuurstof te kort kom. Ik gooi de balkondeur open en trek een extra deken over mij heen. De koude lucht die over mijn gezicht strijkt wiegt mij, een paar uur later, dan eindelijk in slaap.

Veel te vroeg gaat de wekker en daarmee ben ik plots weer in het land der grieperige mensen. Al klappertandend druk ik op snooze. Na drie keer snoozen moet ik er toch echt uit. Maar het lukt niet. Ogen, neus en oren zitten dicht. Ik heb nagenoeg geen stem en ik tril over heel mijn lichaam. Met tegenzin bel ik mijn baas, die dit echt niet tof vind maar hiervan niets laat blijken. Hij neemt de honneurs voorlopig waar. Zelf duik ik mijn bed weer in. Nu eerst maar eens even flink uitzieken… 

 

 

 

*🤧🤒*

Altijd makkelijker dan je denkt…

Mijn moeder bakte het wel vaker. Speciaal voor ons want zelf vond ze het niet te eten. Maar met verjaardagen of op een zaterdagavond bij de film stond het voor ons op tafel. Een hele grote schaal met popcorn. En dan niet de magnetron variant met zo’n vieze chemische vette smaak. Waar ook je huis nog eens drie dagen naar rook terwijl de popcorn binnen 10 minuten op was. Ik bedoel de echte, boterzachte popcorn met een zoutlaagje.

Eenmaal op mijzelf maakte ik het ook geregeld klaar. De heren en zelfs Groene Draak vinden ook vers gemaakte popcorn een stuk lekkerder dan die uit de magnetron. Maar het is wel altijd dezelfde zoute smaak. Omdat ik niet wist hoe ik de echte zoete bioscooppopcorn na moest maken. Tot nu.

In mijn vakantie, inmiddels een paar weken geleden alweer, had ik wat tijd over en besloot er eens voor te gaan zitten. Zelf karamelpopcorn maken blijkt een stuk makkelijker dan ik dacht. Het is wel wat bewerkelijker dan de zoute variant en toegegeven het is niet bepaald caloriearm. Maar lekker dat het is!!! Nu ben ik totaal geen keukenprinses en karamel maken had ik tot voor kort ook nog nooit gedaan. Want ik dacht altijd dat het heel moeilijk zou zijn.

Een goede voorbereiding is het halve werk. Alles wat ik nodig heb staat al voor het grijpen. Eerst maak ik de popcorn klaar. Dit doe ik in een gietijzeren pan. Die kunnen namelijk wel tegen een stootje. Zodra het scheutje olie in de pan warm is kan de (popcorn)mais er bij. Het wordt altijd meer dan je denkt. Dus een bodem mais is meer dan genoeg. Ik laat het vuur op hoog staan tot de mais goed aan het poffen is. Uiteraard met een deksel op de pan. Wanneer de boel flink poft gaat het vuur omlaag. We schudden de pan geregeld zodat het niet aanbrand. Het hele proces duurt maar een paar minuten. Wanneer het poffen minder wordt gaat de pan van het vuur en de popcorn op een bakplaat met bakpapier.  

Karamel maken is wat bewerkelijker. Ik doe een ruime hoeveelheid suiker met een beetje water in een steelpan en zet dit op middelhoog vuur. Ondertussen knaag ik van de net klaargemaakte popcorn. Ik blijf stug naar mijn pannetje kijken want mij was gezegd dat het snel kon gaan. Maar blijkbaar heb ik iets te veel water toegevoegd want het duurt een eeuw voor het suikerwater amberkleurig wordt. Maar wanneer het eindelijk zover is gaat het inderdaad snel. Ik meng wat zout en een stukje roomboter door het suikerwater. Het begint vreselijk te borrelen maar ik blijf roeren tot het een egale massa is. 

Met mijn vinger in de pan, om even te proeven, kan niet want de karamel is loei heet. Op goed geluk giet ik alles uit over de popcorn op de bakplaat dat direct aan elkaar begint te plakken. Het lijkt wel magnetisch dat spul. De suikerdraden lopen van de pan naar de popcorn en terug naar mijn vingers. Zodra de karamel is uitgeschonken moet alles afkoelen. Maar ik kan natuurlijk weer niet wachten. 

Terwijl de karamelpopcorn eigenlijk nog iets te warm is staan vriend en ik ongeduldig boven de bakplaat, ons al te goed te doen aan dit nieuwe baksel. Het is iets meer werk, en achteraf ben je ook kotsmisselijk, je bent dus gewaarschuwd. Maar de smaak is werkelijk goddelijk!!

 

van popcorn mais tot karamelpopcorn

 

Zie internet voor het juiste recept, er zijn vele wegen die naar heerlijke popcorn leiden 😋…

 

 

***