Storm, regen en kou. Dit was het weerbeeld van de afgelopen paar weken. De komende weken zal dit waarschijnlijk wel zo blijven. De herfst is nog lang niet klaar met het laten zien wat hij in petto heeft. Hoewel hij nog maar kortgeleden zijn intrede heeft gemaakt, staat ook de winter alweer om de hoek te gluren. Om zich er af en toe even tegen aan te bemoeien. Dat het heus nog wel iets heftiger, wateriger of kouder kan. Ik weet niet hoe het met jullie zit maar ik heb al een keer ijs mogen krabben van de voorruit van mijn auto. Ook mijn thermokleding is reeds van zolder gehaald.
Wij laten ons niet zo makkelijk uit het veld slaan en gaan, dik gekleed, toch naar buiten. Als ik de weekenden met het paard op pad ben en ik langs de bomen en over het grasland van de polder rijd dwaalt mijn blik steevast af naar alle mooie rode en bruine herfstkleuren. Na iedere rit nam ik mij voor om terug te komen met mijn fototoestel. Maar zoals bij zoveel dingen kwam dit er nooit van. Te koud, te nat of te donker om daarna nog foto’s te maken.
Ik liet de herfst voor wat het was. Volgend jaar probeer ik het nog een keer. Thuis, met de verwarming op standje subtropisch is het toch een stuk aangenamer. Een warme bak thee en een koektrommel met koekjes binnen handbereik. En natuurlijk, als de rust zijn hoogtepunt heeft bereikt, zijn daar mijn kleine krijger en groene draak die een eind maken aan de serene rust in huis. Het maakt deze twee niet uit welk jaargetijde het is, zolang ze elkaar maar kunnen irriteren. En ik bedoel dit in de ruimste zin van het woord. Ik roep naar links en ik roep naar rechts. Het maakt ze niet uit. Ze joelen naar elkaar, zoeken elkaar iedere keer weer op. Als ik de één streng toespreek begint de ander hard te lachen en omgekeerd. Zo ook de laatste keer… Hoewel ik mij afvraag wie ze nu aan het uitlachen waren, mij of elkaar?!
Foto van de maand: november…



Het zonnetje droogde het natte bladerdek wat zorgde voor een heerlijke boslucht. We liepen langs vennetjes. Galoppeerden heuvels op en draafden hele stukken. In geen velden of wegen waren er auto’s te bekennen. Her en der kwamen we wandelaars of andere ruiters tegen. Maar verder had ik het gevoel dat we alleen op de wereld waren. Er heerste zo’n rust dat ik helemaal bij kwam. Wat een heerlijke omgeving.
Voor we haar lieten gaan haalden we nog wat oude herinneringen op en spraken we een woordje tot haar zelf. Toen was het moment aangebroken. Zoonlief telde af en op het zelfde moment lieten we haar vrij. We hebben nog een minuut of tien staan kijken hoe ze hoger en hoger naar de hemel klom tot ze echt helemaal uit het zicht verdwenen was. Ik had het even moeilijk. Ik moest mijn moeder letterlijk loslaten. Een moment van bezinning en daarna accepteren dat ze er echt niet meer is.





De eerste dag moest ik mij melden bij de balie. Daar kreeg ik mijn (aller eerste) accreditatie uitgereikt om officieel op dit evenement te mogen fotograferen. Hoe leuk is dat!?! De tweede avond kon ik, als een echte persfotograaf, met mijn accreditatie om mijn nek direct doorlopen naar de ring op de bovenste verdieping. Een beetje onwennig liep ik daar met mijn koffer achter mij aanslepend de grote ruimte in. Overal om mij heen zaten of stonden boksers in diverse formaten en afmetingen. Trainers, familieleden, vrienden en mede-boksers. Een aantal keer kreeg ik vragende blikken toegeworpen. Ik glimlachte vriendelijk, waarmee ik wilde zeggen: Rustig maar, ik kom niet om te boksen!!
