Thank god I’m a country girl…

Ongeveer 17 jaar geleden werd ik door mijn tante mee op sleeptouw genomen. “Kom eens gezellig mee. Het is hartstikke leuk!” Tante dulden geen tegenspraak. Een tijdje later zat ik naast haar in een zaal naar mensen te kijken die aan het dansen waren. Ze stonden in rijen naast, voor en achter elkaar. Duimen achter hun riem gehaakt terwijl hun voeten iets deden dat leek op hakken-teen, hakken-teen. De beste stuurlui staan aan wal, dus nam ik plaats tussen al deze mensen om zelf te ervaren of dit “hakken-teen” iets voor mij was. Mijn tante had mij heel subtiel kennis laten maken met het countrydansen. Ik kon toen nog niet weten dat dit een hobby zou worden die ik met grote passie een aantal jaar heel intensief zou uitvoeren.

Voor ik het wist ging ik iedere week mee. Ik kwam er achter dat country dansen helemaal niet duf was. En ook niet alleen maar bestond uit hakken-teen. Er werd en wordt nog steeds, gedanst op alle soorten muziek. Er zijn daarom ook veel stijlen in het countrydansen zelf. De chachacha, salsa en wals zijn zomaar wat voorbeelden. Funky en pop zijn inmiddels ook niet meer weg te denken.

Het duurde niet lang voor we kennis maakten met onze buren op de dansvloer.  Een groep indo’s met een gemiddelde leeftijd van rond de 50 jaar. We konden het direct met elkaar vinden. Ik was met nog geen 20 jaar de jongste van het gezelschap, dat niemand iets leek uit te maken. Deze mensen werden mijn nieuwe dansfamilie waar ik heel veel uren mee heb doorgebracht.

Een keer in de week dansen werd al snel twee keer en daarna drie keer. De groep vroeg ons mee naar andere dansscholen, die als paddenstoelen uit de grond schoten. Ook de weekenden waren we op pad. Er werd altijd wel ergens een cd-avond georganiseerd en anders waren er nog de grotere country evenementen zoals de Western Experience in Den Bosch of Rijswijk.

Op één van deze evenementen werd ik door Bob de Jong  (de organisator en producent van De Heilige Koe, Als je van paarden houdt en Veronica strandrace) gevraagd om mee te dansen in zijn theater show: “The Country Music Hall of Fame”. Vanaf toen maakte ik deel uit van de groep: The Country Line Dance Machine die meermaals NL en Europeeskampioen waren. Ik werkte oa samen met wereldkampioene en altijd enthousiaste Ivonne van Loon. In die periode danste ik gerust vier keer in de week plus een avond in het theater ergens in het land.

Na jaren zo intensief te hebben gedanst begon ik het plezier te verliezen. Ik besloot radicaal te stoppen. Het werd tijd om mij bezig te houden met andere dingen in mijn leven. Hoewel ik de groep soms best wel miste had ik er geen spijt van. Tot kort geleden. Ik hoorde een bekend liedje en zocht de dans erbij. Tot grote vreugde bleek de dans na 12 jaar nog steeds in mijn geheugen gegrift te staan. Na wat oefenen danste ik zo mee.

Ik trok de stoute dansschoenen aan en vroeg of ik weer eens mee mocht met mijn tante, die nog steeds iedere week een uur of wat aan het dansen is. Het weerzien van de groep en hun lieve reacties, brachten mij letterlijk tot tranen. Ze waren niets veranderd. Alleen wat ouder geworden. Wij allemaal. Inmiddels dans ik alweer een aantal weken mee. Ik ben nog steeds de jongste, wat wederom niemand uitmaakt. Zo intensief als vroeger zal het niet meer worden. Maar wat heerlijk om als van ouds met zijn allen op de vloer te staan.

Jij had het kunnen zijn…

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk. Gebeurt het… Ik vang een glimp van je op. Ik zie je fietsen. Gekleed in je gele jas en afgetrapte gympies. Door weer en wind maar altijd zonder handschoenen. Gebogen over het stuur alsof je windje tegen hebt trappend op de pedalen op weg naar je bestemming.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik hoor je stem. Ik hoor je lachen, uitbundig en zonder schaamte. Ik hoor je mijn naam fluisteren wanneer je mij wakker maakt. Ik hoor je hoesten en proesten als jij ‘s morgens wakker wordt. Ik hoor je schelden als je boos bent. Ik hoor hoe jij de telefoon op neemt met een simpel: “Ja hallo..” of “Hey hoi met mij.”
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik zie je handschrift. Op een blaadje neergekrabbeld. Onleesbaar en doorelkaar. Ik zie hanenpoten en inktvlekken over het papier. De tekst is doorgehaald, opnieuw geschreven en wederom doorgehaald. Maar eindigt altijd met een kusje.
Het had van jou kunnen zijn. Maar dat is het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik ruik je geur. Zomaar in een vlaag onder mijn neus. Wanneer ik ergens binnen stap. Tijdens het koken wanneer ik iets maak wat jij ook wel eens maakte. Wanneer er iemand langs mij loopt met het zelfde luchtje dat jij droeg.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. Heus echt waar.
Op momenten dat ik niet aan je denk gebeurt het… Ik merk dat ik een kind van jou ben mam. Wanneer ik op dezelfde lompe manier op de bank zit met mijn arm over mijn hoofd. Wanneer ik voor de spiegel naar mijn eigen spiegelbeeld kijk en gekke bekken trek. Wanneer ik de dieren in huis roep dat het eten klaar staat.
Jij had het kunnen zijn. Maar je bent het niet.

~

Het zou minder worden. En dat doet het, heus echt waar. Het verdriet is niet meer zo intens. De leegte niet meer zo’n groot gat. Nu denk ik aan je, heel bewust. Jij bent nooit heel ver weg. Ik zie je… Ik hoor je… Ik ruik je … Ik voel je…
Jij bent overal om mij heen. Ik hoef maar aan je te denken en jij bent het die daar staat.

Mama, moeder, liefde, missen

24 januari 1961 – 17 november 2011

Vergeef mij, dat ik je achterlaat…

De regen komt met bakken uit de hemel. Het is donker en somber buiten. Zodra ik mijn auto voor de deur van het afgesproken adres geparkeerd heb, blijf ik nog even zitten. Het is een trieste dag en ik moet iets gaan doen waar ik als een berg tegenop zie. Ik haal een paar keer diep adem en stap uit. Ik hoef gelukkig niet lang te wachten voor de deur open gaat. De eerste voorstelronde vind plaats in de gang. Als ik achter de man des huizes aanloop word ik in de woonkamer begroet door een schaterlachende peuter. Aan tafel zit haar moeder met de kleine meid op schoot. Zodra onze blikken elkaar treffen kijk ik in een paar prachtig helderblauwe ogen. Ze zet het meisje op de grond en geeft mij een trillende hand.

Haar man vertrekt naar de keuken om koffie voor ons te zetten terwijl wij alle tweeliefde, moeder en dochter, achterlaten, plaats nemen aan de grote tafel. De woonkamer ligt bezaait met speelgoed, duploblokken en knuffelbeesten. Deze jonge dame komt wat dat betreft niets te kort. Toch trekt mijn maag samen. Ik krijg een brok in mijn keel en voel een pijnlijke steek. Het leven is soms zo oneerlijk. Zonder dat iemand hier iets aan kan doen, gaat het belangrijkste in haar prille leventje haar binnenkort ontnomen worden. Haar moeder.

Alsof ze mijn gedachte kan lezen begint ze te vertellen. Over de diagnose die gesteld is net na de geboorte van haar dochtertje. De slopende ziekte, het verloop hiervan en wat nu nog rest. Ondertussen staat de dampende koffie op tafel inclusief wat lekkers. Maar ik krijg geen hap door mijn keel. Haar ogen beginnen te stralen zodra ze over haar dochtertje begint te praten. Ze is haar lust en, zolang het nog duurt, haar leven. De reden waarom ik gekomen ben is niet alleen een kennismaking met de familie. Maar ook om te kijken of ik iets voor hen kan betekenen op de uitvaart van deze vrouw.

Haar man pakt een dik boek uit de kast en legt het voor mij neer. Het is hun trouwalbum met prachtige sfeervolle foto’s. De foto’s die gemaakt moeten worden op de uitvaart moeten dezelfde stijl en sfeer hebben als hun trouwfoto’s. Ik heb de vraag nog niet gesteld of de man geeft al antwoord. De trouwfotograaf heeft nooit eerder een uitvaart gefotografeerd en had hun een rouwfotograaf aangeraden. De vrouw begint weer te vertellen. “Als ik er straks niet meer ben, wil ik dat mijn dochter een naslag werk heeft. Een trouwboek en een rouwboek. Voor later, zodat ze kan zien hoe het was.” Ze zucht. “Haar vierde verjaardag zal ik naar alle waarschijnlijkheid niet meer mee gaan maken.” Haar man pakt boven tafel haar hand en knijpt er zachtjes in. Even zijn we allemaal stil.

Ik ben ontroerd door haar verhaal. Ze kijkt letterlijk de dood in ogen en toch kan ze zo krachtig vertellen. Want dat heeft ze gelukkig nog, haar kracht en haar wil om te genieten van de tijd die rest. Het moet een verschrikkelijke gedachte zijn om te weten dat ze er straks niet meer is terwijl haar kindje haar zo hard nodig heeft. Bij het afscheid kijk ik haar nog eenmaal aan. Haar helder blauwe ogen zal ik bij onze volgende ontmoeting niet meer zien…

Dit blog verscheen eerder op: Familieberichten.

Geschiedenis komt tot leven…

In de week dat mijn vader overleed, begon mijn tante verhalen over vroeger te vertellen. Het ophalen van herinneringen deed iedereen goed. Ik moest bij sommige verhalen heel hard lachen. Andere verhalen brachten mij tot tranen. Ik had ze nog nooit gehoord en heb ademloos naar haar geluisterd. Haar herinneringen waren zo gedetailleerd. Ze wist namen, plaatsen, datums en zelfs tijden op te noemen van gebeurtenissen uit lang vervlogen tijden.

Toen de uitvaart achter de rug was en wij weer in iets rustiger vaarwater beland waren kwamen mijn tante ik nog eens voorzichtig op deze mooie herinneren terug. We liepen namelijk met hetzelfde idee rond, maar wisten niet zo goed hoe we dit in het vat moesten gieten. Tot we er gewoon een middag voor zijn gaan zitten. Mijn tante begon te vertellen vanaf haar familiewapen Hamar aller eerste herinnering. De periode dat ze samen met haar ouders (mijn opa en oma) in Indonesië woonden. De geboorte van haar eerste broertje (mijn vader) en de reis naar Nederland. Ze vertelde ook over het leven in het pension en de geboortes van broers en zussen. Ik zoog alle verhalen op als een spons en werkte dit later uit tot een lopend verhaal. In de tussentijd kreeg ik van mijn oom een foto met daarop ons familiewapen. Die blijken wij namelijk ook te hebben.

Maar toen overleed mijn moeder. Hierdoor had ik niet veel energie meer voor dit project. Ik plaatste de uitwerking van ons idee tijdelijk in de kast. Daar bleef het tot mijn oom, de jongste broer van mijn tante, kort geleden kwam te overlijden. Alle herinneringen en heel veel meer, kwamen naar boven. Niet alleen bij mijn tante maar ook bij haar broers en zussen. Wederom hoorde ik verhalen die ik nog nooit had gehoord. Wat zou dat prachtig zijn om deze verhalen ook op te nemen in het “herinneringen boek” van mijn familie.

Mijn tante en ik besloten er weer voor te gaan zitten. Als oudste van het gezin heeft ze de periode rond de bevalling van al haar broertjes en zusjes meegemaakt. Dat staat inmiddels, naast de reis uit Indonesië naar Nederland, ook op papier. Nu zijn we bezig met het wel en wee van vroeger. Het werk van mijn opa en oma. Het huis en de indeling van de kamers. Want waar laat je negen kinderen? En hoe zat het met huisdieren? School? Vriendjes en vriendinnetjes? Gingen ze naar de kerk? Hoe organiseerde opa en oma dat in hemelsnaam?

Mijn tante toverde een oud fotoboek uit de kast. Voor het eerst zag ik daar mijn overgroot ouders. Samen poserend in misschien wel hun achtertuin. Die foto raakte mij. Ik stam van deze mensen af maar ik heb ze nooit gekend. Ik zag de jonge versie van mijn opa en oma, hun trouwfoto’s en feestjes met (onbekende) familieleden en vrienden. Babyfoto’s van mijn vader en schoolfoto’s van ooms en tantes.

We hebben nog wat avondjes te gaan voor alles goed en wel op papier staat. Ook wil ik nog heel graag wat gesprekken met andere ooms en tantes inplannen. Hoe kijken ze terug op hun jeugd en wat zijn hun vroegste herinneringen? En wat dacht je van het uitpluizen van de fotoalbums? Het is een project waar aardig wat tijd in gaat zitten, maar wat erg leuk is om te doen! De geschiedenis komt weer een beetje tot leven. Niet alleen voor mijn ooms en tantes maar zeker ook voor de tweede en derde generatie. Zelf voel ik een verbondenheid met mensen die ik niet gekend heb en loopt er een onzichtbaar draadje naar een land waar ik nog nooit geweest ben.

Foto Hamar, familie Hamar, opa en oma

Tot ooit…

Vanaf je geboorte wandelt hij onzichtbaar met je mee. Hij slaat toe wanneer het hem uitkomt. Hier en daar. Bij jou, bij mij. Hij kent geen genade. Smeekbedes worden niet gehoord. Bij de een kondigt hij zichzelf aan. Voor de ander is hij er totaal onverwachts. Vroeg of laat. Jij en ik, we komen er niet onderuit. De dood maakt voor niemand een uitzondering.

Afgelopen week kwam hij weer, geheel onverwachts, bij mijn familie binnen vallen. Dit keer voor mijn oom. Zijn werkplek leek hem de juiste plaats om toe te slaan.
BAM. Uit het niets…
Hij liep binnen zonder te kloppen en nam hem mee zonder een groet.
Geen afscheid en vaarwel.
Geen knuffel en een zoen.

Lieve Ray
Met slechts 47 levensjaren is jouw reis veel te vroeg begonnen
Wij gaan je vreselijk missen
Tot ooit…

Afscheid, de weg, hemel, dood

Count Your Blessings #3…

Met een grote papierstapel op schoot en een kop koffie voor mijn neus ben ik bezig de administratie te scheiden van de reclamefolders die in de loop van de week één grote stapel geworden is. Mijn oog valt op de kennismakingsfolders met een klassenfoto van zoonlief. De foto is gemaakt nog voor de zomervakantie goed en wel begonnen was, na de kennismaking met zijn nieuwe klas en mentor. De kinderen staan er wat onwennig bij. De haantjes pik ik er nu al uit. Evenals de modepopjes. Ergens tussen deze mix van brugpiepers staat zoonlief. Ik kijk nog eens goed naar de foto en ben enigszins verbaasd. Ik draai mijn hoofd naar zoonlief die een stukje verder op de bank “hangt”. Ik werp nog een blik op de foto en dan weer naar hem. Zoonlief kijkt mij met een opgetrokken wenkbrauw aan. Ik beantwoord zijn vragende blik eveneens op een zwijgende manier en werp hem een glimlach toe.

Oh mijn god. We zijn nog geen drie maanden verder. Maar wat is hij veranderd!! Op de foto staat een jochie uit groep 8 in zijn voetbaltenuetje met een ietwat verlegen lachje. Naast mij zit die zelfde jongen. Nu is hij een beginnende puber. Die zich druk maakt over zijn kapsel en sinds kort ook zijn kleding. Tot aan zijn sokken aan toe! Groter, brutaler, ietwat gespierder en wijzer. Ik slik de brok in mijn keel weg. Kleine kindjes worden groot. Met mijn vinger raak ik de foto aan. Alsof ik daarmee het verleden terug kan halen. Ik werp hem voorzichtig een blik toe. Hij merkt niet dat ik naar hem kijk, zo verzonken is hij in zijn spelletje op de Ipad. Waar blijft toch de tijd? Hij lijkt in zijn geheel wel een sprong naar volwassenheid te hebben gemaakt. Nu al!! Hij wordt zo snel, al zo groot.

Wat zit je nu naar mij te kijken!? Vraagt zoonlief een beetje kregel. Ik was diep verzonken in mijn melodramatische gemijmer over het verleden en het heden, dat ik mijn gestaar niet door had. Ik ben daarom een beetje van mijn stuk gebracht door zijn resolute vraag. Ik besluit mijn dagdroom te stoppen bij het feit dat iedere leeftijd zijn charmes heeft. Mijn blik rust nog steeds op hem. Maar hij heeft zijn ogen alweer afgewend en is nog steeds druk bezig met zijn spelletje. Ik zeg hem dat ik mij verwonder over zijn groeispurt. Zowel lichamelijk als geestelijk. Dat hij alleen maar knapper wordt en dat hij gewoon een heerlijk jong is. Zoonlief kijkt mij met een ontwapenende blik aan. Met zijn grote ogen en lange wimpers. Die blik had hij als kleuter al en daar zullen wel wat meisjes voor gaan vallen. Dan wordt zijn gezichtsuitdrukking harder. Hij voelt zich in verlegenheid gebracht en zegt dat het zo wel weer genoeg is. Dat je knap bent is leuk om te horen van je vriendinnetje. Maar niet van je moeder.

Ik moet lachen. Complimentjes in ontvangst nemen is niet zijn sterkste kant. Nog zo iets moois aan hem. Zijn bescheidenheid. Gelukkig voelt hij zich nog niet te “groot” voor een knuffel en een zoen. Die ik dan ook iedere keer met liefde in ontvangst neem. Ik voel mij bevoorrecht met zo’n knappe lieve zoon!!

Dat mag gevierd worden…

Ik heb nog geen twee passen in de tuin gezet of de voordeur gaat al open. Een gezellige bedrijvigheid komt mij tegemoet zodra ik het huis binnen stap. Ik hoor gelach, geroezemoes en een hoop kinderstemmetjes binnen in huis. Hier had ik mij niet op voorbereid. Het lijkt eerder op een verjaardag dan op een condoleance. Ik maak kennis met de familie en word daarna naar de kamer gebracht waar de kinderstemmetjes vandaan komen. Daar moet ik mij een weg banen door een vijftal met helium gevulde ballonnen die de deur barricaderen. De uitvaartbegeleidster had mij al verteld dat dit een bijzondere familie was en ik mag dit nu aan den lijve ondervinden.

Onder het raam staat een witte kist. In de kist ligt Oma die geflankeerd wordt door een vijftal kleinkinderen met stiften in hun handen. De leeftijd varieert van 4 tot een jaar of 14. Vandaag mogen ze de kist van Oma voorzien van hun eigen boodschap. Een van de koters ziet mij en mijn camera en weet zichzelf even geen houding te geven. Zijn sproeterige gezicht straalt blijheid uit maar zijn ogen vullen zich al snel met tranen. Om het ijs te breken begin ik een gesprek met hem en ik vraag welke mooie boodschap hij mee wil geven aan Oma.

Dat werkt. Hij droogt zijn tranen en trekt mij mee naar de kist. Ik zak door mijn knieën en ben nu net zo groot als hij. Hij toont mij zijn tekening: een zon, een bloem en een vogel. Want waar Oma naar toe gaat schijnt altijd de zon, bloeien er altijd bloemen en leven de dieren vrij. Ook de andere kinderen willen laten zien wat ze voor moois voor Oma hebben gemaakt. Teksten, tekeningen, gedichtjes of een simpel zinnetje als: Ik mis u nu al. Als de kinderen eenmaal over hun verlegenheid heen zijn vertellen ze honderduit.

Vol belangstelling luister ik naar hun verhalen. Langzaam wordt mij duidelijk dat de vrouw in de kist niet zomaar een Oma is. Voor deze kinderen was ze een super Oma die voor ze klaar stond en waar altijd iedereen mocht blijven eten en slapen. Waar griezel- en verkleedpartijtjes gehouden werden. Ze hielp zelfs mee met boomhutten bouwen. De teksten en tekeningen op de kist raken mij. Hoe eenvoudig ook. Dit is hun manier van afscheid nemen. Van de familie heb ik toestemming om alles op de foto te zetten, toch vraag ik dit ook aan de kinderen. Ze hebben er geen moeite mee en wijzen mij trots hun geschreven teksten nogmaals aan.

Als alles op de foto staat loop ik naar de keuken waar ik ontvangen word door Opa. Hij vertelt hoe de uitvaart, die morgen plaats zal vinden, er uit gaat zien en wat hij verder nog op de foto wil hebben. Ik ben nog steeds onder de indruk van de gezellige sfeer in huis. Hij moet lachen en zegt: “Oma gaan we zeker missen! Maar de dood hoort bij het leven en dat mag gevierd worden!” Als ik even later het huis verlaat voel ik mij niet gelaten of verdrietig maar moet ik ook lachen. Als uitvaartfotograaf maak ik best heel bijzondere en verdrietige dingen mee. Deze familie heeft gelijk. Ondanks het verdriet en gemis hoort de dood wel bij het leven, en ook dat mag gevierd worden…

Dit blog verscheen eerder op: familieberichten.nl 

Dankbaar…

In de zomer van 2014 werd ik gebeld door een mevrouw. Ze vertelde dat haar ex-man de dag ervoor was overleden. Het regelen van zijn uitvaart zou voor haar rekening komen. Er waren namelijk geen kinderen of andere familieleden die hierin nog iets konden betekenen. Ook de vriendenclub, die ooit zo groot was, was geslonken tot nog maar drie man. Via de uitvaartbegeleider was ze bij mij terecht gekomen. Ze vroeg mij of het mogelijk was om een aantal foto’s te maken. Niet van de hele dienst, alleen van de opbaring. Hem zelf, de kist, zijn kleding en misschien nog een bloemstuk als dat er al was. De kist zou namelijk gesloten worden door de uitvaartbegeleider zonder bijzijn van de mensen die hij achterliet.

Als ik de parkeerplaats oprijd staan de twee medewerksters van het rouwcentrum mij al op te wachten. Het is 19.30 uur in de avond en er is verder helemaal niemand. Ze zijn speciaal voor mij geopend. Ik word naar een ruimte gebracht die iets groter is dan mijn eigen woonkamer. Een van de dames sluit achter mij de deur. In het midden van de ruimte tref ik mijn afspraak, gekleed in een prachtig pak, één rode roos in zijn hand en liggend in een zwart gekleurde kist.

Ik loop naar de strak afgewerkte kist en laat mijn handen rusten op het voeteneinde. Deze man zou ieder moment zijn ogen kunnen openen. Alsof hij slaapt. De energie in de ruimte voelt bruisend aan. Het is zo anders dat het mij niet lukt om direct mijn camera te pakken. Dus neem ik plaats op één van de bankjes recht tegenover de kist. Ik laat zomaar een aantal minuten aan mij voorbijtrekken terwijl ik deze onbekende man gezelschap houd. Dan wordt het tijd om aan het werk te gaan. In de minuten die volgen zet ik hem zo waardig mogelijk op de foto.

Bijna een jaar na de uitvaart word ik gebeld door de ex-vrouw. Ze vertelde dat het een mooi dienst was geweest. Ondanks dat ze al 15 jaar uit elkaar waren kon ze zijn overlijden niet naast zich neer leggen. Er bleef maar iets aan haar knagen. Na een paar maanden besloot ze de foto’s er bij te pakken die ik twee dagen voor de uitvaart op haar verzoek had gemaakt. Dat was de reden waarom ze belde. Ze had niet verwacht dat het terugzien van haar ex-man, met zijn ogen dicht, liggend in een kist, met de kleding aan die ze zelf had uitgezocht, haar de rust zou geven die ze zocht. Het besef drong nu echt tot haar door. Hij is er niet meer. Vanaf dat moment was het alsof de puzzelstukjes op zijn plaats vielen. De foto’s hadden een klein stukje bijgedragen aan haar rouwverwerking. Het stukje dat zo aan haar bleef knagen. Nu kon ze het voorzichtig een plekje gaan geven.

Na het beëindigen van ons telefoongesprek galmden haar stem nog een tijdje door mijn hoofd. Wat fijn dat ik met mijn werk deze vrouw heb kunnen helpen. Al was het maar een beetje.

uitvaartfotografie Hamar

Dit blog verscheen eerder op Familieberichten.nl

Count your Blessings… #2

Terugkijkend op de afgelopen paar weken kan ik alleen maar heel blij zijn met alles wat ik ondernomen en gedaan heb. Hieronder drie onderwerpen die er voor mij tussenuit gesprongen zijn. De onderwerpen die mij blij hebben gemaakt. Die mij bewust hebben gemaakt van wat ik als normaal ervaar, maar wat niet altijd zo vanzelfsprekend is.

Bron: Tante W.

Brunch…
april stond in het teken van de brunches en de lunches met mijn gehele familie. Niet dat we dit zo specifiek gepland hadden. De agenda had nu eenmaal wat meer ruimte voor dit soort activiteiten dan de maanden ervoor. Het begon met 1e paasdag. Mijn oom en tante van mijn moeders kant organiseren dit al een aantal jaar. Zeker nu mijn opa, oma, vader en moeder er niet meer zijn is zo’n dag met familie extra fijn. De konijnen die los door hun huis en de tuin hupsen maken het plaatje voor deze dag helemaal af. Twee weken later hadden we een brunch bij van der Valk met de familie van mijn vaders kant. Ieder jaar probeert iemand van de familieleden iets leuks te organiseren. Soms is dat een uitje naar een pretpark. De andere keer een high tea of BBQ. Met zo’n grote groep is het vaak lastig om iedereen bij elkaar te krijgen. Gelukkig was het een grote meerderheid gelukt om deze dag vrij te houden en er iets gezelligs van te maken met elkaar. De laatste brunch was een week later. Eveneens bij van der Valk. Dit keer met mijn schoonfamilie. Ik weet eigenlijk niet eens meer ter eren waarvan. Maar we hebben een heel gezellige middag gehad en natuurlijk weer iets te veel gegeten…

Weekje weg…
Even de tijd voor ons als gezin hebben we eigenlijk niet zo vaak. We zijn zo druk met alles om ons heen dat we niet vaak samen weg gaan. We planden een week vakantie in. Alle drie waren we er heel erg aan toe. Zeker na alle inspanningen thuis, op school, de voetbal en het werk. De bestemming was Turkije waarbij het woord LUIEREN onderwerp van de week was. Hoewel… We moesten heel veel trappen beklimmen om van de vele glijbanen te gaan die het aqua park telden. Als het daar te druk werd naar ons zin liepen we naar het strand waar we de volgende paar uur verbleven. Met een bal uiteraard. Want een dag niet gebald is volgens zoonlief een dag niet geleefd. We voetbalden tot het zweet van ons voorhoofd droop en onze voeten rood zagen van het vele trappen tegen de zanderige bal. Na de lunch doken we één van de zwembaden bij het hotel in om deel te nemen aan ons eigen waterpolospel of om de GoPro te testen. De dag sloten we af in het zonnetje om ons op te laten drogen en vooruit, om even een uurtje te luieren…. De week vloog letterlijk voorbij. En we hebben het, ondanks dat we gewend zijn altijd met grotere groepen weg of op pad te zijn, heerlijk gehad.

GoPro getest in het zwembad

Gelezen…
Ik las het boek: Parnassia. Ik ben blij dat schrijfster Josha Zwaan dit pareltje geschreven heeft. Wat een mooi verhaal. Afgezien van mijn schoolperiode heb ik mij verder nooit echt verdiept in de 2e wereld oorlog. Maar oh, wat ben ik blij dat ik nog nooit een oorlog heb hoeven mee maken. Toch kon ik de gevoelens en de emoties van de hoofdpersoon goed plaatsen!! Het boek is heel fijn geschreven, en het zet je af en toe aan het denken. Een aanrader voor een ieder die van lezen houdt!!

The Living Years …

3 januari 2011. Vandaag precies 4 jaar geleden. Mijn eerste werkdag van het jaar stond op het punt om te beginnen. Om 07.30 uur, net voor ik mijn jas van de kapstok wilde plukken om weg te gaan, werd er aangebeld. De Hulp Officier van Justitie stond voor de deur. Na een aantall jaar bij de politie gewerkt te hebben weet ik ook wel dat die om dit tijdstip niet persoonlijk komt zeggen dat ik fout geparkeerd sta.

Ik kreeg het nieuws te horen dat mijn vader zojuist was overleden. Ik moest mee naar het ziekenhuis om hem te identificeren. Naast alle emoties die vanaf dat moment als een achtbaan door mijn lichaam raasden, vond ik het afschuwelijk. Nog nooit had ik zoiets ergs hoeven doen. Vriendlief bood aan om te gaan. Maar als zijn dochter vond ik, dat ik het hem verplicht was om zelf te kijken en te bevestigen of hij het wel of niet was… Toen ik de kamer binnen kwam, lag hij daar. Onder een laken met ontbloot bovenlijf. Hij was zo klein, zo fragiel. Hij was mijn vader…

De band met mijn vader was vanaf mijn pubertijd niet om over naar huis te schrijven. Ik zag hem feitelijk nooit terwijl we nog geen km van elkaar vandaan woonden. In 2010 besloot ik dat ik het contact met mijn familie en ook met mijn vader weer wilde aanhalen. We belden, mailden en zagen elkaar geregeld. Het deed ons alle twee goed. In 2011, nadat we even daarvoor nog heel gezellig met de familie kerst en Oud & Nieuw hadden gevierd, kwam daar heel abrupt een eind aan.

Mijn band met hem is alleen maar sterker geworden, nu hij er niet meer is. Raar om te zeggen maar zo voelt het voor mij. Ik hoor hem soms zo duidelijk in mijn gedachten. Ik zie hem soms zo scherp voor mij in mijn dromen en ik hoor zijn muziek op momenten dat ik het niet verwacht. Hij is er, zonder er te zijn. Hij is het die mij steunt door in moeilijke tijden te zeggen dat het goed is. Door mij een duwtje in de rug te geven als ik twijfel. En dat alles met een paar simpele woordjes: “Het is goed, meisje!” Deze woorden zijn zoveel meer voor mij gaan betekenen dan wanneer ik als negenjarige om een zakje chips vroeg.

Ik mis hem.
Ik mis hem meer dan ooit…

Onderstaand liedje ving ik op tijdens oudejaarsavond. Het deed mij plots aan hem denken. Een steek van gemis en tegelijk hoorde ik daar zijn geruststellende woorden: “Ach, het is goed zo, meisje!!”