2016 in vogelvlucht…

2016 was een rustig jaar. En dan bedoel ik niet de zondagse rust die in huis heerst wanneer iedereen nog op bed ligt. Ik bedoel dat er eindelijk eens geen uitersten waren. Geen emotionele achtbanen. Geen hoge pieken en diepe dalen. En vooral geen afscheid hoeven nemen van dierbaren. Eindelijk ben ik eens in rustig vaarwater terecht gekomen. Ik zou het bijna saai willen noemen, hoewel het allerminst saai was. Zo aan het einde van het jaar vind ik het leuk om terug te kijken en neem ik jullie in een vogelvlucht mee in mijn leven:

De voorjaarsvakantie werd benut voor een week wintersport. Ook dit keer waren we met een groep familieleden naar Oostenrijk gereden. We hadden prachtig weer, goede pistes en hebben heel veel lol gehad. We gaan al een aantal jaar naar hetzelfde gebied en nog steeds begint het niet te vervelen.

Enkele weken na de wintersport ontving zoonlief een brief van de KNVB. Samen met zijn voetbalmaatje was hij uitgenodigd om deel te nemen aan de voorselectie voor jongens U14. Het waren twee spannende en leerzame dagen met verschillende wedstrijden. Voor zoonlief bleef het bij deze wedstrijden. Zijn maatje was echter door naar de volgende ronde en heeft kortgeleden een tweedaagse interne training bij de KNVB mogen volgen. Wie weet waar dit hem nog gaat brengen… Ik heb in ieder geval aardig wat actiefoto’s van hem. Nu zijn handtekening nog haha.

De “Terheijdense Paardendagen” vonden dit keer plaats in april. Onze stal was goed vertegenwoordigd. We hebben zelfs de krant gehaald. De rit bestond uit een uitgestippelde route waarbij we de pijltjes moesten volgen. Dat bleek nog een hele klus. We reden verkeerd en plakten zo nog een km of 4 extra aan de rit. De lunch werd verzorgd door de organisatie en onderweg was er zelfs nog een fruithap voor iedere deelnemer. Misschien gaan we in 2017 weer.

De meeste indruk heb ik dit jaar opgedaan tijdens de ROPARUN. Ik mocht mee om foto’s te maken en het basiskamp te versterken. Ik heb nooit eerder onderdeel uitgemaakt van zo’n groot evenement en heb mijn ogen uitgekeken. Het was een bijzonder, indrukwekkend en emotionele driedaagse. Je bent gesloopt en tegelijk geeft het je vleugels als je ziet wat je als team kunt neerzetten. Ik denk dat het meedoen als loper of fietsen nog meer indruk zal maken.

Dit jaar maakten we kennis met het nieuwe voetbalteam van Zoonlief. De oudere spelers gingen naar U15 en hij bleef, gezien zijn leeftijd, nog een jaartje plakken. We hebben inmiddels aardig wat wedstrijden met elkaar meegemaakt. Feestjes gevierd en zijn er heel veel foto’s gemaakt. Een heel gezellige en sociale groep. Zowel ouders als jeugd! We gaan in 2017 verder waar we gebleven waren en ik hoop dat we nog heel vaak een feestje met elkaar kunnen vieren.

Natuurlijk was er nog veel meer:

2017 gaat, wat mij betreft, een pittiger jaar worden. Meer actie. Veel buiten zijn. Veel fotograferen. Met de boot weg. Nieuwe mensen leren kennen en vriendschappen sluiten. En vooral leuke dingen doen.

Ik wil jullie heel erg bedanken voor alle keren dat jullie dit jaar op mijn blog meelazen. Reacties achterlieten en blogjes deelden op eigen social media. Ik waardeer dit enorm.

Voor nu wens ik jullie allemaal een knallend uiteinde van 2016 en een sprankelend begin van 2017 toe! Tot volgend jaar!

happy new year 2017

Kerstver(p)lichting…

December…. De maand van de feestdagen. Eten. Gezelligheid. Liefde. Saamhorigheid. Cadeautjes. Die f*cking boom. Had ik eten al gezegd? Ergens kwam er een omslagpunt. Ik begon met steeds meer tegenzin naar deze maand toe te leven. Dat omslagpunt kwam waarschijnlijk toen ik oud en wijs genoeg was om te beseffen dat wat ooit was, nooit meer zal zijn. Wat heel veel mensen met de maand januari hebben, heb ik met de maand december. Van mij mag hij geschrapt worden. Als kind niet. Nee, als kind was december DE maand van het jaar. Het mocht van mij wel iedere maand december zijn.

Dat kwam omdat mijn moeder, ondanks haar karige inkomen, er altijd een feest van maakte. Dat begon met Sinterklaas. Jute zak met cadeaus. Zwarte piet die langs kwam. Zelfs toen we er niet meer in geloofde zat er altijd wel iets in onze schoen. Maar kerst was voor mij speciaal. Het hele jaar spaarden mijn moeder de zegelboekjes van de Albert Heijn zodat ze aan het einde van het jaar flink kon uitpakken. Ieder jaar een echte kerstboom. De ramen versierd met sneeuw, stickers en linten. Zelf gemaakte kerststukjes. Overal lampjes en kaarsen. Het had iets magisch.

Met eten werd ook niet moeilijk gedaan. Voor haar eigen familie. Voor haar ex-schoonfamilie. Voor alle vrijgezellen in beide families. Het maakte haar niet uit. Ze stond soms dagen in de keuken om een complete rijsttafel en ander lekkers klaar te maken. Maat houden was voor haar soms lastig. Dus werden de kleinigheidjes onder de boom vaak flinke cadeaus. Omdat mijn ouders gescheiden waren vierden we de kerst het ene jaar bij mijn moeder en het andere jaar bij mijn vader. Ook daar werd flink uitgepakt, zowel met eten als met cadeaus. Met een grote familie was het altijd druk en gezellig.

Ondanks mijn tegenzin in de feestdagen probeer ik er ieder jaar toch iets van te maken. Ik moet niet vasthouden aan wat ooit was, maar toegeven aan wat nu is. Ik ben immers niet alleen. Ik heb een familie. En zij vinden december wel een toffe maand, ondanks dat er gewerkt moet worden met kerst. Toen de heren voor een uitwedstrijd op pad waren besloot ik het huis in kerstsferen te dompelen. Het gevecht met de lampjes had ik gewonnen dus een leuke verrassing bij thuiskomst toen de boom in al zijn glorie stond te schitteren in de hoek van de kamer.

En wanneer de boom dan eenmaal staat is het toch eigenlijk ook best wel weer leuk. Het brengt sfeer en gezelligheid. Het leukste vind ik om er iedere keer een cadeautje onder te leggen. Die ik eerst stiekem mee naar binnen moet zien te smokkelen. Ik leg hem pas onder de boom wanneer er niemand thuis is. Ik vind het leuk om de verbaasde gezichten te zien wanneer er weer iets nieuws bij is gelegd. Wat zou daar nu inzitten?? Vriendlief doet overigens precies het zelfde. En dat maakt mij net zo nieuwsgierig als hem.

Ik zou heel graag weer eens een kerst willen vieren zoals vroeger. Niet voor de cadeautjes. Maar voor de saamhorigheid. De eenheid als familie. Met eten. Veel eten. Dat dan weer wel. En herinneringen ophalen aan vroeger! Wie weet volgend jaar. Want dit jaar vieren we het klein. Met zijn viertjes. En we gaan ons best doen om er een heel gezellige dag van te maken.

Als je haar maar goed zit…

In mijn haast om op tijd op mijn werk te komen ren ik de badkamer binnen. Direct word mij de adem ontnomen. Het liefst maak ik rechtsomkeert maar dat kan niet want H.A.A.S.T. Bij iedere ademteug plakken mijn longblaasjes verder aan elkaar. Ik kijk naar de inhoud van de la dat nu op de rand van de wasbak is uitgestald. Daarna kijk ik naar zoonlief. Haar van kat zit niet goed. Hij heeft stekelsDie zojuist een hele bus haarlak heeft leeggespoten. De helft zit nu op zijn hoofd. De andere helft in mijn longen! Zoonlief is op zijn zachtst gezegd niet blij. En al helemaal niet omdat ik getuige ben van zijn bad hair day. Via de spiegel vangt hij mijn blik en maakt direct duidelijk dat ik vooral niet het lef moet hebben om er ook maar iets van te zeggen. Niet dat ik dit nog kan. Naast mijn longen zijn nu ook mijn stembanden aan elkaar geplakt. Het moet gezegd: sterk spul.

Met een blauw aangelopen gezicht poets ik mijn tanden. Zoonlief is nog steeds niet klaar. Hij vind een paarsachtig flesje en sprayt ook dat in zijn haar. Ik maak hem er voorzichtig op attent dat dit Andrelon Perfecte krul is en niet gaat helpen om zijn haar te stylen. Geschrokken van zijn eigen onoplettendheid zit er nog maar één ding op. Hij rommelt tussen de overgebleven spullen in de la en vindt wat hij zoekt. “WAT DOE JE!!” Gil ik met mijn tandenborstel nog in mijn mond. Zoonlief gaat stoïcijns door met zijn actie. Hij knipt een hele pluk, iet wat scheef, vanaf de haarwortel af. De badkamer vult zich met stilte terwijl wij alle twee naar de pluk haar in zijn hand kijken. Ik vol afgrijzen. Hij met een glimlach op zijn bakkes. Eindelijk kijkt hij mij weer aan. “Ik los mijn probleem op!” Is het enige wat hij zegt. Ik kan het niet helpen maar moet hier zo hard om lachen dat ik bijna stik in een combinatie van haarlak en tandpasta.

Ik moest opeens denken aan een actie van een paar weken terug. Toen kreeg hij precies een half uur om zijn rommel op te ruimen. Wanneer ik na 30 minuten nog nutteloze zooi zag liggen, zou er een voetbalfoto van hem op Instagram verschijnen uit de periode dat hij nog geen ruk om zijn kapsel gaf. Een Throw Back Friday of iets in die trant. Nog binnen het half uur was al zijn rommel opgeruimd. Hij was zelfs zo ver gegaan dat zijn sporttas was uitgepakt, schoolspullen van de trap gehaald waren en kleding (netjes) gevouwen in de kast lag. Dat ik nooit eerder op dit subtiele chantagemiddel ben gekomen…

Als we alle twee gepoetst en aangekleed beneden staan zie ik pas wat voor kleding hij aan heeft. Een zwarte en een witte sok. Een trainingsbroek die beter niet meer buitenshuis gedragen kan worden en een shirt dat qua kleur totaal niet past bij de rest. “Je maakt je druk om je kapsel, maar je kleding interesseert je niet?” Vraag ik hem. Zoonlief kijkt mij met een puberale uitdrukking aan. “Als het maar lekker zit. Wat maakt het dan uit wat ik aan heb!?” Hij hijst zijn rugzak op zijn rug, geeft mij een kus en springt op zijn fiets. Terwijl ik hem uitzwaai bedenk ik mij dat we echt heel veel op elkaar lijken. Een allegaartje aan kleding. Maar ach, wie ziet dat nu? Als je haar maar goed zit. En ook die fase gaat voorbij…

Nog één keer …

Man, man, wat heb ik mij op sommige momenten mijn ogen uit mijn kop geschaamd. Geregeld hoopte ik op een spontane zelfontbranding. Weg van die plek, waar iedereen mij kon zien en mij kon koppelen aan die malloot die daar op de dansvloer zijn ding stond te doen. Die malloot? Dat was jij en toevallig mijn vader. Ik vond het vreselijk wanneer jij je dolle vijf minuten had en ik ook nog eens in de buurt was. Er kon geen feestje voorbij gaan of ik zonderde mij af. De afstand tussen jou en mij maakte ik opzettelijk zo groot mogelijk. Jij deed gewoon je ding. En ik? Als egoïstische rot puber ging daar dwars tegen in. Ik schaamde mij rot voor jouw gedrag.

Nu ik ouder, misschien wat wijzer, en zelf moeder ben van een puber schaam ik mij nog tien keer meer. Want jij deed wat je deed, omdat jij was wie jij was. Compleet jezelf. Met daarbij je dolle vijf minuten die meestal een hele middag of avond voortduurden. Jij was jezelf. Jij was gelukkig op dat moment. Het maakte jou niet uit in wiens gezelschap je was. Wanneer jij muziek hoorde ging je uit je dak. Je genoot zoals je altijd deed. Toen ik ouder werd hield jij je in, voor mij. En dát is pas iets waar ik mij rot voor moet schamen. Ik liet jou niet zijn wie jij feitelijk was. Terwijl jij mij, met al mijn nukken en dwarse buien, liet begaan. Je liet mij zijn, zoals ik op dat moment wilde zijn. Een opstandige puber.

Heel veel zou ik over hebben om nog één keer vijf minuten gek te doen. Zelfs op een druk plein, in een disco of in een gangpad van een restaurant. Gek doen en uit mijn dak gaan samen met jou. Een dolle vijf minuten die een hele avond voortduurt. Schijt hebben aan mijn schaamte. Want geloof mij, dat is iets wat ik inmiddels, nu ik ouder ben, ver achter mij heb gelaten. Gewoon genieten van iets dat niet alleen jou gelukkig maakt, maar mij waarschijnlijk ook. Helaas is dit niet meer mogelijk. Ik moet het doen met de herinneringen. Jij dansend en springend op een dansvloer en ik mokkend aan de kant.

Daarom zet ik hier een liedje voor jou op. Een liedje waarop we samen gek kunnen doen. Wanneer ik dit nu afspeel sluit ik mijn ogen en zie je aan de binnenkant van mijn oogleden heen en weer springen. Half je nek breken wanneer je weer één of andere move uitvoert of niet meer overeind kan komen omdat je te ver door je knieën gezakt bent… We zijn weer voor even samen. Daar op die dansvloer. Ik sta niet langer mokkend en chagrijnig aan de kant. Maar doe al springend en dansend met je mee!

Gefeliciteerd pap, je zou vandaag 65 jaar geworden zijn… 💞

Wat ik vroeger wilde worden…

Ik zat in groep vijf toen er een themaweek gewijd werd aan wat je later wilde worden. Ik wist het precies: advocaat. Heel mijn lagere schoolcarrière heb ik dat volgehouden. Je onderdompelen in het verhaal. Het uitpluizen van dat verhal en het zoeken naar bewijzen. Het leek mij fantastisch om andere mensen te kunnen overtuigen van iemands onschuld. Toen ik wat ouder werd kwam ik er achter dat je niet alleen onschuldige mensen zou moeten helpen. Ook mensen die zeer zeker wel iets op hun kerfstok hebben. Het beroep kreeg voor mij vanaf dat moment een andere lading. Iemand vrij proberen te pleiten terwijl hij/zij schuldig is? Dat leek mij helemaal niks. Sterker nog, de gedachte dat ik op moest komen voor een (kinder)verkrachter, om nu maar iets te noemen,  gaf mij toen al rillingen.

Recht, advocaat, beroep, Wat nu als ik de leider van een onderzoek zou zijn? Niet als strafpleiter maar als strafeiser. Dat idee stond mij meer aan. Dus draaide ik de rollen om. Officier van Justitie leek mij een leuker beroep dan advocaat. Toen ik eenmaal door had dat ik misschien toch niet zo’n kei was in leren, begon ik te twijfelen. Voor dit beroep moest er toch wel degelijk veel geleerd worden. Uit diverse bronnen vernam ik ook dat een studie rechten erg saai kon zijn. Droge en taaie stof. Meer en meer stapte ik af van mijn beeld waarbij ik mijzelf in een zwarte toga in een rechtszaal zag staan. Met links en rechts van mij grote dikke dossiers die allemaal vol stonden met onomstotelijk bewijs!

Ik ging van een brugjaar MAVO/HAVO door naar de MAVO. De drie daarop volgende jaren doorliep ik eigenlijk met gemak. Behalve wiskunde. Dat  was een drama. Ik besloot dit vak, in overleg met mijn docent, te laten vallen. Hiermee verviel tevens de mogelijkheid om door te stromen naar de HAVO. Ik begreep dat mijn “snappertje” niet de inhoud had om zo’n zware studie aan te gaan. Ik moest mijn toekomstbeeld gaan bijstellen naar een iets realistischere job. Economisch Juridisch werd dat jaar op MBO niveau als opleiding geïntroduceerd. Ik greep mijn kans om via die weg toch dichter bij mijn altijd-gewilde-baan te kunnen komen. Je weet nooit hoe het balletje rollen gaat…

Ik kwam niet verder dan het tweede jaar, aangezien ik aangenomen werd bij de politie. Een zijstap in mijn niet geplande “carrière”. Ook hier zag ik weer de uitdaging. Dit keer niet als strafpleiter of eiser maar toch een klein onderdeel van het geheel in een strafonderzoek. Ik heb ongeveer acht jaar bij de politie gewerkt en heb veel geleerd. Over mijzelf, over mijn collega’s, leidinggevenden en over mensen in de algemene zin van het woord. Meer en meer raakte ik daardoor gefascineerd. Waarom doet iemand de dingen die hij doet?? Uiteindelijk wilde ik weg bij de politie. Bepaalde werkzaamheden gingen mij tegenstaan, evenals de mentaliteit van een hoop collega’s. Antropologie of iets in de psychologie had intussen mijn interesse gewekt.  Ik was nog jong en zou aan zo’n opleiding kunnen beginnen. Maar weer dat “snappertje” in combinatie met een zware studie…

Inmiddels ligt mijn politie-carrière ver achter mij. Net als mijn droom om in een rechtszaal te staan. Op dit moment heb ik een super leuke job waar ik mij helemaal in thuis voel en die niks met voorgaande te maken heeft. Maar nog altijd trekken deze twee studies mij aan. Rechten en psychologie.

Wie weet, ooit….

Doe jij nu het werk, dat jij altijd al hebt willen doen?

Een pleinfestijn…

Vroeger, toen ik nog klein was en de zomervakantie voor mij uit minimaal zes weken bestond, bracht ik drie weken bij mijn vader door. We zijn nooit echt met vakantie geweest. Dat zat er niet in en op de één of andere manier heb ik dat vroeger ook nooit gemist. Terwijl vriendjes en vriendinnetjes naar campings in Frankrijk en Spanje gingen bleven wij thuis. Wij wisten niet beter. Mijn vader zorgde er wel voor dat wij ons nooit hoefden te vervelen. Bijna iedere dag deed hij leuke dingen met ons. Een aantal tripjes kan ik mij nog redelijk herinneren. Zonder tomtom maar met wegenkaart scheurde hij heel Nederland door. Bos, strand, duinen. Water- speel- en dierentuinen. Het maakte hem niet uit naar welke uithoek hij moest rijden. Natuurlijk bezochten we ook alle pretparken die Nederland op dat moment had en nog steeds heeft. Als wij op pad gingen mocht mijn neef ook vaak mee. Dat was dubbelop pret.

Vorig weekend waren de rollen omgekeerd. Toen mochten mijn zus en ik met Tante, Neef en diens kinderen mee op pad. Een bezoek aan de Efteling tijdens het negenpleinen festijn. We hadden al vroeg afgesproken en het plan was om tot sluitingstijd blijven. Dat beloofde een drukke en vooral lange dag te worden. Mijn nichtje had de week van te voren al aangegeven heel graag als eerste in de Vliegende Hollander te willen. Terwijl mijn neefje als eerste in Droomvlucht wilde. Het was best druk. Maar niet zo druk als ik verwacht had. Een hoop mensen waren die zaterdag op weg naar hun vakantiebestemming elders op de wereldbol.

Mijn nichtje had de Efteling App op haar telefoon gezet. Zo konden wij (lees: nichtje) uitrekenen welke attractie we konden doen zonder extreem lang in de rij te staan. Dat hadden we vroeger niet. Je liep naar de Bob of de Python om er achter te komen dat er een wachtrij was van minimaal een uur. En wanneer je daar eenmaal in stond ging je echt niet uit de rij!! Wanneer de app correct werkte was het een prima leidraad. We hebben het park wel zes keer doorkruist want mijn nichtje wilde graag de achtbanen doen. Terwijl mijn neefje het liever bij de wat rustigere attracties hield. Af en toe splitsten we de groep op zodat ieder zijn ding kon doen zonder lang te hoeven wachten op de rest.

Aan het einde van de dag had ik pijn in mijn kaken van het lachen, last van mijn keel van al het praten (want neefje wilde heel veel weten!) en pijn in mijn voeten van het lopen. Het leukste van de dag vond ik nog wel dat ik mijn neefje en nichtje op een heel andere manier heb leren kennen. Niet verlegen en stil. Maar druk en uitbundig en had ik druk al gezegd? Waar ik op een verjaardag een heel voorzichtig handje krijg, kreeg ik nu een dikke knuffel bij het afscheid. We zijn overigens niet tot sluitingstijd gebleven. Dat hielden onze voetjes echt niet meer. Na de Aquanura (watershow), die om 23.00 uur was afgelopen, gingen we na een zeer lange dag moe maar voldaan richting huis. Het was een geslaagde dag en zeker voor herhaling vatbaar. Sterker nog, er wordt al gepraat over een familievakantie volgend jaar zomer!!

Efteling, familie, zomer, dagje weg, lol, 2016, pretpark

 

Rondje Biesbosch…

“Wakker worden!!” Gil ik naar boven. “He, wat?! Hoezo?” Wordt er bijna niet verstaanbaar gemompeld. “Omdat we zo gaan varen!” Roep ik luid en duidelijk terug. Zoonlief en een vriendje dat was blijven slapen, kijken mij niet begrijpend aan. “Varen?” Vragen ze alle twee. Ja, je weet wel, met een bootje, op het water!! “Euh, hebben wij een boot?” vraagt zoonlief. Hoofdschuddend loop ik de kamer uit. Na wat gestommel staan er twee pubers met ontbloot bovenlijf voor mijn neus. Ik zet ze aan tafel met hun ontbijt en ren daarna als een malle door het huis om één en ander aan spullen bij elkaar te rapen. Wanneer de heren dan eindelijk ook nog zijn aangekleed, hun haar hebben gedaan en hun zwemspullen hebben gepakt kunnen we gaan. Voor vandaag heeft vriendlief een bootje gehuurd. Gewapend met zonnebrandcrème factor 50, een koelbox met versnaperingen voor onderweg en een extra batterijoplader (je weet nooit wat voor pokemon je tegenkomt op het water…) stappen we even later in onze gehuurde cabrio-sloep.

bootje, varen, biesboschDe heren nemen om de beurt het sturen op zich terwijl ik de spullen installeer en het dak van onze sloep laat zakken. Hier op het water is het heerlijk vertoeven. We varen de haven uit en binnen een paar minuten zitten we midden in de Brabantse Biesbosch. Met de muggen en dazen valt het gelukkig nog mee. Het valt mij op hoe druk het op het water is. Van roeiboten en kano’s tot complete jachten. Het komt allemaal voorbij. Na enige tijd meren we aan bij een van de vele strandjes. Eten een broodje en de heren nemen een duik. Vriendlief en ik blijven lekker aan boord om te zonnen en te kletsen met onze buren. Wanneer het te warm wordt starten we de motor en zetten we koers naar een ander onbekend stukje natuur.

We gaan te langzaam om te waterskiën. Maar gaan snel genoeg om achter de boot aan gesleurd te worden. Dus de heren vermaken zich een poos achter de boot. Wanneer ze na de zoveelste keer hun zwembroek kwijt zijn (hihi) hebben ze er genoeg van en klimmen weer aan boord. We besluiten om van de hoofd vaarroute af te gaan en wat smallere stukjes op te zoeken. Hier is het minder druk. Alleen de kleinere bootjes en sloepjes kunnen hier doorheen. Vriendlief zet af en toe de motor af. De stilte is dan bijna oorverdovend. Eigenlijk zouden ze hier alleen fluisterbootjes door moeten laten. Wat heerlijk om alleen de vogeltjes te horen. Wanneer we een van de vele slinger bochtjes door zijn stuiten we op een kudde Schotse hooglanders. Ze staan tot aan hun buik in het water. De hitte is ze waarschijnlijk te veel. Ook nu zet vriendlief de motor af zodat we even naar ze kunnen kijken zonder ze verder te storen. Het geeft mij de kans om een aantal plaatjes van ze te schieten. Het is veel te warm om je druk te maken. en zich druk maken doen ze zeker niet.

Na een paar uur op het water is het tijd om terug te keren. Omdat we de slingerroute hebben gekozen zijn we aan de andere kant van de haven uitgekomen. Nu kunnen we mooi nog even “spelen” op de golven van de voorbijkomende grotere en snellere boten. We hebben ons allemaal prima vermaakt. Zijn niet verbrand maar hebben toch een lekker kleurtje gekregen. Moe en voldaan keren we huiswaarts. Een bootje huren gaan we zeker nog eens doen.

koe, schotse hooglanders, biesbosch, varen, brabant

Biesbosch, varen, schotse hooglander, koe

TAG: Zomerse Dilemma’s…

Zomer, zonsondergang, vakantie, strand, Nederland, Spanje

Via via kwam ik uit op het blog van Montevie. Ze schrijft over van alles en nog wat. Op de dinsdag komen haar “dilemma’s” aanbod. Natuurlijk geen wereldschokkende dilemma’s maar grappig genoeg om te lezen. En één van deze dilemma’s vond ik leuk genoeg om over te nemen. Hoewel de zomer zich nog niet van haar beste kant heeft laten zien, (wat niet is, kan nog komen) is het volgens de kalender toch wel degelijk zomer. Hieronder elf zomerse keuzes met daarbij mijn antwoorden.

Op blote voeten door het gras OF Op blote voeten door de branding;
Het geeft mij alle twee een zomers gevoel. Aangezien we een keuze moeten maken kies ik voor blote voeten door het gras. Ik vind zeewier, schelpjes en ander ondefinieerbaar spul onder en tussen mijn tenen vreselijk. Uiteraard is er ook van alles in het gras te vinden. Daar denk ik dan maar niet te lang bij na.

Een vakantie op een tropisch eiland OF Een zonnige, culturele stedentrip;
Mijn keuze valt als eerst op een tropisch eiland. Heerlijk in een hangmat tussen twee palmbomen in luieren in de zon. Met natuurlijk een heerlijk verkoelend drankje bij de hand. Een stedentrip is ook leuk. Die doe ik gewoon daarna. Want het is alle twee heel erg leuk!!

Jouw diner bestaat alleen nog maar uit homemade pastasalades OF Jouw diner bestaat alleen nog maar uit barbecueën;
Hier hoef ik niet eens over na te denken. Dat wordt alleen nog maar BBQen. Er hoeft niet alleen vlees op een BBQ. Groente, fruit en marshmallows doen het ook prima op het rooster. De keuze lijkt mij daardoor een stuk gevarieerder dan enkel en alleen pastasalades.

Zwoegen in de sportschool OF Workouts in de buitenlucht;
Workouts in de buitenlucht natuurlijk. Niks ik zo lekker om in de ochtend, na een drukke werkdag, of een flinke regenbui je buiten in het park of het bos te begeven. Een sportschool vind ik vaak erg bedompt. Voel mij daar opgesloten.

Iedereen denkt dat jij de zon tevoorschijn tovert OF Niemand wil ooit nog met jou op vakantie;
Uiteraard keuze nr 1. Ik ben gewoon het zonnetje in huis. En laat mensen dat vooral wel denken wanneer het niet zo is haha.

Een hele zomer doorbrengen in Scandinavië OF Een hele zomer backpacken door Azië;
Azië is gigantisch groot. Maar één land heeft wel mijn voorkeur. Ik heb altijd geroepen een keer naar Indonesië te willen, het geboorteland van mijn vader. Sinds enige tijd voel ik een verbondenheid met een leven dat ik niet ken. Dat ver voor mijn bestaand is geleefd. Alleen daarom al wil ik met eigen ogen zien waar mijn opa en oma ooit geleefd hebben.

Nooit meer jouw teennagels lakken OF Nooit meer slippers dragen;
Nooit meer mijn teennagels lakken. Die lakte ik toch al nooit. Dus geen man overboord!

Je draagt de hele zomer een nét te kort zomers rokje OF Je mag nooit meer jouw benen ontharen;
Euh, tja… Vriendlief zal wel heel erg blij worden dan… Dat word een hele zomer een iets te kort rokje dragen. En wat zal ik dan mooie bruine benen krijgen. Wanneer de zon zich ooit nog eens laat zien natuurlijk.

Iedere nacht illegaal kamperen in een weiland OF Iedere nacht doorbrengen onder de sterrenhemel;
Onder de sterrenhemel natuurlijk. Maar dan wel ergens waar het  dak dicht kan. Geen gezoem van vervelende beestjes om mijn hoofd hoor. Illegaal kamperen in een weiland?? Wat is daar nu leuk aan?

Jouw favoriete ijsjessmaak is nergens meer verkrijgbaar OF Je mag de hele zomer geen zoetigheid meer;
Hoewel mijn trek naar zoetigheid sinds een jaar drastisch is afgenomen, kies ik toch voor een ijsjessmaak die niet meer te verkrijgen is. Er zijn nog legio andere smaken die ook heel erg lekker zijn. Maar een hele zomer echt helemaal geen zoetigheid?? Ik denk dat ik daar heel chagrijnig van ga worden.

Iedere zomer hoor je altijd ‘Op een onbewoond eiland’ van Kinderen voor Kinderen in jouw hoofd OF Bij het horen van muziek begin je onuitstaanbaar te huilen;
Ik kan heel erg genieten van de rust om mij heen. Maar janken bij het horen van muziek? Nee!! Dan kies ik voor Kinderen voor kinderen.  Wie is daar nu niet mee opgegroeid 😀 En nu heel snel opzoek naar een ander liedje want voor ik het weet zit dit de rest van het weekend in mijn hoofd!!

Wat zou jij kiezen: Jouw diner bestaat alleen nog maar uit homemade pastasalades OF Jouw diner bestaat alleen nog maar uit barbecueën?

 

Vermoeiend…

Wanneer ik op de klok kijk weet ik dat ik over een paar uur, wanneer de wekker afgaat, spijt heb van mijn keuze. Maar ja, nog even dit, nog even dat… Wanneer de wekker na een zeer korte nacht daadwerkelijk af gaat heb ik inderdaad spijt dat ik niet eerder naar mijn bed ben gegaan. Vanavond!! Dan ga ik echt vroeg naar bed. Ik kijk er nu al naar uit. Het probleem is dat ik dit mijzelf al heel de week, wat zeg ik: meerdere weken, plechtig beloofd heb. Iedere ochtend weer. En iedere avond breek ik mijn eigen belofte. Wanneer de wekker gaat kan ik mijzelf wel voor mijn kop slaan. Gedane zaken nemen geen keer en ik zal de dag moeten overleven op koffie en veel frisse lucht. Vanavond kan ik in de herkansing.

Op de zaak is het na een periode van rennen en vliegen opeens angstvallig stil. Te stil… Het lijkt wel zomervakantie. En dat is op zijn zachtst gezegd, niet zo fijn. Het liefst stamp ik achter elkaar door om moe en voldaan aan het einde van de middag naar huis te gaan. Nu werk ik de ene geeuw na de andere weg en heb ik tijd om mij bezig te houden met hoe moe ik ben. Naast koffie drinken natuurlijk. Om wakker te blijven. De telefoon staat op een doorsnee dag roodgloeiend, maar is deze periode erg zwijgzaam. Geregeld controleer ik of we wel verbinding hebben. Het is raar om nu werk te moeten zoeken terwijl je anders tijd en handen te kort komt om alles af te krijgen. Juist daardoor ben ik ook niet vooruit te branden.

Hierdoor krijg ik last van uitstel gedrag, want waarom haasten als het morgen ook kan. Of overmorgen. Ik krijg last van snaai gedrag, want ik wil graag iets om handen hebben. De snoepautomaat is maar één verdieping lager. Ik krijg last van doorzitplekken, want ik ben te lui om even een blokje om te doen. En ieder uur naar de snoepautomaat gaat net iets te ver. Yuk, geef mij werk waarbij ik moet rennen en vliegen zodat ik lekker bezig ben. Slaap ik ‘s nachts ook vast een stuk beter. Echt, zo moe als ik mij nu voel heb ik mij in maanden niet gevoeld. Zelfs na de Roparun niet. En toen was ik echt gesloopt.

Natuurlijk heeft deze periode ook zijn voordelen. Zo kan ik namelijk mijn bloglovin lijst weer eens helemaal bij lezen. Want als ik ergens drastisch achterliep was het wel daar. Ook heb ik wat nieuwe blogs gevonden. Daarmee kon ik mooi mijn bloglijst updaten. Oude, niet langer in werking zijnde blogs er uit en nieuwe erin. En kan ik vooruitwerken met mijn eigen blog. Maar… Wanneer ik mij zo verveelt voel als nu is er meestal ook geen sprake van inspiratie. Dat blijft dan vaak wat achterwege. Jammer de bammer.

Nu moet ik jullie dus maar bezig houden met mijn gezemel over mijn vermoeiende (werk)dagen. Waarbij ik reikhalzend uitkijk naar het einde van de middag. Op naar huis zodat ik mij daar op het huishouden, boekje lezen, en wat al niet meer, kan storten. Wanneer we het einde van de week naderen kijk ik bijna smachtend uit naar het weekend. Twee hele dagen zonder achter mijn bureau te zitten (of te staan of te hangen) en te wachten op werk… Te korten nachten kunnen erg vermoeiend zijn. Dat “niks” doen op je werk net zo vermoeiend kon zijn heb ik nooit geweten.. PPFFF.

Wat ooit was…

De herinneringen aan mijn opa en oma gaan ver terug. Soms verlang ik zelfs naar die periode toen we iedere zondag daar op visite kwamen. Het was vaste prik voor heel de familie. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neefjes en nichtjes. Ik besef nu dat dit niet altijd even makkelijk moet zijn geweest. Hadden de “grote” mensen het toen niet ook druk, druk, druk, zoals nu? En hoe moe zullen mijn neven wel niet geweest zijn na een avondje stappen? Toch was iedereen er altijd. Terwijl de heren bij elkaar zaten om te klaverjassen of sport te kijken, zaten de dames in de keuken om de laatste roddels met elkaar door te nemen. De kinderen speelden in de gang, tuin of waar dan ook waar ze niemand tot last waren.
’s Avonds aten we met zijn allen aan de grote tafel het eten dat oma voor ons had klaar gemaakt.

Spijtig genoeg overleed mijn opa op veel te jonge leeftijd. Oma moest daardoor noodgedwongen verhuizen. De spil van de familie, die geleidelijk verdween. Uiteindelijk viel de familie uit elkaar. Natuurlijk zagen we elkaar op verjaardagen. Wanneer we niet druk, druk, druk waren. Of wanneer we zin hadden. De kleintjes groeiden op en kregen een eigen leven. Familie was belangrijk. Maar vrienden, op sommige momenten, nog veel meer. Het gevoel van “toen” is niet meer terug te halen. Dat behoort tot een herinnering. Een mooie gekleurde herinnering, dat dan weer wel. Het bleek dat de verbondenheid die ooit was, door meer mensen werd gemist. Daar moest dus toch wat aan gedaan worden. De geboortedag van oma werd onze nieuwe familiedag. Inmiddels ondernemen we al jaren op of rond die datum iets leuks met heel (of een groot gedeelte van) de familie.

Gingen we vroeger nog naar pretparken en aansluitend een etentje, zoeken we het nu wat dichter bij huis. Zo ook dit jaar. Gewoon in de achtertuin, bij oom en tante. Een familie BBQ. Met voor ieder wat wils. Het hoeft niet duur en groots. Of ver van huis. Zolang iedereen er maar is. Net als vroeger. Bij opa en oma thuis. Geen uitzondering, iedereen was aanwezig. Ook al mijn neven en nichten. En daar de kinderen van. Terwijl de heren met zijn allen gebogen stonden over de BBQ zaten de dames bij elkaar met een drankje in de hand om de laatste roddels door te nemen. De kinderen speelden in de tuin, brandpoort of zaten op de bank met hun Ipad op schoot een filmpje te kijken. ’s Avonds aten we met zijn allen, met een bord op schoot, het heerlijke vlees dat oom voor ons op de BBQ had klaar gemaakt.

Later op de avond gaf mijn nichtje ons een doos vol oude fotoalbums. We bladerden ze één voor één door. Wat grappig om een sprong van meer dan 20 jaar terug in de tijd te nemen. Ook alle familieleden die er nu niet meer zijn, en dat zijn er inmiddels te veel, kwamen voorbij. Dat gaf een extra speciaal gevoel aan deze mooie dag. Zo waren ze er toch nog een beetje bij en waren we compleet.

Dat wat ooit was, is helaas niet meer.Het gevoel van vervlogen tijden. Oh ik mis het soms enorm. Hoe graag ik ook wil, het komt niet meer terug. Ik moet het doen met de herinnering en die heb ik nog. Niet alleen op foto. Maar ook veilig in mijn hoofd en in mijn hart. Gelukkig heb ik nog wel de mogelijkheid om nieuwe herinneringen te maken. Samen met mijn familie.