FF uitwaaien…

Terwijl de heren beneden met één oog televisie kijken en met het andere oog hun Ipad chronische in de gaten houden ben ik boven lekker in de weer. Alle ramen en deuren staan tegen elkaar open. De bedden zijn afgehaald, de wasmachine draait op volle toeren en de overige was is zojuist gesorteerd en sta ik in de kasten te “proppen”. Het geeft mij voldoening om de berg was te zien slinken. De heerlijke Robijn fleur en fijn geur is ook een stuk aangenamer dan de adembenemende zweet- en stinksokken lucht van sportkleding. Nu ik toch bezig ben neem ik ook direct de badkamer en toilet nog even onder handen.

Als ik naar beneden loop voel ik de bui al hangen… De thermostaat staat op standje subtropisch. Ik ben nog niet binnen of het zweet staat op mijn rug. Alsof ik een sauna binnen stap. Het enige dat nog ontbreekt is de geur van eucalyptus. Het liefst zou ik de achterdeuren opengooien, heerlijk de koelte in huis binnen laten. Maar dat hoef ik niet te doen met deze twee koukleumen. In plaats daarvan pak ik mijn sleutels en mijn fiets. Mijn Harley Trapson ziet over het algemeen alleen in de zomermaanden het daglicht. Maar nu kon ik de verleiding niet weerstaan. Ik pak een route via de polder om zo min mogelijk verkeer tegen te komen.

Het zonnetje doet zijn best om door het wolkendek heen te breken. Dat helaas niet echt wil lukken. Ook de wind neemt toe. Het lijkt wel herfst in plaats van lente. Het deert mij niet. Mijn haren wapperen door de wind en de tranen staan in mijn ogen. Ik ruik een zilte lucht. Als ik even mijn ogen sluit en luister naar het ruisen van de bomen is het net of ik de golven van de zee hoor. Niet te lang, anders rij ik zo de sloot in. Ik krijg spontaan zin om een strandwandeling te gaan maken. Dat zal hier, in de polder, een beetje lastig worden. Ik trap tot mijn bovenbenen in brand staan. Jeetje, “vroeger” deed ik alles op de fiets. Nu is een ritje van 4 km al bijna te veel.

Ik vind het zo jammer dat de polder niet groter is dan dit. Als ik een klein stukje om zou rijden kan ik er nog voor kiezen om via het pannenkoekenhuis, langs de Maas, richting Hotel Ara te rijden. Voor de lezers die bekend zijn met deze omgeving… Maar daar is het net weer iets te fris voor. Ik breng een bliksembezoek aan Poownie die tevens de eindhalte is van mijn ongeplande uitstapje. Ik tover een paardensnoepje uit mijn jaszak. Waar ik altijd zijn aandacht en niets anders dan zijn onverdeelde aandacht voor krijg. Zodra hij klaar is met de inspectie van mijn jaszakken, want daar zit meestal meer in dan maar één snoepje, begin ik aan mijn terugreis naar huis.

De wind is inmiddels iets gaan liggen. Nog steeds ruikt het in de polder naar zee, duinen en strand. Als ik ergens in de verte meeuwen naar elkaar hoor roepen is voor mij het plaatje helemaal compleet. In plaats van gras en bomen beeld ik mij in dat ik over een duinpad fiets. Her en der  vang ik een glimp op van de golvende zee er achter. Normaal is het een komen en gaan van wandelaars, hardlopers en fietsers. Nu ben ik hier helemaal alleen. Het hele plaatje geeft een desolate indruk. Maar ik voel mij er helemaal thuis.

Als ik het park bij onze straat binnen fiets, zet ik de versnelling een tandje lichter. Even op adem komen. Mijn conditie is niet meer wat het geweest is en daar moet ik drastisch wat aan gaan doen. De wind heeft mijn haren doen wapperen en de tranen over mijn wangen laten stromen. Even uitwaaien in de buitenlucht was heerlijk. Net wat ik nodig had om er de rest van het weekend weer tegen aan te kunnen…

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand…

We hadden hem van marktplaats. Hij was dus al een paar jaar oud. Maar dat maakte ons niets uit. Hij kreeg een mooie plek aan de muur in de slaapkamer tegenover het raam. Zo leek de kamer een heel stuk groter en ruimer omdat het licht gereflecteerd werd. Onze nieuwe spiegel van 1.5 bij 1 meter.

De spiegel moest natuurlijk wel goed bevestigd worden. Daarom had vriendlief een hoop gaatjes in de muur geboord. Hij was nog even bang dat de muur, van gips, hem niet zou houden. Ach, zei ik nog, zo’n muur kan meer aan dan je denkt!! De spiegel had een houten omlijsting. Mooi afgelakt, met een klassiek randje. Je kent het vast wel. Maar ook deze was natuurlijk al een paar jaar oud. De spiegel hing ons daar best. Hoewel vriendlief toch graag op die plek ook nog een kast erbij zou willen hebben. Maar ja, wat doe je dan met die spiegel?

Op een morgen, toen iedereen van huis was en ik nog heerlijk in dromenland bivakkeerde gebeurde het onvermijdelijke… Het krammetje dat rechtsachter, bovenin de lijst van de spiegel, was bevestigd hield het niet langer. Het begon zijn kracht te verliezen en het hout zakte langzaam (of snel, maar dat kan ik niet meer reconstrueren) naar beneden. Het volledige gewicht hing nog maar aan één krammetje en dat werd hem te veel. De linkerkant liet ook los. De spiegel vloog met een klap tegen de andere muur. De houten omlijsting kletterde met nog meer kabaal op de grond. Alsof er minstens vijf deuren achter elkaar met grof geweld werden dicht gesmeten. Daarna stuiterde de spiegel op de grond. Het glas bleef maar breken en breken. Alsof een bulldozer ons huis binnen kwam rijden zonder eerst aan te bellen!! En dat alles op nog geen meter bij mij vandaan.

En ik?? Ik hing ondersteboven aan het plafond. Met een op hol geslagen hartje en de adrenaline gierend door mijn lijf. Mijn schreeuw echode nog lang na in mijn hoofd. Het duurde wel even voor ik weer kon ontspannen. Wakker was ik in ieder geval wel. Toen ik eenmaal besefte dat ons huis nog gewoon overeind stond, er geen bulldozer ons huis was binnen gereden en alle deuren ook nog gewoon open stonden kon ik weer ademhalen. Spiegeltje, spiegeltje van de wand… Nou, nu niet meer hoor!!

Als herinnering hangt nu alleen nog de bovenste lijst van de spiegel aan de muur. We laten hem voorlopig nog even hangen. Het is dat aangezicht, of de vele gaatjes die er achter zitten. Zouden die ooit gedicht moeten worden, dan kan het plafond ook direct meegenomen worden. Als je goed kijkt zijn de afdrukken van mijn nagels nog zichtbaar. Vriendlief heeft in ieder geval een goede reden om een nieuwe kast uit te zoeken. Daar is inmiddels weer plek voor. Dat dan weer wel…

 

 

***

Afgelopen week…

Het is maandagmorgen als mijn wekker afgaat. Na drie gebroken nachten sleep ik mijzelf naar de badkamer. Met ogen op steeltjes en flinke wallen eronder staar ik naar mijzelf in de spiegel. Ik zie er op zijn zachts gezegd niet uit. Het voelt alsof ik een week onafgebroken nachtdienst heb gehad. En verlang nu alweer naar mijn overheerlijke warme, zachte, wollige bedje. Om direct weer naar dromenland afgevoerd te worden zodra mijn hoofd het donzige kussen raakt. Voor het eerst in acht jaar tijd ga ik met lichte tegenzin naar mijn werk. Ik wist vrijdag al dat het deze week extreem druk zou gaan worden. Maar daar kon ik vrijdagmiddag om 1700 uur niks mee. Dus dat gevoel heb ik twee dagen los gelaten, om het vandaag ten volle tot mij door te laten dringen…

Nog voor ik mij goed en wel geïnstalleerd heb op mijn werkplek weet ik ook dat mijn concentratievermogen die dag niet groot zal zijn. Dat blijkt wel als ik bij iedere opdracht die ik afhandel mij afvraag wat ik in vredesnaam aan het doen ben. Als iedereen met lunchpauze is geweest, staar ik naar de klok met de vraag hoe het toch kan dat het al 14.00 uur is. De tijd glijdt als zand door mijn handen. Ik ben met 101 dingen bezig geweest en tegelijkertijd kan ik niet benoemen wat ik allemaal gedaan heb. De tijd gaat snel, te snel. Door mijn vermoeidheid loop ik achter alle feiten aan en dat is dubbel zo frustrerend.

Als ik iets vroeger dan anders mijn bedje weer in stap ben ik de drukte van die dag heel snel vergeten. Op het moment dat ik mijn ogen sluit prikken ze nog even na. Het kost mij moeite om ze ontspannen dicht te houden. Ze hebben teveel prikkels moeten doorstaan. Maar al snel voel ik een rust over mij heen dalen. Weet je hoe lekker het is als je beseft dat je lichaam op het punt staat om naar dromenland over te stappen? Ken je dat? Je ademhaling wordt langzamer en je voelt je gewichtsloos, alsof je aan het zweven bent. Zodra ik mij hier aan over geef ben ik weg. Ik word pas wakker wanneer mijn wekker bruut in mijn linker oor staat te tetteren…

De uren regen zich aaneen tot dagen en de dagen werden een volle drukke werkweek. Het was echt aanpoten, lange dagen, korte avonden en voor mijn gevoel nog kortere nachten. Niet alleen voor mij want ook vriendlief en Uk waren druk. Een ouderavond op school, voetbalwedstrijd van de KNVB, training bij FC Dordrecht en een training op de eigen club. Zelf werkte ik mij nog even in het vuil bij Poownie om daarna rond 21.30 uur uitgeblust op de bank te belanden. De vrijdag was onze eerste avond zonder afspraken. Niemand de deur uit en na het eten heerlijk met zijn drietjes op de bank. Deze avond geen voetbal, geen werk en geen paard. Wat was ik blij dat het weekend was begonnen en deze week was afgelopen…

Fijn weekend allemaal!!

Uit de oude doos, Clooney vs Clowny

Van de week zat ik te grasduinen op mijn eigen blog en kwam daar verhaaltjes tegen die ik zelf alweer (bijna) helemaal vergeten was. Om sommige verhaaltjes heb ik zelfs smakelijk moeten lachen. Hoe verzin je het?! Dacht ik bij mijzelf. Tijdens het lezen herinnerde ik mij weer hoe het één en ander er aan toe ging en hoe ik vervolgens onderstaand blogje geschreven heb. Dit weekend een blogje uit de oude doos:

“Wat vind je van deze?” “Die is te groot!”
“Oh. Dan is deze zeker te klein?” “Nee, die zou goed zijn als er ook andere bonen in kunnen. Hier kunnen alleen van die cups in. Je weet wel, van die stomme George Clooney reclame!” “Wat is er nu weer mis met Clooney?” Zeg ik schouderophalend terwijl ik vriendlief volg door de winkel met rekken koffieautomaten.

“Ik zoek zo’n model, maar dan met die kleur en dan met deze uitstraling.” Vriendlief wijst van de ene naar de andere machine. “Hij mag heus wel wat uitstraling hebben.” “Ja, dat heeft Clooney ook.” Zeg ik terwijl ik de machines bekijk die vriendlief zojuist heeft aangewezen.

Op de laatste machine blijft mijn oog even rusten. Die ziet er mooi uit. Net zo één als die we nu thuis hebben staan maar door het blauw verlichte display ziet het er net wat strakker uit. “Zie je dit?” Terwijl ik dat zeg druk ik, zo neurotisch als ik ben, op het icoontje dat twee kopjes koffie aangeeft. Ik wil mijn zin afmaken maar deins achteruit als ik het mij oh zo bekende geluid van koffiebonen-die-ter-plekke-gemalen-worden hoor.

“Oh shit, deze doet het echt!?” Roep ik een beetje panisch, van links naar rechts kijkend of ik ergens een verkoper zie staan die mij uit de brand kan komen helpen. Intussen worden er door mij een aantal potjes leeg gegooid zodat ik iets heb om de koffie in te laten lopen. “Nee geen shit, roept de verkoper achter mij, koffie!!”
Vriendlief kan alleen maar lachen. “Blijf dan toch ook eens met je tengels van al die knopjes af, dat krijg je er nu van!” Ik werp hem een boze blik toe maar kan het niet helpen en moet zelf ook lachen om mijn domme actie. De verkoper ruilt nog voor de koffie uit de automaat loopt, de twee potjes om voor echte koffiekopjes en zegt: “Zo mevrouw, de melk en suiker vindt u daar, de koffie drinkt u zelf maar op!”

Stilte…

“Sjees… Die klep van jou staat echt nooit stil he?!” Zegt vriendlief quasi geïrriteerd terwijl hij zijn haar in model aan het brengen is. Ik kijk al tandenpoetsend via de spiegel naar hem en vervolgens naar de klok. Het is 07.00 uur in de ochtend. Wakker is wakker. Maar dat geldt niet voor iedereen in huis hihi. Ik geef wederom, al tandenpoetsend, antwoord en maak nog wat gebaren met mijn andere arm. Wijs hiernaar, daarnaar en kijk hem daarna vragend aan. Hij knikt ten teken dat ie mij begrepen heeft of om van mij af te zijn. Vervolgens drukt hij ter afscheid een zoen op mijn hoofd om daarna naar zijn werk te vertrekken.

Na het badkamerritueel gaat mijn gemekker in de woonkamer verder. De enigen die het horen zijn Kleine Krijger en Groene Draak. Die alle twee op hun beurt ook wat te vertellen hebben. Op weg naar mijn werk staat de radio aan en ook dan zing ik uit volle borst mee. Op de zaak begroet ik collega’s en wederom kletsen wij er heerlijk op los. Over koetjes & kalfjes en ditjes & datjes. De zwaardere onderwerpen zoals geloof en levensbeëindiging passeren de revue en we filosoferen er ook nog even op los… Dit alles tussen de werkzaamheden door, uiteraard.

Mijn klep staat inderdaad niet stil. Praten is voor mij normaal. Praten is informatie uitwisselen. Praten is de stilte verbreken. Hoe vaak haak je niet in tijdens een gesprek? Of gil je wat naar je collega’s (of wie dan ook…) om wat duidelijk te maken terwijl dit misschien helemaal niet hoeft? Praten kan gezellig zijn. Maar (onnodig) praten kan ook als een stoorzender werken. Niet alleen voor anderen maar zeker ook voor jezelf.

Tijdens een cursus in de zomer van 2014 hebben we met de groep een stiltewandeling gemaakt. De wandeling, bedoeld om onze zintuigen te prikkelen, voerde ons door het bos en over de heide van het Buurserzand. Een prachtige omgeving waar ik veel minder van zou hebben meegekregen als ik die al babbelend, ginnegappend en lachend, zou hebben gelopen.

Nu ik zelf een aantal keer heel bewust heb ervaren hoe het is om de stilte en rust om je heen op te merken, bedacht ik mij dat het heerlijk moet zijn om dit langer dan een uurtje vol te houden en niet alleen tijdens een meditatie of (stilte)wandeling. De volgende dag stond ik op met als doel: als ik spreek moeten mijn woorden beter zijn dan mijn zwijgen. Een citaat, geen idee van wie, dat ik ooit eens gelezen heb op het wereldwijde web.

Je mond houden en heel bewust bezig zijn met wat je op dat moment aan het doen bent. De mijzelf opgelegde taak leek heel eenvoudig. Het bleek bijna een onmogelijke opgave. Zeker op een werkvloer met alleen maar dames, in een open space en telefoons die achter elkaar overgaan. Het vergde drie dagen en heel wat concentratie. Maar toen ik eenmaal in die flow aan het werk was kwam ik in mijn eigen persoonlijke bubbel terecht. De geluiden en stemmen die er op dat moment niet toe deden dreven langs mij heen en waren alleen op de achtergrond waarneembaar. Ik was geconcentreerder en veel meer bezig met mijn eigen zaken. Het werk vloog uit mijn handen. En antwoorden kwamen al in mij op nog voor ik de vraag gesteld had. Daardoor voelde ik mij aan het einde van de dag zo voldaan dat het de rest van de week een vervolg kreeg.

Je wordt je pas echt bewust van je gewauwel op het moment dat je jezelf hebt voorgenomen meer te zwijgen. Het zal heel lastig voor mij worden. Maar toch ga ik proberen dit meer eigen te maken. Dus mochten jullie mij minder horen praten, vrees niet dat er iets ergs gebeurd is, dat ik chagrijnig of boos ben. Ik probeer bewuster om te gaan met wat ik zeg.

Wat is nu het moraal van dit verhaal? Dat is er niet. Wel een klein verzoek: Sta zelf ook eens wat vaker stil bij wat je (voor onzin) uitkraamt. Denk eens na bij wat je zegt. Hoe je het zegt. Wat is je intentie? Voegt het iets toe aan het geheel?  Sta gewoon eens wat vaker stil, bij de stilte om je heen!!

2014 in vogelvlucht…

Het jaar loopt alweer bijna op zijn eind. Gek eigenlijk hoe snel dat toch iedere keer weer gaat. Vorig jaar, met oud & nieuw, waren we met heel de familie bij elkaar gekomen in het nieuwe huis van mijn oom en tante. We hadden een super gezellige avond. De heren hadden het nodige knal en siervoorwerk gekocht dat tussen de regeldruppels door werd afgestoken. De dames bleven lekker binnen en vanachter het keukenraam hadden we zicht op wat er buiten gebeurden. Zo begon het jaar voor mij.

@Work:
2014 was, op een aantal kleine dingen na, een rustig jaar. Geen gekke uitspattingen zoals ik in mijn vorige blog al schreef. Alleen op mijn werk was er wat commotie. We kregen een nieuw systeem om mee te werken. Dat moest niet alleen van de grond af opgebouwd worden. Maar dat moest ook grondig getest worden. Daarnaast moesten we dit ons eigen maken en dat alles tussen de bedrijven door. We kregen te maken met de verkoop van ons “zusje” waarmee een vijftigtal collega’s ons pand ging verlaten. Om in ons pand te blijven moesten wij van drie naar één hoog verhuizen.

Poownie:
De herfst was voor Poownie en mij een iets minder fijne start. Hij werd kreupel en bleef kreupel. De veearts stelde mij ook niet bepaald gerust toen hij kwam met zijn eerste diagnose. Die week hakte er wel even in. Het was afwachten of hij zou herstellen en hoe hij zou herstellen. Inmiddels zijn we ruim drie maanden verder. Hij heeft al die tijd op rust gestaan. Gelukkig in de paddock en niet op stal. Zijn enige uitje was een uurtje per dag grazen aan de dijk. Dat heeft zijn vruchten afgeworpen. In stap is er helemaal niks meer van de kreupelheid te zien. Afgelopen week heb ik een stukje met hem aan de hand gedraafd. Ook toen liep hij goed. In het nieuwe jaar worden er weer foto’s van zijn been gemaakt en hopen we voorzichtig weer een wandelingetje te kunnen maken.

Hardlopen:
Eindelijk kan ik zeggen dat ik al mijn doelen op het gebied van hardlopen heb gehaald dit jaar. Ik begon met een snelle vijf km. Die liep ik in 29.17 minuten. Als ik niet te lui was om te trainen dan had ik hem waarschijnlijk nog sneller kunnen lopen. In mei 2015 ga ik voor een herkansing. Ook liep ik eindelijk tien km. Hoewel ik deze afstand niet geheel had ingepland, ik ging voor 8 km maar de route bleek 10 km te zijn, heb ik heerlijk gelopen. Beide doelen had ik mijzelf opgelegd om mijzelf te pushen, door te gaan wanneer het even tegen zat. Te lopen wanneer het vies weer was. Te gaan wanneer ik eigenlijk geen tijd of puf had. Hoewel ik niet iedere training met even veel plezier of gemak gelopen heb, deed ik het wel. Ben niet gesmolten, ben niet ziek geworden en ik ben er niet slechter door geworden. We hebben nu een winterrust ingelast. In het nieuwe jaar pakken we de draad weer op. Ik kan niet wachten!!

KNVB:
En dan hebben we natuurlijk nog de prestaties van Uk. Die werd zowaar gescout door de KNVB. Na twee wedstrijden werd hij voor het A-team geselecteerd en kreeg hij tevens te horen dat hij er tot en met de winterstop bij zat. Met zijn nieuwe team mocht hij deelnemen aan twee wedstrijden waarvan één tegen de jeugdopleiding van Excelsior. In het nieuwe jaar zullen er wederom diverse selectiewedstrijden volgen om te kijken wie van de spelertjes door mag voor het selectieteam van Regio West. Het hield echter niet op bij de KNVB. Bij één van de laatste wedstrijden op zijn eigen club bleek er ook een scout van FC Dordrecht aanwezig te zijn. In het nieuwe jaar mag hij een aantal trainingen bijwonen voor jongens onder de 14 jaar.

Persoonlijk:
Ik schreef in mijn vorige blog al dat ik niet zo veel bijzondere dingen gedaan heb maar dat er wel een aantal deuren voor mij geopend zijn. Het verhaal lees je hier: Liefde is, loslaten… Op persoonlijk gebied was dit wel de mooiste les die ik heb meekregen dit jaar. In 2015 gaat mijn spirituele groei voortgezet worden. Ik ga mij namelijk bezig houden met Reiki/Shamballa. Vanaf de zomer heb ik al verschillende keren met energie mogen werken. Het blijft erg bijzonder om dit zelf te voelen en ook om te zien hoe een ander, zowel mens al dier, het ervaart. Ik ben heel benieuwd hoe deze nieuwe weg, die ik inmiddels al een aantal maanden bewandel, zal lopen en wat ik op mijn pad tegen kom.

Bedankt dat jullie er het afgelopen jaar bij waren. Dat jullie hebben mee gelezen en hebben gereageerd. Bedankt voor jullie lieve reacties op de momenten dat het even tegenzat. (ook per mail en op fb). Ik hoop dat jullie er in 2015 weer bij zullen zijn.

Voor nu wens ik jullie allemaal een heel mooi uiteinde van 2014 en een sprankelend begin van 2015!!

Tot volgend jaar.

De herinnering, die blijft…

Kortgeleden kregen wij te horen dat de deal rond was en een onderdeel van ons moederbedrijf verkocht was. Dat betekende verschillende veranderingen voor een hoop collega’s. Sommige konden blijven maar moeten nu wel een eindje reizen naar hun nieuwe werkplek. Andere kregen een compleet nieuwe functie en voor een aantal hield het werk eenvoudigweg op.

Ik heb met mijn collega’s te doen als ik zie hoe een aantal van hen hiermee omgaat. Ze worstelen met tegenstrijdigheden, fijn dat ze hun baan nog hebben. Maar tegelijk is het een scheiding van werkplek, werkzaamheden en collega’s. Er zijn er bij die al meer dan 25 jaar voor dezelfde baas hebben gewerkt en daar komt nu abrupt een einde aan.

De onderneming waar ik voor werk bleef gelukkig onaangeroerd. De enige vraag die voor ons overbleef was of wij wel in ons huidige pand konden blijven. Zeker nu drie van de vier verdiepingen leeg zouden komen te staan. Er gingen geruchten dat ook wij naar verder weg moesten verkassen. Tegelijk werd er aangekondigd dat, als er al een verhuizing zou plaats vinden, het in de nabije omgeving zou zijn.

Ik was erg opgelucht toen ik hoorde dat wij mochten blijven waar we zaten. Weliswaar met wat aanpassingen en een interne verhuizing naar een verdieping of twee lager. Niet alleen opgelucht omdat de reisafstand niet vergroot zou worden maar vooral ook blij dat ik geen afscheid hoef te nemen van een pand waar ik inmiddels aan verknocht ben geraakt. En dan te bedenken dat het pand niet eens in de buurt komt als het gaat om beste werkplek, fijn klimaat of mooiste uitzicht. Het pand zelf ziet er ook nog eens afgrijselijk uit. Maar wat is het dan wel?

Ongeveer 14 jaar geleden is het bedrijfspand van Rolled Alloys met de grond gelijk gemaakt. Het bedrijf ging verhuizen. Mijn vader heeft een groot gedeelte van zijn leven daar gewerkt. Hij moest kiezen, of mee verhuizen naar elders in het land, of opzoek naar een andere job. Om dicht bij ons te kunnen blijven koos hij voor het laatste. Op de plek waar hij altijd met veel plezier gewerkt heeft werd een kantorencomplex uit de grond gestampt. Het pand waar ik inmiddels alweer bijna zeven jaar werkzaam ben.

Om het nog specialer te maken. Mijn kantoor is op precies dezelfde locatie gelegen als de ruimte waar mijn vader de orders aannam en verwerkte. Als ik naar buiten kijk zie ik de snelweg, het roestige dak van de garage tegenover ons en de opslagruimte van mijn vader die voor ons nu dienst doet als parkeerplaats. Ik heb hetzelfde uitzicht dat mijn vader jaren lang gehad heeft als hij uit het raam naar buiten keek, of de werkplaats uitliep om naar buiten te gaan.

Soms, als ik door de krochten van ons pand loop opzoek naar een doos briefpapier of enveloppen, ruik ik een vlaag van de lucht die altijd om mijn vader heen hing als hij gewerkt had. De bekende staal- en stoflucht. Als ik dan mijn ogen dicht doe zie ik mijn vader zo levendig voor me in zijn blauwe overal en die lompe veiligheidsschoenen daaronder. Ik zie hem lopen door de loods met opdrachten in zijn handen terwijl hij naar mij lacht en zegt: “He meisje, ik ben bijna klaar hoor!”

Zoals een hoop van jullie weten is mijn vader in 2011 overleden. Zijn werk betekende heel veel voor hem. Dat ik uitgerekend op dezelfde plek een baan heb gevonden waar ik (ook) met plezier werk, vind ik heel bijzonder. Daarom heeft het pand, zonder goed klimaat en mooi uitzicht, voor mij een emotionele waarde gekregen en ben ik blij dat ik voorlopig nog geen afscheid van dit alles hoef te nemen.

Een nieuwe dag…

Het is kwart voor zes op een doordeweekse dag als mijn wekker af gaat. Een uur eerder dan normaal. Op de weekenden na is dit inmiddels al drie weken lang mijn ochtendroutine. Binnen vijf minuten ben ik omgekleed en zit ik in de auto op weg naar Poownie. Hij krijgt al een tijdje geen medicijnen meer en de stalhouder kan hem evengoed zijn ontbijt voorschotelen. Toch vind ik het fijn om bij hem te kijken, hoe hij de nacht is doorgekomen en hoe hij op zijn benen staat.

Er is geen verkeer op straat. De wereld is hier nog in diepe rust. De koele nachtlucht slaat op mijn gezicht als een verkwikkende douche. Het voelt zo anders dan 12 uur geleden. Alsof de nacht heeft afgerekend met de hectiek, chaos en drukte van de dag ervoor. Omdat het windstil is wordt de stilte om mij heen nog meer benadrukt. Er hangt een compleet andere energie in de lucht. Alle mogelijkheden staan open en nieuwe kansen dienen zich aan. Het is heerlijk om nu buiten te zijn.

De rit naar stal duurt niet langer dan tien minuten. Binnen die tijd zie ik de lucht razendsnel veranderen. De donkere nacht maakt plaats voor de dag. Een nieuw kleurenpalet is zichtbaar maar blijft niet lang hangen. De bomen op de dijk contrasteren mooi met de verschillende tinten blauw, roze en oranje op de achtergrond. Boven het weiland hangt nog een mysterieuze sluier van mist. Als ik mijn auto geparkeerd heb staat Poownie vanuit de paddock ook te kijken naar het licht dat zich steeds lijkt aan te passen. Ik ga op het hek zitten en sla mijn arm om zijn nek. Samen kijken we naar de zonsopkomst en verwelkomen we een nieuwe dag…

 ~

Zonsopkomst

 ~

Zonsopkomst

~

Zonsopkomst

Kleine ellendelingen…

 

BBBBBBZZZZZZZZZZZZZZZZZ……

Je weet dat het niet goed voor je is. Maar je moet…
Je weet dat je er spijt van gaat krijgen. Maar je moet…
Je weet dat het beter is om er niet aan te zitten. Maar je moet…

Vaak raak je heel onbewust de “zone” aan en vervolgens is het einde zoek. Daar ga je…
Je krabt, KRABT en K R A B T dat het een lieve lust is. Links om, rechts om. Van boven naar beneden en van beneden naar boven. En dan nog een keer. Je krabt tot je huidschilfers zich als rouwrandjes onder je nagels hebben opgehoopt. Het kriebelt, het jeukt!!! Ik snap Poownie op dit soort momenten helemaal wanneer hij zich weer eens aan een buis of paal staat te schuren in het weiland.

Het voelt heerlijk, een verademing. Het voelt zelfs bevrijdend. Bij het bereiken van je pijngrens, dat is vaak sneller dan verwacht, weet je dat je te ver bent gegaan. De verademing was van korte duur. Pijn, PIJN en P I J N. Maar dan is het te laat. Het gevolg: Nog meer jeuk en een knijter harde schijf zo groot als de palm van je hand. Daar ben je mooi klaar mee. De jeuk is in alle hevigheid terug, samen met de pijn…

In korte broek en topje naar Poownie of in lange broek en trui. Iedere zomer is het weer raak. Vliegenspray, azijn, knoflook, geurkaars, citroenella, ik heb het allemaal geprobeerd. Behalve een klamboe. Het maakt voor de kleine rovers niet uit. Ze prikken waar ze prikken kunnen. Zelfs door kleding heen.

Azaron, Bite, anti mug, Deet, zelfs pure azijn werken (bij mij) niet om de jeuk weg te nemen. Ik lijk wel allergisch voor dazenbeten. Het enige middel dat wel werkt is zorgen dat je niet gestoken wordt. Maar daar is het nu te laten voor. Dus negeren. Negeer de bult, negeer de jeuk. Maar eerst koelen die hap. Au, au, au….

Ellendige dazen…

**Note to self: Kijken voor een imker pak!!

H E E R L I J K . . .

Afgelopen donderdag verliet ik om 17.00 uur de zaak. Mijn weekend was begonnen. Ik kreeg er spontaan een vakantiegevoel van. Heerlijk om zo je weekend in te gaan. Geen verplichtingen, geen rennen of vliegen van afspraak naar afspraak. Nog fijner: geen wekker bij het ontwaken. Heerlijk in het kwadraat dus eigenlijk.

De avond brachten we in de tuin van mijn oom en tante door. Zomaar op de koffie om gezellig bij te kletsen. Babbelen over de vakantie die geweest is en voorpret op doen voor de vakantie die nog komen gaat. Dat alles onder het genot van een hapje & drankje en gezelligheid. Weer zo’n spontaan heerlijk moment. Natuurlijk werd de avond later dan gepland afgesloten.

Het zonnetje was vrijdag helaas niet aanwezig. Maar dat gaf niks. Vriendlief had namelijk een ritje op de kartbaan gereserveerd voor ons drietjes. In Delft zit Blekenmolens Raceplanet. Daar is het mogelijk om een familieheat te bespreken waar je met het gezin tegelijk kunt karten. In het kader: je bent nooit te oud om te leren, want niet alleen voor Uk maar ook voor mij was dit de eerste keer, deed ik een helm op mijn knar en stapte in. Hoewel ik geen verstand heb van de ideale lijn probeerde ik natuurlijk wel om het de heren niet al te makkelijk te maken. Toen ze mij eenmaal voorbij waren was inhalen kansloos. Uk stuiterde na dit avontuur nog een poosje door. Zeker toen hij zag dat hij bij de snelste vijf van die dag zat. Talentje in de dop!?

EuromastOm de adrenaline boost kwijt te raken reden we door naar de Euromast in Rotterdam. Even lekker uitwaaien op grote hoogte. Ook daar waren Uk en ik nog nooit in geweest. Abseilen, wat ik nog steeds een keer wil doen, was vandaag niet mogelijk in verband met het weer. We hadden gelukkig wel een prachtig uitzicht over Rotterdam en verder. De Kuip kon vanaf deze hoogte mooi bekeken worden en ook onze woonplaats was bij benadering te zien.

Om de dag relaxt af te sluiten hebben poownie en ik nog een heerlijk ritje door de polder gemaakt. Hij had er zin in want voor ik het wist gingen we in galop over het veld. Je kunt goed zien dat het vakantietijd is. Zelfs in de polder was het rustiger dan ooit.

De volgende dag stond er een waterig zonnetje aan de hemel. We besloten naar het strand te gaan.strand Hoewel de lucht er af en toe dreigend uitzag was het heel de dag heerlijk vertoeven. Het was niet druk maar druk genoeg voor een gezellige bedrijvigheid. Uk’s passie voor water kwam boven drijven op het moment dat hij de zee zag. Hij had zijn kleren nog niet uit of lag er al in. Daar heeft hij de rest van de dag doorgebracht. Springen en duiken over de golven. Tussen door werd er nog wat gevoetbald, bouwden we zandkastelen of zaten we de zeemeeuwen achterna. Bruiner, roder en zanderiger kwamen we begin van de avond weer thuis aan.

Met nog steeds het vakantiegevoel in mijn lichaam besloot ik de laatste dag King Toet onder handen te nemen. Auto’s poetsen is niet mijn grote hobby. Het linnen dak was niet zwart maar groen van alle aanslag. Er moest nodig iets aan gedaan worden. Samen met vriendlief heb ik gepoetst en geboend tot het zweet van ons voorhoofd liep. Even was ik bang dat het er niet meer uit zou gaan. Twee uur later stond hij glimmend weer op de parkeerplaats.

Voor mij was dit weekend zoals een weekend bedoeld is. Relaxen en leuke dingen doen. In één woord: heerlijk!!
En jullie, wat hebben jullie zoal gedaan?