Kleine ellendelingen…

 

BBBBBBZZZZZZZZZZZZZZZZZ……

Je weet dat het niet goed voor je is. Maar je moet…
Je weet dat je er spijt van gaat krijgen. Maar je moet…
Je weet dat het beter is om er niet aan te zitten. Maar je moet…

Vaak raak je heel onbewust de “zone” aan en vervolgens is het einde zoek. Daar ga je…
Je krabt, KRABT en K R A B T dat het een lieve lust is. Links om, rechts om. Van boven naar beneden en van beneden naar boven. En dan nog een keer. Je krabt tot je huidschilfers zich als rouwrandjes onder je nagels hebben opgehoopt. Het kriebelt, het jeukt!!! Ik snap Poownie op dit soort momenten helemaal wanneer hij zich weer eens aan een buis of paal staat te schuren in het weiland.

Het voelt heerlijk, een verademing. Het voelt zelfs bevrijdend. Bij het bereiken van je pijngrens, dat is vaak sneller dan verwacht, weet je dat je te ver bent gegaan. De verademing was van korte duur. Pijn, PIJN en P I J N. Maar dan is het te laat. Het gevolg: Nog meer jeuk en een knijter harde schijf zo groot als de palm van je hand. Daar ben je mooi klaar mee. De jeuk is in alle hevigheid terug, samen met de pijn…

In korte broek en topje naar Poownie of in lange broek en trui. Iedere zomer is het weer raak. Vliegenspray, azijn, knoflook, geurkaars, citroenella, ik heb het allemaal geprobeerd. Behalve een klamboe. Het maakt voor de kleine rovers niet uit. Ze prikken waar ze prikken kunnen. Zelfs door kleding heen.

Azaron, Bite, anti mug, Deet, zelfs pure azijn werken (bij mij) niet om de jeuk weg te nemen. Ik lijk wel allergisch voor dazenbeten. Het enige middel dat wel werkt is zorgen dat je niet gestoken wordt. Maar daar is het nu te laten voor. Dus negeren. Negeer de bult, negeer de jeuk. Maar eerst koelen die hap. Au, au, au….

Ellendige dazen…

**Note to self: Kijken voor een imker pak!!

H E E R L I J K . . .

Afgelopen donderdag verliet ik om 17.00 uur de zaak. Mijn weekend was begonnen. Ik kreeg er spontaan een vakantiegevoel van. Heerlijk om zo je weekend in te gaan. Geen verplichtingen, geen rennen of vliegen van afspraak naar afspraak. Nog fijner: geen wekker bij het ontwaken. Heerlijk in het kwadraat dus eigenlijk.

De avond brachten we in de tuin van mijn oom en tante door. Zomaar op de koffie om gezellig bij te kletsen. Babbelen over de vakantie die geweest is en voorpret op doen voor de vakantie die nog komen gaat. Dat alles onder het genot van een hapje & drankje en gezelligheid. Weer zo’n spontaan heerlijk moment. Natuurlijk werd de avond later dan gepland afgesloten.

Het zonnetje was vrijdag helaas niet aanwezig. Maar dat gaf niks. Vriendlief had namelijk een ritje op de kartbaan gereserveerd voor ons drietjes. In Delft zit Blekenmolens Raceplanet. Daar is het mogelijk om een familieheat te bespreken waar je met het gezin tegelijk kunt karten. In het kader: je bent nooit te oud om te leren, want niet alleen voor Uk maar ook voor mij was dit de eerste keer, deed ik een helm op mijn knar en stapte in. Hoewel ik geen verstand heb van de ideale lijn probeerde ik natuurlijk wel om het de heren niet al te makkelijk te maken. Toen ze mij eenmaal voorbij waren was inhalen kansloos. Uk stuiterde na dit avontuur nog een poosje door. Zeker toen hij zag dat hij bij de snelste vijf van die dag zat. Talentje in de dop!?

EuromastOm de adrenaline boost kwijt te raken reden we door naar de Euromast in Rotterdam. Even lekker uitwaaien op grote hoogte. Ook daar waren Uk en ik nog nooit in geweest. Abseilen, wat ik nog steeds een keer wil doen, was vandaag niet mogelijk in verband met het weer. We hadden gelukkig wel een prachtig uitzicht over Rotterdam en verder. De Kuip kon vanaf deze hoogte mooi bekeken worden en ook onze woonplaats was bij benadering te zien.

Om de dag relaxt af te sluiten hebben poownie en ik nog een heerlijk ritje door de polder gemaakt. Hij had er zin in want voor ik het wist gingen we in galop over het veld. Je kunt goed zien dat het vakantietijd is. Zelfs in de polder was het rustiger dan ooit.

De volgende dag stond er een waterig zonnetje aan de hemel. We besloten naar het strand te gaan.strand Hoewel de lucht er af en toe dreigend uitzag was het heel de dag heerlijk vertoeven. Het was niet druk maar druk genoeg voor een gezellige bedrijvigheid. Uk’s passie voor water kwam boven drijven op het moment dat hij de zee zag. Hij had zijn kleren nog niet uit of lag er al in. Daar heeft hij de rest van de dag doorgebracht. Springen en duiken over de golven. Tussen door werd er nog wat gevoetbald, bouwden we zandkastelen of zaten we de zeemeeuwen achterna. Bruiner, roder en zanderiger kwamen we begin van de avond weer thuis aan.

Met nog steeds het vakantiegevoel in mijn lichaam besloot ik de laatste dag King Toet onder handen te nemen. Auto’s poetsen is niet mijn grote hobby. Het linnen dak was niet zwart maar groen van alle aanslag. Er moest nodig iets aan gedaan worden. Samen met vriendlief heb ik gepoetst en geboend tot het zweet van ons voorhoofd liep. Even was ik bang dat het er niet meer uit zou gaan. Twee uur later stond hij glimmend weer op de parkeerplaats.

Voor mij was dit weekend zoals een weekend bedoeld is. Relaxen en leuke dingen doen. In één woord: heerlijk!!
En jullie, wat hebben jullie zoal gedaan?

Het zit hem in de genen…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik vriendlief op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met een boek voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film. Ik duik mijn boek weer in om verder te lezen. Na een paar minuten is het nog steeds stil. Ik werp weer een blik naar de tv en zie nog steeds de film in versnelde weergave voorbij komen. “Hij is alweer begonnen hoor!” Roep ik hem toe. Geïrriteerd kijkt hij mij aan. Uit zijn concentratie gehaald. “Ja, dat weet ik!” Is het enige antwoord dat ik krijg.

“Heb je deze film dan al gezien?” “Nee!” “Waarom spoel je hem dan door?” “Ik kijk alleen naar de leuke stukjes van de film. De rest snap ik ook wel als ik hem versneld afspeel!”

Tot zover de uitleg …

Inmiddels weet ik niet beter en schenk hier geen aandacht meer aan. Ik ben het gewend dat hij zo naar zijn films kijkt. Ik wil een film van de allereerste seconde tot en met de (en het liefst de hele) aftiteling zien. Ik vind het irritant als ik een aantal zinnen niet hoor, het beeld niet kan zien of de muziek niet mee krijg. Als ik op ga in een film doe ik het goed. Hij vindt het dan ook heerlijk als ik er niet ben. Zo kan hij ongestoord een film of drie op een avond bekijken.

Een jaar of negen verder…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik Uk op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met mijn Ipad voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film…

Mijn blik gaat van Uk naar vriendlief die elders in de woonkamer zit en weer terug naar Uk. Uk kijkt op zijn beurt van de tv naar mij. Haalt zijn schouders op en zegt: “Ik kijk alleen de leuke stukjes van de film. De rest snap ik ook wel als ik hem versneld afspeel!”

Ik zucht, en zucht nog eens.
Zo vader, zo zoon…

Mediteren is te leren…

Met mijn ogen stijf op elkaar hoor ik aan wat ik moet doen. Ontspannen was opdracht één. Volgens mij kan ik dat niet in een ruimte waar nog 12 mensen zitten. Stel je voor dat ze alle 12 naar mij zitten te staren?! Met één oog open en het andere dichtgeknepen scan ik de ruimte. Iedereen zit er relaxed bij, met zijn ogen gesloten. Behalve ik… Poging twee. Ik sluit mijn ogen opnieuw, zucht diep en volg de vrouw die ons door deze meditatie heen loodst. Terwijl ik nog bezig ben mijn oogleden zonder spastische bewegingen te ontspannen hoor ik haar de volgende opdracht in het rijtje op-weg-naar-totale-ontspanning voorlezen. Zie je, dat krijg je nu als je niet op zit te letten… Ik laat mijn ogen voor wat ze zijn en check mijn ademhaling. Dat gaat al een stuk beter. Inademen door je neus, uitademen door je mond. Het hele riedeltje wordt stap voor stap afgewerkt en aan het einde van de meditatie zit ik er zelfs ontspannen bij. Niet slecht…

Iedereen ervaart mediteren op zijn eigen manier. Vol verbazing hoor ik mijn medecursisten aan, als ze vertellen wat ze in die paar minuten hebben meegemaakt. Ik voelde niets bijzonders, zweefde niet boven mijzelf uit, en was ook niet “weg”… Als ik dat van de andere hoor, zinkt de moed mij in de schoenen. Ik heb nog een hoop te leren deze dagen. Maar dan hoor ik dat niets fout is. Als ik een paar minuten lekker ontspannen heb kunnen zitten, dan is dat helemaal prima. Kijk, dat biedt perspectief.

Hoewel het nog wat onwennig voelt, heb ik bij de eerst volgende meditatie het ontspannen gevoel al sneller te pakken. Ik kijk nog even snel de kamer rond voor ik mijn ogen sluit. Dat dan weer wel… Ik begrijp nu dat ik niks fout kan doen en even relaxen is ook niet verkeerd. Na een minuut of tien hoor ik her en der mensen uitrekken en gapen. Slaperig worden de oogjes geopend. Daar heb ik totaal geen last van. Ik ben super wakker en klaar voor de rest van de cursusdag. Mediteren is blijkbaar te vergelijken met een powernap maar dan anders. Wat een uitvinding!!

De daaropvolgende dagen krijgen we verschillende meditaties voorgeschoteld. Niet alleen gericht op ontspanning, maar ook op het gebied  van jezelf “aarden”, loslaten of er flink op los fantaseren als we ons zelf veranderen in Alice in Wonderland. In die laatste meditatie kan ik mij overigens prima vinden. Inbeelden en ervaren. Legaal dagdromen en vervolgens energievoller wakker worden. Fantastisch toch!!

De meditaties worden tijdens de cursus voorgelezen. Dat is ideaal, zeker voor een beginner als ik. Nu hoef ik mij alleen maar te concentreren op de oefening. Een bijkomend voordeel is dat de vrouw die ze voorleest een heel rustgevende stem heeft. Ik laat mij met haar meevoeren door de verschillende “opdrachten” van de meditatie. Ogen dicht, handjes op schoot en “zennen” maar…

De geluiden in de omgeving lijken nu een stuk duidelijker. De vogels die kwetteren in de bomen. Een blaffende hond. Een auto die, naar mijn mening veel te hard, voorbij rijd. Na een paar minuten hoor ik haar stem nog vaag op de achtergrond. Wat grappig, ik slaap niet maar toch lijkt het wel zo. Ik ben mij bewust van waar ik ben, maar toch ook weer niet. Ik zit niet meer op de bank, ik zit zelfs niet meer in dezelfde ruimte als mijn medecursisten. Ik zweef in een soort luchtbel waar het heerlijk rustig is. Ik voel mijn armen en benen niet meer, alleen hoe mijn longen zich vullen met lucht als ik diep inadem. Het lijkt wel of ik uit duizenden lichtgevende stukjes besta en tegelijk uit helemaal niets. Vederlicht. Plots hoor ik dat het weer tijd is om naar het hier en nu terug te keren. Dat we bij de eerstvolgende ademhalingen weer helder van geest zijn. Blijkbaar heb ik iets gemist. Oh nee… Ik heb toch geen gekke dingen gedaan in die paar minuten dat ik aan het “zweven” was?? Voorzichtig open ik mijn ogen en tegelijk besef ik dat dit dus mediteren is…  Ik had nog wel een uurtje of wat in mijn luchtbel kunnen vertoeven. Heerlijk!!

Mediteren… Inmiddels weet ik beter. Niks geen zweverig gedoe, maar je lichaam even wat rust gunnen en je hoofd leegmaken. Een heel bewust momentje voor jezelf in het hier en nu. Het is bijna overal uit te voeren en kan op ieder moment van de dag. Zo vaak en zolang als jij zelf zou willen. Voor de mensen die het net als ik onzin vonden… Ik kan het jullie zeker aanraden eens te proberen!!

Herrie onder de motorkap…

“Hier, hier hier… Dat bedoel ik…”
“Wat?”
“Hoor je het niet?? Kijk, hier is het weer!!”
“Waar moet ik kijken??”
“Nee, luister nu, hoor je het niet? Gek wordt ik er van!”
“Ik hoor alleen jou!!”
Zegt vriendlief na mij geïrriteerd aangekeken te hebben. En bedankt!! Het geluid dat onder mijn auto vandaan komt lijkt nog het meest op ijzeren castagnetten die op hol geslagen zijn. Ik weet niet veel van auto’s maar ik weet wel dat ijzeren castagnetten niet onder een auto horen te zitten…

“Kijk, de rem doet ook raar.” Zeg ik terwijl ik keihard op de rem trap. Vanuit mijn rechter ooghoek zie ik vriendlief een halve meter naar voren schieten. “Zoooo… Met je rem is niks mis hoor. Met je gordels trouwens ook niet!! Gelukkig maar anders had je nu mijn oogballen van je voorruit kunnen schrapen!” We kijken elkaar een poosje stilzwijgend aan en moeten dan hard lachen. Het lachen is zo erg dat ik niet meer kan stoppen. De tranen staan inmiddels in mijn ogen. Het was een hilarisch gezicht. Vriendlief denkt daar iets anders over maar lacht uiteindelijk toch mee. Waarschijnlijk om mijn gehinnik.

Eerder op de dag had ik al neurotisch in het boekje zitten zoeken naar de betekenis van de extra “sfeerverlichting” die King Toet te pas en te onpas op zijn dashboard liet zien. Gezellig, zeker tijdens de donkere dagen. Maar nu het langer licht is, vind ik het overbodig. De garage had hem inmiddels al twee keer gereset aangezien de storing maar “klein” was. Dit hielp meestal een weekje voordat de sfeerverlichting zich weer liet zien.

De motorkap gaat open, alsof we er verstand van hebben. We gluren naar binnen en zien wat er hoogstwaarschijnlijk onder een motorkap hoort te zitten… Vriendlief draait aan een schroefje, plukt wat onder de kabels vandaan en komt vervolgens met de mededeling dat mijn ruitervloeistof bijna op is. Nadat het reservoir is bijgevuld besluiten we het hierbij te laten. Zelf repareren kunnen we toch niet. We weten niet eens wat er loos is. De volgende dag maak ik een afspraak bij de garage waar de Beetle Expert er naar mag kijken.

Na een dag zwoegen komt hij met de mededeling dat de “luchtmassameter” het begeven had. Dat zorgde ervoor dat King Toet af en toe een eigen leven ging leiden. Zo sloeg hij wel eens spontaan af, wilde hij niet starten, stotterde hij als ik “plankgas” wilde of gaf hij zelf gas als ik niks deed… Dat laatste was nog het meest enge van alles.

Bij de garage ontstond een, volgens zeggen, eerlijke ruil. Een rib uit mijn lijf voor de sleutels van King Toet. “Alles doet het weer naar behoren!” Was de mededeling. Ik startte de motor en verhip… de lampjes waren uit. De motor hoorde ik niet meer en hij reed weer als vanouds. Ook de daarop volgende dagen bleven de lampjes op het dashboard uit.

Nu King Toet gemaakt is kunnen we weer onbezorgd onze rondjes rijden. Heerlijk met het dak open. Dat durfde ik namelijk niet meer. Stel je voor dat er een storing op zou treden terwijl het dak open is en het zou gaan regenen… Ik zag het al helemaal gebeuren dat ik zou kunnen badderen in mijn eigen auto. Gelukkig is het niet zo ver gekomen. Dus kom maar op met het mooi weer, wij zijn er klaar voor.

Heb ik weer…

“POOWNIE!! Op de Dordtse Dom sta je hoger hoor!!” Ik por met mijn ellenboog tussen zijn ribben en duw uit alle macht zijn 400 kilogram van mijn poezelige voetje. Hij tilt zijn hoef net ver genoeg op zodat ik mijn voet uit de kreukelzone kan halen. Onverstoorbaar graast hij verder terwijl ik mijn tenen weer in hun normale proporties probeer te krijgen door ze heen en weer te wiebelen. Pas na een paar seconden komt de stekende pijn. Ik rek en strek mijn voet maar dat maakt het gevoel er niet beter op.

Poownie heeft nog steeds niks in de gaten. Terwijl ik naast hem heen en weer sta te springen van mijn linker op mijn rechtervoet, ondertussen de pijn proberen te negeren. Na 20 minuten rondjes dansen ben ik het zat en strompel terug naar stal. Met in mijn kielzog een geïrriteerde poownie die niet begrijpt waarom we nu al weg gaan.

Op stal wil ik het liefst mijn schoen uittrekken en mijn voet in zijn waterbak laten zakken voor verkoeling. Maar de ervaring heeft mij geleerd dat ik daarna niet meer in mijn schoen kom. Dus de voetjes blijven waar ze zitten. Ik zorg dat alle andere klusjes op stal met enige spoed gedaan zijn voor ik huiswaarts keer.

Eenmaal thuis, gelukkig woon ik dicht bij, schop ik mijn schoenen uit om de schade te bekijken. “Das niet zo slim he!! Zeker niet vlak voor de wintersport!!” Zegt vriendlief die over mijn schouder mee kijkt. “Ik wilde de hardheid van mijn botstructuur nog even testen!” Zeg ik quasi nonchalant. Maar ik vrees toch even voor de naderende wintersport als ik weer naar mijn voet kijk. Een flinke bult op mijn wreef, een grote schaafplek en een rood, paarse kleur hebben hun intreden gedaan. Het is zo pijnlijk dat ik een sok bijna niet kan verdragen.

Mijn voet is het eerste dat ik de volgende dag bekijk als ik wakker wordt. Zelfde kleur, zelfde afmeting, alleen de pijn is wat minder. Ik mag er inmiddels weer aanzitten zonder dat ik op mijn tanden moet bijten. Lang lopen en staan wordt hem niet die dag. De twee daaropvolgende dagen gaat het gelukkig steeds iets beter. De bult is weggetrokken. Alleen de rode paarse kleur op mijn wreef is gebleven. Op hoop van zegen ga ik mee op wintersport…

Met enige voorzichtigheid prop ik mijn voet in mijn snowboardschoen. Een voordeel is dat hij daar stevig zit en schuiven niet kan. Een nadeel is dat ik niet zonder mijn voet te gebruiken kan boarden. Lopen met deze schoenen aan is toch wat pijnlijker. Eenmaal de bindingen vast voelt het alsof Poownie weer op mijn voet staat. De eerste afdaling, ik vrees met grote vrees… Tenen, hakken, tenen hakken, dat is wat mijn voetjes de komende week moeten doen. Maar als we beneden zijn lijkt het of de pijn naar de achtergrond verdwenen is. Misschien moesten ze gewoon even “loskomen”?

Als we de eerste dag achter de rug hebben en terug zijn in het hotel ben ik de pijn eigenlijk helemaal vergeten. Als ik mijn sokken uit doe schrik ik op van wat ik zie. De rode paarse kleur is veranderd in donkerblauw met zwart… Geschokt laat ik mijn voet aan vriendlief zien. Die eerst zijn neus ophaalt en vervolgens mijn voet aan een grondige inspectie onderwerpt. Niks ernstigs, de blauwe plek zakt nu wat naar beneden waardoor je tenen er nu ook “zo” uitzien… “Dus ze vallen er niet af??” “Dat hoop ik niet voor je!”

De dagen daarop wordt de blauwe plek steeds iets minder en alleen met lange stukken lopen of lang staan voel ik mijn voet. Gelukkig heeft het mijn wintersportvakantie niet verpest. Sterker nog, het was wederom een prachtige week met mooi weer en lekkere (rustige) pistes om te boarden. En voor op stal ga ik opzoek naar schoenen met stalen neuzen!!

Een boodschap van Opa…

Waarom was ik zo jong toen mijn opa en oma kwamen te overlijden? Waarom kwam de interesse in hun achtergrond, hun leven en hun verhalen pas veel later? Ik zit soms met vragen waar ik nooit een antwoord op zal krijgen. Nu ik van beide kanten geen opa’s en oma’s meer heb en mijn ouders er ook niet meer zijn, ben ik nog meer geïnteresseerd in de geschiedenis van mijn familie. Ik moet het doen met de verhalen en herinneringen van mijn ooms en tantes. En zo nu en dan raken we hierover aan de praat.

Tijdens één van deze gesprekken toverde mijn tante een heel oud fotoalbum tevoorschijn. Bij het vastpakken was ik even bang dat het uit elkaar zou vallen. Het is een album dat mijn opa in elkaar gezet heeft volgens de scrapbook-methode die bekend was rond de tweede wereldoorlog. Speels ingeplakt en her en der versierd met stukjes kant . Mijn voorliefde voor fotografie heb ik duidelijk van alle twee mijn Opa’s geërfd.

Ik zie foto’s van mijn Opa bij verschillende monumenten en beelden. Ik zie mijn Opa die omringt is door mooie dames. Hij was duidelijk een charmeur. Van al die mooie dames heeft hij mijn oma gekozen om een gezin mee te stichten en om mee “oud” te worden. Ik zie mijn overgroot oma, de huisdieren die ze hadden, delen van het huis en het erf. Als ik verder blader zie ik mijn tante als peuter en mijn vader als baby. Alle twee geboren in Indonesië. Sommige dingen kan mijn tante zich nog herinneren . Voor ik het weet zijn we al aan het einde van het album. Het enige album dat mijn tante heeft.

Ik wil meer van mijn familiegeschiedenis opsnuiven en vraag oude fotoalbums op bij de rest van mijn ooms en tantes. Op een avond, als ik alleen thuis ben en nergens door gestoord kan worden blader ik één voor één de albums door. De verhuizing, dagjes uit, feestjes en kleine ooms en tantes komen voorbij. Bij het openslaan van het derde album valt een losgelaten foto op de grond. Ik raap hem op en besef dat ik iets heel speciaals in mijn handen heb. Een pasfoto van mijn Opa, die hij op zijn 24e verjaardag aan mijn Oma gegeven heeft. De tekst achterop de foto is na zoveel jaar nog goed zichtbaar. Mijn Opa heeft mij zojuist deelgenoot gemaakt van een klein stukje geschiedenis tussen hem en mijn Oma. Zijn bijnaam, Bluebird, was mij niet bekend. En ik durf te wedden dat niet eens al mijn ooms en tantes dit weten.

Hoe langer ik naar de foto kijk hoe specialer hij voor mij wordt. Ik maak een foto van de foto zodat ik het origineel weer terug kan stoppen in het album. Terwijl ik het album sluit, sluit ik ook mijn ogen. Ik bedank mijn Opa dat hij dit met mij wilde delen. Mijn honger naar meer geschiedenis is nog niet gestild. Maar voorlopig kan ik weer even vooruit!

Boodschap van Opa

Oud de oude doos: Modern oorlog voeren…

Van de week zat ik te grasduinen op mijn eigen blog en kwam daar verhaaltjes tegen die ik zelf alweer (bijna) helemaal vergeten was. Om sommige verhaaltjes heb ik zelfs smakelijk moeten lachen. Hoe verzin je het?! Dacht ik bij mijzelf. Tijdens het lezen herinnerde ik mij weer hoe het één en ander er aan toe ging en hoe ik vervolgens onderstaand blogje geschreven heb. Dit weekend een blogje uit de oude doos:

Taskforce 141

Neem zoveel mogelijk goede wapens mee, zorg dat je perk 1,2 en 3 (of wat dan ook) zijn bijgewerkt en gereed zijn voor gebruik. Elimineer alles wat beweegt, behalve je eigen maatje natuurlijk. Zeer belangrijk: Zorg dat je zelf niet geraakt wordt. Missie start in 3-2-1….

“Juist en wat betekenen die vage tekentjes daar rechts in beeld nou?” vraag ik aan mijn vriend terwijl zijn gezicht vol opperste concentratie staat en zijn handen de controller van de PS3 krampachtig omklemmen. De kleine man aan de andere kant van mij op de bank zucht en zegt dan op een toon waar de ongeloof en irritatie nog net niet van af druipt: “Dat laat zien hoeveel keer je dood bent gegaan!” “Oh” is het enige, iet wat dommige, antwoord wat ik uit kan brengen. “Dat is dus 16 keer in tien minuten tijd.” Niet echt iets om trots op te zijn bedenk ik mij.

We spelen Call of Duty Modern Warfare en met WE bedoel ik vader en zoon. Ik kijk alleen maar toe hoe de één na de ander afgeslacht (sorry een ander woord heb ik er echt niet voor) wordt om vervolgens weer op te staan soms gevolgd door een onderdrukte vloek van één van de heren naast mij.

Spelletjes horen in mijn beleving voor ontspanning of afleiding te zorgen maar bij ons thuis is dit niet aan de orde. Onze woonkamer is sinds enige tijd veranderd in een war zone waar de mensen van Tour of Duty jaloers op zouden zijn. Vader en zoon strijden om de beste titel, de beste wapens en de meeste levels. Soms spelen ze wel eens samen maar over een gezelschap- of familiespel valt dan niet te spreken. Het is nou éénmaal niet leuk om door je zoon afgeknald te worden en er op zo’n manier achter te komen dat je eigenlijk niet echt meer mee kunt met “de jeugd van tegenwoordig”. Een aantal weken geleden kwamen ze er achter dat je met dit spel ook online kunt spelen met elkaar. Nu zitten de heren gezellig met de buurmannen (ieder in zijn eigen vertrouwden omgeving weliswaar) voor de buis en knallen ze alles af wat beweegt in de hoop beter en sneller te zijn dan de ander.

Ik was nu toch wel erg benieuwd waar de laatste weekenden zoveel over te doen was. Dus ik besloot om eens een middagje de beeldbuis te observeren in de hoop daar achter te komen. Persoonlijk heb ik nooit zo heel veel opgehad met de gewelddadige spelletjes voor de Nintendo, WII en dan nu de PS3. Ik ben meer van de Super Mario en Donkey-Kong generatie.

Zodra het beginscherm te zien is moeten er verschillende keuzes gemaakt worden. En daar ben je mij dus al kwijt. Hoe moet ik in vredesnaam weten waar ik uit moet kiezen? Al die verschillende wapens met al die extra keuzes… Gelukkig hoef ik dan ook alleen maar mee te kijken. Zowel vriendlief als ukkepuk scrollen met het gemak waarin een tijger zijn prooi aan stukken scheurt door het beeldscherm, hebben hun keuze gemaakt en starten, nadat genoeg andere online gebruikers zich hebben aangemeld, het spel. Terwijl mijn twee Navy Seals naast mij op de bank om de beurt PS3 duimen aan het creëren zijn probeer ik zo goed en zo kwaad als het gaat het spel te volgen. Al snel heb ik in de gaten welke personen er aan onze kant staan en wie er naar de eeuwige jachtvelden gestuurd moet worden. Terwijl de één speelt legt de ander mij uit hoeveel granaten er nog over zijn, hoeveel we voor of achter staan, hoe je meer punten kunt verdienen en welk level echt niet te doen is.

Na een half uur bekijk ik de tv inmiddels met andere ogen. Het ziet er, ondanks de tomatensap die geregeld rijkelijk over het beeldscherm druipt als je doodgeschoten wordt best grappig uit. (grappig is volgens de jongens in dit geval nogal een understatement.) Ik had mij voorgenomen om mij als toeschouwer niet te mengen in dit spel, aangezien ik in hun ogen toch alleen maar onzin uit kraam wat oorlogvoeren betreft. Maar mijn mond houden is nou niet iets dat bij mij past. Inmiddels ga ik ook zo op in het spel dat ik al aangeef waar de vijand zich bevind.. “Ja, daar daar daar, links boven in de hoek.” of “schiet um neer!!”Als of dit enige zoden aan de dijk zet. Het valt mij op dat je als niet deelnemende partij meer ziet dan wanneer je het spel zelf moet spelen. Ik krijg bijna zin om die controller van één van de twee af te pakken en het ook eens te proberen. Maar iets van trots weerhoudt mij. Ik voel mij ook een beetje dommig omdat ik niet eens weet welk wapen ik zou moeten kiezen en hoe ik voor of achteruit zou moeten lopen, laat staan schieten… Van één van de twee krijg ik een controller voor gehouden. Ik twijfel even maar mijn ego neemt de overhand. Ik bedank voor het aanbod. Afgaan vind ik niet erg, maar niet op het oorlogsveld!!

Hier word ik vrolijk van…

Nu het al een aantal dagen vies, smerig en nat weer is buiten krijg ik steeds meer zin om de gordijnen dicht te doen, mijn bedje in te kruipen en te beginnen aan mijn winterslaap. Mijn gemoedstoestand staat namelijk in directe verbinding met de barometer. Maar helaas. De winterslaap moet wachten tot de zomervakantie. Het smerige weer trotseer ik dagelijks met opgeheven hoofd (de eerste tien minuten als ik in de auto zit, op weg naar poownie…) om daarna diep weg te kruipen in mijn vijf lagen kleding! Door je te omringen met dingen die je leuk vind en dingen die je vrolijk maken ga je je vanzelf ook vrolijk voelen. Tenminste, zo werkt dat bij mij. Dus hieronder volgt een soort van happy list. Dingen en gebeurtenissen die mijn humeur een stukje opschroeven:

~     Een mooie blauwe lucht. Het maakt mij niet uit of ik moet werken of vrij ben. Als de lucht  blauw is en het zonnetje zich laat zien dan oogt alles altijd vriendelijker;

~     De lente die er aan gaat komen. Hij lijkt nog ver weg met al dat smerige weer. Maar het bewijs is geleverd nu het in de morgen weer vroeger licht is en het langer duurt voor de lampen in de straat weer aangaan;

~     Poownie die, dankzij het uitblijven van de winter, zijn wintervacht beetje voor beetje aan het verliezen is. Nu hebben we weer een reden om flink te poetsen. Verbazend om te zien dat hij onder die smerige vacht echt nog wit is. Het liefst rij ik hem door de wasstraat maar dat heeft met zoveel regen toch geen nut;

~     Het gesprek dat ik met een grote uitvaartbegeleider (bij ons in de regio) gehad heb met betrekking tot de uitvaartfotografie. We hebben gepraat over onze passie. Hij over zijn werk als ondernemer in de uitvaart en ik als fotograaf. Er zijn mooie ideeën besproken. Nu kijken of, en hoe, we hier invulling aan kunnen gaan geven… Dit verhaal krijgt dus nog een “wordt vervolgd…”

~     Voor het eerst in zeven jaar tijd krijgt Foto Hamar (sportfotografie) haar eigen logo. Zodra het af is gaat ook de website een complete metamorfose ondergaan. Toegankelijker, professioneler en meer van deze tijd;

~     De naderende wintersportvakantie met familie en vrienden. We zijn net terug maar gaan graag nog een keer, wat vervelend nu!!

~     Het weekendje weg naar Brugge met vriendlief dat reeds gepland is, evenals onze zomervakantie;

~     Na een half jaar wikken en wegen heb ik eindelijk een keuze gemaakt en mij opgegeven voor een cursus bij Mieke Zomer op de Zomerhof;

~     Hoewel ik mijzelf streng had toegesproken om direct in het nieuwe jaar weer te gaan hardlopen heb ik dat even een maandje opgeschoven. In het blad “Runners world” las ik namelijk dat de meeste blessures in de maand januari ontstaan. Dat wilde ik graag voorkomen (of had ik gewoon geen zin en tijd??). We zijn inmiddels voorzichtig aan begonnen en de eerste kilometers staan weer geregistreerd;

~     De tijd en de rust vinden om lekker te lezen en helemaal op te gaan in het verhaal. Heerlijk om zo boeken te verslinden;

~     De eerste sporttoernooien van dit jaar staan al gepland. Foto Hamar is te vinden op het Jaap vd Wiel toernooi in Dordrecht en twee hockeytoernooien bij GHC Rapid in Gorinchem. Daar gaan hopelijk nog wat toernooien aan toegevoegd worden;

Alleen al het teruglezen van bovenstaande maakt mij vrolijk. Ik krijg zin om nieuwe dingen op te pakken. Mijn kilometertjes te lopen. Vakantieverslagen door te nemen en fotoalbums in elkaar te zetten.

Wat voor effect heeft het vieze weer op jouw humeur?
En wat doe jij om vrolijk te worden?

Dat verzin je toch niet…

Oké, wie heeft dit bedacht en had daarna het lef om er patent op aan te vragen? Verzin dan iets met een sluiting. Zodat ik niet iedere zaterdag een wedstrijdje hoef te houden met het bolletje, het behouden van mijn rechterhand en het deurtje van de wasmachine.

Waar ik het over heb? Over die ronde plastic bolletjes of vierkante plastic bakjes zonder dekseltje of sluiting. Met een open bovenkant dus. Je kent ze toch wel? De bedoeling is dat je ze vult met vloeibaar wasmiddel en ze daarna bovenop de vuile was plaatst in de wasmachine.

Ik weet niet hoe het er bij jullie thuis aan toe gaat? Ieder weekend ga ik de uitdaging weer aan. (Zolang de voorraad nog niet op is…) Plaats het bolletje op de vuile was in de machine (die altijd voller gevuld is dan op de reclame, want ik was nu eenmaal niet wanneer ik maar een halve trommel vuile was heb) en sla dan in één vloeiende beweging met mijn linkerhand het deurtje dicht. In de hoop dat mijn rechterhand sneller uit de machine is dan het deurtje sluit en deze twee bewegingen ook nog sneller zijn dan het bolletje dat altijd van de vuile was af stuitert, in het ergste geval tussen het deurtje en je hand in zo over de vloer, en hierbij zijn doel misloopt… Toegegeven, de vloer heeft er in tijden niet zo schoon uitgezien sinds ik was met een wasbolletje!

Wat is nu juist het nut van dit bolletje? Het voorkomt dat een deel van de zeep ongebruikt de afvoer in verdwijnt. Het gaat bij mij dan niet de direct de afvoer in, maar het komt ook niet op de daarvoor bestemde plaats.

In één woord: kansloos!! Geef mij maar gewoon waspoeder. Makkelijk te doseren, het deurtje van de wasmachine blijft heel en ik hoef niet bang te zijn dat ik per abuis mijn eigen hand af hak…